Een recensie die ik heb geschreven voor een blad:
Wie Pink Floyd zegt, die zegt The Dark Side of the Moon, die blèrt ‘how I wish you were here’ en die gromt ‘We don’t need no education!!’. Maar het allergrootste meesterwerk van deze progrockers zit daar ergens halfweg de jaren zeventig geklemd tussen die lading kassuccessen: het minder bejubelde album Animals uit 1977. Een epische plaat met drie nummers die ruim de tien minutengrens overschrijden, en waarop mens en maatschappij metaforisch worden voorgesteld als de dieren van boer Teun. Klinkt nogal simpel – en dat is het ook, op het eerste zicht – maar de uitwerking van het concept is ronduit meesterlijk. Lichtjes gebaseerd op en ietwat geïnspireerd door George Orwells Animal Farm, maar toch vooral op zichzelf staand, dendert Animals veertig minuten lang voort op onheilspellende gitaarriffs, onrustwekkende jazzy synths en waarschuwende woorden van Roger Waters. Op subtiele maar doordringende wijze worden de mensen ondergebracht in grof geschat drie dierlijke categorieën: de honden, de varkens en de schapen.
‘If you didn’t care what happened to me / and I didn’t care for you / we would zig zag our way through the boredom and pain / occasionally glancing up through the rain’. Met deze enigszins onbehaaglijk stemmende woorden begint Animals. Vrijwel meteen daarna vangt ‘Dogs’ aan. De honden zijn de zakenlui die – als een, euh… hondje – achter de grote bazen aanlopen om op een goed blaadje te staan. Maar niets is echt, alles is gemaakt. De schone schijn hooghouden, om het op z’n Hyacinth Buckets te zeggen, en er op termijn zelf de vruchten van plukken. ‘You have to be trusted by the people that you lie to’. Huilende honden op de achtergrond creëren mee het beklemmende gevoel dat heel het nummer aanhoudt.
Een plotse muzikale ommezwaai halfweg kondigt misschien wel enige verandering aan. Een drukkend synthesizerintermezzo, gevolgd door de woorden ‘Gotta stay awake, gotta try and shake of this creeping malaise’. Maar aan het einde blijkt de moeite tevergeefs. Er zijn geen echte vrienden, ‘everyone’s a killer’. De slepende zang van Waters maakt dit angstaanjagend duidelijk.
De varkens dan, zij zijn de grote leiders van het land. Ze kijken enkel naar zichzelf, niet naar wat er rondom hen gebeurt. ‘With your head down in the pig bin / Saying, “keep on digging”’. Waters ziet er gelukkig het komische wel van in, ‘Pigs’ is dan ook doordrenkt met sarcasme en gitzwarte ironie. Ook de schaterende gitaarpartijen lijken waarachtig de boel te ridiculiseren.
Het hoogtepunt, zowel muzikaal als tekstueel, komt er op het einde, met ‘Sheep’. Het verhaal van de schapen, de kudde, de massa, is even aangrijpend als zorgwekkend. Ze grazen maar op het weiland, zich van geen kwaad bewust (‘only dimly aware of a certain unease in the air’). Het kabbelende jazzintrootje symboliseert deze schijnbare sereniteit. Na enkele minuten komt de waarheid echter aan het licht. De schapen leven in voortdurende angst voor de herder en worden opgejaagd door de honden. Op dit ogenblik zijn de gitaren op hun scherpst en herbergen de misnoegde zangpartijen herbergen een alarmerende ondertoon. De schapen blaten tevergeefs.
Het nummer en het album eindigen echter met een optimistische noot. Hoe meer er naar de climax wordt toegewerkt, des te bevrijdender klinken de woorden. Er staat duidelijk iets te gebeuren. ‘March cheerfully out of obscurity into the dream […] get out of the road if you want to grow old’. De afsluitende gitaarakkoorden weten deze hoopgevende slotsom op volmaakte wijze te berde te brengen.
En daarin schuilt ook de grote virtuositeit van Animals. De genialiteit van de metaforen wordt vlekkeloos overgebracht in de zang en de muziek. Slechts weinig albums wisten ooit een dergelijk sfeer te creëren zoals dat gedaan werd op Animals. En wat dan gezegd van het artwork. Begin december 1976 trok een horde fotografen in opdracht van Pink Floyd met een reusachtig opblaasbaar heliumvarken naar het Battersea Power Station in de buitenwijken van Londen. Deze ongewone fotoshoot duurde dagen, omdat het varken per se moest gaan vliegen na een windstoot en er zelfs helikopters en vliegtuigen aan te pas kwamen. Verhalen doen de ronde dat een alcoholverslaafde is gaan afkicken toen hij het varken zag hangen. Vast staat dat het beestje inmiddels al een heus cultstatus bereikt heeft onder de noemer The Pink Floyd Pig. ‘A shelter from pigs on the wing’. Amen to that.