menu

Genres / Electronic / De dance top 100 van...

zoeken in:
avatar van GrafGantz
Omar S, Luomo en Drexciya, geen klachten hier. Ik had je veel eerder ter verantwoording moeten roepen

avatar van GrafGantz
Militant nautisch is trouwens de beste omschrijving ooit voor Drexciya ❤

avatar van jordidj1
GrafGantz schreef:
Militant nautisch is trouwens de beste omschrijving ooit voor Drexciya ❤


Ik moest beide woorden googelen. Wat is dat toch met die superlatieven tegenwoordig?

avatar van trebremmit
jordidj1 schreef:
(quote)


Ik moest beide woorden googelen. Wat is dat toch met die superlatieven tegenwoordig?


Je wist niet wat beste en ooit betekend?

avatar van Gyzzz
Ik zit er gelijk weer helemaal in en ga dus - in tegenstelling tot eerdere aankondigingen - gewoon nog even ontspannen verder

75. Der Zyklus – Formenverwandler [2002]

Lichtvoetige variant op Drexciya van de ene helft van dit duo, Gerald Donald a.k.a. Heinrich Müller. Waar Drexciya gekenmerkt wordt door de zwaarte, is Formenverwandler juist zwevend en dartelend. Sublieme eenvoud van deze mysterieuze verduitste Detroiter. Ik leerde deze plaat kennen uit Richie Hawtins DE9 series (Closer to the Edit), waar dit een micro-hoogtepuntje is dat maximaal klinkt in het verdere minimalisme van die plaat. Subtiliteit op de vierkante nanometer.

74. Skee Mask – Panorama [2016]

Als je me een aantal jaren geleden gevraagd had deze lijst te maken, had Saturn Strobe van Pantha du Prince deze positie ingenomen. Maar hoewel dat nummer in de loop der tijd natuurlijk niet veranderd is en mijn smaak ook nog maar weinig, vond ik het een enorme anticlimax om erachter komen dat de emotionele melodielaag rechtstreeks uit een klassiek stuk gekopieerd was. Niet veel later ontdekte ik echter Panorama van Skee Mask, en die track heeft op de een of andere manier emotioneel de positie van Saturn Strobe voor mij ingenomen. Emotionele en diepe melodieen meanderen over een zacht en licht maar complex bedje van tikjes en ritmes. En nu niet vertellen dat deze melodie ook van elders komt.

73. Larry Heard – 25 Years from Alpha [2008]

Een relatief moderne plaat is de enige notering van house-grootmeester Larry Heard in deze lijst. Want hoewel zijn oude werk als Mr Fingers ontegenzeggelijk supercool, kwalitatief en enorm invloedrijk is, is 25 Years From Alpha zijn meest grootse wapenfeit. Kalmer en gecontroleerder dan de acid van weleer vliegen de 15 mins die deze track duurt voorbij zonder dat je het doorhebt. Larry’s grooves worden namelijk met elke repetitie sterker in je hoofd geprent. Avontuurlijk en smaakvol.

72. Fibre Foundation – Don’t You Ever Stop (Club) [1994]

Dansen, dansen, dansen. Sommige houseplaten maximaliseren zichzelf voor in een clubsetting en zetten alles op alles om jou in beweging te zetten. Don’t You Ever Stop is zo’n plaat, waar de energie en het zweet vanaf druipt. Ondertussen staat hij bol van de variatie, bruggetjes en subtiele overgangen (het stuk 3:00-3:30 is om van te watertanden). De sample en het klankspectrum worden helemaal uitgekleed en binnenstebuiten gekeerd en maximaal in pure energie omgezet. Niet elke house of technotrack in deze lijst is even club-friendly, maar deze mag van mij op elke willekeurige uitgaangsavond gedraaid worden.

71. Fluxion – Prospect II [2000]

Terug naar het epicentrum van de dubtechno. Schuivende panelen, zinderende diepten – pure kunst als je het mij vraagt van deze Griek. Vrijwel alles uitgebracht op Chain Reaction is goed, maar Prospect II zet de tijd voor mij volledig stil. Het is eindeloos verdwalen in blikkereige gangenstelsels van dub: techno om tot een diepe innerlijke rust bij te komen. Ingetogen en onderkoeld maar toch heel rijk en betekenisvol is deze lekker uitgesponnen denkplaat.

avatar van trebremmit
Der Zyklus.

Wel apart dat je die van Larry Heard zijn beste vindt, aardig nummer wel, maar hij heeft veel beter wat mij betreft.

avatar van GrafGantz
trebremmit schreef:
Wel apart dat je die van Larry Heard zijn beste vindt, aardig nummer wel, maar hij heeft veel beter wat mij betreft.


ik volg Gijs, ook hier een favoriet, deze van Larry.

avatar van -SprayIt-
-SprayIt- (moderator)
Oh, die Fibre is fire! Lekker, thanks!

avatar van Noere
Wauw goeie zaak deze lijst, lekker veel Detroit ook, terecht.. Omar S vind ik best wel een held, kende deze track nog niet maar idd erg fijn. Ga dit op de voet volgen

avatar van Ponty Mython
Niet om flauw te doen, maar met dit tempo is de volgende gebruiker pas in 2020 aan de beurt.

avatar van panjoe
panjoe (moderator)
Zo veel gave tracks die ik nog niet kende! Echt een feestmaal, deze lijst.

