Muziek / Toplijsten en favorieten / Lukas' Twinkelende 1250
zoeken in:
0
geplaatst: 1 januari 2013, 02:11 uur
Ik moet nog een beetje wennen, geloof ik. Als jullie maar niet denken dat ik te veel gedronken heb.
0
geplaatst: 1 januari 2013, 12:47 uur
60 The Avalanches - Frontier Psychiatrist || 2000
Als Paranoid Android het Bohemian Rhapsody van de alternatieve rock is, kun je Frontier Psychiatrist wel het Rock Lobster van het sampletijdperk noemen. Een werkelijk geniale collage van de meest vreemde geluiden en teksten, die toch samen ook nog eens een onweerstaanbaar liedje vormt. Popmuziek op zijn wazigst.
59 Tindersticks - Jism || 1993
De Tindersticks hoor ik toch het liefst op hun debuutplaat. Het aparte stemgeluid van Stuart Staples maakt dit tot een band met een geheel eigen geluid. Soms is me dat iets te neuzelig(?) en gaan de songs te veel op elkaar lijken. Jism is echter zo'n nummer waarop je eindeloos kan variëren en dat ook bijna iedere artiest op zijn manier zou kunnen uitvoeren, maar dat altijd overeind blijft. The Mercy Seat vind ik dat bijvoorbeeld ook hebben.
58 Tom Waits - Poor Edward || 2002
Tom Waits is sinds de jaren tachtig wat mij betreft nooit meer zó in vorm geweest als op Alice. De eerste helft van die plaat vind ik zelfs het beste dat de man heeft voortgebracht. Dezelfde afwisseling van bloedstollende ballads en stuiterende polka's als in zijn beste dagen, maar allemaal nog net iets donkerder en doorleefder dan ooit. Poor Edward is te surrealistisch om te huilen, maar toch zo intens zielig.
57 Prefab Sprout - Jesse James Symphony/Bolero || 1990
Jordan: the Comeback van Prefab Sprout is zo'n mierzoete plaat dat de nummers naadloos op knuffelpop-cd's en Sky Radio zouden passen. Maar daar zouden ze dan wel opvallen door een onovertroffen ambachtelijkheid. De blue eyed soul van Paddy McAloon steekt uiteindelijk ook zo vernuftig in elkaar dat er onder die suikerstrooplaag genoeg te ontdekken blijft. Dit tweeluik is het absolute hoogtepunt in het Prefab Sproutoeuvre, wat mij betreft.
56 Oneida - People of the North || 2001
Een van de meest miskende meesterwerken uit deze tophonderd: hij staat maar met moeite één keer op Youtube. Oneida is een psychedelische rockband die zich met de ambitieuze dubbelaar Rated O (2009) een cultstatus heeft verworven. Nog beter vind ik echter het wat lichtvoetiger klinkende Anthem of the Moon, waarop People of the North het hoogtepunt is. Dat nummer staat ook op het bekendere Each One Teach One, maar daar in een veel mindere versie.
55 Mercury Rev - Opus 40 || 1998
Iets lager in deze tophonderd stond al de geluidstrip Sweet Oddysee of a Cancer Cell, maar zoals daar al geschreven is Mercury Rev een band met twee gezichten. Opus 40 komt van ná de switch van noiserock naar dreampop, met Jonathan Donahue als nieuwe zanger. Goddess on a Hiway was lang mijn favoriet van Deserter's Songs, maar uiteindelijk is die toch voorbijgestoken door het instrumentaal wat spannendere Opus 40.
54 A Flock of Seagulls - Messages || 1982
Een band die helaas te vaak wordt afgerekend op de nogal potsierlijke kapsels. A Flock of Seagulls heeft daardoor een wat fout imago; de muziek geeft daar verder weinig aanleiding toe. Het debuut behoort tot de eredivisie van de new wave, bijna elk nummer is een potentieel jaren-80-anthem. Het bekende I Ran is mooi, maar mijn voorkeur gaat toch uit naar de vernuftige gitaarlijntjes van Modern Love Is Automatic en Messages. Let trouwens op welke versie je beluistert: er is ook een spuuglelijke opname van de plaat in omloop. Dit filmpje is de goede mix.
53 Elvis Costello & The Attractions - (I Don't Want to Go to) Chelsea || 1978
Hoog in de tophonderd briljante intro's. Elvis Costello heb ik lang links laten liggen, maar vorig jaar viel dan toch eens het kwartje bij de stekelige pop van This Year's Model en Armed Forces. De combinatie singer/songwriter en new wave/postpunk is sowieso wel flink gestegen in deze lijst, want ook Billy Bragg, Robyn Hitchcock en Julian Cope hebben bijvoorbeeld goede zaken gedaan.
52 Shearwater - Rooks || 2008
Met Shearwater gaan we weer op de toer van de warmbloedige Amerikaanse indiefolkrock. Dat genre kent zijn hoogtepunten vaak in verstilde, lang uitgesponnen nummers, maar past soms ook in een prachtig liedje van een minuut of drie. Aan Rooks klopt alles. Het pakkende intro, de emotievolle zang, vervolgens het trompetje en dan weer de emotievolle zang, maar dan een octaaf hoger. Staat eigenlijk te laag, maar dat zeg ik nu bij elk nummer
.
51 Violent Femmes - Add It Up || 1982
Violent Femmes is toch wel een van de bands die de missing link vormt tussen de punk en de indierock. De do-it-yourselfmentaliteit spat ervan af: de Femmes begonnen hun carrière ooit als straatmuzikanten. Dat is in de rammelende, maar virtuoze gitaar- en (vooral) basgitaarsound ook nog goed terug te horen. Luister maar eens hoe weergaloos Add It Up na het a capella-intro wegversnelt.
Als Paranoid Android het Bohemian Rhapsody van de alternatieve rock is, kun je Frontier Psychiatrist wel het Rock Lobster van het sampletijdperk noemen. Een werkelijk geniale collage van de meest vreemde geluiden en teksten, die toch samen ook nog eens een onweerstaanbaar liedje vormt. Popmuziek op zijn wazigst.
59 Tindersticks - Jism || 1993
De Tindersticks hoor ik toch het liefst op hun debuutplaat. Het aparte stemgeluid van Stuart Staples maakt dit tot een band met een geheel eigen geluid. Soms is me dat iets te neuzelig(?) en gaan de songs te veel op elkaar lijken. Jism is echter zo'n nummer waarop je eindeloos kan variëren en dat ook bijna iedere artiest op zijn manier zou kunnen uitvoeren, maar dat altijd overeind blijft. The Mercy Seat vind ik dat bijvoorbeeld ook hebben.
