MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Muziek / Toplijsten en favorieten / Gyzzz reviewt RateYourMusic: de album top-250

zoeken in:
avatar van Gyzzz
Geïnspireerd door het topic van Reijersen leek het mij leuk een soortgelijke exercitie te ondernemen. Ik heb gekozen om de top-250 van RateYourMusic (RYM) te gaan doorlopen. Omdat ik een voor mezelf gezond tempo wil aanhouden kan dit zomaar jaren duren. Nu is RYM dynamisch genoeg om in die periode een heel andere toplijst te krijgen, dus houd ik de 250 beste albums op peildatum vandaag (i.e. 26 aug. 2022) aan.

Waarom RYM en niet MuMe? Allereerst wordt het daarmee minder een kopie van eerdergenoemde review-lijst. Ook vind ik de toplijst op RateYourMusic iets diverser en tijdlozer dan die van MuMe - vermoedelijk het gevolg van het internationale karakter van de site en het bijkomende feit dat albums daar typisch 10 tot 40 keer meer stemmen hebben dan hier (en dus iets minder gevoelig voor (lokale) hypes zijn).

De lijst is hopelijk een mooie gelegenheid om vele classics uit alle genres te (her)ontdekken en genres die ik niet zo gauw 'aanbreek' (metal, prog, klassiek, ...) beter te leren luisteren. Maar vooral ook om weer recensies te gaan schrijven - iets waar ik in het verleden altijd veel plezier aan beleefd heb maar wat zonder directe aanleiding zoals een topic als dit algauw een beetje in het slop raakt bij mij.

Binnenkort van start met de #250!

avatar van Gyzzz
https://www.musicmeter.nl/images/cover/0/465.jpg?cb=1541446278

250. Wire - Pink Flag

Speldenprikjes als acupunctuur. Talluze duwtjes die je tot 21 opgeteld hard tegen de grond gooien. Puntige nummertjes met to-the-point gitaarspel. Dat is hoe Pink Flag voor mij aanvoelt. Wire speelt hier strak, nergens pathetisch of over de top maar hard en functioneel. Niet hard als schreeuwerig, maar hard als een harde Citroën DS. Zoals het chassis van een goed exemplaar daarvan na 50 jaar amper roest, roest het geluid van Wire na 45 jaar ook nog amper. En voor een gitaarleek als mijzelf: volgens mij spelen ook gewoon ijzersterk ondanks het non-virtuoze of zelfs anti-virtuoze genre waarbinnen ze opereren. Je denkt bij het horen van deze plaat toch instantaan dat je hier met een mooi stel gasten te maken hebt? Gasten die hun tijd ook wel aardig ver vooruit geweest moeten zijn, want alle referenties die bij het luisteren door mijn hoofd zweven (The Fall, Minutemen, Sonic Youth, ...) hadden ten tijde van Pink Flag helemaal nog niets uitgebracht.

Pink Flag voelt als een hele doelmatige plaat van een jeugdig maar tegelijk doordacht stel muzikanten. Artiesten die zichzelf niet te serieus nemen, maar hun muziek wel. 21 keer harde kwaliteit zonder cliches, waarbij geen losse nummers de aandacht opeisen, maar met mathematische precisie hun plaats innemen: 1 goedgeplaatste stomp elk. Voor een echt hele hoge score beroert de muziek me vooralsnog te weinig, maar evengoed een ontzettend smaakvolle plaat.

Dikke 4*

avatar van Snoeperd
Hoe heb je de lijst gemaakt? Bij mij zie ik Pink Flag namelijk op 274 staan. Of heb je er een aantal albums uitgefilterd?

Leuk topic in ieder geval om te volgen. Voor muziekontdekkingen haal ik persoonlijk vaak zelf meer uit RYM, plus het is een lijst waar ik me qua muzieksmaak meer mee kan identificeren.

Ik zal in ieder geval meeluisteren en als de tijd het toelaat ook eens wat zeggen over de albums.

avatar van Gyzzz
Snoeperd schreef:
Hoe heb je de lijst gemaakt? Bij mij zie ik Pink Flag namelijk op 274 staan. Of heb je er een aantal albums uitgefilterd?

Best albums of all time - Rate Your Music - rateyourmusic.com

In bovenstaande link zie ik hem op 250 staan. Jij niet? Of kijken we naar een andere lijst?

Ik zie overigens dat live-albums, compilaties en scores by default inderdaad uitgefilterd staan. Lijkt mij prima voor deze lijst. Maar zou wel het verschil kunnen verklaren wellicht?

avatar van exsxesven
Tof, dit ga ik volgen.

Gelijk Pink Flag weer eens draaien, wat een dikke plaat toch (1!2!X!U!).

