Volgens Geddy Lee wilde drummer Neil Peart na 'Clockwork Angels' geen nieuw materiaal meer opnemen, omdat het niveau van 'Clockwork Angels' volgens hem niet meer zou kunnen worden overtroffen. Ook Geddy zelf geeft in zijn biografie aan, dat 'Clockwork Angels' wat hem betreft het hoogtepunt is waar via 'Vapor Trails' en 'Snakes & Arrows' naar toe is gewerkt. Toch krijgt deze plaat van mij geen 5 sterren.
Net als bij 'Counterparts' (1993) geldt ook voor 'Clockwork Angels' dat 'steviger' niet automatisch 'beter' is. De eerste 5 nummers knalt Rush erin met een Rage-Against-The-Machine-achtige felheid. Wat mij betreft zijn dit niet de beste nummers van de CD, ook al is 'BU2B' een lekker nummer met een aansprekende tekst (waarop 'BU2B2' vervolgens mooi aansluit). De zang van Geddy Lee spreekt mij in deze nummers helaas niet aan.
Mijn favoriete nummers bevinden zich in het tweede deel van 'Clockwork Angels', waarin wat subtieler wordt gemusiceerd én de stem van Geddy Lee wat mij betreft beter tot zijn recht komt. 'Halo Effect' is een verademing na het geweld van de eerste 5 nummers. Mooie tekst ook. 'The Wreckers' is echt een top nummer, zowel muzikaal als tekstueel. 'Headlong Flight' is vervolgens een lekker up-tempo nummer met muzikale verwijzingen naar 'By-Tor & The Snow Dog' (van de LP 'Fly by Night' uit 1974). Het mooiste nummer bewaart Rush voor het laatst. 'The Garden' is wat mij betreft een hoogtepunt in Rush lange carriëre. Wat mooi om je laatste album op deze wijze te kunnen en mogen af te sluiten. Kippevel!
Tot slot een groot compliment aan Geddy Lee. Zijn biografie is een heerlijk boek om te lezen, maar vooral de wijze waarop hij schrijft over de jaren na afloop van de Test for Echo-tour verdiend alle lof. Geddy Lee stelt zich kwetsbaar op, neemt geen blad voor de mond en durft kritisch naar zijn eigen gedrag te kijken. Ik heb heel veel biografiën gelezen en dit komt helaas niet vaak voor, vooral niet bij Amerikaanse artiesten. Die zijn toch vooral bezig om te delen wat ze allemaal hebben bereikt, wie ze allemaal hebben ontmoet, hoeveel drugs ze hebben gebruikt en hoeveel hotelkamers ze hebben gesloopt. Stoer hoor. NOT.
Geef mij dan maar Engelse artiesten die zichzelf (waar nodig) met humor en zelfspot kunnen fileren. De biografiën van Rob Halford (Judas Priest), Mark Kelly (Marillion) en Phil Collins schieten mij hierbij als eerste te binnen. Het boek 'Hard to Handle' van Amerikaanse (!) drummer Steve Gorman van The Black Crowes is ook geweldig. De biografie van Geddy Lee past perfect in dit rijtje. Deze krijgt van mij wél 5 sterren!
