Er zijn weinig albums zo moeilijk te bespreken als die van Gorillaz. Het geesteskindje van de muzikale omnivoor Damon Albarn en striptekenaar/artiest Jamie Hewlett weet steevast de meest uiteenlopende stijlen en klanken bij elkaar te gooien, wat onoverkomelijk een muzikale melting pot tot gevolg heeft. Plastic Beach sluit in dat opzicht perfect aan bij haar voorganger: je hoort een Engelse grimerapper in samenwerking met een Libanees orkest, Bobby Womack op een track met Mos Def en ga zo nog maar even door. En wederom is er alle reden voor een buiging, want het is Gorillaz ook op dit derde album gelukt een overtuigend geheel af te leveren.
Bij het woord 'geheel' ontstaat misschien de gedachte dat er wordt gebruikgemaakt van een concept, en dat is in strikte zin ook zo, maar dan wel een concept dat losjes gehanteerd wordt. Tot op zekere hoogte hebben de nummers namelijk betrekking op het plastic beach uit de titel, maar eigenlijk gaat het bij Gorillaz nimmer om de teksten: het is de muziek waarmee het meeste wordt verteld. Neem een uitschieter als Empire Ants (met Little Dragon), een nummer dat haast een recensie op zich verdient. Met een bijzonder sensitieve drumpartij, hoge gitaartonen en een praktisch onhoorbaar pianootje word je als luisteraar meegenomen naar hogere atmosferen, een sfeer waar Albarn zelf trouwens ook bijzonder veel aan bijdraagt: zijn dromerige stem klinkt zowaar als een extra instrument. Sowieso lijken veel vocale bijdrages er op het album vooral te zijn om de muziek te ondersteunen, neem alleen al Snoops bijdrage op opener Welcome to the World of the Plastic Beach, waarin hij af en toe een regel voordraagt louter om de klank van de beat kracht bij te zetten.
Terug naar Empire Ants. Het geluid is de eerste twee minuten sfeervol, licht droefgeestig misschien, en tamelijk zweverig. Dan loopt de instrumentatie vrij plotseling over in een vlotte electrobeat, waarbij een aangename baslaag en snerpend hoge tonen de overhand hebben. Het lijken twee totaal verschillende nummers, maar toch klinkt het alsof het één volkomen logisch uit het ander volgt.
Er zijn op Plastic Beach meer van dit soort indrukwekkende momenten te vinden, al moet gezegd dat Empire Ants één van de hoogtepunten is. Maar wat te denken van het eveneens bijzonder geslaagde Rhinestone Eyes of het uiterst pakkende feelgoodnummer On Melancholy Hill, waarop Albarns karakteristieke, weemoedige stemgeluid heerlijk contrasteert met een kinderlijk riedeltje. Het zijn nummers die stuk voor stuk op zichzelf staan doordat ze nergens op elkaar lijken, maar gezamenlijk toch een geheel vormen. En dit klinkt wellicht cliché als het gaat om veelzijdige projecten als dit, maar het moet toch gezegd: Plastic Beach is absoluut een geheel, en het verdient het om als zodanig te worden beluisterd.
Want dan valt niet alleen op hoeveel verschillende stijlen elkaar in rap tempo opvolgen, maar ook hoe goed het album is opgebouwd. Albarns dromerige stem is de bindende factor tussen de meest diverse gastartiesten en de meest uiteenlopende klanken. Speciale vermelding verdienen hierbij het extreem sfeervolle Cloud of Unknowing (met Bobby Womack), Broken en Some Kind of Nature, de verrassend leuke samenwerking met Lou Reed; nog drie uitschieters in dit prettige klankenpalet.
Wat het meest opvalt in contrast met de voorgaande Gorillaz-albums is dat Plastic Beach dromeriger klinkt dan voorheen: de donkere kantjes lijken vervangen door ontspanning. Maar helaas moet ook gezegd dat het allemaal iets minder speciaal klinkt. Ja, het album is muzikaal gezien boeiend, origineel en afwisselend, en er vallen genoeg uitschieters te noteren, maar nergens wordt het echt geniaal, nergens word je als luisteraar volledig omvergeblazen. Misschien gold dat ook voor de vorige Gorillaz-albums, maar die waren als geheel toch net iets krachtiger, en bovendien ontbreken hier supersingles als Clint Eastwood en Feel Good Inc. Naar het schijnt heeft Albarn voor Plastic Beach honderden nummers opgenomen, met muzikanten van over de hele wereld. Dan vraag je je toch af waarom een nummer als het opgefokte Glitter Freeze het album heeft gehaald, of anders de matte samenwerking met Mos Def (Sweepstakes). Het zijn kleine smetjes op het blazoen, maar verder is er nauwelijks reden tot klagen. Want met Plastic Beach laat Gorillaz zien met de inmiddels welbekende ingrediënten een nieuw recept te kunnen voorschotelen.
Hiphopleeft