En het blijft een toplijst maar hij is inderdaad leuker dan die van MuMe. Sowieso heb ik aardig wat ontdekt dankzij of via RYM de laatste jaren.

avatar van Gyzzz
https://www.musicmeter.nl/images/cover/0/802.jpg?cb=1573189530

249. Gang Starr – Moment of Truth

Moment of Truth wordt vrijwel unaniem besproken als het ‘finest hour’ van Guru en Premier (met allmusic.com als opvallende uitzondering). Die status heb ik nooit helemaal begrepen – voor mij is dit juist het moment geweest waarop Gang Starr hypegevoeliger werd en van zijn unieke aanpak afstapte. Zoals meer classic HipHop eind jaren ’90 niet helemaal leek te weten welke kant het op moest, met nogal opmerkelijke artistieke keuzes van Nas, Wu-Tang, Mobb Deep en meer ‘90s iconen, zo vind ik dat ook Moment of Truth hier ook niet vrij van blijft: de plaat moest in lijn met de standaard opeens 78+ minuten duren, met logischerwijs fillers tot gevolg. Samples moesten explicieter zijn met herkenbare melodietjes of vocale soulsamples (Work, Above the Clouds, JFK 2 LAX, …). En bedenkelijke gastartiesten van als K-Ci & Jo-Jo en M.O.P. mochten hun opwachting maken.

Premier produceert hier nadrukkelijk toegankelijker en herkenbaarder dan in de early nineties, met de expliciete breaks die in deze periode de uit duizenden herkenbare “Premier-beat” zouden vormen, waarmee hij ook als gastproducer eind jaren ’90 weer een enorm stempel zou drukken. Op albums van Rakim, Nas, Mos Def, Common, Capone-N-Noreaga en vele anderen uit die tijd produceert hij 1 of 2 tracks, die direct duidelijk maken hoeveel niveaus hoger Premier stond dan zijn collega-producers uit die tijd. ‘The Rep Grows Bigga’ is hier een goed voorbeeld van: zeer sterke beat, maar ook Premier-by-the-numbers. Vooral het scratchwerk tussen de coupletten is bijna karikaturaal Premier. Zo wordt hier duidelijk: deze man heeft in zijn pink meer talent dan 90% van de producers uit die tijd in hun hele lichaam. En dat maakt de hele plaat altijd minimaal genietbaar. Maar soms ook wat voorspelbaar. Ook Guru bereikt op de beste momenten grote hoogten, met de titeltrack als moderne introspectieve klassieker en hoogtepunt van deze plaat, maar heeft te weinig te vertellen om meer dan een uur te boeien.

Moment of Truth is een solide en coherente plaat waarop weinig uit de toon valt. Maar hij duurt veel te lang, en dan gaan de matige momenten (‘Royalty’, ‘BI vs. Friendship’, ‘The Mall’, …) tegenstaan. Vrijwel elke beat is klasse, maar doordat sommigen zo volgestopt zitten, treedt achter elkaar beluisterd eerder verzadiging op. Als ik aandachtig luister hoor ik hoe sterk een track als ‘Make ‘Em Pay’ is, maar tegen die tijd is mijn aandacht doorgaans al wat verslapt. Ik gebruik deze plaat daarom meestal om te cherry-picken, of gewoon de titeltrack op repeat te zetten, terwijl ik hem zelden in zijn geheel opzet. Waar een plaat als Daily Operation bij mij na talloze beluisteringen nog elke keer blijft groeien, verrast, en details prijsgeeft, is Moment of Truth in your face, expliciet, maar ook een behoorlijk lange zit. Een kwalitatieve zit, dat wel.

Ruime 3.5*

avatar van ArthurDZ
Leuk topic man, dit ga ik volgen! Twee uitstekende albums om mee af te trappen in ieder geval!

avatar van bennerd
Cool topic, ik lees mee. Succes!

avatar van laxus11
Leuk topic ondanks we niet echt een overlappende smaak hebben

avatar van TornadoEF5
Tof topic, zal ik ook volgen. Volgens mij heb ik er veel meer van de RYM 250 beluisterd dus dan van de MuMe top 250. Zitten toch wel enkele albums in die hier amper stemmen hebben gekregen zelfs of niet zo gekend zijn. Volgens mij een wat modernere lijst, met ook veel meer hip hop (en andere genres) in de charts dan alleen maar rock.

Snoeperd schreef:
Hoe heb je de lijst gemaakt? Bij mij zie ik Pink Flag namelijk op 274 staan. Of heb je er een aantal albums uitgefilterd?


Als je op een specifiek albums klikt, en dan klik je op de notering, dan ga je naar een toplijst waar live, archival en scores meegeteld worden maar deweighted. Daar ligt dan het verschil omdat die bij de lijst van de organisator niet meegerekend worden (wat geen probleem is). RYM doet dat waarschijnlijk omdat er geen aparte lijsten zijn voor live, archival en scores denk ik, waardoor anders een album niet vetgedrukt kan worden (iets van top xx % van alle albums), en zo maken die wel een kans. En deweighted omdat anders de toplijsten volledig vol zouden staan met dat soort albums (live, archival en scores).

Sommige categoriën hebben een eigen categorie (singles, EP's, mixtapes, compilaties, bootlegs, music videos, etc.).

avatar van Gyzzz
https://www.musicmeter.nl/images/cover/4000/4083.jpg

248. Otis Redding - Otis Blue / Otis Redding Sings Soul

Van de grote Soul-legendes heb ik Otis Redding het langst links laten liggen. Ik weet eigenlijk niet waarom, maar nu ik de RYM-lijst doorloop realiseer ik me dat ik nooit eerder een volledig album van hem beluisterd heb. Otis Blue is direct een opmerkelijke instapper: ik betwijfel of ik in de komende 247 albums nog meer werk ga tegenkomen dat voor meer dan de helft uit covers bestaat. Gelukkig heb ik met covers geen enkel probleem: muziek ontwikkelt zich organisch en of het nu samples, covers of genres zijn: iedereen maakt zich bepaalde elementen eigen en voegt een sausje van zichzelf toe.

