MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten thomzi50 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Termanology - Politics as Usual (2008)

poster
3,0
Termanology heeft het goed voor elkaar. Waar rappers het bij hun debuut vaak moeten doen met maximaal één grote naam achter de knoppen, heeft hij voor zijn debuut Politics as Usual een ongelofelijk imposante rits producers opgetrommeld: onder meer DJ Premier, Pete Rock, Havoc, Large Professor, The Alchemist en Hi-Tek leveren een bijdrage.

Opvallend is dat de ene producer laat zien waar hij zijn grote reputatie vandaan heeft, terwijl anderen jammerlijk door het ijs zakken en alleen maar laten zien hun beste tijd ver achter zich te hebben (gelaten). Te beginnen met het positieve: DJ Premier. Er wordt hem nog wel eens verweten dat zijn beats de laatste tijd te pop-georiënteerd zijn (een klacht van onder meer Guru), maar op Politics as Usual laat hij zien dat de oude Premier geen verleden tijd is. Hij levert stuk voor stuk ouderwets aanvoelende en kwalitatief hoogstaande beats, die zoals we dat van hem kennen terugvallen op een flinke hoeveelheid samples, scratches en zichzelf continu herhalende loopjes. Dit horen we op de knallende opener Watch How It Go Down en vooral op het opzwepende So Amazing: twee heerlijke producties die het oude Premier-gevoel oproepen en een sublieme basis leggen voor de raps van Termanology, die de klus vrij eenvoudig klaart met oerdegelijke flow zonder inhoudelijke grote relevantie.

Large Professor en Pete Rock bakken er helaas een stuk minder van dan Premier. Eerstgenoemde doet het nog niet eens zo slecht, maar zijn instrumentatie op Sorry I Lied To You klinkt tamelijk slap en zal op den duur op niemand indruk achterlaten. Pete Rock kan zichzelf niet verschuilen achter het etiket slap, zijn productionele bijdrage (We Killin’ Ourselves) is in al krachteloosheid simpelweg bedroevend te noemen. Zo slap en ongeïnspireerd hebben we hem zelden voor de dag horen komen. Tot overmaat van ramp grijpt de man ook nog eens de microfoon in het serieus bedoelde refrein dat ons meedeelt dat zwarten zichzelf kapotmaken door een levenspatroon waarin kinderen geen boeken krijgen, maar leren om crimineel te worden.

Deze boodschap is niet alleen op een valse en overdreven manier gezongen, hij komt ook tamelijk uit de vlucht vallen. Termanology kiest over het algemeen namelijk voor teksten zonder veel betekenis. Hij introduceert zichzelf onmiddellijk als de nieuwe Big Pun en in dergelijke krachttermen blijft hij met een te grote regelmaat hangen. Het is een probleem waar veel rappers vandaag de dag mee kampen: continue roepen hoe stoer en goed je bent, zonder eigenlijk te laten zien waarom je nou zo goed bent.

Term compenseert deze inhoudelijke gebreken niet met zijn stem of manier van rappen, want die zijn beide niet bijzonder. Als dat zoals bij Watch How It Go Down over een harde productie is, klinkt dat prima en vult hij de instrumentatie prima aan. Maar wanneer de muzikale kracht achterwege blijft, krijgt plotseling een te grote last op de schouders. Het is alsof hij alleen maar tot zijn recht komt zodra de productionele kleurplaat volledig krijgt voorgeschoteld: zodra dat niet het geval is en hij zelf meer moet doen dan kleuren binnen de lijntjes, valt op dat het geen bijzondere MC is.

Business As Usual is dus een plaat die het vooral moet hebben van de beats, en die vallen tegen, zeker met een dergelijke lijst van producers. DJ Premier doet zijn werk zoals gezegd meer dan verdienstelijk, ook The Alchemist levert een uitstekende beat af (Hood shit) – maar wat te denken van mannen als Pete Rock, Hi-Tek en Large Pro? Ze lijken op dit album amper een schim van wat ze waren en Termanology is daar de dupe van. Alhoewel, hij kiest de beats uiteindelijk natuurlijk wél zelf uit, en in dat opzicht zet hij zichzelf buitenspel: zonder goede beats is hij niet in staat een goed nummer te maken, want hij komt zo goed voor de dag als de beat die hij krijgt voorgeschoteld. Zodra die teleurstellen, stelt hij ook teleur. Zo simpel kan hiphop zijn.

