MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Muziek / Toplijsten en favorieten / De artiesten top 100 van (herman)!

zoeken in:
avatar van dazzler
GrafGantz schreef:
Laat dat nu net iets zijn waar His Royal Badness bij uitstek voor te porren is, een spreidstand

Met de ballen bloot!

avatar van dazzler
43. SINEAD O'CONNOR
https://i.postimg.cc/SRsdg8pz/Sinead-O-Connor.jpg

Sinead O'Connor zat in de platenkast van mijn vrouw toen ik haar leerde kennen. Toen een jaar of vijftien geleden het zoontje van een collega stierf door een hersentumor werd gezocht naar passende muziek voor de begrafenis. Ik kwam bij de Ierste zangeres terecht en meer bepaald haar vierde album Fire In Babylon (1994). Uitendelijk werd een collage gemaakt van beelden van het jongetje met een selectie van O'Connors muziek als soundtrack om te projecteren bij het verzamelen in de kerk. Als een leeuwin grolde Sinead de gifslang toe op haar debuut The Lion And The Cobra (1987). En tegen alle commerciële wetten in werd Troy een hitsingle. Ook het dansbare Mandinka werd vaak gedraaid in het jeugdhuis. Drie jaar later zien we in de videoclip van de Prince cover Nothing Compares 2 U een meisje in tranen. I Do Not What What I Haven't Got (1990) klonk als een antwoord op het sterdom. De tekst van de single The Emperor's New Clothes leest als een kleine autobiografie. De zangeres vocht verbeten voor haar plaats. Daarna volgt Am I Not Your Girl (1992). Een coveralbum is meestal een teken aan de wand: de platenfirma wil het ijzer smeden als het heet is maar de artiest beschikt nog over onvoldoende nieuw materiaal. Maar onder de titel van het album schuilt een adder. "Am I Not Your Girl" richt zich niet enkel tot de geliefden in de collectie love songs. "Am I Not Your Girl" is ook gericht aan Sinead's eigen moeder. Is het dat niet wat velen zoeken in een relatie: de aanvaarding die ze thuis onvoldoende gevoeld hebben? En is het daarom niet dat zoveel relaties op de klippen lopen. En er is nog meer aan de hand. Op het toppunt van haar roem, grijpt de Ierse de kans om de aandacht van de wereld te richten op het kindermisbruik in de katholieke kerk, decennia voor die schandaalbal aan het rollen gaat. Het moment waarop ze in prime time de foto van de paus verscheurde. De storm van kritiek die ze hiermee oogstte, gaf de zangeres de tijd om aan haar vierde album te werken: Universal Mother (1994). Als je die aanvaarding niet kan vinden bij je naasten, dan probeer je het zelf beter te doen. Dan probeer je de moeder te zijn die je zelf nooit gehad hebt. Sinead richt zich tot alle gekwetste kinderen en probeert hen te bemoederen zoals ook nonnen in een klooster doen. Op Universal Mother (1994) probeert ze het zelf geleden leed om te buigen in een troostend nabij zijn. Maar O'Connor was ook zelf moeder. En als je kind dan besluit om uit het leven te stappen, treedt ook de dood in bij de moeder. De laatste jaren van haar leven moeten een hel geweest zijn. En eeuwig branden in de hel is geen optie voor mensen die zichzelf hebben proberen te geven voor anderen. Sinead O'Connor, een vrouw met een repertoire dat diep snijdt. Mijn vrouw en ik mochten haar live zien op Dranouter, eind jaren '90. Wat een stem, wat een overgave en ze had de Prince hit die avond niet nodig om het hele publiek te omarmen: this is to mother you. Rust in vrede, Sinead.



Het nummer dat me bij Sinead O'Connor bracht voor de begrafenis van het zoontje.

avatar van dazzler
42. CHINA CRISIS
https://i.postimg.cc/90nDFW8z/China-Crisis-II.jpg

Een synthipop duo op Virgin en uit Liverpool dat haar eerste stappen zette in het voorprogramma van OMD. Het ligt voor de hand om China Crisis te zien als het kleine broertje van OMD. Beider tweede album werd geproducet door Mike Howlett. Tot zover de gelijkenissen. Na vier invloedrijke albums, trekt OMD noodgedwongen de commerciële kaart. De hits blijven hun sterkste troeven. Bij zanger / toetsenist Gary Daly en gitarist / zanger Eddie Lundon loopt het net iets anders. Hun debuut heet niet toevallig Difficult Shapes & Passive Rhythms (1983). Maar liefst vier verschillende producers proberen vorm te geven aan het nog grillige werk. China Crisis staat met één voet in de new wave scene en met de andere in de progressieve jaren '70. Hun eerste composities zijn vaak instrumentaal en worden pas in een latere fase voorzichtig van verzen voorzien. Als je het materiaal van de eerste elpee en de b-kanten van de bijhorende singles verzamelt, dan hoor je beide uitersten terug: het experimenteren met instrumentale klanktapijten versus het zoeken naar goed in het oor liggende popsongs. De subtitel van de plaat is al evenmin toevallig Some People Think It's Fun To Entertain. De single Christian zorgt voor een doorbraak in de UK charts. Het catchy Some People I Know To Lead Fantastic Lives wordt helaas niet als single uitgebracht hoewel het duidelijk vooruitblikt op China Crisis' hitalbum Working With Fire And Steel (1983). Daarvan wordt de derde single Wishful Thinking hun grootste hit. Uniek is de toevoeging van een hobo aan hun muzikaal palet. Possible Pop Songs Volume 2 is dit keer de ondertitel. En je mag zonder aarzelen zeggen dat elk nummer op dat tweede album single kansen bezat. Voor Flaunt The Imperfection (1985) wordt Walter Becker aangetrokken als producer. De groep zelf droomde van Brian Eno maar ook Becker stond hoog aangeschreven. Tot hun grote verbazing hapte deze held wel toe. Het Steely Dan genie heeft duidelijk een hand in de arrangementen van een plaat die naast een gepolijst geluid ook een jazzy flow heeft. Hier en daar dreigt het arty element de composities wat te overheersen maar net als bij het fotowerk van Man Ray zeg je als luisteraar uiteindelijk toch: wat mooi allemaal. Het tweede en derde China Crisis album doen waar grote broer OMD het vanaf Junk Culture (1984) moeilijker mee had: naast de hits ook volwaardige deepcuts aandragen. Het vierde album What Price Paradise (1986) komt er te snel. Die platenfirma's met hun nooit aflatende druk om het succes te rekken, nekken ook de carrière van China Crisis. De groep neemt voldoende tijd om haar vijfde en laatste Virgin album op te nemen. Maar Diary Of A Hollow Horse (1989) verschijnt als China Crisis al in het museum van de 80's synthipop is bijgezet. Ik vind het oeuvre van China Crisis mooi, verzorgd en vooral aangenaam om naar te luisteren. Al ben ik nooit een fan geweest van het stemgeluid van Gary. Het duo bracht nadien nog twee platen met nieuw materiaal uit en treedt nog steeds op.