In de eerste plaats valt me op hoe prettig en behaaglijk dit album in het gehoor ligt. Gezien de emotie die Otis Redding erin legt weet ik niet of dit nu direct zijn bedoeling was, maar bij mij gaat deze plaat op de lijst “geschikte albums als mensen komen eten”. Hoge kwaliteit ‘entertainment’ die moeiteloos van voorgrond naar achtergrond en weer terug kan bewegen. Daar zit voor mij direct ook de mindere kant: de hoeveelheid theater en dramatiek is hier naar mijn smaak wat hoog. Dat wordt vooral duidelijk in de Sam Cooke-covers. Nu is het nogal lastig om de van zichzelf al perfecte uberclassics van Cooke te overtreffen (al zal Otis dat niet voor ogen gehad hebben), maar ook vind ik dat de cleane zang van de originele maker precies past bij deze tracks. Waar Sam Cooke zijn klassiekers heel zuiver en eenvoudig zingt, en juist daarmee de kracht van de songs blootlegt, lijkt Redding er vanaf seconde een wat extra dramatiek en jeu in te willen leggen. Maar dat is bij een briljante compositie als ‘A Change Is Gonna Come’ helemaal niet nodig. Vooral in ‘Wonderful World’ vind ik de olijke blazers en voordracht een beetje ‘too much’. De extra ‘Ooohs’ en ‘Yeaahs’ doen het nummer helemaal niet goed.

Dat alles gezegd hebbende heeft Otis Redding een fantastische en filmische stem, een die gemaakt is voor grootse gebaren en gepassioneerde uithalen. Een stem die daarom ook het beste tot zijn recht komt in de nummers van zijn eigen hand, met name ‘Respect’ en ‘I’ve Been Loving You Too Long’. Een stem die ik probleemloos een hele middag of avond lang kan horen en die zeker wel indruk maakt. Maar als album dat leunt op covers van overbekende classics, valt deze me iets tegen.

Evengoed een nette 3.5*

avatar van TornadoEF5
Van RYM blijkbaar 103 van de 250 beluisterd. BIj MuMe top 250 is dat 99 vd 250, dus het verschil is wel kleiner dan ik dacht. Maar ik denk dat er eigenlijk niet zoveel albums zijn die zowel in de RYM top 250 als MuMe top 250 staan. Toch zeker minder dan de helft ook denk ik.

Bovenstaande 3 niet beluisterd, maar ik ga wel hier en daar ook iets hier proberen te luisteren.

avatar van madmadder
Lekker bezig Gyzzz, leuke stukjes, leuk om te volgen.

avatar van Jazper
Leuk, ik zal af en toe eens albumpje meeluisteren.
Wire was alvast een prettig krachtig plaatje.

avatar van Gyzzz
https://www.musicmeter.nl/images/cover/8000/8904.jpg?cb=1539991250

247. This Heat – Deceit

Je drinkt voor het eerst een smoothie van sinaasappel, banaan, framboos, avocado en spinazie terwijl je die ingredienten voorheen alleen maar los gegeten hebt. Vooraf frons je even en vraag je je af of je dat wel lekker gaat vinden, en ook tijdens het drinken ervan weet je het eigenlijk niet. Maar je betrapt jezelf erop dat je jezelf toch wel regelmatig jezelf naar de keuken begeeft om precies zo’n brouwsel te gaan maken. Zo gaat het ook met ‘Deceit’. Want hoe vertel je jezelf dat je op ‘Triumph’ niet luistert naar een bezopen stel gekken dat wat keukengerei gepakt heeft en daar op los is gegaan? Dat hoef je jezelf niet te vertellen omdat je op lukrake momenten besluit de plaat er maar weer eens bij te pakken. En deze al dan niet vroeg of laat ook weer af te zetten (want ‘Triumph’ blijft voor mij een gedrocht).

Toch heb je dan na verloop van tijd elk nummer wel een keer of wat gehoord en beginnen zich dan toch eindelijk patronen en, welja, zowaar een mening in je hoofd te vormen. Instrumentaal en muzikaal is de plaat niet minder dan ijzersterk: coherent, uitdagend, speels, en bij vlagen zijn tijd vooruit. Bij andere vlagen is hij binnen de muziekgeschiedenis een doodlopende weg ingeslagen, maar ook dat levert vermakelijk en spannend materiaal op. Helaas staat de zang op deze plaat me een beetje tegen, vooral als deze wat al te hard uit de bocht vliegt, waaronder op ‘Triumph’. Mijn favoriete track, en de enige die voor mij nu echt een topper is, is de minst beluisterde track van Spotify en bungelt ook bottom-4 in de statistieken alhier: ‘Independence’. Een treffende situatie voor de wonderlijkheid (en hopelijk de groeipotentie) van deze plaat.