58 Tom Waits - Poor Edward || 2002
Tom Waits is sinds de jaren tachtig wat mij betreft nooit meer zó in vorm geweest als op Alice. De eerste helft van die plaat vind ik zelfs het beste dat de man heeft voortgebracht. Dezelfde afwisseling van bloedstollende ballads en stuiterende polka's als in zijn beste dagen, maar allemaal nog net iets donkerder en doorleefder dan ooit. Poor Edward is te surrealistisch om te huilen, maar toch zo intens zielig.
57 Prefab Sprout - Jesse James Symphony/Bolero || 1990
Jordan: the Comeback van Prefab Sprout is zo'n mierzoete plaat dat de nummers naadloos op knuffelpop-cd's en Sky Radio zouden passen. Maar daar zouden ze dan wel opvallen door een onovertroffen ambachtelijkheid. De blue eyed soul van Paddy McAloon steekt uiteindelijk ook zo vernuftig in elkaar dat er onder die suikerstrooplaag genoeg te ontdekken blijft. Dit tweeluik is het absolute hoogtepunt in het Prefab Sproutoeuvre, wat mij betreft.
56 Oneida - People of the North || 2001
Een van de meest miskende meesterwerken uit deze tophonderd: hij staat maar met moeite één keer op Youtube. Oneida is een psychedelische rockband die zich met de ambitieuze dubbelaar Rated O (2009) een cultstatus heeft verworven. Nog beter vind ik echter het wat lichtvoetiger klinkende Anthem of the Moon, waarop People of the North het hoogtepunt is. Dat nummer staat ook op het bekendere Each One Teach One, maar daar in een veel mindere versie.
55 Mercury Rev - Opus 40 || 1998
Iets lager in deze tophonderd stond al de geluidstrip Sweet Oddysee of a Cancer Cell, maar zoals daar al geschreven is Mercury Rev een band met twee gezichten. Opus 40 komt van ná de switch van noiserock naar dreampop, met Jonathan Donahue als nieuwe zanger. Goddess on a Hiway was lang mijn favoriet van Deserter's Songs, maar uiteindelijk is die toch voorbijgestoken door het instrumentaal wat spannendere Opus 40.
54 A Flock of Seagulls - Messages || 1982
Een band die helaas te vaak wordt afgerekend op de nogal potsierlijke kapsels. A Flock of Seagulls heeft daardoor een wat fout imago; de muziek geeft daar verder weinig aanleiding toe. Het debuut behoort tot de eredivisie van de new wave, bijna elk nummer is een potentieel jaren-80-anthem. Het bekende I Ran is mooi, maar mijn voorkeur gaat toch uit naar de vernuftige gitaarlijntjes van Modern Love Is Automatic en Messages. Let trouwens op welke versie je beluistert: er is ook een spuuglelijke opname van de plaat in omloop. Dit filmpje is de goede mix.
53 Elvis Costello & The Attractions - (I Don't Want to Go to) Chelsea || 1978
Hoog in de tophonderd briljante intro's. Elvis Costello heb ik lang links laten liggen, maar vorig jaar viel dan toch eens het kwartje bij de stekelige pop van This Year's Model en Armed Forces. De combinatie singer/songwriter en new wave/postpunk is sowieso wel flink gestegen in deze lijst, want ook Billy Bragg, Robyn Hitchcock en Julian Cope hebben bijvoorbeeld goede zaken gedaan.
52 Shearwater - Rooks || 2008
Met Shearwater gaan we weer op de toer van de warmbloedige Amerikaanse indiefolkrock. Dat genre kent zijn hoogtepunten vaak in verstilde, lang uitgesponnen nummers, maar past soms ook in een prachtig liedje van een minuut of drie. Aan Rooks klopt alles. Het pakkende intro, de emotievolle zang, vervolgens het trompetje en dan weer de emotievolle zang, maar dan een octaaf hoger. Staat eigenlijk te laag, maar dat zeg ik nu bij elk nummer
.51 Violent Femmes - Add It Up || 1982
Violent Femmes is toch wel een van de bands die de missing link vormt tussen de punk en de indierock. De do-it-yourselfmentaliteit spat ervan af: de Femmes begonnen hun carrière ooit als straatmuzikanten. Dat is in de rammelende, maar virtuoze gitaar- en (vooral) basgitaarsound ook nog goed terug te horen. Luister maar eens hoe weergaloos Add It Up na het a capella-intro wegversnelt.
0
geplaatst: 1 januari 2013, 15:42 uur
50 The Shins - Saint Simon || 2003
The Shins zijn in de 21ste eeuw toch zeker de ongekroonde koningen van het popliedje. De meest recente plaat was nogal flets, maar de eerste drie albums staan vol met onweerstaanbare melodieën. Hoe kan het eigenlijk dat een band met zo enorm veel hitpotentie nooit een hit scoort in Nederland?
49 Tim Buckley - Phantasmagoria in Two || 1967
Tim Buckley wordt geroemd om zijn prachtige stemgeluid, waarmee hij met name op de latere (meer jazzy) platen naar mijn smaak wat al te veel koketteert. Ik hoor hem liever op Goodbye and Hello, waar hij iets conventioneler klinkt. Waar velen daar voor Once I Was gaan, heb ik een sterke voorkeur voor de prachtige melodie van Phantasmagoria in Two. De live-versie is wat mij betreft trouwens nog beter, dus die hoort u hier.
48 16 Horsepower - Black Soul Choir || 1996
Een nummer dat al jaren hoog in al mijn lijstjes bivakkeert. De dreigende prairierock van David Eugene Edwards klinkt nergens zo intens als op het debuut van 16 Horsepower. Niet voor niets komen de twee hoogste noteringen in deze lijst van Sackcloth 'n' Ashes. De banjoriff tilt dit nummer daarbij nog net even boven de rest uit.
47 The dB's - A Spy in the House of Love || 1984
Een echt consistente plaat hebben The dB's nooit afgeleverd, maar de band was dan weer wel goed voor een aantal onweerstaanbare janglepopnummers. A Spy in the House of Love is zo'n nummer waarvan ik niet kan begrijpen dat bijna niemand het kent. Dit had net zo goed een van de absolute klassiekers van de jaren tachtig kunnen zijn. In het alternatieve circuit, maar zelfs ook in de mainstream. Misschien kan ik het nummer hier alsnog een zetje in de rug geven. Stemt u in de ladder allen op The dB's!
46 Cocteau Twins - Frou-Frou Foxes in Midsummer Fires || 1990
De twaalfde en hoogste notering van de Cocteau Twins, na REM de meest genoteerde artiest in deze lijst. Na een aantal behoorlijk zweverige platen leken de Twins met Heaven or Las Vegas weer een beetje op aarde geland. In een opperbest humeur overigens, want de plaat straalt veel vrolijkheid uit. Het slotnummer is met - ze hebben er patent op - een fantastisch repeterend einde een absoluut hoogtepunt in het oeuvre.
