Via deze pagina blijf je op de hoogte van recente stemmen, meningen en recensies van Rainmachine.
Standaard zie je de activiteiten in de huidige en vorige maand. Je kunt ook voor een van de volgende perioden kiezen:
januari 2025, februari 2025, maart 2025, april 2025, mei 2025, juni 2025, juli 2025, augustus 2025, september 2025, oktober 2025, november 2025, december 2025, januari 2026, februari 2026, maart 2026
Gary Numan - Telekon (1980)
Telekon voelt als het sluitstuk van Gary Numan’s eerste periode en is tegelijk een verdieping van de futuristische, mechanische sound die hij in Replicas en The Pleasure Principle ontwikkelde. Het album toont hoe hij zijn elektronische palet verder uitbreidt, met instrumenten als de Minimoog, Polymoog, A.R.P. Pro-Soloist en Prophet 5, gecombineerd met piano en subtiele viool, waardoor elke track een rijk, textuurrijk landschap vormt dat zowel hypnotiserend als vervreemdend werkt.
De synths en mechanische percussie creëren een bijna sciencefictionachtige soundscape, terwijl de arrangementen subtiel variëren om spanning en diepte te behouden. Het gebruik van piano, gitaren en zelfs viool en viola geeft de elektronische structuren extra kleur en nuance. Hierdoor voelt het album ondanks de koele, mechanische kern nooit klinisch aan: elke track heeft een ziel en een verhaal, iets dat Numan onderscheidt van veel andere elektronische artiesten uit die tijd. Voor wie de mechanische schoonheid en het dromerige van zijn vroege jaren waardeert, blijft dit een essentieel werk.
»
details
» naar bericht » reageer
Gary Numan - The Pleasure Principle (1979)
The Pleasure Principle markeert een radicale stap in Gary Numan’s solocarrière en vormt een mijlpaal in de vroege synthpop. Waar Replicas nog een zekere bandstructuur en punkachtige energie bevatte, is hier bijna alle gitaar achterwege gelaten en vervangen door een strak, mechanisch elektronisch geluid. Zijn vocale presentatie is koeltjes en afstandelijk, maar toch persoonlijk: hij zingt over technologie, isolatie en emotionele vervreemding op een manier die meteen intrigeert.
Uiteraard springt Cars eruit als dé track die Numan internationaal op de kaart zette. Het nummer is tijdloos, een perfecte balans tussen catchy pop en futuristische electronica. De mechanische ritmes en hypnotiserende synthlijnen geven het een energieke, bijna industriële drive, terwijl de vocalen een gevoel van isolatie en observatie oproepen dat iedereen kan voelen. The Pleasure Principle is een album dat zich moeiteloos staande houdt en vele decennia later nog steeds krachtig klinkt.
»
details
» naar bericht » reageer
The Church - Man Woman Life Death Infinity (2017)
stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 2,5 sterren
»
details
Kowalski - Schlagende Wetter (1982)
Het debuutalbum van Kowalski, Schlagende Wetter, is een album dat voor die tijd ongehoord was: industrieel, agressief en experimenteel, met een eigen, onmiskenbare signatuur. De plaat opent met “Der Korper Bin Ich”, meteen een confrontatie met het oor. De ritmes zijn scherp, de elektronica en geluidsexperimenten stuwen alles vooruit. “Stahlmaschinen” en “Komm Hier” bewijzen hoe gedurfd de band was: conventionele instrumenten werden verruild voor snijfakkels, slijpapparaten en andere ongebruikelijke geluidsgeneratoren. De ritmesectie en Braune’s drums vormen een stuwend fundament dat de chaos van geluiden in een strakke greep houdt. Het is bombastisch, teutoons en ongepolijst op een manier die alleen een Duitse band kan overbrengen.
