Hier kun je zien welke berichten (Blacksad) als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Arcade Fire - Reflektor (2013)

4,0
0
geplaatst: 4 november 2013, 21:21 uur
Slimme marketingboys hebben ze daar in de crew van Arcade Fire. Hoe ze erin slaagden zo’n enorme buzz rond het album te creëren verdient toch wel een applaus. Het was uiteraard uiterst vervelend om gedurende enkele maanden met allerlei obscure stunts en dubbelzinnige twitterberichten opgezadeld te worden maar het is uiteraard wel effectief. Nu viel er ook zonder die uitgekiemde marketingcampagne genoeg te rapen om niet hartstochtelijk naar het album uit te kijken. Alleen al de briljante vooruitgestuurde single ‘Reflektor’ zorgde al voor een spanningsboog van 360 graden.
Het horen van de vooruitgestuurde singles ‘Reflektor’ en ‘Afterlife’ lieten het al meteen horen. Arcade Fire verandert van koers. Als we het vorige album ‘The Suburbs’ nog makkelijk als (een briljante weliswaar) gitaarplaat konden bestempelen horen we toch een breder muziekpallet op Reflektor.
Maar hoewel er duidelijk wijzigingen te horen zijn op Reflektor ten opzichte van de vorige platen, toch verliest Arcade Fire er zijn typische stijl allesbehalve bij. De vertrouwde franstalige intermezzo’s van frontvrouw Régine Chassagne zijn nog zoeter als anders en hoewel de nummers veel electronischer gestuurd zijn en vaak door een onderliggende discobeat worden voortgestuwd, de typische kenmerken – opbouwende gitaren, violen en pianoriedeltjes - van een Arcade Fire nummer blijven onaangetast.
Op sommige momenten lijkt het alsof de nummers rechtsreeks opgenomen zijn in een Afrikaans dorpje terwijl de bevolking weelderig mee staat te dansen. Die Afrikaanse sfeer is vooral op het eerste deel van Reflektor duidelijk te horen. Het is ook het meest euforische deel van de plaat. Deel een is ook meer rechttoe rechtaan terwijl deel twee wat meer een tandje terug schakelt en meer drijft meer op een melancholische stroom waar we met het hoofd in de wolken zitten.
De band zou voor de opnames van het album beschikt hebben over een vracht van 60 nummers om Reflektor tot stand te brengen. En zo klinkt Reflektor, als een uiterst bruisende plaat die bulkt van de pret en de muzikale ideeën. Het spelplezier druipt van de plaat af en zorgt ook voor een zalig gevoel gedurende de hele plaat.
Is dit een definitief afscheid van de oude Arcade Fire? Die briljante tijd van Funeral lijkt inderdaad definitief voorbij. Maar Arcade Fire heeft die aartsmoeilijke horde met bravoure genomen en bewijst eens te meer dat het een van de meest interessante, verbazende en meest gedurfde bands is van de afgelopen jaren en zelf decennia is. Hoedje af.
Het horen van de vooruitgestuurde singles ‘Reflektor’ en ‘Afterlife’ lieten het al meteen horen. Arcade Fire verandert van koers. Als we het vorige album ‘The Suburbs’ nog makkelijk als (een briljante weliswaar) gitaarplaat konden bestempelen horen we toch een breder muziekpallet op Reflektor.
Maar hoewel er duidelijk wijzigingen te horen zijn op Reflektor ten opzichte van de vorige platen, toch verliest Arcade Fire er zijn typische stijl allesbehalve bij. De vertrouwde franstalige intermezzo’s van frontvrouw Régine Chassagne zijn nog zoeter als anders en hoewel de nummers veel electronischer gestuurd zijn en vaak door een onderliggende discobeat worden voortgestuwd, de typische kenmerken – opbouwende gitaren, violen en pianoriedeltjes - van een Arcade Fire nummer blijven onaangetast.
Op sommige momenten lijkt het alsof de nummers rechtsreeks opgenomen zijn in een Afrikaans dorpje terwijl de bevolking weelderig mee staat te dansen. Die Afrikaanse sfeer is vooral op het eerste deel van Reflektor duidelijk te horen. Het is ook het meest euforische deel van de plaat. Deel een is ook meer rechttoe rechtaan terwijl deel twee wat meer een tandje terug schakelt en meer drijft meer op een melancholische stroom waar we met het hoofd in de wolken zitten.
De band zou voor de opnames van het album beschikt hebben over een vracht van 60 nummers om Reflektor tot stand te brengen. En zo klinkt Reflektor, als een uiterst bruisende plaat die bulkt van de pret en de muzikale ideeën. Het spelplezier druipt van de plaat af en zorgt ook voor een zalig gevoel gedurende de hele plaat.
