Hier kun je zien welke berichten nightfriend als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Doves - The Last Broadcast (2002)

5,0
0
geplaatst: 28 januari 2010, 15:01 uur
Als geen ander album van Doves (met Kingdom of Rust misschien als uitzondering) voelt dit album aan als een geheel, deels door de prachtige overgangen tussen de songs, deels door de sfeer waarvan het hele album doortrokken is.
De dwingende, aanzwellende puls van Intro brengt je meteen in hogere sferen en maakt de weg vrij voor de wijdse opener Words.
There Goes the Fear, een ogenschijnlijk vrolijk en luchtig nummer doet je weer even met beide benen op de grond belanden, maar niet voor lang.
Met het door akoestische gitaren begeleide M62 wordt de draad van de eerste twee tracks weer opgepakt; het is met nadruk geen cover, maar een prachtige bewerking van King Crimsons Moonchild (In the Court of the Crimson King), mooier en meer een echte song dan het origineel.
Dan volgt het mysterieus klinkende, enigszins dreigende overgangsstuk Where We’re Calling From dat meesterlijk N.Y. inleidt: Een 'space-rocker' die heerlijk aggressief van start gaat, dan plots terugvalt naar akoestische gitaar, weer opbouwt, totaal stilvalt en naar een prachtige climax gaat, en tenslotte sereen eindigt. Het besef begint dan wel te dagen dat dit wel eens een meesterwerk zou kunnen zijn.
De aanstekers kunnen vervolgens massaal in gereedheid worden gebracht voor het troostende, gospel-achtige Satellites, normaal gesproken een moment om af te haken, maar Doves blijven ook hier geloofwaardig.
Het onheilspellende Friday's Dust is briljant gearrangeerd zoals alleen Doves dat tegenwoordig lijken te kunnen met prachtig aanzwellende strijkers, klarinet melodieën die je maag bijna doen omdraaien en natuurlijk de bekende atmosferische samples.
Pounding doet zijn naam eer aan: een heerlijk compulsief stampertje, dat met gemak op Some Cities had gepast. Dan volgen twee prachtige wat progrockerig aandoende songs, het aangrijpende Last Broadcast en het subtiel opgebouwde The Sulphur Man. Doves laten hier horen hoe je een nummer opbouwt en er verrassende wendingen in aanbrengt. Niet voor niets dat de bassist van Interpol een fan is, beide bands tonen een groot vakmanschap bij het in elkaar steken en arrangeren van hun songs.
Het album sluit af met het uitstekende, maar naar Doves maatstaven eigenlijk wat gewone Caught by the River. Maakt niet uit, de luisteraar is dan toch al lang murw geslagen door al het moois dat is voorbij gekomen.
De dwingende, aanzwellende puls van Intro brengt je meteen in hogere sferen en maakt de weg vrij voor de wijdse opener Words.
There Goes the Fear, een ogenschijnlijk vrolijk en luchtig nummer doet je weer even met beide benen op de grond belanden, maar niet voor lang.
Met het door akoestische gitaren begeleide M62 wordt de draad van de eerste twee tracks weer opgepakt; het is met nadruk geen cover, maar een prachtige bewerking van King Crimsons Moonchild (In the Court of the Crimson King), mooier en meer een echte song dan het origineel.
Dan volgt het mysterieus klinkende, enigszins dreigende overgangsstuk Where We’re Calling From dat meesterlijk N.Y. inleidt: Een 'space-rocker' die heerlijk aggressief van start gaat, dan plots terugvalt naar akoestische gitaar, weer opbouwt, totaal stilvalt en naar een prachtige climax gaat, en tenslotte sereen eindigt. Het besef begint dan wel te dagen dat dit wel eens een meesterwerk zou kunnen zijn.
De aanstekers kunnen vervolgens massaal in gereedheid worden gebracht voor het troostende, gospel-achtige Satellites, normaal gesproken een moment om af te haken, maar Doves blijven ook hier geloofwaardig.
