MusicMeter logo menu
MusicMeter logo
poster

The Cult - Love (1985)

mijn stem
4,10 (464)
464 stemmen

Verenigd Koninkrijk
Rock
Label: Beggars Banquet

  1. Nirvana (5:27)
  2. The Big Neon Glitter (4:52)
  3. Love (5:31)
  4. Brother Wolf Sister Moon (6:47)
  5. Rain (3:57)
  6. Phoenix (5:06)
  7. Hollow Man (4:46)
  8. Revolution (5:27)
  9. She Sells Sanctuary (4:22)
  10. Black Angel (5:25)
  11. She Sells Sanctuary [Long Version, Single] * (6:59)
  12. No. 13 [Single] * (4:40)
  13. The Snake [Single] * (8:10)
  14. Here Comes the Rain [Single] * (6:19)
  15. Little Face [Single] * (4:54)
  16. Revolution [Full Length Remix, Single] * (5:30)
  17. Judith [Single] * (5:29)
  18. Sunrise [Single] * (5:11)
  19. All Souls Avenue [Single] * (4:46)
  20. She Sells Sanctuary [Howling Mix, Single] * (8:26)
  21. Assault on Sanctuary [Single] * (7:31)
  22. Brother Wolf Sister Moon [Demo] * (7:54)
  23. Hollow Man [Demo] * (5:48)
  24. She Sells Sanctuary [Demo] * (5:21)
  25. All Souls Avenue [Demo] * (4:56)
  26. Little Face [Demo] * (5:45)
  27. No. 13 [Demo] * (6:23)
  28. Big Neon Glitter [Demo] * (6:34)
  29. Waltz [Instrumental, Demo] * (4:37)
  30. Nirvana [Instrumental, Demo] * (6:04)
  31. Revolution [Instrumental, Demo] * (6:50)
  32. She Sells Sanctuary [Olympic Rough Mix, Demo] * (7:04)
  33. Love [Live 1985] * (5:55)
  34. Nirvana [Live 1985] * (5:05)
  35. Christians [Live 1985] * (4:33)
  36. Hollow Man [Live 1985] * (5:01)
  37. Big Neon Glitter [Live 1985] * (4:46)
  38. Brother Wolf Sister Moon [Live 1985] * (7:01)
  39. Rain [Live 1985] * (5:12)
  40. Dreamtime [Live 1985] * (3:10)
  41. She Sells Sanctuary [Live 1985] * (5:35)
  42. Go West [Live 1985] * (5:02)
  43. Spiritwalker [Live 1985] * (4:36)
  44. Horse Nation [Live 1985] * (3:17)
  45. Phoenix [Live 1985] * (5:20)
toon 35 bonustracks
totale tijdsduur: 51:40 (4:11:24)
zoeken in:
avatar van c-moon
5,0
The Cult!

De band die van The Death Cult, werd omgedoopt in The Cult, en in de jaren tachtig garant stond voor heelrijke galmrock/postpunk... en later vanaf "Electric" zou evolueren naar Hardrock.

Op LOVE staan wereldsongs zoals "Brother Wolf, Sister Moon", "Revolution" en natuurlijk "She Sells Sanctuary"!!

Klasse!

avatar van Ronald5150
4,0
Ik moet eerlijk bekennen dat mijn letterlijke gedachten bij de eerste luisterbeurt van "Love" waren: wat een ontiegelijke zeikplaat. Maar een doorzetter als ik ben, gaf ik niet op en onderwierp ik "Love" aan meerdere draaibeurten. En bij elke luisterbeurt werd hij beter en beter. Een echte groeiplaat dus. Opeens viel alles in elkaar. De stuwende ritmesectie, de zang van Ian Astbury, maar vooral en bovenal het fantastische gitaarwerk van Billy Duffy. Op de een of andere manier pakte het me niet direct, maar na vele malen draaien word ik gegrepen door het meeslepende en sfeervolle spel van Duffy, die met grote regelmatig strooit met fantastische solo's, bijvoorbeeld in het titelnummer "Love". Deze plaat gaat onder je huid zitten en laat je niet meer los, constant druk ik op repeat en laat ik me onderdompelen in de donkere dreigende klanken van "Love", waarbij ik keer op keer en meer en meer wordt gegrepen door het spel van Billy Duffy. Ik heb er een nieuwe gitaarheld bij geloof ik.

avatar van Dibbel
5,0
Zo, ik ga deze plaat ook maar eens even ophemelen.
Terecht natuurlijk, want het is een geweldig album.
Heb hem lang als LP gehad (een Griekse persing en die zijn niet zo geweldig) en ergens begin jaren 90 op CD gekocht, waar er plotseling 2 extra nummers op bleken te staan (Little Face en Judith), die ook al nauwelijks onder deden voor de rest.