Is dit een definitief afscheid van de oude Arcade Fire? Die briljante tijd van Funeral lijkt inderdaad definitief voorbij. Maar Arcade Fire heeft die aartsmoeilijke horde met bravoure genomen en bewijst eens te meer dat het een van de meest interessante, verbazende en meest gedurfde bands is van de afgelopen jaren en zelf decennia is. Hoedje af.
Arp - More (2013)

3,0
0
geplaatst: 13 november 2013, 14:58 uur
Na zijn tweede album ‘The Soft Wave’ ging Arp, sinds 2007 de naam waaronder Alexis Georgopoulos opereert, voor een tijdje de koelkast in. In de tussentijd werkte hij (mee) aan kunst en moderne dans. Maar het is duidelijk dat de man goed heeft nagedacht over wat hij wilde doen. Na dit intermezzo is er drie jaar na The Soft Wave een derde Arp plaat genaamd ‘More’.
Er zijn duidelijk heel wat dingen veranderd ten opzicht van Alexis’ vorige worp. ‘The Soft Wave’ was nagenoeg compleet uit synths opgebouwd en omvatte vooral traag opbouwende nummers die vaak boven de zes minuten klommen. Op ‘More’ horen we duidelijk meer invloeden en muzikale variatie en begeeft Alexis zich op meerdere muzikale gebieden. De vraag waarom de plaat deze titel kreeg is bij deze ook opgelost. De vraag is alleen of dat een goeie zaak is geweest.
We zijn geneigd te zeggen van niet. Een artiest verdient altijd voldoende lof als hij het aandurft duidelijk een andere richting te kiezen. Toch missen we iets aan ‘More’. We beweren niet dat er geen goeie nummers te rapen vallen maar globaal gezien blijft de plaat toch net iets te veel op de oppervlakte en missen we een tikkeltje durf. Arp kiest duidelijk voor een meer toegankelijke en poppy weg. Beatles-esque popnummers als ‘A Tiger in the Hall at Versailles’, ‘Light + Sound’ en ‘Daphne & Chloe’ zijn beslist geen slechte songs al gaan ze na enkele luisterbeurten toch lichtelijk vervelen. Ook de vier elektronische intermezzo’s dragen weinig bij tot het geheel. Op zich zijn zo’n experimenten niet slecht maar veel meer dan wat achtergrondgeruis krijgen we niet te horen. Alleen ‘V2 Slight Return’ valt enigszins te klasseren als interessant.
Gelukkig hoeft het niet allemaal slecht nieuws te zijn want er staan zeker ook fijne dingen op ‘More’. Dat zijn dan weer de nummers waar Arp wél de uitdaging aangaat en wat meer lef aan de basis legt. Het majestueuze ‘Gravity’ is zeer puik ineengestoken met opklimmende violen en onderliggende gitaarnoise. De meer dan fijne blues van ‘More (Blues)’ lijkt zo uit de sixties weggeplukt te zijn en toont dat Arp wel degelijk meer kan dan je eerst zou vermoeden. Hoogtepunt is de seventiesrocker à la Velvet Underground met een stevige scheut The Horrors ‘Judy Nylo’. Jammer dat Arp pas bij afsluiter ‘Persuasion’ verdergaat op dit elan, we hadden graag wat meer gehoord van dit.
Globaal gezien kunnen we stellen dat ‘More’ allesbehalve een slecht album is. We missen alleen een klein beetje meer durf, nu kiest Arp net iets te veel de veilige weg door te vaak terug te grijpen op dezelfde formule. De laatstgenoemde nummers draaien we echter met plezier nog een keer.
Indiestyle: Arp - More
Er zijn duidelijk heel wat dingen veranderd ten opzicht van Alexis’ vorige worp. ‘The Soft Wave’ was nagenoeg compleet uit synths opgebouwd en omvatte vooral traag opbouwende nummers die vaak boven de zes minuten klommen. Op ‘More’ horen we duidelijk meer invloeden en muzikale variatie en begeeft Alexis zich op meerdere muzikale gebieden. De vraag waarom de plaat deze titel kreeg is bij deze ook opgelost. De vraag is alleen of dat een goeie zaak is geweest.
