menu

Hier kun je zien welke berichten JoostBo als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Agnes Obel - Aventine (2013)

4,5
Aventine van Agnes Obel is geen verrassend album, maar wel een (kleine) stap vooruit ten opzichte van Philharmonics omdat de hele plaat wat professioneler en gelaagder klinkt. Ook fijn dat celliste Anne Müller een grotere rol heeft gekregen.
Vergelijk dit album eens met de livedisc die verscheen bij Philharmonics en het lijkt er verdacht veel op dat Obel ervoor gekozen heeft om een concert van haar zo perfect mogelijk vast te leggen op plaat. Deze gedetailleerde veranderingen zorgen ervoor dat ik deze plaat op dit moment iets beter vind dan het debuut.

alt-J (∆) - An Awesome Wave (2012)

4,5
Wat is het toch met Alt-J? Nooit gedacht toen ik dit album toevoegde dat het zo zou aanslaan.
Nu hebben ze gisterenavond de Mercury Prize gewonnen. Ook dat had ik niet gedacht aangezien de jury vaak een niet favoriet laat winnen. En vorig jaar won de uitgesproken favoriet - PJ Harvey - al. Dat ging toch niet twee jaar achterelkaar gebeuren?

Toch zijn de nummers zeer uitgesproken Alt-J, wat best knap is voor een debuut om dan al zo'n eigen geluid te hebben. Een soort elektronische folk/pop met wat dwarse percussie en wat vreemde instrumentale nummers tussendoor.
De zang: soms lijkt het wel alsof je naar twee robots aan het luisteren bent zoals in Breezeblocks, Fitzpleasure of MS. Toen ik ze live zag, dacht ik op een gegeven moment hierdoor te maken te hebben met een soort act.
De teksten zijn allemaal zeer academisch verantwoord naar het schijnt en daar ga ik jullie en mezelf verder niet mee vermoeien. Maar in combinatie met de gedachte achter de naam Alt-J - Driehoekje, Mac, blabla... - maakt het allemaal behoorlijk nerdy. Dat is geen verwijt, want uiteindelijk is dit een van de origineelste en onderscheidenlijke platen van dit jaar.

Andrew Bird - Break It Yourself (2012)

4,0
Het duurde even voordat dit album mij te pakken had, maar ik ben om. Over het geheel gezien is het niet zijn beste plaat omdat - zoals door anderen al aangegeven - de plaat te lang duurt. Maar er staan een aantal geweldige nummers op.

Opener Desperation Breeds... is erg sterk, Lazy Projector is misschien wel het sleutelnummer van deze plaat waarin de slotzin van de tekst - I can't see the sense in us breaking up at all - oorspronkelijk was bedoeld voor Kermit de Kikker in de nieuwe film van The Muppets.
Near Death Experience Experience is een knipoog naar zijn vorige album Noble Beast dat volstaat met dergelijke poppynummers, Hole in the Ocean Floor doet denken aan de plaat én het gelijknamige nummer Weather Systems, nog altijd mijn persoonlijke favoriet. Het zou de ideale afsluiter zijn geweest, maar helaas komt het nietszeggende Belles erachteraan.

Complimenten overigens voor de bijgevoegde film Here's What Happened op dvd. Zes nummers van dit album worden uitgevoerd in zijn opnamestudio/boerenschuur plus een extra nummer Goin' Home. Beelden die laten zien hoe de nummers worden uitgevoerd brengen de muziek van Bird meer tot leven. Mooie omgeving ook!

Andrew Bird - Hands of Glory (2012)

4,0
Een bonusplaat bij het eerder dit jaar verschenen Break It Yourself. Ergens wel verwonderlijk, want ik vond Break It Yourself al behoorlijk aan de lange kant. Had Andrew Bird echt nog veel meer opgenomen? Ja dus, en ergens is dat ook heel goed mogelijk, want hij heeft toch al een flinke discografie.

