MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Earlyspencer als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

The Rocky Horror Picture Show (1975)

poster
4,5
Slechts 1 bericht voor zo’n monumet? Bij deze is de berichtgeving verdubbeld.

Misschien is dit wel samen met Vader Abraham en de Smurfen mijn favoriete meezing-album: ”I’m a sweet transvestite, from transsexual ... Transsylvaniah!” en "Let’s do the time warp agai-ain! It's just a jump to the left ...!”
Het is zeker ook één van de meest visuele albums, beluister de plaat maar eens met de ogen dicht.
Bovenal bevat The Rocky Horror Picture Show-soundtrack mijn favoriete gerecht: gehaktbrood in currysaus. Wie deze dubbele crypto ontrafelt, maakt kans op een ruimtereis in het gezelschap van één van deze freaks: Riff Raff, Musk of Maarten Van Rossem.

The Ruts - The Crack (1979)

poster
4,0
Een sympathieke cafébaas / beeldhouwer hoorde me uitwijden over enkele punkklassiekers. Geloof het of niet maar wie begin jaren ’90 als tiener dweepte met steengoede retro - Stones, Beatles, Floyd, Clash, Ziggy, Reed & Iggy, Zappa, Purple, Zep en Who - was toen een muzikaal buitenbeentje ... of zo voelde ik me toch. Niet dat ik me toen of nu verheven waande, integendeel: ik miste hierdoor wel een aantal actuele platen die ik pas later zou weten te waarderen. Sometimes I feel like I don’t absorb quickly.

Soit, de barman legde speciaal voor mij Crack van The Ruts op. Echt waar: ik herinner me totaal niet meer wat ik er van vond. De hoes is me wel bijgebleven. Hallo hierboven: dit is toch geen knipoog naar de collage van Sgt Peppers. Bekijk eens de platenhoes van It’s only Rock ’n Roll. De Stones deden voor artistieke vormgeving beroep op dezelfde Belg die de hoes van Diamond Dogs ontwierp, al kan de chronologie ook omgekeerd zijn. Wat ik me wel nog goed herinner: volgens Eddy zou die plaat moeilijk te vinden zijn. Een leugen, bovennatuurlijke interventie of stom toeval? De volgende schooldag trof ik bij de platenboer tegenover de bekendste museumboot van België een tweedehands cd aan van the Crack. Dat was dankzij de hoes want de naam van de groep of het album was me niet bijgebleven. Apetrots naar Eddy, die geïnteresseerd was in de drie bonustracks. Die bestaan voof één derde uit dronken gelal, geen meerwaarde dus. Daarom dit anno 2025 geheel overbodig advies voor wie de keuze heeft tussen de cd of de LP: doe zoals mijn vrouw destijds en ga voor het grootste formaat.

In pure punktraditie ben ik te werkschuw om me aan een volledige trackbeschrijving te wagen, daarom vermeld ik enkel de absolute hoogtepunten van dit viersterrenplaatje. Babylons Burning klinkt zoals de oudste Clash - White Riot - maar met nog meer loeiende pit. Leuk nummer ook om op m’n bas te tokkelen. SUS begint met een bassolo van 1,5 seconde wat wellicht bovengemiddeld lang is in dit Blitzkrieg-genre. Wel opletten geblazen met verwijzingen naar de stoute Duitsers. Net als vele andere punkies - The Pistols lijken me een uitzondering - waren de leden van Ruts politiek geëngageerd. In die tijd betekende dat complexloos uiterst links. Jah War verhaalt over geweld door politie op linkse tegenbetogers tijdens een partijfeestje van uiterst rechts. En dat verhaal brengt de band zeven minuten lang in onversneden reggaestijl. De song verveelt geen seconde en is tekstueel eens iets anders dan een zoveelste oproep om gras te roken, een fictief wezen te aanbidden of beide nutteloze activiteiten gelijktijdig te bezigen, nietwaar heren Marley en Mackintosh? It was Cold is new wave zonder synthetische electro maar door z’n laag tempo en lange tijdsduur doet die me in positieve zin een beetje aan Jah War denken. Something that I Said is één van de betere uptempo nummers die ik hier nog niet had vermeld. Wiki-achtig weetje: Henry Rolins is dol op The Ruts en heeft nog opgetreden met originele bandleden die zich niet fataal gedopeerd hadden.

The Velvet Underground - The Velvet Underground & Nico (1967)

poster
4,0
Van Bananenpubliek tot Culturele Revolutie

Bij de release was dit een onderschatte plaat, zeker gezien de magere verkoop en de vette invloed die ze uitoefende op Bowie, punk, new wave, grunge en zelfs op kunstvormen buiten de muziek. De junkie-poëet Jotie schiet me nu door het hoofd. In sommige opzichten was de plaat z’n tijd vooruit. Toch klinken rock-’n-roll-nummers als Run Run Run, zelfs voor het jaar 1967, in mijn oren eerder primitief en retro. Op dat vlak is er weinig sprake van vernieuwing en dat kost meteen een halve ster.

Dat oubollige wijngevoel wordt razendsnel weggespoeld zodra ik me met de teksten van de opvallendste songs op Velvet Underground & Nico laat injecteren. Met voorop natuurlijk Heroin en I'm waiting for my man. De intensiteit en kracht die uit meneer Reed zijn pen druipen, kan ik gelukkig niet vergelijken met het chemische spul waarover hij zingt. De soms ongepolijste muziek sluit daardoor juist treffend aan bij de thematiek: rauw, confronterend, verwarrend en beladen.

Venus in Furs vertoont dezelfde klanken en dezelfde narratieve stijl als Heroin. De thematiek spreekt me — puur in de verbeelding, niet in de ervaring — nog meer aan. Deze ode aan SM is in tegenstelling tot de kledij in dergelijke etablissementen meerlagig. Enerzijds is de song een literaire verwijzing en dus wat elitair, anderzijds wordt een middelvinger opgestoken naar alles wat tijdens the Summer of Love gangbaar was. Provocatieve commerciële zelfmoord is hier een kunstvorm op zich.

Sunday Morning is ondanks de zachte melodie vooral geen zondagochtend-liedje. Het even kalm kabbelende Femme fatale lijkt dan weer wel te gaan over de zangeres in kwestie. Nico zorgt op deze en andere songs voor een prima mix van frêleheid en decadentie, zoals alleen zij en Marianne Faithful dat kunnen. De poëtische schoonheid van zelfdestructie of zoiets.

Wat mij betreft had de echte producer - en dus niet Pruikmans met z'n zeefdrukken - zich op bepaalde momenten wel wat inperkender mogen opstellen tegenover het strijkwerk van meneer Cale. Tegen het einde van de plaat wordt het ronduit irritant. Met fluwelen mildheid trek ik er maar een half sterretje voor af.

Zijn vier sterren geen overschatting voor een album dat ik vooral draai om zijn cultuurhistorische waarde? Misschien wel. Maar rechttoe-rechtaan is zelden opwindend, laat staan revolutionair. Nu weet u meteen waarom de bananen krom zijn.