Walter Becker is in da house.

avatar van vigil
Toeval of niet maar ik had de hele dag al het intro van Christian in mijn hoofd zitten.

Overigens vind ik Diary of a Hollow Horse een behoorlijk sterk album.

avatar van dazzler
41. FLEETWOOD MAC
https://i.postimg.cc/pX4nXT5z/FM.jpg

Fleetwood Mac is meer dan Rumours (1977). Er zit meer in een levensverhaal dan de geruchten doen geloven. Het begint met die boomlange drummer Mick Fleetwood en zijn blues maatje Peter Green. Albatross! U kent de Monty Python sketch wellicht ook. En het liefje van de timide bassist John McVie blijkf niet alleen goed overweg te kunnen op de toetsen. Christine schijft ook liedjes. Als Green de band verlaat is het even zoeken. Naar het schijnt zijn de albums uit die periode mooier dan de hoezen maar ik ken ze niet. Het lijkt een fase in het levensverhaal van Fleetwood Mac die wel vaker over het hoofd wordt gezien. En dan schuiven Stevie Nicks en Lindsey aan. Plots telt de band drie songschrijvers: meestal een vloek maar soms ook een zegen. Op Fleetwood Mac (1976) loopt het nog aardig. Tijdens de opnames van Rumours (1977) worden er harten gebroken. Echte artiesten zetten die hartenpijn om in kunst: Go Your Own Way, Dreams en You Make Loving Fun. Toch klinkt Fleetwood Mack ondanks de innerlijk verscheurdheid van haar leden als een hecht team: The Chain. Daarna lijken de meeste Fleetwood Mac albums minstens één van de vijf protagonisten te missen: ofwel door afwezigheid tijdens het schrijven ofwel door afwezigheid tijdens het opnemen of optreden. Op Tusk (1979) trekt Buckingham het laken naar zich toe. Een dubbelaar waarop de band meerdere gezichten toont. Op Mirage (1982) en Tango In The Night (1987) treedt Christine McVie op de voorgrond als hitleverancier door de geringe betrokkenheid van Nicks. Op het nog latere werk zal het steeds moeilijker zijn om Buckingham aan boord te houden. Maar je merkt het ongetwijfeld. Op de grote singles uit hun beginperiode na, speelt het Fleetwood Mac verhaal zich in mijn platenkast af tussen Fleetwood Mac (1976) en Tango In The Night (1987). Fascinerend hoe deze incarnatie van de band ondanks het hindernissenparcours tot zoveel moois in staat was.



Big single.

avatar
Mssr Renard
Ooit droomde ik eens dat ik verkering had met Christine McVie. Toevallig ook mijn favoriet van dit gezelschap. Een fijne stem en ook een erg goede songwriter. Vaak wat overschaduwd door Lindsey Buckingham, die overigens ook een fijne stem heeft en goede songs kan schrijven.

Van de perioden voor Buckingham, heb ik ook wat platen en die vind ik ook allemaal wel aardig. In een coverband speelde ik overigens 'Oh Well' en dat is toch ook wel een beest van een song.

'Tango in the Night' vind ik één van de hoogtepunten van de jaren '80. Samen met 'Seeds of Love'.

avatar van dazzler
40. TOWNES VAN ZANDT
https://i.postimg.cc/Prg6YD8b/Townes-Van-Zandt-cr-Paul-Natkin-Archive-1990-1024x1008.jpg

Ik leerde Van Zandt kennen via mijn broer. Door een van zijn latere live albums (Rain On A Conga Drum uit 1991) waarop zijn stem veel dieper zat dan op de reeks platen die hem begin jaren '70 op de wereldkaart zetten. Eigenlijk klopt dat niet. Het waren grote namen uit de country- en folkwereld die Townes al coverend op de kaart hebben gezet. Zo nam Bob Dylan Pancho & Lefty op. Aanvankelijk tekende de poor lonesome cowboy schrijnende portretten van marginale mannen en vrouwen op zijn akoestische gitaar. In de studio werden daar dan arrangementen bij bedacht die niet altijd even geslaagd waren. Daarom stak Van Zandt enkele van zijn klassiekers sporadisch in een nieuw studiojasje. Maar nergens klinkt hij beter dan live. Een man met een gitaar en teksten nog zwarter dan die van Johnny Cash. Meer hoeft dat niet te zijn. En meer was er ook niet in het leven van Townes Van Zandt die in zo'n houten cowboyhuis woonde zonder elektriciteit. For The Sake Of The Song, Tecumseh Valley, Our Mother The Mountain, Kathleen en Quicksilver Daydreams Of Maria. Maar ook Waiting Around To Die, Rake, Nothin' en High Low And In Between. Hoe verder hij opschoof in zijn oeuvre hoe meer de teksten gingen over het dagboek van een eenzaat. De muziek van Townes Van Zandt is een perfect huwelijk tussen country en blues. Begin jaren '90 coverden de Canadese Cowboy Junkies To Live Is To Fly. En The Broken Circle Breakdown Bluegrass Band deed bij ons een aantal jaren geleden hetzelfde met If I Needed You. Na Flying Shoes (1978) en At My Window (1987) verscheen twee jaar voor zijn dood nog No Deeper Blue (1995). Van Zandt moest het hebben van zijn optredens maar dat zei ik al. Anderen zullen de reeds vernoemde Cash, Dylan of Drake verkiezen. Maar ik laat me het liefst tot in het diepst van mijn tenen raken door de verzen van Townes Van Zandt. Het leven is een wachtkamer. Sterven zullen we allemaal. En dan denk ik daar het laatste vakje uit de Lucky Luke strip bij: een schaduw van een cowboy en zijn paard op weg naar de horizon. Geen mooiere soundtrack bij het ondergaan van de zon, het vertrijken van de jaren dan de liedjes van Townes Van Zandt.