Bron: State

The Loyalists - Redemption (2008)

poster
3,5
Soms ontstaat er rondom onbekende undergroundacts plotseling een hype die een verkleind sneeuwbaleffect bewerkstelligt. Eerder dit jaar gebeurde het bij Everliven Sound, dat met debuutalbum Freedom indruk maakte. Nu is het het geval bij The Loyalists, een groep die bestaat uit de rapper Framework en producer E-Train.

Het is te begrijpen waarom Redemption is opgepikt als bijzonder album. Waar veel rappers aandacht proberen te bereiken door veelal richtingloos te trappen richting het systeem en alle bijbehorende sociale facetten, klinkt elke noot bij The Loyalists oprecht. Framework wisselt persoonlijke vertellingen over zijn leven af met klassieke opscheprap, zonder zo ver in één van de twee door te gaan dat het gekunsteld klinkt. Opvallend is dat hij ook vaak de (uiteraard belangrijke) rol van hiphop in zijn leven bespreekt (zoals op Sunday School), telkens met een volledig oprecht klinkende hoeveelheid ontzag en bewondering voor de grootheden uit de begintijd.

Inhoudelijk variatie dus, maar eerlijkheid gebiedt te zeggen dat Framework het meer van zijn flow dan van zijn stem moet hebben. Zijn lyrics zijn niet onaardig, maar weten zelden te shockeren, emotioneren of amuseren. Het blijft vrijwel immer ergens tussen de laatste twee hangen. Zijn flow daartegenover is krachtiger. Met speels gemak bindt de MC zinnen aan elkaar, zonder ook maar ergens hoorbaar een adempauze in te lassen of geforceerd over te komen. Hij komt over als een rapper die niet vloeiend rapt omdat hij het per se probeert, maar omdat hij het kan. Het vrij neutrale stemgeluid staat alleen maar in dienst van deze snelle en flexibele manier van rappen.

Framework klinkt door de instrumentaties, waarvoor E-Train een dikke pluim verdient. Voorheen moest deze beatbakker het klusje samen met Touchphonics klaren, maar deze producer heeft The Loyalists inmiddels al enkele jaren verlaten. E-Train lijkt er niet door gedeerd, want zijn beats zijn ronduit sterk en afwisselend. Vaak is de basis een klassieke oldschooldrum, die in hoog tempo en tamelijk krachtig de speakers uitknalt. Daaroverheen legt E-Train steevast een ander, uiteenlopend laagje: een frivole trompet (Maximum), weemoedige (en lichtelijk vervormde) strijkers (Loyal Theory), en somber pianospel (Denora Hill). Al deze instrumenten worden ondersteund door een oldschooldrum, die op slotnummer Impulsive Wandering vrijwel het hele muzikale aspect voor zijn rekening neemt.

En dan is het duo ook nog eens niet gespeend van humor, die vooral tussen de regels door naar voren komt. Het refrein van Gasoline zegt bijvoorbeeld: “It’s so hip not to care, but I do” waarmee de categorie maatschappijkritische rappers subtiel op de hak wordt genomen. Tot slot levert van de gastartiesten met name Louis Logic goed werk op het snelle en leuke All in a Day’s Work.

Spijtig is wel de jammerende zangbijdrage van het misplaatst ernstige Denora Hill, een rotte appel in het verder zo constante geheel, en het feit dat de groep nergens boven zichzelf uitstijgt: echte hoogtepunten ontbreken. The Loyalists hebben zichtbaar plezier in hun werk en die aanpak werkt verdienstelijk, maar in al haar enthousiasme lijkt het duo te vergeten dat albums op de lange termijn veelal worden herinnerd aan een of twee legendarische tracks.

Bron: Hiphopleeft