MusicMeter logo menu
MusicMeter logo
poster

AC/DC - Let There Be Rock (1977)

mijn stem
4,06 (585)
585 stemmen

Australiƫ
Rock
Label: Albert

  1. Go Down (5:20)
  2. Dog Eat Dog (3:30)
  3. Let There Be Rock (6:12)
  4. Bad Boy Boogie (4:29)
  5. Overdose (6:03)
  6. Problem Child * (5:24)
  7. Crabsody in Blue (4:39)
  8. Hell Ain't a Bad Place to Be (4:20)
  9. Whole Lotta Rosie (5:27)
toon 1 bonustrack
totale tijdsduur: 40:00 (45:24)
zoeken in:
avatar van deric raven
4,0
Australië, het vergeten continent.
Groot Brittannië in het kwadraat.
Ontdekt door Engelse ontdekkingsreizigers.
Vaak met schooiers en kanslozen aan boord.
Gevlucht of als goedkope werkkrachten.
De onderzijde van de maatschappij.

Het ruwe zeeliedenvolk is ook hoorbaar in het geluid.
AC/DC voor de dronken vechtersbazen.
Hangend in de kroeg.
De boodschap is simpel.
Harde rockmuziek over het scoren van vrouwen.

Go Down lijkt over een seksuele handeling te gaan.
Al kan het natuurlijk ook gezien worden als promotiestunt.
Australië wordt Down Under genoemd.
Go Down.
Welkom vreemdeling in het land van Crocodile Dundee.
AC/DC introduceert je.
Neem genoeg geld mee.
Want ze zuipen je er uit.
Helaas werd drank ook de ondergang van Bon Scott.

Dog Eat Dog.
Overleven is van je af bijten.
Met alleen een grote bek kom je er niet.
Harde wereld.
Hell Ain’t A Bad Place.

Problem Child.
Het gevoel een buitenstaander te zijn.
Wetend dat je roots eigenlijk hier niet liggen.
Tweedehands bewoner.
Een vreemde in een vreemd land.
Het moeilijk kunnen aanpassen.
Problemen die ontstaan door cultuurverschillen bestaan al lang.
Niet alleen van de laatste jaren.

Let There Be Rock.
Weg met de zoetsappige folk uit de jaren zestig.
In 1955 werden ze wakker geschud door Roll Over Beethoven van Chuck Berry.
Dit willen we ook.
Het ontstaan van AC/DC was al een feit.
Zo het geschiedde.
Bad Boy Boogie als logisch vervolg.

Overdose is niet het drankmisbruik van de zanger.
Maar liefde voor de hoer met de dikke tieten.
Whole Lotta Rosie.
Overdose, het voorspel.
Whole Lotta Rosie, de daad.
Het hoogtepunt.

avatar van Snoeperd
4,5
AC/DC - Let There Be Rock

Let There Be Rock: 7 nummers. Het zijn 7 muziekwonderen verpakt in een van de beste sounds die ik ken.
Dit album heeft een sound die AC/DC eigenlijk voor de eerste en meteen de laatste keer gebruikte. Eigenlijk best jammer. Al had dit zonder Bon Scott ook niet meer gekund. Deze sound vergt een goede timende zanger met veel bereik. Het album is een brok energie van 35 minuten dat maar doorratelt en rockt. De leden van deze groep halen hier het beste uit elkaar naar boven. Aan mij om deze 7 muziekwonderen te bespreken.

Muziekwonder nummer 1:

We trappen dit album af met het eerste wonder uit dit rijtje, genaamd Go Down. Go Down is een opgewekt, stuiterend nummer. De eerste buitenaardse riff is al meteen te vinden op dit nummer, het zorgt ervoor dat er alleen al qua instrumentatie genoeg te genieten is. Gelukkig heeft AC/DC veel en veel meer te bieden. Een Bon Scott bijvoorbeeld? Die weet wel wat hij aan moet met zulke achtergrondinstrumentatie. Een heerlijke tekst over de wijven maken en die ontzettend interessant brengen. Dat is waar hij geweldig in is en dat doet hij dan ook, met de nodige klasse.

Muziekwonder nummer 2:

Het beste refrein komt van Dog Eat Dog. Het is een grote favoriet van mij, ik kan soms niet genoeg krijgen van het refrein: Heeey heey heey every dog on his way! Soms heb ik een week dat ik dit vele malen op de stereo aan zet. Puur omdat het een hemels refrein heeft + de heerlijke strakke drums en gitaren, de instrumentatiesectie weet op dit album de meest geweldig riffs uit de kast te trekken, ze hebben er voor ieder nummer wel één klaarliggen. Het is ongelooflijk wat deze muzikanten op dit album produceren.