When country meets blues.

avatar van dazzler
39. BOB MARLEY & THE WAILERS
https://i.postimg.cc/3RY0sTNc/BOB.jpg

Geen enkele artiest valt zo hard samen met een genre dan Bob Marley. Wellicht niet voor wie in Jamaica woont maar laat ons eerlijk zijn: van hoeveel verschillende reggae artiesten hebben wij platen in onze collectie? Ik heb het Bob Marley werk op Island, en paar platen van UB40 en Jimmy Cliff. Ik wel honderden reggae hitjes op single en hitverzamelaars. Legend (1984) was voor mij de eerste kennismaking met het werk van Marley. Eén van de best verkochte compilaties ooit. En ook één van de meest complete verzamelaars ooit. Marley spreekt mij aan omdat hij heel vaak naar de grote verhalen uit de Bijbel verwees. Het rastafarisme boeit me ook beroepshalve. Met The Wailers was hij één van de vele ska pioniers van de jaren '60. Solo vertraagde het ritme tot wat wij vandaag reggae noemen. Op die manier werd de aandacht van de luisteraar meer op de tekst, de inhoud gericht. Het valt me op dat de meeste Marley klassiekers een titel hebben die automatisch aanzet tot mee scanderen. Ik hou het kort want de dagtaak roept.



Eentje die niet op Legend (1984) stond.

avatar van dazzler
38. TALK TALK
https://i.postimg.cc/VkMsb7gY/Talk-Talk.jpg

Om het debuut The Party's Over (1982) van Talk Talk in de markt te zetten, rekende EMI op Duran Duran producer Colin Thurston. Ziet u het plaatje? De eerste singles deden weinig stof opwaaien. En ook de titeltrack van It's My Life (1984) werd geen hit. Het was wachten op Such A Shame voor de doorbraak bereikt kon worden. Een grote hit in Duitsland en ook bij ons even in de top 10 te beluisteren. Dum Dum Girl werd in deze landen een bescheiden zomerhitje. In de UK zou Talk Talk echter nooit een top 10 hit scoren. Het tweede album werd vermomd als synthipop plaat maar wie dieper luisterde hoorde akoestische instrumenten in de mix. Een voorbode op wat komen zou. Eind 1985 liet de single Life's What You Make It een nieuw geluid horen. Een nieuwe lente, een nieuw geluid, schreef Herman Gorter in 1889 en gelijk had hij. The Colour Of Spring (1986) was een grote sprong voorwaarts in de muzikale ontwikkeling van Talk Talk. De band was ondertussen uitgedund tot een trio en de ideeën van componist en zanger Mark Hollis werden in de studio mee vorm gegeven door producer Tim Friese-Green. Dat betekende meer pianoklanken en percussie en minder elektronica. Met Spirit In Eden (1988) ging Mark Hollis nog een stap verder met het verstillen van de muzikale omlijsting. Zelfs zijn misthoorn stem werd ingezet als ware het een instrument. Vergelijkingen met moderne namen uit de klassieke muziek werden gemaakt. Ik hoor er vooral Claude Debussy in. Vandaag heeft men een etiket voor popmuziek die buiten haar eigen oevers treedt: postrock. Ik vind dat vierde Talk Talk album een adembenemende luisterervaring maar je moet er wel tijd voor maken. Mijn favorieten zijn toch It's My Life (1984) en The Colour Of Spring (1986). Het vijfde Talk Talk album The Laughing Stock (1991) is niet veel meer dan een samenwerking tussen Hollis en Friese-Green. Maar die plaat bezit ik niet. En de soloplaat Mark Hollis (1998) evenmin. In 2019 stierf de eigenzinnige muzikant aan de ziekte. Weinig bands lieten in vijf hoofdstukken (albums) zo'n gigantische dorst naar vernieuwing horen. Alleen voor die onwaarschijnlijke muzikale groei verdient Hollis een standbeeld.



