MusicMeter logo menu
MusicMeter logo
poster

Portishead - Dummy (1994)

mijn stem
4,15 (1348)
1348 stemmen

Verenigd Koninkrijk
Electronic / Pop
Label: Go! Beat

  1. Mysterons (5:02)
  2. Sour Times (4:11)
  3. Strangers (3:55)
  4. It Could Be Sweet (4:16)
  5. Wandering Star (4:51)
  6. It's a Fire * (3:48)
  7. Numb (3:54)
  8. Roads (5:02)
  9. Pedestal (3:39)
  10. Biscuit (5:01)
  11. Glory Box (5:06)
  12. Sour Sour Times * (4:18)
  13. Theme from "To Kill a Dead Man" * (4:25)
toon 3 bonustracks
totale tijdsduur: 44:57 (57:28)
zoeken in:
avatar van TornadoEF5
3,5
Arrie schreef:
Erg herkenbaar. Bij Third schreef ik ooit dit:

(quote)


Boy, was I wrong. Portishead is gewoonweg uitgegroeid tot één van mijn favoriete bands, mede dankzij Beth. Haar zang in Roads raakt me bijvoorbeeld enorm.


Ja, het is zeker zo, al zijn er wel nog minstens een paar luisterbeurten nodig. Third ging wel makkelijker, maar misschien was ik onbewust wat al meer gewender geworden aan de sound, en de stem. Het zijn wel duidelijk groeialbums, maar voor mij deze Dummy nog meer dan Third, doordat Third al iets meer "tempo" heeft.

avatar
Stijn_Slayer
Ik was in de nineties nog te jong om triphop bewust mee te maken en later ging ik eerst achter harde gitaren aan. Null voor een euro meegenomen uit de kringloop en ik ben semi-enthousiast. Mijn eerste indruk is dat het album sterk start, maar vanaf Strangers t/m Numb nogal eentonig is. Alles in dat blok lijkt op elkaar met hetzelfde tempo. Vanaf Roads komt het album weer tot leven en hoor ik een veel rijker, afwisselender geluid met meer aandacht voor melodie. Toch geen verkeerde ontdekking. Ik begin met 3,5*.

avatar van Reijersen
3,5
Naar aanleiding van dit topic beluisterde ik dit album.

Ooit eens beluisterd door Glory Box, maar veel herinnering heb ik daar niet aan. Bijzonder sfeervolle plaat. Fijne beats en precies goed gelaagde zang. Zangeres weet wat inleven is, ze brengt het allemaal ongelooflijk overtuigend met een stem die tegelijk breekbaar als sterk is. Een hele fijne plaat dit.

avatar van Queebus
5,0
Al sinds de single Glory Box helemaal verslaafd aan dit album. De zang van Beth Gibbons is betoverend, de samples zijn geweldig uitgekiend, de nummers zijn top, de uitvoering kan niet beter. Roads is echt van een betoverende schoonheid, iedere keer luisteren brengt weer kippenvel.

Een zeer geslaagd album om helemaal bij weg te dromen. Dummy is voor mij met Grace en Protection het beste album van 1994, toch al een rijk jaar als het om muziek gaat.

avatar van Marco van Lochem
4,0
Meteen scoren met je debuutalbum, het is niet elke band of artiest gegeven. Het ging wel op voor de in 1991 in het Engelse Bristol opgerichte Portishead. "DUMMY" kwam op 22 augustus 1994 uit en bereikte in hun thuisland drie keer platina.

Portishead bestond uit zangeres Beth Gibbons, toetsenist en drummer Geoff Barrow en Adrian Utley op gitaar, basgitaar en toetsen. De muziek die Portishead maakte was erg populair in de jaren negentig. Het is een soort mengeling van dance en jazz, dat het stempel trip-hop opgeplakt kreeg. De populariteit van het genre werd beroemd gemaakt door onder andere Massive Attack en Portishead deed met "DUMMY" een zeer geslaagde poging zich binnen het genre een plek te veroveren.

