MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Via deze pagina blijf je op de hoogte van recente stemmen, meningen en recensies van Earlyspencer. Standaard zie je de activiteiten in de huidige en vorige maand. Je kunt ook voor een van de volgende perioden kiezen: januari 2025, februari 2025, maart 2025, april 2025, mei 2025, juni 2025, juli 2025, augustus 2025, september 2025, oktober 2025, november 2025, december 2025, januari 2026, februari 2026, maart 2026

Klaus Nomi - Simple Man (1982) 3,5

31 december 2025, 12:30 uur

"You can't judge a book by its cover," zong Frank-N-Furter exact een halve eeuw geleden. Tijdens de millenniumwende sloeg ik dat advies regelmatig in de wind. Al ging het toen vooral om muzikale albums. Langspeelplaten dus, en die waren toen in tweedehandswinkels vaak spotgoedkoop. Hoewel ik toen al verknocht was aan Bowie, Nina Hagen en Marc Almond, deed de naam Klaus Nomi bij mij totaal geen belletje rinkelen. “Een Duitse Japanner,” dacht ik. “Die heeft twee keer de laatste wereldoorlog verloren.”

De opvallende platenhoes én de weggeefprijs om het album tot mijn bezit te maken, haalden me over de streep. Ik had niet het minste idee wat ik ging horen. Wat bleek: Freddie Mercury op helium, maar dan zonder de - naar mijn smaak soms iets te nadrukkelijke - gitaarpartijen van Brian May. Ik was net als de tweedehandsplaat meteen verkocht.

Hoewel, luisteraars van Simple Man moeten wel wat geduld opbrengen. Op de trage en tekstloze opener "From Beyond" klinkt Nomi als een solerende Gregoriaan in een kapel waar de ramen en deuren te ruim open staan.

Het is geen misdaad om meteen te zappen naar "After the Fall". Daar luidt de eerste zin "I told you about the total eclipse". Nou en, dat deden Roger Waters, Bonnie Tyler en Chriet Titulaer ook. Nomi verwijst hier natuurlijk naar het bekendste nummer van zijn vorig album, waar hij in "After the Fall" ook muzikaal trouw aan blijft.

"Just One Look" klinkt wat ska-achtig. Ik vind dat genre niet matchen met deze tenor from outer space. En blazers ontlokken hier hetzelfde effect als dat ze op een song van de Sex Pistols zouden doen: WTF?

Gelukkig volgt "Falling in Love Again" waar de instrumenten soms doen denken aan Bowie's experimenten in Berlijn. Maar halverwege zingt Nomi met een min of meer natuurlijke stem in z'n moerstaal. Hierbij gaat de song onnodig over in Heimat-hoempapa. Het zou me niet verbazen indien Ome Klaus de Senf is gaan halen bij tante Nina. In een milde bui keur ik die zijsprong halverwege voor één keer niet helemaal af. Die gunst geldt niet meer bij elke herluisterbeurt, dus een half punt eraf.

"Icuroc" - spreek uit: "I see u are OK" - klinkt een beetje electro-wave maar verwacht hier geen Depeche Mode of Soft Cell. Instrumentaal moet ik meer aan "Warm Leatherette" denken dat ik vooral ken in de coverversie van Grace Jones. Natuurlijk zit alles hier minstens één octaaf hoger. Minder natuurlijk: Nomi klinkt heel de song lang als C3PO. Voor één liedje mag dat, inclusief herluisterbeurten.

In "Rubberband Lazer" wordt een over-articulerende Nomi begeleid door zowel spacegeluiden als violen. Space-western, indien het genre nog niet bestond heeft Nomi het daar en toen uitgevonden. Hoewel, zong Steve Miller voorheen al niet over Space Cowboys?

Ook kant twee opent met een soort aria. In "Wayward Sister" meen ik af en toe flarden tekst te horen. Maar misschien is het bevel "Papier hier!" toch een misinterpretatie van mij.

"Ding Dong" kennen we wel uit The Wizzard of Oz. De zin "Sing it high, sing it low" heb ik wel goed verstaan en is natuurlijk gefundenes Fressen voor de uiterst rekbare stembanden van Nomi.

"Three Wishes" begint zowaar met een schurend gitaarrifje. Het nummer blijft de volle 3:20 uptempo, zelfs wanneer Nomi naar een vertelstijl overschakelt. Wie één nummer van dit album wil uitproberen op een feestje of partij: neem deze.

Bij de titeltrack "Simple Man" daalt het tempo een beetje waardoor er meer nadruk op de teksten komt. Het refrein van dit nummer heeft een nog hoger musical-gehalte. En op het einde lijkt Brian May mee te spelen. Geheel inconsequent moet ik toegeven: ik hou er wel van.

