Hier kun je zien welke berichten oceanvolta als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Dan Mangan - Oh Fortune (2011)

4,0
0
geplaatst: 6 september 2012, 18:06 uur
Geen klassieke singer/songwriter plaat in de zin van jezelf op akoestische gitaar of piano begeleiden maar rijk georkestreerd. Er wordt gebruik gemaakt van blazers, strijkers en elektrische gitaar. Naar mijn mening telkens erg smaakvol en in dienst van de nummers.
Het stemgeluid van Dan Mangan, met lichte rasp, vind ik erg mooi. De nummers zitten goed ik elkaar, mooie melodieën en soms net even wat meer pit (Post-War Blues) dan van een singer/songwriter gewend bent.
About as Helpful as You Can Be Without Being Any Help at All is mijn favoriet maar de andere nummers doen er niet veel voor onder. Sterke plaat!
Het stemgeluid van Dan Mangan, met lichte rasp, vind ik erg mooi. De nummers zitten goed ik elkaar, mooie melodieën en soms net even wat meer pit (Post-War Blues) dan van een singer/songwriter gewend bent.
About as Helpful as You Can Be Without Being Any Help at All is mijn favoriet maar de andere nummers doen er niet veel voor onder. Sterke plaat!
Death Letters - Common Prayers (2013)

4,0
0
geplaatst: 4 maart 2013, 16:56 uur
In den beginne was Death Letters (toen nog met The ervoor) een bluesrock bandje dat vooral opviel door de jonge leeftijd van het duo. Zanger en gitarist Duende Ariza Lora en drummer Victor Brandt waren respectievelijk 16 en 15 jaar toen ze elkaar leerden kennen in een muziekschool in Dordrecht. Een jaar later brachten ze in eigen beheer hun eerste EP uit en weer twee jaar later was het tijd voor een heus album dat uitstekend werd ontvangen. Het debuut, dat simpelweg The Death Letters heet, bevat vuige rock met blues invloeden.
Leuk, onze eigen Nederlandse The Black Keys dachten veel mensen. Helaas voor hen was er op de opvolger Post-Historic geen blues meer te bekennen. Het roer werd volledig omgegooid en in plaats van blues-rock kregen we post-rock, indie-rock, hardcore en zelfs math-metal voorgeschoteld. Post-Historic werd ook in het buitenland goed ontvangen en er volgden optredens in onder andere Noorwegen, Finland, Duitsland, Tsjechië en de Verenigde Staten.
Sinds een week is het derde studio album, Common Prayers, uit. Common Prayers is een concept-album over een diepgaande discussie tussen Orlene Adams Hill en Duende, aldus de zanger zelf. Dit idee ontstond nadat Duende in een tweedehands winkeltje een gebedsboekje zag liggen. Op de zijkant stond Common Prayer en Orlene Adams Hill geschreven. In het boekje zat een krantenknipsel dat het overlijdensbericht van Hill bleek te zijn. Achterin het boekje zaten losse papiertjes met door haar gemaakte aantekeningen. Duende raakte in de ban van het boekje en de vorige eigenaresse.
Muzikaal ligt Common Prayers in het verlengde van zijn voorganger. Rustige stukken worden afgewisseld met sfeervolle passages al ligt de nadruk op de rustige stukken. In de rustige stukken is vooral vooruitgang geboekt zoals in de opener Common Prayers te horen is. We Chant Arhythmically is een stevig rocknummer met een ongebruikelijke riff. Dit is tevens de eerste single van het album. Dat het nog harder kan horen we op Nomadic Childhood waar ze verschrikkelijk tekeer gaan, in positieve zin. Na deze mokerslag keert de rust terug in Presbyterian Hospital en I Am The Coma. Twee ijzersterke nummers met mooi gitaarspel en dito zang.
De tweede helft van Common Prayers vind ik wat spannender dan de eerste helft. De nummers zijn gevarieerder en de wisselwerking tussen hard en zacht vindt meer binnen de nummers zelf plaats dan een rustig nummer na een hard nummer. Hoogtepunt, en voorbeeld hiervan, is het meer dan acht minuten durende In Lieu Of Flowers.
Death Letters wisselt met het grootste gemak bruut geweld af met bezwerende melodieën (soms binnen één nummer) die soms aan Death Cab For Cutie doen denken. Luister maar eens naar Time Or The Satellites. Makkelijk in het gehoor liggende nummers zul je echter niet meer aantreffen. Death Letters kiest niet voor de gemakkelijke weg. Waarschijnlijk schudt Duende nummers als Your Heart Upside Down (van voorganger Post-Historic) zo uit zijn mouw maar in plaats daarvan kiest hij voor meer diepgang. Een meesterwerk heeft dat (nog) niet opgeleverd. Daar zijn sommige nummers niet memorabel genoeg voor. Dit lijkt echter slechts een kwestie van tijd.