Ponty Mython schreef:
Niet om flauw te doen, maar met dit tempo is de volgende gebruiker pas in 2020 aan de beurt.


Jij begint met Kerst zeker ook te zeuren dat de zomer nog zoooo ver weg is
Natuurlijk ook het risico van je zelf op zo'n lijst zetten; ieder kiest zijn tempo - soms gaat het snel en soms niet

Vind het eerlijk gezegd verrassend wat ik in deze lijst aantref - redelijk wat bekende namen en dan minder bekende keuzes

avatar van Snoeperd
Gyzzzz afspeellijst

Ik hou trouwens weer een Spotify-afspeellijst bij voor de geïnteresseerden.

Ik heb ook nog die van mezelf en Spray-It

avatar van trebremmit
Leuk, ik ben nog niet eens begonnen en ik heb al een afspeellijst.

avatar van Snoeperd
Huh? Hahaha, oeps. Volgens mij moet ik deze aangemaakt hebben rond 4 uur 's nachts .

avatar van panjoe
panjoe (moderator)
De link werkt ook nog eens niet bij mij...

avatar van Gyzzz
Rustig aan, rustig aan.. ik zal er dit weekend weer eens voor gaan zitten

avatar van Gyzzz
...en het weekend is nu begonnen!

70. BT – Mercury & Solace [1999]

Er zijn niet veel genres zo uniform en coherent euforisch als trance, het eigenlijk wat lastig te plaatsen subgenre dat rond 2000 opeens zo gigantisch was. Ik herinner me dat een van de allereerste cds die ik kocht de toen gloednieuwe 4-CD compilatie ‘Trance ‘99’ was. Daarop stonden classics als The Launch van DJ Jean en Carte Blanche van Veracocha – tracks waar ik ook nu met heel veel plezier naar terugluister. Probleem met trance is echter dat het vaak snel cheesy wordt; een grote brei van uitgesmeerde klank. Mercury & Solace is eigenlijk net zo cheesy, piano’tje en dramatische vocaal incluis, maar de euforie – ook al zo’n klassiek element van het genre – domineert. Licht als een vlinder fladdert deze alleenstaande trancenotering in deze lijst ruim 8 minuten in de rondte.

69. Harrison BDP – Last Flight to Wherever [2017]

Als je tegenwoordig YouTube net even te lang laat aanstaan dicteert het videoplatform binnen de kortste keren je hele gemoedstoestand. Of herinnert het je even aan deze lijst, door na Mercury & Solace direct te snappen dat Harrison BDP daarop hoort te volgen. Leuk hoor, redelijke kans dat je de rest van deze lijst kunt voorspellen door de nummers 100-70 van deze lijst in een Youtube-playlistje te zetten en de autoplay de rest van het werk te laten doen. Tot zover het gezeur. Het goede (en soms toch ook wat saaie) nieuws is namelijk dat nieuwe klasbakken aan het firmament zoals Harrison BDP dankzij een aantal goede algoritmes automatisch komen bovendrijven. Deze Brit is duidelijk een alleskunner die tussen en zelfs binnen EP’s techno, house, dub en alles daartussen opspant met minutieuze en gestileerde tracks. Mijn favo tracks van deze man komen allebei van de Tour001 EP: enerzijds 28 Days, een rigoureuze dubber en clubber, en anderzijds deze Last Flight to Wherever, die zo subliem gecontroleerd is. Een instant klassieker wat mij betreft.

68. Jürgen Paape – So Weit Wie Noch Nie [2002]

Gedurende een kortstondige maar intensieve periode in mijn leven, zo rond 2009, zocht ik fervent naar de mooiste clubavonden die er te vinden waren – alles binnen een straal van 600 km. In tegenstelling tot mijn wat saaiere leven nu wilde ik nog wel eens een weekend met vrienden de trein pakken omdat er in Berlijn of Keulen een niet-te-missen clubavondje op het programma stond. Dat was dan echt belangrijk en er was geen twijfel mogelijk toen in Keulen in 1 weekend de Kompakt-verjaardagsavond op de vrijdag en Wolfgang Voigt - Gas live in een gigantische bioscoopzaal op zaterdag op het programma stonden. En kijk wat leuk - hij staat zelfs nog op RA!. Zaterdag bovendien van de gelegenheid gebruikgemaakt om Alva Noto’s Xerrox in de Kompaktwinkel aan te schaffen. Met wellicht niet mijn beste vrienden, maar belangrijker: de enige twee vrienden die een affiche als dit ook onmisbaar vonden, stapte ik op de intercity naar Eindhoven, dan naar Venlo, dan met een boemeltje naar Mönchengladbach en tot slot in een soort halve metro naar Keulen. Volgens mij zijn we 6 uur onderweg geweest, maar het doel was duidelijk. Op het programma stonden Ada, Gui Boratto, Justus Köhncke, Gus Gus, Michael Mayer en meer van dergelijke Kompakt-coryfeeën. Het was in de tijd dat ik Boratto nog geweldig vond (ik vind er nu niet veel meer aan), en afsluiter A Beautiful Life in een soort 15 minuten-versie om 7.30 uur in de ochtend staat in mijn geheugen gegrift. Wat ook in mijn gegeugen gegrift staat van die avond, en welke track voor mij ook als saaie vent niets aan kracht heeft ingeboet is de oerduitse evergreen ‘So Weit Wie Noch Nie’ van Jürgen Paape. Omdat hij super is! Frivole Duitse degelijkheid en misschien wel de meest euforische track in deze hele lijst.