Let vooral op de verschillende ingrediënten die hier gebruikt worden.

avatar van Poeha
Je hebt van die nummers waarvan je denkt, hadden ze het maar instrumentaal gehouden. Happiness Is Easy is er zo ééntje
Maar als Mark dan begint te zingen, ben ik toch wederom om.

avatar van dazzler
37. ARNO (T.C. MATIC)
https://i.postimg.cc/br2v277H/ARNO.jpg

Arno met of onder Subrovnics, Charles met Les Lulu's of met The White Trash European Blues Connection, De III Belgen, Freckleface, Lala, Lui naast Marie Laure, T.C. Matic, Tjens Couter of Tjens Matic. Het zijn allemaal incarnaties van Charles Ernest Hintjens. Deze tweetalige stotteraar uit Oostende bakte ze bruin. Meer dan wie ook is Arno de rode draad doorheen de Belpop geschiedenis. Vandaag staan Belpop artiesten mee aan de wereldtop. Wij waren destijds apetrots als Tjens Couter als eerste Belgische groep mocht optreden in Avro's Toppop, T.C. Matic optrad op het Roskilde festival in Denemarken of door Europa toerde in het voorprogramma van Simple Minds. De gitaarerupties van de onlangs overleden Jean-Marie Aerts, de vocale capriolen van Arno Hintjens, de bezwerende toetsen van Serge Feys (tot aan het einde van de rit in Arno's begeleidingsgroep) en daarachter een pompende ritmesectie. New wave uit België door een artiest die gepokt en gemazeld was in de blues. Van het overwegend akoestische duo Tjens Couter naar de elektrisch versterkte band Tjens Matic tot aan het eindproduct T.C. Matic. Een transformatie die vele andere Belpop artiesten meezoog in haar kielzog. Niet toevallig werden die artiesten vaak door JM Aerts geproducet. De invloed van Arno op de rockmuziek in België kan niet overschat worden. O La La La, Willie, Le Java, Middle Class And Blue Eyes, If You Wanna Dance Dance If You Don't Don't, Putain Putain, Ugh Ugh, Elle Adore Le Noir... allemaal klassiekers. Net als Jacques Brel en Stromae was de in Brussel en Parijs residerende Arno een rasechte Belg en Europeaan. Achteraf bekeken is het verhaal van T.C. Matic maar een fragment uit een veel rijkere carrière. En hoewel ik Arno na Idiots Savants (1993) niet meer op de voet volgde, ging elk nieuw soloalbum wel gepaard met minstens één single die op de radio bleef plakken: Forget The Cold Sweat, Jive To The Beat, Lonesome Zorro, Vive Ma Liberté, A Eux Je Montre Mon Derrière, Les Yeux De Ma Mère, European Cowboy, Je Veux Nager, Chic Et Pas Cher, Mourir A Plusieurs, Brussels... Naast een zanger zonder zangstem was Arno ook een dadaïst in zijn teksten. Ik herinner me daarover een bijdrage van popkenner Clement Peerens in het legendarische Leugenpaleis op Studio Brussel. Dat ging ongeveer als volgt: O La La La, Viva Boema, Que Pasa, Ha Ha, Ugh Ugh, Yé Yé, Chi Boem, Yooh, Ratata. Arno ademde rock and roll en het is dan ook mooi dat hij die passie tot aan zijn laatste levensadem heeft mogen bedrijven.



Een cursus dadaïsme in minder dan drie minuten.

Jazz dance action speed
Hup to the beat
Shake the meat

Que passa

Healthy wealthy wise
See them dancing just like crocodiles

Que passa

Dropping out, dropping in
Fighting your way in

Que passa

Homo duo. Yoyo velo

Que passa

Fleurs pour mémé
Fleurs pour pépé
Fleurs pour Pélé, Yéyé

Que passa

The trouble in the world
Is bigger than mine
Is bigger than yours

Que passa

Flowers for the presidents
Flowers for the virgins
Flowers for the lovers
Flowers for the soldiers

Que passa


avatar van vigil
Poeha schreef:
Je hebt van die nummers waarvan je denkt, hadden ze het maar instrumentaal gehouden. Happiness Is Easy is er zo ééntje
Maar als Mark dan begint te zingen, ben ik toch wederom om.

Om weer keihard af te haken als het kinderkoor wordt ingezet

avatar van dazzler
36. ROY ORBISON (TRAVELING WILBURYS)
https://i.postimg.cc/brSTcfR4/OIP.jpg

Geen Elvis Presley of Sam Cooke. Er zijn zoveel prachtige stemmen uit de jaren '50 en '60 die mijn top 100 niet haalden omdat ik maar 100 plaatsten had en omdat ik die voorbehield aan artiesten uit de late jaren '60, de jaren '70 en de jaren '80. Gelukkig nam the Big "O" halverwege de jaren '80 zijn grootste hits opnieuw op. De nieuwe versie van In Dreams schopte het tot de soundtrack van Blue Velvet (1986) van David Lynch. Voldoende om een aantal Orbison fans onder de muzikanten Roy opnieuw op het podium te hijsen. In de concertfilm A Black And White Night (1988) passeren onder meer Elvis Costello, Bruce Spingsteen, Tom Waits, Jackson Browne, Bonnie Riatt en k.d. lang de revue. Met laatstgenoemde nam Oribson een duet versie van Crying op. Eerstgenoemde schreef voor hem The Comedians. Dat nummer zou op Roy's comeback album Mystery Girl (1989) belanden waarvoor ook Bono en The Edge een nummer schreven. Jeff Lynn zou de plaat producen en riep daarbij de compositorische hulp in van Tom Petty. En waarom zou Roy dan ook niet deelnemen aan het gelegenheidsproject van George Harrison? Als zelfs Bob Dylan "ja" had gezegd. Traveling Wilburys Volume 1 (1988) is om duimen en vingers bij af te likken. En zo stond Roy Orbison weer helemaal in de schijnwerpers. Die had hij verlaten en ingeruild voor het het sjofele bestaan als country zanger nadat hij zijn eerste vrouw in een motorongeluk (1966) en twee zoons in een brand (1968) had verloren. Roy zingt niet, hij biedt de luisteraar zijn hart inclusief alle opgelopen littekens aan. Niemand die het doorgaans lege woord "alone" meer inhoud kan geven dan de man die zijn carrière begon in de legendarische Sun studio's. Eerst nog wijfelend als zanger, daarna als schrijver van liedjes en na de doorbraak met Only The Lonely als wereldster. In 1964 stond de Britse top 20 boordevol Beatles en andere beat groepjes. Slechts één Amerikaan hield stand. Hij heette Roy Orbison en hij zong Oh Pretty Woman en It's Over. En dat was het ook toen zijn hart letterlijk brak in december 1988. Zijn laatste optreden was in het Sportpaleis van Antwerpen waar hij zijn nagelnieuwe single You Got It bracht. Beelden van die avond zijn verwerkt in de videoclip. Tranen met tuiten heb ik geweend. Niet zozeer bij het nieuws van zijn overlijden. Maar bij al die liederen van hem waarmee hij pleisters op onze eenzame harten trachtte te leggen. Duizendmaal dank "O".



