MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten MJ_DA_MAN als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Almighty - Original S.I.N. (2008)

poster
3,5
Begin 2008 kwam label Babygrande met goed nieuws. Een nieuwe hiphopformatie, genaamd Almighty, werd opgericht. Deze groep bestaat uit drie bekende namen uit het wereldje (Killah Priest, C-Rayz Walz en Bronze Nazareth) en drie tamelijk onbekende namen (M-Eighty, Son One en 5 Star). Het gebruikelijke gebeurde; er werd een MySpace aangemaakt, er werd een online poster verspreidt over diverse hiphopsite’s en de groep begon natuurlijk aan een album. De titel luidde Original S.I.N. (Strenght In Numbers). Waar meerdere zogenaamde hiphopsupergroups uit de undergroundwereld de zes heren voorgingen (Army of the Pharaohs, Black Market Militia en The Four Horsemen), hoopten de fans natuurlijk op een puik staaltje werk van deze nieuw supergroep.

Uiteindelijk is Original S.I.N. een album met twee verhalen. Ook zou je kunnen zeggen dat het een plaat is met goed nieuws en slecht nieuws. Om te laten zien dat Original S.I.N. zeker voldoet aan een grote eis voor dit soort albums, beginnen we daarmee. Een undergroundplaat kan natuurlijk nooit echt slagen als de producties niet goed of niet goed genoeg zijn. Dit is gelukkig niet het geval bij Original S.I.N. Sterker nog, productioneel is dit een van de betere platen die de laatste jaren onder Babygrande zijn uitgekomen. Een aantal producties is gedaan door een lid van de formatie die daar al lange tijd bekend om staat, namelijk Bronze Nazareth. Maar het merendeel van de beats komt op naam van een aantal onbekendere namen als Kevlaar 7, Deavy D en Krohme. Deze mannen laten zien hoe dit soort muziek moet klinken door uitstekend samplewerk. Natuurlijk, dit soort beats zijn bij lange na niet meer origineel, maar wanneer ze klinken zoals deze producties zal je er niemand over horen klagen. Veel betere beats kun je in ieder geval niet hebben op je debuut als groep.

Maar waar goed nieuws is, is helaas ook altijd slecht nieuws. Het slechte nieuws bestaat uit drie punten. Punt één is dat er tussen de heren van Almighty geen chemie is. Het is duidelijk dat ze voor dit album voor het eerst samen met zijn zessen in de studio hebben gezeten. Bovendien heeft het uitblijven van chemie nog een reden. Deze reden is dat de rappers teveel op elkaar lijken. Tijdens het luisteren surf je even snel naar de bekende site om via de playlist te zien wie wie is. De drie ervaren heren zijn bij vlagen nog wel te herkennen, maar M-Eighty, Son One en 5 Star zijn moeilijk uit elkaar te houden. Hierdoor kunnen de mannen zich moeilijk onderscheiden van elkaar en is het totaal niet afwisselend en zijn de verses bij vlagen te eentonig. Dit wil absoluut niet zeggen dat de leden van Almighty matig of slecht rapwerk leveren. Als je per rapper gaat kijken doen ze hun werk verdienstelijk, en blijven de teksten bovengemiddeld.

Het tweede punt is dat een aantal gastartiesten niet goed is uitgekozen, met het gevolg dat ze niet passen op Original S.I.N. Undergroundveteraan Canibus bijvoorbeeld klinkt niet subliem op het nummer Handle The Heights, omdat de beat totaal niet geschikt is voor hem. Een andere veteraan in dat nummer, Keith Murray, past evenmin op de luide beat van het nummer. Bovendien kunnen ook deze twee artiesten zich niet optimaal onderscheiden van de heren van Almighty. Het vreemdste gastoptreden komt op naam van Warcloud, ook wel bekend als Holocoast. Op het nummer Planet In Peril komt de rapper uit het niets tevoorschijn in de laatste verse van het nummer, en je vraagt je af wat de man hier te zoeken heeft. Zijn stem en manier van rappen past totaal niet in het straatje van deze plaat, waardoor het zelfs raar klinkt. Het derde punt, en een medeoorzaak van het ontbreken van samenhang is dat bijna alle nummers niet goed zijn afgemixt. Dan staat de beat te hard (Handle The Heights, met gevolg dat voornamelijk Canibus niet goed verstaanbaar is), dan staat de microfoon te zacht, dan is de samenhang van productie en beat niet goed; het zijn belangrijke aspacten die voor een onsamenhangend gevoel zorgen.

Original S.I.N. is een album geworden waar je absoluut van kan genieten door de sublieme beats en de bovengemiddelde teksten, maar dat wel als los zand aanvoelt. De puntjes kunnen door de hiervoor beschreven criteria niet op de i worden gezet. En dit is meer dan doodzonde, want hadden die puntjes wel op de i plaats kunnen nemen, dan konden we spreken van een dan de betere Babygrande-releases van de afgelopen jaren. Original S.I.N. is het absoluut waard een of meerdere keren beluisterd te worden, maar er wordt teveel gefaald om deze plaat een echte topper te noemen.

Ook hier te lezen.

Army of the Pharaohs - The Unholy Terror (2010)

poster
3,5
De oorspronkelijke review was misschien wel twee keer zo lang, maar dat was voor HHL-begrippen natuurlijk veel te veel . Hiet is de definitieve dan:

De hiphopsupergroep Army of the Pharaohs staat al jaren als symbool van de undergroundscene in Amerika. Alhoewel hun eerste volledige album pas in 2006 het daglicht zag, bestaat de groep al sinds 1998. Dat jaar richtte Vinnie Paz, rapper van Jedi Mind Tricks, in hartje Philadelphia de groep op samen met de andere helft van Jedi Mind Tricks, Stoupe. De overige leden bestonden uit Virtuoso, Bahamadia, Chief Kamachi, Faez One en 7L & Esoteric (producer en rapper). Inmiddels zijn alleen Vinnie Paz en Esoteric nog lid. Datzelfde jaar verscheen beschieden de EP The Five Perfect Exertions, en in 2006 kwam het officiële debuutalbum uit, het zeer goed ontvangen The Torture Papers met een grote lijst aan nieuwe leden zoals Celph Titled, Reef the Lost Cauze, Apathy en het duo Outerspace. Het tweede album van de groep, Ritual of Battle verscheen in 2007 en werd ook goed ontvangen. King Magnetic, Doap Nixon, Demoz en Jus Allah maakten als nieuwe leden hun debuut als AotP-lid. In 2009 werd bekend dat er een derde album opkomst was, genaamd The Unholy Terror. Chief Kamachi had de groep inmiddels na een conflict verlaten, Apathy keerde terug na afwezigheid op Ritual of Battle en Journalist en Block McCloud werden gepresenteerd als nieuwe leden. Ondanks dat er genoeg interessants te vinden is op The Unholy Terror, is het het minste album van de supergroep tot nu toe geworden.

The Unholy Terror opent zorgeloos met Agony Fires, een nummer geproduceerd door de voorheen onbekende Fransman Crown. Na een sample uit een Franse film als intro knalt een harde productie met piano en violen erin en is het aan Vinnie Paz om het spits af te bijten. Waar hij de laatste jaren wat afgekoeld leek, is hij hier weer ouderwets agressief en kwaad. Echter is dit een van de weinige keren dat de rapper zijn niveau haalt; op de rest van het album rapt hij bij vlagen op de automatische piloot. Celph Titled, uitblinker op de voorganger van dit album, steelt ook direct de show op dit nummer, met als hoogtepunt een zin die door autotune wordt vervormd ("I'm making hits singing songs on death in autotune") waarmee hij natuurlijk wil laten merken dat de autotune een belachelijke muzikale toevoeging is. Een beetje hypocriet is het wel, omdat ook Block McClouds stem in het nummer Burn You Alive tijdens het refrein wordt vervormd, alleen dan minder opvallend.