67. Jeff Mills – Sugar is Sweeter [1997]

De tweede en laatste Jeff Mills plaat uit deze lijst. Sugar is Sweeter is misschien nog wel brutalistischer dan Gamma Player. Je kunt nog zulke lompe breakcore of hardstyle maken: voor mij komen tracks als deze (alsook Berlin van dezelfde maker – alleen is die verder niet echt goed) zo spijkerhard binnen dat ik mentaal binnen een minuut tegen de muur geplakt sta. Hypnotisch schuurpapier van de bovenste plank, geweldig geschikt om midden in de nacht in een eindeloze set de tijd bij te verliezen. Ruwe abstractie van een van techno’s grootste pioniers. Simpliciteit waar je toch op een heleboel verschillende manieren naar kunt luisteren – zo kan dit voor mij ook prima als achtergrond-, -werk- of studeermuziek werken.

66. Levon Vincent – Pivotal Moments in Life [2011]

Sterke track (melodie, melodie, melodie!!) met een passende titel. Wat ik knap vind is hoe Levon Vincent hier een hele serieuze en zwaargeladen track kan neerzetten die toch zo speels en lichtvoetig is. Vaak verliest speelse muziek een beetje van zijn kwaliteit doordat het heel licht wordt. Maar in Pivotal Moments in Life zorgt een bijna kinderlijk melodietje ervoor dat je je hele leven gaat overdenken. Koddig, groots en dramatisch tegelijk – mooie contrasten die maken dat deze track zo mijlenver boven het maaiveld uitsteekt. Zo zelfverzekerd komen de soms compleet eraf lopende tonen de synths uitdwarrelen; er zit gevoelsmatig heel veel richting in tracks als deze. Inspirerende muziek voor momenten waarop je het allemaal ook niet helemaal meer weet.

avatar van Gyzzz
65. Lark – Tedra [1993]

Er wordt wel eens gezegd dat Detroitse techno de machine een ziel gegeven heeft. De muzikant als arbeider aan zijn machines, waarbij mens en machine steeds meer één worden. Mooie metaforen die wat mij betreft vaak ook erg passend zijn bij de muziek. En vrijwel nergens zijn ze zo passend als in de vroege platen van Kenny Larkin, waaronder het geweldige (spoiler: maar niet zijn allerbeste) ‘Tedra’. Pure luistertechno waar totaal niet op te dansen valt van Kenny Larkin alias Lark. Gecontroleerd en subtiel geluid als glimmend metaal, schoongepoetst en mechanisch bewegend. Niet los uitgebracht, maar te vinden op de onwaarschijnlijk kwalitatieve ‘Virtualsex’ compilatie.

64. Metro Area – Caught Up [2001]

Smaakvolle house van Metro Area. Speels en licht funky maar wel gecontroleerd. Eigenlijk volledig volgens het boekje, maar dan wel als de definitie van het boekje, zo chique en smooth is deze track van Metro Area, die het welbekende ‘Miura’ wat mij betreft wel overtreft. Geschikt voor de club in het ochtendgloren, maar volgens mij ook prima iets dat je op een receptie of boekpresentatie kunt draaien, zo lichtvoetig is hij. Doet geen vlieg kwaad, en misschien is het juist daarom wel zo knap dat deze plaat niet stomvervelend wordt om naar te luisteren.

63. Mikkel Metal – Untitled (Vainqueur Remix) [2005]

Van alle navolgers van Basic Channel, dichtbij of ver weg, is Vainqueur degene die het geluid van de Berlijnse pioniers naar mijn idee het beste heeft voortgezet nadat het illustere duo zelf naar Jamaica afgeslagen was. Vainqueurs sublieme eenvoud kenmerkt ook deze wiegende, hypotiserende remix van een titelloze track van mededubber Mikkel Metal. En hoewel Mikkel zelf ook een aantal degelijke tot goede platen op de Berlijnse dubleest heeft geschoeid, is de invloed van Rene Löwe alias Vainqueur hier onmiskenbaar. Het vermogen om zo’n sterke groove neer te zetten dat je in 9 minuten amper variatie of ontwikkeling nodig hebt is maar weinigen gegeven. Lekker laten inwerken en heel diep wegdromen terwijl je zachtjes deint op de echoënde golven. Weggestopt op een vierde deel in een serie van Mikkel Metal Remix EP’s komt hij dan gewoon bovendrijven. Een van mijn favoriete dubtechno tracks.