Het onheilspellende Friday's Dust is briljant gearrangeerd zoals alleen Doves dat tegenwoordig lijken te kunnen met prachtig aanzwellende strijkers, klarinet melodieën die je maag bijna doen omdraaien en natuurlijk de bekende atmosferische samples.
Pounding doet zijn naam eer aan: een heerlijk compulsief stampertje, dat met gemak op Some Cities had gepast. Dan volgen twee prachtige wat progrockerig aandoende songs, het aangrijpende Last Broadcast en het subtiel opgebouwde The Sulphur Man. Doves laten hier horen hoe je een nummer opbouwt en er verrassende wendingen in aanbrengt. Niet voor niets dat de bassist van Interpol een fan is, beide bands tonen een groot vakmanschap bij het in elkaar steken en arrangeren van hun songs.
Het album sluit af met het uitstekende, maar naar Doves maatstaven eigenlijk wat gewone Caught by the River. Maakt niet uit, de luisteraar is dan toch al lang murw geslagen door al het moois dat is voorbij gekomen.
Interpol - Interpol (2010)

4,0
0
geplaatst: 9 september 2010, 13:09 uur
O jee, de nieuwe Interpol. Slapeloze nachten, het zal toch geen afknapper zijn (want dat zou echt een afknapper zijn). Na twee keer luisteren is me gelukkig duidelijk dat het dat, voor mij althans, niet is. Wat dan wel volgt hieronder (na >10x luisteren).
Success: een mooi openingsnummer, waarbij de ritmesectie als op TOTBL prominent aanwezig is, met mooie achtergrondvocalenen in het sterke refrein. Het is een goed nummer, maar toch geen Pioneer of the Falls dat veel beter uitgewerkt is.
Memory Serves: begint wat prozaisch met een eenzaam gitaartje en wordt langzaam aan spannender. Mooie synths en ELO-achtige achtergrondkoortjes (oe-la-la-la). Deze gaat mischien wat lang door waar het vorige juist te snel is afgekapt.
Summer Well: Na een grappig intro, volgt een typische Interpol melodie ala OLTA, weer met prachtige vocalen en een poppy refrein. Het album als geheel is dan wel minder toegankelijk dan OLTA, het heeft toch ook zijn catchy momenten.
Lights: heeft de trage opbouw van The Lighthouse (OLTA) ,maar niet de klasse ervan (of van Wrecking Ball).De overigens mooie climax (that's why I hold you near) hebben ze jammer genoeg na 2 minuten al weggegeven.
Barricade: Ook hier weer een prominente ritmesectie (heerlijk pulserende bas) die het nummer inleidt, waarna een enigszins irritant gitaarrifje het overneemt (qua dynamiek wel erg mooi gedaan). Het nummer kent een sterk, typisch Interpol refrein.
Tot nu toe bekend terrein met herkenningspunten van alle voorgaande albums. Zoals door anderen al opgemerkt wordt het nu pas echt interessant, want het tweede deel van het album is verreweg het sterkst.
Always Malaise (The Man I Am): echt een verrassend nummer voor Interpol dat meteen je aandacht trekt en na 3 minuten een mooie apotheose kent. Kippenvel!
Safe Without: begint als een klassiek Interpol nummer. Een kort nummer waarin van alles gebeurt: Mooi stripped down middenstuk, psychedelisch aandoend einde en toch een poppy refrein! Tweede hoogtepunt op dit album aldus (maar er volgen er nog meer).
Try It On: een beetje een mijmerend nummer. Interpol klonk nog niet eerder zo on-Interpol of is dit het nieuwe Interpol? Ik vind het in ieder geval prachtig.
All of the Ways: een nummer dat met zijn trage opbouw en golvende gitaren sterk doet denken aan Wrecking Ball en (alweer) The Lighthouse. Beetje spacey, unheimisch, met mooi eind dat het laatste nummer inleidt:
The Undoing: samen met nummers 6 en 7 het sterkste nummer op dit album. Dit nummer komt met zijn strijkers, synths en toonsoortwisselingen mijns inziens het dichtst bij prog. Het nummer eindigt werkelijk glorieus met zijn trompetterende synths, terwijl Banks wanhopig zingt (please, please..).