Soundtrack bij de zomer van 1989. Een half jaar voor The Sundays mij troost kwamen bieden.

avatar van dazzler
35. R.E.M.
https://i.postimg.cc/yYzyRXFZ/REM.jpg

R.E.M. was a big deal toen ik mijn eerste stappen in het uitgangsleven zette. Ik was net 18 geworden in de zomer van 1987 en It's The End Of The World As We Know It nodigde de alternativo's uit ten dans in het jeugdhuis. Niet veel later volgde The One I Love. Toen in de herfst van 1988 Pop Song '89 op het ledenbestand werd losgelaten, schafte het 10R20 meteen het album Green (1988) aan. En dat werd van de eerste tot de laatste groef verslonden. Get Up (een US single) vind ik nog steeds geweldig. In de winter van 1989 volgde de single Stand en R.E.M. fans vroegen ook World Leader Pretend aan. Dat weet ik omdat ik mijn eerste stappen als deejay zette. R.E.M. was net als ik aanwezig in de zomer van dat jaar aanwezig in Werchter. Orange Crush werd de soundtrack van die zomer. En de band speelde die avond meer fraais van Green (1988): Turn You Inside Out bijvoorbeeld. Ook ballads als You Are The Everything en Hairskirt wisten mij zeer te bekoren. En als ik I Remember California nog citeer, heb ik negen klasbakken van songs opgesomd. Alleen The Wrong Child en de titelloze afsluiter vond ik wat minder. Ik heb zonet één van mijn absolute favoriete albums de hemel in geschreven. En ondertussen hadden we ook Document (1987) te pakken waarop naast de eerste twee titels uit dit stukje ook de single Finest Worksong stond. Het derde album uit mijn R.E.M. top 3 zou Automatic For The People (1992) worden: daar kon in de nazomer van 1992 niemand naast luisteren: Drive, Man On The Moon, Everybody Hurts, Nightswimming just to name a few. Out Of Time (1991) vond ik het mindere broertje in deze reeks van vier classic album. Singles als Losing My Religion en Shiny Happy People waren leuk voor op de dansvloer, dat wel maar het album is me iets te veel een allergaartje van stijlen en mist de punch van zijn voorganger en het geraffineerde van zijn opvolger. Ik heb geprobeerd om me mettertijd in te werken in de eerste vier elpees maar buiten de singles en een paar mooie deep cuts doen die me toch minder. Monster (1994) was voor mij het begin van de neerwaartse curve. Na New Adventures In Hi-Fi (1996) haakte ik zelfs af, al heb ik de laatste platen ondertussen wel in huis. R.E.M. stond hoog aangeschreven in mijn studententijd en daarvoor is hun muziek wellicht ook wel bedoeld. Maar de drie bejubelde albums draai ik met enige regelmaat nog steeds met het nodige plezier.



Antwoord op de vraag waarom Green (1988) mij favoriete R.E.M. album is.

avatar van Rufus
"Antwoord op de vraag waarom Green (1988) mij favoriete R.E.M. album is."
Je vrouw ontmoet.

avatar van dazzler
Rufus schreef:
"Antwoord op de vraag waarom Green (1988) mij favoriete R.E.M. album is."
Je vrouw ontmoet.

Neen hoor. Ik was nog met mijn eerste liefje.

Het antwoord is de uitstekende song Get Up zelf.

avatar van dazzler
34. THE POGUES
https://i.postimg.cc/MTRks9nn/Pogues.jpg

Het moet begin 1985 geweest zijn wanneer ik The Pogues voor het eerst in mijn vizier kreeg in een aflevering van het Britse rockprogramma The Tube. Hun set bestond toen nog uit een 50/50 mix van folk traditionales en eigen werk maar uitgevoerd met de branie van een punk band. Later dat jaar kocht ik Rum Sodomy & The Lash (1985). Producer Elvis Costello, die er nadien met de bassiste vandoor ging, liet de band klinken als een bende zeerovers. De plaat bevatte korte maar vinnige nummers zoals ik die gehoord en gezien had op The Tube maar ook een paar langere smartlappen. En weer was de verdeling tussen eigen en geleend werk half om half. Dirty Old Town werd een radiohit. Het nummer werd oorspronkelijk geschreven door de vader van Stiff labelgenote Kirsty MacColl. Een paar maanden later verscheen de EP Poguetry In Motion (1986), opnieuw in een productie van Costello en met een zevende bandlid. En zelfs The Irish Rover, de albumloze single met The Dubliners, ontsnapte niet aan mijn aandacht. Toen ik na mijn eerste maanden Leuven terugkeerde naar huis om Kerstmis 1987 te vieren had ik de 12" single van Fairytale Of New York onder de arm. Ik was met andere woorden een trouwe fan geworden die ook het debuut Red Roses For Me (1984) uit de platenbakken had opgevist. Voor hun classic album If I Should Fall From Grace With God (1988) trok de ondertussen achtkoppige band de toenmalige echtgenoot van Kirsty aan. Steve Lilywhite gaf de muziek van The Pogues een rock vibe (ten koste van de tin whistle, vind ik nog steeds) en dat bespoedigde de doorbraak naar een groot publiek dat zou vallen voor de Spaans gepeperde single Fiesta, hun grootste hit in Vlaanderen. Al zou ook de losse single Yeah Yeah Yeah Yeah Yeah op die titel aanspraak kunnen maken. Maar de gezondheidstoestand van de zwalpende frontman Shane MacGowan was zo zorgwekkend dat hij tijdens de opnames van het vierde album Peace And Love (1989) meer in het sanatorium dan in de studio zat. Daarom werd de helft van de nummers ingezongen door andere bandleden wat ook het geval zou zijn op de twee laatste langspelers van de groep. MacGowan wordt in 1992 door de band aan de deur gezet met de opdracht om op zoek te gaan naar zichzelf. Maar eerst maakten ze samen nog een vijfde album. Op Hell's Ditch (1990) klinkt de briljante songschrijver als een kapitein Haddock die de rum heeft afgezworen: een schaduw van zichzelf met andere woorden. Het verdere verhaal interesseert ons niet echt meer. Het gaat erom dat The Pogues drie kanjers van elpees maakten en dat er op de twee volgende platen nog voldoende parels overbleven. Eindigen doe ik met nog een pluim die Shane en zijn kornuiten op hun hoed mogen steken: door hun muziek overwon ik mijn vrees om op de dansvloer tekeer te gaan.