Op het door Celph Titled geproduceerde Bust Em' in blinken Reef the Lost Cauze, Apathy en natuurlijk Celph bijvoorbeeld uit met soepele flows en teksten gemixt met brag & boast en humor. Celph Titled doet daar zoals gewoonlijk nog een stapje bovenop en mengt in de standaard teksten van de groep nog een dosis humor om willekeurige rappers zo belachelijk mogelijk te maken. Met zeven coupletten is hij ook sterk aanwezig op het album. Een ander lid dat misschien wel sterker komt dan Celph, is Esoteric. Helaas bevat The Unholy Terror maar twee coupletten van hem, waardoor hij simpelweg niet genoeg voorbij komt om de show te stelen. Wellicht heeft hij ook niet meer tijd gehad, gezien Esoterics agenda de laatste twee jaar ramvol zat met optredens en andere projecten.

Zoals gezegd is lang niet alles op The Unholy Terror foutloos. Qua producties is het namelijk, zeker vergeleken met haar voorgangers, niet altijd goed genoeg voor AotP-begrippen. Zo beschikken tracks als Ripped to Shreds, 44 Magnum en Hollow Points niet over het geluid dat past bij de groep, ze klinken kitscherig. Bovendien hebben de producers, waarvan de meeste al hebben geproduceerd op vorige albums de formatie, op momenten gekozen voor samples die al één of meerdere keren gebruikt zijn door andere producers. Zo is bijvoorbeeld de productie van Suplex vrijwel identiek aan het nummer Only Slaves D.R.E.A.M. van Canibus, dat nota bene een dikke maand eerder verscheen. Enfin, slecht zijn deze beats niet echt te noemen, maar het mag duidelijk zijn dat de kwalitatief sterke bende rappers betere beats verdient. Echter is slechts één track productioneel echt zwak te noemen, en dat is Cookin' Keys. Een enorm eentonige beat, bestaande uit slappe belletjes en bliepjes, kabbelt voort en duurt bovendien ook nog eens vijf en een halve minuut zonder enige afwisseling, waardoor de verveling snel toeslaat. De producer van het nummer, Jedi Mind Tricks vaste discjockey DJ Kwestion, mag zich ronduit schamen voor deze beat. Wanneer het dan ook nog eens een zwak refrein van Demoz bevat, wiens vers overigens níet verkeerd is, kan vast worden gesteld dat dit de misser van de plaat is.

The Unholy Terror sluit af met The Ultimatum, waar DJ Kwestion opnieuw voor de productie zorgt. Opnieuw kiest hij voor een simpele beat, nu een met trompetten, maar in tegenstelling tot Cookin' Keys pakt dit nu wél goed uit. Met een duur van zes en een halve minuut en maar liefst tien rappers die voorbijkomen is dit een prima voorbeeld van de chemie en afwisseling tussen de rappers. Dit wordt dubbel zo duidelijk omdat de dominantie niet bij de beat ligt, waardoor je optimaal naar de rappers kan luisteren. Vooral King Magnetic blinkt uit met sterkte rhymes en een soepele flow en ook, hoe kan het ook anders, Celph Titled komt weer sterk voor de dag: "At best you're a rookie//Your show’s like a Catwoman audition cause we’ll see who plays the best pussy." Ook is dit het enige nummer waar de zogenaamde aanwinst Journalist te horen is. Echter is het meteen duidelijk dat hij niks toevoegt aan de groep en heeft een van de zwakste coupletten van het album. Een rapper met rare teksten ("I'll pack a Lama//separate the lions from llamas and alpacas if I pow pow at you") en een zeer onevenwichtige flow heeft sowieso niks te zoeken in deze formatie. Het is vrij raar dat hij en Block McCloud, die ook niet verder kwam dan een couplet en een refrein, als versterkingen werden gepresenteerd maar een minimaal aandeel hebben. Dit is echter geen ramp; beiden voegen vrijwel niets toe aan de groep. Ook is het een geschenk dat Jus Allah, die per zichzelf per album meer voor schut zet, maar een eenmalig aandeel heeft aan The Unholy Terror (op het nummer Godzilla).

Al met al is het duidelijk dat het derde album van Army of the Pharaohs niet het niveau van haar voorgangers haalt. Dit ligt dus niet aan de rappers, want na al die jaren blijven de mannen het enorm goed doen en vullen ze elkaar bij vlagen blindelings aan. Ook al is er vrij weinig inhoud te vinden, meer dan dat heeft de liefhebber van hardcore hiphop niet nodig. Helaas zorgt een aantal producties ervoor dat het album zich niet kan meten met Ritual of Battle, en al helemaal niet met The Torture Papers. Echter hoeft het publiek niet bang te zijn dat ze nu een hele tijd niks van de formatie gaat horen, want vrijwel alle leden hebben voor 2010 en 2011 soloalbums en/of samenwerkingsalbums op de planning staan.

Ook hier te lezen.

Atmosphere - Sad Clown Bad Winter 11 (2007)

poster
3,5
Review die ik schreef voor de jongste hiphopsite van Nederland ( ):

Wat doe je als hiphop-duo wanneer je de luisteraar zoet wilt houden tot je eerste album in drie jaar uitkomt? Precies, dan breng je een complete EP-serie uit tot dat album er daadwerkelijk is. Rapper Slug en producer Ant, beter bekend als Atmosphere, zijn zo sociaal geweest om dit ook daadwerkelijk te doen. Het nieuwe album van het duo, genaamd When Life Gives You Lemons…, komt namelijk pas in april 2008 uit. Gezien dit alweer deel 11 is uit de steeds populairder wordende serie, kan de kwaliteit per EP gaan afnemen. Maar na de dit jaar eerder verschenen EP’s Sad Clown Bad Summer 9 en Sad Clown Bad Fall 10, valt ook de EP Sad Clown Bad Winter 11 niet tegen. Dit 15 minuten durende plaatje is niet gevuld met koude en kille nummers, maar met nummers die je warm moeten houden in de koudste tijden van het jaar. Rapper Slug gaat in vergelijking met het vorige deel wederom niet zo diep met zijn teksten, maar ondanks dat blijft de man uit Minneapolis de gehele plaat vermakelijk. Zo vertelt hij onder andere wat er gebeurde in de winter van zijn 19e levensjaar (66th Street), en wat de ideale plaats is als je je problemen voor even wilt vergeten (Ha, This One Is About Alcohol Too). Ook Ant stelt niet teleur. Opnieuw brengt de uiterst creatieve producer het geluid dat we van hem gewend zijn; warme beats met lichte rock-invloeden. Nergens grote verrassingen, veranderingen of vernieuwingen van beide leden, maar “gewoon’’ een typisch kwartiertje Atmosphere. Sad Clown Bad Winter 11 is het ideale tussendoortje voor de koude winterdagen.