Een uitstekend mengsel van postpunk en hardrock, dit album, waarbij het ene nummer nog beter is dan het andere.
She Sells Sanctuary is een rock-klassieker van het zuiverste water en kan ik nog steeds iedere dag opnieuw graag horen.
Ook Nirvana, Rain en Revolution zijn geweldige supermelodieuze rocknummers die blijven hangen en die ik keer op keer kan horen.
Van de rustigere, wat mystieke nummers vind ik Brother Wolf and Sister Moon nog steeds erg onder de huid kruipen en hetzelfde geldt voor Black Angel.
Aparte vermelding voor Phoenix en Love met geweldig gitaarwerk.
Duffy is een geweldige gitarist en er wordt lekker strak gedrumd ook.
Album knalt ook nog steeds heerlijk fris de speakers uit.

Gisteren n.a.v. de berichten hier weer eens gedraaid en de conclusie blijft: Alweer een van de hoogtepunten van de eerste helft van de jaren 80 en er waren er al zoveel toen .
En Pinkpop '92 was top!

avatar van BoyOnHeavenHill
5,0
Als ik mijn eigen commentaar bij een ander "ultiem" album mag citeren: "Sommige bands hebben één plaat die algemeen wordt gezien als het hoogtepunt in hun oeuvre, waarbij de meeste mensen het er wel over eens zijn dat ze nooit beter zijn geweest, een plaat waarop ze tot volle wasdom kwamen en waarop ze al hun kwaliteiten maximaal ten toon konden spreiden. This is the sea is niet mijn favoriete Waterboys-plaat, maar als dit de enige CD is die van hen naar het spreekwoordelijke onbewoonde eiland mee zou gaan zou ik daar geen problemen mee hebben." Als ik dat naar The Cult vertaal is Love dat hoogtepunt, en de tweede zin zou dan moeten luiden: "Love is míjn favoriete Cult-plaat, en als ik naar de waardering van hun albums op MusicMeter kijk denk ik dat zelfs mensen voor wie dit níét hun favoriete plaat is er toch wel vrede mee zouden hebben als dit de enige CD is die van hen naar het spreekwoordelijke onbewoonde eiland mee zou gaan."
        Alles klopt op deze plaat : de band staat stijf van het zelfvertrouwen, de sound is vol en warm, het drumwerk van de gastdrummer is perfect, het gitaargeluid is onwaarschijnlijk kamerbreed (en net zo vol van echo als het vroege geluid van The Edge, maar omdat de stijl van Billy Duffy zó anders is vind ik dat geen enkel probleem) en de nummers zitten vol slimme riffs en loopjes, zodat ik het Ian Astbury maar zal vergeven dat hij op zeker de helft van de nummers niet de moeite heeft genomen om voor het tweede couplet een nieuwe tekst te verzinnen. (Op de nummers waarbij hij dat wèl heeft gedaan is zijn vocabulaire niet wezenlijk uitgebreid, maar goed, dat hoort nou eenmaal bij zijn stijl van schrijven vol slagzinnen en slogans.) Het enige echte minpunt is het slotnummer, een melige wals die na het voorafgaande vuurwerk een beetje als een afknapper komt, maar na de geweldige eerste drie kwartier zitten de vijf sterren toch al in de knip. (Beluisterd via de oorspronkelijke CD-versie met Little face en Judith als prima bonusnummers; dat mijn tweede dochter eveneens Judith heet heeft daar echter niets mee te maken.)
        Grappig stukje arrangement : bij She sells sanctuary gaat na het intro de ritmesectie meespelen, en aan het einde van de eerste regel met de hele band speelt Duffy drie akkoorden op een akoestische gitaar, net als op het einde van de tweede regel vlak voordat Astbury begint te zingen. Een heel simpel maar uiterst effectief accentje; zou Duffy dat trucje afgekeken hebben van de vier akoestische akkoorden die Lindsey Buckingham bij Go your own way steeds door zijn elektrische gitaarpartij heen speelt?

avatar van Pietro
5,0
Er zullen weinig platen zijn die de laatste jaren zo vaak gedraaid heb als Love. Ik heb het album al jaren in bezit, maar het blijft voor mij – ook na honderden luisterbeurten – een uniek tijdsdocument waarin de beklemmende new wave-sfeer van de jaren ’80 prima samengaat met de rockinvloeden die kenmerkend waren voor de latere albums van The Cult.