Conclusie: Het is een sterk album geworden dat wat mij betreft het wisselvallige Antics moeiteloos achter zich laat. Het overtreft de andere twee misschien niet, maar toont wel aan dat de band muzikaal nog vooruit kan en dat is goed nieuws!
Success: een mooi openingsnummer, waarbij de ritmesectie als op TOTBL prominent aanwezig is, met mooie achtergrondvocalenen in het sterke refrein. Het is een goed nummer, maar toch geen Pioneer of the Falls dat veel beter uitgewerkt is.
Memory Serves: begint wat prozaisch met een eenzaam gitaartje en wordt langzaam aan spannender. Mooie synths en ELO-achtige achtergrondkoortjes (oe-la-la-la). Deze gaat mischien wat lang door waar het vorige juist te snel is afgekapt.
Summer Well: Na een grappig intro, volgt een typische Interpol melodie ala OLTA, weer met prachtige vocalen en een poppy refrein. Het album als geheel is dan wel minder toegankelijk dan OLTA, het heeft toch ook zijn catchy momenten.
Lights: heeft de trage opbouw van The Lighthouse (OLTA) ,maar niet de klasse ervan (of van Wrecking Ball).De overigens mooie climax (that's why I hold you near) hebben ze jammer genoeg na 2 minuten al weggegeven.
Barricade: Ook hier weer een prominente ritmesectie (heerlijk pulserende bas) die het nummer inleidt, waarna een enigszins irritant gitaarrifje het overneemt (qua dynamiek wel erg mooi gedaan). Het nummer kent een sterk, typisch Interpol refrein.
Tot nu toe bekend terrein met herkenningspunten van alle voorgaande albums. Zoals door anderen al opgemerkt wordt het nu pas echt interessant, want het tweede deel van het album is verreweg het sterkst.
Always Malaise (The Man I Am): echt een verrassend nummer voor Interpol dat meteen je aandacht trekt en na 3 minuten een mooie apotheose kent. Kippenvel!
Safe Without: begint als een klassiek Interpol nummer. Een kort nummer waarin van alles gebeurt: Mooi stripped down middenstuk, psychedelisch aandoend einde en toch een poppy refrein! Tweede hoogtepunt op dit album aldus (maar er volgen er nog meer).
Try It On: een beetje een mijmerend nummer. Interpol klonk nog niet eerder zo on-Interpol of is dit het nieuwe Interpol? Ik vind het in ieder geval prachtig.
All of the Ways: een nummer dat met zijn trage opbouw en golvende gitaren sterk doet denken aan Wrecking Ball en (alweer) The Lighthouse. Beetje spacey, unheimisch, met mooi eind dat het laatste nummer inleidt:
The Undoing: samen met nummers 6 en 7 het sterkste nummer op dit album. Dit nummer komt met zijn strijkers, synths en toonsoortwisselingen mijns inziens het dichtst bij prog. Het nummer eindigt werkelijk glorieus met zijn trompetterende synths, terwijl Banks wanhopig zingt (please, please..).
Conclusie: Het is een sterk album geworden dat wat mij betreft het wisselvallige Antics moeiteloos achter zich laat. Het overtreft de andere twee misschien niet, maar toont wel aan dat de band muzikaal nog vooruit kan en dat is goed nieuws!
Lee Abraham - Distant Days (2014)

4,0
0
geplaatst: 12 april 2014, 09:46 uur
Op Distant Days weet ex-Galahad bassist Lee Abraham zich verzekerd van de medewerking van een groot aantal gastmuzikanten. Het grote aantal muzkanten heeft echter geenszins tot een incoherent album geleid. In tegendeel zelfs, en het album is tekstueel bijna een conceptalbum te noemen. Alleen de openingstrack lijkt hierop een uitzondering te vormen.
Distant Days gaat vooral over nostalgie naar een tijd waarin het niet zozeer om geld draaide, en wil terug naar een tijd van onschuld die er waarschijnlijk nooit was (behalve op kleine schaal dan in de jeugd van de zanger). Het album staat verder bol van een oprecht verlangen naar een betere wereld en kritiek op het huidige systeem waarin mensen de controle over hun leven uit handen hebben gegeven aan machtige instituties en de financiele wereld. Ondanks de thematiek geen zwaar album maar eerder een hoopvol.
