menu

Via deze pagina blijf je op de hoogte van recente stemmen, meningen en recensies van henrie9. Standaard zie je de activiteiten in de huidige en vorige maand. Je kunt ook voor een van de volgende perioden kiezen: januari 2021, februari 2021, maart 2021, april 2021, mei 2021, juni 2021, juli 2021, augustus 2021, september 2021, oktober 2021, november 2021, december 2021, januari 2022

Grace Cummings - Storm Queen (2022) 4,5

afgelopen woensdag om 22:26 uur

Doken bij Grace Cummings' 'Storm Queen' onwillekeurig vervlogen beelden op, van ooit een zomer in Werchter. Van een massa door ontwapenende Suzanne Vega in haar eentje zo in vervoering gebracht dat ze er zelf kippenvel van kreeg. Podiumdame met akoestisch gitaartje, krukje en voor het overige alleen innemende persoonlijkheid, pakt overgrote, tot in de nok gevulde festivaltent in, fascineert tot in de verste rijen met elke uitgezongen noot, boodschap of beweging. Die megastatus als singer-songwriter heeft Grace Cummings in deze Lage Landen uiteraard nu nóg niet. Vanuit haar verre homeland Australië is evenwel vanaf haar eersteling 'Refuge Cove' van 2019 het vuurtje al behoorlijk lopend. Het nodige beetje geluk naar de echte doorbraak is haar vanaf nu aan het overkomen. Met die fenomenaal krachtige, felle, overrompelende altstem, dat eigen aparte, soms rauwe keelgeluid dat komt aanzetten als een emotionele storm, ja, daarmee heeft ze het dan. Presence. Op het podium jonglerend, al grommend, fluisterend haar gedachten wegblazend. 't Is ook een actrice, natuurlijke performer gemaakt voor het publiek met in se alleen maar eigenheid, emotie en passie.

Wie gaat er dan niet terstond volledig om voor haar schitterende vertolking tegen dat maagdelijk blank videodecor van het openingsnummer van 'Storm Queen'? Het energetische 'Heaven' is haar nieuwe topsong. Ongelooflijk, in toch maar een oogwenk neergepend, maar in directe grootsheid vol met de allures van Patti Smith's 'Gloria', nog zo'n diva. Grace Cummings, de deprimerende lyrics erbij, krachtig een Ave Maria zingend als haar eigen Cohen-'Hallelujah'.

Grace Cummings - Heaven

Nochtans, ondanks haar opvallende voice altijd prominent in het midden, hanteert ze altijd een minimalistische instrumentatie als sobere basis. Vertrekt ze veelal van akoestisch sixtiesfolkgitaargetokkel en pas dan komen toegevoegde lagen erbij. Elektrische gitaar, piano, viool, sax, wat achtergrondkoorzang. En nee, helemaal geen drums. Almaar spaarzaam, juist daardoor ook zo effectief. Als zelfproducer legt ze de aandacht op de voordracht en tegelijk evenzeer op de toegevoegde omkadering. Haar elf folky songs, koortsachtig samengecomponeerd tijdens de opsluiting van de pandemie, klinken daarom zo spontaan, als in een mum van tijd opgenomen, maar ze staan er solide als een huis. Haar teksten, waaruit verwonderlijk voor een niet-gelovige toch een fascinatie blijkt voor het kolossale van de religieuze retoriek, die staan vol godsdienstige verwijzingen. Ze bestrijken ook een wijd landschap aan onderwerpen als religie, liefdespijn, heldendom, vervreemding, druggebruik.

Het sublieme titelnummer, 'Storm Queen', is nog zo'n ultiem staaltje van authentiek songschrijverschap. Zang, akoestische en elektrische gitaar, zwevende, diepe pianoakkoorden en een prachtige diepe Morphine-baritonsax die geleidelijk bijna theatraal optrekken en finaal uitmonden in één stormachtige chaotische werveling.

Die uiterlijke Sturm und Drang uit de plaattitel, onrustige poëzie en intense dramatiek die zo kunstig van bepaalde songs afspat, contrasteert dan weer met de ingetogen eenvoud en de intimiteit elders op de plaat. Met 'Always New Days Always' maakt ze een miniatuurtje van hemelse zangkunst, een slaapliedje wel, met devoot meejengelend achtergrondkoortje. Haar zang zit tussen die twee uitersten, ze gooit er zich nu eens vol tegenaan als een wilde Grace Slick en plots weer hoor je een Joni Mitchell of Joan Baez zo kwetsbaar. Iets daartussenin, zoals het zich plechtig voorttrekkende 'This Day In May'.
Of het aangrijpende filmische 'Dreams', krachtig melodramatisch gezongen pianoballad, met in de achtergrond het aanzwellend orgeltje, bijna het legendarische 'Tiny Tears' van Tindersticks, maar dan in een mooi Cummingsjasje.