We zijn geneigd te zeggen van niet. Een artiest verdient altijd voldoende lof als hij het aandurft duidelijk een andere richting te kiezen. Toch missen we iets aan ‘More’. We beweren niet dat er geen goeie nummers te rapen vallen maar globaal gezien blijft de plaat toch net iets te veel op de oppervlakte en missen we een tikkeltje durf. Arp kiest duidelijk voor een meer toegankelijke en poppy weg. Beatles-esque popnummers als ‘A Tiger in the Hall at Versailles’, ‘Light + Sound’ en ‘Daphne & Chloe’ zijn beslist geen slechte songs al gaan ze na enkele luisterbeurten toch lichtelijk vervelen. Ook de vier elektronische intermezzo’s dragen weinig bij tot het geheel. Op zich zijn zo’n experimenten niet slecht maar veel meer dan wat achtergrondgeruis krijgen we niet te horen. Alleen ‘V2 Slight Return’ valt enigszins te klasseren als interessant.
Gelukkig hoeft het niet allemaal slecht nieuws te zijn want er staan zeker ook fijne dingen op ‘More’. Dat zijn dan weer de nummers waar Arp wél de uitdaging aangaat en wat meer lef aan de basis legt. Het majestueuze ‘Gravity’ is zeer puik ineengestoken met opklimmende violen en onderliggende gitaarnoise. De meer dan fijne blues van ‘More (Blues)’ lijkt zo uit de sixties weggeplukt te zijn en toont dat Arp wel degelijk meer kan dan je eerst zou vermoeden. Hoogtepunt is de seventiesrocker à la Velvet Underground met een stevige scheut The Horrors ‘Judy Nylo’. Jammer dat Arp pas bij afsluiter ‘Persuasion’ verdergaat op dit elan, we hadden graag wat meer gehoord van dit.
Globaal gezien kunnen we stellen dat ‘More’ allesbehalve een slecht album is. We missen alleen een klein beetje meer durf, nu kiest Arp net iets te veel de veilige weg door te vaak terug te grijpen op dezelfde formule. De laatstgenoemde nummers draaien we echter met plezier nog een keer.
Indiestyle: Arp - More
Atoms for Peace - Amok (2013)

3,5
0
geplaatst: 11 april 2013, 21:17 uur
Een nieuwe groep voor muziekreus Thom Yorke? Geen probleem! Hij vindt vast wel ergens nog een plaatsje in zijn agenda. Hij vindt wel ergens de tijd om nog even wat muziek te maken met wat vrienden.
Neen, zo hoop ik niet dat hij er over dacht. Ik heb een zwak voor Thom Yorke en Radiohead (zie de twee album in mijn top 3), en ongeveer alles wat hij al verwezelijkt/uitgebracht heeft kon mij bekoren. Dus ik stond zeker open voor een nieuw project van hem, en oh ja, die van Red Hot Chili Peppers en R.E.M. waren er ook bij.
Maar toch was ik er niet helemaal gerust in. Ik hoopte vooral dat hij het meende met de groep, dat hij niet snel een album wou opnemen met een paar vrienden. Dat hij er zijn tijd en talent in zou stoppen, dat hoopte ik. En de twee singles, Default en Judge Jury & Executioner stelden mij gerust. De kwaliteit van deze twee singles gaven meteen een goed gevoel over het album. Vooral Judge Jury & Executioner was sterk, het bleek dan ook het meest aan Radiohead gelinkte nummer te zijn van het album.
Het is een heel elektronisch album geworden, zoals we de laatste tijd wel meer gewoon zijn van Thom Yorke/Radiohead. Het is vaak afwachten welk genre het nieuwe album van Radiohead zal worden maar de keuze voor het elektronische lijkt mij nu wel definitief genomen (zie ook The King Of Limbs).
Het is een mooi album geworden, een aangenaam album ook. Het luistert lekker weg en hij wordt bij elke luisterbeurt beter. Veel geheimen ontluiken ook pas na enkele luisterbeurten. Het is ook een sfeervolle plaat geworden, iets wat ik oorspronkelijk niet meteen had verwacht. De elektronica oogt oorspronkelijk wat kil maar na een paar keer luisteren wordt het echt een sfeervolle plaat. De overheersende hand van Thom Yorke is natuurlijk overduidelijk. Hij is dan ook overduidelijk de ‘leider’ van de band. Maar we mogen de andere zeker geen oneer aandoen, zonder hen zou dit album nooit het niveau halen dan dat het nu haalt, luister eens naar die baslijnen van Flea!
Ik heb niet meteen een favoriet nummer, er is geen nummer dat er echt met kop en schouders bovenuit steekt, en dat is de sterkte van dit album. Er staat geen minder nummer op. En dat is tegenwoordig zeer moeilijk te verwezelijken. Er staat dan ook wel geen échte knaller op, en nummer van welke je meteen achterover valt. Maar wel allemaal stuk voor stuk zeer goede nummers, en daarvoor koop je albums.