Brother Ali - The Undisputed Truth (2007)

poster
4,5
Uitgebreide review van mij, ook hier te lezen:

Vier jaar na zijn album Shadows On The Sun en drie jaar na de EP Champion, was het vol spanning afwachten of underground-albino-rapper Brother Ali opnieuw met een plaatje vol hoogstaande hiphop zou komen. Producer Ant, die samen met rapper Slug het duo Atmosphere vormen, nam net als op de twee eerder genoemde platen de gehele productie op zijn naam. Nadat Ant en Slug, tevens ook mede-eigenaren van Ali’s label Rhymesayers Entertainment, al hun energie staken in het promoten van het album The Undisputed Truth leek 2007 hét jaar te gaan worden van hiphoppoët Brother Ali. Door het slimme gebruik van 's werelds bekendste en meest bezochte videosite YouTube, kon je als liefhebber van de rapper niet meer om het album heen. The Undisputed Truth was overal. Dit album zou het door Nas doodverklaarde hiphop doen moeten herleven. En dat deed het. Zó overtuigend zelfs, dat het genre beter leek dan ooit tevoren.

Sommige combinaties in hiphop hebben zoveel chemie, dat het lijkt alsof de artiesten alleen op de wereld zijn gekomen om met elkaar een plaat te maken. Een schoolvoorbeeld daarvan is het in 2003 verschenen Rip The Jacker, een samenwerking tussen rapper Canibus en Jedi Mind Tricks-producer Stoupe The Enemy Of Mankind. Hoewel het geluid van die plaat totaal anders is dan The Undisputed Truth, krijg je tijdens het beluisteren van deze plaat déjà-vu’s van het genoemde Canibus-album. Het gevoel zegt heel simpel: dit klopt. Waar de chemie al duidelijk aanwezig was op de voorganger Shadows On The Sun werden Brother Ali en Ant, zonder dat ze het wisten, muzikaal in de echt verbonden.

De eerste single van The Undisputed Truth, genaamd Truth Is, verscheen al begin januari. Dit nummer deed velen positief verrassen. Truth Is had duidelijke reggae-invloeden, iets wat ongebruikelijk was voor producer Ant. Toen het album ook eenmaal op de markt en het internet verscheen, bleek de producerende tak van Atmosphere creatiever te zijn dan ooit. Waar Ant voor Atmosphere vaak zijn emotionele kant moet verwerken in zijn beats, klinkt het op The Undisputed Truth vol warmte en passie.

Dit komt voornamelijk door het feit dat Ali niet zo’n pure “emo-rapper’’ is als Atmosphere’s Slug. En op deze plaat wordt nog maar eens onderstreept dat Ant in samenwerking met Ali het beste uit de veren komt. De producties bevatten vele rock- en zoals al eerder vermeld reggae-invloeden. Waar je het geluid mee kan vergelijken is bijna niet te zeggen, gezien Ant altijd al bekend heeft gestaan om zijn unieke en uiterst creatieve beats. De lijn van de vorige platen wordt met een zonnig extraatje moeiteloos voortgezet.


Ook Brother Ali laat wederom zien waarom hij behoort tot de betere rappers van het wereldje. Zijn teksten zitten vol met levenslessen, geloof, politieke statements en natuurlijk het leven van de rapper zelf. Zo tikt de man in Uncle Sam Goddamn, waar tevens ook een bijpassende videoclip is gemaakt, Amerika flink op de neus met een aantal opvallende en uiterst kritische zinnen. De blues-achtige beat geeft het nummer nog eens een extra Amerikaans sfeertje en dat brengt de tekst nog beter tot zijn orde. Het bijbehorende refrein zegt al erg veel over zijn kijk op de Verenigde Staten: Welcome to the United Snakes, land of the thief home of the slave. The grand imperial guard where the dollar is sacred and power is God.


Wat Brother Ali zo sterk maakt, is eigenlijk heel simpel: de man heeft geen zwakte. Tekstueel zit alles boordevol inhoud en overtuiging, en stopt daarin ook nog eens een hele lading woordspel en poëzie. Doordat zijn flow zo ongelofelijk zuiver en scherp is kun je The Undisputed Truth zelfs a capella prima beluisteren omdat het rappend zo verschrikkelijk boeiend is. Zelfs het merendeel van de refreinen klinken gewoon fantastisch, en dat puur door Ali’s scherpe en warme stem.

Zoals al eerder vermeld, is de chemie tussen de twee artiesten het belangrijkste van dit album. Ali plus Ant lijkt een optelsom te zijn, waarvan de uitkomst perfecte hiphop is. The Undisputed Truth is helaas net niet volledig perfect, omdat nummers als Here en Walkin Away net een fractie minder goed zijn geproduceerd dan de rest. Het kan de pret echter niet bederven. Er zijn van die platen die je over, pak hem beet, tien jaar ziet als een klassieker. The Undisputed Truth is zo’n album dat die status nu al heeft.

Brother Ali - Us (2009)

poster
3,5
Oh, hij staat er dan eindelijk op .

Brother Ali heeft geen introductie meer nodig. De parel van het label Rhymesayers heeft in de loop der jaren een uiterst kwalitatieve discografie opgebouwd, waar menig rapper jaloers op kan zijn. Toegegeven, een top 10-hit zal de man nooit scoren en zijn albums zullen ook niet evenveel verkopen als artiesten als Lil Wayne en Jay-Z, maar toch verkoopt Ali - zeker vergeleken met andere undergroundrappers - vrij goed. Zijn vorige plaat, het zeer goed ontvangen The Undisputed Truth, ging bijvoorbeeld de eerste week al ruim 10.000 keer over de toonbank. Ook het tussendoortje dit jaar, de EP The Truth Is Here, verkocht niet slecht. Aangezien The Undisputed Truth alweer dateerde van begin 2007, werd het ook weer hoog tijd voor een nieuw album van de albino-rapper. In een interview begin 2009 sprak Ali al over een nieuwe plaat, toen nog Street Preacher geheten. Eind juli dit jaar werd het wachten van zijn fans beloond: Ali’s nieuwe album ging Us heten, moest 22 september in de winkels liggen en werd uiteraard volledig geproduceerd door zijn vaste compagnon: Ant (van Atmosphere en tevens mede-oprichter van Rhymesayers). Het is duidelijk dat de laatstgenoemde een iets andere weg is ingeslagen qua produceren. Op het laatste Atmosphere-album (When Live Gives You Lemons…) maakten de luisteraars kennis met producties die deels of zelfs helemaal zonder samples waren, en waar alles was ingespeeld door verschillende muzikanten. Velen prezen dit, maar er was ook enige kritiek op deze nieuwe werkmethode van Ant, omdat het toch niet helemaal het gewenste effect zou hebben en wat te minimaal zou zijn. Helaas is dit ook deels het geval bij de nieuwe plaat van Brother Ali.

Us start met niemand minder dan Public Enemy-lid en grootheid in de hiphopwereld Chuck D. Het desbetreffende intro van de plaat, genaamd Brothers and Sisters, bevat echter geen verse van de legende, maar Chuck D komt als een ware priester voor in het daglicht. Met een gospelkoor en geklap op de achtergrond gooit Chuck wat positieve, maar toch vrij clichématige priesterteksten op tafel, om vervolgens Brother Ali aan te kondigen. Net als The Undisputed Truth bevat ook Us een knallende openingstrack. The Preacher is direct één van de hoogtepunten, waar een volledig losgaande Brother Ali wordt gesteund door luide blazers. Nog steeds is er niets op zijn manier van rappen aan te merken, en aan degenen die nog twijfelden aan zijn kunnen geeft Ali direct zijn visitekaartje af.

