Hier kun je zien welke berichten MichelDumoulin als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Angel Crew - One Life , One Sentence (2005)

4,0
0
geplaatst: 9 december 2006, 00:47 uur
Heel goed tweede album van deze Brussels/Maastrichtse brutal hardcore formatie. Met leden van Backfire!, Deviate en Length Of Time weten de liefhebbers wel dat het muzikaal gezien goed zit!
leden (o.a. bekend van) ;
zang; Danny M(oeutgwil) (Deviate)
zang; Pat Coenen (Backfire!)
gitaar & zang; Ross van Geel (Lenght Of Time)
drums; Igor Wouters (Backfire!)
gitaar; Dave Moors (Backfire!)
bas; Chris Dockx (Deviate)
Zowel liefhebbers van old-school hardcore, metalcore als van metal komen aan hun trekken door de geweldige afwisselingen qua tempo, zang en ritme.
Dit is een zeldzaam goeie kruisbestuiving van bovengenoemde genres.
Een absolute aanrader voor mensen die van agressieve muziek houden die toch ook weet te grooven.
leden (o.a. bekend van) ;
zang; Danny M(oeutgwil) (Deviate)
zang; Pat Coenen (Backfire!)
gitaar & zang; Ross van Geel (Lenght Of Time)
drums; Igor Wouters (Backfire!)
gitaar; Dave Moors (Backfire!)
bas; Chris Dockx (Deviate)
Zowel liefhebbers van old-school hardcore, metalcore als van metal komen aan hun trekken door de geweldige afwisselingen qua tempo, zang en ritme.
Dit is een zeldzaam goeie kruisbestuiving van bovengenoemde genres.
Een absolute aanrader voor mensen die van agressieve muziek houden die toch ook weet te grooven.
Danko Jones - Never Too Loud (2008)

3,0
0
geplaatst: 25 februari 2008, 02:15 uur
Valt me behoorlijk tegen, dit album. Danko Jones wordt steeds poppiër en laat zijn bluesinvloeden behoorlijk varen.
Na een tweede luisterbeurt kan ik toch niet anders concluderen dan dat dit album toch wel zijn minste is.
De achtergrondkoortjes hier en daar lijken wel speciaal te zijn toegevoegd om een groot publiek te kunnen bereiken. Ik kan me niet van de indruk onttrekken dat er heel bewust voor is gekozen om de Amerikaanse markt te willen veroveren. Maar het is saai, gelikt en niet gemeend. Door de enigszins gladde productie (Nick Raskulinecz) zijn de scherpe randjes er vanaf geraakt.
Opener ‘Code Of The Road’ is een prima opener die niet misstaan had op ‘We Sweat Blood’ of ‘Sleep is the Enemy’. Dit nummer bevat een heerlijk gitaarrifje.
‘City Streets’ is op zich ook een lekker nummertje, ook niks mee.
‘Still In High School’ is een rocksong met een vreselijk koortje waar eigenlijk geen pit in zit, niet slecht maar eigenlijk beresaai.
‘Let’s Get Undressed’ is echt te suf voor woorden en erg puberaal qua tekst (een soortgelijk gevoel bekroop me ook al bij ‘First Date’ van het vorige album).
‘King Of Magazines’ vind ik dan wel weer een goed nummer, er wordt gezongen en dat doet Danko eigenlijk helemaal niet zo verkeerd.
‘Forest For The Trees’ is poppier dan ooit en gek genoeg mijn favoriete nummer van de plaat. Danko is als zanger wel gegroeid, blijkt eens te meer. Dit nummer klinkt echt anders vergeleken met al het werk van zijn voorgaande platen. De zanglijn is verassend en de (weliswaar minimale) bijdragen van Pete Stahl en wederom John Garcia doen het nummer ook geen kwaad.
‘Take Me Home’ zal het goed doen bij de Green Day-, en Blink 182-fans.
‘Your Tears My Smile’ is een aardig nummer maar niet veel meer dan dat.
‘Something Better’ is nog zo’n nummer die Danko waarschijnlijk zo uit zijn mouw schudt. Het zal het vast ook aardig doen live, maar het is niet echt een nummer dat je thuis eens even lekker door je speakers laat knallen.
‘Ravenous’ is een leuke song maar ook niet bijster boeiend.
‘Never Too Loud’ lijkt speciaal geschreven voor in een uitverkocht stadion. Ik moet bij dit nummer denken aan AC/DC in hun mindere periode (ik bedoel hiermee de Brian Johnson-era van na 1985).