Muziekwonder nummer 3:

De titelsong is naast het laatste nummer een tweede grote klassieker. Het nummer heeft alles wat een AC/DC nummer kenmerkt. Het heeft een humorvolle en zeer ingenieuze tekst, het heeft het onnavolgbare drum -en gitaarwerk en een zeer soulvolle Bon Scott. Vooral in de coupletten steelt hij de show, met een perfecte timing weet hij de tekst schitterend te brengen. Het refrein is ook zeer goed gezongen, maar vooral de beukende gitaarriff moet de aandacht krijgen. Het geeft het refrein ontzettend veel kracht mee. De solo op het eind is prachtig en maakt een eind aan deze klassieker.

Muziekwonder nummer 4:
Bad Boy Boogie is een heerlijk groovend nummer, net als elk ander nummer is het zeer strak gespeeld, het rauwe randje wordt echter altijd behouden. Je merkt hoe gigantisch goed de gitaristen zijn. Je wordt van de ene riff naar de andere riff geslingerd en allemaal zijn ze even fantastisch. Het refrein is treffend en simpel. Zo is het vaak bij AC/DC, maar dat is juist een kracht:
They said stop I said go
They said fast I said slow
They said yes I said no
I do the bad boy boogie

Let vooral op die riff die direct na de laatste zin komt, dat is een ontzettend swingend riffje.

Hier staat dan eigenlijk Problem Child, die sla ik steevast over, niet omdat het slecht is. Nee, het zou zo het 8ste wereldwonder kunnen zijn. King Kong, een beest van een nummer. Maar het staat al op Dirty Deeds en kapot draaien dat doe ik dit nummer niet aan.

Muziekwonder nummer 5:

Overdose is het volgende nummer. Het begint wat aarzelend. Enkel een gitaar en af en toe drums. Het geluid wordt steeds meer opgebouwd. En dan komt er een fascinerende riff invallen. Het vormt de basis van alweer een geweldig nummer. Het is de heerlijke bluesy zang die een zeer waardig stukje toevoegt aan de basis. Bon Scott is met Marvin Gaye en Antony Hegarty mijn lievelingszanger, hij heeft een perfect bluesy stemgeluid met ook wat soul er doorheen. Daarnaast heeft hij ook nog eens een stem bereik van Los Angeles naar New York. Hij weet zinnen perfect aan elkaar te lijmen en zijn timing is altijd perfect. Het refrein behoort niet tot de beste, maar is zeker de moeite waard, het zingt allemaal erg lekker mee. Het nummer is een soort cirkel die weer eindigt waarmee het begon. Een geweldige song op dit album van de 7 muziekwonderen.

Muziekwonder nummer 6:

Hell Ain't a Bad Place to Be, als het aan AC/DC lag was dat zowiezo, die gasten deden volgens mij alles wat God verboden had.
Uit het niets rijst er weer een grootste beukende riff op. Bon Scott komt daarover heen met een erg leuke tekst met allemaal geinige tekstfragmenten. Al gaat het natuurlijk allemaal om vrouwen en het versieren daarvan, verrassend, AC/DC komt eigenlijk alleen maar met dit soort teksten. Het is meestal gewoon in de dienst van het liedje, het klinkt namelijk allemaal verbazend lekker. Zo ook de titel, ligt lekker in de mond, en de manier waarop Bon Scott het in het refrein zingt is gewoon het paradijs, de hel volgens Bon zelf.

Muziekwonder nummer 7:

Whole Lotta Rosie is eigenlijk op papier gewoon het absolute hoogtepunt. Het is de grootste klassieker die AC/DC voortbracht. Ik beschouw het ook wel een beetje als hoogtepunt, maar eigenlijk ben je er totaal niet mee bezig bij beluistering van het album, het is een van de 7 wonderen van dit album. Het is als de piramides, de bekendste, de ouwe reus, de klassieker die AC/DC helemaal op de kaart zette.
Als je dit nummer aanzet weet je al meteen waar je aan toe bent, de ontzettend beukende riffs komen als dwazen op je af. Bon Scott half, fluisterend, weet er fijne zinnetjes uit de persen tussen deze riffs door. Daarna is het repetitieve afgelopen en loopt het nummer op één vloeiende ijzersterke riff, daarover zingt Bon Scott de sterren van de hemel, misschien is dit wel een van zijn hoogtepunten. Dat refrein is namelijk prachtig en catchy gezongen, iets wat dit tot klassieker maakt. Na 2 en een halve minuut vindt Bon het wel welletje en mogen de gebroeders Young hun kunstjes vertonen, dat doen ze met verve, solo's van het aller-aller hoogste niveau, een vette gitaarsound. Daarna valt Bon Scott weer in en zet de gitarist een bizarre riff in die buitenaards goed is.