Deceit is zo’n zeldzame plaat die je op een nieuwe manier tegen muziek kan laten kijken. Kan, want op dit moment, na een beluistering of 4 (en wat eerdere afgekapte pogingen in afgelopen jaren..), zit ik nog een beetje tussen haat en liefde met de plaat. Dit alles kan een teken zijn van groot groeipotentieel of juist wijzen op een muzikaal eilandje dat je op normale dagen nooit bezoekt. Toch doet de ervaring me zo nu en dan denken aan die van de betere freejazz platen en is de invloed op de huidge UK bandjes hype met Black Midi, Squid en consorten onmiskenmaar. Daarom hoop ik dat ik me in het vervolg beter kan identificeren met de zang voor verdere omarming.

Ruime 3.5*

avatar van Gyzzz
Nu lijkt het alsof ik vrijwel alleen maar 3.5* uitdeel, maar los van dat ik wel durf te beloven dat daar nog verandering in komt, zal ik op basis van de top-250 ook mijn eigen toplijst blijven bijhouden, om wat onderscheid aan te brengen. Die zal ik dan elke 10 noteringen updaten. Voor nu te starten met een top-4:

1. Wire - Pink Flag 4*
2. Gang Starr - Moment of Truth 3.5*
3. This Heat - Deceit
4. Otis Redding - Otis Blue / Otis Sings Soul

avatar van laxus11
Ik ken alleen het album van Otis (wat ik op een 4*heb staan) hip-hop is niet echt mijn ding. Wire ken ik een paar losse nummers van (wat wel oke is) en This Heat heb ik nooit van gehoord

avatar van -SprayIt-
Nice, ik lees hier graag mee! Van deze lijst 29 albums mij onbekend en ongestemd, heb hier op MuMe de hele top 250 doorgelopen. Benieuwd naar je bevindingen, het begin is al goed!

avatar van ArthurDZ
Naar Deceit ben ik ook al tijden benieuwd eigenlijk, bedankt om hem weer even top of mind te krijgen

avatar van Gyzzz
https://www.musicmeter.nl/images/cover/2000/2075.jpg

246. Nick Cave & The Bad Seeds – Let Love In

Nick Cave is zo’n artiest die ik altijd een beetje links heb laten liggen vanwege zijn intimiderend uitgebreide oeuvre, waarin iedereen een andere favoriet lijkt te hebben en er geen duidelijk aanwijsbare instapper is. In die zin zie ik wel parallellen met Tom Waits, die ook zo’n enorme berg kwalitatieve albums heeft afgeleverd, maar omdat Rain Dogs voor hem toch wel algemeen gezien wordt als de topper, ben ik daar begonnen. En waar ik dan meestal later ontdek wat voor mij de parels in een discografie zijn, grijp ik bij Waits altijd weer terug op Rain Dogs. Terug naar Cave: die blijft voor mij dus altijd op wat afstand staan. Push the Sky Away heb ik niettemin rond het uitkomen wel veel geluisterd, en kon ik altijd waarderen, hoewel ik er wat op uitgeluisterd ben. De RYM Top-250 is dan een goede aansporing om meer van deze man en zijn gezelschap te leren kennen.

Let Love In zit uitstekend in elkaar en klinkt als een klok. Het gitaarspel en de productie zijn strak, alle tracks hebben een hele doordachte opbouw, met effectief gebruik van refreinen. De trackvolgorde voelt logisch aan en kan ik snel aan wennen. Het doet me echter weinig: voor iemand die veel gebruik maakt van tekst en zo expliciet articuleert als Nick Cave, vind ik zijn teksten op zijn zachtst gezegd oninteressant. Hiermee zal ik de fans vast tegen de schenen schoppen, maar ik hoor een man die vooral met zichzelf bezig is. Die zichzelf als het centrum van zijn zelfgeschapen universum ziet. Nu is deze eigenschap muzikanten in het algemeen niet vreemd, maar met Nick Cave kan ik me op eigenlijk geen enkele manier identificeren – niet op albumniveau, maar ook niet in losse strofes of coupletten. Omdat de plaat verder zo rechtlijnig is en binnen de lijntjes kleurt, verwondert hij me evenmin. Een plaat volgens het boekje. Ontegenzeggelijk vakmanschap, maar dat is het bouwen van een 12-verdiepingen hoog kaartenhuis ook.

Dat maakt Let Love In evengoed geen slechte plaat. Ik hoor kwaliteit, maar ik hoor ook veel herhaling en mis steeds meer de eigenzinnigheid van bijvoorbeeld een Waits, om daar maar weer bij terug te komen. Ik snap weer waarom ik Nick Cave zelden opzet: ik kan welbeschouwd geen gelegenheden bedenken waar ik deze plaat zou opzetten. Niet tijdens het koken, niet als ik bezoek heb, niet als ik ergens op moet focussen, niet als ik mezelf terugtrek met een koptelefoon. Niet op zondagochtend, niet op vrijdagavond, en ook niet op een donderdagnamiddag.

Kleine 3*

avatar van Gyzzz
https://www.musicmeter.nl/images/cover/1000/1081.jpg

245. D’Angelo – Voodoo

Dit is bij uitstek het type album dat ik vroeger vreselijk gevonden had: een beetje onder de oppervlakte, hiphop-achtige beats die zo min mogelijk aandacht trekken, en een D’Angelo die een beetje zwoel in de rondte zwijmelt. Vroeger dus, want inmiddels lukt het me stukken beter om in de juiste ‘luisterruimte’ hiervoor de komen. Voodoo is binnen zijn genre van soul ondersteund door ‘understated’ doch funky beats een zeldzaam lekker soepje van sfeer.