'Up in Flames' is pure akoestische gitaar en van woede brekende stem. Vlammen van de Notre Dame als metafoor van verwerking van een liefdesbreuk. 'Freak' dan, over voor jezelf opkomen. Weer akoestische gitaar, galmende piano en in het hart, naast het koortje, prachtig snijdende folkviool. Ook 'Here Is the Rose', rustig kabbelend countrynummer, sfeervolle kampvuurviool. Het intimistische 'Raglan', echt een klassiek nummer voor de Woodstockgeneratie. Akoestische gitaar, banjo, gracieus afgesloten met folkviool. 'Two Little Birds', een andere aangrijpende uitgeklede song met eenvoudige snarenspinsels en tere pianotoetsen. Grace in verwarde zielsverscheuring. Net zo, 'This Day in May'. Het gestripte slotnummer 'Fly a Kite' is louterend, opgesmukt met beperkte elektronica, het kale snerpen van die zeldzame theremin.

Grace Cummings' kleurrijke kunst is dan misschien wat moeilijk klassificeerbaar, met haar overtuigend talent weet ze toch iets schijnbaar conventioneels te combineren met een totaal nieuw en origineel geluid. Met eenvoud en passie maakt ze iets coherents, een briljant als 'Storm Queen'. Dit is echte voorgrondmuziek van een vaak in het duister grauwende zangeres met een echte, diep in emoties gravende ziel.

Ze kaapte ooit verbluffend haar eerste aandacht en dito platencontract met 'It's All Over Now Baby Blue', een onwaarschijnlijk doorleefde versie van Bob Dylan's klassieker. Enkel met die soberheid van stem en gitaar. Sindsdien was het juist verre van over, begon het te rollen, wenkt nu de volle straal van de schijnwerper. Zet ze dus straks ook maar in die Werchterse 'Suzanne Vega-tent'. Gegarandeerd, voor een queen als Grace lopen we massaal storm.

Grace Cummings - It's All Over Now Baby Blue

» details   » naar bericht  » reageer  

The Weeknd - Dawn FM (2022) 4,5

14 januari, 13:53 uur

Wat een popplaat, wat een topplaat ook om er het jaar 2022 mee in te trappen. The Weeknd, a.k.a. de 31-jarige Canadees Abel Tesfaye, broze man met het gouden Michael Jackson-keelgat, steekt zijn vijfde plaat deze keer helemaal in het format van een jingelend radioprogramma. In de intro (en hij komt er verder nog in een paar interludes mee terug) laat hij op zijn fictieve 'Radio Dawn FM' filmacteur Jim Carrey's dj-stem ons al direct geruststellen. Samen hebben we lang genoeg in het duister gezeten, tijd nu om in het licht te komen en ons lot met open armen te aanvaarden. Na de nog bange nacht van The Weeknd's laatste plaat 'After Hours' komt dus na de quarantaine met dit 'Dawn FM' blijkbaar een nieuwe dageraad eraan, mogen we hierbij zelfs pijnloze begeleiding verwachten...
Of hoe met The Weekend's radiouitzending ieders mogelijke weg naar vrijheid ook muzikaal kan worden onderstut. Tenzij het hier dan als vege dubbele bodem toch, heel misschien, alles samen, veel eerder... over warme palliatieve uitgeleide van een toch verloren leven zou kunnen gaan.

Nu, van Jackson gesproken, we krijgen hier zeker geen 'Thriller'-doorslag, maar hoe dan ook toch een zeer goed doordachte melancholische conceptplaat van een echt supertalent in songwriting, vol charme, soul, r&b en dus losjes volgesprokkeld met all-time synthpophits voor de mainstream. Neem bijvoorbeeld al die extended plaatversie van de à la Daft Punk discoknaller 'Take My Breath'. Nostalgische jaren 80-beat met, vergeleken met de single, een toegevoegde intro en over een verlengde bridge tot het einde bijna zes bruisende minuten non-stop ambiance. Het erop volgende 'Sacrifice', coproductie met Swedish House Mafia, is gewoon even opwindende, stampende eighties elektrofunk.

In zijn duistere lockdown had Abel zich dus eerst teruggetrokken in onzekere, eenzame introspectie en kwam hij tenslotte naar buiten met een emotioneel album vol spijt en zelfrelativering, evenwichtiger verwachtingen en meer zin voor verantwoordelijkheid. We leren zo gaandeweg heel wat meer over zijn warrige persoonlijkheid en ervaringen die een mens voor minder grijs hoeshaar zouden bezorgen. Tegelijk nemen we door de ogen van die overbejaarde frontfiguur een duik in 's mans hervonden kijk op de wereld. Zo heeft het kristallijne 'Gasoline', bewerkt ook door de magische handen van geluidsman Oneohtrix Point Never, het over zijn vastklampen aan een parasitaire relatie als kruk voor een/zijn drugsprobleem. Wat verder, in het intermezzo 'A Tale By Quincy', laat hij beroemde muziekproducent, de 88-jarige Quincy Jones aandoenlijk het hoofdthema van 'Dawn FM' bevestigen, waar hij het heeft over problematische opvoeding en hoe dit uiteindelijk relaties met vrouwen en kinderen vergiftigt.