En dan is het voorbij, AC/DC is uitgeraast. Het heeft je 35 minuten lang energie gegeven zonder daarbij een druppel koffie of energydrank of wat dan ook te gebruiken. Ze zouden hierna 2 albums maken die qua kwaliteit van hetzelfde kaliber zijn. Qua sound konden ze dit echter nooit meer overtreffen. Ze ruilden dit geluid in voor een gepolijster geluid. En ze hebben niet meer kunnen terugkeren naar deze sound, mede door het overlijden van Bon Scott. Sommigen vinden het herrie zoals mijn vader, maar de fans weten beter. Dit is een van de meest geniale stukjes muziek ooit gemaakt.

avatar van Ronald5150
4,0
"Let There Be Rock" is een geweldige AC/DC plaat, met zanger Bon Scott als frontman. Weer eens het bewijs en bevestiging dat ik Bon Scott een veel betere zanger vind dan Brian Johnson, ondanks de prima plaat "Back in Black". Maar "Let There Be Rock" is toch echt van een ander kaliber. Het titelnummer is ronduit fantastisch, net als een slepende "Overdose". Dat nummer is iets minder snel qua tempo, maar qua intensiteit wordt dat meer dan goed gemaakt. Gitarist Angus Young vlamt als vanouds met felle, agressieve solo's, maar altijd smaakvol en onweerstaanbaar als het om de riffs gaat. "Whole Lotta Rosie" is de perfecte afsluiter en is een van mijn favoriete AC/DC nummers. Wat een riff, wat een solo's en wat een refrein. "Let There Be Rock" is AC/DC is optima forma!

avatar van Dibbel
5,0
Voor mij ook de allerbeste AC/DC-plaat.
Heb hem destijds nieuw gekocht op LP (15 gulden 90 bij Gelcom Stereo als ik me niet vergis) en jonge deze heeft wat feestjes meegemaakt.
Heb inmiddels ook de CD waarbij gek genoeg Crabsody In Blue vervangen is door Problem Child.
Ik ken dit album nog steeds van buiten en als ik nog eens een keer uit mijn plaat wil gaan, zet ik deze weer eens op.

Hoogtepunten blijven nog steeds het staccato voortdenderende Let There Be Rock, het heerlijke slepende Overdose, Go Down en niet te vergeten de über-alltime-hardrockhit Whole Lotta Rosie.
En de rest eigenlijk ook.
En inderdaad Bon Scotch wàs een betere zanger dan Brian Johnson. Minder schreeuw, meer blues.
AC/DC heeft daarna nog genoeg goede platen gemaakt, maar ik blijf dit hun beste vinden.
Een ware hardrock-klassieker die nooit verveelt!

avatar van freakey
5,0
Ik bezit beide versies van het album, met en zonder Crabsody in Blue. Toch ben ik het wel met Faalhaas eens dat Problem Child niet in de sfeer van de rest van het album past, Crabsody in Blue wel...

avatar van frolunda
4,0
IJzersterk album waarvan ik het grootste gedeelte natuurlijk allang kon maar desondanks,voor wat voor reden dan ook nooit gewaardeerd heb.Samen met Powerage vind ik dit het sterkste AC/DC album met Bon Scott.Het titelnummer en Whole Lotta Rosie zijn hier de klassiekers maar Overdose,
Hell Ain't a Bad Place to Be en Problem child zijn niet veel minder en hoor ik net zo graag.
Verder natuurlijk een heerlijke productie (al vond ik qua geluid de opvolger nog beter klinken) en ook het gitaar-tandem Angus en Malcolm Young en zanger Bon Scott zijn hier heerlijk op dreef.
Blijft gewoon een erg fijne plaat om te draaien.

avatar van AOVV
4,5
Schitterende plaat van AC/DC, naar mijn mening hun beste met Bon Scott, en misschien wel tout court. Enkele iconische songs zijn hierop te horen, met in de eerste plaats natuurlijk Whole Lotta Rosie, over een zwaarlijvige dame uit Tasmanië waar Scott ooit 'ns mee onder de lakens is gedoken, naar verluidt. Grappig en ook een beetje raar om daar dan een song over te schrijven, misschien, maar 't is wel een geweldige rocker.