Ik vind het wel stoer hoe hij voor muziek zonder hele duidelijke opbouw gerust 6 tot 7 minuten de tijd neemt om zijn nummers lekker te laten inwerken en doorontwikkelen. Het zijn niet het grote gebaar en de compositie die de uitgesponnenheid rechtvaardigen, maar juist het laten landen en inwerken van de groove staat centraal. Zowel binnen tracks als door het album een wordt alles in dienst van die groove gezet. Ik herken dat van de betere house/technoplaten en je hoeft maar een van de vele albums waar het niet lukt te horen om je te realiseren hoe lastig het is om de juiste grooves te vinden die zichzelf interessant houden zonder met specifieke elementen de aandacht te trekken. Alleen albums die zo’n groove neerzetten als deze kunnen in mijn beleving 79 minuten interessant blijven, zoals deze plaat van Maurizio en deze van DJ Sprinkles. Platen in de electronische hoek, waar ik Voodoo gevoelsmatig ook plaats.

Deze kan daarmee in het selecte rijtje platen die ik in eigenlijk elk gezelschap wel op zou durven zetten, en dat zonder dat het muzikaal behang is. Op een date, met de schoonfamilie op bezoek, als je vrienden te eten hebt, tijdens een potje schaak, of op een huisfeestje. Het kan eigenlijk allemaal. Normaalgesproken gaat dat alleen met hele identiteitsloze muzak, maar hier niet. Dat intrigeert me wel. Ik kan dan ook helemaal geen favoriete tracks aanwijzen, en vermoed dat ik ook na tientallen beluisteringen nog niet zal weten hoe tracks heten, wanneer ze beginnen en eindigen. En laat dat nu net precies het fijne aan deze plaat zijn. Hij is een beetje saai, maar op de beste manier denkbaar. Des te grappiger dat dit ook een gigantisch commercieel (#1 in de Billboard albumlijst) was dat tegelijkertijd in de pers lyrisch is beschreven met 5* van allmusic.com een 10 van Pitchfork. Volgens mij is dit een album waar je lekker lang mee kan doen en op een laag tempo steeds meer uit kan halen.

Jaren geleden was dit te gladjes en smooth voor me geweest, nu vind ik het een dikke 4* waard.

avatar van pygmydanny
Wat een fijn topic weeral, bedankt!

avatar van Gyzzz
https://www.musicmeter.nl/images/cover/12000/12432.jpg

244. Boris – Flood

Met Boris ben ik wel bekend – jaren geleden regelmatig geluisterd naar hun hypnotische en krachtige Feedbacker plaat. En hoewel ze bij mij afgelopen tijd een beetje in de vergetelheid zijn geraakt, staan ook tot de verbeelding sprekende platen als Absolutego, Amplifier Worship en Pink al jaren bij mij op de radar (zonder dat dit overigens tot concrete actie heeft geleid…). Ook Akuma No Uta trekt de aandacht met de geslaagde Bryter Layter-variant als hoes. Nu schetst mijn verbazing: het is niet een van deze 5 binnen-bepaalde-kringen-wereldberoemde platen die de RYM top-250 siert, maar het mij tot op heden volledig onbekende Flood. Omdat ik bewust niet te ver vooruit kijk, vraag ik me af of die andere platen ook in de toplijst staan een RYM een Boris bolwerk is, of dat we op Flood met een verborgen parel te maken hebben.

De initiële verbazing wordt er bij beluistering van Flood bepaald niet minder om. Integendeel: de plaat van deze groep die zijn sporen verdiende in de zware metalen opent met zwaar minimalistisch gitaargetokkel, vergezeld van een sporadische sonische aardschok. Enerzijds vind ik het geweldig dat er ruimte is voor dergelijk minimalisme in een internationale toplijst (ruim 11.600 stemmen ten tijde van dit stuk - ruim 350x zoveel als op MuMe!), anderzijds is dit ook voor mij als echte liefhebber van minimalisme niet minder dan uitdagend. Zelfs bij notoire microscopische geluidskunstenaars als Oren Ambarchi gebeurt veel in vergelijking met de opener alhier – met name in klankkleur. Zelfs een hyperminimale plaat als Brian Eno’s Neroli voelt dichtbij en warm vergeleken hiermee. Maar dan blijkt – het heeft hier wel een functie: zoals mooie films - Stalker of verschillende David Lynch films - je als kijker in slaap kunnen sussen zodat de uiteindelijke apotheose harder binnenslaat, zo sust Flood je met de opener ook een kwartier lang in een soort verveelde dommeltoestand.

Vervolgens komt ‘Flood II’ comfort brengen: met prachtige klankkleuren die me aan Pan American’s ambientklassieker Quiet City doen denken geeft het een zeldzame berusting. En zoals Pan American voortkomt uit een van de beste Postrock bands, Labradford, kent ook Flood duidelijk diezelfde aanpak waarin opbouw en ontwikkeling een hele centrale plaats innemen. Wat de plaat tevens gemeen heeft met Labradford (en juist niet met 90% van de overige Postrock formaties), is dat het geen gebruik maakt van clichés of theatrale dramatiek. Flood is een conceptalbum over het water, maar maakt daarbij nadrukkelijk geen gebruik van bubbelgeluidjes of expliciete nabootsing van golving of stroming.

