Hier kun je zien welke berichten De Filosoof als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Mijn favoriet punkalbum. Sowieso goede nummers, maar uiteraard geeft Henry Rollins het album zijn ongeëvenaarde klasse: zijn enorme agressie en rauw stemgeluid maakt dat het album echt als een tornado raast en alles op zijn pad vernietigt. Ook het laatste, in afwijking van de rest heel langzaam en slepend, nummer is even rauw als de rest en wonderschoon: een soort sludge punkmetal. Alleen het comedy-nummer TV Party mist geheel de rauwheid en agressie van de rest en sla ik altijd haastig over als ik het album beluister.
Perfecte plaat en ik pik 'm er even uit omdat hij naar mijn mening zo kenmerkend is voor de sfeer en stijl van het begin van de jaren '70. Na een korte maar zeer krachtige flower power in 1968 met LSD als middel tot revolutie en een tendens in de pop/rock om geheel nieuwe richtingen in te slaan, resulterend in psychedelische, experimentele en kunstzinige muziek, zien we eind jaren '60 al een romantische omslag: niemand gelooft nog in revolutie en men isoleert zich van de maatschappij door zich terug te trekken op het platteland in communes waar men een simpel maar puur leven nastreeft in eenheid met de natuur, met God, met de medemens en met zichzelf. In plaats van progressief en vernieuwend te willen zijn grijpt de rock nostalgisch terug naar de 'eerlijke' oervormen van blues en country. Dit topalbum van Bonnie Raitt is zo'n album dat die tijd volmaakt weerspiegelt: de muziek is een mix van blues, country en rock en er staan alleen maar prachtnummers op. In feite is 1972 rijkelijk laat voor die stijl (onder meer The Byrds en The Rolling Stones keerden al in 1968 terug naar de blues en country en in 1972 zou alweer een nieuwe art rock ontstaan met onder meer David Bowie en Roxy Music), maar misschien is het daarom zo'n perfect album geworden: Bonnie Raitt hoefde het genre niet meer uit te vinden maar kon het nog net op tijd perfectioneren zonder achterhaald te klinken.
M'n favorieten zijn 'Love me like a man', een van de stoerste nummers dat ik ken, en 'Love has no pride', een van de mooiste ballades die ik ken.
Hartstikke goede plaat natuurlijk met alleen maar goede songs maar voor mij toch ook het einde van de waarlijk grootse Bruce Springsteen van The Wild, the Innocent & the E Street Shuffle en Born to Run: waar The Wild, the Innocent & the E Street Shuffle een verbluffende amalgaam is van stijlen (en instrumenten) en Born to Run Bruce's magnum opus is die met z'n unieke stijl van rock-opera zo'n beetje de jaren '70 definieert (welke stijl onder meer zou leiden tot Meat Loaf's Paradise By The Dashboard Light), vinden we op Darkness on the Edge of Town de definitieve stijl van Bruce Springsteen die me wat minder aanspreekt: een uitgeklede rock/pop, een beetje de serieuze broer van The Ramones. Het leverde Bruce veel hits op en met The River nog een echte (en ontroerende) popklassieker maar voor mij is de magie eraf.
Dit is altijd mijn favoriet album van Bruce Springsteen geweest. Hij klinkt heel anders dan de Bruce Springsteen die de meeste mensen kennen: het is alles behalve recht-toe-recht-aan rock 'n' roll maar rockmuziek vol opsmuk, ook qua instrumentatie, die aldoor zijwegen in slaat. Wat Tom Waits later deed met Swordfishtrombones deed Bruce Springsteen al met dit album. Een album die swingende jazzrock combineert met een sfeervol en rauw streetlife-gevoel en daarmee de typische jaren '70 ademt voordat punk dergelijke muzikale complexiteit verbande (en die ook Bruce Springsteen ertoe bracht zijn muziek enorm te versimpelen met Born To Run als de overgang die daarmee ook de hele Springsteen-ervaring samenbalde). Maar wat een muzikale rijkdom tentoonspreidt dit album terwijl het tegelijk heel melodieus is zodat het in elk opzicht genieten is.