De titelsong hoeft daar haast niet voor onder te doen, en blijkt een hommage aan Chuck Berry, die Bon Scott als grote roerganger van de rock 'n roll zag. Zes minuten duurt de song, openend met een geweldige riff die maakt dat het nummer van de eerste seconde al niet meer stuk kan. Overdose gaat dan weer over het verslaafd zijn aan een vrouw. Die songtitel heeft een helaas wat ironische bijklank door de dood van Bon Scott in 1980.

Op de originele, Australische versie staat Crabsody in Blue, dat voor de internationale release werd vervangen door Problem Child. Die song stond ook reeds op de voorganger (zowel de Australische als internationale release), maar ik prefereer de versie met Problem Child; heerlijk nummer!

Een slechte track is in geen velden of wegen te bekennen, zelfs geen matige. Waar de voorganger al een interessante combo tussen rock 'n roll en blues liet horen, is dat hier nog verder verfijnd en geperfectioneerd. De gitaarsolo's van Angus Young zijn weergaloos, met zijn broer als klankbord (een erg sterke combinatie). De zang van Bon Scott klinkt geïnspireerd, energiek én krachtig. Het drumspel van Phil Rudd is puur vakmanschap. Tot slot was dit ook de laatste plaat met bassist Mark Evans, die een kort na de release werd vervangen door Cliff Williams. Die laatste maakte zelfs al zijn opwachting voor een videoclip van Let There Be Rock.

4,5 sterren

avatar van Sir Spamalot
5,0
Sir Spamalot (crew)
Hier volgt weer één van mijn beruchte invalshoeken die kan tellen maar toen men middenvelder Franck Berrier van mijn “weireldploegsje” KV Oostende (voetbal is een spel, rugby een sport) enige jaren geleden vroeg waarom hij nooit lachte zelfs na een prachtassist of -doelpunt, was zijn antwoord: “Op mijn werk ben ik om te werken, lachen doe ik na het werk.”

Door mijn Stoïcijns karakter en de aard van mijn job, sinds vorig jaar voltijds credit controller met nog een beetje armslag in de boekhouding, ben ik net zoveel een lachebekje maar als dit album opligt en daar volgen weer mijn fameuze drie puntjes...

Dit is mijn versie: AC/DC - Let There Be Rock (Vinyl) | Discogs. Dit is dus mét Crabsody in Blue en zonder Problem Child. Het is een album dat anno 1977 staal en staalhard is met een geweldig swingende ritmesectie, de bovenmenselijke gitaarsolo's van ene Angus Young maar vooral de geweldige, grappige tongue-in-cheek teksten van ene Bon Scott (RIP), waar zelfs een viezen aap als ik zijn laatste verdediging laat vallen om volop mee te knikken met de muziek en waar dat rechtervoetje veertig minuten lang meestampt.

Het is voor mij een speciaal album waarbij ik zelfs niet moet kijken naar de tracklist om te weten wat er volgt, het is een album dat ik opleg en achterover leun en geniet van werelderfgoed: Go Down, Let There Be Rock, Bad Boy Boogie, Overdose, Whote Lotta Rosie.

Ik kan er ook niet aan doen maar kijkende naar dat jaartal besef ik hoe oud dit album is en hoe oud en soms versleten ik ondertussen al ben. Persoonlijk kenmerk van dit album? Alle gezeik eens van je afgooien, flink rocken en met een kamerbrede glimlach gaan naar je stamcafé (wat mis ik die momenteel) want daar past het niet om over dat werk te mekkeren. Je bestelt voldoende Belgisch erfgoed, je geniet van het gezelschap van je vrienden (én van het “weireldploegsje” maar vooral van het gezelschap) en je herinnert je hoe mooi het leven is. No nonsense makes all the more sense, dat is AC/DC voor mij op dit fenomenaal album.

avatar van RonaldjK
4,0
Tweede helft jaren ’70. Terwijl disco heer en meester werd in popland en punk/new wave geleidelijk aan invloed wonnen, werkte het management van AC/DC met platenlabel Atlantic aan een internationale doorbraak van de Australisch-Schotse band. De sleutels daartoe: uiteraard een hitsingle en touren. Veel touren.
Nadat hun eerste twee platen in 1976 in andere jasjes een internationale release hadden gekregen, verscheen nummer drie slechts vier maanden nadat de Australische versie uitkwam, wederom met een gewijzigde hoes én een ander liedje.