Muzikaal gezien worden mooie atmosferische stukken afgewisseld met stevige gitaar-riffs. De gitaarsolo's (die lang niet allemaal van Abraham zelf zijn) zijn vaak echt smullen. Distant Days is een prachtig, rustig nummer met een weemoedige toon. In het instrumentele Misguided daarentegen loert het gevaar om elke hoek. Corridors of Power en de afsluitende track zijn heerlijke epische nummers die bol staan van de intermezzo's en tempowisselingen. Alleen Walk Away vind ik een stukje minder, maar dan hou je nog steeds zes ijzersterke nummers over.
Distant Days gaat vooral over nostalgie naar een tijd waarin het niet zozeer om geld draaide, en wil terug naar een tijd van onschuld die er waarschijnlijk nooit was (behalve op kleine schaal dan in de jeugd van de zanger). Het album staat verder bol van een oprecht verlangen naar een betere wereld en kritiek op het huidige systeem waarin mensen de controle over hun leven uit handen hebben gegeven aan machtige instituties en de financiele wereld. Ondanks de thematiek geen zwaar album maar eerder een hoopvol.
Muzikaal gezien worden mooie atmosferische stukken afgewisseld met stevige gitaar-riffs. De gitaarsolo's (die lang niet allemaal van Abraham zelf zijn) zijn vaak echt smullen. Distant Days is een prachtig, rustig nummer met een weemoedige toon. In het instrumentele Misguided daarentegen loert het gevaar om elke hoek. Corridors of Power en de afsluitende track zijn heerlijke epische nummers die bol staan van de intermezzo's en tempowisselingen. Alleen Walk Away vind ik een stukje minder, maar dan hou je nog steeds zes ijzersterke nummers over.
The Church - Further / Deeper (2014)

4,5
0
geplaatst: 23 oktober 2014, 11:00 uur
Een nieuw Church album. Vooraf omgeven door vraagtekens vanwege het vertrek van gitarist Marty Willson-Piper.
Het album opent meesterlijk met het wat sinistere Vanishing Man, een song die makkelijk het niveau haalt van magistrale openers als Aura en Pharaoh. Ook het stuwende Delirious weet te boeien.
Het derde nummer, Pride Before the Fall, is eigenlijk een van de minder verrassende songs: hier is sprake van typische Church dreampop. Bekend dus, maar het is wel prachtig uitgevoerd.
Toy Head opent tamelijk prozaisch, maar groeit na herbeluistering, met name door het aparte gitaarwerk en de outro.
Hierna volgt de ene na de andere prachtsong: het vrij akoestische Laurel Canyon staat bol van de referenties naar de vroege Church. Met songs als Love Philtre, Globe Spinning, Lightning White en Let Us Go worden daarentegen nieuwe wegen gezocht en gevonden. De experimenteerdrift is een van de sterke punten van dit album.
Old Coast Road is dan weer meer de traditionele Church sound, maar het is ook een prachtig nummer.
Volkano en Miami kunnen me tot nu toe het minst bekoren: de laatste is zeker niet slecht maar wat aan de lange kant (wat ook niet meehelpt is dat je hem bij de Rolling Stone-stream twee keer achter elkaar hoort). Volkano start goed maar zakt wat in. Dit nummer had zo op de tweede helft van Uninvited kunnen staan.
Met een beetje betere editing van dit (lange) album, had het album nog beter kunnen zijn (de extra nummers ken ik nog niet trouwens), maar waar gehakt wordt vallen spaanders. En bovenal: De band heeft het aangedurfd om te experimenteren en het resultaat is dan ook een avontuurlijk album. En dat is meer dan ik gehoopt had.
Het album opent meesterlijk met het wat sinistere Vanishing Man, een song die makkelijk het niveau haalt van magistrale openers als Aura en Pharaoh. Ook het stuwende Delirious weet te boeien.