ZUBB
Leuk, onze eigen Nederlandse The Black Keys dachten veel mensen. Helaas voor hen was er op de opvolger Post-Historic geen blues meer te bekennen. Het roer werd volledig omgegooid en in plaats van blues-rock kregen we post-rock, indie-rock, hardcore en zelfs math-metal voorgeschoteld. Post-Historic werd ook in het buitenland goed ontvangen en er volgden optredens in onder andere Noorwegen, Finland, Duitsland, Tsjechië en de Verenigde Staten.
Sinds een week is het derde studio album, Common Prayers, uit. Common Prayers is een concept-album over een diepgaande discussie tussen Orlene Adams Hill en Duende, aldus de zanger zelf. Dit idee ontstond nadat Duende in een tweedehands winkeltje een gebedsboekje zag liggen. Op de zijkant stond Common Prayer en Orlene Adams Hill geschreven. In het boekje zat een krantenknipsel dat het overlijdensbericht van Hill bleek te zijn. Achterin het boekje zaten losse papiertjes met door haar gemaakte aantekeningen. Duende raakte in de ban van het boekje en de vorige eigenaresse.
Muzikaal ligt Common Prayers in het verlengde van zijn voorganger. Rustige stukken worden afgewisseld met sfeervolle passages al ligt de nadruk op de rustige stukken. In de rustige stukken is vooral vooruitgang geboekt zoals in de opener Common Prayers te horen is. We Chant Arhythmically is een stevig rocknummer met een ongebruikelijke riff. Dit is tevens de eerste single van het album. Dat het nog harder kan horen we op Nomadic Childhood waar ze verschrikkelijk tekeer gaan, in positieve zin. Na deze mokerslag keert de rust terug in Presbyterian Hospital en I Am The Coma. Twee ijzersterke nummers met mooi gitaarspel en dito zang.
De tweede helft van Common Prayers vind ik wat spannender dan de eerste helft. De nummers zijn gevarieerder en de wisselwerking tussen hard en zacht vindt meer binnen de nummers zelf plaats dan een rustig nummer na een hard nummer. Hoogtepunt, en voorbeeld hiervan, is het meer dan acht minuten durende In Lieu Of Flowers.
Death Letters wisselt met het grootste gemak bruut geweld af met bezwerende melodieën (soms binnen één nummer) die soms aan Death Cab For Cutie doen denken. Luister maar eens naar Time Or The Satellites. Makkelijk in het gehoor liggende nummers zul je echter niet meer aantreffen. Death Letters kiest niet voor de gemakkelijke weg. Waarschijnlijk schudt Duende nummers als Your Heart Upside Down (van voorganger Post-Historic) zo uit zijn mouw maar in plaats daarvan kiest hij voor meer diepgang. Een meesterwerk heeft dat (nog) niet opgeleverd. Daar zijn sommige nummers niet memorabel genoeg voor. Dit lijkt echter slechts een kwestie van tijd.
ZUBB
Dozer - Beyond Colossal (2008)

4,5
1
geplaatst: 10 maart 2011, 00:24 uur
Geweldig album dit! Snoeiharde stoner-rock met een lekker gruizige productie. Na precies 5 seconden weet je of dit album je bevalt want zoals het The Flood erin knalt zo blijft het hele album knallen.
De riffs zijn super vet de drums nog vetter. Dat orgeltje in het sfeervolle Bound for Greatness past ook precies bij het nummer, echt steengoed. Ongelooflijk dat deze band vrijwel onbekend is. Het feit dat ze met dit album alsmede de voorganger Through the Eyes of Heathens te laat waren voor de jaarlijstjes zal daar ook aan bijgedragen hebben.
De riffs zijn super vet de drums nog vetter. Dat orgeltje in het sfeervolle Bound for Greatness past ook precies bij het nummer, echt steengoed. Ongelooflijk dat deze band vrijwel onbekend is. Het feit dat ze met dit album alsmede de voorganger Through the Eyes of Heathens te laat waren voor de jaarlijstjes zal daar ook aan bijgedragen hebben.
Dÿse - Lieder Sind Brüder der Revolution (2009)

3,5
0
geplaatst: 5 januari 2011, 01:25 uur
Afgelopen zomer was ik op Waterpop. Een leuk festival in Wateringen (vlakbij Den Haag) waar vaak leuke artiesten optreden voordat ze 'ontdekt' worden.