Ik ben altijd erg gecharmeerd geweest van de zang van Ian Astbury en hij weet de intensiteit van de songs op Love te voorzien van de juiste dynamiek. Daar waar ik het songmateriaal op het debuut Dreamtime wat wisselvallig vond, is dat op Love totaal niet het geval. Iedere song is een hoogtepunt op zichzelf, waarbij het meeslepende Brother Moon, Sister Wolf en het magistrale Hollow Man mijn absolute favorieten zijn. Ook de hitsingles She Sells Sanctuary, Rain en Revolution zijn dik in orde.

Omdat dit album geen enkel zwak moment bevat, krijgt het van mij de maximale waardering: 5*.

avatar van lennert
5,0
Oh man, wat is Love een fantastisch spetterende rockplaat. Duffy heeft een imposante gitaarsound aangenomen waar iemand als The Edge trots op zou zijn. Grootste verschil tussen die twee is echter vooral dat Duffy ook echt nog technisch begenadigd is onder de muur van geluid (ja U2 fans, val me daar maar op aan) qua strakke slagpartijen en prachtige gitaarmelodielijnen. Ik vergeef hem maar dat de basisriff van Love bijna een op een gelijk is aan Billy Idol's Flesh (For Fantasy).

Het debuut was prachtig, het vervolg is nog beter, bijna perfect. Brother Wolf, Sister Moon is een voorbeeld van een weergaloos sfeervolle track die ervoor zorgt dat ik moet fronsen als mensen zeggen dat alleen de hit She Sells Sanctuary goed zou zijn. Rain is ook echt een prachtig single, misschien wel beter nog dan She Sells Sanctuary. Toch moet ik toegeven dat die akoestische gitaaraanslagen onder de elektrische riffs me daar ook altijd in vervoering brengen. The Cult is bij deze ook de enige band die ik laat wegkomen met het fire-higher-desire-rijmschema, omdat Phoenix met de achtergrondzang en het bezwerende karakter helemaal overkomt als een bepaald ritueel.

Black Angel sluit het album mooi af. Het is een sterke, melancholische ballad met enkele prachtige teksten als:

"The sirens call a sailor to die
Enchanted by the sound, his desires have been found
In his mind, his life is rushing by
All this while, the storm it rages on
He's turning old, he shall never return
Sail on to the eternal reward"

Love is een ijzersterke plaat. Misschien wel een van de beste rockplaten van de jaren '80. Als metalhead ben ik doorgaans natuurlijk van harder en sneller werk, maar Duffy's gitaarpartijen vinken alle vakjes aan die ik bij mijn favoriete metalplaten ook doorgaans aanvink. De slagpartijen zijn ook zonder flinke distortion stevig, de melodielijnen die op de achter- en voorgrond doorklinken zijn enorm sfeervol en zijn solo's hebben een portie galmende melancholie die me helemaal raken. Een muzikant die in combinatie met de eigenzinnige zang van Astbury werkelijk grootse dingen kan doen.

Tussenstand:
1. Rain
2. Dreamtime

avatar van RuudC
4,0
Hier begint het kwartje toch wel te vallen en daarmee neemt The Cult een voorsprong op soortgelijke bands als The Cure en Ultravox, dat is al vrij vroeg een album dat wel echt bevalt en waar ik geen grote kritiek kan bedenken. The Cult is ontzettend gegroeid op dit album met prima composities en een erg sterke goth sfeer. Natuurlijk valt She Sells Sanctuary goed op. Dat kende ik wel langer als "het gave nummer dat toch niet van U2 is". De Freddie Mercury achtige zang met het sfeervolle gitaarwerk draagt ook zeker bij aan het resultaat. Dit album zou ik ook gerust kunnen opzetten voor Phoenix, Hollow Man of Rain. Ik ben misschien nog wel wat zuinig met vier sterren, maar het oordeel zou nog wel eens kunnen stijgen. Met dit soort post-punk kan ik wel degelijk wat. Ik ben benieuwd wat deze muziek buiten met warm weer doet.