Het derde nummer, Pride Before the Fall, is eigenlijk een van de minder verrassende songs: hier is sprake van typische Church dreampop. Bekend dus, maar het is wel prachtig uitgevoerd.
Toy Head opent tamelijk prozaisch, maar groeit na herbeluistering, met name door het aparte gitaarwerk en de outro.
Hierna volgt de ene na de andere prachtsong: het vrij akoestische Laurel Canyon staat bol van de referenties naar de vroege Church. Met songs als Love Philtre, Globe Spinning, Lightning White en Let Us Go worden daarentegen nieuwe wegen gezocht en gevonden. De experimenteerdrift is een van de sterke punten van dit album.
Old Coast Road is dan weer meer de traditionele Church sound, maar het is ook een prachtig nummer.
Volkano en Miami kunnen me tot nu toe het minst bekoren: de laatste is zeker niet slecht maar wat aan de lange kant (wat ook niet meehelpt is dat je hem bij de Rolling Stone-stream twee keer achter elkaar hoort). Volkano start goed maar zakt wat in. Dit nummer had zo op de tweede helft van Uninvited kunnen staan.
Met een beetje betere editing van dit (lange) album, had het album nog beter kunnen zijn (de extra nummers ken ik nog niet trouwens), maar waar gehakt wordt vallen spaanders. En bovenal: De band heeft het aangedurfd om te experimenteren en het resultaat is dan ook een avontuurlijk album. En dat is meer dan ik gehoopt had.
The Church - Hologram of Baal (1998)

5,0
0
geplaatst: 30 juni 2009, 12:02 uur
Na de mooie momenten bevattende, maar wisselvallige albums Sometime anywhere en Magician amongst the spirits die een band in verval, respectievelijk heropbouw lieten horen, volgde in 1998 Hologram of Baal. Voor diegenen die moeite hadden om The Church ten tijde van Starfish los te laten (waaronder ikzelf) was dit album wel even wennen. In de loop der jaren is dit album echter steeds meer een favoriet geworden. Het album voelt aan als een weldadige warme douche en is bijzonder coherent, m.a.w. het voelt echt als een geheel en niet als een losse verzameling nummers.
Het album opent met Anaesthesia alsof je ontwaakt uit een comatueuze slaap en het duurt welliefst een volle minuut voor het nummer er dan echt staat. Daarna volgen het enigszins dreigende Ricochet met prachtig 'ringende' gitaren en het wat traditionele Louisiana. The Great Machine mag gerust een hoogtepunt in het werk van The Church genoemd worden met dank aan drummer/producer Tim Powles. Een van de meest psychedelische nummers die ze gemaakt hebben. Daarna raast No Certainty Attached aan je voorbij met het grillige, vliegensvlugge gitaarwerk van MWP.
Het rustige Tranquility (over de 'rat race' van het bestaan en ontsnappingsroutes daaruit) eindigt als een meditatie op een akkoord met veel sustain/feedback, prachtig!
Boys, I've had enough
There's no more smooth, just rough
Don't go looking for me
Leave me in Tranquility
Het weemoedige Buffalo ligt dan weer in het verlengde van Louisiana. In This is it onderstreept de muziek vervolgens prachtig de onnavolgbare logica en vervreemding in de tekst.
I knew a wise man who did'n't know a thing
I knew a happy man that made me feel sad
You never know what the other guy is thinking
Too bad!
Sometimes you come upon a fork in the road
And what was waiting there, you never could have known
Split second difference, one tiny procent
Yeah, he came and he went
Een tekst zoals alleen Kilbey hem kan bedenken.
Het rustig rockende Another Earth met zijn prachtige leadgitaren (die verhoging met een octaaf de tweede keer werkt echt geweldig) leidt dan naar het ontroerende Glow Worm, een zeer persoonlijk overkomende liefdesverklaring met krachtig, maar ingehouden gitaarwerk, en het einde van een prachtig, warm, soms zeer persoonlijk aandoend album.