“Eine Peinsame Zeit” en “Indianer” combineren agressie met structuur, terwijl “Ultradeterminanten” en “Massenhass” tonen hoe ritmische discipline en vrije experimenten elkaar versterken. Fellensiek’s zang, soms schreeuwend tegen het volume van de instrumenten op, vormt een menselijke schakel in een vrijwel mechanisch universum. Zijn teksten, doorspekt met filosofische quotes en spontane uitroepen, laten zien dat de band juist de absurditeit van extremistische ideologieën belichtte – een intentie die door sommigen onterecht werd verkeerd begrepen als neonazistische sympathie. In werkelijkheid stond Kowalski volledig tegenover dergelijke denkbeelden en legde hun muziek juist een kritische, ironische nadruk op de belachelijkheid van die ideeën. Ik blijf dit een bijzonder album vinden wat ook heden ten dage nog actueel is gezien de huidige wereldontwikkelingen.
»
details
» naar bericht » reageer
Grant McLennan - In Your Bright Ray (1997)
In Your Bright Ray voelt als de serene afronding van Grant McLennan’s solocarrière, zijn zwanezang in alle opzichten. De nummers op het album variëren van introspectieve momenten tot kleine, sprankelende observaties. “Cave In” en “One Plus One” laten zien hoe McLennan met minimale middelen een diepgaande sfeer kan oproepen. Tegelijkertijd bevat de plaat diepere reflecties, zoals in “Who Said Love Was Dead” en “Down Here”, waar McLennan op subtiele wijze de vergankelijkheid van relaties en het verstrijken van de tijd bezingt, met een mildheid die nooit sentimenteel wordt.
Het hart van het album wordt gevormd door nummers als “All Them Pretty Angels” en “Comet Scar”, waar de combinatie van zijn kenmerkende zang, melodieuze gitaarlijnen en fijne ondersteunende toetsen een bijna tastbare intimiteit creëert. McLennan beweegt zich hier moeiteloos tussen kleine, persoonlijke verhalen en universele thema’s; hij laat ruimte voor interpretatie, waardoor elk nummer meerdere lagen krijgt. In Your Bright Ray is geen spectaculaire plaat in termen van bombast of experiment, maar juist die ingetogen beheersing maakt het tot een intiem meesterwerk.
»
details
» naar bericht » reageer
The Church - Beside Yourself (2004)
Het album Beside Yourself uit 2004 is een onverwachte bonus voor liefhebbers van The Church. Volgens de sticker op de hoes is het een verzameling b-kanten, rariteiten en ongebruikte tracks uit de Forget Yourself-sessies. Wat direct opvalt, is dat de nummers een eigen leven hebben en een cohesie uitstralen die het originele album Forget Yourself mist. Openers als Jazz en Hitspacebar tonen meteen dat de band hier durft te spelen met ritme en textuur. Waar Forget Yourself soms te modderig en geremd klinkt, ademen deze tracks meer vrijheid. De gitaren van Willson-Piper en Koppes liggen prominent in de mix, soms zacht en suggestief, soms scherp en direct, terwijl Kilbeys zang de rode draad vormt.
Midden op het album vallen Crash / Ride, Moodertronic en Tel Aviv op door hun subtiele variatie in tempo en dynamiek. De nummers zijn vaak korter en directer dan de epische tracks van andere albums, maar verliezen daardoor geen gelaagdheid. Integendeel: elk nummer voelt zorgvuldig geconstrueerd, met aandacht voor detail in gitaarlijnen, basloopjes en percussie. Het slotstuk is indrukwekkend: Cantilever en het monumentale Serpent Easy laten zien hoe ver de band durft te gaan in textuur en sfeer. Serpent Easy strekt zich uit over bijna vijftien minuten, een kronkelende, hypnotiserende reis die de luisteraar volledig onderdompelt in een weids klanklandschap.
Voor mij bewijst Beside Yourself dat de kracht van The Church niet alleen ligt in hun officiële albums, maar ook in de verzamelingen van vergeten tracks: rauwer, experimenteel en soms persoonlijker, maar altijd met een onmiskenbare muzikale consistentie. De nummers voelen eerlijker en vaak sterker dan de tracks die op het originele album zijn beland. Dit is een album dat uitnodigt om de band in een ander licht te zien, waarbij de creatieve chemie tussen Kilbey, Willson-Piper en Koppes ongefilterd tot uiting komt. Voor liefhebbers van het dromerige, melancholieke en subtiel psychedelische geluid van The Church is dit een must-have.
