Hier kun je zien welke berichten JoostBo als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Sigur Rós - Brennisteinn (2013)

4,0
0
geplaatst: 23 maart 2013, 14:56 uur
Brennisteinn laat de nieuwe koers horen van Sigur Rós nu de band - weer - met zijn drieën zijn. Meer baspartijen, meer nadruk op percussie en het knappe van Brennisteinn is ook dat er een aantal partijen inzitten dat palindromen zijn. De band paste dat trucje al eens toe in het verleden in het nummer Staralfur maar hier zitten er meerdere in. Zoeken maar!
Hryggjarsúla is een gestripte en hier en daar een omgekeerde Brennisteinn. Ofbirta is ook zo iets: ik sluit niet uit dat dit ook een gestripte en omgekeerde versie is van een nieuw nummer op het album. Al met al heeft Sigur Rós in het verleden wel eens wat originelers op de EP's gezet maar toch ben ik wel te spreken over de EP als geheel.
Hryggjarsúla is een gestripte en hier en daar een omgekeerde Brennisteinn. Ofbirta is ook zo iets: ik sluit niet uit dat dit ook een gestripte en omgekeerde versie is van een nieuw nummer op het album. Al met al heeft Sigur Rós in het verleden wel eens wat originelers op de EP's gezet maar toch ben ik wel te spreken over de EP als geheel.
Sigur Rós - Inni (2011)

4,5
0
geplaatst: 10 november 2011, 00:23 uur
Allereerst: Inni is een prachtige film geworden. Ik was eerst wat huiverig voor het idee van zwart-witbeelden gefilmd met een 8mm-camera. Maar met het goede geluid is het een prachtig resultaat geworden. Ook leuk zijn de tussenstukjes met oude beelden van interviews, documentaires en optredens. Vooral het eerste fragment na Ný Batterí is echt een hilarisch interview. Hier het hele verhaal en het hele interview. Ook het fragment van het intieme concert vlak voor Popplagið heb ik in zijn geheel in bezit en het is grappig om te zien hoe zij ooit zijn begonnen.
Ik weet nog wel toen ik Sigur Rós in november 2008 zag, dat ik het jammer vond dat de brass-band en de violistes van Amiina er niet bij waren. Reden was dat een van de violistes zwanger was (dank toetsenist Kjartan!). In de bierhal vond ik het daardoor een klein beetje tegenvallen. Drie maanden eerder zag ik ze in Keulen met wel alle toeters en strijkers en dat totaalplaatje was zeer indrukwekkend.
Ook voor Inni geldt dat we alleen de vier bandleden horen spelen en uiteindelijk ben ik meer dan tevreden met dit tweede zoethoudertje, want dat is het toch wel. Na de Hvarf/Heim cd dat wel de film Heima bij zich had, is het nu toch echt uitkijken naar nieuw werk. Maar voorlopig kijken we met Inni nog één keer terug in stemmig zwart-wit naar het verleden.
Ik weet nog wel toen ik Sigur Rós in november 2008 zag, dat ik het jammer vond dat de brass-band en de violistes van Amiina er niet bij waren. Reden was dat een van de violistes zwanger was (dank toetsenist Kjartan!). In de bierhal vond ik het daardoor een klein beetje tegenvallen. Drie maanden eerder zag ik ze in Keulen met wel alle toeters en strijkers en dat totaalplaatje was zeer indrukwekkend.
Ook voor Inni geldt dat we alleen de vier bandleden horen spelen en uiteindelijk ben ik meer dan tevreden met dit tweede zoethoudertje, want dat is het toch wel. Na de Hvarf/Heim cd dat wel de film Heima bij zich had, is het nu toch echt uitkijken naar nieuw werk. Maar voorlopig kijken we met Inni nog één keer terug in stemmig zwart-wit naar het verleden.