Met Shane MacGowan in een nog relatief gezonde staat.

avatar van dazzler
33. THE DOORS
https://i.postimg.cc/Y0hY5JsH/R-12.jpg

Het zal tijdens de eerste weken van mijn studententijd geweest zijn dat er in de faculteitsbar een Doors avond georganiseerd werd. Ik toogde die avond als schacht naar het 2PKtje (P stond voor Pedagogie en K voor Katechetika, een joint venture van twee kleine studentenkringen) en dompelde me onder in de wereld van The Doors. Ik kende wel de legendarische dubbelaar uit 1985 die ook simultaan op CD was verschenen maar had me nooit hun muziek verdiept. Ik was nog te druk bezig met new wave gerelateerde artiesten. Aan de muren hingen foto's en teksten van Jim Morrison. Ik weet niet of er vinyl gedraaid werd, al hadden wij wel een platenspeler ter beschikking. Vermoedelijk ging het om cassettes en natuurlijk om live VHS banden die gedraaid werden op daarvoor speciaal van de videotheek ontleende apparatuur. En natuurlijk mochten de wierookstokjes en cannabis niet ontbreken. Ik was vrij snel gebiologeerd door toetsenist Ray Manzarek die met een hand de keyboard melodieën speelde en met de andere de baslijnen genereerde. De podium act van Morrison sprak minder tot mijn verbeelding al voelde je die avond tot in al je vezels dat dit een speciaal bandje moet geweest zijn. Er kleefde natuurlijk al heel veel mythe aan de figuur van de lizard king en die avond werd er door die hards heel wat gediscussieerd en geanalyseerd. Ik weet dat ik een paar jaar later bewust niet naar de biopic van Oliver Stone ben gaan kijken omdat het in de voorafbeschouwingen in Humo en OOR meer over spinal tap verhalen ging dan over de muziek zelf. Aan dat soort rockjournalistiek heb ik me - vooral bij Humo dan - altijd behoorlijk geërgerd. Ik haalde de reeds vermelde dubbelaar in huis en wat is met dat toch een beresterke selectie. Eigenlijk staan alle essentiële Doors songs er op. En wat opvalt is dat ze uitblonken in zowel de langere, epische composities als in het pop single format. En ze hadden met die laatste nummertjes ook hits. Hoeveel klassieke rockbands kunnen bogen op een oeuvre dat zowel in de charts als in de muziekpers hoge ogen gooide? Ondertussen heb ik ook twee albums in de kast staan: het ijzersterke debuut en het laatste album met Morrison zijn volgens mij hun meest essentiële langspelers. Toch komt mijn keuzenummer hieronder uit een wat minder geprezen langspeler. Het was uit de toen voor mij nog nieuwe nummers, de song die er voor mij meteen uitsprong. Ziezo. Ik dacht, laat ik eens een stukje schrijven zonder één titel te vermelden. Want iedereen die dit leest kent zijn klassiekers.



Met flamenco gitaren zowaar.

avatar van Johnny Marr
Al hun langspelers zijn essentieel.

avatar van dazzler
32. PIXIES (THE BREEDERS)
https://i.postimg.cc/CxkyS3gS/Pixies.jpg

Gigantic, Where Is My Mind, Bone Machine, Debaser, Monkey Gone To Heave, Velouria: zes onsterfelijk klassiekers die terug te vinden waren op albums als Surfer Rosa (1988), Doolitle (1989) en Bossanova (1990) tussen tal van andere, sterke deep cuts. De bijna hitsingle Here Comes Your Man heb ik nooit veel meer dan een schalkse pastiche van een R.E.M. song gevonden. En de single Dig Your Fire vond ik een misser. Bossanova (1990) heeft ook niet zoveel single kandidaten maar is voor mij wel het meest complete Pixies album: deze plaat is duidelijk meer dan de som van zijn delen. Doolittle (1989) blijft terecht het classic album van de viertal uit Boston hoewel het hier en daar een wat minder nummer bevat. En Bone Machine (1988) sloeg als debuut toch behoorlijk in. Al waren de fans van eerste uur al bij de les vanaf het mini-album Come On Pilgrim (1987). Op die eerste twee platen delen bassist Kim Deal en frontman Black Francis nog de vocale en compositorisch koek. Maar Black trekt daarna het laken stevig naar zich toe. Kim Deal legt haar eieren dan maar in het mandje van haar eigen bandje The Breeders. Eerst nog bescheiden op Pod (1990), een elpee zonder singles maar na de teloorgang van de Pixies met single success (het heerlijke Cannonball) op Last Splash (1993). Daartussen zit nog het vierde Pixies album Trompe Le Monde (1991) waar ik nooit veel voor gevoeld heb. Planet Of Sound was in al zijn overstuurde lawaaierigheid best interessant maar heeft op mij nooit de impact gehad van de zes hierboven opgesomde klassiekers. Alec Eiffel was leuk op de dansvloer. Wellicht is Motorway To Roswell mijn favoriet van de laatste plaat. Ook Frank Black maakte twee solo-albums voor 4AD. Frank Black (1993) en Teenager Of The Year (1994). Ik geloof dat de Brian Wilson cover Hang On To Your Ego het meest memorabele wapenfeit was. Een teken aan de wand want de carrière van Deal en Black kabbelde door ver weg uit de schijnwerpers door. Tot een reünie in originele bezetting daar verandering in bracht. Maar Kim hield het na een poos opnieuw voor bekeken. Van die latere Pixies heb ik geen kaas gegeten. Het materiaal uit hun hoogdagen volstaat en klinkt nog altijd even krokant als toen. Caribou, Wave Of Mutulation, Allison, Is She Weird, Havalina. Of de Breeders cover van Happiness Is A Warm Gun. Het verhaal van de Pixies eindigde toen dat van Nirvana begon. Zo voelt het nog steeds aan. Twee bands die in elkaars verlengde lagen en toch een wereld van verschil in mijn beleving. Nirvana staat niet in mijn top 100 maar het had gekund als ik de deur voor een paar 90's bands op een kier had gelaten. Kiezen is verliezen.