»
details
» naar bericht » reageer
The Church - Uninvited, Like the Clouds (2006)
Na een reeks albums waarin de productie van drummer Tim Powles het bandgeluid negatief beïnvloedde, voelt Uninvited, Like the Clouds als een verademing. Het geluid is open, gelaagd en uitgebalanceerd: de gitaren van Willson-Piper en Koppes liggen prachtig in de mix, terwijl Kilbeys zang warm en verhalend aanwezig blijft. Vanaf de opener Block merk je meteen dat dit een album is waarin de band zichzelf volledig kan zijn. Ritmisch spannend en gelaagd, zet het de toon voor een plaat die zowel toegankelijk als rijk aan details is.
Unified Field en Space Needle bieden herkenbare Church-melancholie, terwijl Overview en Easy laten zien hoe subtiel de band kan schakelen tussen introspectieve passages en uitwaaierende gitaarsferen. She’ll Come Back for You Tomorrow is een klassiek voorbeeld van Kilbey op zijn meest narratieve, gedragen door een hypnotiserend arrangement van gitaar en bas. Het is een duidelijk contrast met eerdere platen waar de productie soms het natuurlijke samenspel overstemde.
Omdat Powles deze keer niet aan de knoppen zat, ademt de instrumentatie vrijer: elk element krijgt de ruimte om zijn eigen verhaal te vertellen. Dit geeft de plaat een openheid en transparantie die de chemie tussen de leden benadrukt en het gevoel versterkt dat je naar een band luistert die volledig in controle is over zijn geluid. Ondanks de wat kinderlijke albumhoes, toont de muziek dat The Church, zelfs na tientallen jaren, nog steeds fris, inventief en meeslepend kan klinken. Prima plaat!
»
details
» naar bericht » reageer
Jack Frost - Snow Job (1995)
Met Snow Job verscheen in 1995 het tweede en laatste gezamenlijke werk van Jack Frost. Waar het titelloze debuut nog iets los en ongrijpbaars had, klinkt dit album gerichter en hechter in opzet. De songs lijken bewuster opgebouwd, met meer aandacht voor structuur en onderlinge samenhang. Vanaf “Jack Frost Blues” wordt die koers duidelijk. Grant McLennan en Steve Kilbey vertrouwen op hun beproefde kwaliteiten als songschrijvers.
De kortere nummers, zoals “Running from the Body” en “Shakedown”, brengen een directheid die het album tempo geeft. Er zit iets aardser in de klank, minder nevel en minder uitgesponnen passages dan op het debuut. In het tweede deel van het album komt er meer ruimte voor atmosfeer. “Angela Carter” en vooral “Haze” laten horen dat er nog steeds gelaagdheid en diepte in de samenwerking zit. Dit is het werk van twee vakmensen die hun krachten bundelen in een volwassen afsluiting van een samenwerking die op beide albums een eigen plaats in hun oeuvre heeft verdiend.
Het onverwachte verlies van McLennan in 2006 maakt dit album extra beladen en betekenisvol en is daarmee ook de zwanezang van dit bijzondere duo.
»
details
» naar bericht » reageer
Steve Kilbey & The Winged Heels - The Road to Tibooburra (2025)
stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 3,0 sterren
»
details
Jack Frost - Jack Frost (1991)
Het titelloze debuut Jack Frost uit 1991 is zo’n plaat die je pas echt op waarde schat wanneer je hem los ziet van de moedergroepen. Grant McLennan en Steve Kilbey waren al gevestigde namen via respectievelijk The Go-Betweens en The Church, maar wat ze hier neerzetten is geen bijproduct of tussendoortje. Het voelt als een bewuste stap opzij om samen iets nieuws te bouwen. De chemie is hoorbaar vanaf de eerste minuut, wanneer de eerste tonen van “Every Hour God Sends” binnenvallen.
Wat deze plaat vooral zo sterk maakt, is de vanzelfsprekendheid waarmee alles samenkomt. Kilbey en McLennan probeerden niet hun bands te kopiëren, maar zochten een manier waarop hun gevoeligheden samenvloeien. “Thought That I Was Over You”, “Threshold” en het prachtige “Everything Takes Forever” laten horen hoe goed hun muzikale instincten op elkaar aansloten. Na al die jaren nog steeds een bijzonder album.