Al met al een zeer wisselvallig album met geen echte uitschieters. Nu is DJ natuurlijk vooral, en in de eerste plaats, een band om live te zien. Maar de lol is er wat mij betreft een beetje af.
De arrogantie waarmee hij op het podium staat vond ik in het begin nog leuk en de energievolle shows stelden dan ook zelden teleur.
Leuk om de band te hebben zien groeien van een half gevuld Doornroosje naar een overvolle Alpha-tent op Lowlands, en zeker niet onverdiend. Ik kies eieren voor mijn geld als Danko binnenkort weer eens ons land aandoet. Wellicht is de HMH een volgend station na de shows in de 013.
De voormalige blues-georiënteerde hardrockband is langzamerhand getransformeerd in een leuke band met hoekige rocksongs die mij nog steeds wel kan bekoren. Maar heb zo’n vermoeden dat ik wat eerder ‘Born a Lion’, 'We Sweat Blood' of 'Sleep is the Enemy' zal opzetten dan dit album.
3,5*
Na een tweede luisterbeurt kan ik toch niet anders concluderen dan dat dit album toch wel zijn minste is.
De achtergrondkoortjes hier en daar lijken wel speciaal te zijn toegevoegd om een groot publiek te kunnen bereiken. Ik kan me niet van de indruk onttrekken dat er heel bewust voor is gekozen om de Amerikaanse markt te willen veroveren. Maar het is saai, gelikt en niet gemeend. Door de enigszins gladde productie (Nick Raskulinecz) zijn de scherpe randjes er vanaf geraakt.
Opener ‘Code Of The Road’ is een prima opener die niet misstaan had op ‘We Sweat Blood’ of ‘Sleep is the Enemy’. Dit nummer bevat een heerlijk gitaarrifje.
‘City Streets’ is op zich ook een lekker nummertje, ook niks mee.
‘Still In High School’ is een rocksong met een vreselijk koortje waar eigenlijk geen pit in zit, niet slecht maar eigenlijk beresaai.
‘Let’s Get Undressed’ is echt te suf voor woorden en erg puberaal qua tekst (een soortgelijk gevoel bekroop me ook al bij ‘First Date’ van het vorige album).
‘King Of Magazines’ vind ik dan wel weer een goed nummer, er wordt gezongen en dat doet Danko eigenlijk helemaal niet zo verkeerd.
‘Forest For The Trees’ is poppier dan ooit en gek genoeg mijn favoriete nummer van de plaat. Danko is als zanger wel gegroeid, blijkt eens te meer. Dit nummer klinkt echt anders vergeleken met al het werk van zijn voorgaande platen. De zanglijn is verassend en de (weliswaar minimale) bijdragen van Pete Stahl en wederom John Garcia doen het nummer ook geen kwaad.
‘Take Me Home’ zal het goed doen bij de Green Day-, en Blink 182-fans.
‘Your Tears My Smile’ is een aardig nummer maar niet veel meer dan dat.
‘Something Better’ is nog zo’n nummer die Danko waarschijnlijk zo uit zijn mouw schudt. Het zal het vast ook aardig doen live, maar het is niet echt een nummer dat je thuis eens even lekker door je speakers laat knallen.
‘Ravenous’ is een leuke song maar ook niet bijster boeiend.
‘Never Too Loud’ lijkt speciaal geschreven voor in een uitverkocht stadion. Ik moet bij dit nummer denken aan AC/DC in hun mindere periode (ik bedoel hiermee de Brian Johnson-era van na 1985).
Al met al een zeer wisselvallig album met geen echte uitschieters. Nu is DJ natuurlijk vooral, en in de eerste plaats, een band om live te zien. Maar de lol is er wat mij betreft een beetje af.
De arrogantie waarmee hij op het podium staat vond ik in het begin nog leuk en de energievolle shows stelden dan ook zelden teleur.
Leuk om de band te hebben zien groeien van een half gevuld Doornroosje naar een overvolle Alpha-tent op Lowlands, en zeker niet onverdiend. Ik kies eieren voor mijn geld als Danko binnenkort weer eens ons land aandoet. Wellicht is de HMH een volgend station na de shows in de 013.
De voormalige blues-georiënteerde hardrockband is langzamerhand getransformeerd in een leuke band met hoekige rocksongs die mij nog steeds wel kan bekoren. Maar heb zo’n vermoeden dat ik wat eerder ‘Born a Lion’, 'We Sweat Blood' of 'Sleep is the Enemy' zal opzetten dan dit album.