'Here We Go… Again' is ook Abel's prille samenwerking met een hier heel wijs en bezorgd debiterende rapper Tyler The Creator. Overigens moet het Abel's nieuwe vlammetje Angelina Jolie zijn dat hier opduikt in een kluwen van relationele overpeinsels. Verder evenzeer te ontdekken parels : het ruimtelijke 'How Do I Make You Love Me', het voor de dansvloer pulserende 'Best Friends' met Abel croonend over toxische seks onder vrienden of het wulpse 'I Heard You're Married' met Lil Wayne.

Aldus doet The Weeknd ons hier met altijd schone, supertoegankelijke melodieën op schitterende wijze een aantal barre hedendaagse realiteiten toch omarmen. De carrière van The Weeknd heeft een weg afgelegd. Weer is deze plaat met zijn immer overheerlijk flexibel stemgeluid, en z'n uiterst gevoelige instrumentatie en arrangementen honderd procent efficiënt, maar ze is niettemin weer genoeg vernieuwingsdriftig. Ook is de afwerking van het vijftal producenten, w.o. nog niet genoemde Max Martin en Illangelo, vlekkeloos. 'Dawn FM' bevat zo meer dan voldoende vibes om er lockdowns, quarantaines en nog veel ander naars zeker al een voorjaar lang luchtig mee door te blazen. Desnoods ook maar even heel goed naar The Weekend's louterende slotnummer, het gedicht 'Phantom Regret by Jim' (Carrey) luisteren. En herluisteren tot de bewondering komt. Vroege platina jaarplaat 2022!

» details   » naar bericht  » reageer  

King Buffalo - Acheron (2021) 4,5

11 januari, 18:07 uur

Na het ronduit fantastische Part One, 'The Burden Of Restlessness', van medio 2021, zijn we nu hoe dan ook opvolger 'Acheron' een wat late, maar even geestdriftige review verplicht. 'Acheron', het eind 2021 verschenen tweede deel van King Buffalo's stonertrilogie, drieluik dat ze al in zijn geheel samenschreven tijdens de vroegste lockdowndagen. Want ja jongens, het is hier toch wel echt weer van dattum. Dit even pure, hoogsierlijke 'Acheron', met hoes in de narcotiserende sixtieskleuren van King Crimson's meesterwerk, schreeuwt gewoon opnieuw om een veertig minuten durende atmosferische inlevingsroes. Dat 'Acheron' dan bovendien live kon worden opgenomen in een grot, de Howe Caverns in de staat New York, maakt het project alleen nog hoorbaar indrukwekkender. Zowaar een technisch en productioneel huzarenstukje wat deze zelfverklaarde heavy psych rockband ermee klaarspeelde. Alles met z'n drieën, King Buffalo, zanger-gitarist Sean McVay, Dan Reynolds op bas en synths, Scott Donaldson op drums en percussie.

Klaterend water, sereen galmende, vloeiend hernemende elektrische beginnoten... Straks valt hier nog een dromerig The War On Drugs in! Neen, na de ingetogen inzet komt met spaarzame drums langzaamaan McVay's klinisch declamerende stem tot ontwaken. Net zoals het op de plaat overvloedig aanwezige water drijft 'Acheron' - de song - echoënd naar de Onderwereld, de duistere Acheron, Grieks mythologische, onderaardse rivier. King Buffalo's mediterende dodenmars begeleidt in één lange psychedelische trance, zwevend, afgestorven zielen die de mythische Veerman meevoert naar het nevelige Hades. Dit geweldige Part Two van het heuse stoner-epos is in al zijn melodieuze repetitiviteit al direct weer helemaal op dreef, opzwellend, vol subtiele details, in een steeds muterend sonisch universum. Vier creatieve, eigenlijk zelfs gezellige, zo zuiver klinkende jams die je ondanks de vaak drukkende groove, ondanks de spanning en onrust, meanderend meenemen in een unieke, warme psychedelische trip.

Het kabbelend rivierwater uit de grot maakt dat alle songs mooi in elkaar overvloeien. Het zijn machtige melancholische composities van gemiddeld tien minuten, met elk een eigen chemie waarvan de ideeën als water opkomen en weer gaan en toch altijd spitsvondig blijken samengegoten. Nee, met King Buffalo horen we geen leerling-tovenaars apestoned uitzwermend aan het werk. Ze hebben hun zaakje goed in de hand en zetten hier iets voor je op wat uitgebanceerd, perfect gestuurd en af is. Net zo de vlekkeloze productie en als toetje de intense verfilming van de making of van 'Acheron ' in de diepten van hun grot.

In 'Zephyr' komen doorheen de duistere spelonken de meer intense, psychedelische  walls of sound aanwaaien, net als Zephyrus, Griekse god van de Westenwind. Majestatische zangpartijen, ingeleid door weer ingenieus drumwerk, heavy gelardeerd met die bedwelmend weidse riffs en solo's van gitaren die de sound van vroege (psychedelische) rockbands lieflijk omarmen..