Het album opent met Anaesthesia alsof je ontwaakt uit een comatueuze slaap en het duurt welliefst een volle minuut voor het nummer er dan echt staat. Daarna volgen het enigszins dreigende Ricochet met prachtig 'ringende' gitaren en het wat traditionele Louisiana. The Great Machine mag gerust een hoogtepunt in het werk van The Church genoemd worden met dank aan drummer/producer Tim Powles. Een van de meest psychedelische nummers die ze gemaakt hebben. Daarna raast No Certainty Attached aan je voorbij met het grillige, vliegensvlugge gitaarwerk van MWP.
Het rustige Tranquility (over de 'rat race' van het bestaan en ontsnappingsroutes daaruit) eindigt als een meditatie op een akkoord met veel sustain/feedback, prachtig!
Boys, I've had enough
There's no more smooth, just rough
Don't go looking for me
Leave me in Tranquility
Het weemoedige Buffalo ligt dan weer in het verlengde van Louisiana. In This is it onderstreept de muziek vervolgens prachtig de onnavolgbare logica en vervreemding in de tekst.
I knew a wise man who did'n't know a thing
I knew a happy man that made me feel sad
You never know what the other guy is thinking
Too bad!
Sometimes you come upon a fork in the road
And what was waiting there, you never could have known
Split second difference, one tiny procent
Yeah, he came and he went
Een tekst zoals alleen Kilbey hem kan bedenken.
Het rustig rockende Another Earth met zijn prachtige leadgitaren (die verhoging met een octaaf de tweede keer werkt echt geweldig) leidt dan naar het ontroerende Glow Worm, een zeer persoonlijk overkomende liefdesverklaring met krachtig, maar ingehouden gitaarwerk, en het einde van een prachtig, warm, soms zeer persoonlijk aandoend album.
The Mob - Let the Tribe Increase (1983)

4,0
0
geplaatst: 23 juli 2009, 11:31 uur
Prachtige, maar vergeten plaat. The Mob behoorde tot de peacepunk/anarchopunk stroming, die ondere bands als Crass, Poison Girls, Zounds, Conflict, Subhumans, Flux Pink of Indians, Rudimentary Peni (en vele andere bands) omvatte.
Let the Tribe Increase is hun enige studioalbum gebleven, maar het album mag als cult klassieker gelden. De muziek valt niet binnen het nauwe punkidioom van de vroege jaren tachtig: Hoewel de intensiteit van de punk zeker in de muziek aanwezig is, is de muziek eerder postpunk met hier en daar gothic elementen en zelfs psychedelica. Verder vallen op sommige nummers de funky ritmes van de ritmesectie op b.v. op Dance On (You Fool) . Drummer Joseph Porter maakt veel gebruik van drumfiguren als flames en triolen en heeft daarbij een geweldige timing en gevoel in zijn spel met soms prachtige breaks waarbij zelfs rototoms gebruikt worden. De gitaren zijn vaak ruw, maar ook soms ruimtelijk, 'spacey'. Daarboven het breekbare stemgeluid van zanger/gitarist Mark Mob, die moeiteloos wisselt tussen hoop, wanhoop en woede.
De kern van dit album zijn de eerste 11 tracks (oorspronkelijke LP). Ook de moeite waard zijn de single tracks No Doves Fly Here, The Mirror Breaks en Stay. De rest is duidelijk minder en soms van het niveau 'cassetterecorder aan, opnemen maar'.
Favoriete nummers:
Dance On (You Fool)
Prison
Witch Hunt
The Mirror Breaks
Let the Tribe Increase is hun enige studioalbum gebleven, maar het album mag als cult klassieker gelden. De muziek valt niet binnen het nauwe punkidioom van de vroege jaren tachtig: Hoewel de intensiteit van de punk zeker in de muziek aanwezig is, is de muziek eerder postpunk met hier en daar gothic elementen en zelfs psychedelica. Verder vallen op sommige nummers de funky ritmes van de ritmesectie op b.v. op Dance On (You Fool) . Drummer Joseph Porter maakt veel gebruik van drumfiguren als flames en triolen en heeft daarbij een geweldige timing en gevoel in zijn spel met soms prachtige breaks waarbij zelfs rototoms gebruikt worden. De gitaren zijn vaak ruw, maar ook soms ruimtelijk, 'spacey'. Daarboven het breekbare stemgeluid van zanger/gitarist Mark Mob, die moeiteloos wisselt tussen hoop, wanhoop en woede.