Maar wanneer Us een aantal nummers verder is, is het al duidelijk dat dit qua geluid geen tweede The Undisputed Truth is. Ant gaat inderdaad verder met waar hij mee gestopt is bij When Live Gives You Lemons…; hij laat instrumenten inspelen die hij vervolgens verwerkt in de producties. Mogelijk maakt Ant op Us helemaal geen gebruik van samples. Brother Ali blijft echter doen waar hij nooit mee is gestopt. Verschillende onderwerpen komen naar voren en met overtuiging worden deze nog steeds verwerkt in sterk in elkaar zittende teksten. Geloof, discriminatie, zijn eigen leven, brag & boast: aan diversiteit geen gebrek.

Tight Rope is een track waar Ali jongeren uit Amerika in een moeilijke situatie in de schijnwerpers zet. Zo rapt hij over een vluchteling uit Somalië, een jongen met gescheiden ouders en een homoseksuele tiener, met een apart couplet voor ieder kind. De tamelijk vrolijke en mellow instrumentatie zorgt vanzelfsprekend niet voor een donker gevoel, maar is een extra opbeuring voor mensen die zich in deze situatie herkennen. ''Live in two worlds with your eyes closed, tip toeing on a tight rope''; ook een duidelijk refrein dat aanstekelijk wordt gebracht door Brother Ali, zoals alleen hij dat kan.

Het is op Us echter niet alleen rozengeur en maneschijn. Zoals eerder vermeld heeft Ant bewust het pad van de ingespeelde producties gekozen. Deze manier van produceren heeft op Us echter niet de meest gunstigste werking. Eentonig, minimalistisch, kleurloos; termen die af en toe bij je opkomen naarmate je het album een tijd op hebt staan. Tracks als Breakin' Dawn en The Travelers bevatten erg weinig lagen, waardoor het ze wat leeg aanvoelen. Een minuut klinkt het leuk, maar later slaat de eentonigheid toch te erg toe. Uiteraard zijn deze twee tracks niet zwak te noemen en maakt Brother Ali veel goed met zijn complete manier van rappen, maar het gevoel dat je naar iets geniaals luistert is niet aanwezig.

Logischerwijs zijn er meer nummers die wat boven de rest uitsteken; op Babygirl vertelt Ali over een meisje dat vroeger slachtoffer was van een verkrachting. Doordat de productie een verslavend gitaartje bevat, is het naast de interessante inhoud ook nog eens aanstekelijk, ondanks dat het niet bepaald een feelgood-nummer is. Best@It valt ook op, niet zozeer om de kwaliteit, maar om de aanwezigheid van twee gastrappers: Freeway en Joell Ortiz. Sinds Ali’s grootschalige debuut (Shadows on the Sun) was alleen Slug een tweede rappende aanwezigheid geweest op een album van de man. De afsluiter (titelnummer) past gelukkig wel bij het album: met dezelfde achtergrond als de intro komt Ali nu wel aan het woord. Half-zingend en half-rappend vertelt Brother Ali over zichzelf als artiest. “I started rhyming just to be somebody//To make people notice me at the party//And not just be the new kid that's albino//Make em say yeah I know but have you heard him rhyme though//Now take that same party around the globe//And my story connected with a lot of folks.” Het zijn mooie woorden voor een afsluiter. Eerlijk, met gevoel, duidelijk en vooral mooi, erg mooi.

Het moge niettemin duidelijk zijn dat Us geen wereldplaat is geworden. Het mist de muzikale kleur en warmte voor een album van dat kaliber. Er is door Ant bewust voor deze werkwijze gekozen, dus wellicht kon het ook niet beter, maar toch blijft het Ant die het album naar hoger niveau had kunnen tillen. Brother Ali is absoluut niet minder dan op zijn voorgaande album en op momenten zelfs nóg overtuigender, maar hij wordt niet ondersteund door de warme en volle beats die het best bij hem passen. De muziek van Us is vergelijkbaar met de cover van het album: wat erop staat is allemaal leuk en doeltreffend, het mist alleen wat kleur.

Ook hier te lezen.

Chino XL & Playalitical - Something Sacred (2008)

poster
1,0
Wat ik van dit wanproduct vind (ook hier te lezen):

Sommige platen in de wereld van hiphop kunnen leiden tot teleurstelling, ongeloof of hoofdpijn. Anno 2008 is er op de markt een album verschenen dat leidt tot al deze aspecten. Something Sacred is niet alleen een van de meest verschrikkelijke albums van de afgelopen jaren, maar laat bovendien zien hoe erg een respectabele rapper kan zakken.

Chino XL is een man die al meer dan tien jaar in het vak zit en bekend staat om zijn punchlines. Zijn debuut Here To Save You All uit 1996 werd een klassieker, en ook het in 2001 verschenen I Told You So heeft volgens vele undergroundliefhebbers die status. Na het in 2006 verschenen Poison Pen liet Chino zien nog steeds een van de meest constante rappers te zijn uit de scène.

Halverwege vorig jaar werkt bekend dat de rapper begin 2008 opnieuw een plaat zou uitbrengen, ditmaal in samenwerking met rapper en producer Playalitical. Hoewel deze keuze van tevoren al voor lichte vraagtekenis zorgde, Playalitical produceerde immers als een geheel album voor Bone Thugs N Harmony-lid Bizzy Bone, had iedereen alsnog het volle vertrouwen in Chino. De man zal toch wel weten wat hij doet?

Something Sacred is een album dat faalt in elk opzicht. Het meest hinderlijke is de pijn die je krijgt aan de oren tijdens het beluisteren. De producties van Playalitical zijn over het algemeen zo verschrikkelijk geproduceerd dat je halverwege het album een aspirientje moet slikken tegen de hoofdpijn. Het klinkt totaal stijlloos en is het beste te omschrijven als commerciële rotzooi die deels probeert een undergroundgeluid na te doen. Daar komt bij dat de producer in kwestie als rapper even slecht is. Playalitical’s grove en schreeuwerige stem vormt samen met de producties en de verschrikkelijke refreinen, grotendeels ook door Playalitical, een grote bak herrie. Hieruit is dus al te concluderen dat Playalitical de heersende factor is van het album.

Het is daarom ook bijna zielig te noemen wanneer we Chino horen rappen. De man van de duistere underground-albums is nu opeens te horen op beats waar niemand enigszins vrolijk van kan worden. Je hoort nog wel dat de man het in zich heeft, maar met zulke beats en refreinen heeft het weinig nut meer. Ook komen er geen briljante punchlines meer uit de mond van Chino, waardoor ook hij oninteressant is op deze plaat.

Als je blij bent dat de luisterbeurt bijna over is en denkt dat het niet erger kan, wordt het dat wel. Het absolute dieptepunt van Something Sacred is een solonummer van Chino genaamd Be With You (samen met Bizzy Bone). Deze track is zo ongelofelijk slecht en simpel dat de tranen je in de ogen springen vanaf de eerste seconde. De productie klinkt zo goedkoop en amateuristisch dat je bijna niet kan geloven dat dit op een professioneel album staat. Een beat als deze verwacht je normaal op een derderangs Dirty South-album, maar het is toch echt een productie gemaakt voor Chino XL. Zijn echte fans kunnen waarschijnlijk pas maanden na het horen van het nummer beseffen dat het afkomstig is van de rapper die door het leven ging als pure vakman.