45 Morphine - The Saddest Song || 1992
Met zijn saxofoonblues-met-jazzbezetting gaat Morphine soms behoorlijk los, maar het mooist vind ik toch de ingetogen popliedjes. De sonore zang, de nadrukkelijk aanwezige bas en de lage saxofoon geven plaatsen zo'n popliedje namelijk weer in een volstrekt unieke context. Dit is er weer eentje: uit duizenden herkenbaar...
44 Depeche Mode - Everything Counts || 1983
The Grabbing hands, grab all they can... Dertig jaar oud, maar de tekst is in deze economische crisis actueler dan ooit. Helaas kon ik de versie (volgens mij de originele) niet vinden waarbij 'the handshake' na elke zin in het eerste refrein herhaald wordt. Die maakt het nummer nog net iets indringender dan het al is.
43 June of 44 - The Dexterity of Luck || 1998
Men neme een mysterieuze, wat Indisch aandoende riff. Laat die als een sneeuwbal die van een berg rolt steeds meer vaart krijgen en nieuwe elementen meesleuren op weg naar beneden. Om vervolgens langzaam weer tot stiltand te komen in een verlaten dennenbos. Zo klinkt ongeveer The Dexterity of Luck. Mathrock om heel blij van te worden
42 Yello - Desire || 1985
Volgens mij heb ik het hier al eens geschreven, maar ik doe het gewoon nog een keer. Mijn collega, jaren muziekjournalist geweest, vertelde ooit dat hijde twee heren van Yello interviewde. Boris Blank deed toen uit de doeken dat hij begin jaren tachtig ergens op een tegel had geschreven dat hij daar in 1994 vijf minuten zou gaan staan. En, zoals het echte Zwitsers betaamt, deed hij dat. Dit alles tekent zowel de absurditeit, kunstzinnigheid als Zwitserse precisie van de muziek van Yello.
41 Built to Spill - I Would Hurt a Fly || 1997
Waar ik bij veel favoriete bands ook een duidelijk favoriet nummer heb, is dat bij Built to Spill niet het geval. Op deze plaats hadden eigenlijk net zo goed wat lager genoteerde nummers als Traces, I Would Hurt a Fly, Carry the Zero of Kicked It in the Sun kunnen staan. Min of meer symbolisch is wel dat dit nummer van Perfect from Now On komt. Uiteindelijk is dát - ondanks hun eerder beschreven prachtige andere platen - het album waarop álles klopt.
The Shins zijn in de 21ste eeuw toch zeker de ongekroonde koningen van het popliedje. De meest recente plaat was nogal flets, maar de eerste drie albums staan vol met onweerstaanbare melodieën. Hoe kan het eigenlijk dat een band met zo enorm veel hitpotentie nooit een hit scoort in Nederland?
49 Tim Buckley - Phantasmagoria in Two || 1967
Tim Buckley wordt geroemd om zijn prachtige stemgeluid, waarmee hij met name op de latere (meer jazzy) platen naar mijn smaak wat al te veel koketteert. Ik hoor hem liever op Goodbye and Hello, waar hij iets conventioneler klinkt. Waar velen daar voor Once I Was gaan, heb ik een sterke voorkeur voor de prachtige melodie van Phantasmagoria in Two. De live-versie is wat mij betreft trouwens nog beter, dus die hoort u hier.
48 16 Horsepower - Black Soul Choir || 1996
Een nummer dat al jaren hoog in al mijn lijstjes bivakkeert. De dreigende prairierock van David Eugene Edwards klinkt nergens zo intens als op het debuut van 16 Horsepower. Niet voor niets komen de twee hoogste noteringen in deze lijst van Sackcloth 'n' Ashes. De banjoriff tilt dit nummer daarbij nog net even boven de rest uit.
47 The dB's - A Spy in the House of Love || 1984
Een echt consistente plaat hebben The dB's nooit afgeleverd, maar de band was dan weer wel goed voor een aantal onweerstaanbare janglepopnummers. A Spy in the House of Love is zo'n nummer waarvan ik niet kan begrijpen dat bijna niemand het kent. Dit had net zo goed een van de absolute klassiekers van de jaren tachtig kunnen zijn. In het alternatieve circuit, maar zelfs ook in de mainstream. Misschien kan ik het nummer hier alsnog een zetje in de rug geven. Stemt u in de ladder allen op The dB's!
46 Cocteau Twins - Frou-Frou Foxes in Midsummer Fires || 1990
De twaalfde en hoogste notering van de Cocteau Twins, na REM de meest genoteerde artiest in deze lijst. Na een aantal behoorlijk zweverige platen leken de Twins met Heaven or Las Vegas weer een beetje op aarde geland. In een opperbest humeur overigens, want de plaat straalt veel vrolijkheid uit. Het slotnummer is met - ze hebben er patent op - een fantastisch repeterend einde een absoluut hoogtepunt in het oeuvre.
45 Morphine - The Saddest Song || 1992
Met zijn saxofoonblues-met-jazzbezetting gaat Morphine soms behoorlijk los, maar het mooist vind ik toch de ingetogen popliedjes. De sonore zang, de nadrukkelijk aanwezige bas en de lage saxofoon geven plaatsen zo'n popliedje namelijk weer in een volstrekt unieke context. Dit is er weer eentje: uit duizenden herkenbaar...
44 Depeche Mode - Everything Counts || 1983
The Grabbing hands, grab all they can... Dertig jaar oud, maar de tekst is in deze economische crisis actueler dan ooit. Helaas kon ik de versie (volgens mij de originele) niet vinden waarbij 'the handshake' na elke zin in het eerste refrein herhaald wordt. Die maakt het nummer nog net iets indringender dan het al is.
43 June of 44 - The Dexterity of Luck || 1998
Men neme een mysterieuze, wat Indisch aandoende riff. Laat die als een sneeuwbal die van een berg rolt steeds meer vaart krijgen en nieuwe elementen meesleuren op weg naar beneden. Om vervolgens langzaam weer tot stiltand te komen in een verlaten dennenbos. Zo klinkt ongeveer The Dexterity of Luck. Mathrock om heel blij van te worden
42 Yello - Desire || 1985
Volgens mij heb ik het hier al eens geschreven, maar ik doe het gewoon nog een keer. Mijn collega, jaren muziekjournalist geweest, vertelde ooit dat hijde twee heren van Yello interviewde. Boris Blank deed toen uit de doeken dat hij begin jaren tachtig ergens op een tegel had geschreven dat hij daar in 1994 vijf minuten zou gaan staan. En, zoals het echte Zwitsers betaamt, deed hij dat. Dit alles tekent zowel de absurditeit, kunstzinnigheid als Zwitserse precisie van de muziek van Yello.