De zangstukken op ‘Flood III’ laten je voor het eerst drijven, alsof je op je rug ligt de badderen op het elektrisch gitaargeluid en heen en weer gewiegd wordt door het Japanse gemompel. Je voelt je langzaam zwaarder worden en tegen de tijd dat je begint te zinken komen ook de zware gitaren binnenvallen. Het onbehagen komt hier niet van grootse climaxen, maar juist van het dooretteren van zwaar en donker geluid. Duidelijk post-rock, maar wel vanuit een eigen aanpak en richting de supertrage metal van b.v. Sunn O))) (die overigens in 2000 pas net begonnen en later nog met Boris zouden samenwerken). In een vrij korte tijd zijn we van bezinning en berusting naar donkerte gegaan.

De afsluitende track doet me opnieuw aan Oren Ambarchi denken en ik realiseer me: weer een referentie naar iemand die ten tijde van dit album pas net om de hoek kwam kijken. Het hangt ergens tussen 7 versnellingen teruggeschroefde metal en een gitaarvariant op Music For Airports in. Totale berusting, complete onthaasting en een lekker geaard gevoel zijn de dingen die resteren. In een lange meanderende route drijf je daarmee het album uit.

Je moet er echt even voor gaan zitten, maar Flood is een vooruitstrevende, zuivere en schone plaat waar een enorme waardering voor geluid uit spreekt – in al zijn afstoting en aantrekking, die beide ruimschoots aanwezig zijn. Ik heb tot nu toe na een paar beluisteringen elke keer het gevoel dat ik echt iets speciaals heb mogen horen. En belangrijker: iets waar ik op willekeurige momenten weer naar terugverlang. Een vreemde aantrekkingskracht die de beste platen classificeert.

Laat ik niet te terughoudend zijn en een voorzichtige 4.5* geven.

avatar van Gyzzz
https://www.musicmeter.nl/images/cover/2000/2409.jpg

243. Yes – Fragile

Vroeger, en ik weet eigenlijk niet of hij er nog steeds rondhangt, had je op het Leidseplein altijd een man die alles kon met een bal. De bal in de lucht houden met enkel zijn hakken, rondlopen met een bal stilliggend op zijn hoofd, of al hooghoudend een lantaarnpaal inklimmen. Het was echt wonderlijk wat hij allemaal deed, en regelmatig aanleiding om even twee minuten langer te blijven kijken. Elke keer zag ik hem weer een andere truc uit de hoge hoed toveren. En toch zou deze man niet de Arena uitverkopen om daar 90 minuten lang zijn kunsten te vertonen, en doet Ajax, waar de bal de helft van de tijd niet eens in het spel is, dat wel.

Nu gaat de parallel met Yes waarschijnlijk mank in het feit dat ze ongetwijfeld grotere zalen uitverkopen dan mijn eigen favorieten, maar ik vrees wel dat ik er om bovenstaande reden niet tussen zou staan. Dat betekent niet dat ik er niets aanvind: opener ‘Roundabout’ begint erg sterk. Het klinkt misschien belachelijk, maar de eerste minuut vind ik zelfs geweldig. Die verdient verdere uitwerking. Maar vanaf daar begint de tour de force van vaak erg vergezochte composities die overlopen van de geldingsdrang. Riedeltjes, tierelantijntjes en wat ik ervaar als veel ongeduld maken dat de plaat gevoelsmatig lang duurt, terwijl dit niet zo is. Nu snap ik dat dit composities zijn, waar per definitie over nagedacht moet zijn, maar de muziek voelt erg bedacht en weinig spontaan aan. En dat terwijl het bij vlagen best ‘funkt’ en er genoeg mooie klankkleuren te vinden zijn (‘Roundabout’ vanaf 5 minuten b.v.). Jammer dat dat niet verder uitgewerkt wordt en het nummer vanaf 6 minuten verder gaat met een potsierlijke slapsticksolo. Daardoor heb ik het gevoel naar een soort musical of cabaretvoorstelling te luisteren en niet naar een album. En ik houd helemaal niet van musicals.

Als artiesten heel erg goed kunnen spelen, hoop ik dat ze dat vermogen aanwenden om een nieuw niveau van eenvoud te bereiken, tot een diepere essentie te komen, of een nieuwe logica in hun muziek vorm te geven. Niet om zoveel mogelijk kunsten te vertonen of zoveel mogelijk ideeen achter elkaar uit te smeren. Maar dat gebeurt hier mijns insziens wel. ‘Fragile’ onderneemt veel maar gaat nergens heen, het vaardige spel ten spijt. Het voelt bedacht en theatraal aan en ook met de zang kan ik me maar moeilijk identificeren. Fragile is voor mij alles bij elkaar gegooid en daardoor heel weinig dat blijft hangen. De plaat duurt 42 minuten maar na afloop heb je het gevoel dat je minstens 2 uur aan muziek gehoord hebt. Dat is in zekere zin een kwaliteit, maar mij te vermoeiend.

2.5*

avatar van Mjuman
Tja Gyzzz, dit topic en ook dat andere waar soulio Reijersen actief is, zijn voor mij uitingen van het muzikaal masochisme waaraan een mensch zichzelf blootstelt.