De kern van dit album zijn de eerste 11 tracks (oorspronkelijke LP). Ook de moeite waard zijn de single tracks No Doves Fly Here, The Mirror Breaks en Stay. De rest is duidelijk minder en soms van het niveau 'cassetterecorder aan, opnemen maar'.
Favoriete nummers:
Dance On (You Fool)
Prison
Witch Hunt
The Mirror Breaks
The Search - Deranged Minds Unite (2007)

4,5
0
geplaatst: 6 juli 2009, 23:50 uur
Prachtig plaatje van The Search. Ten opzichte van het debuut beweegt dit album zich meer in de richting van dreampop (wat een afschuwelijke term is dat toch; wordt ook vaak gebruikt in verband met The Church
).
Is dit plaatje nu zo rustig? Ik vind het wel meevallen; er staan een redelijke hoeveelheid songs op die een behoorlijk tempo hebben (hoger dan op het debuut meen ik) en daarnaast wat luisterliedjes. Wel is het gitaarwerk een stuk cleaner dan op het debuut.
Het knappe aan deze cd vind ik dat het bol staat van de puntige pop/rock songs die allemaal zo rond de 3 minuten klokken en desondanks kop, staart, intermezzo's en wat dies meer zij hebben. De heerlijke synths doen soms aan de prachtig opkomende synths van The Sound op From the Lions Mouth denken.
Meesterwerk? Hmm, dat is wat overdreven misschien, maar een meesterlijk werkje vind ik dit zeker wel.
).Is dit plaatje nu zo rustig? Ik vind het wel meevallen; er staan een redelijke hoeveelheid songs op die een behoorlijk tempo hebben (hoger dan op het debuut meen ik) en daarnaast wat luisterliedjes. Wel is het gitaarwerk een stuk cleaner dan op het debuut.
Het knappe aan deze cd vind ik dat het bol staat van de puntige pop/rock songs die allemaal zo rond de 3 minuten klokken en desondanks kop, staart, intermezzo's en wat dies meer zij hebben. De heerlijke synths doen soms aan de prachtig opkomende synths van The Sound op From the Lions Mouth denken.

Meesterwerk? Hmm, dat is wat overdreven misschien, maar een meesterlijk werkje vind ik dit zeker wel.
The Sound - From the Lions Mouth (1981)

5,0
0
geplaatst: 17 juli 2009, 01:48 uur
Omsk schreef:
De instrumentatie is puik, donker doch fris en kraakhelder. De nummers daarentegen slepen totaal niet mee, alleen het openingsnummer heeft enige urgentie.
De instrumentatie is puik, donker doch fris en kraakhelder. De nummers daarentegen slepen totaal niet mee, alleen het openingsnummer heeft enige urgentie.
Tuurlijk, dit album hakt er wat minder stevig op in als Jeopardy, maar dat de urgentie hier ontbreekt ....?
Daar kan ik niet helemaal bij, bijvoorbeeld Skeletons en Possesion klinken zeer urgent en gedreven wat mij betreft.
White Lies - To Lose My Life... (2009)
Alternatieve titel: To Lose My Life or Lose My Love

2,5
0
geplaatst: 7 februari 2010, 12:31 uur
Groot, groter, grotesk. Neem het debuut van Killers, voeg nog een flinke dosis galm en bombast toe en een zanger die zichzelf nog meer overschreeuwt dan Brandon Flowers. Lardeer het geheel met teksten die vol staan met gemeenplaatsen over de Liefde en de Dood en verwijder alles wat nog een beetje tongue-in-cheek is.
Resultaat: een plaat die bol staat van de pretenties, maar waar de onechtheid helaas van afdruipt.
Resultaat: een plaat die bol staat van de pretenties, maar waar de onechtheid helaas van afdruipt.