3,5*
Gruesome - Twisted Prayers (2018)

0
geplaatst: 9 juni 2018, 23:54 uur
Lekker ‘Death’-Metal album. Doet muzikaal niet veel onder van hun inspiratie-bron. Is vanwege hun manier van spelen ook weer niet vernieuwend. Maar wel rete-strak. Toch heb ik alweer snel zin om Spiritual Healing(1990) op te zetten.
King Hobo - King Hobo (2008)

4,0
0
geplaatst: 5 augustus 2008, 13:36 uur
Jaren zeventig (hard)rock met de enkels stevig verankerd in de blues. Maar dat dekt de lading niet geheel.
Als ik alle genres zou kunnen invullen dat werd het iets van;
Rock/Blues/Funk/Soul/Jazz.
Achter dit gelegenheidsbandje steken;
Drummer Jean-Paul Gaster (Clutch), die ik heel hoog heb zitten, hij kan wat mij betreft nooit iets verkeerds doen.
Zanger/gitarist Thomas Juneor Andersson (Kamchatka) heeft een prima zuivere rockstem en weet met zijn gitaarspel alle bovengenoemde genres een plekje te geven.
Bassist Ulf Rockis Iversson (Beat Under Control) doet prima zijn werk en geeft de drummer, de gitarist en de toetsenist goed de ruimte.
Keyboardspeler/gitarist/2e zanger en organisator van dit project Per Wiberg (Opeth) zorgt met zijn toetsenwerk voor de soul binnen het geheel. Zijn spel doet me soms een beetje denken aan Booker T. & The M.G.'s.
Ook is er nog een bescheiden rolletje voor Eric Oblander (Five Horse Johnson) die met zijn mondharmonica het beste nummer van het album 'Leaving Letter Blues' mag opleuken.
En ten slotte wordt er nog saxofoon gespeeld door Thomas Agnas (Agnas Project) op het jazzy nummer Mr. Clean (een cover van Weldon Irvine).
Het verhaal achter deze band is dat een aantal muzikanten (waaronde Per, Jean-Paul, Thomas en Ulf), tijdens de Sounds of the Underground Festival Tour 2005, de tijd doodden rond de optredens met gezamenlijk jammen op de parkeerplaats. Dit klonk allemaal zo lekker dat Per besloot om iets te gaan vastleggen op band. Hij nodigde bovengenoemde bevriende muzikanten uit om samen te komen in een vakantiehuisje in Zweden en maakte daar een tijdelijke opnamestudio van.
Na een week jammen, schrijven en oefenen is dit spontaan klinkende album, waar de spelvreugde vanaf spat, het resultaat.
Voorlopig een dikke 4*
Als ik alle genres zou kunnen invullen dat werd het iets van;
Rock/Blues/Funk/Soul/Jazz.
Achter dit gelegenheidsbandje steken;
Drummer Jean-Paul Gaster (Clutch), die ik heel hoog heb zitten, hij kan wat mij betreft nooit iets verkeerds doen.
Zanger/gitarist Thomas Juneor Andersson (Kamchatka) heeft een prima zuivere rockstem en weet met zijn gitaarspel alle bovengenoemde genres een plekje te geven.
Bassist Ulf Rockis Iversson (Beat Under Control) doet prima zijn werk en geeft de drummer, de gitarist en de toetsenist goed de ruimte.
Keyboardspeler/gitarist/2e zanger en organisator van dit project Per Wiberg (Opeth) zorgt met zijn toetsenwerk voor de soul binnen het geheel. Zijn spel doet me soms een beetje denken aan Booker T. & The M.G.'s.
Ook is er nog een bescheiden rolletje voor Eric Oblander (Five Horse Johnson) die met zijn mondharmonica het beste nummer van het album 'Leaving Letter Blues' mag opleuken.
En ten slotte wordt er nog saxofoon gespeeld door Thomas Agnas (Agnas Project) op het jazzy nummer Mr. Clean (een cover van Weldon Irvine).
Het verhaal achter deze band is dat een aantal muzikanten (waaronde Per, Jean-Paul, Thomas en Ulf), tijdens de Sounds of the Underground Festival Tour 2005, de tijd doodden rond de optredens met gezamenlijk jammen op de parkeerplaats. Dit klonk allemaal zo lekker dat Per besloot om iets te gaan vastleggen op band. Hij nodigde bovengenoemde bevriende muzikanten uit om samen te komen in een vakantiehuisje in Zweden en maakte daar een tijdelijke opnamestudio van.