"Death" is een serieuze aria, ondanks de occasionele space-geluidjes. Logisch natuurlijk, rekening houdend met het bezongen thema. Des te tragischer wordt het wanneer je Nomi hoort zingen "Remember me" en daarbij aan zijn snelvolgende fatale lot denkt. Het is niet allemaal Lof der Zotheid op dit plaatje. Mag ik zo'n muzikale moodswing een ijzersterk staaltje noemen?

Er wordt Gregoriaans afgersloten met "Return". Dank aan Herr Kapellmeister om nu wel ramen en deuren gesloten te houden. De tekstloze aria zou immers de zwanenzang worden van Klaus Nomi.

Een jaar na mijn ontdekking coverde niemand minder dan Marc Almond "Total Eclipse". Almond deed dat in collaboratie met de Berlijnse extravaganten van Rosenstolz. Geen paniek, de zangeres van dienst nam de hoogste noten voor haar rekening. Rosenstolz bracht rond die tijd trouwens ook een nummer uit met Nina Hagen.

Leuk dat haar naam dan een paar klikken hiervandaan opduikt in een post over Nomi’s debuutalbum. Minder leuk is dat een samenwerking tussen Almond en Hagen er nooit is van gekomen. Terwijl ze wél allebei meermaals model stonden voor Pierre et Gilles. En het minst leuke van alles: Nomi stierf in 1983 als een van de allereerste min of meer bekende slachtoffers van AIDS. Dat ontdekte ik zelf pas bijna twintig jaar later, samen met zijn bijzondere muzikale nalantenschap.

Nomi is geen Hagen, Bowie of Almond. Misschien moet ik zijn werk - veel is dat niet - wat frequenter beluisteren om er wat meer aan te wennen. Want echt mijn ding is het niet, nog niet. Daarom drie en een halve ster met geringe groeimarge.

» details   » naar bericht  » reageer  

Monsieur Gainsbourg Revisited (2006) 3,5

30 december 2025, 23:47 uur

Rien du tout, dat is de hoeveelheid opwinding die ik doorgaans ervaar bij tribute-bands en tribute-albums. Trillend Op M’n Benen - Doe Maar Door Anderen is zo’n sof. Er zijn uitzonderingen, zoals Turalura en Elvis Belgisch. Maar de actieradius daarvan reikte in beide gevallen niet eens tot boven de Moerdijk. Het internationalere Monsieur Gainsbourg Revisited heb ik meteen na het verschijnen gekocht. Dat had natuurlijk veel te maken met ene Marc Almond, die hier laat doorschemeren dat hij ”a see-through toy” is ”that no one else can see.” Een doorzichtige dildo, dus. Initieel vond ik het jammer dat Sly en Robbie hier niet met Grace Jones collaboreren, maar madame Faithfull beschikt ook over ravissante rasta-vibraties.

Met de overige gast-artiesten heb ik minder affiniteit, maar het merendeel combineert eigenzinnigheid met respect voor het werk van mister Gainsbarre. En met dat originele werk ben ik dan weer wel vertrouwd, meer dan met dat van Brel. Hulde aan de initiatiefnemers om ook enkele op dat moment hete artiesten als Franz Ferdinand en Placebo te betrekken. Dat contrasteert mooi met de twee dames van het eerste uur: Françoise Hardy en de onvermijdelijke Jane Birkin.

Carla Bruni vormde toen een mooi ogende brug tussen actueel en gevestigd. Maar toen kort daarna de Hongaarse Napoleon deze brug betrad, raakte la Bruni voor eeuwig en één dag verbrand. Achteraf beschouwd had Vanessa Paradis misschien beter gepast op deze plaat. Maar de grootste afwezige voor mij is toch Arno, die eerder Gainsbourgs ’Elisa’ zong in duet met Birkin. Dat hij toen al het Engels had afgezworen, lijkt mij geen valabel excuus. Toi non plus?

» details   » naar bericht  » reageer  

Willy DeVille - Live (1993) 5,0

30 december 2025, 17:16 uur

Dit album heb ik een beetje à la Carry Tefsen - op goed geluk! - gekocht. Een volwaardige verzamel-cd was toen nog niet uitgebracht. Met ontblote gouden tand lachte het geluk me inderdaad toe. Dankzij de topvorm waarin de zanger en zijn muzikanten in 1993 verkeerden en een puike naproductie, beschikte ik over een levendige Greatest Hits. Ik betwijfel of een studio-compilatie ook zo’n sfeervolle en emotionele rollercoasterrit van ruim een uur zou hebben opgeleverd.