Sigur Rós - Kveikur (2013)

4,0
0
geplaatst: 11 juni 2013, 18:30 uur
Oef, wat is Sigur Rós de afgelopen jaren zoekende geweest. Na Ágætis Byrjun en () leek het erop dat de band niet meer beter kon. Takk... was een logisch vervolg naar een meer toegankelijk geluid, mede doordat de band had getekend bij EMI, wie zal het zeggen? Með Suð Í Eyrum, Við Spilum Endalaust was poging 1 om met iets anders op de proppen te komen. De recht-toe-recht-aan-aanpak was verfrissend en zomers, maar in het hele overzicht halen de liedjes van dat album het niet bij eerder werk.
Vorig jaar schreef ik bij Valtari dat de band nog steeds zoekende was. Het leverde een vrij taai album op waar veel geduld voor nodig was om het goed te doorgronden. Eigenlijk een album wat niet zo goed bij deze tijdsgeest past waarin er een overvloed aan aanbod is, er vooral alleen nog naar losse nummers worden geluisterd en niet naar hele albums. Zou daarom juist Váruð zo'n favoriet zijn geworden bij de luisteraars?
Ook voor dit album moest Sigur Rós gaan zoeken gedurende het maakproces. Nu de band weer een trio is geworden, Kjartan Sveinsson heeft de band verlaten, werd het duidelijk dat de accenten van de muziek verlegd moesten worden. Die zijn komen te liggen bij de percussie en meer gitaargeweld.
Althans, Brennisteinn was de eerste overdonderende kennismaking. Eerst gebruikt als trailer voor de aankondiging van de nieuwe tour, later als eerste single. De zwavel dampt je koptelefoon in samen met allerlei erupties en gebrom. Uitstekend om dit als openingsnummer te gebruiken: laat me maar weten dat er wat anders te wachten staat! Dat gegeven gaat alleen nog op voor het titelnummer Kveikur dat minstens net zo hard is, maar minder gevarieerd dan de opener. Wat blijft er dan nog over?
Hrafntinna vind ik op het eerste gehoor vrij taaie kost, al spreekt de tragiek en geheimzinnigheid die dit nummer kenmerkt me wel aan. De belletjes op de achtergrond doen wel wat oosters aan. Yfirborð is een van de beste nummers waarin Sigur Rós weer eens laat zien hoe sfeervol, gelaagd en tegendraads hun muziek kan zijn.
Tussendoor zie ik Ísjaki als een rustmoment. Het is een pakkend nummer dat zich de afgelopen weken in mijn hoofd heeft genesteld. Het zou zeker niet misstaan op Takk... of Með Suð Í Eyrum... Afsluiter Var is eigenlijk ook zo'n nummer wat teruggrijpt op een eerder album: in dit geval Valtari.
Stormur, Bláþráður en Rafstraumur zijn nummers die naar mijn gevoel een beetje buiten de context van het album vallen en wat minder sterk zijn. Vooraf had ik gehoopt dat de agressievere koers zou betekenen dat het een zeer donker album zou worden, maar dit trio toont aan dat Sigur Rós dat of niet heeft aangedurfd of dat het meer een afwisselend album wilde laten zijn. Samen met Ísjaki zijn het bij vlagen vrij stevige nummers dankzij het drumwerk, maar uiteindelijk zijn het vooral luchtig en ontspannen nummers die buiten de voor mij zo gehoopte uitgezette koers vallen. Wat dat betreft heeft de band albums uitgebracht die veel gewaagder zijn.
Vorig jaar schreef ik bij Valtari dat de band nog steeds zoekende was. Het leverde een vrij taai album op waar veel geduld voor nodig was om het goed te doorgronden. Eigenlijk een album wat niet zo goed bij deze tijdsgeest past waarin er een overvloed aan aanbod is, er vooral alleen nog naar losse nummers worden geluisterd en niet naar hele albums. Zou daarom juist Váruð zo'n favoriet zijn geworden bij de luisteraars?