Tussenstand:
1. Love
2. Dreamtime

avatar
Net opnieuw uit op zwart en rood vinyl, de laatste heb ik aangeschaft. De oude lp stond hier al maar helaas letterlijk grijs gedraaid met veel sonische ongemakken. Nog steeds een waan album, heel eerlijk ff, in geen jaren meer gehoord, staat nu dan ook op onder het schrijven van deze woorden
Natuurlijk, Rain, Revolution en She sells Sanctuary staan erop en mogen bekend zijn, mag ik toch hopen. Maar er is zoveels meer te horen. De gitaarpartijen van Duffy zijn hemels, waan, groots en magisch. Dat was toen al en nu nog. De sound is geweldig, nig steeds. Ofschoon wat me opvalt is dat de bas wat minder aanwezig ware. Kwestie van productie of remaster, verder enkel uitermate positief aangaande dit album. De sfeer van Brother Wolf Sister Moon enkel al, zelfs wat mystiek en creepy ergens. Maar beklijvend en groots. Jaren niet gedraaid maar dat ga ik zeker inhalen. Machtige plaat. En Duffy speelt maar door....

avatar van davevr
3,5
Niet slecht, zeker niet. Love heeft die typische midden jaren ’80-sound: grootse productie, galmende gitaren, en een frontman die van elk nummer een soort heidens ritueel probeert te maken. In het begin werkt dat prima, songs als “Nirvana”, “Big Neon Glitter” en natuurlijk “She Sells Sanctuary” hebben een bezwerende energie die je meteen meezuigt. Brother Wolf, Sister Moon ook.

Maar naarmate de plaat vordert, begint het allemaal wat op elkaar te lijken. Er zit een duidelijk format in de nummers : een trage opbouw, een refrein dat heel groot wil zijn, en Ian Astbury’s stem die voortdurend op de rand van prediken balanceert. Tegen de tweede helft begint dat vermoeiend te worden; zijn zang, aanvankelijk charismatisch, gaat me dan wat tegenstaan.

Toch is Love geen slechte plaat. Er staan enkele uitstekende nummers op die nog steeds overeind blijven, maar als geheel voelt het meer als een verzameling van variaties op hetzelfde thema dan als een album dat echt blijft boeien. Ik haal zelden het einde, hoe goed die eerste helft ook is.

avatar van jeanmaurice
4,5
Een klassieker kenmerkt zich door te beklijven, zelfs na veertig jaar. En dat doet dit album, ik had het al heel lang niet meer gedraaid tot vanavond. Nog steeds dezelfde sensatie toen ik het album destijds kocht. In '86 nog live gezien samen met The Cure op Pinkpop. Maar alles is relatief natuurlijk en je smaak wordt hoofdzakelijk bepaald in je jonge jaren. Toch wist The Cult met dit album een verbinding te maken met de jaren 70 rock van o.a. Led Zeppelin en de postpunk van de jaren 80. Sommigen vonden het toen al achterhaald, terugkijkend is dat niet terecht. Er zijn maar weinig bands die dat kunnen en dit niveau halen. Topalbum en van alle tijden!

avatar van deric raven
5,0
Na het zwaar rockende Dreamtime doet The Cult met Love een stapje terug. Eerlijk gezegd sluiten de stevige Electric en Sonic Temple platen meer op Dreamtime aan, en pakt Billy Duffy daar zijn positie als toonaangevende gitarist terug. Billy Duffy die bij het emotionele gothic postpunk gezelschap Theatre of Hate zich nog bescheiden in de luwte opstelt. Love is een monument, waar dat Theatre of Hate verleden zijn definitieve weg vindt.

Herfstplaat Love verschijnt in de nadagen van de eerste postpunk golf, en scoort een onverwachte hit met de klassieker She Sells Santuary. Een krachtig nummer over sterfelijkheid en onsterfelijkheid. Iconisch zeker, maar voor mij niet eens het hoogtepunt van de plaat. Het is wel altijd kicken als deze op de radio voorbijkomt, en het volume wordt dan zeker omhoog geschroefd.

Ja, er iets bijzonders gaande als Love verschijnt. De zwarte achtergrond op de albumhoes past perfect bij de muziek, die naast iets hoopvols ook iets triest uitstralen. Lang probeer ik de tekens op de plaat te analyseren, en met een beetje fantasie zijn sommige tot albumtracks te herleiden. Ik heb mij er ondertussen bij neergelegd dat ik hier niet teveel achter moet zoeken. Het is een fraaie mix tussen Keltische mystiek en een soort van Amerikaanse Indianen symbolen. De krachtige adelaarsveren frontaal in het midden geplaatst. Deze liefde openbaart zich in het definitieve episch slepende donkere Brother Wolf Sister Moon afscheidsnummer.

De stem en uiterlijke verschijning van Ian Astbury zit ergens tussen Jim Morrison van The Doors en Jeffrey Lee Pierce van The Gun Club in. Wat zal de zanger zich vereerd voelen dat hij later door Ray Manzarek en Robby Krieger van The Doors gevraagd wordt om met hun te spelen. Het zal heus wel meespelen dat de albums van The Cult het op de Amerikaanse markt zo goed doen. Ian Astbury heeft het vermogen om melodieuze zanglijnen te zingen, maar is geen perfecte rockzanger. Hij tilt zijn ego boven zichzelf uit, datzelfde ego bezwijkt helaas bijna aan zelfverheerlijking, waarschijnlijk mede veroorzaakt door buitensporig drugsgebruik.