»
details
» naar bericht » reageer
Isidore - Isidore (2004)
Vanavond weer eens in de speler, wat blijft dit toch een prachtig album. Waar de latere Church vaak neigt naar uitgesponnen, organische jams, kiest Isidore voor structuur zonder de mystiek te verliezen. Wat mij betreft is dit een van de sterkste projecten waar Steve Kilbey zijn naam aan verbond. Het heeft focus, sfeer en melodische rijkdom zonder zichzelf te verliezen in vrijblijvendheid. In vergelijking met het matige Church album Forget Yourself van een jaar eerder klinkt dit veel hechter, opener en geïnspireerder.
Dit klinkt meer als de oude Church en daardoor voelt het Isidore project als een bewuste stap zijwaarts die uiteindelijk een stap vooruit bleek te zijn. Voor liefhebbers van Steve Kilbey en zijn muzikale universum is dit geen voetnoot, maar een essentiële halte. Een prachtig album dat na verloop van tijd alleen maar meer diepte prijsgeeft. Ik gooi 'm een halve punt omhoog.
»
details
» naar bericht » reageer
The Church - Forget Yourself (2003)
stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 3,5 sterren
»
details
The Church - After Everything Now This (2002)
Na de wat wisselvallige jaren rond Hologram of Baal en het onnodige coveralbum A Box of Birds bracht het After Everything Now This album The Church weer terug op vertrouwd terrein. Vanaf de opener Numbers is duidelijk dat de band zich comfortabel voelt in een ingetogen, reflectieve modus. Het album heeft een rustige energie, maar blijft spannend door subtiele dynamiek en een fijn gevoel voor melodie.
Kilbeys stem en de vertrouwde chemie tussen Willson-Piper en Koppes vormen het fundament, maar wat bij mij een terugkerende ergernis is, is dat Tim Powles hier zowel als drummer als producer fungeert. Door die dubbele rol ontbreekt soms een objectieve blik op het geheel: sommige lagen worden dicht gesmeerd en de dynamiek van de band als totaalplaat kan daaronder lijden.
Een onafhankelijke producer had hier voor een beter uitgebalanceerd en transparant geluid kunnen zorgen. Ondanks dat blijft het een sterk album, juist door de ingetogenheid, de aandacht voor sfeer en detail, en de serene, dromerige kant van The Church die prachtig tot uiting komt. Uiteindelijk is After Everything Now This een subtiel, maar overtuigend Church-album dat de band laat horen als een groep die volwassen, zelfverzekerd en muzikaal coherent is.
»
details
» naar bericht » reageer
The Church - Hologram of Baal (1998)
Na het fantastische Magician Among the Spirits voelde Hologram of Baald destijds bij eerste beluistering als een stap terug. Minder mystiek misschien, minder uitgesproken episch. Waar Magician een bijna hallucinerende diepte had, lijkt Hologram of Baal compacter en directer. Ik weet nog dat ik het destijds als een lichte teleurstelling ervoer — alsof de band na een artistieke triomf even gas terugnam.
Wat mij later vooral begon te raken, is hoe consistent de sfeer is: meer zweverig dan zijn voorganger, meer psychedelisch, maar zeer herkenbaar The Church. The Great Machine is jammerig en spacy en No Certainty Attached toont een band die ritmisch strakker speelt, met een duidelijke rolverdeling tussen Marty Willson-Piper en Peter Koppes. Hun gitaarlijnen grijpen in elkaar zonder elkaar te overlappen.
Het lijkt wel alsof de band op dit album naar binnen is gekeerd en wars van commerciële druk een experimenteler album heeft gemaakt. Terugkijkend zie ik dit album dan ook niet langer als een tegenvaller, maar als een noodzakelijke hergroepering.
»
details
» naar bericht » reageer
Shine - Boys (1993)
Vanmiddag weer even in de speler. Boys is het solo/vervolg project van Richard Janssen na de opheffing van de Fatal Flowers en laat horen dat hij zijn sterke gevoel voor melodie en rockarrangementen trouw blijft. Het album opent krachtig met het titelnummer Boys, een duidelijke mix van gedreven rock en een lichte melancholie die door het hele album heen aanwezig is. Wat opvalt is de consistentie in kwaliteit. Boys voelt als een logisch vervolg op de Fatal Flowers, maar dan met een persoonlijk stempel van Janssen.