41 Built to Spill - I Would Hurt a Fly || 1997
Waar ik bij veel favoriete bands ook een duidelijk favoriet nummer heb, is dat bij Built to Spill niet het geval. Op deze plaats hadden eigenlijk net zo goed wat lager genoteerde nummers als Traces, I Would Hurt a Fly, Carry the Zero of Kicked It in the Sun kunnen staan. Min of meer symbolisch is wel dat dit nummer van Perfect from Now On komt. Uiteindelijk is dát - ondanks hun eerder beschreven prachtige andere platen - het album waarop álles klopt.
0
geplaatst: 1 januari 2013, 15:49 uur
Built to Spill kan ik soms wel waarderen en datzelfde kan ik zeggen over 16 Horsepower alleen moet ik dan "Built to Spill" in mijn zin vervangen voor "16 Horsepower", anders slaat het nergens op.
Hopelijk ontdek ik nog wat toffe dingen in de top 40. Eerder kennisgemaakt met múm en de Finse Madlib. En dat beviel erg goed.
Hopelijk ontdek ik nog wat toffe dingen in de top 40. Eerder kennisgemaakt met múm en de Finse Madlib. En dat beviel erg goed.
0
geplaatst: 2 januari 2013, 00:41 uur
40 Espers - Flaming Telepaths || 2005
Met afstand mijn favoriete cover aller tijden. De folkband Espers plaatst Flaming Telepaths van hardrockband Blue Öyster Cult in een heel andere dimensie. Alle elementen die het origineel goed maken - ik noem een heerlijk orgeltje - zijn daarbij nog altijd inbegrepen, maar dan beter. En daar komt nog extra bij een vijf minuten durende gitaarorgie als spetterend slot.
39 The Waterboys - The Pan Within || 1985
Chevy plaatste ooit een aardig linkje waarbij terug te zoeken was welke nummers er de afgelopen maanden op de radio gedraaid zijn. Leuk om te kijken, maar de moed zakt je al snel in de schoenen. Mijn bange vermoeden over The Waterboys werd in elk geval bevestigd. Nederland 'mag' van de zenderbazen blijkbaar alleen aan The Whole of the Moon worden blootgesteld. Dat is best wel zonde, want een nummer als The Pan Within heeft toch zeker de allure om het ook in een Top 2000 ver te kunnen schoppen. Maar ja...
38 Wire - Outdoor Miner || 1978
O, o, o, wat zijn de eerste drie albums van Wire toch geniaal. De minimalistische punk van het debuut Pink Flag klonk ook op de opvolger Chairs Missing nog door. Maar daarop zijn tevens al elementen terug te horen die de wat meer gotische kant van de postpunk bedienen. Maar bovenal strooit Wire over al die platen volop messcherpe popliedjes in de rondte. Outdoor Miner is er zo een.
37 Coil - Tattooed Man || 2005
Liefhebbers van vrolijke muziek zijn bij Coil niet echt aan het goede adres. Het werkterrein van de band strekt zich uit van industrial tot ambient tot (freak)folk, maar de rode draad is doorgaans naargeestigheid. Maar wel prachtige naargeestigheid. Het (postume, zanger John Balance overleed in 2004) album The Ape of Naples bevat een aantal nummers die voor Coils doen iets conventioneler zijn: eerder heel expliciete en theatrale pop, zeg maar 't straatje aERo. Tattooed Man (en ook Fire of the Mind) is daar een prachtig voorbeeld van.
36 New Order - True Faith || 1987
Met Blue Monday heb ik niet zo veel, met de iets latere singles van New Order des te meer. True Faith is van een ontwapenende lichtvoetigheid en lijkt daarmee zo'n beetje de jaren negentig aan te kondigen. Onweerstaanbaar refrein bovendien, dat eigenlijk verschrikkelijk simpel is, maar toch ook weer zó herkenbaar.
35 Slowdive - Spanish Air || 1991
Met het intro van Spanish Air van Slowdive word ik elke (werk)dag wakker. Dat bevalt me soms zo prima dat ik tot de laatste keer doorsnooze, wat dat betreft is Slayer misschien een betere keuze. Dat ik na twee jaar Slowdivewekker nog steeds geen gruwelijke hekel aan deze openingstrack van Just for a Day heb, zegt eigenlijk genoeg. Dan moet het wel een héél goed nummer zijn...
34 Pere Ubu - 30 Seconds over Tokyo || 1975
Dat postpunk een tamelijk relatieve term is, bewijst Pere Ubu. Veel meer postpunk dan 30 Seconds over Tokyo kan muziek niet klinken, maar de punk moest in 1975 nog komen. Ik heb dit in 2011 nog live mogen meemaken ook. Frontman David Thomas mag dan niet meer de jongste (en slankste) zijn, hij kan het nog steeds. Geniale gekte op het podium, en hij kon nog aardig moppen tappen ook.
33 Nina Simone - Sinnerman || 1965
Folk, rock, soul, jazz, reggae, funk... Uiteindelijk komen alle genres van de moderne lichte muziek ongeveer uit dezelfde roots voort. Dat hoor je bijna nergens zo goed terug als in Sinnerman van Nina Simone. Over het nummer is de afgelopen maanden in de ladder al veel gezegd. De eindnotering viel misschien ietwat tegen, maar het blijft een hele openbaring dat zo'n onconventioneel nummer de finale haalt, natuurlijk. Bij mij eindigt-ie een paar plekjes lager
.
32 Wipers - When It's Over || 1981
Typisch zo'n nummer dat je niet luistert, maar ondergaat. Mede daarom een van mijn favoriete hardloopnummers, want één grote adrenalinestoot. When It's Over van de Wipers is een bijna-instrumentale gitaarexplosie van een punkband die zijn hand niet omdraait voor lange, noisy nummers. Nirvana noemde ze als inspiratiebron, maar het gitaargeluid van Greg Sage is bij meer bands vanaf eind jaren tachtig terug te horen.
31 Alcest - Sur l'Autre Rive Je T'Attaindrai || 2007
Tot ik Alcest leerde kennen, wist ik niet dat de genres black metal en shoegaze verrassend dicht bijeen kunnen liggen. Ik hoorde shoegaze, het bleek een metalband te zijn, met een ingetogen en zalvend Frans zingende zangeres nog wel. Ik snap nog steeds niet helemaal hoe het zit, maar belangrijker is hoe het klinkt. Prachtige, zwaar aangezette gitaarmelodieën, met die bescheiden, maar zeer aanwezige zangpartijen. Echt waar, 't is net shoegaze, zeg ik u. Nou ja...