De sublieme spannende ritmiek van 'Shadows', behoedzaam traag voorttrekkende, krullend betoverende muzieklijnen Gehavend schip op drift, onzeker zijn weg zoekend langs als schaduwen teisterende oevers van opzwepende gitaren, duizelig makende syntheziser en sixtiespercussie bij wijlen refererend aan Iron Butterfly's 'In-A-Gadda-Da-Vida'. Het finale 'Cerberus' beangstigt. Want daar aan dat eindpunt, aan de ingang van de onderwereld zit de impressionante driekoppige waakhond Cerberus, die houdt er dreigend de levenden op afstand, belet er de doden te ontsnappen. Desoriënterend, kakofonisch golvende sirenenoten, gedoseerde stonerexplosies tussen zeeën van riffs en rocksolo's. King Buffalo veroorzaakt dan wel geen verwoestende tsunami's, maar hun rivier zit vol sinistere draaikolken.

King Buffalo - 'Shadows'

Met dit magisch 'Cave Album' herschrijven ze zowat Pink Floyd in zijn meest kosmische periode. Na de scherpte van 'The Burden Of Restlessness', etaleren ze hier verbluffend  een andere, even toegankelijke kant van hun stijl, met ruimtelijke soundscapes vol reverb van prachtig weerkaatsende gitaren, die geduldig stromen als water en met een episch verhaal dat uitnodigt om je er zowel muzikaal als emotioneel in onder te dompelen.

Met instrumentale virtuositeit en vernuft voor prachtige complexe structuren zet King Buffalo zich zomaar op de kaart als een van de grote verrassingen van 2021. Het bewijst in de ontwikkeling van zijn opzienbarende triptiek geen band te zijn als vele andere. Integendeel met dit talent en al die geestverruimende creativiteit schiet het trio in grandeur resoluut door naar de hoogten van hun voorbeelden als Pink Floyd. Noem 'Acheron' dus voortaan gerust maar hun eigenste 'Dark Side Of The Cave'.

Maar inmiddels is het andermaal vol ongeduld wachten tot ergens in februari 2022, op hun nieuw 'saucerful of secrets', King Buffalo's derde kom vol secreten. Na al wat voorafging moet Part Three van dit steeds in progressie toenemende, onvoorspelbare King Buffalo hun kers op de taart worden.
Laat er dus zolang alsjeblieft geen Adèle zijn om nog roet in het eten te gooien.

» details   » naar bericht  » reageer  

Volbeat - Servant of the Mind (2021) 4,0

31 december 2021, 15:36 uur

Met hun achtste, 'Servant Of The Mind', zo net in de staart van 2021, blijkt ook het Deense Volbeat sterk en plezierig bezig te zijn geweest met een eigenste lockdownalbum. Ja, zeker en vast, Volbeat is alive and kicking terug met z'n gekende catchy mix van bekoorlijke Metallica-riffs en punky rockabilly. Toch maken ze er hier dan ook weer iets voldoende nieuws en op en top spannends van. Als felle en driest beukende duivels drijven stichter/frontman Michael Poulsen en z'n kompanen de melodie en de altijd resonerende rockstem weer alle kanten uit. Met lyrics overigens die doordrenkt zijn van niet alledaagse vertelsels over geesten, duivels en heksen.

De songs vliegen je aangenaam rond de oren, in hun diversiteit lijkt het een veelkleurige sneltrein wel. Openingsnummer, 'Temple Of Ekur', of hoe je zelfs over een oude monumentale Iraakse tempel, zo heilig als de Olympusberg, een even imposant, catchy as hell topnummer maakt.
De zoveelste Volbeat-hit, 'Wait A Minute My Girl', knalt dan fris van de lever, een vroege rock and roller op speed, geïnjecteerd met Springsteen-honky-tonk en -sax. Een en al catchy  tempowisselingen en modulaties. Applaus. Met 'The Sacred Stones' dan weer, pittig topnummer, sloom openend met een zware M-riff, schiet je met 'the spirit of evil' headbangend onbestemde Black Sabbath-duisternis in.

Ook de melodieuze thrasher 'Shotgun Blues', drijvend op industrieel opzwepende repetitiviteit, is top. Het zwaarste metalgeweld van het album tot nu hier, compleet, met zelfs een zeldzame grunt.
Ook 'The Devil Rages On' is weer topklasse. De reverbgitaar neemt je regelrecht op sleeptouw in een vreemde, donkere rock and roller vol heerlijke tempowisselingen en met Poulsen als duivelse Elvis van dienst. Volgt 'Say No More', de zoveelste lekkere up-tempo Metallica à la Volbeat..