Op het album staan elf songs met een speelduur van bijna 50 minuten. Van die elf liedjes verschenen er een aantal op single, waarvan er twee in de Engelse hitparade kwamen en zelfs één in de Nederlandse Top 40, namelijk het prachtige “GLORY BOX”. Het album gaat mysterieus van start met “MYSTERONS”, sferisch, een pakkend drumpatroon, toetsen die voor een spooky sfeertje zorgen, een prima opmaat voor de rest van het album. Het is één van de hoogtepunten van het album, waartoe ook “SOUR TIMES” behoort. Het heeft een andere sfeer, waarbij de sample van Lalo Schifrins “DANUBE INCIDENT” uit 1967 een leidende rol heeft. “WARNING STAR” begint met een heerlijk repeterende baslijn, de ingetogen zang en minimale muzikale begeleiding geeft het geheel een boeiende troosteloosheid. “IT’S A FIRE” is wat meer opgetogen, zonder dat het een vrolijk liedje is. Mooie zanglijnen van Gibbons, opnieuw een pakkend drumpatroon en die subtiele instrumentale begeleiding. “ROADS” hoort ook bij de hoogtepunten op “DUMMY”. Gibbons zingt iets meer op de toppen van haar kunnen, waarbij ze een bepaalde vorm van breekbaarheid laat horen. De instrumentatie is briljant, passend bij de sfeer van het album. Drummer Clive Deamer, die later in de jazzband Get The Blessing te horen was, legt in dit nummer een heerlijke drumpartij neer, waarover de rest van de band zijn gang kan gaan. Het reeds gememoreerde “GLORY BOX” is de afsluiter van het album. Fade in, licht vervormde zang, drumpatroontje, het overstuurde gitaarspel voegt precies datgene toe, dat het nummer nog beter maakt. De melodielijn is en blijft elke keer weer boeiend.

“DUMMY” is een klassieker binnen het genre van de trip-hop, maar is zo goed dat het ongetwijfeld liefhebbers van andere genres zal aanspreken. Na “DUMMY” volgde het met platina bekroonde “PORTISHEAD” in 1997 en na elf jaar “THIRD”, in 2008. De interesse in de band was tegen die tijd duidelijk verminderd. Dat in combinatie met de veranderende muziekwereld en de toch wel tegenvallende verkoopcijfers, heeft er misschien aan bijgedragen dat het bij deze drie albums gebleven is. Met “DUMMY” heeft Portishead wel een topper op hun naam staan, dat staat voor mij als een paal boven water!

avatar van SirPsychoSexy
3,5
Naar aanleiding van het nieuwe album van Beth Gibbons heb ik deze nog eens vanonder het stof gehaald na vele jaren. Hoewel ik ondertussen beter snap hoe baanbrekend dit album was in de trip-hop beweging en waarom (m.n. de creativiteit in het opnemen en vervormen van eigen geluidsfragmenten), ben ik nog steeds niet verliefd op dit album. Daarvoor is de sound van dit trio op het merendeel van dit album voor mij wat te kil en afstandelijk, ondanks de doorleefde en emotionele vocale prestaties van mevrouw Gibbons. Ik snap de klassiekerstatus wel, maar hou het erop dat het niet helemaal mijn smaak is (en waarschijnlijk ook nooit zal worden). Daarom blijf ik steken op een respectabele 3,5 sterren.