Maar dan is dit een plaat met een aantal covers, en voor wie Bird volgt is dat ook geen verrassing. The Crown Salesman van Alpha Consumer, So Much Wine van The Handsome Family, I'm Goin' Home van Charlie Patton zijn voorbeelden van covers die ook al eerder dit jaar verschenen. Tijdens zijn concerten was er altijd tijd voor een blokje waarin Bird en zijn band rondom de microfoon een aantal covers speelden zoals If I Needed You van Townes van Zandt dat ook op deze plaat is gekomen.

Maar het begint met een nieuw liedje van Bird: het prachtige Three White Horses wat als afsluiter nog eens een keertje wordt gerecycled en uitgesponnen tot Beyond the Valley of Three White Horses. Dan is Orpheo net het tegenovergestelde: een gestripte versie van Orpheo Looks Back dat op Break It Yourself stond.

Voor de rest zijn het covers: When That Helicopter Comes van The Handsome Family, Spirograph van Alpha Consumer (band van Birds gitarist Jeremy Ylvisaker), klassieker Railroad Bill van Ramblin' Jack Elliot en het al eerder genoemde If I Needed You.

Zeggen de namen me iets? Nee, niet zoveel. Maar Bird maakt me erg nieuwsgierig naar de originelen, ook omdat hij de covers allemaal heel puur en klein brengt en er toch zijn eigen draai aan geeft. Als je het dan ook nog eens kan krijgen op mooi oranje vinyl met zwarte strepen ben ik verkocht.

Ane Brun - Songs 2003 - 2013 (2013)

3,5
Als je niet bekend bent met Ane Brun, is deze verzamelaar een aardige instapper. De singles van elk album worden aan je voorgesteld. Tussendoor The Dancer van haar eerste liveplaat Live in Scandinavia en drie nummers van haar tweede liveplaat Live at Stockholm Concert Hall. Tussendoor nog track 21, Don't Give Up, de samenwerking met Peter Gabriël. Van de bonus-cd van haar laatste reguliere album It All Starts With One twee nummers: Du Gråter Så Store Tåra in het Noors en niet in het Engels en het prachtige spaanstalige nummer Alfonsina y el Mar.

Om fans nog over de streep te trekken drie extra's: Neighborhood #1 (Tunnels) van Arcade Fire en Feeling Good van o.a. Nina Simone, leuk gedaan maar niet heel bijzonder verder. This Voice 2013 is een oud nummer in een nieuw jasje. Oorspronkelijk verschenen op haar tweede album A Temporary Dive, nu is het opgenomen in de Ane's stijl die ze heden ten dage laat horen.

Het verzamelalbum kent geen gewaagde keuzes, maar biedt een goede samenvatting wat Ane Brun de afgelopen tien jaar heeft gedaan. Voor diegene die alles wel heeft: die kunnen dit album laten schieten.

Antony and the Johnsons - Cut the World (2012)

4,0
Voor wie - zoals ik - nooit bij een concert van Antony and the Johnsons is geweest, geeft Cut the World een aardig idee hoe zo'n concert met een orkest klinkt. Vrijwel alle nummers klinken niet meer als kamermuziek zoals dat op de studioalbums het geval is; het zijn vrij keurige nummers met orkest geworden die soms wel wat extra's bieden ten opzichte van de studioversie. You Are My Sister is misschien wel het beste voorbeeld.
Het nieuwe nummer Cut the World klinkt zoals we het van Antony gewend zijn. Verder hebben sommige nummers nog een bijzonder intro zoals Cripple and the Starfish of nog beter; I Fell In Love with a Dead Boy wat in het begin dankzij een nieuw arrangement van het orkest haast een ander nummer lijkt te zijn.

Opvallend: tussen de nummers door geen geklap van het publiek, waardoor je op een gegeven moment bijna vergeet dat je naar een live-album aan het luisteren bent.

Future Feminism is een toespraak van ruim zeven minuten met Antony's visie op milieu, (trans)gender en vrouwelijkheid in de toekomst. Leuk om meer over zijn gedachten te weten te komen, maar dit lees ik liever in een interview. Aangezien ik deze plaat graag op vinyl wil, zal ik elke keer tevergeefs zoeken naar een skipknop. Verhalen of toespraken op een muziekalbum - het komt helaas vaker voor - zie ik als een hinderlijke onderbreking.