Met afstand mijn favoriete cover aller tijden. De folkband Espers plaatst Flaming Telepaths van hardrockband Blue Öyster Cult in een heel andere dimensie. Alle elementen die het origineel goed maken - ik noem een heerlijk orgeltje - zijn daarbij nog altijd inbegrepen, maar dan beter. En daar komt nog extra bij een vijf minuten durende gitaarorgie als spetterend slot.
39 The Waterboys - The Pan Within || 1985
Chevy plaatste ooit een aardig linkje waarbij terug te zoeken was welke nummers er de afgelopen maanden op de radio gedraaid zijn. Leuk om te kijken, maar de moed zakt je al snel in de schoenen. Mijn bange vermoeden over The Waterboys werd in elk geval bevestigd. Nederland 'mag' van de zenderbazen blijkbaar alleen aan The Whole of the Moon worden blootgesteld. Dat is best wel zonde, want een nummer als The Pan Within heeft toch zeker de allure om het ook in een Top 2000 ver te kunnen schoppen. Maar ja...
38 Wire - Outdoor Miner || 1978
O, o, o, wat zijn de eerste drie albums van Wire toch geniaal. De minimalistische punk van het debuut Pink Flag klonk ook op de opvolger Chairs Missing nog door. Maar daarop zijn tevens al elementen terug te horen die de wat meer gotische kant van de postpunk bedienen. Maar bovenal strooit Wire over al die platen volop messcherpe popliedjes in de rondte. Outdoor Miner is er zo een.
37 Coil - Tattooed Man || 2005
Liefhebbers van vrolijke muziek zijn bij Coil niet echt aan het goede adres. Het werkterrein van de band strekt zich uit van industrial tot ambient tot (freak)folk, maar de rode draad is doorgaans naargeestigheid. Maar wel prachtige naargeestigheid. Het (postume, zanger John Balance overleed in 2004) album The Ape of Naples bevat een aantal nummers die voor Coils doen iets conventioneler zijn: eerder heel expliciete en theatrale pop, zeg maar 't straatje aERo. Tattooed Man (en ook Fire of the Mind) is daar een prachtig voorbeeld van.
36 New Order - True Faith || 1987
Met Blue Monday heb ik niet zo veel, met de iets latere singles van New Order des te meer. True Faith is van een ontwapenende lichtvoetigheid en lijkt daarmee zo'n beetje de jaren negentig aan te kondigen. Onweerstaanbaar refrein bovendien, dat eigenlijk verschrikkelijk simpel is, maar toch ook weer zó herkenbaar.
35 Slowdive - Spanish Air || 1991
Met het intro van Spanish Air van Slowdive word ik elke (werk)dag wakker. Dat bevalt me soms zo prima dat ik tot de laatste keer doorsnooze, wat dat betreft is Slayer misschien een betere keuze. Dat ik na twee jaar Slowdivewekker nog steeds geen gruwelijke hekel aan deze openingstrack van Just for a Day heb, zegt eigenlijk genoeg. Dan moet het wel een héél goed nummer zijn...
34 Pere Ubu - 30 Seconds over Tokyo || 1975
Dat postpunk een tamelijk relatieve term is, bewijst Pere Ubu. Veel meer postpunk dan 30 Seconds over Tokyo kan muziek niet klinken, maar de punk moest in 1975 nog komen. Ik heb dit in 2011 nog live mogen meemaken ook. Frontman David Thomas mag dan niet meer de jongste (en slankste) zijn, hij kan het nog steeds. Geniale gekte op het podium, en hij kon nog aardig moppen tappen ook.
33 Nina Simone - Sinnerman || 1965
Folk, rock, soul, jazz, reggae, funk... Uiteindelijk komen alle genres van de moderne lichte muziek ongeveer uit dezelfde roots voort. Dat hoor je bijna nergens zo goed terug als in Sinnerman van Nina Simone. Over het nummer is de afgelopen maanden in de ladder al veel gezegd. De eindnotering viel misschien ietwat tegen, maar het blijft een hele openbaring dat zo'n onconventioneel nummer de finale haalt, natuurlijk. Bij mij eindigt-ie een paar plekjes lager
. 32 Wipers - When It's Over || 1981
Typisch zo'n nummer dat je niet luistert, maar ondergaat. Mede daarom een van mijn favoriete hardloopnummers, want één grote adrenalinestoot. When It's Over van de Wipers is een bijna-instrumentale gitaarexplosie van een punkband die zijn hand niet omdraait voor lange, noisy nummers. Nirvana noemde ze als inspiratiebron, maar het gitaargeluid van Greg Sage is bij meer bands vanaf eind jaren tachtig terug te horen.
31 Alcest - Sur l'Autre Rive Je T'Attaindrai || 2007
Tot ik Alcest leerde kennen, wist ik niet dat de genres black metal en shoegaze verrassend dicht bijeen kunnen liggen. Ik hoorde shoegaze, het bleek een metalband te zijn, met een ingetogen en zalvend Frans zingende zangeres nog wel. Ik snap nog steeds niet helemaal hoe het zit, maar belangrijker is hoe het klinkt. Prachtige, zwaar aangezette gitaarmelodieën, met die bescheiden, maar zeer aanwezige zangpartijen. Echt waar, 't is net shoegaze, zeg ik u. Nou ja...
0
geplaatst: 2 januari 2013, 00:46 uur
De trouwe volgers kunnen weer rustig ademhalen, vooralsnog lijkt dit topic het einde moeiteloos te halen. Morgen maar eens de nummers uit de laatste update checken. Alcest is alvast dope shizzle. En ook Nina Simone is een voortreffelijke keuze.
0
geplaatst: 2 januari 2013, 07:46 uur
0
geplaatst: 2 januari 2013, 10:54 uur
Ik lees mee. Door de bank genomen een mooie afwisseling tussen topnummers en huiswerk
. Ben benieuwd naar de top 30.
. Ben benieuwd naar de top 30.
0
geplaatst: 2 januari 2013, 13:34 uur
Brothers in Arms vind ik met afstand het beste wat de Dire Straits hebben voortgebracht. Ik vind de woorden 'in mist covered mountains' wel passen bij het beeld dat het nummer oproept.
Toch nog even een kleine verlate correctie. These* mist covered mountains (are home now for me). 
Verder, doe voort!

0
geplaatst: 2 januari 2013, 15:20 uur
Die dekselse Lukas, dat zal vast met voorberade gedachten zijn.