Favoriete nummers zijn Glory Box, Roads en het wat meer traditionele en relatief opgewekte It's a Fire, waarop het orgeltje mij heel erg in Talk Talk-sferen brengt (altijd positief).

avatar van davevr
3,5
Van 5* album naar 3,5* gebracht. Dit is het minste Portishead album. Ooit draaide ik dit non stop, onder begeleiding van een dikke spliff, maar ik heb er al lang niet meer naar geluisterd. En als ik nu luister valt het mij op dat dit heel gedateerd klinkt. De productie is dof, het is gewoon niet zo goed. Het klinkt als Morcheeba of al die andere bands uit die exacte tijdsperiode. Dan klinkt de opvolger al een pak beter.

avatar van Minneapolis
5,0
davevr schreef:
Van 5* album naar 3,5* gebracht. Dit is het minste Portishead album. Ooit draaide ik dit non stop, onder begeleiding van een dikke spliff, maar ik heb er al lang niet meer naar geluisterd. En als ik nu luister valt het mij op dat dit heel gedateerd klinkt. De productie is dof, het is gewoon niet zo goed. Het klinkt als Morcheeba of al die andere bands uit die exacte tijdsperiode. Dan klinkt de opvolger al een pak beter.


Boeh...
Pak er nog een spliff bij zou ik zeggen. Typisch voor die tijd maakt het naar mijn bescheiden mening niet gedateerd. Er gebeurt zoveel op dit album. Voor al ook erg fijne sampeltjes. Maar ieder zijn ding uiteraard. Ik heb zo nooit aan Third kunnen wennen.

avatar van 4addcd
4,5
Geen idee wat de aanleiding was, maar de laatste tijd Third veel gedraaid. Dat album is voor mij best bevreemdend door de zang die soms over het randje is en de muzikale onvoorspelbaarheid. Je moet er naar kunnen en durven luisteren. Ben je eenmaal gegrepen, dan werkt het verslavend.
Dummy was in de 90’s echt 1 van mijn muzikale verslavingen samen met Massive Attack - Protection. Mijlplaten!! Vandaag sinds lange tijd Dummy weer eens opgezet. Wat is dat dan een stuk gemakkelijker/normaler dan Third. Absoluut geen doorsnee muziek, maar minder moeilijk dan hun derde. Het album pakte me meteen weer bij de strot. Nog steeds adembenemend met dezelfde pareltjes. Roads is voor mij een ultieme prachtige balad. Wat een prachtnummer! Voor mij heeft Dummy niets aan kracht verloren. Was een mijlplaat en blijft dit ook. Ik zet m nóg maar eens op.

avatar
4,5
davevr schreef:
Van 5* album naar 3,5* gebracht. Dit is het minste Portishead album. Ooit draaide ik dit non stop, onder begeleiding van een dikke spliff, maar ik heb er al lang niet meer naar geluisterd. En als ik nu luister valt het mij op dat dit heel gedateerd klinkt. De productie is dof, het is gewoon niet zo goed. Het klinkt als Morcheeba of al die andere bands uit die exacte tijdsperiode. Dan klinkt de opvolger al een pak beter.

Hoezo, de productie is dof?
Dit album (ik beluister de CD versie) klinkt fantastisch met een enorme dynamiek (luister bijvoorbeeld naar de opening van Sour Times), voldoende stereobeeld en mooie klankkleur. De composities zijn indrukwekkend en waren heel vernieuwend in 1994. Ze zijn m.i. nog steeds niet gedateerd en ik geniet nog regelmatig van dit meesterwerk.

avatar van davevr
3,5
Progfan2019 schreef:
(quote)

Hoezo, de productie is dof?
Dit album (ik beluister de CD versie) klinkt fantastisch met een enorme dynamiek (luister bijvoorbeeld naar de opening van Sour Times), voldoende stereobeeld en mooie klankkleur. De composities zijn indrukwekkend en waren heel vernieuwend in 1994. Ze zijn m.i. nog steeds niet gedateerd en ik geniet nog regelmatig van dit meesterwerk.


Elk zijn mening. Ik vind het gewoon zo een typisch klankgeluid, en toen was het inderdaad best vernieuwend, maar er zijn zo best wel wat albums uit die tijd met die klank. Denk maar aan Massive Attack, Tricky, Morcheeba, Bowie zijn Buddha. De hele Ninja Tune/ Mo Wax stal. De opvolger klinkt een stuk beter. Tighter, helderder, beter budget en gewoon ook echt betere nummers. Luister eens naar het verschil hoe de samples gebruikt worden in "It could be sweet" en "All mine". Nu, het blijft een kwestie van smaak.