Echter, menig recensie op NME of Melodymaker met een negatieve teneur was regelmatig zo adequaat en puntig vervat dat het genoegen deed om die te lezen. Dus wat dat betreft, ga zo verder. Dit album staat hier achter me op de plank en is er in 14 jaar oid niet af geweest. Wie weet ga ik het binnenkort nog eens herbeluisteren: no pain, no gain.

Kan me in de grootste lijnen in je kritiek vinden - symfo/prog en aanverwante muziek klinkt voor mij echt als ik loop naar de bushalte, ga met de bus naar het station, stap in de trein om naar een volgend station te gaan om daar weer de bus te nemen, paar haltes meerijden en dan uitstappen om naar mijn bestemming te lopen.

Punk/postpunk is: ik stap op de fiets, span me in en fiets die 14 km binnen de kortste keren.

avatar van Gyzzz
Haha - of het masochisme is zal nog moeten blijken.. voorlopig beleef ik veel plezier aan deze (het)ontdekkingstocht.

Dat gezegd hebbende, mocht de lol me vergaan, dan bied ik geen garanties dat ik de #1 ooit zal bereiken

avatar van Gyzzz
https://www.musicmeter.nl/images/cover/4000/4997.jpg?cb=1647343436

242. John Coltrane - Ascension

Veel jazz voelt aan als een zwembad waar ik met mijn A-diploma voor luisteraars de schoolslag kan doen en me de hele tijd afvraag of ik wel in de juiste baan zwem. Het bad is overzichtelijk, de regels ook, maar ik voel toch een licht ongemak. Alsof er iets van mij verwacht wordt waarvan ik zelf niet weet wat het is. Binnen dat zwembad is Free jazz de wildwaterglijbaan waar ik de bochten in de verste verte niet zie aankomen, maar wel word meegevoerd. Alsof ik word ingekapseld door het orkest word ik meegenomen in de stroming, beleef ik plezier en ervaar tegelijkertijd een hele zuiverende ervaring. Ik hoef er niet bij na te denken - sterker: ik krijg de kans niet eens – al zou ik het willen. Als bij zo’n waterglijbaan waarvan de gradient gaandeweg nog twee keer steiler wordt, word ik meer en meer meegesleurd op avontuur en kan nog geen halve minuut vooruit kijken. De vraag is dan of ik mezelf daaraan kan overgeven zonder me te verzetten (dat lukt zeker niet altijd) en of ik me tot de muziek kan verhouden zonder te proberen het te ‘volgen’, vast te pakken of af te remmen (wat onvermijdelijk direct tot enorme nervositeit leidt).

Het antwoord op die vraag: in de meeste omstandigheden wel. Want hoewel je het grootste deel van de tijd niet weet welke kant je op gaat, voel je toch dat je ergens heen wordt gevoerd. Juist door de chaos spreekt uit deze plaat een enorme beheersing. Ondertussen is het nadrukkelijk geen ‘show-off’. Je wordt als toeschouwer bij de hand genomen en kunt meesurfen op wat er allemaal gebeurt. Omdat dat zoveel is, werkt dit album voor mij het beste met koptelefoon op in een donkere kamer in halve droomtoestand. ‘Les extremes se touchent’ blijkbaar wat betreft die toestand, want die stilte en vrijheid van welke andere impulsen dan ook werkt alleen goed voor zeer drukke of abstracte muziek (deze plaat dus, maar ik denk ook aan bijvoorbeeld Confield) of juist voor hele geaarde en minimale muziek (zoals b.v. Radiant Intervals of Nuuk). De mooiste stukken zijn voor mij wanneer de solo’s als getijden tevoorschijn komen uit de groepskakafonie en er vervolgens weer in verdwijnen. Die brengen je echt even helemaal van de wereld om er na afloop gezuiverd weer in terug te komen.

Hoe meer ik naar deze plaat luister, hoe meer ik me realiseer dat ik zozeer niet in harmonie moet zijn met jazzstructuren, met een experimentele aanpak of met drukte. Maar dat ik vooral in harmonie moet zijn met mezelf, met de huidige tijd en met de huidige omgeving. Als dat eenmaal het geval is, en ik mezelf heb toegestaan om er goed voor te gaan zitten, lukt het eigenlijk niet meer om de plaat tussentijds af te zetten. Met name in Part II maakt de mentale beleving dan plaats voor een haast lichamelijke ervaring. De spelers aldaar proberen niet iets uit te drukken of een bepaald gevoel over te brengen met hun muziek, maar de muziek drukt zichzelf uit en spreekt direct tot de luisteraar.

Zojuist gepromoveerd van 4* naar 4.5*

avatar van Gyzzz
https://www.musicmeter.nl/images/cover/5000/5864.jpg?cb=1635251000

241. Eric Dolphy – Out to Lunch

Out to Lunch is een plaat waarvan ik de cover talloze keren voorbij zag komen in jazz-overzichten, maar waar ik tot een week geleden nooit een noot van gehoord had. In het algemeen was ik met Eric Dolphy niet bewust bekend (wellicht speelt hij mee op andere platen die ik ken, ik verdiep me daar nooit zo in). Dat hij op dit album onder meer (bas)klarinet en fluit speelt is daarbij een welkome afwisseling in mijn ontdekkingstocht door de jazz. Ook de vibrafoon ligt me goed op deze plaat – het voorziet deze verder voor mij hele ‘fatsoenlijke’ jazz van een soort frisse smaak. Die frisheid ervaar ik met name in (de tweede helft van) opener ‘Hat and Beard’ en op de afsluiter. Eenzelfde soort mintgroene luchtigheid komt van het fluitwerk op ‘Gazzelloni’. Zowel de xylofoon als de fluit interacteert voortdurend heel speels met de rest van het orkest, wat de plaat op de beste momenten lichtvoetig en vrij doet aanvoelen.

