Feu! Chatterton blijft gelukkig verrassen - al lijkt de Parijse groep nooit meer zo sterk te worden als in hun vroege jaren. Dat gezegd hebbende boeit Labyrinthe en verveelt de stem van Arthur Teboult nooit.
In de muziekindustrie vind ik dat we ietwat onschuldige cultuurangst mogen toestaan. Zo uit Tha)Sven hierboven een zekere muzikale Francofobie - en die heb ik zelf niet. Maar zelf ben ik dan stiekem inmiddels een voorzichtig Anglofoob geworden; ik vind dat het lange Britse muziektijdperk van The Beatles (mijn eeuwige favoriet - dat dan weer wel) tot aan, pakweg, Arctic Monkeys inmiddels toch wel tot een einde is gekomen, nu de meeste Britse indiebandjes een soort reflectie zijn geworden van dat ironisch, regenachtig eilandvolk waar alle muziek een soort onoriginele parodie van zichzelf is geworden (look at me being British - also, fuck the Queen - but also, not really).
Enfin, Francofoob of Francofiel (de laatste, dat durf ik hier wel toe te geven, ben ik), Sven maakt een goed punt: dit album is Franser dan Frans. En met Franser bedoelen we natuurlijk niet Franser dan stokbrood en wijn. We bedoelen dat dit album Franser is dan brandende auto’s in een Parijse buitenwijk en Franser dan versleten gele hesjes die gedragen worden door gefrustreerde jongeren bij een bushalte van een verpauperd dorp in het Noord-Franse platteland.
Feu! Chatterton is rauw én dramatique, teleurgesteld én hoopvol, liefelijk én revolutionair. Een mooie hedendaagse echo op de grootste Rock & Roll-artiest die Frankrijk (en misschien wel Europa) ooit heeft gehad: Édith Piaf.
Allons voir, La Labyrinthe en Mille Vagues zijn de onbetwistbare parels van dit album, terwijl sommige tracks een beetje rommelig aanhoren. Dat weerhoudt dit album er niet van om een van de bescheiden hoogtepuntjes van 2025 te zijn geworden.
Aardig plaatje! Suede in de vroege jaren vond ik toch een vrij irritant bandje; de muziek poogde een donkere ondertoon te hebben maar de nog wat puberale stem van de zanger maakte dat toch niet zo’n geloofwaardige combinatie. Die volwassenheid zit er inmiddels in. Het album is heel van hetzelfde, maar drie nummers vind ik er wel lekker uit knallen: Dancing with the Europeans, Disintegrate en Trance State gaan direct mijn favorietenlijst op - de rest van Antidepressants is toch wat minder memorabel.
Ik begrijp het enthousiasme rondom Big Thief niet zo goed - het voelt voor mij toch als de dertiende Amerikaanse indieband in een dozijn. Sommige nummers, waaronder Incomprehensible, zijn best wel aardig, maar ook behoorlijk saai. Andere nummers zijn ronduit irritant; de wiebelige piepstem van de zangeres voelt toch vooral als een stoorzender in een dromerig-bedoeld (?) album. Ik ben deze weer gauw vergeten.