(Ik ben ook echt geen fan van dat gescratch.)

avatar van Slowgaze
4,5
davevr schreef:
Elk zijn mening. Ik vind het gewoon zo een typisch klankgeluid, en toen was het inderdaad best vernieuwend, maar er zijn zo best wel wat albums uit die tijd met die klank. Denk maar aan Massive Attack, Tricky, Morcheeba, Bowie zijn Buddha. De hele Ninja Tune/ Mo Wax stal. De opvolger klinkt een stuk beter. Tighter, helderder, beter budget en gewoon ook echt betere nummers. Luister eens naar het verschil hoe de samples gebruikt worden in "It could be sweet" en "All mine". Nu, het blijft een kwestie van smaak.

(Ik ben ook echt geen fan van dat gescratch.)

Scratches zijn vet. Verder: redelijk eens. De productie is zo ontzettend jaren negentig, waar ik zelf wel een licht zwak voor heb, maar de titelloze klinkt stukken tijdlozer.

avatar van deric raven
5,0
geplaatst:
Dat het hele Bristol triphop gebeuren in elkaar verweven zit, is een algemeen bekend gegeven. Vanuit die The Wild Bunch ideologie werkt Massive Attack in 1990 in de Coach House studio aan hun eersteling Blue Lines. Geoff Barrow assisteert Massive Attack tijdens het opnameproces van hun debuutplaat en krijgt vervolgens alle ruimte om in de overige tijd met zijn eigen ideeën te stoeien en te experimenteren. Toch ontbreekt er iets aan zijn samplesound. Daar komt verandering in als Geoff Barrow tijdens een door de conservatieve regering opgezette cursus die jongelingen helpt een om een eigen bedrijf op te zetten, singer-songwriter Beth Gibbons ontmoet. Deze samenwerking maakt de muziek levendiger en als vervolgens ook nog jazz gitarist Adrian Utley zich met dit proces bemoeit, is het retro soundtrack geluid van Portishead een feit.

Portishead noemt zich naar de aan de haven gelegen sombere grijze voorstad van Bristol. Dummy straalt in alle opzichten een triestheid uit die zich met de gelijktijdige actieve grunge scene uit Seattle kan meten. Dit werkt absoluut in het voordeel van Portishead. Voeg daarbij het beginnende succes van Massive Attack die ondertussen aan hun Protection opvolger werkt en protegee Tricky die de eerste stappen in zijn solocarrière zet. Je kan gerust concluderen dat Portishead de juiste band op het juiste moment is. Met enkel alleen dit gegeven kom je er niet. Bij de chemie tussen dit drietal komt hun talent het beste tot bloei. De dramatische doorrookte stem van Beth Gibbons maakt dus niet alleen het grote verschil, al is deze tengere persoonlijkheid zeker wel de blikvanger van Portishead.

De eerste Numb single wordt door het publiek nog totaal genegeerd, al pakt de serieuze muziekpers deze track wel op. De spookachtige kinderlijke vocalen van Beth Gibbons laten zich nog niet goed plaatsen en voelen wat gekunsteld ongemakkelijk aan. Het is een cineastische theatervoorstelling zonder helder beeld, slechts testbeeld, en vergt veel inbeeldingsvermogen. De track komt dan ook veel beter in het totaalplaatje van Dummy tot zijn recht. Numb is een illustratieve track over eenzaamheid. Beth Gibbons creëert haar eigen afgesloten wereldje waarin ze verdwaald en afzwakt. De afstompende beats en holle percussie symboliseren de muren die op haar afkomen, en haar pogingen om uit haar beangstigende fantasieën te ontsnappen.