Een favoriete deep cut waar ik graag voor wil bloeden.

avatar van dazzler
31. THE BEATLES (PAUL MCCARTNEY)
https://i.postimg.cc/wvBBMhMp/beatles-the-4facf218dc24f.jpg

Hoe zouden The Beatles niet in mijn top 100 kunnen staan? De godfathers van de popsong pur sang. En ook voor mij begint hun album verhaal pas met Rubber Soul (1965). Ik ga me er goedkoop vanaf maken want de kans dat wie dit leest meer van the Fab Four weet dan ik lijkt me groot. Ik zou kunnen leven met de rode en blauwe verzamelaar mits een paar wijzigingen in de tracklijst hier en daar.

Maar hier is mijn album ranking.

01. The White Album (1968)
02. Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band (1967).
03. Revolver (1966)
04. Abbey Road (1969)
05. Rubber Soul (1966)
06. Let It Be (1970)

En ik voeg er nog vier albumloze singles aan toe.

01. Strawberry Fields Forever / Penny Lane
02. All You Need Is Love
03. I Feel Fine
04. Hey Jude

En waarom tussen haakjes Paul McCartney en niet John Lennon? Omdat ik Lennon solo minder indrukwekkend vind. Hij bezat wel de ideeën maar had een klankbord nodig. En volgens mij maakte hij zijn beste werk aan de zijde van klankbord Paul en klankbord Yoko. De keren dat Ono niet in zijn buurt was, was het solo toch een pak minder, vind ik. En Harrison verschoot zijn beste kruit al op All Things Must Pass (1970), denk ik. En als je vindt dat ik er op basis van deze beweringen niks van ken, dan geef ik je gelijk. Dat deed ik eigenlijk hierboven al. Ik heb tot aan Flaming Pie (1996) alle McCartney platen op CD (met bonustracks, remaster reeks uit de jaren '90) in de kast staan. Met of zonder Wings om precies te zijn. Band On The Run (1973) is mijn favoriet. En voor de rest smul ik van de vele lekkere singles. Ook van de melige. Want McCartney was een meesterlijk songwriter, zelfs als hij We All Stand Together schreef. Weet ik veel.



En dan toch een song van George Harrison kiezen. Omdat we het allemaal nodig hebben.

avatar van dazzler
dazzler schreef:

95. YAZOO (ALISON MOYET)


95. PETER GABRIEL
https://i.postimg.cc/RV4TGSZY/Peter-Gabriel.png

Het EK voetbal nadert. Ik ga een muzikant van de bank halen om te wisselen. Yazoo (Alison Moyet) mag naar de kant en Peter Gabriel mag het veld op. Dat is de enige wissel die ik wil doorvoeren in de top 100 zoals die tot nu toe verlopen is. Ik vind Gabriel vooral een interessante artiest. De experimenteerdrift op zijn eerste vier langspelers intrigeert. Solsbury Hill is een klassier, Games Without Frontiers is een favoriet en Shock The Monkey kan me ook bekoren. Met So (1986) levert hij een haast perfecte popplaat waarop het experiment hand in hand gaat met toegankelijkheid. Sledgehammer is een evergreen en Don't Give Up en Red Rain kunnen me zelfs ontroeren. Dat laatste gebeurt niet zo vaak met de muziek van Gabriel. Maar esthetisch verdient hij mijn aandacht. Daarom hoort hij ook thuis in de lagere regionen van mijn top 100. Met het album US (1992) had ik meer moeite en ik haakte af. Het oude Genesis materiaal ken ik onvoldoende. Die groep had ik tussen haakjes kunnen zetten, mocht Phil Collins mijn top 100 gehaald hebben.