Ook voor dit album moest Sigur Rós gaan zoeken gedurende het maakproces. Nu de band weer een trio is geworden, Kjartan Sveinsson heeft de band verlaten, werd het duidelijk dat de accenten van de muziek verlegd moesten worden. Die zijn komen te liggen bij de percussie en meer gitaargeweld.
Althans, Brennisteinn was de eerste overdonderende kennismaking. Eerst gebruikt als trailer voor de aankondiging van de nieuwe tour, later als eerste single. De zwavel dampt je koptelefoon in samen met allerlei erupties en gebrom. Uitstekend om dit als openingsnummer te gebruiken: laat me maar weten dat er wat anders te wachten staat! Dat gegeven gaat alleen nog op voor het titelnummer Kveikur dat minstens net zo hard is, maar minder gevarieerd dan de opener. Wat blijft er dan nog over?
Hrafntinna vind ik op het eerste gehoor vrij taaie kost, al spreekt de tragiek en geheimzinnigheid die dit nummer kenmerkt me wel aan. De belletjes op de achtergrond doen wel wat oosters aan. Yfirborð is een van de beste nummers waarin Sigur Rós weer eens laat zien hoe sfeervol, gelaagd en tegendraads hun muziek kan zijn.
Tussendoor zie ik Ísjaki als een rustmoment. Het is een pakkend nummer dat zich de afgelopen weken in mijn hoofd heeft genesteld. Het zou zeker niet misstaan op Takk... of Með Suð Í Eyrum... Afsluiter Var is eigenlijk ook zo'n nummer wat teruggrijpt op een eerder album: in dit geval Valtari.
Stormur, Bláþráður en Rafstraumur zijn nummers die naar mijn gevoel een beetje buiten de context van het album vallen en wat minder sterk zijn. Vooraf had ik gehoopt dat de agressievere koers zou betekenen dat het een zeer donker album zou worden, maar dit trio toont aan dat Sigur Rós dat of niet heeft aangedurfd of dat het meer een afwisselend album wilde laten zijn. Samen met Ísjaki zijn het bij vlagen vrij stevige nummers dankzij het drumwerk, maar uiteindelijk zijn het vooral luchtig en ontspannen nummers die buiten de voor mij zo gehoopte uitgezette koers vallen. Wat dat betreft heeft de band albums uitgebracht die veel gewaagder zijn.
Sigur Rós - Odin's Raven Magic (2020)

4,5
2
geplaatst: 6 december 2020, 00:17 uur
Sigur Rós brengt nu al een tijd alleen maar restjes uit. Met het project Liminal wordt oud werk driftig gerecycled. Zoals al eerder terecht de vraag wordt gesteld: brengt Sigur Rós nog eens nieuw werk uit? Ik denk het eerlijk gezegd niet. De band is aardig onthoofd, eigenlijk is alleen het duo Jónsi en Georg Holm over. Soms dacht ik cynisch na het uitbrengen van oud materiaal: "hé, de belastingschuld is nog niet helemaal afbetaald".
Het volgende oude materiaal dat onder het stof vandaan is gehaald is Odins Raven Magic. Ik heb op mijn computer acht fragmenten van deze 'rockopera' - mag ik het zo noemen? - staan. Omdat het fragmenten zijn, nooit echt serieus naar geluisterd. En als ik er al eens naar had geluisterd, was ik het vergeten hoe het eigenlijk ging.
Ander fragment waar wordt gesproken over het bestaan van Odins Raven Magic is de scene bij de marimbasteengroeve van Páll Guðmundsson in de film Heima. Eigenlijk was het dan ook best zonde dat dit nooit een serieuze release heeft gehad. Dat blijkt ook wel nu ik dit album een paar keer in zijn geheel heb beluisterd. Vanaf opener Prologeus word ik erin gezogen en tot afsluiter Dagrenning laat het mij niet los.
Waarom?
Allereerst is de sfeer weer lekker duister en daar krijg ik maar geen genoeg van. Maar er is ook iets anders.
Ik hoor in dit werk een aantal andere releases in terug: van zowel Sigur Rós, als van de bandleden zelf.