62. Moodymann – The Third Track [1997]

Ruim een jaar geleden was ik voor het eerst in Detroit, met de auto op binnenlandse vakantie terwijl ik een jaar in de VS woonde. Ik vond het een hele eigenaardige maar (rond het centrum) verrassend gemoedelijke stad, waar hele bossen op de stoepen groeien en mensen een stuk minder gehaast en opgefokt lijken dan in de rest van de VS. Het lijkt alsof er een warm dekentje van berusting over (delen van) de verder natuurlijk totaal vervallen stad ligt. Er is verder ook geen bal te doen, en dat kan een goede verklaring zijn voor de vele geweldige tracks die er met drumcomputer, sampler en/of synthesizer in talloze slaapkamertjes gemaakt zijn. Waaronder deze: de hoogste notering van de enigmatische Moodymann. En voor zijn doen eigenlijk een hele rechtlijnige, bijna DJ-tool achtige club banger. Super gebruik van de vocale sample die in een paar stukjes is geknipt maar daarin in emotie en opzwependheid juist vermenigvuldigd lijkt.

61. Shake – Arise [1998]

Alweer een Detroit classic uit de nineties! Het moet niet veel gekker worden. Maar ‘Arise’ is wel een beetje een vreemde eend in de bijt, met zijn gefilterde fade-in. Prachtig probeersel, dat zorgt voor een enorme energieontlading wanneer na ruim een minuut de bas erin valt. Druk en ongepolijst maakt deze sympathieke veteraan Anthony Shakir het soort directe undergroundtracks waar je ook DJ Bone en DJ 3000 op kunt betrappen. Hoewel alle tracks in deze lijst voor mij iets magisch hebben, kan ik met een beetje goede wil voor een groot deel nog wel grofweg reconstrueren hoe ze gefabriceerd zijn. Zo niet hier: Arise is heel direct, met volle kracht vooruit maar voelt tegelijk heel complex aan.

avatar van Snoeperd
So Weit Noch Wie Wat een track inderdaad!

Leuke stukjes trouwens, ik heb Detroit op mijn reislijst gezet.

avatar van Gyzzz
60. Galaxy 2 Galaxy – Journey of the Dragons [1993]

De afgelopen jaren is in mijn omgeving de traditie ontstaan om elk jaar rond het einde van de zomer een week naar Italie te gaan en daar helemaal niets te doen. Regelmatig zijn we met de auto gegaan, en er zijn gek genoeg maar weinig dingen zo leuk als met een paar goede vrienden 1600km af te leggen in een propvolle voiture. Voor elk stuk weg (behalve de saaie Nederlandse) bestaat wel geschikte muziek om de ervaring mee te verrijken. Dance doet het vanzelfsprekend goed op de autobahn, waar je het gaspedaal kunt intrappen onder begeleiding van enkele van de meest snelwegvriendelijke platen, waaronder Richie Hawtins Decks, EFX & 909 en verschillende platen van The Field. Maar de allerbeste snelwegtrack voor 160+ op de meter is ‘Journey of the Dragons’ van Galaxy 2 Galaxy, de groep rond Underground Resistance waar Mike Banks (zoals meestal) de touwtjes in handen heeft. Geweldig voortstuwende drive, volle bak vooruit!

59. E.R.P. – Burning Question [2018]

Gerard Hanson is een vreemde eend in de bijt. Op het snijvlak tussen electro, techno en dub behoort hij tot de crème de la crème van de producers. Door zijn onopvallende verschijning, beperkte productiviteit en keuze voor een wonderlijke waaier aan undergroundlabels is hij echter de meest onderschatte artiest die ik kan bedenken. En dan komt hij ook nog eens uit Dallas, Texas – in deze genres een nogal underground-locatie (waar vermoedelijk haast niemand naar zijn muziek luistert). Toen ik hem een klein jaar geleden op de oude Veronicaboot zag spelen was er slechts een handvol devote technonerds aanwezig die wél begrepen met wat voor legende we hier te maken hebben. Zowel zijn E.R.P.- als Convextion-alias staat volledig garant voor topkwaliteit. Vorig jaar bracht hij als E.R.P. zijn eerste full-length plaat uit, met gecontroleerde en kleurrijke electro. Opener Burning Question springt er uit. Superieure klankkleuren, totale optimalisatie van zijn karakteristieke geluid. Schromelijk ondergewaardeerd, ook hier op MuMe.