Let op, de vorige alinea's zijn Wikiwijsheid. Ik was zelfs voor puistjes nog te jong, maar hoorde wél vanaf juni 1978 een bepaald liedje op de radio en dat wás me toch hárd! Wauw! Hoe lekker! Een snelle riff, een geluidsmuur, een knállende gitaarsolo… Ik kende maar één liedje dat ook zo heftig was: Black Betty van Ram Jam, dat eind 1977 aan zijn opmars in de Nederlandse hitlijsten begon en in maart maar liefst #4 (Top 40, Veronica) en #6 (Nationale Hitparade, NOS) haalde. Dat was andere koek dan de overige hits in die lijsten.
De ontdekking dat de singleversie van Whole Lotta Rosie ingekort was, kwam waarschijnlijk toen Alfred Lagarde de albumversie in zijn Betonuur bij de VARA draaide. Die solo, oeeeeeeh! De single haalde in Nederland #3 (Top 40) en #5 (Nationale Hitparade).

Pas ergens in ’81 of ’82 zou ik de bijbehorende elpee kunnen horen, dankzij een schoolvriend die een grote fan was geworden en met terugwerkende kracht hun albums kocht. Ik weet nog dat hij me indringend aankeek: ‘Er staat een liedje op, dat heet Hell Ain’t No Bad Place to Be. Waar denk je dat dat over gaat?’ Ik had uiteraard geen flauw idee. ‘Eenzaamheid!’ luidde zijn antwoord en zijn gezicht stond ernstig. Hij had waarschijnlijk door dat ik uit een NCRV-gezin kwam; wilde hij mijn reactie testen?
Op zijn kamer beluisterden we de plaat op het hoogst mogelijke volume. De start is ietwat gewoontjes met de shuffle van Go Down, met Dog Eat Dog gaan tempo en venijn omhoog en bij Let There Be Rock wordt het gaspedaal helemaal ingedrukt. Wat dan al is opgevallen: producers Vanda & Young hebben de gitaren ten opzichte van de vorige albums veel meer vooraan in de mix gezet, terwijl Angus Young voor het eerst helemaal losgaat in zijn solo’s.
Jaren later zond Sky Channel veelvuldig de clip van Let There Be Rock uit in metalshow Monsters of Rock. Toen pas drong echt tot me door dat Bon Scott hier het bijbelse scheppingsverhaal uit Genesis leent en toepast op het ontstaan van rock ‘n’ roll. Kwam Bon soms ook uit een NCRV-gezin?
Kant A eindigt met Bad Boy Boogie, net als de opener wel aardig.

Kant B van deze Europese uitgave trapt af met Problem Child, wat we al kenden van voorganger Dirty Deeds Done Dirt Cheap. Enige verschil is dat op die plaat het liedje na het slotakkoord terugkeert, in deze reprise is dat niet zo.
Vervolgens Overdose met een intro dat me toen in '81 deed denken aan de tweede hit van van AC/DC in Nederland, Rock ‘n’ Roll Damnation. Maar goed, die was eigenlijk van later datum. Na een klein begin komt Overdose op gang met een heerlijke groove. AC/DC op z’n sterkst met deze uptempo groove waarbij de baslijn lang op één noot blijft hangen, terwijl Malcolm Young daarover zijn repeterende riff hakt. Ook hier werkt dat heel goed.
Dan dus het liedje waar mijn hardrockmaatje het over had, een prima liedje inderdaad over eenzaamheid en als slotstuk het beukende Whole Lotta Rosie. In ’78 dacht ik dat het over een roos ging, inmiddels wist ik iets meer maar niet veel. Wat betekent ‘Lotta”? Is dat een meisjesnaam of iets anders? Engels vond ik een moeilijke taal.

Nog niet de beste AC/DC, wél de eerste waarin het gaspedaal hier en daar diep wordt ingedrukt. Klinken de voorgangers nog enigszins ingehouden, hier knalt het, zeker als Angus volop over de snaren racet.
Bon Scotts karakteristieke stem kan prima mee met deze steviger koers en de dienende rol van de ritmesectie, drummer Phil Rudd en voor het laatst bassist Mark Evans, betaalt zich uit in een plaat die onze moeders deed mopperen over zoveel volume.
Onlangs draaide ik For Those About To Rock uit ’81 weer eens uitgebreid. Nu pas valt me op hoe spaarzaam Angus daar soleert ten opzichte van Let There Be Rock. In combinatie met de snellere songs van 1977 biedt de oudste van de twee veel meer. En het beste moest nog komen!

avatar

Gast
geplaatst: vandaag om 14:40 uur

avatar

geplaatst: vandaag om 14:40 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.