Allereerst is Odins Raven Magic een kruising tussen de Rimur EP (toevallig ook met Steindór Andersen) en Der Klang der Offenbarung des Göttlichen, de opera die Kjartan Sveinsson uitbracht in 2016. Beide uitgaven zijn mij zeer dierbaar.
Het laatste stuk van Dagrenning had overigens niet misstaan op de soundtrack Circe van onder andere bassist Georg Holm, drummer Orri Páll Dýrason en Hilmar Örn Hilmarsson.
Kortom, het lijkt erop dat Odins Raven Magic best belangrijk is geweest als inspiratiebron voor het latere solowerk dat hier boven wordt opgenoemd én dat het dus voortborduurt op de Rimur EP dat uitkwam in 2001.
Het volgende oude materiaal dat onder het stof vandaan is gehaald is Odins Raven Magic. Ik heb op mijn computer acht fragmenten van deze 'rockopera' - mag ik het zo noemen? - staan. Omdat het fragmenten zijn, nooit echt serieus naar geluisterd. En als ik er al eens naar had geluisterd, was ik het vergeten hoe het eigenlijk ging.
Ander fragment waar wordt gesproken over het bestaan van Odins Raven Magic is de scene bij de marimbasteengroeve van Páll Guðmundsson in de film Heima. Eigenlijk was het dan ook best zonde dat dit nooit een serieuze release heeft gehad. Dat blijkt ook wel nu ik dit album een paar keer in zijn geheel heb beluisterd. Vanaf opener Prologeus word ik erin gezogen en tot afsluiter Dagrenning laat het mij niet los.
Waarom?
Allereerst is de sfeer weer lekker duister en daar krijg ik maar geen genoeg van. Maar er is ook iets anders.
Ik hoor in dit werk een aantal andere releases in terug: van zowel Sigur Rós, als van de bandleden zelf.
Allereerst is Odins Raven Magic een kruising tussen de Rimur EP (toevallig ook met Steindór Andersen) en Der Klang der Offenbarung des Göttlichen, de opera die Kjartan Sveinsson uitbracht in 2016. Beide uitgaven zijn mij zeer dierbaar.
Het laatste stuk van Dagrenning had overigens niet misstaan op de soundtrack Circe van onder andere bassist Georg Holm, drummer Orri Páll Dýrason en Hilmar Örn Hilmarsson.
Kortom, het lijkt erop dat Odins Raven Magic best belangrijk is geweest als inspiratiebron voor het latere solowerk dat hier boven wordt opgenoemd én dat het dus voortborduurt op de Rimur EP dat uitkwam in 2001.
Sigur Rós - Valtari (2012)

4,5
0
geplaatst: 24 mei 2012, 16:14 uur
Afgelopen tijd een aantal keren beluisterd en ja, dat was ook in goede kwaliteit.
Conclusie: je kan horen dat Sigur Rós voor deze plaat zoekende is geweest en dat eigenlijk nog steeds is. Want als ik de geruchten moet geloven is het opnameproces een gedoe geweest. Eerst werd er al een heel album in de prullenbak gegooid en ook met dit werk verliep het in eerste instantie niet soepeltjes. Het zijn de kleine toevoegingen hier en daar, zoals dat gekraak van vinyl in het kabbelende Ekki Múkk, die de heren deed overtuigen om het toch uit te brengen. Wat verder opvalt is het veelvuldig gebruiken van een koor in nummers. Bij Varúð werkt dit het beste, maar dat is dan ook een vertrouwd nummer met de kenmerkende lange opbouw, de hoge stem van zanger Jónsi, een explosie van geluid tegen het einde en een kort maar ingetogen slot.