58. Sterac – Asphyx [1995]

Terug naar Steve Rachmad, die we als Parallel 9 eerder op plek 99 tegenkwamen. Dit keer het alias Sterac met een kleurrijke en ruimtelijke track uit 1995. Asphyx op de koptelefoon, met de links naar rechts zoevende kruisende spacegeluiden, is een groot avontuur. Schijnbaar is de plaatkant destijds verwisseld tussen A en B en had deze plaat eigenlijk X-Tracks moeten heten, maar dat vind ik een wat erg letterlijke (bijna banale) beschrijving voor wat we hier horen. Asphyx past voor mij juist goed bij deze track die mid-nineties ademt. Met (wederom) een grote vleug Detroit staat deze plaat kwalitatief mijlenver boven bijna al het andere dat rond die tijd uitkwam.

57. Da Kine – Sunshower [2000]

Rond de milleniumwisseling bestond kortstondig (2000-2002) het label Driftwood. Op dit label is in de vorm van tien EP’s in drie jaar een blauwdruk voor minimale deephouse gezet die vrijwel al het andere in dat genre overbodig maakt. Artiesten zijn Jeremy, Da Kine, Elias, Ronin en Drain Pipe – wat volgens mij grotendeels aliassen zijn van (een van) de twee oprichters, met enkele mystery guests daaromheen. Aliassen die bovendien sindsdien zelden tot nooit meer aan de oppervlakte zijn verschenen en daarmee de hele Driftwood-club in nevelen hullen. Het is lastig om losse tracks te kiezen uit deze ontzettend coherente, robuuste en hyperkwalitatieve catalogus, maar toch heb ik er in deze lijst (spoiler) twee opgenomen, waaronder deze Sunshower van Da Kine.

56. Omar S – Psychotic Photosynthesis [2007]

Omar S’ catalogus is zo omvangrijk en kwalitatief dat je er – ook hier – makkelijk voor zou kunnen kiezen om 20 platen eruit in deze lijst op te nemen. Daar wordt de lijst alleen nogal saai van, dus bij dezen de hoogstgenoteerde plaat van zijn superselfmade FXHE label: Psychotic Photosynthesis. Geen verrassende keuze, gezien de consensus (getuige e.g. de instant 5.0/5.0 op RA en de lyrische comments op discogs). Smart simplicity, het verkennen en tot grote dieptes uitwerken van een sterk patroon totdat je het helemaal uitgespeeld hebt, dat gebeurt op deze hypnotische geluidsverkenning – vrij van tierelantijntjes maar pure kwaliteit.

avatar van trebremmit
Da Kine is Norman Feller, die een enorme discografie heeft. Onder de naam Terry Lee Brown Jr. heeft hij heel veel op Plastic City uitgebracht, ook een erg fijn deephouse label.

Verder weer een heerlijke update.

avatar van Gyzzz
trebremmit schreef:
Da Kine is Norman Feller, die een enorme discografie heeft. Onder de naam Terry Lee Brown Jr. heeft hij heel veel op Plastic City uitgebracht, ook een erg fijn deephouse label.


Ga ik zeker checken! Toevallig afgelopen week voor het eerst The Timewriter ontdekt (die andere van de twee, die je gezien je enthousaste review ook kende) en op werk veel op repeat gehad. Mooie spullen!

avatar van trebremmit
Ja, The Timewriter is ook mooi inderdaad, die mixalbums van hem ben ik de laatste tijd aan het luisteren, erg fijn spul.

avatar van Gyzzz
55. Ricardo Villalobos – 808 the Bassqueen [1999]

Ricardo Villalobos is voor mij een vreemde eend in de bijt. Hoewel ik een plaat als Alcachofa (inmiddels) op waarde kan schatten, blijf ik het een ontoegankelijke en rare plaat vinden. De gigantische lof alom – waaronder een #1 notering in Resident Advisors ‘Best Albums of the ‘00s’ lijst - is me tot op de dag van vandaag een raadsel. RA schrijft: For most, Alcachofa is where "Ricardo Villalobos" began. Maar laat ik het daar ondanks de introductie van een volstrekt nieuw minimal-paradigma van Easy Lee en Dexter (goede platen, maar voor mij geen top 100 materiaal) nu precies totaal niet mee eens zijn. Met afstand mijn favoriete Ricardo-plaat is namelijk ‘808 the Bassqueen’, een bijna vloeibare en transparante schuiver uit 1999. Een dikke bas draagt de track, met daaroverheen gedrapeerd lichtvoetige patronen en een prachtig vervormde vocaal. Lekker lang, zoals we van Ricardo gewend zijn, maar (meer dan elders) alles in dienst van de opbouw en spanningsboog. Uniek subtiele plaat.