Uiteindelijk valt te concluderen dat Something Sacred feitelijk een album van Playalitical is waar Chino een vaste gastrapper is. Vergelijk het, niet in kwaliteit natuurlijk, met Ghostface Killah op Raekwon’s album Only Build For Cuban Linx, waar Ghostface vaste gastartiest is. Het doet er allemaal weinig meer toe, want één ding staat vast: met Something Sacred heeft de prijs voor de slechtste plaat van 2008 in ieder geval al een potentiële kanshebber.

Jedi Mind Tricks - Servants in Heaven Kings in Hell (2006)

poster
5,0
Servants In Heaven, Kings In Hell is vanaf nu hét Jedi Mind Tricks-album voor mij. Na de recente tegenvaller A History of Violence ben ik nog meer gaan beseffen hoe goed dit is en hoe goed het duo kan zijn i.t.t. het laatste album. Is het Paz die het album zo goed maakt? Is het Stoupe? Nee, het is JMT dat dit album een meesterwerk maakt. De chemie tussen de twee is onbeschrijfelijk op dit album; de raps van Paz maken de beats van Stoupe sterker en zijn beats maken de raps van Paz sterker. Vinnie legt ieder persoon het zwijgen op die de man beschrijft als een boze rapper die niks anders kan dan ''shock raps'' brengen. Naast zijn ''recht voor je raap'' lyrics op deze plaat laat de man duidelijk zijn persoonlijkheid en zijn kritiek op bepaalde dingen horen. Enkele voorbeelden:

It's 1.6 million people locked in jail
They the new slave labor force, trapped in Hell
They generate over a billion dollars worth of power
And only gettin' paid twenty cents an hour
They make clothes for McDonald's and for Applebee's
And workin' forty-hour shifts in prison factories
And while we sit around debatin' who the wack MC's
They have to work when arthritic pain attack the knees
Slavery's not illegal, that's a fuckin' lie
It's illegal, unless it's for conviction of a crime
The main objective is to get you in your fuckin' prime
And keep the prison full and not give you a fuckin' dime
But they the real criminal, keepin' you confined
For a petty crime, but they give you two-to-nine
And ain't nobody there to protect ya
Except a bunch of incompetent human rights inspectors

(Shadow Business)

Mommy I'm sorry if my first letter made you cry
To be honest with you I don't think that I wanna die
Sometimes I feel like that I'm cancerous in others lives
Thats probably why I drink at night and sleep till 4 or 5
It's kinda hard walking through life with my distorted eyes
When I was younger I was stupid and I thought I thrived
I thought alot about everything I said in the letter
And questioned whether or not if I was dead you'd be better
You think my shorty would be happy if I never met her
It's too late now mommy I could never forget her
Could never forget how she told me to love
Cuz my father and my grandmother is always above

(Razorblade Salvation)

Simpel, maar meer dan krachtig verwoord en duidelijk met gevoel. Zoals gezegd brengen de beats van The Enemy of Mankind deze lyrics nog eens extra krachtig. 's Werelds beste producer komt op het alweer twee jaar oude album niet met uitschieters, maar is over de gehele plaat constant. Zijn samples zijn ongelofelijk goed gekozen en zijn grootste bron (Zuid-Amerikaanse muziekwereld) is hem op het lijf geschreven. Ook de samples tijdens de refreinen met kleine stukjes van andere rappers (het bekende verhaal) zijn ongelofelijk goed gedaan en brengen tegelijkertijd een rauw gevoel. Een heel album met een Vinnie Paz als deze had ik alles behalve erg gevonden, maar ook qua gastartiesten is dit op en top. Ill Bill brengt op het harde Heavy Metal Kings een verse waar de rauwheid vanaf druipt en waarin we de Bill horen die we ook willen horen:

Ill Bill, human manifestation of genocide
stand amongst Grammy winning grimy nose candy sniffers
blast the black metal at you like Danny Lilker
it's impossible to escape my matrix of hate
I'll make a good girl a cum dumpster sayin' don't wait
set the razors to AKs and turn razors to grapes
turn blood into wine with an insatiable taste
drink from the goblet of gore, vomitting porn
Sodom and Gomorrah back to Canarsie New York


In your face! Sean Price, niet en nooit mijn favoriet, komt toch vrij aardig tijdens Outlive The War en Reef levert een réte-strakke verse plus refrein af op Gutta Music. Ook het andere AotP-lid Chief Kamachi doet wat ie moet doen. Over R.A. the Rugged Man is alles al gezegd; zijn gastoptreden is gewoon een van de beste in de rapgeschiedenis en als je het verleden van de man kent:

I'm in a hospital bed, they rescued me, I survived
I escaped the war, came back
But ain't escape Agent Orange, two of my kids born handicapped
Spastic, quadriplegia, microcephalic
Cerebral palsy, cortical blindness, name it they had it
My son died he ain't live, but I still try to think positive
'Cause in life, God take, God give


... ga je hierover toch heel anders denken.

Dit album is JMT; Stoupe, Paz, geen Josh Allar (de Jus Allah van Violent by Design is overigens altijd welkom). Jedi Mind baby!

5*

Pete Rock - NY's Finest (2008)

poster
2,0
Mijn recensie over de plaat, ook hier te lezen:

Elk persoon die zich een beetje in de wereld van de hiphop heeft gewaand, kent Peter Phillips, oftewel Pete Rock. De producer uit Bronx is inmiddels een legende en heeft een grote lijst met producties op zijn naam staan. Nummers als The World Is Yours (Nas) en Don’t Curse (Heavy D & The Boys) zijn klassiekers die nooit vergeten zullen worden. Maar de meeste faam behaalde Pete Rock natuurlijk samen met rapper en maatje CL Smooth. Het duo bracht in de klassiekers Mecca And The Soul Brother (1992) en The Main Ingredient (1994) uit. De heerlijk soulvolle producties zorgden ervoor dat Pete Rock Soul Brother Number One werd genoemd. Ook solo heeft Pete een aantal gewaardeerde werkjes op zijn naam staan. Zo verscheen onder andere Soul Survivor in 1998, een album met een van de meest indrukwekkende gastlijsten aller tijden (met onder meer O.C., Prodigy, Common, Kool G Rap, Big Punisher en een aantal leden van Wu-Tang Clan hadden hun aandeel). Ook de soloplaten die volgden waren allen acceptabel. In 2007 werd bekend dat de superproducer opnieuw met een album ging komen in het begin van 2008. NY’s Finest werd de titel en moest vanzelfsprekend een ouderwetse New Yorkse hiphopplaat gaan worden. Gastartiesten als Lords Of The Underground en Raekwon gaven goede hoop, maar artiesten als Jim Jones en Max B zorgden voor lichte twijfel. Helaas kan noch een Pete Rock, noch een Raekwon en noch een Jim Jones ook maar iets bijzonders toevoegen aan NY’s Finest.

Het grootste struikelblok van NY’s Finest is dat het album nergens gedurfd klinkt. Pete Rock maakt nog steeds gebruik van de bekende samples uit onder meer de soulwereld, maar overtuiging is er amper. Het lijkt alsof de producer, die zelf ook een aantal keren rapt, iedereen tevreden wil houden. Zo probeert Pete onder meer het geluid van de hedendaagse hiphop toe te voegen aan de compilatie. Dit lukt niet, waardoor een aantal nummers (Till I Retire, Best Believe) saai en vooral oninteressant klinkt.