Het hele album is uitermate solide, goed gespeeld en professioneel geproduceerd, het is een album dat je rustig kunt doorluisteren en steeds weer nieuwe details ontdekt. Voor fans van de Nederlandse rockscene uit die periode, biedt Boys een vervolg dat zijn plek in de catalogus van Richard Janssen volledig verdient. Wat een talent had deze gozer ook, komt in Nederland eigenlijk niets bij in de buurt in dit genre.
»
details
» naar bericht » reageer
Sjako! - Lucky Spots (2008)
Ik heb hetzelfde als freakey. Ik vind dit ook een mindere periode van Sjako! ik ben toch wel een liefhebber van deze bijzondere band en dan ook de ruigere nummers. Dit is allemaal veel te relaxed en dat haalt het bijzondere van Sjako! weg want nu zijn ze gewoon inruilbaar in plaats van uniek.
Ik heb ook wat een dingetje met de drummer die de boel rommelig maakt en vertraagt, dat was ook zo op Page, ik hoor toch liever Jaap Vrenegoor. René van Barneveld is natuurlijk top maar komt hier ook niet echt uit verf. Dit is meer gewone (delta) blues (rock) met af en toe een zuchtje van de oude Sjako! maar de vaart mist. Dit klinkt ook meer als een soort jam sessie in de studio, leuk maar niet voldoende voor een hoge score.
»
details
» naar bericht » reageer
Sjako! - Page (2000)
stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 3,0 sterren
»
details
Sjako! - Livewire (1993)
Vandaag weer in de speler. We're Movin' en Gunpowder Warehouse. Dan ben je meteen uitgeluld. Jij speelt ook in een band? Oh leuk, je bent een drummer, top! Ah, je bent gitarist, leuk! Luister hier even naar, einde oefening...
»
details
» naar bericht » reageer
Sjako! - Note (1997)
Vandaag een Sjako! dag, geen idee waarom ik destijds een score van 3 punten heb gegeven want dat is te mager. Met Note kiest Sjako! opnieuw voor een toegankelijkere, popgeoriënteerde koers. Net als bij Once Upon a Revolution lijkt de band hier te proberen een groter publiek te bereiken, wat het album een wisselend karakter geeft. Sommige nummers voelen sterk en eigenzinnig, terwijl andere momenten wat vlak en geforceerd overkomen.
Toch blijft de kern van Sjako! onovertroffen: de muzikanten beschikken over een klasse die vrijwel elk nummer draagt en hen onderscheidt van veel tijdgenoten. De wisseling van drummer — Ramon Hamel vervangt Jaap Vrenegoor — geeft sommige tracks een iets andere ritmische signatuur, wat mogelijk bijdraagt aan het andere gevoel van dit album.
De hoogtepunten bewijzen dat Sjako! muzikaal en technisch altijd op topniveau presteert, terwijl de zwakkere momenten laten zien dat het zoeken naar een breder publiek soms ten koste gaat van hun typische energie en eigenzinnigheid. Voor mij blijft dit album vergelijkbaar met Once Upon a Revolution: een wisselvallige plaat met enkele uitstekende tracks, ondersteund door een band die nooit aan kwaliteit inboet.
»
details
» naar bericht » reageer
Sjako! - 2 Meter Sessie (1996)
Zit hier nu even naar te luisteren. Wat een waanzinnig album blijft dit toch, dit is puur muzikaal vakmanschap. Drummer René van Collem verdient ook een grote pluim want die houdt het tempo strak en met vaart net als Jaap Vrenegoor. Zeer fraai allemaal. Prijspakker hier is Why Me met die reggae vibe, helemaal te gek. Dit moet ook een feestje in de 2 Meter studio zijn geweest!