54. Model 500 – Starlight (Moritz Mix) [1995]

Het eerste wapenfeit uit het Basic Channel kamp (en spoiler: er komen er nog wat meer). En om een vaak aangehaald nog-net-niet-cliche te gebruiken: Moritz von Oswalds mix van Model 500’s classic ‘Starlight’ is voor mij dé definitieve brug tussen Detroit en Berlijn; het kruispunt waar die twee snelwegen van langsrazende techno 12”s elkaar (niet voor het eerst, zie e.g. 3MB in 1992) kruisen. Met echo’s en al wordt een enorme ruimtelijkheid opgetrokken die vervolgens lekker lang doorverkend en uitgewerkt wordt. ‘Starlight’ is op zich al een van de betere platen van Juan Atkins, en Moritz von Oswald heeft hem met deze mix naar een nog iets hoger plan getrokkken. Meer om te wiegen dan om te dansen is dit een hele geschikte plaat om een set mee te beginnen en de sfeer er geleidelijk in te brengen.

53. Hardrock Striker – Motorik Life (DJ Sprinkles’ Mountain of Despair) [2011]

Een lastige vraag, waar ik niettemin graag over nadenk als ik terugdenk aan vele uitgaansavondjes tussen 2007 en 2014 (nu nog hoogstens 2-3x per jaar tot laat), is wat nu de mooiste DJ set was die ik ooit heb mogen meemaken. Er zijn twee typen: enerzijds is er de mooiste ervaring op basis van entourage, nieuwigheid, spanning en ontdekking (die komt later terug), en anderzijds de set die van begin tot eind perfect was en waar zelfs het tussendoor kort wc-bezoek voelt als zonde. Voor die tweede soort is er een duidelijke winnaar, en dat is DJ Sprinkles in Trouw (of beter gezegd: in ‘De Verdieping’, de kelder van die voormalige club), als ik me goed herinner op Amsterdam Dance Event in 2013. Nergens pleasen, geen slimme dj-trucjes of standaard opbouw, maar pure kwaliteit blijven en blijven strooien. Geen enkele plaat die hij/zij draaide had ik, los van zijn eigen tracks, eerder gehoord – en van elke plaat verwonderde ik me wat het kon zijn. 3 uur lang ongelofelijke kwaliteit, die je op één plek heel goed kunt terughoren: op Queerifications & Ruins, Sprinkles’s mixplaat uit 2013 met 2 uur van de meest ongelofelijke mixen die je ooit gehoord hebt. Deze Mountain of Despair, een mix van Motorik Life, is een treffend voorbeeld van de epische proporties die je krijgt als je Terre Thaemlitz je plaat laat remixen. Enerverender dan wat dan ook.

52. Shinichi Atobe – Regret [2017]

Een van de minst opvallende namen in de illustere rij producers op het Chain Reaction label was Shinichi Atobe, een anonieme Japanner van wie het enige wapenfeit (daar en elders) de 4-track EP Ship Scope was. Wat mij betreft niet eens onder de betere platen van het label, en daarom schetste het mijn verbazing toen deze producer 13 jaar later opeens opdook uit de anonimiteit en stuk voor stuk elementaire instant-classics de wereld in slingerde. ‘Regret’ ken ik uit de jaarlijst ‘best tracks of 2017’ van Resident Advisor, die ik als playlist op spotify gevonden had. In die jaarlijst viel me enerzijds op dat ik maar weinig tracks boeiend vond: veel relatief kleurloze house en vaak wel erg dogmatisch en binnen de verantwoorde (deep)house lijntjes. Op één moment veerde ik echter telkens huizenhoog op, voor één track die zich niets van dat al aantrok en mij vanaf seconde 1 bij de lurven greep. Die track was Regret van Shinichi Atobe, die ik tot dat moment volledig links had laten liggen. Regret blijft fantastisch, en ik ben met terugwerkende kracht gaan luisteren naar de voorgangers ervan.

51. Newworldaquarium – Levels Halo [2019]

Oorspronkelijk was ik van plan om hier ‘Kirana’s Lament’ of ‘Spirit’ neer te zetten van Nederlands’ absolute nummer 1 voor house en techno: Newworldaquarium a.k.a. Ross 154 a.k.a. Jochem Peteri. Tot mij nog geen drie weken geleden deze ‘Levels Halo’ ter ore kwam: een oudje uit dezelfde tijd begin jaren ’00 dat het materiaal van The Dead Bears vormkreeg, maar nu pas daadwerkelijk uitgebracht. Het is bijna ambient, maar in esthetiek en ritmiek sluit het naadloos aan bij NWAQs andere werken – daarom vind ik dat hij in deze lijst thuishoort. Levels Halo brengt zo’n oase van rust over je heen, dat je alle stress als een soort waterval direct van je af voelt glijden. Deze man is de absolute koning van het geluidsontwerp en de groove, twee zaken die maken dat al het andere direct overbodig wordt. Zodra je vast zit in Levels Halo (en bijna al het andere – schaarse – werk van deze man), laat je nooit meer los en nestel je je behaaglijk in deze zee van subtiliteit en rust.

avatar van Gyzzz
50. The Aztec Mystic a.k.a. DJ Rolando – Jaguar [1999]