'Heaven's Descent' dan, met zijn catchy hooks, klettert in het rond als hijgende Sex Pistols. 'Dagen Før', hoogst aanstekelijke 'ABBA-popsingle', featuring Stine Bramsen in fraai duet met Poulsen, alles overgoten met Volbeat-metalsaus. 'The Passenger,' Volbeat in 't metaljasje van Mötörhead, middenin de gitaren prominent voluit en op 't einde nog die vurige solo om het af te leren.

'Step Into Light', weer die psychedelisch naar een hoogtepunt voorthossende reverbgitaar, schitterend rockabilly-riffend als The Shadows goes metal en andermaal die verrassende sax en honkytonktoetsen in de background. Alle stukjes passen perfect!
'Becoming' is een vernuftig opgebouwde M-topsong met andermaal loodzwaar pompend metaalgeweld, nu eens klagend slepend dan weer flitsend vurende metaalnoten. 'Mindlock', nog zo'n volmaakte heavy metalsong, met memorabele riff incluis.
Alsluiten met een nog een hoogtepunt. 'Lasse's Birgitta', goed lekker opzwepende heksensong, klepper van zomaar acht minuten. Wordt plechtig met klokken en extreme nattigheid uitgeluid.

Volbeat zit met zijn dwingende groove al lang heel vooraan in de mainstream van de heavy metal en verzamelde er al wat blinkt aan goud en platina. Het heeft, vooral met zijn unieke flexibele zangstem, een uit de duizend herkenbare sound, maar het levert hier desondanks weer een creatief, hoogst gedreven, zeg maar keigoed album af. Volbeat's melodieuze wilde metal voert hier dan wel pienter terug naar al wat het voorheen al goed deed, evenwel zonder het te reproduceren. Die mannen beheersen bovendien hun excentrieke cross-overmomenten als geen ander. In tegenstelling tot de plaathoes zal hier dus niemand gezichtsverlies lijden. Integendeel, dit is zonder meer een solide album, het staat als een huis.

» details   » naar bericht  » reageer  

Low - HEY WHAT (2021) 4,0

21 december 2021, 11:20 uur

stem geplaatst

» details  

William The Conqueror - Maverick Thinker (2021) 4,0

19 december 2021, 10:06 uur

stem geplaatst

» details  

Cradle of Filth - Existence Is Futile (2021) 4,5

16 december 2021, 18:03 uur

stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 4,0 sterren

» details  

Employed to Serve - Conquering (2021) 4,5

14 december 2021, 16:30 uur

stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 4,0 sterren

» details  

The Ocean - Phanerozoic Live (2021) 4,5

10 december 2021, 12:36 uur

stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 4,0 sterren

» details  

The Black Keys - Delta Kream (2021) 4,5

5 december 2021, 11:51 uur

stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 4,0 sterren

» details  

Gary Numan - Intruder (2021) 4,5

5 december 2021, 11:26 uur

stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 4,0 sterren

» details  

DARKSIDE - Spiral (2021) 4,5

4 december 2021, 20:37 uur

stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 4,0 sterren

» details  

Yola - Stand for Myself (2021) 4,5

4 december 2021, 20:28 uur

stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 4,0 sterren

» details  

Myrddin - Monstruos y Duendes Vol. 3 : Médyn (2021) 4,0

4 december 2021, 17:03 uur

Myrddins derde van z’n vierdelige solo-flamencosuite Monstruos y Duendes is nu uit. Zoals door velen verwacht. Ver van de toeristen, flamenco van de vernieuwers. Ook iets voor jou?

Flamenco, in 2010 erkend als werelderfgoed. “Waar het in de flamencokunst om gaat (…) is niet in woorden of omschrijvingen te vatten. Het is de diepte, de duisternis onder of achter de uiterlijkheden, de demon tussen de lijnen die de vorm afbakenen. Dát aanvoelen en begrijpen vereist een heel apart soort intuïtie, die van de desperado, de outcast…”, dixit Wannes van de Velde. Is Myrddyn soms zo’n zoeker langs de zijwegen?

Fraaie beschouwing, maar zeker bij de Myrddin-eigen flamenco moeten we het, jawel, ook nog over passie hebben, bezieling en jazeker, ook over bewondering, afición. De YouTube-beelden getuigen…

Myrddin Monstruos y Duendes

Passie, je ziet het begrip zichzelf plots woordenloos uitleggen daar op de trappen van de Gentse Sint-Anna. Ondanks de het gezelschap fel omheersende kou straalt hevig ene Myrddin vurigheid en de gelukzalig Andalusische warmte van zijn compositie Ama om zich heen. Ama, één van die mooie nummers uit deel één van Monstruos y Duendes. Vanuit rust gaand naar één en al indrukwekkende hartstocht, een man en zijn gitaar.

