Momenteel ga ik door een jazz-fase, dus het is een paar weekjes geleden dat er een rockplaat bovenaan mijn rotatielijst was te vinden. Tot mijn positieve verrassing is Pearl Jam de eerste band die het weer is gelukt.
Geboren in 1981 ben ik, als het gaat om bepalende muziekinvloeden, echt een kind van de jaren negentig. Pearl Jam was toen mijn favoriete band: op mijn meer melodramatische momenten zou ik stellen dat Eddie Vedder me door mijn puberteit heeft heengesleept. Vs was een van de eerste vijf cd's die ik van mijn eigen geld kocht... toen No Code uitkwam heb ik wekenlang die plaat gedraaid van 's middags tot ik uit school kwam, totdat mijn ouders gingen klagen dat het stil moest zijn (en dan verder luisteren over de koptelefoon)... Nadat Yield uitkwam tekende ik op al mijn schoolschriften verkeersbordjes...
Al mijn vrienden hielden meer van Nirvana, Metallica of Korn, Pearl Jam vonden ze maar softies. Maar ik kon er geen genoeg van krijgen. Release, Indifference, Last Exit, In My Tree... liedjes die sindsdien getatoeeerd staan op mijn persoonlijkheid.
Een paar jaar geleden haakte ik desondanks af. Na Yield volgde namelijk het zwakke, slordige Binaural, en toen Riot Act, die een stuk beter was maar nog steeds niet echt tot in mijn ruggegraat wist door te dringen.
Ik ben altijd meer een muziekliefhebber dan een trouwe fan geweest: van geen enkele band koop ik de volgende plaat als ze twee zwakke platen na elkaar uitbrengen. Hun titelloze heb ik dus ook niet gekocht, en de paar liedjes die ik ervan heb gehoord deden me ook weinig.
Intussen was ik gaan denken dat Pearl Jam misschien wel een van die bands was die je, in je jeugdige onwetendheid, overwaardeert, zoals ik toen ook hield van Offspring en Live, bands waarvan nu zelfs niets meer op mijn mp3-speler staat. Maar als ik daarna hun oude platen nog een keer draaide, raakten die liedjes me nog steeds net zo hard als toen ik zestien was.
Ik dacht bij mezelf, Pearl Jam is dan misschien niets meer, maar ze hebben hun periode gehad, zeker wel.
(Op dronken feestjes liep ik soms zelfs af op mede-rockliefhebbers. 'Ik had gelijk wat betreft Pearl Jam!', lalde ik in hun oren. Ze haalden hun schouders op en begonnen een verhaal over een van hun eigen favoriete bands. Zoals dat gaat met die dingen).
Hun oude werk vond ik mooi, hun nieuwe werk niet interessant.
Totdat ik The Fixer hoorde.
Allerminst de meest ingenieuze rocksingle ooit, of zelfs het meest orginele nummer dat Pearl Jam ooit schreef, maar het
raakte me.
Waarom weet je nooit, natuurlijk. Eddie Vedders 'ik wil alles repareren'- monoloog hangt in tussen neurotisch en hartverwarmend, maar er zit echte passie in, je
gelooft wat ie zingt, en dat is wel eens anders geweest op hun laatste platen.
Luisterend naar Backspacer klinkt Eddie Vedder bij vlagen gelouterd, gebroken en zoekend, maar altijd scherp, gemeend en urgent.
De plaat begint met een reeks pittige rockers: zonder verdere intro's of andere tierlantijntjes draaft het riff van Gonna See My Friend uit je boxen. Daarna wordt er meteen nog een tandje bijgeschakeld met het aanstekelijk beukende Got Some, gevolgd door de dus nogal ondergewaardeerde single The Fixer, yeah, yeah, yeah, yeah, en vervolgens het punky Johnny Guitar.
Dat doet denken aan wijlen Johnny Ramone, die Eddie Vedder ooit 'de beste vriend die ik ooit gehad heb' noemde. Misschien hoor ik daardoor sporen van
Johnny's oude bandje op de rockers van Backspacer, (ook omdat Pearl Jam inmiddels bijna net zo'n lange adem blijkt te hebben).
Die wilde, recht door zee rock-mentaliteit past goed bij de band, vooral als ze weer goed op band worden gezet (vertrouwde producer Brendan O' Brien terug), en de band zoals nu in topvorm is (vooral Vedder en drummer Matt Cameron).
Na het vierde nummer een adempauze: Just Breathe. Eddie grijpt terug naar
zijn solomomentje, in de eerste van twee desolate, verstilde en vooral schitterende nummers op deze plaat.
Dan een stukje oude school: twee nummers waarbij de band op hun sterke punten leunt en vooral heel erg klinkt als Pearl Jam. Het verslavende, maar wel zeer typerende Amongst the Waves, en dan: Unthought Known. Naaste familie van eerder PJ-succesnummers zoals Love Boat Captain, maar prachtig opgebouwd en minstens net zo goed. Hoogtepunt van de plaat.
Een dipje is dan bijna onvermijdelijk: Supersonic, een lompe punker die een standaard-Stone Gossardriff maar weer eens opwarmt. Goed geplaatst tussen rustigere nummers, maar nog steeds het dichtste bij een vuller dat ik op Backspacer heb kunnen vinden.
Speed of Sound fascineert, maar betovert me (momenteel nog) niet. ik vind het een mooi gemaakt, maar iets te schetsmatig nummer.
The End sluit het album af, het tweede desolate, verstilde prachtnummer a la Into The Wild. 'The end is near', zingt Eddie Vedder. Hij is niet positief op deze plaat, en de passie en oprechtheid waarmee hij zingt over wanhoop en twijfel grijpen je niet zelden naar de keel. The End lijkt midden in een gedachte te stoppen: 'I'm here, but not much longer...'
En ineens sterft het geluid weg. In een ruime 35 minuten staan we weer buiten, rillend in de stilte, hunkerend naar meer.
Elke keer kost het me moeite om de cd weer terug in het fraaie hoesje te stoppen, en hem niet nu al stuk te draaien.
Misschien is het
een beetje heiligschennis o.... Laten we in ieder geval hopen dat Vedder hier niet mee impliceert dat Pearl Jam een afgesloten hoofdstuk is, want Backspacer is de beste nieuwe rockplaat die ik dit jaar heb gehoord. (Misschien dat sommige mensen me niet serieus nemen hierdoor, maar ik heb dan weer niet zoveel met obscure elektro, progrockhypes of Joy Divisionklonen. Even goede vrienden

)
Voorlopig een ruime vier sterren, omdat ik er heel reeel alvast op vooruit loop dat mijn enthousiasme voor deze plaat over een paar weken wel weer een beetje zal zakken. Zo niet, dan is 4,5 sterren een mogelijkheid.
Humo recenseerde vorige week de plaat, gaf hem 3,5 sterren (Humo geeft normaal gesproken maximaal 4), en eindigt de recensie op een manier die ik ten slotte nog even wil delen, omdat ik me er voor 100% bij aansluit:
"'Backspacer' is 36 minuten en 38 seconden lang groots.
'It's better to burn out than to fade away,citeerde generatiegenoot Kurt Cobain op een dinsdag in '94 een held, en hij stak een tweeloop in zijn mond. Vele dinsdagen later slaat Pearl Jam een dérde weg in: ze blijven branden. Wonderkinderen van veertig."
(Van:
http://www.humo.be/tws/cd-r...)