0
geplaatst: 2 januari 2013, 15:30 uur
Nee, met voortgedachte braden. Ben wat ziekjes hier. Misschien vandaag wel een nummer 1. Anders toch zeker zeer snel.
0
geplaatst: 2 januari 2013, 17:00 uur
30 Sunset Rubdown - Silver Moons || 2009
Ik schrok zojuist een beetje van de roemloze zevenentwintighonderdzoveelste plaats van dit nummer in het bubblingunderlijstje van de ladder. Blijkbaar zo ongeveer mijn meest kansloze nominatie ooit... Onbegrijpelijk als je kijkt hoe populair bijvoorbeeld Arcade Fire hier is. Sunset Rubdown tapt enigszins uit hetzelfde vaatje van gloedvolle indierock, maar wat mij betreft iets spannender, plechtiger en chaotischer.
29 Suede - Europe Is Our Playground || 1996
Suede is met drie uitstekende platen voor mij toch wel een van de grote namen uit de jaren negentig. De hoogste notering komt echter van het B-kantje van Trash (als ik het goed heb), waarvan het onbegrijpelijk is dat die nooit een studioplaat heeft gehaald. Inmiddels heeft het grootse Europe Is Our Playground zich dan ook opgewerkt tot een klassieker onder fans van de band. En staat dit wél in onze ladder
.
28 Sinéad O'Connor - Troy || 1987
Ook in de ladder, de laatste twee jaar zelfs (verrassend) in de finale: Troy van Sinéad O'Connor. Ik ken maar weinig nummers die zó vol van emotie zijn gezongen als dit. Het stemgebruik, van fluisteren tot die onbedaarlijke uithalen (the phoooeeeenix from the flaaaame...), de prachtige climax... En dat voor een zangeres die ik verder nou niet eens zo heel briljant vind.
27 The Smiths - This Charming Man || 1983
Nergens klinken de jengelende gitaarpartijen van Johnny Marr zo fris als op de debuutsingle, luister alleen al naar dit intro... Onbegrijpelijk trouwens dat juist dat kunststukje ontbreekt op de versie van dit nummer op Hatful of Hollow. Waar veel andere Smithsnummers (ik noem een Still Ill) daar juist in een beter jasje op staan, is dat bij This Charming Man niet zo. Nou ja, misschien is dat wel beter dan andersom: de officiële versie als beste.
26 Polvo - Lucia || 2009
Polvo is een mathrockband die vooral in de jaren negentig enkele genreklassiekers heeft afgeleverd, in de vorm van de albums Today's Active Lifestyles en Exploded Drawing. De comeback met In Prism (2009) was er wat mij betreft een van het niveau Portishead: misschien wel beter dan ooit. In elk geval met hun meest briljante nummer. Het fantastisch opgebouwde Lucia start rustig, schiet dan een versnelling in, maar het beste moet nog komen: een shoegazeachtig intermezzo met een wonderschone gitaarmelodie.
Ik schrok zojuist een beetje van de roemloze zevenentwintighonderdzoveelste plaats van dit nummer in het bubblingunderlijstje van de ladder. Blijkbaar zo ongeveer mijn meest kansloze nominatie ooit... Onbegrijpelijk als je kijkt hoe populair bijvoorbeeld Arcade Fire hier is. Sunset Rubdown tapt enigszins uit hetzelfde vaatje van gloedvolle indierock, maar wat mij betreft iets spannender, plechtiger en chaotischer.
29 Suede - Europe Is Our Playground || 1996
Suede is met drie uitstekende platen voor mij toch wel een van de grote namen uit de jaren negentig. De hoogste notering komt echter van het B-kantje van Trash (als ik het goed heb), waarvan het onbegrijpelijk is dat die nooit een studioplaat heeft gehaald. Inmiddels heeft het grootse Europe Is Our Playground zich dan ook opgewerkt tot een klassieker onder fans van de band. En staat dit wél in onze ladder
.28 Sinéad O'Connor - Troy || 1987
Ook in de ladder, de laatste twee jaar zelfs (verrassend) in de finale: Troy van Sinéad O'Connor. Ik ken maar weinig nummers die zó vol van emotie zijn gezongen als dit. Het stemgebruik, van fluisteren tot die onbedaarlijke uithalen (the phoooeeeenix from the flaaaame...), de prachtige climax... En dat voor een zangeres die ik verder nou niet eens zo heel briljant vind.
27 The Smiths - This Charming Man || 1983
Nergens klinken de jengelende gitaarpartijen van Johnny Marr zo fris als op de debuutsingle, luister alleen al naar dit intro... Onbegrijpelijk trouwens dat juist dat kunststukje ontbreekt op de versie van dit nummer op Hatful of Hollow. Waar veel andere Smithsnummers (ik noem een Still Ill) daar juist in een beter jasje op staan, is dat bij This Charming Man niet zo. Nou ja, misschien is dat wel beter dan andersom: de officiële versie als beste.
26 Polvo - Lucia || 2009
Polvo is een mathrockband die vooral in de jaren negentig enkele genreklassiekers heeft afgeleverd, in de vorm van de albums Today's Active Lifestyles en Exploded Drawing. De comeback met In Prism (2009) was er wat mij betreft een van het niveau Portishead: misschien wel beter dan ooit. In elk geval met hun meest briljante nummer. Het fantastisch opgebouwde Lucia start rustig, schiet dan een versnelling in, maar het beste moet nog komen: een shoegazeachtig intermezzo met een wonderschone gitaarmelodie.
0
geplaatst: 2 januari 2013, 17:49 uur
Polvo ook maar eens heel snel uitchecken, klinkt dope en artwork ziet er ook vaak leuk uit. 

0
geplaatst: 2 januari 2013, 18:34 uur
25 King Crimson - In the Court of the Crimson King || 1969
Met afstand de bekendste naam in dit rijtje. Toen ik hier net op MuMe bivakkeerde, dacht ik nog dat progrock het helemaal voor mij ging worden. Mijn ongeduldige en onrustige aard strookt echter niet zo heel goed met ambitieuze conceptplaten. Toch heb ik in de loop der jaren ook op proggebied wel wat favorieten opgedaan. Ik consumeer mijn prog het liefst melodieus en zonder al te veel nodeloze soli. Het debuut van King Crimson voldoet, met name dankzij de klassiekers Epitaph en In the Court of... uitstekend aan die criteria.
24 Spacemen 3 - Transparent Radiation (Fleshback) || 1987
Qua opbouw en melodie zou Transparent Radiation zo een nummer van Neil Young kunnen zijn. Maar dat wordt dan wel met akoestische instrumenten uitgevoerd in een kapel door leden van Sonic Youth en Massive Attack. Dat is misschien nog wel de best denkbare omschrijving van het magnum opus van de bevreemdende spacerock van Spacemen 3, de band die voorafging aan het wat bekendere Spiritualized.