Persoonlijk ben ik wel blij dat de band (voorlopig) is afgestapt van dat vrolijke en theatrale van Með suð ... . Ook al kan de band backstage zich storten in een enorm feest met veel drank en meezingen met een foute Moldavische hit - Dragostea din tei van O-Zone - , in sombere, lege en desolate klanken maakt de band op mij meer indruk. Helaas zorgt Valtari voorlopig nog niet dat ik kippenvel krijg, iets waar vorige albums van Sigur Rós wel in slaagden. Misschien komt het doordat Valtari een behoorlijk afstandelijk album is geworden. Maar wie weet kan de kippenvel nog komen door er vaker naar te luisteren en zo de geheimen alsnog boven water komen.
Conclusie: je kan horen dat Sigur Rós voor deze plaat zoekende is geweest en dat eigenlijk nog steeds is. Want als ik de geruchten moet geloven is het opnameproces een gedoe geweest. Eerst werd er al een heel album in de prullenbak gegooid en ook met dit werk verliep het in eerste instantie niet soepeltjes. Het zijn de kleine toevoegingen hier en daar, zoals dat gekraak van vinyl in het kabbelende Ekki Múkk, die de heren deed overtuigen om het toch uit te brengen. Wat verder opvalt is het veelvuldig gebruiken van een koor in nummers. Bij Varúð werkt dit het beste, maar dat is dan ook een vertrouwd nummer met de kenmerkende lange opbouw, de hoge stem van zanger Jónsi, een explosie van geluid tegen het einde en een kort maar ingetogen slot.
Persoonlijk ben ik wel blij dat de band (voorlopig) is afgestapt van dat vrolijke en theatrale van Með suð ... . Ook al kan de band backstage zich storten in een enorm feest met veel drank en meezingen met een foute Moldavische hit - Dragostea din tei van O-Zone - , in sombere, lege en desolate klanken maakt de band op mij meer indruk. Helaas zorgt Valtari voorlopig nog niet dat ik kippenvel krijg, iets waar vorige albums van Sigur Rós wel in slaagden. Misschien komt het doordat Valtari een behoorlijk afstandelijk album is geworden. Maar wie weet kan de kippenvel nog komen door er vaker naar te luisteren en zo de geheimen alsnog boven water komen.
Sigur Rós - Von (1997)

4,0
0
geplaatst: 9 juni 2013, 23:11 uur
's Nachts in bed liggen en dan (met koptelefoon) luisteren naar dit album: je kan er bang van worden. Von is het meest duistere album van de band en op het eerste gehoor is het een samenraapsel van geluidscollages en langgerekte sfeervolle stukken die soms ook wat klinisch en iets te afstandelijk overkomen. Toch heb ik voor deze plaat in de loop der jaren meer en meer waardering gekregen en vind ik het ergens wel logisch dat ze ooit zo begonnen zijn als je hun latere albums zo hoort.
Alleen Hafssol en Von hebben van dit album de tand des tijds doorstaan. Ergens vind ik dat wel jammer: ik zal graag nog eens een concert meemaken waar de eerste drie nummers van deze plaat worden gespeeld. Ik ben benieuwd hoeveel mensen van pure schrik dan de zaal zijn uitgelopen.
Alleen Hafssol en Von hebben van dit album de tand des tijds doorstaan. Ergens vind ik dat wel jammer: ik zal graag nog eens een concert meemaken waar de eerste drie nummers van deze plaat worden gespeeld. Ik ben benieuwd hoeveel mensen van pure schrik dan de zaal zijn uitgelopen.
Soap&Skin - Narrow (2012)

4,5
0
geplaatst: 12 december 2012, 22:23 uur
Het was een tijdje stil rondom Anja Plaschg, de Oostenrijkse die opereert onder de naam Soap&Skin. Haar debuutalbum Lovetunes for Vacuum werd goed ontvangen, maar was een nogal verontrustende plaat. Toen zij het uitbracht was zij negentien, maar de nummers gaven een inkijk in iemand met een heel donker wereldbeeld, iemand die zich niet voelde geaccepteerd door haar omgeving. “Please help me” schreeuwde ze dan ook in de single Spiracle.