Ik ben blij met deze Amok, het haalt niet het niveau van menig Radiohead-albums, maar het is gewoon een erg sterke plaat! Ik kijk dan ook rijkhalzend uit naar hun optreden in juli!
Neen, zo hoop ik niet dat hij er over dacht. Ik heb een zwak voor Thom Yorke en Radiohead (zie de twee album in mijn top 3), en ongeveer alles wat hij al verwezelijkt/uitgebracht heeft kon mij bekoren. Dus ik stond zeker open voor een nieuw project van hem, en oh ja, die van Red Hot Chili Peppers en R.E.M. waren er ook bij.
Maar toch was ik er niet helemaal gerust in. Ik hoopte vooral dat hij het meende met de groep, dat hij niet snel een album wou opnemen met een paar vrienden. Dat hij er zijn tijd en talent in zou stoppen, dat hoopte ik. En de twee singles, Default en Judge Jury & Executioner stelden mij gerust. De kwaliteit van deze twee singles gaven meteen een goed gevoel over het album. Vooral Judge Jury & Executioner was sterk, het bleek dan ook het meest aan Radiohead gelinkte nummer te zijn van het album.
Het is een heel elektronisch album geworden, zoals we de laatste tijd wel meer gewoon zijn van Thom Yorke/Radiohead. Het is vaak afwachten welk genre het nieuwe album van Radiohead zal worden maar de keuze voor het elektronische lijkt mij nu wel definitief genomen (zie ook The King Of Limbs).
Het is een mooi album geworden, een aangenaam album ook. Het luistert lekker weg en hij wordt bij elke luisterbeurt beter. Veel geheimen ontluiken ook pas na enkele luisterbeurten. Het is ook een sfeervolle plaat geworden, iets wat ik oorspronkelijk niet meteen had verwacht. De elektronica oogt oorspronkelijk wat kil maar na een paar keer luisteren wordt het echt een sfeervolle plaat. De overheersende hand van Thom Yorke is natuurlijk overduidelijk. Hij is dan ook overduidelijk de ‘leider’ van de band. Maar we mogen de andere zeker geen oneer aandoen, zonder hen zou dit album nooit het niveau halen dan dat het nu haalt, luister eens naar die baslijnen van Flea!
Ik heb niet meteen een favoriet nummer, er is geen nummer dat er echt met kop en schouders bovenuit steekt, en dat is de sterkte van dit album. Er staat geen minder nummer op. En dat is tegenwoordig zeer moeilijk te verwezelijken. Er staat dan ook wel geen échte knaller op, en nummer van welke je meteen achterover valt. Maar wel allemaal stuk voor stuk zeer goede nummers, en daarvoor koop je albums.
Ik ben blij met deze Amok, het haalt niet het niveau van menig Radiohead-albums, maar het is gewoon een erg sterke plaat! Ik kijk dan ook rijkhalzend uit naar hun optreden in juli!
Daft Punk - Random Access Memories (2013)

4,0
0
geplaatst: 5 juni 2013, 21:14 uur
Oh, een nieuw album van Daft Punk? Dat moet ik dan even gemist hebben!
Neen, het was nagenoeg onmogelijk om jezelf niet te verliezen in de campagne die was opgezet rond deze Random Acces Memories.
Net daarom dat ik met gemengde gevoelens naar dit album toe leefde. Ik ook continu het gevoel dat hij ging tegenvallen, omdat iedereen zo hard verwachte dat hij ging knallen.
Maar het is al de heisa meer dan waard! Dit is gewoon een geweldige plaat met stuk voor stuk fantastische nummers. Met sommige nummers had ik in het begin nog wat last (Give Life Back To Music, Within, Touch e.d.) Maar na enkele luisterbeurten ontluiken al deze songs zich tot kleine meesterwerkjes. Instant klassiekers/favorieten zijn:
- Het meesterlijke Giorgio by Moroder, voor mij het beste nummer dat ik van Daft Punk gehoord heb. Het mafste en ontroerende nummer dat ze al geschreven hebben. En bovenal de mooiste ode die de beste man zich kan indenken.
- Het al even fantastische Instant Crush met natuurlijk de geweldige stem van Julian Casablancas (wat heerlijke klinkende naam blijft dat toch
). Een geweldig nummer dat ik elke keer opnieuw wil meezingen maar telkens overstemd word door Julian. Tja, ik leg er mij bij neer 
- Get Lucky, dé zomerhit van 2013. Ik was er in eerste instantie niet helemaal weg van maar nu vind ik het een geweldig nummer! Het geweldig gitaarrifje dat maar niet uit je hoofd geraakt. Normaal ben ik niet zo'n fan van Pharrel, maar hij swingt hij toch wel de pan uit!