In zekere zin is dit een saaie keuze: bijna iedereen kent deze track en er is ook eigenlijk niemand die hem niet goed vindt (niet dat ik weet althans). Categorie ‘The Bells’ van Jeff Mills of ‘Strings of Life’ van Derrick May (wat ik overigens beide aanmerkelijk minder goede tracks vind). En dat terwijl hij een ongewoon hoog bpm heeft, nogal druk en vol is en erg sterk leunt op een basisloopje. Waarom is deze plaat dan toch zo bekend, zo ontzettend goed en kun je hem wanneer dan ook opzetten zonder dat hij een moment verveelt? Ik heb werkelijk waar geen idee. Ik denk dat er simpelweg zoveel levenslust en optimisme in Jaguar zit dat het altijd weer voelt als thuiskomen wanneer ik deze plaat aanslinger. Een duidelijke instant klassieker van Rolando, die zich net zo anoniem gedraagt als zijn Underground Resistance collega’s maar ook in termen van bekendheid puur leunt op deze topper. Positieve superplaat.

49. d5 – Intruders [2009]

Luistertechno is een hoekje waar weinig eer aan te behalen valt. Enerzijds staat het tegenover de complexe elektronica waar eenvoudige ritmes op een gegeven moment als zwaktebod gezien leken te worden, anderzijds tegenover techno die een club op zijn kop kan zetten. Toch is er in de loop der jaren een heel aantal prachtige luisterplaten uitgebracht die onmiskenbaar de technofeel hebben, maar wel voor een luistertoestand (wat ook te denken van deze!). Verrassend veel van die platen vinden hun oorsprong op het Nederlandse label Delsin, een baken van kwaliteit voor subtiele luistermuziek. Om dat kracht bij te zetten organiseert het label toevallig volgend weekend een eerste electronic luistercafe, waarin dit soort platen vermoedelijk goed tot hun recht kunnen komen. D5 is wat mij betreft wel vaandeldrager van dit soort pientere en heldere luistertechno, getuige deze buitenaardse track ‘Intruders’.

48. Justus Köhncke – Timecode [2004]

De platen van Kompakt heb ik altijd een comfortabele ingang gevonden naar house, techno en ambient. Zoals de serie van laatstgenoemde genre toepasselijk Pop Ambient getiteld is, zou je kunnen beargumenteren dat er op Kompakt ook heel veel Pop House en Pop Techno is uitgebracht – zie bijvoorbeeld alleen al de eerdere Jürgen Paape-notering in deze lijst. Dat klinkt als een diskwalificatie, maar daarvoor maken veel van de Kompakt-coryfeeën hun pastisches veel te smaakvol. Het is juist een kunst om in de basis stoere en understated muziek zo vrolijk en frivool te laten klinken zonder dat het pathetisch of knullig wordt. Wie daar ook goed in is, is Justus Köhncke, die mij rond 2005 liet kennismaken met dit soort repetitieve (het kan nog veel extremer, leerde ik later) muziek. 2 After 909 en Timecode stonden bovenaan mijn meest gedraaide downloads, en met de aanschaf van een platenspeler waren het dan ook twee van mijn eerste aanwinsten via discogs. Met name Timecode blijkt ook nu nog een hele kunstzinnige en chique plaat te zijn, die een mooie tijd markeert.

47. Kiki Gyan – Disco Dancer [1979]

Op kleinere feestjes draai ik zo nu en dan met een vriend wat platen, waarbij we – zo merk ik – steeds meer proberen rekening te houden met wat het publiek leuk vindt. Maar ik moet eerlijk bekennen dat ik nog altijd weiger om platen te draaien die ik niet op zijn minst zelf ook erg goed vind. Zeker met een wat diverser publiek, dat niet per se voor de muziek komt, is het dan nog een hele uitdaging om de juiste platen te selecteren. Voor dat soort gelegenheden is het een geweldige uitkomst dat tracks als Disco Dancer van Kiki Gyan bestaan. Werkelijk ie-de-reen vindt deze plaat goed – en dat is hij ook. Het is nogal moeilijk om stil te blijven zitten bij deze Ghanese tegenhanger van disco, die nooit verveelt en iedereen als vanzelf met elkaar verbindt.

46. Model 500 – Night Drive (Thru Babylon) [1985]

TIME, SPACE, TRANSMAT!!!!!! Om te watertanden, hoe verzin je het. De rock&roll onder de techno en electro, deze Night Drive van (ja, daar is hij weer!) Juan Atkins. Dit moet denk ik wel de meest ongepolijste, opportunistische plaat van deze lijst zijn. Recht vooruit, vol ruimtelijke dramatiek, met volkomen krankzinnige en vervreemdende teksten. Als Franz Kafka in een bullet train dendert deze heerlijk gedateerde old school techno door de kamer. En ook hier: vol met funk en melodie die in later tijden langzaam zijn afgestorven in veel tragische hoekjes die hier uit voorkomen. Zo niet hier – volle bak vooruit!!

avatar van Gyzzz
45. R-Tyme – R-Theme [1989]

R-Tyme zijn Derrick May en Darryl Wynn. En deze ongepolijste R-Theme heeft een zeldzame kwaliteit: het is hele vrolijke techno. Opgewekt en positief, zonder dat dat enigszins afdoet aan de serieuze aspiraties of tot meligheid leidt. Dit is een onbevangen bak vol melodie, waar de verkenning en het avontuur vanaf stralen. Van Derrick May krijg ik altijd het gevoel dat hij techno tussen 1983 en 1993 volledig uitgespeeld heeft: alsof hij al verkennende alle mogelijkheden en structuren heeft uitgewerkt en sindsdien tevreden kan terugkijken en af en toe een festival aandoen. En hoewel ik zijn platen soms iets te afstandelijk of druk vind, valt alles in R-Theme mooi op zijn plaats.