Afición… Diezelfde video lang daar ook de sjofele man rechts bij de meesterspeler. Zoals straks Myrddins nieuwe stukken op dit Médyn het vragen, is het heerschap, zelf topmusicus, hier luisteraar in volkomen inleving. Neemt daar, naar binnen gekeerd, een houding om door vingervlugge gitaartoetsen voortgebrachte gevoelens aan te nemen en ze trekkend aan een sigaret hemels mee naar binnen te zuigen. Aficionados, admiradores, adoradores, adictos…

Flamenco, die doorgaans niet genoteerde muziek, wordt zo al eeuwen via overlevering aan generaties doorgegeven. Net zoals het eigenlijk ook Myrddin voor een stuk verging, zelf telg van Vlaanderens zowat grootste muziekdynastie. Tussen opeenvolgende geslachten voegen nu ook zijn nieuwe elementen zich toe aan de flamenco van de grootmeesters. Myrddins eigen vrije stijloefeningen verrijken de grote traditie.

Zelf kreeg ie het dus ferm mee van z’n eigen ouders, vader Koen de Cauter vooreerst, die de microbe ook al erfde van zíjn vader. Ook hij, Myrddin, gaf zijn flamenco inmiddels verder door, aan dochterlief Imre. Haast ontroerende overdrachten die bewegingen tussen muziekgeneraties, onder het welziend oog van YouTube. Koen en Myrddin. Myrddin en Imre.

Myrddin - Koen

Myrddin Imre

Maar hier is dus, Médyn, na Myfyrio en Longhin, deel drie van zijn ambitieuze gitaarsuite Monstruos y Duendes. Met weer die zelfgetekende mooie hoes, weer een prachtig staaltje van naïeve kunst. Eenheid in stijl, nu centraal de mens, in eenheid met de natuur. De vorige delen en nu ook dit derde bevestigen het, Myrddin hoort op zijn terrein, de gitaar en de flamenco, echt tot de groten. Er volgen andermaal vier grootse composities, klankbeelden van Myrddins wonderbaarlijke universum vol passie en intimiteit, gegenereerd door enkel dat ene instrument. Een enkele keer, in Kundalini doen rustbrengend aanslaande watergolven kort ingeleide.

Die stukken heeft ie al heel lang in de vingers, sommige melodieën groeiden al vanaf z’n veertiende. De gekende melodische pracht van Kundalini bracht hij live ook al in een verbluffend jazzy versie met Jef Neve. Ook hier loopt het uit in een even emotionele finale. Marmorera, naar het in het Zwitserse meer Lai da Marmorera ondergelopen dorp. Ook die ernstig, klagelijk en tragisch klinkende seguiriya kreeg eerder al een pakkende totaalversie met top-flamencodanseres Ana Llanes. Het in dynamiek wisselend miniatuurtje Djura ademt weemoed, tedere ingetogenheid en eenzaam verlangen, maar ook hier komen de wervelend vechtlustige snarenexplosies langs.

Médyn bevat meest opvallend ook het langste stuk van de reeks tot op heden. Een indrukwekkende alegria voor kleinzoon Médyn, Myrddins ‘hemelse kindje dat altijd naar het licht kijkt’, geboren op 30 mei 2021 en ook op het artwork prominent aanwezig. Dit titelnummer Médyn wordt één volle negentien minuten wakkere, ingetogen, fladderende blijheid.

Myrddin hier dus weer volop solo in de schijnwerpers met het muzikale verhaal van die gitaar, zonder andere ondersteuning of begeleiding van stem. Ook in die verse epische stukken presenteert onze man zijn vingeroefeningen technisch uitzonderlijk, lyrisch en in één en al vrijheid. ‘t Is ook zijn meest geliefde bezigheid naast de talloze projecten, dat soleren. Het is een godsgeschenk van verpozing nu ook in dit derde deel. Verbaasd, soms met siddering volgend, al die wisselende gitaarklanken en ritmes, duistere emoties verpakt in bravoure, waarbij we alle hoeken van z’n vele flamencokamers zien. Maar neem vooral zelf de tijd om het aan te voelen, inhaleer en zo, onopvallend raak je ingewijd. Aficionado.

Inderdaad, of hij nu vertrekt vanuit de flamenco of niet, Myrddin is de desperado van de spontane eigen weg, een kind van zijn tijd dat zonder complexen zoekt naar de creatieve vlakte. Daar ergens reikt hij, met intuïtie en zoveel kunde, aan zijn wereld van geestelijke zuiverheid in eenheid met de natuur. Zijn virtuoze flamenco verheft er zich tot een experimentele wereld op zich. Deze Myrddin maakt verfijnde muzikale kunst in zijn puurste vorm.

En die tien levendige vingertjes, Myrddin? Die vijfde generatie? Jazeker, je zal al wel hebben gezien en gedacht.

» details   » naar bericht  » reageer  

The Colorist Orchestra & Howe Gelb - Not on the Map (2021) 4,0

4 december 2021, 17:02 uur

Op zoek naar die ene hele mooie, prikkelende avondlijke plaat, misschien dan eens de nieuwe van The Colorist Orchestra met Howe Helb proberen. Met The Colorist Orchestra hangt bovendien altijd 'n schitterend Belgisch lintje omheen unieke samenwerkingsprojecten. Nu kwamen ze bij Howe Gelb aankloppen, beroemd Amerikaanse americana-singer-songwriter, stichter van Giant Sand. Zingt sterk erop mee, Pieta Brown, Gelb's vroegere medewerkster, die ook al haar klasse bewees naast Mark Knopfler, Calexico en Justin Vernon.