»
details
» naar bericht » reageer
Noctorum - The Afterlife (2019)
stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 3,5 sterren
»
details
Bartel Bartels - Bartales (1996)
Ik heb dit album destijds gekocht vanwege de inbreng van Wouter Planteydt, kan niet misgaan. Dat klopt hier ook wel, prima plaat, nummers met een kop en een staart. Dat het gelukt is om bij het grote label Columbia gespot te worden zegt ook wel wat, best een prestatie. Ik hoor wat invloeden van Sjako! (kan niet missen), maar ook Tom Waits en Fatal Flowers (jawel). Er spelen behoorlijk wat bekende muzikanten mee, ik noem ook JB Meyers, Jac Bico, Phil Tilly en Saskia Laroo. Met zo'n sterrenkast zou dit minimaal een 4 sterren album moeten zijn maar dat gaat niet lukken.
Er staan een aantal zeer goede nummers ook maar ook wat missers waardoor het wat rommeling wordt op een gegeven moment. Vetder verdient dit album wel weer even een momentje in de aandacht na zoveel jaar onder de radar te zijn geweest. Geen hoogvlieger, maar wel een prima middenmoter en ook leuk om weer even gedraaid te hebben.
»
details
» naar bericht » reageer
Steve Kilbey & Martin Kennedy - Songs from the Real World, Vol. 3 (Commissioned Songs) (2015)
Mooi sfeervol album! Voor mij is Songs from the Real World, Vol. 3 een van de meest sfeervolle albums van het duo Kilbey / Kennedy. Wat wederom opvalt is hoe goed hun samenwerking ook hier weer blijft werken: Kilbeys warme zang en baslijnen vormen het hart van de nummers, terwijl Kennedy met zijn toetsen en synths een rijke, atmosferische ruimte creëert. Het geeft het album die herkenbare spanning tussen melodie en textuur, die mij regelmatig aan Pink Floyd doet denken.
“Captain Mission” opent sterk en laat meteen zien hoe het duo lange passages weet te vullen zonder dat het langdradig wordt. “Immigrants Travel” en “Is This Heaven” laten de hypnotiserende kant horen: subtiele dynamiek, gelaagde instrumentatie en Kilbeys emotionele stem die alles draagt. Ik merk dat de langere nummers me steeds blijven vasthouden, terwijl de kortere stukken zoals “Caroline” de balans brengen en het geheel ritmisch verfrissen.
Songs from the Real World, Vol. 3 is een overtuigend voorbeeld van hoe het duo Kilbey / Kennedy hun invloeden, zoals psychedelische rock, verwerkt in hun eigen stijl. Ik blijf het ook verbijsterend vinden hoe goed de samenwerking van dit duo blijft klinken en het grappige is dat het eigenlijk bijna nog consistenter is als de bijdrage van Kilbey in The Church. Iets wat onmogelijk is, maar toch, absolute klasse...
»
details
» naar bericht » reageer
KK - Jupiter 13 (2021)
Jupiter 13 vind ik een van de sterkste albums van Kilbey en Kennedy. Hier werkt alles samen: Kilbeys karakteristieke zanglijn en bas geven de nummers een kern van menselijkheid en emotie, terwijl Kennedy met zijn subtiele synths, texturen en toetsen de ruimte schept waar die melodieën volledig tot hun recht komen. “ADSR” opent strak en melodieus, met Kilbeys stem duidelijk op de voorgrond en een baslijn die de spanning subtiel ondersteunt.
Het titelnummer “Jupiter 13” vormt het centerpunt: negen minuten waarin de lagen langzaam groeien, de atmospherics van Kennedy het nummer dragen en Kilbey zich vrij beweegt in zowel zang als baslijnen. Het voelt als een zorgvuldig opgebouwde reis zonder dat iets ooit overbodig is. Ook nummers als “No Attachment” voegen extra kleur toe, met akoestische gitaarsolo en subtiele pianopartijen die de sfeer verder verdiepen. De stem en bas van Kilbey krijgen alle ruimte, Kennedy’s atmospherics omhullen ze en maken het album compleet. Dit is een van hun meest overtuigende platen.