Antony and the Johnsons - Swanlights EP (2011)

3,5
Niets nieuws onder de zon; Swanlights kennen we al en ook Find The Rhythm of Your Love en Kissing Noone klinken vertrouwd in de oren: het zijn mooie pianoballads geheel volgens het vertrouwde recept. Tot dan is het een mooie aanvulling aan al die prachtige ep's die Antony heeft uitgebracht.
Ik vroeg me van te voren wel af hoe je Swanlights kon remixen. Dat heb ik inmiddels gehoord en het is ehhhhh freaky?! Het is in ieder geval niet iets met een lullige beat eronder. Weet nog niet goed wat ik met de remix zelf aanmoet, voorlopig 3,5 wat kan groeien naar 4 als de remix eenmaal op zijn plaats is gevallen.

Arcade Fire - Reflektor (2013)

3,0
Om te beginnen even wat gezeur over opgeklopte marketingcampagnes. Een band als Arcade Fire heeft dat helemaal niet nodig. Ik ben ervan overtuigd dat als een gevestigde naam, die Arcade Fire nu eenmaal is, gewoon een goede plaat maakt het toch wel goed verkoopt. In plaats daarvan koos Arcade Fire voor een andere strategie met lancering van een single in specifieke platenzaken, korte filmpjes en slappe scheten nieuws waardoor het erop lijkt dat de band een soort compensatiedrang nodig had voor mogelijk een zwakke plaat? Zie de eerdere ergerlijke hype rondom Daft Punk: resultaat was dat iedereen zat opgescheept met aardappelpuree uit een pakje, aangemengd met water zonder peper en zout. Een parallel met dit album achtte ik van te voren heel goed mogelijk. Zeker omdat werd aangekondigd als een dubbelalbum dacht ik: O, jee, daar gaan we weer. Vorig album The Suburbs was ook al te lang, stonden een aantal vullers op en de eerste hap, titelnummer Reflektor, liet horen dat het nummer best twee minuten korter had mogen duren.

Gelukkig zijn de overige liedjes niet zo lang, en dan tel ik de afsluiter Supersymmetry voor het gemak even niet mee want hoe dat eindigt is gewoon flauw. Wat opvalt aan de eerste cd is de geldingsdrang van de band: een rustig ingetogen liedje gaan we niet aantreffen – uiteindelijk moet Here Comes The Night Time ook even ontsporen. Ik denk dat rustige ballads op deze plaat ook niet hadden gepast. Arcade Fire heeft met dit album het nummer Sprawl II van voorganger The Suburbs als startpunt gekozen en is vanaf dat punt expressiever te werk gegaan dan ooit. Dat is niet alleen te horen in de muziek, maar ook in de ietwat aanstellerige aankleding van de band zelf tijdens liveoptredens.

Nummers zoals In The Backseat, het duo Black Waves/Bad Vibrations en Ocean of Noise staan er niet op: deze drie kunnen me nog altijd raken. Funeral en Neon Bible kunnen zich nog steeds veel beter onderscheiden van andere popalbums: niet alleen door de muziek, maar ook vanwege de achterliggende persoonlijke thema's die beide albums kenmerken. Op dit Reflektor hoor ik daar niet zoveel meer van terug en is de muziek ook steeds meer knipogen gaan bevatten naar andere artiesten uit vooral de jaren 80. Ik vind het ergens wel jammer dat op dit moment de band zich niet meer onderscheid qua muziek, maar het album als geheel is geen vervelende draak geworden.

Grote valkuil voor Arcade Fire is altijd in mijn ogen geweest dat zij te pretentieus willen zijn. Met de thema's bij de eerste twee albums (de dood en religie) was dat probleem nog wel te voorkomen: rond deze twee thema's is voortdurend bewezen dat er genoeg moois over te maken valt. Tevens wisten zij toen nog de lengte te beperken zodat er geen zwakke nummers opstonden. Nu zitten er een paar nummers bij waarvan ik na 3-4 keer luisteren denk: tja, is dit wel albummateriaal?