- Het epische slot van Random Access Memories, het fantastische Contact. Het begint met een sampel van Apollo 14 en vanaf dan is het een langgerekte wervelwind van geluid. De synthesizer klinkt hier werkelijk fantastisch en de melodie is groots! Kippenvel verzekerd.
Random Acces Memories is één langgerekt hoogtepunt zonder een moment van verzwakken. De samenwerkingen met de vele gastartiesten zijn stuk voor stuk knallers. Zoals kobe bryant fan al zei, dit wordt dé zomerplaat van 2013! Hopelijk een hele zomer zon, en een hele zomer Daft Punk!

Neen, het was nagenoeg onmogelijk om jezelf niet te verliezen in de campagne die was opgezet rond deze Random Acces Memories.
Net daarom dat ik met gemengde gevoelens naar dit album toe leefde. Ik ook continu het gevoel dat hij ging tegenvallen, omdat iedereen zo hard verwachte dat hij ging knallen.
Maar het is al de heisa meer dan waard! Dit is gewoon een geweldige plaat met stuk voor stuk fantastische nummers. Met sommige nummers had ik in het begin nog wat last (Give Life Back To Music, Within, Touch e.d.) Maar na enkele luisterbeurten ontluiken al deze songs zich tot kleine meesterwerkjes. Instant klassiekers/favorieten zijn:
- Het meesterlijke Giorgio by Moroder, voor mij het beste nummer dat ik van Daft Punk gehoord heb. Het mafste en ontroerende nummer dat ze al geschreven hebben. En bovenal de mooiste ode die de beste man zich kan indenken.
- Het al even fantastische Instant Crush met natuurlijk de geweldige stem van Julian Casablancas (wat heerlijke klinkende naam blijft dat toch
). Een geweldig nummer dat ik elke keer opnieuw wil meezingen maar telkens overstemd word door Julian. Tja, ik leg er mij bij neer 
- Get Lucky, dé zomerhit van 2013. Ik was er in eerste instantie niet helemaal weg van maar nu vind ik het een geweldig nummer! Het geweldig gitaarrifje dat maar niet uit je hoofd geraakt. Normaal ben ik niet zo'n fan van Pharrel, maar hij swingt hij toch wel de pan uit!
- Het epische slot van Random Access Memories, het fantastische Contact. Het begint met een sampel van Apollo 14 en vanaf dan is het een langgerekte wervelwind van geluid. De synthesizer klinkt hier werkelijk fantastisch en de melodie is groots! Kippenvel verzekerd.
Random Acces Memories is één langgerekt hoogtepunt zonder een moment van verzwakken. De samenwerkingen met de vele gastartiesten zijn stuk voor stuk knallers. Zoals kobe bryant fan al zei, dit wordt dé zomerplaat van 2013! Hopelijk een hele zomer zon, en een hele zomer Daft Punk!

Nick Cave & The Bad Seeds - Push the Sky Away (2013)

4,5
0
geplaatst: 10 april 2013, 16:50 uur
Nice Cave & the Bad Seeds. Een naam als een klok in de muziekindustrie. Toch was ik helemaal niet bekend met zijn werk. Mijn muziekkennis over hem bleef bij enkele radiosingels én de soundtrack van “The Assassination of Jesse James by the Coward Robert Ford” (geweldige film overigens). Het is ook meer dan normaal dat zijn werk bij mij niet al te bekend is. Voor mijn geboortejaar 1996 was al heel wat werk van hem uitgekomen. Later heb ik ook nooit echt interesse gevoeld om een album te kopen van hen. Tot een paar weken geleden. De bal ging aan het rollen bij het horen van de twee uitgekomen singles: We No Who U R en Jubilee Street.
De eerste was straf, de tweede magistraal. Jubilee Street werd na maar enkele luisterbeurten in mijn afspeellijst op Spotify gezet. Die afspeellijst bevat een lijst met 16 nummer die voor mij persoonlijk tot de beste aller tijden horen. De interesse was meteen gewekt, uiteraard. Ik heb het album een dag voor de officiële release aangekocht, die laatste dag wachten was er teveel aan. En of het een knaller is! Een knaller is geen juiste benaming voor een album dat uitblinkt in rust en eenvoud. En dat is meteen ook de sterkte van dit album. Het is prachtig om te horen hoe mooi muziek kan zijn ook met een minimum aan arrangementen.
Daarbij heb je natuurlijk ook nog die geweldige stem van Nick Cave. Zijn stem straalt de hele tijd een rust uit de perfect bij dit album past. Met grootste intensiteit zingt hij dit album naar een hoge klasse.