Dan komt het gemeende Sour Times veel harder binnen. Haar getergde voordracht snijdt door de ziel heen en treft je midden in het hart. Toch heeft Portishead het aansluitende succes van Glory Box nodig om in de herkansing van de Sour Times release de rest van deze planeet te veroveren. De spannende zomerse warmte van Sour Times is formeel van het melodramatische Danube Incident van het Lalo Schifrin orkest afgeleid. Een filmische track die op het Mission: Impossible thema voortborduurt. Portishead hergebruikt deze spanning om die ziekelijke bijna maniakale hang naar liefde van Beth Gibbons een plek te geven. Het is dan wel een aarde duistere plek. De overstuurde Airbus Reconstruction remix van Sour Times ademt nog meer dat nerveuse beklemmende stalker gevoel uit. Beth Gibbons zoekt als een femme fatale haar prooi op, om deze vocaal te betoveren en vervolgens als een zwarte weduwe leeg te zuigen.

De echte doorbraak komt er dus met het avondzwoele jazzy Glory Box. Daarin zit exact dezelfde Ike’s Rap II sampler van Isaac Hayes verwerkt die later ook in Hell’s Around The Corner van Tricky passeert. Beth Gibbons roept verschillende schizofrene typetjes stemmetjes op die diep binnen in haar een bestaan hebben. Dan weer meisjesachtig, dan weer emotioneel, moederlijk, gebroken en verloren. Toch ligt een groot gedeelte van de kracht bij die huilende, bijna krijsende bluesrock uithalen van Adrian Utley. Je vergeet bijna dat het vervolgens wonderkind Geoff Barrow is, die deze filmische spanning in de juiste banen leidt.

Beth Gibbons speelt in Glory Box met haar vrouwelijkheid. Ze zet zichzelf als een psychisch gestoorde verleidster, een veroveraar neer. Gedurende de song ontdek je dat die wereld juist een surrealistisch beeld schept. Ze hunkert naar liefde, maar haar schuchtere persoonlijkheid cijfert haar juist weg. Het chillende Glory Box heeft een griezelig afterparty verloop. Na de controleerde woorden in de eerste passage, raakt ze volledig de grip kwijt, en komt het kwaadachtige onderliggende karakter steeds verder op de voorgrond. Glory Box is een liefdesliedje, geen fijn liefdesliedje, maar wel een goed liefdesliedje.

We leren dus in deze drie nummers de prille onzekere jazzdiva Beth Gibbons best goed kennen, waardoor de overige Dummy tracks direct al zo vertrouwd aanvoelen. Albumopener Mysterons is zo vies en plakkerig als uitgespuugd kauwgom en heeft een eng nostalgisch sciencefiction detective sfeertje. Mysterons is dan ook letterlijk van de vintage Thunderbirds en Captain Scarlet and the Mysterons poppenseries afgeleid. Het is de verdienste van componist Barry Gray die met zijn orkest een soort van naargeestig fictief hoorspel sfeertje oproept, waar Geoff Barrow gretig gebruik van maakt. Die soberheid schept uiteraard ook het beeld van een verlaten nachtelijke havenstad. Niet alleen introduceert Portishead hiermee zichzelf, het creëert tevens een donker aanzien op de geboortegrond van hun roots en de uitzichtloze positie van deze woonplek.

Het Zuid Amerikaans zomer jazzy Strangers plaatst Weather Reports saxofonist Wayne Shorter in het spotlicht. Portishead misbruikt samplers niet, het is een respectvolle wijze van persoonlijke helden eren. Perfectie valt niet te overtreffen, maar stelt zich hier nu in bruikleen op. Strangers is net zo slordig geïmproviseerd als de door drugs beïnvloeden jamsessies van befaamde jazzartiesten. Genialiteit bezit je en is niet een aan te leren kunstje. Net als bij dit soort freeflow spontaniteit, moet je het dus enkel laten gebeuren. Strangers is tevens nietig. Beth Gibbons maakt zich klein in een onderdanige minnaarspositie, al groeit ze absoluut in haar attitude en voordracht.