Wereldklasse.

avatar van dazzler
VOOR HET INGAAN VAN DE TOP 30

31. The Beatles (Paul McCartney)
32. Pixies
33. The Doors
34. The Pogues
35. R.E.M.
36. Roy Orbison (Traveling Wilburys)
37. Arno (T.C. Matic)
38. Talk Talk
39. Bob Marley (& The Wailers)
40. Townes Van Zandt

41. Fleetwood Mac
42. China Crisis
43. Sinead O'Connor
44. Soft Cell (Marc Almond)
45. Prince
46. New Musik
47. 2 Belgen (Rembert De Smet)
48. Fischer-Z (John Watts
49. The Alan Parsons Project
50. Sex Pistols (Johnny Lydon)

51. Kim Wilde
52. Suzanne Vega
53. Howard Jones
54. The Sound (Adrian Borland)
55. The Triffids
56. The Pretenders
57. Nacht Und Nebel
58. Pink Floyd
59. Tears For Fears
60. Jona Lewie

61. The Kinks
62. Siouxsie & The Banshees
63. Stevie Wonder
64. Lloyd Cole & The Commotions
65. Madness
66. The Pop Gun
67. Dexys Midnight Runners
68. Anne Clark
69. ZZ Top
70. The Stone Roses

71. Boney M.
72. David Bowie
73. The Sisters Of Mercy
74. Joan Armatrading
75. Big Country
76. Queen
77. Jo Lemaire
78. Cabaret Voltaire
79. Joe Jackson
80. Tracy Chapman

81. The Rolling Stones
82. Nick Cave & The Bad Seeds
83. Billy Joel
84. Led Zeppelin
85. a-ha
86. Blondie
87. The Clash
88. Eurythmics
89. The Scabs
90. Steve Miller (Band)

91. Bob Dylan
92. Pet Shop Boys
93. Simple Minds
94. Elton John
95. Peter Gabriel
96. Dirk Blanchart (Luna Twist)
97. George Michael (Wham!)
98. Deep Purple
99. Duran Duran
100. The Sundays

Ik kan u verzekeren dat elke artiest in de top 30 zal voldoen aan de volgende criteria: ik word er zonder de minste twijfel esthetisch, intellectueel en emotioneel door geraakt. Ik ben er niet in geslaagd om het gezellige praathoekje dat dit topic onder mijn voorgangers werd open te houden. Maar ik hoop dat er nog voldoende mensen meelezen om de (weinig?) spannende ontknoping te volgen.

avatar
Mssr Renard
Ik lees mee hoor. Maar ik ken de artiesten die je opnoemt niet of nauwelijks. De enkele die ik ken, daar heb ik geloof wel een reactie geplaatst. Maar ga zo door, hoor. Ik ben oprecht benieuwd naar je top-30.

avatar van Casartelli
Casartelli (moderator)
Idem hier. We hebben kippenvel bij verschillende Peter Gabrielnummers, maar toch content met de wissel.

avatar van Johnny Marr
Ja, goede wissel man. Peter Gabriel

avatar van dazzler
30. MIDNIGHT OIL
https://i.postimg.cc/jdykPS18/Midnight-Oil.jpg

Ik heb weinig idolen in de popmuziek. En daarmee bedoel ik dan artiesten waar ik ook als mens naar opkijk. Naar de boomlange frontman van Midnight Oil moet je ook letterlijk opkijken. Het oeuvre van zijn band Midnight Oil telt behoorlijk wat albums. Maar voor mij volstaan de elpees Diesel And Dust (1987) en Blue Sky Mining (1990). Met dubbele stip de piek van hun carrière. Ik smelt voor de zeldzame cocktail van rockmuziek, geëngageerde teksten en een geloofwaardige performance. Diesel And Dust (1987) vertelt het verhaal van de native Australiër die door de witte man eeuwenlang werd uitgebuit. De band stippelde een tour uit langs voor Aboriginals belangrijke hot spots. Uiteraard liep deze lijn ook langs Uluru, het oranje hart van hun cultuur in het midden van de Australische woestijn. In de spelonken van Ayers Rock schilderde het volk haar volledige geschiedenis. Diesel And Dust (1987) wil dat dood gewaande verhaal weer tot leven brengen. Op het album passeren thema's als de opwarming van de Aarde (Beds Are Burning), nucleaire dreiging (Put Down That Weapon) en neo-kolonisaite (The Dead Heart) de revue en roept Garrett die witte man ter verantwoording. Ligt de focus op dat meest succesvolle album op Australië dan richt de opvolger Blue Sky Mining (1990) zijn blik op de Blauwe Planeet. Het is Midnight Oils ecologische plaat. Bodemvergiftiging, CO2 uitstoot, verwoestijning en het smelten van de poolkapen. Wie zich in de tekst verdiept, zal opmerken hoe brandend actueel de songs blijven, 35 jaar na hun geboorte. De gedroomde soundtrack bij een klimaatmars. En Peter hield het niet bij woorden. Hij zette ook stappen in de politiek, werd zelfs minister en slaagde erin om de daad bij het woord te voegen. Toch wel wat anders dan een Bono die op de koffie gaat bij een paar wereldleiders maar vergeet om zijn roze bril af te zetten. Onvergetelijk was hun passage op Werchter 1990. Een mooie herinnering die Midnight Oil tot in mijn top 30 wist te tillen. De muziek van Midnight Oil is zoals de dans en de zang van Garrett: houterig maar doordrongen van een goudeerlijke gedrevenheid. De songs op beide albums liggen stuk voor stuk goed in het oor zonder daarvoor een schoonheidsprijs op te eisen. Mensen verenigen en van dit tranendal een betere wereld maken: als dat het streefdoel is van rock, dan verdient Midnight Oil de grootste onderscheiding. Met felicitaties van de jury.



Mijn favoriet uit Diesel And Dust (1987)



Mijn favoriet uit Blue Sky Mining (1990).

avatar van Shaky
dazzler schreef:
Maar ik hoop dat er nog voldoende mensen meelezen om de (weinig?) spannende ontknoping te volgen.


Absoluut, ik reageer zelden tot nooit. Geen idee waarom. Meelezen hier doe ik zeker. Gaat lekker man, keep it up

avatar van cosmic kid
cosmic kid (moderator)
Wat mijn bovenbuurman schrijft, geldt ook voor mij, dazzler. Ik lees vrijwel alles en met veel plezier. Geen reactie(s) zegt dus niet alles

avatar van aERodynamIC
Ik ben er ook nog gewoon hoor

avatar

Gast
geplaatst: vandaag om 05:23 uur

avatar

geplaatst: vandaag om 05:23 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.