Toch is zijn persoonlijkheid voor mij de bepalende factor binnen The Cult. Al zitten de nummers muzikaal ook meer dan voortreffelijk in elkaar. Bijzonder want de band verkeert in een grillige periode. Nigel Preston wordt vanwege wangedrag uit de band gezet en het is Mark Brzezicki van Big Country die zijn rol overneemt. Nigel Preston drumt wel nog op She Sells Sanctuary mee, verder blijft zijn aandeel beperkt tot het slagwerk op bonustracks No. 13 en The Snake. Nigel Preston bezwijkt in 1992 definitief aan zijn drugsverslaving, amper twee maanden voor het beruchte The Cult optreden op Pinkpop.

Maar goed, weer terug naar Love. Openingstrack Nirvana verwijst naar het hemelse paradijs, maar adoreert vooral het nachtelijke kroegleven. De verleidingen liggen op de loer, en vooral Ian Astbury en dus ook Nigel Preston zijn daar zeer gevoelig voor. Nirvana kenmerkt zich vooral door het stevige instrumentale hardrockgitaar tussenstuk, vervolgens neemt Ian Astbury het weer over. The Cult kiest duidelijk ervoor om niet op te bouwen, maar gelijk te knallen. Ondanks dat er ook rustige songs op Love staan, houden ze dit gevoel de hele plaat vast.

In The Big Neon Glitter lonkt het bestaan in de grote steden. Het onbereikbare bereiken. Het is dezelfde glamrock aantrekkingskracht die bij de Los Angeles scene dan erg leeft. Later zal er ook een amicale band met Guns N’ Roses ontstaan, al kost het The Cult weer een drummer, in dit geval Matt Sorum. Het stampende Love titelstuk adoreert tevens het living in the fastlane bestaan, al gaat hier het tempo naar bluesrock niveau omlaag.

The Soultanas bestaande uit Jackie Challenor, Lorenza Johnson en Mae McKenna verzorgen de achtergrondzang op Rain. Dit zijn dus niet Wendi West and Colette Appleby die wel in de videoclip deze rol invullen. Hun sprookjesachtige gothic uiterlijk is schatplichtig aan dat van ijskoningin Siouxsie Sioux. Dat valt het humoristische glamrock gezelschap The Doctor and the Medics ook op, die ze vervolgens inlijven. Rain is mijn persoonlijke favoriet, Ian Astbury heeft blijkbaar zelf weinig met deze klassieker. Tekstueel is het een oververhit liefdesliedje, waarna het stel vervolgens de verkoeling opzoekt.

Ondanks dat Phoenix in de Griekse mythologie voor wedergeboorte staat, linkt tekstschrijver Ian Astbury het vooral aan seksuele voldoening, en de daaruit voortkomende roes. Ook hier zijn het The Soultanas die er een bezwerende twist aangeven. Ver genoeg op de achtergrond weggestopt, maar wel genoeg aanwezig om Phoenix is een griezelige sfeer te gieten. De echte Phoenix komt echter uit het vlammende gitaarspel van Billy Duffy voort, hij laat zijn instrument krijsen van genot. In Hollow Man trotseert Ian Astbury de duivel. Hij beschouwt deze als gelijke en durft hem recht in de ogen aan te kijken.

Bassist Jamie Stewart is de grote smaakmaker op de Revolution sfeersingle. Hij is grotendeels verantwoordelijk voor het briljante psychedelische jaren zestig geluid. Onderschat zijn aandeel als arrangeur niet, en ook het melancholische subtiele toetsenwerk op Love is van zijn hand. Ook hier maken de The Soultanas het af, echt een meerwaarde. Helaas is hun aandeel op de single gruwelijk ingekort. De Black Angel tragiek draagt de geesten uit het verleden met zich mee. Ian Astbury memoreert hier aan de voorouders van de Indianen, de oorspronkelijke bewoners van de Verenigde Staten.

Vanwege de opkomst van de compact disc biedt het The Cult mogelijkheden om de release met twee bonustracks uit te breiden. Little Face en Judith krijgen deze eer en misstaan zeker niet op Love.

avatar

Gast
geplaatst: vandaag om 10:07 uur

avatar

geplaatst: vandaag om 10:07 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.