Het album verzwakt op geen enkel moment. Niet alle nummers zijn zo magistraal als Jubilee Street maar dat is ook onmogelijk. Nummers als We Real Cool, Water’s Edge, Higgs Boson Blues en Push the Sky Away zijn zonder meer beter dan 95% van de nummers die je te horen krijgt.
Met 9 nummers is Push the Sky Away niet bijzonder lang maar het album voelt wel helemaal af. Het zou spijtig zijn geweest om onnodige/mindere nummers erop te zetten om het album langer te maken. Die kunnen ze binnen een paar jaar op een deluxe versie zetten.
Push the Sky Away is een énorm aangename kennismaking met Nick Cave en die twee vooruitgestuurde singles blijken niet te liegen over de kwaliteit van de rest van het album.
Ik ga mij nog eens neerleggen en de gordijnen sluiten en hem nog eens door de boxen laten horen. Wat kan muziek het leven toch mooi maken…
“I’m flying”
(dit is mijn allereerste recensie. Ik heb hem zo goed mogelijk proberen schrijven, en ik ben er wel blij om
)
De eerste was straf, de tweede magistraal. Jubilee Street werd na maar enkele luisterbeurten in mijn afspeellijst op Spotify gezet. Die afspeellijst bevat een lijst met 16 nummer die voor mij persoonlijk tot de beste aller tijden horen. De interesse was meteen gewekt, uiteraard. Ik heb het album een dag voor de officiële release aangekocht, die laatste dag wachten was er teveel aan. En of het een knaller is! Een knaller is geen juiste benaming voor een album dat uitblinkt in rust en eenvoud. En dat is meteen ook de sterkte van dit album. Het is prachtig om te horen hoe mooi muziek kan zijn ook met een minimum aan arrangementen.
Daarbij heb je natuurlijk ook nog die geweldige stem van Nick Cave. Zijn stem straalt de hele tijd een rust uit de perfect bij dit album past. Met grootste intensiteit zingt hij dit album naar een hoge klasse.
Het album verzwakt op geen enkel moment. Niet alle nummers zijn zo magistraal als Jubilee Street maar dat is ook onmogelijk. Nummers als We Real Cool, Water’s Edge, Higgs Boson Blues en Push the Sky Away zijn zonder meer beter dan 95% van de nummers die je te horen krijgt.
Met 9 nummers is Push the Sky Away niet bijzonder lang maar het album voelt wel helemaal af. Het zou spijtig zijn geweest om onnodige/mindere nummers erop te zetten om het album langer te maken. Die kunnen ze binnen een paar jaar op een deluxe versie zetten.
Push the Sky Away is een énorm aangename kennismaking met Nick Cave en die twee vooruitgestuurde singles blijken niet te liegen over de kwaliteit van de rest van het album.
Ik ga mij nog eens neerleggen en de gordijnen sluiten en hem nog eens door de boxen laten horen. Wat kan muziek het leven toch mooi maken…
“I’m flying”
(dit is mijn allereerste recensie. Ik heb hem zo goed mogelijk proberen schrijven, en ik ben er wel blij om
)Quasi - Mole City (2013)

4,0
0
geplaatst: 8 december 2013, 19:49 uur
Mijn recensie voor Indiestyle over dit album:
Als je als band al meer dan twee decennia muziek maakt dan is dat niet meer om de wereld te veroveren of om het muzieklandschap de hertekenen. Neen, dan doe je dit omdat je daar plezier in hebt. En dat is heel duidelijk te horen op het negende wapenfeit van Quasi, een Amerikaanse groep bemand door het gescheiden duo Sam Cookes en Janet Weiss. Bij het zien van de tracklist is het toch even slikken. ‘Mole City’ is een kanjer die maar liefst 24 nummers bevat. De helft haalt weliswaar de 3-minutengrens niet, het blijft hoe dan ook een serieuze lijst.
De schrik zat er in het begin dan ook een beetje in dat we na een tijd naar de tracklist zouden zitten kijken met de vraag ‘Hoeveel komen er nog?’. Na een eerste luisterbeurt weet je ook nog niet echt goed wat je eigenlijk met het album moet. Het is nog niet meteen duidelijk of je dit nu goed vindt of niet. Toch weet ‘Mole City’ met elke bijkomende draaibeurt het “dit is wél goed”-gevoel te verhogen. De troef van deze plaat is de variatie die aan de dag wordt gelegd. Gevoelige pianoballads, onversneden rock, elektronische intermezzo’s, fijne harmonieën, het zorgt er voor dat je gefascineerd blijft luisteren. “Niet te veel nadenken, gewoon goeie muziek maken”, dat lijkt het mission statement van Quasi.