Het kan bijna niet anders dat de It Could Be Sweet beginselen in de Coach House studio onder supervisie van Massive Attack ontstaat. It Could Be Sweet blijkt dus ook de eerste voltooide Dummy albumtrack te zijn. Hoe fijn moet het voor Beth Gibbons aanvoelen, dat er al een vleesloos geraamte staat, welke de zangeres met haar soulvolle benadering volledig mag aankleden, kneden tot iets vertrouwds eigens. Hoe prettig moet dat voor haar aanvoelen dat de eerder geschreven songtekst hier die geschikte omlijsting toegediend krijgt.

In Wandering Star krijgen de scratch technieken van Geoff Barrow een prominente rol. Het stoort voor geen moment hoe hij de mondharmonica door de mangel neemt. Niet dat hij hier nou zo meesterlijk in is, het geeft dit broeierige Wandering Star wel de tijd om te ademen. Het donkere aspect overheerst en dat Beth Gibbons zichzelf als enige lichtpuntje in de duisternis neerzet, werkt daar in het voordeel. Uiteindelijk slokt die duisternis haar wel op.

Vervolgens trakteert Beth Gibbons de luisteraar op de bevalling van het semi opbeurende It's A Fire. Een warme sleutelsong die niet op elke oorspronkelijke Dummy vinyluitgave te horen is. De Hammond orgel partijen van Gary Baldwin zijn van een onmiskenbare waarde, helaas wordt zijn aandeel slechts tot It's A Fire beperkt. Geoff Barrow maakt hoe dan ook spaarzaam van gastmuzikanten gebruik.

Roads is een kruispunt met doodlopende straten, nieuwe aangelegde wegen, achteraf steegjes en schemerige zijpaden. Daar worden noodgedwongen keuzes voorgelegd, die zeker vaak niet de meest juiste, maar op dat moment absoluut de meest schappelijke zijn. Er woedt een oorlog diep van binnen, die voor de buitenwereld verborgen blijft. Beth Gibbons verzuipt hier in deze onmacht en komt niet meer boven. Het wrange daarvan is het misschien wel dat het haar leefomgeving amper opvalt. Het Beth Gibbons boek dreigt zich ongeopend te sluiten. Geoff Barrow wringt deze met de nodige hulpattributen open. Dat Beth Gibbons tijdens interviews over Roads zwijgzaam opstelt, zegt meer dan genoeg.

In de dromerige kale puurheid van Pedestal domineert trompettist Andy Hague. Het brengt Geoff Barrow naar de barre omstandigheden terug, dat hij als straatmuzikant in de straten van Bristol met moeite kan overleven, en met een misvormde basgitaar wat geld bij elkaar schraapt. Dat dit geïmproviseerde fretloze instrument een aantal jaren later nog zo’n prominente rol op Pedestral vervult, maakt de cirkel niet alleen rond maar ook zo passend rond.

Biscuit ontleed het prettige zomerse Johnnie Ray I'll Never Fall In Love Again bubblegum nummer tot een vertraagde lugubere spookstad gangster tripgoth sound. Het wereldse verval staat hierbij gelijk aan die fragiele gemoedstoestand van de zangeres die moedig besluit om definitief de liefde af te zweren.

Nee, Dummy is geen vrolijke plaat; het is de zoete smaak van bloed in de mond als je per ongeluk de binnenkant van je wang kapot bijt. Of voor de ouderen onder ons, de nabloeding van een scheurend sigarettenvloeitje als deze aan je lip blijft plakken. Ik denk zelfs dat deze laatste vergelijking het meest treffende is, want daar komt het doorrookte van Beth Gibbons ook het beste tot zijn recht. Het Dummy film noir resultaat is een ouderwetse sepia nicotinegeur album, die je juist het beste op een onzuivere krakende platenspeler kan afspelen.

avatar

Gast
geplaatst: vandaag om 20:36 uur

avatar

geplaatst: vandaag om 20:36 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.

Let op! Je gebruikersnaam is voor iedereen zichtbaar, en kun je later niet meer aanpassen.

* denotes required fields.