Ook de vele simpele en slappe refreinen zorgen voor een leeg en koud gevoel tijdens het luisteren. En dat zagen de meeste liefhebbers totaal niet aankomen, aangezien Pete Rocks producties van de afgelopen jaren (voor acts als Ghostface Killah (Fishscale) en Talib Kweli (Eardrum)) allen overtuigend waren.

Een enkele keer, zoals op Bring Y’all Back en The Best Secret, krijg je wel het gevoel van een ouderwets geslaagde Pete Rock-productie, maar zelfs dan overheerst een net-niet gevoel. Het zit er dan wel in, maar het lijkt wel of de producer het risico gewoon niet durft te nemen. Het op safe spelen pakt in zijn geheel genomen bijzonder slecht uit, en geeft toch een heel klein beetje het gevoel dat Pete stiekem dacht aan een notering in de albumcharts.

Maar niet alleen Pete Rock faalt op deze plaat. Ook de gastrappers hebben er duidelijk weinig zin in, waardoor het oninteressante niet alleen instrumentaal maar ook qua raps naar voren komt. Inspiratie is er amper te vinden. Veteranen als Raekwon, Masta Killah, Redman, de mannen van Lords Of The Underground en Little Brother kunnen met een beetje enthousiasme normaliter een album rappend omhoog tillen, maar leveren hier vooral minimale inspanning. Het zegt genoeg dat de, met alle respect, zwakkere rappers als Jim Jones en Max B absoluut niet tot de mindere behoren. Het betreffende nummer (We Roll) behoort zelfs tot de beteren van de plaat. Ook een hongerige Papoose probeert er nog wat van te maken op afsluiter Comprehend, een uitblinker. Het is slechts een schrale troost, want over het algemeen klinkt NY’s Finest inspiratieloos en saai. Of Pete Rock in de toekomst nog plannen heeft voor een volgende soloplaat is niet bekend, maar als de man er geen zin meer in heeft, kan hij het beter gewoon laten.

Randam Luck - Graveyard Shift (2009)

poster
4,0
Jup, en hier is ie dan (eindelijk ) :

Ondanks dat de hardcore hiphopformatie Randam Luck, afkomstig uit San Diego, niet tot de meest bekende artiesten uit de hiphopwereld behoort, staat de groep al sinds vorig jaar onder contract bij Babygrande. De groep, bestaande uit de drie rappers Lucky, Randola en Stadi Majadi, bracht via dit label vorig jaar haar debuutplaat Conspiracy of Silence uit. Het werd echter geen succes; ondanks grote namen als Kool G Rap, Ill Bill, Vinnie Paz, Outerspace en Sabac Red viel de plaat kwalitatief tegen en verkocht hij vrij matig. Ook de agressieve raps van de heren zelf kwamen niet goed uit de verf, voornamelijk door de bij vlagen zwakke producties van een aantal onbekendere producers, die vaak leken op slappe Stoupe- en Snowgoons-aftreksels. Over deze Snowgoons gesproken: begin 2009 kondigden deze Duitse producers aan het nieuwe album van Randam Luck, dat toen nog geen titel had, voor een groot deel te produceren. Na een lange tijd van stilte werd in juni bekend dat de nieuwe plaat van het trio Graveyard Shift ging heten en wederom via Babygrande op de markt kwam. En hoewel het aandeel van de Snowgoons uiteindelijk vrij klein is gebleven, is de plaat wel een van de grootste verrassingen van deze zomer geworden.

Het wordt al vanaf het openingsnummer duidelijk dat Graveyard Shift geen album is voor watjes en qua geluid vergelijkbaar is met het album A Fist in the Thought van hun collega's Snowgoons, Lord Lhus en Savage Brothers. You Will Never Be zet meteen de toon met een luide trompet- en pianobeat, en ook tekstueel is dit nummer representatief voor het gehele album: raps vol met geweld, opschepperij en veel stoere vergelijkingen.

Een nummer dat verder direct opvalt en tot de top van de plaat behoort is Listen. Dit nummer, geproduceerd door nieuwkomer AD, heeft een behoorlijk funky en zelfs licht feestelijk trompetten-sample en bevat een rauwe vocal-sample van M.O.P.-lid Lil’ Fame. Het wordt ook meteen duidelijk dat de heren van Randam Luck onder begeleiding van betere beats een stuk sterker klinken. Oké, hoogstaand zijn de mannen natuurlijk nog steeds niet te noemen, maar vermakelijk wel, en ook hun stemmen variëren lekker over de gehele plaat.

Het eerste Snowgoons-werk dat voorbij komt, de remix van Raw, is ook vrij genietbaar. De originele versie van het nummer was in positieve zin bijna een incident te noemen, gezien het met kop en schouders boven de rest uitstak. Ondanks dat de Snowgoons dat niveau niet weten te halen is een meer dan geslaagde remix geworden die verfrissende samples bevat uit een stuk klassieke muziek. Diezelfde formule gebruiken de Goons ook voor de remix van Verbal Holocaust. Waar het origineel niet eens goed was te noemen, is deze remix om te watertanden en vliegen de klassieke violen, geflipte scratches en paranoïde drums je om de oren. Back to Business is een nummer dat ook opvalt door het hoge Stoupe-gehalte. Kenmerkend hiervoor is de Zuid-Amerikaanse stem die wordt gesampled en herhaaldelijk te horen is. Uiteraard valt er ook af en toe een nummer wat tegen: het mysterieuze Mystery on the Block kan bijvoorbeeld geen potten breken en ook Pick Your Poison en Watch Your Step zijn niet bijzonder, voornamelijk door de mindere producties. Maar meer dan uitzonderingen zijn deze tracks niet te noemen.

Zoek je originele hiphop? Zoek je rustige hiphop? Zoek je hiphop met een boodschap? Dan is het stuk geweld Graveyard Shift een album dat je links kan laten liggen, want deze plaat bevat geen enkel element dat nog nooit te horen is geweest op een hiphopalbum. Maakt dit veel uit? Zolang de kwaliteit er is: nee. Ondanks dat de rappers voor sommigen wellicht vermoeiend over kunnen komen, vermaken ze je de gehele plaat en daar gaat het uiteindelijk om. En dat het tekstueel zo oppervlakkig als iets is, maakt dan niet meer uit. Velen zullen dit vermijden, maar liefhebbers van dit soort hiphop zullen Graveyard Shift een album vinden dat een goede weerspiegeling geeft van de beruchte hardcore hiphop uit Amerika.

Ook hier te lezen.

Snowgoons featuring Savage Brothers & Lord Lhus - A Fist in the Thought (2009)

poster
4,0
Het Duitse productieteam Snowgoons (DJ Illegal, DJ Waxwork en Det) was begin 2009 duidelijk toen het op zijn MySpace de tekst ''2009 THE YEAR OF THE GOON!'' plaatste. Het kon ook haast niet uitblijven dat deze heren definitief de undergroundscene zouden veroveren. Na het wat kleurloze maar leuke debuut German Lugers, (2007) werd in 2008 Black Snow voor vele liefhebbers van hardcore hiphop de plaat van het jaar. Hoewel niet iedereen blij werd van de plaat, verkocht het album goed en had hun label Babygrande (waar onder anderen Jedi Mind Tricks tot voor kort onder contract stond) alle reden om deze mannen meer platen te laten maken. In maart kwam de dubbel-cd The Snowgoons Instrumentals (instrumentals van German Lugers en Black Snow) uit en 26 mei kwam dan eindelijk de nieuwe Snowgoons-plaat: A Fist in the Thought.

