De
Arthur-Recensies deel 4, waarin Arthur zich op glad ijs waagt en mogelijks zijn hele avond in rook zal zien opgaan terwijl hij de strijd aangaat met kunstkenners.
It’s Lou, Jim, but not as you know him!
Ja, dat dekt de lading wel. Meer dan een uur lang is oorverdovende – zelfs als je de muziek heel zachtjes zet - feedback het enige wat we hier horen. Geen teksten, geen melodieën, gewoon geen liedjes eigenlijk. Zelfs geen muziek. Alleen lawaai.
Lou zelf houdt vol dat Metal Machine Music een heel serieus project was, maar ik geloof er geen snars van. Wat hij wel wilde bereiken blijft hoe dan ook een groot vraagteken. Wilde Lou mensen choqueren? Of wilde hij onder zijn contract uitkomen? Was het een grap? Of bereikte Lou’s drugsverslaving in deze periode haar hoogtepunt? Of zit ik er nog altijd naast?
Dat is op zich misschien niet belangrijk, maar het is wel het enige wat deze plaat heeft. Mysterie, vragen maar geen antwoorden, geluid maar geen muziek. Misschien schuilt daarin wel de vreemde aantrekkingskracht die deze plaat zonder twijfel over zich heeft.
Maar wat is het dan wel? Avant-garde, zoals bij genre staat? Persoonlijk vind ik dat maar een vage term, bedacht door enkele Franse kunststudenten annex kunstsnobs met dure brillen en hoogcollige truien die zich door middel van veel moeilijkdoenerij en kunstzinnige blabla beter probeerden te voelen dan de gemiddelde mens en werd overgenomen door anderen die precies hetzelfde doeleinde in gedachten hadden.
Avant-garde is een term uit de kunst. Is dit kunst dan? Discussies over wat kunst is en wat niet ga ik eigenlijk liever uit de weg, maar goed, laat ik het even proberen. Nee, voor mij is dit geen kunst. Ik ben iemand die denkt dat iets ‘kunst’ vinden of niet een persoonlijke zaak is. En ik hoor hier echt geen kunst in hoor, gewoon een hoop gekraak en gepiep. Ik ben zo iemand waarvoor de echte, zelfverklaarde kunstkenners hun neus voor ophalen. Het zij zo…