Ik liep lekker in het zonnetje toen ik vanuit het kleinste podium een ontzettende bak herrie hoorde komen. Dat moet ik even checken, dacht ik.
Het bleek te gaan om Dÿse, een tweemansformatie uit Duitsland. Gitaar en drums. Dÿse maakt in tegenstelling tot de meeste tweemansformaties geen bluesgeoriënteerde rock maar snoeiharde rock die tegen de metal aan schurkt.
Na het optreden stonden de bandleden hum merchandise te verkopen in één van de kraampjes. Ik heb toen dit album gekocht en natuurlijk meteen laten signeren.
Het album begint met Zebramann. Eerst hoor je een stem praten, de drums en de gitaar even testen/stemmen, de stem zegt na 30 seconden: "Geht los". En dat doen ze. De eerste vette riff knalt uit de luidsprekers. Het wordt vrij snel weer rustig waarbij de zanger monotoon zingt of spreekt. Het duurt niet lang voordat het gaspedaal weer wordt ingetrapt en de zanger zijn schreeuwstem opzet. Dat klinkt lekker. De teksten zijn in het Engels en Duits. Ik geef de voorkeur aan het Duits. De uitspraak van het Engels is daar debet aan. Er is trouwens niet veel tekst, ook niet bij de overige nummers zo zou later blijken.
Festung is ook een nummer met rustige stukken en vette riffs. De verschillen van zacht naar hard en omgekeerd zijn wel minder groot dan bij de opener. Met genoeg variatie houden ze mn aandacht wel vast.
Treppe maakt duidelijk dat de zanger het beste uit de verf komt als hij uit volle borst schreeuwt en het echte zingen beter kan laten. Het zingen is overigens niet zo erg dat het stoort. De riff van dit nummer doet mij denken aan Sugar van System Of a Down. Die kent ook zo'n riff waar je wel op moet springen.
Na de drie knallers komt Trick, een rustmomentje. Wat mij betreft totaal overbodig. Het is een nogal saai nummer waarin de zang nu wel irriteert. De blazers aan het einde maken het ook niet meer goed.
Dyschenfischdyse begint meteen erg lekker met een rollend gitaarloopje en dito drums. Dit blijft zo tot halverwege het nummer waarna het gitaargeweld weer opkomt. Het nummer eindigt nogal chaotisch op een manier waarin het lijkt alsof ze maar wat doen.
De bedoeling van Music ontgaat mij volledig. Er wordt hier een minuut lang dezelfde zin herhaald. De laatste 10 seconden proberen ze nog wat harmonieën maar dit pakt niet zo goed uit. Is volgens mij ook niet serieus bedoeld.
De overgang naar Shop Sui is hierdoor wel enorm. Dit hakt er meteen behoorlijk in. Goede gevarieerde riffs en drums. Na een kleine anderhalve minuut daalt het tempo en de kwaliteit van het nummer iets. Jammer dit had echt het beste nummer van het album kunnen worden.
Supermachineeyeon is een heerlijk nummer. Het begint sfeervol maar na iets meer dan een minuut zetten de drums aan. Even laten ook de gitaar. De zang laat het hier toch wel weer een beetje afweten. Na 3:15 komt de eerste SUPERMACHINEEYEOOOOOOON!!!! Heerlijk. Goede riff ook weer. Nu begint het nummer pas echt. Op een gegeven moment blijft de zanger zonder muzikale begeleiding 40 seconden lang supermachineeyeon schreeuwen. Dit stuk herinner ik mij nog goed van het festival. Voor mijn gevoel duurde het toen wel 2 minuten. Ik vond dat echt gaaf en op dit album pakt het ook goed uit.
Krakenduft is electronisch geneuzel. Niks aan.
Hey, hoor ik nu vogeltjes fluiten? Zo begint Hans Georg. Verder een steeds herhalend stuk dat mij doet denken aan een epische gebeurtenis. De gitaar wordt nu ondersteund door een trompet en dat klinkt zeker niet slecht. Het nummer sluit af met een ingetogen trompetsolo en drie minuten getjilp van vogels.
Baubaubau is de afsluiter op mijn cd maar wel een bonustrack. Ik had dit nummer zeker niet willen missen. Het begint knallend maar eindigt net als Shop Sui een beetje teleurstellend doordat het tempo omlaag gaat.
Dit is toch wel een band om in de gaten te houden. Als ze de volgende keer nummers als Music en Krakenduft weg laten krijgen ze van mij 4 sterren.