Met de overige drie nummers kan wat minder: ze klinken een beetje voornaam, een beetje verantwoord, alsof de leden van het orkest vanuit hun ooghoeken verwachtingsvol kijken naar de goedkeuring van hun muziekdocenten. Ik zal ze hier vast enorm mee tekort doen, maar op de mindere momenten voelt dit voor mij een beetje als restaurant- of salon-jazz. Het klinkt netjes en degelijk, en ja – er zijn vrije uitspattingen, maar ook die klinken heel bedachtzaam. Alsof ik in jazzdocumentaire in zwart-wit ben beland, waar een oude kenner me straks gaat uitleggen hoe ontzettend sterk en revolutionair dit wel niet is. Met name de contrabas komt in deze plaat heel verantwoord en daardoor af en toe haast karikaturaal op me over – zeker in het titelnummer en ‘Straight Up And Down’.

Out to Lunch is een interessante ontdekking waarbij de fluit en xylofoon de plaat mooi losbreken uit zijn ‘verantwoorde’ sound. Niettemin beroert de plaat me niet doorlopend en ervaar ik ook een bepaalde afstand.

Ik start met een voorzichtige 3.5*

avatar van Gyzzz
Daarmee heb ik de eerste 10 platen verkend - dus hierbij een toplijstje tot nu toe:

1. Boris - Flood 4.5*
2. John Coltrane - Ascension
3. Wire - Pink Flag 4*
4. D'Angelo - Voodoo
5. Gang Starr - Moment of Truth 3.5*
6. This Heat - Deceit
7. Otis Redding - Otis Blue / Otis Sings Soul
8. Eric Dolphy - Out to Lunch
9. Nick Cave & The Bad Seeds - Let Love In 3*
10. Yes - Fragile 2.5*

avatar van Gyzzz
https://www.musicmeter.nl/images/cover/1000/1855.jpg?cb=1595998122

240. Genesis – Foxtrot

Aan Genesis had ik me buiten een los nummer hier en daar op de achtergrond nooit eerder gewaagd omdat het in mijn nergens-op-gebaseerde beeld gedateerde muziek zou zijn. Een aantal beluisteringen van Foxtrot later kan ik daar onmogelijk nog achter staan – de muziek is voor mijn gevoel juist verrassend tijdloos. Dat zit hem vooral in het originele en behoorlijk op zichzelf staande gebruik van instrumenten waaronder het speelse orgel dat een heel ruimtelijk geluid opspant en tegelijk de vaart erin houdt. Ook de piano creeert hier een heel weids geluid, waar de sterke en weidse productie zeker ook aan bijdraagt.

De dynamiek en het mooie geluid trekken me hier herhaaldelijk naartoe. Er wordt mooi gespeeld met contrasten en aan de klankkleur lijkt veel aandacht besteed. De muziek zit heel vol met instrumenten en geluid maar klinkt niet dichtgesmeerd – alles heeft zijn heldere plaats in de tijd en in de mix. Dat komt niet in de laatste plaats door de instrumenten, waaronder de fluit. De zang van Peter Gabriel staat me echter tegen: buiten zijn zeikerige, lelijke stem, brengt hij bijna alles met zoveel pathos en dramatiek dat ik niet word meegenomen maar juist vervreemd raak van zijn voordracht. Als een opa die zijn kinderen op schoot een o-zo-spannend verhaal vertelt klinkt hij hier op 22-jarige leeftijd (???) als een 70-jarige die is begonnen te praten en van geen ophouden meer weet. Eigenlijk vind ik de beste stukken van dit album vrijwel zonder uitzondering de passages waar hij zijn mond houdt. De grootse dramatiek die hij aan de dag legt trek ik alleen met een flinke dosis zelfspot of in ieder geval een zekere knipoog, zoals bijvoorbeeld een David Bowie of Tom Waits dat zo goed doet.

Ik zal er ongetwijfeld geen barst van begrepen hebben als ik miniatuurtje ‘Horizons’ de mooiste track van het stel vind. Giga-epos ‘Supper’s Ready’ daarentegen geeft me het gevoel dat vooraf is uitgedacht om een ‘episch monument’ van 20+ minuten te maken terwijl het nummer daar helemaal niet sterker van wordt. Ook het potsierlijke spel en sound van de gitaar rond 8 minuten vind ik ronduit absurde edelkitsch. Binnen deze suite kan ik genieten van losse passages, zoals tussen 2:00 en 4:00, die me aanvoelen als een vroege voorloper van neo-folk als Current 93. Maar die ook aan elkaar gelijmd worden door Gabriel die met zijn grote gebaren op zo’n voetstuk worden verheven. Het maakt dat ik bij momenten enorm opleef en de sound erg kan waarderen, maar met het grotere geheel niet zoveel kan.

Ruime 3*

avatar

Gast
geplaatst: vandaag om 12:40 uur

avatar

geplaatst: vandaag om 12:40 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.