44. Kassem Mosse – Untitled [2010]

Kassem Mosse is – en ze komen in deze lijst vaker voor – weer een voorbeeld van een producer die zoveel kwaliteit in zijn kleine teen heeft, dat hij soms alle kanten op schiet en amper beluisterbare platen uitbrengt. Wanneer hij de controle houdt, staat dit echter garant voor vloeiende en super originele vloeiende house. Ik twijfelde of ik 578 op deze plaats moest zetten maar ben uiteindelijk voor Untitled gegaan. Deze anonieme plaat komt van een split 12” met Lowtec op Laid records (onderdeel van het Hamburgse kwaliteitslabel Dial, waarvan oprichter Carsten Jost eerder de revue van deze lijst passeerde). Het is een heerlijk vloeiende, haast zalvende trip langs verfrissende afwisselende percussie. En het is de reden dat ik nieuwe Kassem Mosse platen altijd even check, want zoals een commentaar op youtube bij deze track al zegt: ”I wish all of this guy's music was like this” – en zo is het!

43. The Other People Place – Let Me Be [2001]

Ondanks al het moois dat Drexciya onder eigen alias heeft uitgebracht en de eerdere notering van Der Zyklus van Gerald Donald, komt het allerbeste werk uit deze hoek van zijn compaan James Stinson. Was hij het grote genie achter Drexciya, of is het toeval dat zijn enige soloplaat boven het al het (toch al niet misselijke) onderwaterwerk van deze electrogoeroes uittorent? Ik heb geen idee, en vanwege het overlijden van Stinson kort na de release van debuutplaat Lifestyles of the Laptop Cafe zullen we er ook niet meer achterkomen. Let Me Be is het hoogtepunt van deze super elementaire en volwassen electroplaat, die aan een paar geluiden genoeg heeft om een diepe indruk achter te laten.

42. Aroy Dee & Peel Seamus – All That Remains [2008]

Ik begon me rond 2009 voor het eerst serieus in house en techno te interesseren – ironisch genoeg ruim later dan mijn verkenningstocht door enerzijds de meer experimentele electronica van Autechre, Aphex Twin en consorten en anderzijds de ambient van Fennesz en Tim Hecker. Juist het rechtlijnigere karakter van house maakte het voor mij moeilijker te vatten en kwaliteit te onderscheiden. Wat dat niet moeilijk maakte is deze kleurrijke release van Aroy Dee en Peel Seamus: een heerlijk melodieuze avonturenplaat van Nederlandse bodem die voor mij als een van de eerste tracks de route vanuit “IDM” naar de oude classics uit Chicago, Detroit en Berlijn geopend heeft. Blijft daarmee van grote nostalgische waarde voor mij, maar ik vind het ook gewoon pure kwaliteit.

41. Flight Facilities – Two Bodies [2014]

In 2015 verbleef ik voor werk een klein half jaar in – of all places – Saudi-Arabië. Dit land is niet bepaald de bakermat van de dance: publieke (muziek)optredens zijn verboden, clubs bestaan niet, en als kers op de taart zat ik eens in een restaurant te eten toen een religieuze fanaticus een tafel verderop eiste dat de muziek in het etablissement uitgezet werd. En dat gebeurde dan ook meteen. Mensen halen hun plezier dan ook vooral uit het rondracen (en af en toe slopen) van auto’s op de eindeloze snelwegen in en rond Riyad. En het was op diezelfde eindeloze snelwegen, waar we met grote regelmaat door en rond de stad vervoerd werden, dat ik kennismaakte met dit prachtige ‘Two Bodies’. Mijn Australische projectgenoot zette deze track uit zijn eigen land namelijk iedere ochtend op weg naar kantoor op. Ontwaken met Two Bodies bij een rit van 20 minuten door de grootstedelijke zandbak – ik heb er elk moment van genoten. Terwijl het Saudische verkeer garant staat voor regelmatige bijna-dood ervaringen deden de zalvende en kunstige klanken van ‘Two Bodies’ dat allemaal direct teniet. Deze supertoegankelijke maar chique plaat geeft veel energie en zet ik ook hier nog ontzettend vaak op.

avatar van Ploppesteksel
Let Me Be Me

Gast
geplaatst: vandaag om 11:58 uur

geplaatst: vandaag om 11:58 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.