Die Belgen zijn dus helemaal niet aan hun proefstuk toe. Meer, als modern, achtkoppig kamerpopcollectief genieten ze al een stevige reputatie. Onder leiding van  Kobe Proefmans en Aarich Jespers, zelf percussionisten, weten ze popgeoriënteerde singer-songwriters te strikken voor even een frisse herschikking, re-arrangement van hun repertoire. Weet je wel, zoals de colorist van een strip of film doet, maar dan met de contouren van een song. Inspiratie halen ze hiervoor ondermeer bij Kronos Quartet, Talking Heads, Steve Reich, Harry Partch en Moondog.

Ze gaan niet bepaald orthodox met het muziekinstrumentarium om, maken de instrumenten waar nodig overigens ook zelf. Zo presteerden ze dus al heel wat fraais met mooie songs van o.a.  Emiliana Torrini, Lisa Hannigan en Gabriel Rios. Nu dus ook met... Howe Gelb, een klassebak van meer dan 50 albums.

Ze ontmoetten elkaar in 2017 tijdens een jazzfestival in Luik. Aangestoken door een gemeenschappelijke avontuurlijke passie om te musiceren evolueerde het verbond van creatievelingen evenwel (of, vanzelfsprekend) elders dan voorzien. Voor het eerst resulteerde het gezamenlijk project in volledig nieuwe muziek op deze 'Not On The Map'. Bijzonder daarbij : algeheel zonder Gelb's karakteristieke gitaargeluid!

Zijn bariton blijkt des te meer als gegoten te passen bij de sfeer vanaf de prachtige loungy opener 'Counting On'. Zijn gouden stem houdt steeds duidelijk zowat het midden tussen die van Leonard Cohen en Adrian Crowley, al kan de man ook probleemloos een hoger register aan. Of hij gaat in parlando. Mooi in contrast in alle geval met het klare stemgeluid van Pieta Brown. Zoals Gelb het zelf opmerkte : "Contrast zorgt voor een pendulum-effect. It gives motion. It gives e-motion." Sfeervol dus, filmisch, zuiders romantisch, vol onverwachte wendingen, verrassende ritmes, avontuurlijk. Uitgeklede muziek, maar toch vol met, soms surrealistische, klanken.

Die volle betovering van de Coloristen komt boven in het schijnbaar nonchalante, zacht jazzy golvend 'More Exes'. Weer roerende wisselwerking tussen Gelb en Brown, zuiders door violen ondersteund en op het einde weer helemaal terug naar het wiegende ritme.

Wat deden The Colorist Orchestra en Howe Gelb daar dus een goede zaak samen. Ze komen zomaar met een klapper die alleen maar draaibeurten verdient.  Ook al was dat wat ze deden totaal 'Not On The Map'...

» details   » naar bericht  » reageer  

Deep Purple - Turning to Crime (2021) 4,0

2 december 2021, 15:56 uur

De 'heavy crime' van Deep Purple, founding fathers van de hardrock,  bestaat erin, zeggen ze vol zelfspot, dat ze zich in 2021 zomaar even 16 songs van anderen toeëigenen. In de royaal op Tarantino's 'Reservoir's Dogs' geïnspireerde video van single 'Oh Well' is goed te zien op welke snode wijze de Deep Purple-bunch het jatwerk van Fleetwood Mac, Ray Charles, Bob Dylan e.a. heeft gepland en uitgevoerd. Het verdict voor dergelijk cover-stealing, aldus verder de video, blijkt niet min. Steve Morse (67), 15 jaar; Don Airey (73) 15 jaar; Ian Paice (73), 20 jaar; Roger Glover (75), 20 jaar; Ian Gillan (76), 30 jaar tralies. Gold ook niet eens als verzwarend element de duidelijke vaststelling van recidive, want ook in de Purple Mark I bezetting had met 'Hush', 'Hey Joe' en ander moois al duchtig gecoverd, maar van die tijd bleek enkel Ian Paice van de huidige bandleden betrokken.

Gewoon het zoveelste lockdown-afstandsproject dus dit, Deep Purple's coronaplaat, een begeesterd tussendoortje. Deden het dus niet uit luiheid, omwille van writersblock of contractuele verplichting. Nee, alles is integendeel, wat zouden ze de wereld overigens nog moeten bewijzen. In Deep Purple's nieuwste wordt bovendien geen enkele original verkracht. Ondanks de afstand spat het spelplezier er meters van af. Ieder nummer krijgt onvermijdelijk organisch het eigen Purple-watermerk. Alle ingrediënten zitten erin. De Morse-gitaarbliksems, het versplinterend klassiek Aerey-orgelwerk en ongelooflijke pianotoetsen als eeuwig tribuut aan Jon Lord, de altijd solide bassende Glover, verbluffende Paice, dartel jonglerend doorheen z'n zeer uiteenlopende percussiestijlen. De intussen nog belegener zang van Gillan, maar toch even flexibel en messcherp als vanouds, inclusief, gedoseerd in z'n enkele stevig gepassioneerde uithalen.

