Het credo ‘Do It Yourself’ had ook zijn weerslag op de vrouwen in de eerste punkgolf. De eersten die de aandacht trokken waren de Amerikaansen Patti Smith in 1975 en Deborah Harry in 1976. Er waren meer dames, zij het minder zichtbaar voor een piepjonge Nederlandse tiener als ik. In het Engeland van 1976 bassiste Gaye Advert van The Adverts, Poly Styrene van X-Ray Spex en vrouwenband The Slits; dit laatste trio zou pas in 1979 debuteren. Wel zichtbaar was dat vanuit Oost-Duitsland Nina Hagen aanwaaide.
En dan is daar Siouxsie Sioux. Ze kende een tumultueuze jeugd, waarover een film valt te maken. In 1976 treedt ze met Steven Severin toe tot de ‘Bromley Contingent’, een vriendengroep die de Sex Pistols op de voet volgt. Als ze in december dat jaar, 19 lentes jong, als lid van hun entourage tijdens een tv-show in aanvaring komt met de presentator (
hier de beelden,
daar de context) en de Daily Mail haar op de voorpagina zet, trekt ze zich terug en besluit zelf een band te beginnen met Severin. Ze blijkt een enorme podiumverschijning en hun livereputatie snelt hen vooruit.
In augustus 1978 verschijnt non-albumsingle
Hong Kong Garden, geïnspireerd door frequent intimiderend bezoek van neonazi’s aan een gelijknamige Chinese take-away. De ode aan het eethuisje haalt in het VK in september #7 en zet de groep meteen bij een breder publiek op de kaart, zoals op tv bij het programma
Revolver. Het is tevens de eerste hitsingle voor producer Steve Lillywhite, vertelde hij onlangs
aan Oor.
Eind november komt debuutelpee
The Scream uit, vervolgens haalt non-albumsingle
The Staircase (Mystery) in april ’79 #24. In september haalt een heropname van
Mittageisen #47.
John McKay is gitarist en saxofonist, Steven Severin bassist en Kenny Morris slagwerker. Duidelijk is dat de vier meer nummers op de setlist hadden dan er op
The Scream staan. Overigens verschenen in de Verenigde Staten en Spanje prompt wél versies van het album met
Hong Kong Garden erop, maar pas met de cd-uitgave
van 2006 is dat standaard.
Opener
Pure blijkt een verstilde prelude naar het dreunende
Jigsaw Feeling. Repetitieve drumpatronen, dansende gitaren, hoge baslijnen en bezwerende zang worden gevolgd door het lichtere
Overground. Het punkachtige
Carcass met zijn typische Siouxsiezanglijnen en een eigenwijze cover van The Beatles’
Helter Skelter maken de eerste plaatkant af.
Kant 2 start ijzersterk met Siouxsies tweestemmige zang in
Mirage, waarna
Metal Postcard (Mittageisen) komt, geïnspireerd door fotografiekunstenaar Helmut Herzfeld. Deze werd bekend als
John Heartfield met onder andere antinazikunst.
Het uptempo
Nicotine Stain klinkt dan weer als (post)punk, waarna de kalmere nummers
Suburban Relapse en
Switch de plaat ietwat laten doodbloeden, al kan ik me voorstellen dat menigeen de sferige nummers beter smaakt.
Al met al een heel sterk debuut met een eigen, herkenbaar geluid. Het piekt in het Verenigd Koninkrijk in de debuutweek meteen op #12. Een eigen geluid met composities van alle vier de bandleden en teksten van Severin en Sioux. De pers noemde het postpunk of new wave, termen die door elkaar werden gebruikt. Ze dekken hoorbaar de lading: soms scheurende gitaren en felle drumpartijen, andere keren sferisch en mystiek.
Op reis door de albums achter mijn muziek met new wave kwam hier vanaf de tweede elpee van eveneens Londenaren
The Vibrators. Nu terug naar 1977 naar een andere groep met connecties met de Bromley Contigent:
Generation X.