Rond de jaarwisseling was er opeens een nieuw teken van leven. Voor Nederland werd er een optreden aangekondigd op het festival Motel Mozaïque. Het prachtige Boat Towards The Port werd als eerste single aangekondigd, ondersteund met een clip van beelden van een ongeluk met de spaceshuttle Challenger in 1986. Wat mij betreft misschien wel de mooiste single van het jaar.
Een interessant nieuwtje is dat Plaschg ook heeft meegespeeld in de Oostenrijkse film Stillleben en een nummer heeft bijgedragen voor de film: Voyage voyage. Oorspronkelijk is dit nummer van de Franse band Desireless uit 1987 en Plaschg zou Plaschg niet zijn om het in de kenmerkende Soap&Skin-stijl te gieten.
Het album opent met een nummer in het Duits, Vater, en misschien is dit wel haar persoonlijkste nummer die we van haar kennen tot nu toe en behandelt het centrale thema van dit album. Het nummer gaat over het verlies van een geliefde en dat is in dit geval haar vader die in juli 2009 plotseling overleed na een hartaanval op de fiets. Ook in andere nummers, zoals de ballad Lost, komt het thema 'verlies' terug. In Wonder is er een sprankje hoop te horen dankzij samenzang in het refrein.
Waar de pianonummers van een gevoelige schoonheid zijn, zijn tot slot Deathmental en Big Hand Dails Down de twee elektrische nummers die met het kenmerkende industriële geluid van Plaschg je weer voldoende angst aanjagen. Wat dat betreft lijkt er weinig veranderd ten opzichte van Lovetune For Vacuum. Ook Narrow weet te imponeren, vooral na een aantal luisterbeurten.
Rond de jaarwisseling was er opeens een nieuw teken van leven. Voor Nederland werd er een optreden aangekondigd op het festival Motel Mozaïque. Het prachtige Boat Towards The Port werd als eerste single aangekondigd, ondersteund met een clip van beelden van een ongeluk met de spaceshuttle Challenger in 1986. Wat mij betreft misschien wel de mooiste single van het jaar.
Een interessant nieuwtje is dat Plaschg ook heeft meegespeeld in de Oostenrijkse film Stillleben en een nummer heeft bijgedragen voor de film: Voyage voyage. Oorspronkelijk is dit nummer van de Franse band Desireless uit 1987 en Plaschg zou Plaschg niet zijn om het in de kenmerkende Soap&Skin-stijl te gieten.
Het album opent met een nummer in het Duits, Vater, en misschien is dit wel haar persoonlijkste nummer die we van haar kennen tot nu toe en behandelt het centrale thema van dit album. Het nummer gaat over het verlies van een geliefde en dat is in dit geval haar vader die in juli 2009 plotseling overleed na een hartaanval op de fiets. Ook in andere nummers, zoals de ballad Lost, komt het thema 'verlies' terug. In Wonder is er een sprankje hoop te horen dankzij samenzang in het refrein.
Waar de pianonummers van een gevoelige schoonheid zijn, zijn tot slot Deathmental en Big Hand Dails Down de twee elektrische nummers die met het kenmerkende industriële geluid van Plaschg je weer voldoende angst aanjagen. Wat dat betreft lijkt er weinig veranderd ten opzichte van Lovetune For Vacuum. Ook Narrow weet te imponeren, vooral na een aantal luisterbeurten.
Solo - Selection (2007)

4,0
1
geplaatst: 10 december 2007, 15:31 uur
Hij kwam uit op 22 maart. 
Akoestisch vind ik Solo sterker. Het zoete geluid van met name Solopeople is hierop verdwenen en daardoor komen de nummers beter uit de verf. Ook live klinkt akoestisch net wat mooier en intiemer dan met de hele band.

Akoestisch vind ik Solo sterker. Het zoete geluid van met name Solopeople is hierop verdwenen en daardoor komen de nummers beter uit de verf. Ook live klinkt akoestisch net wat mooier en intiemer dan met de hele band.