Voor de eerste cd geldt dat Flashbulb Eyes het zwarte schaap is en Normal Person is groot uitpakken om te verhullen dat er een gebrekkig idee achter zit. Op cd2 is Porno dat gezapig doortreuzelt ondanks 'zweepslagen' op de achtergrond. Wat het duo 'Orpheo et Euridice' betreft: daar ben ik nog niet helemaal uit. Is dat nu niet wisselvallig of juist heel goed? Maar misschien moet ik die vraag wel voor het hele album stellen. En dan denk ik dat Reflektor een album is wat leuk is om te draaien, maar het pakt je niet bij de kladden.

Arcade Fire - The Suburbs (2010)

3,0
Ook ik was teleurgesteld na het horen van de eerste single: The Suburbs/Month of May. Wat klinkt het allemaal zo braafjes, loopt Arcade Fire niet het risico dat er zo een aantal beperkingen hoorbaar worden? Win Butler is niet de zanger die een vloeiende stem heeft en op de vorige twee platen werd dat keurig gecompenseerd door de liedjes zelf.
Eigenlijk wordt alleen het gaspedaal bij Empty Room en Month of May even stevig ingedrukt, alleen tegelijk met het rempedaal die op de rest van de plaat er ook ingedrukt blijft: het mag nergens meer uit de bocht vliegen, het mag niet meer groots klinken.
Een aantal sterke nummers zijn er: Rococo blijft goed hangen in je hoofd met een soort sjalalie-refreintje (of maak ik hier nu mensen mee boos?). Suburban War vind ik op dit moment het mooist, Sprawl I en II waarbij bij het laatste zo'n jaren-80saus overheen zit en niet te vergeten de outro waardoor je hoort dat het titelnummer eigenlijk wel erg goed in elkaar steekt.
Een aantal nummers hadden beter bij de singles op een 7" geperst mogen worden: Modern Man, City With No Children, Month of May, Wasted Hours en We Used to Wait. Een lang album zit ik prima uit zonder Ritalin, maar dit vind ik op dit moment nog echt fillers.

Atoms for Peace - Amok (2013)

4,0
Atoms For Peace, een nieuwe supergroep aan het front ook al is de groep gevormd in 2009. Onder andere Thom Yorke, Flea en Nigel Godrich zitten erin en de optredens in 2009 beloofden veel goeds. Toen werd het solowerk van Thom Yorke gespeeld, aangevuld met een b-kant van Radiohead Paperbag Writer en Love Will Tear Us Apart van Joy Division. Je zou de concerten ergens wel kunnen vergelijken zoals The King of Limbs live werd gespeeld: minder elektronisch en meer gitaren. Dat nieuwe jasje was fijn om te horen.

Voordat Amok werd aangekondigd verscheen er de single Default en het was geen grote verrassing dat dit in de lijn lag van Thom's soloplaat The Eraser. Nu Amok een aantal keren is beluisterd, moet ik concluderen dat Default een van de zwakkere broeders is, samen met Dropped (kom op, dat is gewoon een b-kant). Deze twee nummers leunen op een bepaald ideetje en dat pruttelt vervolgens te lang door, met een bepaalde omwenteling in het nummer hadden deze nummers gered kunnen worden.

Daar staan zeven nummers tegenover die heerlijk zijn om te beluisteren. Het ontspannen Stuck Together Pieces; de uitstekende single Judge, Jury and Executioner en het op de achtergrond mooie titelnummer Amok zijn de grote uitschieters naar boven. Opnieuw weet Thom Yorke elektronica en gitaarmuziek met elkaar te verweven, al lijkt hij met Amok zich meer te berusten in de ontwikkelingen in de wereld van vandaag. De plaat is veel minder grillig en boos dan The Eraser waar de woede ervan afspatte in Harrowdown Hill en And It Rained All Night.