Op dit album maken de heren voor het eerst níet gebruik van allerlei gastrappers, maar een heel lang album van dezelfde: de tamelijk onbekende Savage Brothers (bestaande uit Qualm en Knowledge) en Lord Lhus, allen afkomstig uit Columbia (South Carolina). Mochten deze niet voorbijgekomen zijn gekomen op Black Snow, dan had waarschijnlijk niemand ze gekend. Natuurlijk komt er ook een aantal gastrappers aan het woord op A Fist in the Thought, met als grotere namen Sean Price en de Army of the Pharaohs-leden Reef the Lost Cauze en King Syze. Tevens staan er niet alleen Snowgoons-producties op, maar ook een viertal nummers dat door andere producers is gemaakt (onder andere Sicknature, die zich de laatste tijd veel bezighoudt met producties voor de supergroep La Coka Nostra). Vlak voor het uitkomen van de plaat werd Lord Lhus alsnog definitief lid van Savage Brothers, maar toch bleef zijn naam apart vermeld op de hoes (die al gedrukt was vóórdat Lhus lid werd). De plaat werd stevig gepromoot op het internet, Lord Lhus leek zelfs op alle mogelijke plekken de plaat te promoten (van MySpace tot YouTube tot Undergroundhiphop tot het forum van Babygrande).

A Fist in the Thought is absoluut een album dat het wachten waard was. De beats zijn minder gevarieerd dan op Black Snow, maar dat komt omdat het geluid gedeeltelijk is aangepast aan de luidkeels rappende Savage Brothers en Lhus. Veel producties zijn dan ook erg luid (in hiphoptermen: hardcore) en het productieteam maakt zoals gewoonlijk veel gebruik van allerlei blazer-, piano- en strijkers-samples. Het eerste nummer, Who Are You, is een wat kalmer nummer waarbij de eerste zinnen van Lord Lhus meteen het voorbeeld zijn van het soort teksten op de gehele plaat: ''I'm the seventh sinner//I'm when you feel heat in december//I'm a lyric vendor//I'm your death family members//Not a five percenter//Just creating my own foundation//I'm a deep conversation between God and Satan.'' Oftewel: veel brag & boast-rap met stoerdoenerij en opschepperij in combinatie met lines over apocalypse, geloof en moord.

Dit soort teksten past ook duidelijk bij de drie rappers op A Fist in the Thought, want de mannen hebben zoals eerder vermeld harde en luide stemmen. Ze lijken qua stemgeluid ook op elkaar, waardoor het soms wat moeilijk te horen is wie er wanneer rapt. Hoewel het allesbehalve de beste rappers zijn, doen ze allen, vooral de nogal aanwezige Lhus, goed hun ding. Dat laatste is bewijst het stevige One Shot, waar met vlotte flows en het eerder beschreven type teksten alles uit de kast wordt gehaald door de rappers. Bovendien heeft het refrein op een positieve manier iets dreigends. Op de typische Snowgoons-productie, Platoon Goons, die allerlei geflipte scratches, stukjes teksten uit andere nummers en de bekende samples bevat, laat Reef the Lost Cauze duidelijk horen dat hij een toegevoegde waarde is op deze plaat en flowt hij er lustig op los.

Ook het andere Army of the Pharaohs-lid King Syze, voegt iets toe aan de plaat. Op Hip Hop Crusaders (met een aparte vocal-sample afkomstig van een klassiek koor) doet hij waar hij goed in is: lekker vloeiend rappen en vertellen wie de beste is. Een ander nummer dat opvalt is Planetary Takeover. Dit nummer bevat naast een beangstigend klinkende opgepitchte vocal-sample een bijzonder stevige metal-sample die uit de speakers knalt en je zelfs trillingen doet voelen wanneer je het volume op maximaal zet.

Ook opvallend, maar dan op een mindere manier, is de bijdrage van Sean Price. De veteraan werd met trots als een van de gastrappers bekendgemaakt en stond op de promotieposter ook bovenaan het lijstje met gastartiesten, maar helaas blijft zijn bijdrage beperkt tot alleen een korte intro en een refrein (en dus geen couplet). Het desbetreffende tamelijk rustige nummer, At War, moet voor "Sean P'' de meest gemakkelijk bijdrage aller tijden zijn geweest: tijdens het refrein rapt, of beter gezegd praat, hij slechts de gesamplede stem na: ''I'm at war with the world, that's the way it must be//I'll fight while I can, to put an end to this misery'' (afkomstig van Foreigner - At War with the World). Ook de elektrische gitaar is op een erg geslaagde manier uit dat nummer gesampled en met de wederom energieke raps van de heren is dit één van de betere nummers op A Fist in the Thought, ondanks de minimale bijdrage van Sean Price.

Naast luidere nummers bevat A Fist in the Thought ook een aantal nummers dat niet alleen over stoerdoenerij gaat. Op South Carolina Struggle vertelt het trio over een wat emotionele pianobeat over het leven in hun woonplaats. Ook op All in Your Mind laten de heren zien niet alleen over moorden te kunnen rappen. Op een mooie productie - waarop gastrapper Viro the Virus (die we nog kennen van Starlight, uitschieter op Black Snow) ook meedoet - en teksten over een zo goed mogelijk leven is dit één van de nummers op A Fist in the Thought die afwijkt van het kenmerkende harde geluid.

A Fist in the Thought is natuurlijk geen foutloze plaat. Het trio rappers is soms wat moeizaam aan te horen omdat de lyrics vaak hetzelfde zijn en hun stemmen je ook maar net moeten liggen. De energie en passie die ze in het rappen stoppen maken echter veel goed. Wanneer je op zoek bent naar soulvolle en rustige hiphop moet je deze plaat dan ook niet kopen, want A Fist in the Thought heeft een al eerder beschreven dominant geluid. Veel Snowgoons-fans zullen A Fist in the Thought dan ook zeker goed vinden en uitkijken naar de volgende producten van Snowgoons. Wat er in de toekomst met Savage Brothers en Lord Lhus gaat gebeuren is nog niet bekend, maar ze mogen hun handjes dichtknijpen als ze nog eens mogen samenwerken met de heren uit Duitsland.

Ook hier te lezen.

Stoupe the Enemy of Mankind - Decalogue (2009)

poster
3,0
Hiphopgroep Jedi Mind Tricks is al jaren een van de bekendste undergroundacts ter wereld. Rapper Vinnie Paz (en Jus Allah op een tweetal albums) vormt samen met Stoupe the Enemy of Mankind de formatie, die inmiddels meerdere hiphopklassiekers op haar naam heeft staan, zoals Violent by Design en Servants in Heaven, Kings in Hell. Waar Vinnie Paz nog wel eens kritiek krijgt, is de positie van Stoupe onomstreden. De Puerto Ricaan wordt al jaren beschouwd als een van de beste undergroundproducers die er rondloopt en is het hart van Jedi Mind Tricks. Ook het album Rip the Jacker van Canibus, dat volledig is geproduceerd door de man, wordt door menig hiphopliefhebber als klassieker bestempeld. Al jaren werd er gespeculeerd over een soloplaat van de producer, en de geruchten over het soort album liepen ver uiteen; van een gewone hiphopplaat met bijna twintig nummers tot een triphopalbum zonder rappers.