Oké, het album had in z’n geheel best wel wat beknopter gekund en sommige nummers hadden de schifting niet moeten overleven maar laat dat zeker geen obstakel zijn om je koptelefoon op te nemen en op play te drukken. Deze plaat verdient het gewoon om aan je oor tentoon gespreid te worden, je zult het je niet beklagen.
‘Mole City’ kan gezien worden als een soort muzikale encyclopedie. Er zijn maar weinig genres die Sam en Janet onaangeroerd laten. En vooral, het laat je met een goed gevoel achter nadat je de koptelefoon hebt neergelegd en de laatste tonen zijn uitgedoofd. En is dat niet de reden waarom we allemaal naar muziek luisteren?
Als je als band al meer dan twee decennia muziek maakt dan is dat niet meer om de wereld te veroveren of om het muzieklandschap de hertekenen. Neen, dan doe je dit omdat je daar plezier in hebt. En dat is heel duidelijk te horen op het negende wapenfeit van Quasi, een Amerikaanse groep bemand door het gescheiden duo Sam Cookes en Janet Weiss. Bij het zien van de tracklist is het toch even slikken. ‘Mole City’ is een kanjer die maar liefst 24 nummers bevat. De helft haalt weliswaar de 3-minutengrens niet, het blijft hoe dan ook een serieuze lijst.
De schrik zat er in het begin dan ook een beetje in dat we na een tijd naar de tracklist zouden zitten kijken met de vraag ‘Hoeveel komen er nog?’. Na een eerste luisterbeurt weet je ook nog niet echt goed wat je eigenlijk met het album moet. Het is nog niet meteen duidelijk of je dit nu goed vindt of niet. Toch weet ‘Mole City’ met elke bijkomende draaibeurt het “dit is wél goed”-gevoel te verhogen. De troef van deze plaat is de variatie die aan de dag wordt gelegd. Gevoelige pianoballads, onversneden rock, elektronische intermezzo’s, fijne harmonieën, het zorgt er voor dat je gefascineerd blijft luisteren. “Niet te veel nadenken, gewoon goeie muziek maken”, dat lijkt het mission statement van Quasi.
Oké, het album had in z’n geheel best wel wat beknopter gekund en sommige nummers hadden de schifting niet moeten overleven maar laat dat zeker geen obstakel zijn om je koptelefoon op te nemen en op play te drukken. Deze plaat verdient het gewoon om aan je oor tentoon gespreid te worden, je zult het je niet beklagen.
‘Mole City’ kan gezien worden als een soort muzikale encyclopedie. Er zijn maar weinig genres die Sam en Janet onaangeroerd laten. En vooral, het laat je met een goed gevoel achter nadat je de koptelefoon hebt neergelegd en de laatste tonen zijn uitgedoofd. En is dat niet de reden waarom we allemaal naar muziek luisteren?
The Knife - Shaking the Habitual (2013)

4,0
0
geplaatst: 28 april 2013, 20:25 uur
Mijn kennismaking met The Knife gaat enkele maanden terug, toen ik wat aan het snuisteren was op de website van Focus Knack. Ik stootte op een top 10 van de beste albums van 2000 tot 2009. De meeste albums waren bij mij bekend (hun nummer 1 is mijn nummer 1 aller tijd: Kid A) maar eentje kon ik niet meteen plaatsen: Silent Shout van The Knife op nummer 7. En omdat ik me meestal wel kan vinden in de quoteringen van Focus Knack ging ik op zoek naar Silent Shout, op spotify was hij niet te vinden, in de bibliotheek gelukkig wel. En kijk, een paar maand later staat hij al in mijn top 10. Fantastische plaat!
Nu is hun nieuwe album uit, Shaking The Habitual. Voor degene die Silent Shout kochten bij het uitkomen 7 lange jaren, bij mij na een paar maanden.
Dit schreef ik bij Silent Shout:
Een uitspraak die ik toch moet nuanceren. Na veelvuldige luisterbeurten is deze uitspraak lang niet waterdicht meer. Ik heb lang gewacht om het nieuwe materiaal te beluisteren (ik wou wachten tot de release) maar toen ik voor het eerst Full Of Fire hoorde was er geen houden aan. Na vele luisterbeurten ben ik daar toch al uit: Full Of Fire is het beste nummer dat The Knife al gemaakt heeft. 9 minuten lang genieten.