Deep Purple-knipoogjes naar eigen werk zijn niet van de lucht , zo de 'Smoke On The Water'-riedel in  'Rockin' Pneumonia...' . Maar verrassendst blijkt de voorliefde voor de oude rock and roll uit hun eigen jonge jaren, de fifties, sixties, seventies, zelfs de forties. Gillan was daar eerder al goed in.
'7 And 7 Is' rockt en wervelt. Anders dan in het origineel van Love, maar Morse en Airey gaan met hun solo's schitterend in duel en Aerey's synthesizer jankt als bij The Stranglers op dreef. En dit alles genepen in slechts een goeie twee minuten. 'Rockin' Pneumonia And The Boogie Woogie Flu' is dan weer een regelrechte oude dansvloerswinger.

Klapper 'Oh Well' van de vroege Fleedwood Mac krijgt, met dank vooral aan Morse' geweldige gitaarwerk, een machtige versie, ook de karakteristieke Purple-outro klinkt 'oh so well'.
'Jenny Take A Ride!', prachtig swingend rock and rollnummer, kordaat zoals alleen Purple dit hier kan coveren en met uitmuntende 'speed king' Gillan - z'n schreeuwtje zit op minuut 2:16. Dylan's 'Watching The River Flow' transformeren ze tot een vlugge honky-tonk pianoshuffle en het nummer krijgt als outro de klassieke pianoreprise die wellicht alleen Don Airey had kunnen bedenken. Met 'Let The Good Times Roll', oudste song uit the forties van Louis Jordan, hengelt Deep Purple, met nachtclubcroonende Gillan, ongetwijfeld naar een full big band-uitvoering in 'Later... with Jools Holland' op de BBC. Sterk. Het verrassende 'Dixie Chicken' volgt dan getrouw in de sporen van Little Feat.

'Shapes Of Things' is geheel paars gekleurd,  heavier en beter nog dan de Yardbirds zelf, met een glansrol van Ian Paice, of nee, toch maar weer...   de hele band.
Bij 'The Battle Of New Orleans' ontschiet even een onthutsend 'Zijn dit echt de hardrockers Deep Purple?'. Maar toch compleet verbazend wat ze met het ouwe folk- countrynummer doen. 't Is zelfs Roger Glover die de zangpartij voor zijn rekening neemt. Maar maakte die zelf ooit ook al niet zo'n atypisch nummer, 'Butterfly Ball'? Ook 'Lucifer' van Bob Seger krijgt een excellente Purple-pimp en Gillan soleert en feest er als de be(e)sten. Ook 'White Room', zeer Cream-getrouw, zit Deep Purple als gegoten.

Afsluiter op dit Deep Purple pop-up-coronapodium 'Caught In The Act'  is een medley. Freddie King ('Going Down'), Booker T. & The M.G.'s ('Green Onions'), Led Zeppelin ('Dazed And Confused'), The Allman Brothers Band en Spencer Davis Group worden samengekneed tot één geïnspireerde geluidsband/rocksong. Het drijft met stevig honky-tonk de medley in en behoudt zijn volledige schwung tot finaal de hele band, enthousiast meezingend, met Gimme Some Lovin' landt.

Zo, Deep Purple covert Led Zeppelin. Robert Plant van zijn kant, hij covert zich in dit eigenste 2021 in duet met Alison Krauss weer de charts in. Dit 'Turning To Crime' van Deep Purple is een gevarieerd, op en top geloofwaardig collectief project van een instituut. Het komt tussendoor, omdat ze 't gewoon niet konden laten, met een verfrissende make-over van twaalf songs in de unieke sound van z'n sedert 1968 gegroeide legende. Hoe bar ook de tijden altijd zal dit Deep Purple, als waren het nog de jonge snaken van toen, gespierd, gedreven en vol humor blijven verder musiceren. De cohesie is zelfs, sedert de 'Morse, Airey, producer Bob Ezrin-periode', hechter dan ooit tevoren. Krijgt de rol van Ezrin als zesde man zo intussen niet stilaan George Martin-allures?

Soit, de Deep Purple-gang ziet er, aldus opnieuw de video van 'Oh Well', vandaag bovendien ook còòler uit dan ooit. Kijk naar de grijnzende Gillan, met juwelen, ha ha, en piekfijn in het pak. Nee, begrepen, dat cynische gevangenisplunje van de plaathoes was nergens anders voor nodig dan voor de grap.
...Gaan ze daar bij jullie ook weer naar lockdown?
 

» details   » naar bericht  » reageer