Stoupe zelf heeft hier echter nooit op gereageerd; de producer wordt door collegarappers en ook fans dan ook beschouwd als een mysterieuze man die een geïsoleerd bestaan leidt. Hij werkt zelden samen met andere artiesten en lijkt zich geregeld af te zonderen van de wereld om hem heen. Na het teleurstellende Jedi Mind Tricks-album A History of Violence werd eind 2008 dan definitief aangekondigd dat het langverwachte soloalbum, genaamd Decalogue, het daglicht ging zien in de lente van 2009. Maar na de wat tegenvallende producties op het laatste album van Jedi Mind Tricks, de bekendmaking van de gastartiesten en de tracklist van slechts tien nummers werden al direct weer vraagtekens geplaatst bij deze release. Ook werd het album vreemd genoeg niet gepromoot door Jedi Mind Tricks zelf.

Niet zonder reden, want wanneer je Decalogue als Jedi Mind Tricks-liefhebber gaat beluisteren met hoge verwachtingen, kom je honderd procent bedrogen uit. Wanneer je het album gaat beluisteren met in je achterhoofd het gegeven dat Stoupe hier waarschijnlijk amper werk aan heeft gehad, zal de teleurstelling lichter zijn. Op diverse internetfora ging al het gerucht dat Decalogue, net als A History of Violence, een haastig project is van Stoupe om zo snel mogelijk weg te kunnen bijzijn label Babygrande. Volgens het contract van Jedi Mind Tricks was Stoupe nog verplicht één soloplaat te droppen, maar is er bli jkbaar iets gaande tussen de heren dat Decalogue deze ongepaste entree moet krijgen. De plaat bestaat volgens diverse geruchten dan ook uit producties die Stoupe nog in zijn studio had liggen en dus bij voorbaat al als ''restjes'' konden worden omschreven. Het geluid van Decalogue onderstreept dit. Waar de beats op vrijwel alle Jedi Mind Tricks-albums en het Canibus-album Rip the Jacker als ware composities konden worden beschouwd met subliem samplewerk, zijn het op Decalogue slechts ''gewone'' hiphopproducties met een klein vleugje Stoupe. Veel valt er eigenlijk ook niet over te zeggen; het zit voor Stoupe-begrippen nou eenmaal vaak simpel en weinig verrassend in elkaar.

Toch kom je er als luisteraar gauw achter dat het allemaal erger had gekund. Decalogue bevat een aantal nummers die absoluut vaker op kunnen worden gezet. When The Sun Goes Down, (met het eeuwige talent Saigon) is een vrij aanstekelijk nummer en ook Allison James, met Slaine, is een vrij aardige productie/ Minpunt bij dit nummer is wel dat Slaine er niet echt op past, en het ook niet bepaald goed is afgemixt. Dit laatste is op de gehele plaat het geval: matig afmixwerk waarbij de microfonen van de rappers vaak te zacht staan afgesteld en weinig samenhang daar een van de gevolgen van is. Maar gezien Stoupe een deel van de rappers waarschijnlijk nooit heeft ontmoet, valt er ook niet bepaald samenhang te verwachten.

Op That's Me, waar mede-Puerto Ricaan Joell Ortiz de raps verzorgt, wordt een ouderwets feestelijke Zuid-Amerikaanse productie neergezet, zoals die voornamelijk te vinden zijn op het Jedi Mind Ticks-album Visions of Gandhi. Helaas is het nummer, mede door de sample, niet echt geslaagd maar het is in ieder geval leuk om te horen dat dit soort instrumentaties niet isvergeten door Stoupe. Ook een aantal heren van supergroep Army of the Pharaohs, mede opgericht door Stoupe, komen langs op de Decalouge. Zo doet het duo Outerspace mee op Speakeasy, wederom een nummer met een aanstekelijke sample, en komt het kersverse nieuwe lid Block McCloud voorbij op Independence Day. Hoewel deze MC niet bepaald goed is ontvangen (mede door zijn twee refreinen op de laatste Jedi Mind Tricks-plaat), zet hij hier toch een redelijk goede prestatie neer met leuke lyrics. Opvallend aan dit nummer is niet zo zeer McCloud, maar de eerste veertig seconden. Hier bevindt zich een instrumentale interlude van Stoupe, zoals hij ze altijd heeft voorgeschoteld op de JMT-albums. De typische Stoupe-sample, zoals altijd afkomstig uit Zuid-Amerika, is uiteindelijk vrijwel het enige moment dat doet denken aan de volwaardige artiest Stoupe, en daarmee volkomen uniek op het album.

Ook de Army of the Pharaohs-leden King Magnetic en Reef The Lost Cauze zijn te horen (op The Torch) en ook Demoz, Des Devious en het huidige Jedi Mind Tricks-lid Jus Allah doen mee (op Evil Deeds). Bij laatstgenoemde is het helaas weer huilen met de pet op. Waar Jus Allah op de klassieker Violent by Design uit 2000 nog uniek uit de hoek kwam op bijna elk nummer, vond hij het nodig om een paar jaar geleden van stijl (zowel qua stem, flow en teksten) te veranderen, waardoor al zijn raps tamelijk lachwekkend klinken. Zo'n tien jaar geleden klonk zijn stem nog redelijk hoog maar uitermate scherp en agressief klonk, nu gebruikt hij hem nu zwaar geforceerd, waardoor zijn raps nep klinken en bepaalde klemtonen tenenkrommend worden uitgesproken. Ook teksten als:

I am heartless
I'm the fucking Hallmark of harshness
I'm the narcissist of darkness
I am in the industry of mystery
I'm the unofficial victory
I am a Disney of misery
I am uneasy
Disagreeable
I'm a vehicle of evil
I'm unequally deceitful


...gaan totaal nergens over en lijken enkel gemaakt te zijn om zoveel mogelijk woorden op elkaar te laten rijmen. Het wordt voor Allah wederom een gênante vertoning.

Op het nummer Transition Of Power met M.O.P. laat het duo weer eens horen al jaren uitgeblust te zijn en beter met pensioen te kunnen gaan. Een track met de heren was in de vorige eeuw nog een mooi affiche geweest, nu brengen de ze echter totaal niets meer in hun raps en ook de productie is zelfs voor Decalogue-begrippen matig, waardoor dit het minste nummer vormt. The Truth (met Supastition) ligt makkelijk in het gehoor, mede door een vrolijke fluit-sample. Het meest opvallende nummer is het popachtige Find A Way samen met de onbekende zangeres Lorrie Doriza. Ondersteunend met piano en gitaar wordt hier een toegankelijk nummer neergezet, maar uiteindelijk stelt het niet al te veel voor en is het niet echt iets waar de hiphopliefhebber op zit te wachten.

Zoals al eerder gezegd: Decalogue is hoogstwaarschijnlijk geen volwaardig album waar veel aandacht in is gestoken. Het album kent niettemin goede momenten en Stoupe kan moeilijk iets echt slechts maken; daarvoor is hij simpelweg te goed. Stoupe had natuurlijk een beter solodebuut gewenst, in plaats van een best leuke korte plaat (die je bijna zelfs een EP kan noemen). Het is te hopen dat de man daadwerkelijk zo snel mogelijk vertrekt bij Babygrande, zodat hij binnenkort weer schittert met projecten waar hij volledige passie en energie in steekt. Wanneer dit hoogst onverwacht níet het geval zal zijn, betekent dit album het einde van Stoupes carrière en daarmee misschien ook wel die van Jedi Mind Tricks.

Ook hier te lezen.