23 B-Movie - Nowhere Girl || 1980
Mijn voorliefde voor de betere synthpop is in deze lijst wel duidelijk geworden, denk ik. Vorig jaar pas ontdekte ik deze vergeten klassieker, die op vernuftige wijze een aantal prachtige synthesizerthemaatjes laagje voor laagje over elkaar heen legt en daar dan nog eens een prachtig melancholisch herfstliedje aan toevoegt. Van B-Movie is buiten dit nummer en het bijna even sterke Remembrance Day nooit zoveel vernomen. Maar alleen al hiervoor verdient de band 761 standbeelden.
22 Tuxedomoon - East/Jinx || 1981
Tuxedomoon begon ooit als een van de vele bandjes die dansbare postpunk op plaat gingen zetten, al waren ze daar in 1978 redelijk vroeg bij. Echt interessant werd het pas toen ze de donkere sound van die jaren gingen combineren met een keur aan voor new wave onalledaagse instrumenten en elementen uit klassiek en jazz. Dat leidde in 1981 tot de monumentale plaat Desire, met daarop een driedelig openingsnummer. Het East-gedeelte begint met een baslijn, die gaandeweg gezelschap krijgt van strijkers en saxofoon. Na ruim vier minuten start een beat in en begint het onheilspellende en aardedonkere Jinx-gedeelte. Het nummer is in deze East/Jinx-variant in omloop, maar kent op het album nog een derde gedeelte: .../Music #1. Dat staat me helaas nog steeds wat tegen als overbodig gefreak, dus vandaar dat ik het in deze setting even verzwijg
.
21 The Trash Can Sinatras - Hayfever || 1993
Onbekend, onbemind, maar wel een van de leukste Britse bandjes van de jaren negentig: The Trash Can Sinatras. Met het ook ijzersterke Obscurity Knocks halen ze nog wel eens een relevante verzamelaar, waardoor dat nummer en de debuutpaat Cake niet helemaal in de vergetelheid verzeild zijn geraakt. Dat geldt echter wel voor de opvolger I've Seen Everything, die met Easy Read, het shoegaze-achtige One at a Time en vooral dit Hayfever een aantal verborgen popparels bevatten. Vooral de bridge is een schoolvoorbeeld van hoe mooi een bridge in een popnummer kan klinken.
Met afstand de bekendste naam in dit rijtje. Toen ik hier net op MuMe bivakkeerde, dacht ik nog dat progrock het helemaal voor mij ging worden. Mijn ongeduldige en onrustige aard strookt echter niet zo heel goed met ambitieuze conceptplaten. Toch heb ik in de loop der jaren ook op proggebied wel wat favorieten opgedaan. Ik consumeer mijn prog het liefst melodieus en zonder al te veel nodeloze soli. Het debuut van King Crimson voldoet, met name dankzij de klassiekers Epitaph en In the Court of... uitstekend aan die criteria.
24 Spacemen 3 - Transparent Radiation (Fleshback) || 1987
Qua opbouw en melodie zou Transparent Radiation zo een nummer van Neil Young kunnen zijn. Maar dat wordt dan wel met akoestische instrumenten uitgevoerd in een kapel door leden van Sonic Youth en Massive Attack. Dat is misschien nog wel de best denkbare omschrijving van het magnum opus van de bevreemdende spacerock van Spacemen 3, de band die voorafging aan het wat bekendere Spiritualized.
23 B-Movie - Nowhere Girl || 1980
Mijn voorliefde voor de betere synthpop is in deze lijst wel duidelijk geworden, denk ik. Vorig jaar pas ontdekte ik deze vergeten klassieker, die op vernuftige wijze een aantal prachtige synthesizerthemaatjes laagje voor laagje over elkaar heen legt en daar dan nog eens een prachtig melancholisch herfstliedje aan toevoegt. Van B-Movie is buiten dit nummer en het bijna even sterke Remembrance Day nooit zoveel vernomen. Maar alleen al hiervoor verdient de band 761 standbeelden.
22 Tuxedomoon - East/Jinx || 1981
Tuxedomoon begon ooit als een van de vele bandjes die dansbare postpunk op plaat gingen zetten, al waren ze daar in 1978 redelijk vroeg bij. Echt interessant werd het pas toen ze de donkere sound van die jaren gingen combineren met een keur aan voor new wave onalledaagse instrumenten en elementen uit klassiek en jazz. Dat leidde in 1981 tot de monumentale plaat Desire, met daarop een driedelig openingsnummer. Het East-gedeelte begint met een baslijn, die gaandeweg gezelschap krijgt van strijkers en saxofoon. Na ruim vier minuten start een beat in en begint het onheilspellende en aardedonkere Jinx-gedeelte. Het nummer is in deze East/Jinx-variant in omloop, maar kent op het album nog een derde gedeelte: .../Music #1. Dat staat me helaas nog steeds wat tegen als overbodig gefreak, dus vandaar dat ik het in deze setting even verzwijg
.21 The Trash Can Sinatras - Hayfever || 1993
Onbekend, onbemind, maar wel een van de leukste Britse bandjes van de jaren negentig: The Trash Can Sinatras. Met het ook ijzersterke Obscurity Knocks halen ze nog wel eens een relevante verzamelaar, waardoor dat nummer en de debuutpaat Cake niet helemaal in de vergetelheid verzeild zijn geraakt. Dat geldt echter wel voor de opvolger I've Seen Everything, die met Easy Read, het shoegaze-achtige One at a Time en vooral dit Hayfever een aantal verborgen popparels bevatten. Vooral de bridge is een schoolvoorbeeld van hoe mooi een bridge in een popnummer kan klinken.
0
geplaatst: 2 januari 2013, 18:41 uur
Ik ga als deze top erop zit maar weer eens een top 500-topic hiphop aanmaken. Speciaal voor Lukas.
0
geplaatst: 2 januari 2013, 19:16 uur
Ik bedenk me nu trouwens dat ik echt geen flauw benul heb welke nummers/artiesten er nog komen. In die zin dat ik totaal geen idee heb wat jouw favoriete nummers precies zijn (maar ik verwacht nog wel Pulp en Radiohead).
0
geplaatst: 2 januari 2013, 19:28 uur
Rhythm & Poetry schreef:
Ik ga als deze top erop zit maar weer eens een top 500-topic hiphop aanmaken. Speciaal voor Lukas.
Ik ga als deze top erop zit maar weer eens een top 500-topic hiphop aanmaken. Speciaal voor Lukas.