»
details
» naar bericht » reageer
Steve Kilbey & Martin Kennedy - White Magic (2011)
De heren Kilbey en Kennedy blijven verbazen. Voor mij is White Magic wederom een prachtig, eigenzinnig album dat meteen een eigen wereld opent. Het beweegt tussen futuristische spacerock en intieme, bijna meditatieve passages. “The Demo” en “Close” leggen de basis van een licht zwevende atmosfeer, terwijl “Intense” en “Inner Country” laten zien hoe Kilbey en Kennedy elkaar perfect aanvullen: de ene trekt de lijnen, de ander schildert de achtergrond. “Hope” en “Dreamstate” ademen een bijna troostende melodie, terwijl “Mountain” en “Sumer” een subtiele psychedelische spanning toevoegen die het geheel extra diepte geeft.
Het hele album voelt als een samenhangende reis, waarin elk nummer een eigen landschap oproept. Kennedy bouwt ruimtes waarin Kilbey vrij kan bewegen met zijn stem en melodieën, en die wisselwerking maakt elk moment gelaagd en overtuigend. “Messiah Around” en het verstilde “The Broken Sea” vormen een fraaie afsluiting, alsof het licht langzaam wegtrekt, maar de klank nog nagloeit. Voor mij toont White Magic dat het duo hun debuut heeft overstegen: het is verfijnd, evenwichtig en meeslepend op een manier die zowel vertrouwd als fris aanvoelt. Mooi album!
»
details
» naar bericht » reageer
Steve Kilbey & Martin Kennedy - Unseen Music Unheard Words (2009)
Voor mij is dit debuut van Kilbey / Kennedy een album dat direct overtuigt: een sfeervolle, vooruitkijkende vorm van spacerock waarin melodie en atmosfeer hand in hand gaan. De muziek ademt ruimte en bezinning, maar behoudt altijd haar emotionele kern. Vooral “Maybe Soon” raakt me door zijn ogenschijnlijke eenvoud en oprechte zeggingskracht, terwijl “Thought Of Leaving” een onderhuidse melancholie draagt die langzaam binnensijpelt. “All Is One” voelt bijna tijdloos, met een verstilde intensiteit die lang blijft nagalmen. Wat dit album zo sterk maakt, is hoe vanzelfsprekend alles in elkaar grijpt — twee muzikanten die elkaar volledig aanvoelen en samen iets scheppen dat blijft groeien bij elke luisterbeurt. Juist die vanzelfsprekendheid en onderlinge chemie maken dat ik hier telkens naar teruggrijp.
»
details
» naar bericht » reageer
Steve Kilbey - Freaky Conclusions (2003)
Freaky Conclusions is een intrigerende blik in Steve Kilbeys creatieve keuken, met dertien demo-opnames uit de periode 1980–1984, ruwweg samenvallend met de eerste vier albums van The Church. Ondanks hun demo-karakter zijn de nummers digitaal opgefrist, zonder hun oorspronkelijke intimiteit te verliezen.
Qua sfeer staat dit album het dichtst bij Kilbeys eerste drie soloplaten, met dezelfde dromerige melancholie, losse structuren en introspectieve toon. Nummers als Again, The Collector en An Arrangement voelen als schetsen van ideeën die later zouden uitgroeien tot volwaardige composities, maar werken hier ook uitstekend op zichzelf. Ik vind dit een prima album en ben blij dat Kilbey dit uiteindelijk heeft uitgebracht, zodat deze nummers niet op de plank zijn blijven liggen.
»
details
» naar bericht » reageer
Steve Kilbey - Remindlessness (1990)
Remindlessness laat Steve Kilbey opnieuw zien als een solokunstenaar die durft te experimenteren zonder zijn stem of emotionele diepgang te verliezen. Het album beweegt tussen introspectieve songs en hypnotiserende, bijna psychedelische passages, ondersteund door subtiele bijdragen van Karin Jansson, Peter Koppes, Linda Neil en Isadora Telambi. Lange, filmische nummers zoals Liquid en Goliath worden afgewisseld met korte intermezzo’s, waardoor het geheel een collage-achtig, organisch karakter krijgt. Kilbeys zang blijft de rode draad, herkenbaar en verhalend, terwijl de instrumentatie je meeneemt door gelaagde landschappen van sfeer en textuur. Het is geen gemakkelijk of altijd even toegankelijk album, soms wat fragmentarisch, maar het behoudt zijn eigen bijzondere, onmiskenbare charme met de herkenbare stem van Steve Kilbey als baken.
»
details
» naar bericht » reageer