Na een week jammen, schrijven en oefenen is dit spontaan klinkende album, waar de spelvreugde vanaf spat, het resultaat.
Voorlopig een dikke 4*
Lo-Pan - Salvador (2011)

3,5
0
geplaatst: 19 mei 2011, 23:00 uur
No-nonsense rock van dit viertal die je het beste in subgenre-hokje 'Stonerrock' zou kunnen plaatsen. Dit heeft vooral te maken met de moddervette gitaarriffs, de pompende bas en de groovende ritmes. Jeff Martin heeft een fijne stem die, begrijpelijk, in sommige media wordt vergeleken met die van Maynard James Keenan. Al vind ik dat iets te veel eer voor Jeff.
De band klinkt als een geoliede machine die al heel wat jaartjes meegaat. (Geen idee of dit ook het geval is).
Muzikaal vakmanschap en een prima productie doet het album veel goeds.
Ondanks dat alles prima klinkt en ieder zijn instrument prima beheerst treedt er bij mij na een half uur luisteren toch een soort van luistermoeheid op.
Waar het aan ligt, ik kan het niet uitleggen. Misschien dat de zanglijntjes toch wat teveel op elkaar lijken..... Het is in ieder geval niet zomaar weer een stonerrock-bandje, daar zijn ze te goed voor. Misschien blijkt dit een groei-plaatje te zijn en heb ik hem nog niet vaak genoeg gehoord om er juist over te kunnen oordelen.
Live lijkt dit me een geweldige band, op plaat is dit goed maar net niet heel goed.
Voorlopig een 3,5*. Alhoewel ik de nummers afzonderlijk eerder 4* waard vindt.
De band klinkt als een geoliede machine die al heel wat jaartjes meegaat. (Geen idee of dit ook het geval is).
Muzikaal vakmanschap en een prima productie doet het album veel goeds.
Ondanks dat alles prima klinkt en ieder zijn instrument prima beheerst treedt er bij mij na een half uur luisteren toch een soort van luistermoeheid op.
Waar het aan ligt, ik kan het niet uitleggen. Misschien dat de zanglijntjes toch wat teveel op elkaar lijken..... Het is in ieder geval niet zomaar weer een stonerrock-bandje, daar zijn ze te goed voor. Misschien blijkt dit een groei-plaatje te zijn en heb ik hem nog niet vaak genoeg gehoord om er juist over te kunnen oordelen.
Live lijkt dit me een geweldige band, op plaat is dit goed maar net niet heel goed.
Voorlopig een 3,5*. Alhoewel ik de nummers afzonderlijk eerder 4* waard vindt.
Masters of Reality - Deep in the Hole (2001)

5,0
0
geplaatst: 1 november 2009, 00:45 uur
Dit is Masters of Reality op zijn hoogtepunt.
(´Third Man on the Moon´ alléén is al geniaal.
Wat een opener! Geniale riff. Geweldige groove. Lekker slepend. Het orgelgeluidje is fijn, repeterend en blijft nog even lekker nahangen in je hoofd. Tekstueel ook passend.)
High Noon Amsterdam is ook geweldig. (Al was het maar omdat de ´High Noon´ in Amsterdam in 1993 mijn favoriete coffeeshop was
).
De riffjes zijn geweldig!!
Deep in the Hole is het derde pareltje.
Josh Homme heeft mooie muziek leren maken door Chris Goss.
Hij (CG) was (en is) toch een soort godfather voor het hele stoner-genre! Ondanks dat zijn laatste wapenfeit (Pine/ Cross Dover) mij enigszins teleur stelt.
(´Third Man on the Moon´ alléén is al geniaal.
Wat een opener! Geniale riff. Geweldige groove. Lekker slepend. Het orgelgeluidje is fijn, repeterend en blijft nog even lekker nahangen in je hoofd. Tekstueel ook passend.)
High Noon Amsterdam is ook geweldig. (Al was het maar omdat de ´High Noon´ in Amsterdam in 1993 mijn favoriete coffeeshop was
).De riffjes zijn geweldig!!
Deep in the Hole is het derde pareltje.
Josh Homme heeft mooie muziek leren maken door Chris Goss.
Hij (CG) was (en is) toch een soort godfather voor het hele stoner-genre! Ondanks dat zijn laatste wapenfeit (Pine/ Cross Dover) mij enigszins teleur stelt.