Nu zijn dat er 3,5.
3,5 *
Ik liep lekker in het zonnetje toen ik vanuit het kleinste podium een ontzettende bak herrie hoorde komen. Dat moet ik even checken, dacht ik.
Het bleek te gaan om Dÿse, een tweemansformatie uit Duitsland. Gitaar en drums. Dÿse maakt in tegenstelling tot de meeste tweemansformaties geen bluesgeoriënteerde rock maar snoeiharde rock die tegen de metal aan schurkt.
Na het optreden stonden de bandleden hum merchandise te verkopen in één van de kraampjes. Ik heb toen dit album gekocht en natuurlijk meteen laten signeren.

Het album begint met Zebramann. Eerst hoor je een stem praten, de drums en de gitaar even testen/stemmen, de stem zegt na 30 seconden: "Geht los". En dat doen ze. De eerste vette riff knalt uit de luidsprekers. Het wordt vrij snel weer rustig waarbij de zanger monotoon zingt of spreekt. Het duurt niet lang voordat het gaspedaal weer wordt ingetrapt en de zanger zijn schreeuwstem opzet. Dat klinkt lekker. De teksten zijn in het Engels en Duits. Ik geef de voorkeur aan het Duits. De uitspraak van het Engels is daar debet aan. Er is trouwens niet veel tekst, ook niet bij de overige nummers zo zou later blijken.
Festung is ook een nummer met rustige stukken en vette riffs. De verschillen van zacht naar hard en omgekeerd zijn wel minder groot dan bij de opener. Met genoeg variatie houden ze mn aandacht wel vast.
Treppe maakt duidelijk dat de zanger het beste uit de verf komt als hij uit volle borst schreeuwt en het echte zingen beter kan laten. Het zingen is overigens niet zo erg dat het stoort. De riff van dit nummer doet mij denken aan Sugar van System Of a Down. Die kent ook zo'n riff waar je wel op moet springen.
Na de drie knallers komt Trick, een rustmomentje. Wat mij betreft totaal overbodig. Het is een nogal saai nummer waarin de zang nu wel irriteert. De blazers aan het einde maken het ook niet meer goed.
Dyschenfischdyse begint meteen erg lekker met een rollend gitaarloopje en dito drums. Dit blijft zo tot halverwege het nummer waarna het gitaargeweld weer opkomt. Het nummer eindigt nogal chaotisch op een manier waarin het lijkt alsof ze maar wat doen.
De bedoeling van Music ontgaat mij volledig. Er wordt hier een minuut lang dezelfde zin herhaald. De laatste 10 seconden proberen ze nog wat harmonieën maar dit pakt niet zo goed uit. Is volgens mij ook niet serieus bedoeld.
De overgang naar Shop Sui is hierdoor wel enorm. Dit hakt er meteen behoorlijk in. Goede gevarieerde riffs en drums. Na een kleine anderhalve minuut daalt het tempo en de kwaliteit van het nummer iets. Jammer dit had echt het beste nummer van het album kunnen worden.
Supermachineeyeon is een heerlijk nummer. Het begint sfeervol maar na iets meer dan een minuut zetten de drums aan. Even laten ook de gitaar. De zang laat het hier toch wel weer een beetje afweten. Na 3:15 komt de eerste SUPERMACHINEEYEOOOOOOON!!!! Heerlijk. Goede riff ook weer. Nu begint het nummer pas echt. Op een gegeven moment blijft de zanger zonder muzikale begeleiding 40 seconden lang supermachineeyeon schreeuwen. Dit stuk herinner ik mij nog goed van het festival. Voor mijn gevoel duurde het toen wel 2 minuten. Ik vond dat echt gaaf en op dit album pakt het ook goed uit.
Krakenduft is electronisch geneuzel. Niks aan.
Hey, hoor ik nu vogeltjes fluiten? Zo begint Hans Georg. Verder een steeds herhalend stuk dat mij doet denken aan een epische gebeurtenis. De gitaar wordt nu ondersteund door een trompet en dat klinkt zeker niet slecht. Het nummer sluit af met een ingetogen trompetsolo en drie minuten getjilp van vogels.
Baubaubau is de afsluiter op mijn cd maar wel een bonustrack. Ik had dit nummer zeker niet willen missen. Het begint knallend maar eindigt net als Shop Sui een beetje teleurstellend doordat het tempo omlaag gaat.
Dit is toch wel een band om in de gaten te houden. Als ze de volgende keer nummers als Music en Krakenduft weg laten krijgen ze van mij 4 sterren.
Nu zijn dat er 3,5.
3,5 *