Tweede singel A Thooth For An Eye liet al een even geweldige sound horen. Lichter dan Full Of Fire maar toch een heerlijke song om op los te gaan en mee te schreeuwen. Uiteindelijk blijkt Shaking The Habitual een opeenstapelingen van hoogtepunten. A Cherry On Top, Without You My Life Would Be Boring, Raging Lung, Networking, Stay Out Here en Ready To Lose. Wat een nummers! Wat een nummers!! Fantastische electronica, in een horrormantel gehuld. Shaking The Habitual klinkt algemeen rauwer, donkerder en experimenteler dan Silent Shout. Het zijn nummers die me elke keer kippenvel bezorgen, zo goed zijn ze. En dan heb je nog die stem van Karin Dreijer Andersson, ze zingt niet. Ze krijst en schreeuwt zich een weg door door het album.
Maar… Dan zijn er ook enkele nummers waar ik het minder mee kan vinden. Met de twee nummers die onder de minuut blijven, Crake en Oryx, heb ik niet meteen een probleem. Het is niet aangenaam om naar te luisteren maar met hun 55 en 37 seconden zijn ze gedaan eer ze begonnen zijn. Old Dreams Waiting To Be Realised en Fracking Fluid Injection zijn net ietsje langer. 19 en 10 minuten. Twee nummers die meestal geskipt worden omdat ik gewoon niet het geduld heb om 19 minuten naar iets te luisteren en daarna het gevoel hebben dat ik niets gehoord heb. Dat heeft Fracking Fluid Injection dan nog voor op Old Dreams Waiting To Be Realised, daar zit nog wat in, al is het niet altijd even aangenaam. Old Dreams Waiting To Be Realised duurt gewoon echt te lang.
Deze twee nummers houden me van de 5*, en ook misschien wel van een top 10 plaats. Want de andere nummers zijn gewoon fantastisch. En dat is hetgeen ik onthoud van dit album. Silent Shout was zeker geen toevalstreffer, het was een voorbode van een bij momenten nog beter album!
4,5*
Nu is hun nieuwe album uit, Shaking The Habitual. Voor degene die Silent Shout kochten bij het uitkomen 7 lange jaren, bij mij na een paar maanden.
Dit schreef ik bij Silent Shout:
ik kijk rijkhalzend uit naar hun nieuwe worp in april. Hem evenaren, laat staan overtreffen lijkt er niet in te zitten. Een keer zo'n niveau halen is al redelijk uniek.
Een uitspraak die ik toch moet nuanceren. Na veelvuldige luisterbeurten is deze uitspraak lang niet waterdicht meer. Ik heb lang gewacht om het nieuwe materiaal te beluisteren (ik wou wachten tot de release) maar toen ik voor het eerst Full Of Fire hoorde was er geen houden aan. Na vele luisterbeurten ben ik daar toch al uit: Full Of Fire is het beste nummer dat The Knife al gemaakt heeft. 9 minuten lang genieten.
Tweede singel A Thooth For An Eye liet al een even geweldige sound horen. Lichter dan Full Of Fire maar toch een heerlijke song om op los te gaan en mee te schreeuwen. Uiteindelijk blijkt Shaking The Habitual een opeenstapelingen van hoogtepunten. A Cherry On Top, Without You My Life Would Be Boring, Raging Lung, Networking, Stay Out Here en Ready To Lose. Wat een nummers! Wat een nummers!! Fantastische electronica, in een horrormantel gehuld. Shaking The Habitual klinkt algemeen rauwer, donkerder en experimenteler dan Silent Shout. Het zijn nummers die me elke keer kippenvel bezorgen, zo goed zijn ze. En dan heb je nog die stem van Karin Dreijer Andersson, ze zingt niet. Ze krijst en schreeuwt zich een weg door door het album.
Maar… Dan zijn er ook enkele nummers waar ik het minder mee kan vinden. Met de twee nummers die onder de minuut blijven, Crake en Oryx, heb ik niet meteen een probleem. Het is niet aangenaam om naar te luisteren maar met hun 55 en 37 seconden zijn ze gedaan eer ze begonnen zijn. Old Dreams Waiting To Be Realised en Fracking Fluid Injection zijn net ietsje langer. 19 en 10 minuten. Twee nummers die meestal geskipt worden omdat ik gewoon niet het geduld heb om 19 minuten naar iets te luisteren en daarna het gevoel hebben dat ik niets gehoord heb. Dat heeft Fracking Fluid Injection dan nog voor op Old Dreams Waiting To Be Realised, daar zit nog wat in, al is het niet altijd even aangenaam. Old Dreams Waiting To Be Realised duurt gewoon echt te lang.
Deze twee nummers houden me van de 5*, en ook misschien wel van een top 10 plaats. Want de andere nummers zijn gewoon fantastisch. En dat is hetgeen ik onthoud van dit album. Silent Shout was zeker geen toevalstreffer, het was een voorbode van een bij momenten nog beter album!
4,5*