0
geplaatst: 2 januari 2013, 20:02 uur
20. The Waterboys - Red Army Blues
Jaar: 1984
Album: A Pagan Place
Stem op album: 4,5*
Notering in 2009: 45
Speelduur: 8:03
Genre: pathetische oorlogsballads
The Waterboys hebben het als een van de weinige acts tot twee noteringen in de tophonderd geschopt. Red Army Blues vertelt het verhaal van een Russische tiener (seventeen years old, never kissed a girl) die naar het front trekt om tegen de Duitsers te vechten. Over de tekst staat hier op MuMe nog een interessante post van Sheplays. Mike Scott heeft in een vlaag van verstandsverbijstering een van de mooiste zinnen uit de tekst aangepast. Voor wie daar meer over weten wil, klik hier. Maar goed, gelukkig is het de 1984-versie die telt...
Jaar: 1984
Album: A Pagan Place
Stem op album: 4,5*
Notering in 2009: 45
Speelduur: 8:03
Genre: pathetische oorlogsballads
The Waterboys hebben het als een van de weinige acts tot twee noteringen in de tophonderd geschopt. Red Army Blues vertelt het verhaal van een Russische tiener (seventeen years old, never kissed a girl) die naar het front trekt om tegen de Duitsers te vechten. Over de tekst staat hier op MuMe nog een interessante post van Sheplays. Mike Scott heeft in een vlaag van verstandsverbijstering een van de mooiste zinnen uit de tekst aangepast. Voor wie daar meer over weten wil, klik hier. Maar goed, gelukkig is het de 1984-versie die telt...
0
geplaatst: 2 januari 2013, 20:07 uur
En met het (trompet)deuntje van Polyushko Polye, traditioneel Russisch marslied, maar wellicht wist ge dat al wel, en breng ik oud nieuws. 
Mooi lied, ja.

Mooi lied, ja.

0
geplaatst: 2 januari 2013, 20:12 uur
Masimo schreef:
En met het (trompet)deuntje van Polyushko Polye, traditioneel Russisch marslied, maar wellicht wist ge dat al wel, en breng ik oud nieuws.
Mooi lied, ja.
En met het (trompet)deuntje van Polyushko Polye, traditioneel Russisch marslied, maar wellicht wist ge dat al wel, en breng ik oud nieuws.

Mooi lied, ja.
Volgens mij werd zoiets bij een vorig lijstje ook al eens gepost. Wist het dus wel. Maar was het ook weer vergeten. Dus dank voor deze waardevolle toevoeging
.
0
geplaatst: 2 januari 2013, 20:17 uur
Het zou goed kunnen dat ik het al 'ns heb gezegd. Ik val graag in herhaling. 
Trouwens leuk om te zien dat er een hoop bands zijn die ik ook zupah vind, maar dan wel een ander nummer/album had uitgekozen

Trouwens leuk om te zien dat er een hoop bands zijn die ik ook zupah vind, maar dan wel een ander nummer/album had uitgekozen

0
geplaatst: 2 januari 2013, 20:32 uur
19. Cockney Rebel - Sebastian
Jaar: 1973
Album: The Human Menagerie
Stem op album: 3,5*
Notering in 2009: 5
Speelduur: 6:52
Genre: theatrale 70s-smartlappen
Als er één muziektijdperk ondervertegenwoordigd is in deze lijst, is het wel de eerste helft van de jaren zeventig. Ik ben een groot liefhebber van leuke popliedjes met als het even kan wat diepgang, en die vind ik juist in deze periode wat weinig terug. Veel gitaarsoli, wat te veel opsmuk in de productie. De onbevangenheid van de jaren zestig is eraf, de urgentie van na de punk zit er nog niet bij. Gelukkig zijn er altijd uitzonderingen die de regel bevestigen, want er zijn heus wel wat lekker muffige, zwaar aangezette smartlappen uit de jaren zeventig waar ik helemaal voor door de knieën ga. Somebody called me Sebastian!
Jaar: 1973
Album: The Human Menagerie
Stem op album: 3,5*
Notering in 2009: 5
Speelduur: 6:52
Genre: theatrale 70s-smartlappen
Als er één muziektijdperk ondervertegenwoordigd is in deze lijst, is het wel de eerste helft van de jaren zeventig. Ik ben een groot liefhebber van leuke popliedjes met als het even kan wat diepgang, en die vind ik juist in deze periode wat weinig terug. Veel gitaarsoli, wat te veel opsmuk in de productie. De onbevangenheid van de jaren zestig is eraf, de urgentie van na de punk zit er nog niet bij. Gelukkig zijn er altijd uitzonderingen die de regel bevestigen, want er zijn heus wel wat lekker muffige, zwaar aangezette smartlappen uit de jaren zeventig waar ik helemaal voor door de knieën ga. Somebody called me Sebastian!
0
geplaatst: 2 januari 2013, 20:49 uur
Twee schitterende nummers! 
Vooral die eerste, die staat bij mij ook hoog.

Vooral die eerste, die staat bij mij ook hoog.
0
geplaatst: 2 januari 2013, 21:00 uur
18. Dexys Midnight Runners - I Couldn't Help It If I Tried
Jaar: 1980
Album: Searching for the Young Soul Rebels
Stem op album: 4,5*
Notering in 2009: 76
Speelduur: 4:15
Genre: James Brown is PUNK!
Toooo ryyyye tooo ryyye tooo ryyye tooo ryyye ayyyy... Zo kennen de meeste mensen Dexys Midnight Runners. Nu is Come on Eileen een heel aardig nummer, maar het kan niet tippen aan een aanzienlijk deel van het debuut van de band rond frontman Kevin Rowland. Die vermengt op Searching for the Young Soul Rebels de drift van de punk met de zeggingskracht van soul. I Couldn't Help It If I Tried doet in de verte denken aan It's a Man's Man's Man's World, aangevuld met onweerstaanbare blazers die op het album toch al in groten getale zijn terug te horen.
Jaar: 1980
Album: Searching for the Young Soul Rebels
Stem op album: 4,5*
Notering in 2009: 76
Speelduur: 4:15
Genre: James Brown is PUNK!
Toooo ryyyye tooo ryyye tooo ryyye tooo ryyye ayyyy... Zo kennen de meeste mensen Dexys Midnight Runners. Nu is Come on Eileen een heel aardig nummer, maar het kan niet tippen aan een aanzienlijk deel van het debuut van de band rond frontman Kevin Rowland. Die vermengt op Searching for the Young Soul Rebels de drift van de punk met de zeggingskracht van soul. I Couldn't Help It If I Tried doet in de verte denken aan It's a Man's Man's Man's World, aangevuld met onweerstaanbare blazers die op het album toch al in groten getale zijn terug te horen.
* denotes required fields.