Bij ’Demasiado Corazon’ en ’Hey Joe’ zou je zweren dat DeVille Caribische roots heeft. Al heeft hij van zijn Baskische vader wellicht een flinke scheut temperament geërfd. Op het eeuwiggroene ’Stand By Me’ klinkt hij minder uitbundig maar daarom niet minder overtuigend. Deze gestripte versie stelde me in staat om dit nummer puur op gehoor na te spelen op bas. De nachtbraker haalt met ballades zoals 'Heart and Soul' en ’Heaven Stood Still’ een hemels niveau, terwijl een koortje het 'Ave Maria' aanheft.

Ik zag DeVille enkele jaren voor z’n eigen Hemelvaart live in Lokeren aan het werk. Die ervaring had niet zo'n 'verminkend' effect op mij als dit live-album. Een metgezel en muzikale bloedbroeder was het roerend met me eens: te veel rock en te weinig blazers. Blijkbaar had der Willy daar een langere set gepland maar moest hij om een medische reden voor het uitzingen de kerk verlaten. Es tut mir Leid aber das habe ich derzeit nicht gewusst. Jedoch is mijn vijfsterren-score voor deze Willy DeVille - Live geenszins een vorm van Wiedergutmachung.

» details   » naar bericht  » reageer  

Marianne Faithfull - Blazing Away (1990) 5,0

29 december 2025, 14:48 uur

Toen Faithfull haar allerlaatste Marlboro aan Sinte-Maarten gaf, vond ik het hoog tijd om een plaatje van deze grande dame op te leggen. Ik herinnerde me vaag dat ik ruim twintig jaar eerder een afgeprijsde cd van haar had gekocht. Eind januari 2025 bleek dat tot mijn verbaasde ontgoocheling niet om haar magnum opus Broken English te gaan. Blazing Away bleek waarempel ook geen ’gewone’ compilatie-cd te zijn maar een live-registratie.

Bij het aanhoren van het onwennige openingsnummer in onvervalst Franglais versterkte mijn vrees dat ik het een dik uur later op één eerbetonende luisterbeurt zou houden. Twaalfwerf hoera, de overige nummers zijn stuk voor stuk parels in een studio-aanvoelende uitvoering. En live-albums heb ik het liefst als surrogaat voor Best ofs en Greatest Hits zonder te veel gejoel en improviserende musici. In die technisch volmaakte categorie kan ik ook Wily DeVille Live uit 1993 ten zeerste aanbevelen.

Zoals eerdere posts hierboven al aangeven: ”The band is just fantastic, that is really what I think". Sorry, maar in haast elke review voel ik de drang om ergens aan mijn favoriete band te refereren. Al gaan de pluimen nu volledig naar de excellerende band die Faithfull anno 1989 bijstond in één of ander heilig huisje. Zij zorgen samen met de ’leading lady’ voor een meervoudig ’oorgasme’.

Van de vele hoogtepunten moet ik zeker ’Why’d Ya Do It’ vermelden. Normaal hou ik meer van genitaal getinte beeldspraak dan van al te expliciete gangsterap-taal. Maar hier maak ik graag een uitzondering voor zinsneden als "je spuugt op m’n kut” en ”ze heeft spinnenwebben op haar doos”. La Faithfull heeft haar familienaam nooit gedragen als een kuisheidsgordel. Ze heeft wellicht meer lullen gezien dan de gemiddelde uroloog die de pensioenleeftijd nadert. Deze scheldpartij kan dus gericht zijn aan meerdere alfamannetjes, ik vermoed dat ene Mick J. ”not pleased” was toen de song uitkwam.

Maar ook muzikaal is dit ’kutlied’ een lust voor roodaanlopende oren. Net als bij ’Guilt’ zou je zweren dat Sly Dunbar en Robbie Shakespeare van de partij waren en dat Grace Jones hier de mosterd is komen halen. Na Broken English zette gitarist en co-auteur Barry Reynolds koers naar waar z’n kompasnaald wees: de Bahama’s. Daar verfijnde hij met Sly en Robbie de ijzige reggae-wave op iconische albums als Nightclubbing. Niet veel later zouden Sly en Robbie wel meewerken aan een studioalbum van Faithfull. Laten we plastisch stellen dat Grace en Marianne elkaar met mosterd ingesmeerd hebben. Ook op een album ter ere van Serge Gainsbourg nam Faithfull samen met Sly en Robbie een nummer op. Op diezelfde tribute-plaat doet ook Marc Almond een duit in het zakje. Sorry, maar in haast elke review voel ik de drang om ergens aan mijn favoriete solo-artiest te refereren.

Tot mijn verbaasde tevredenheid biedt Blazing Away het beste van Broken English met daar bovenop nog twee Stones-klassiekers. Ik was dermate weggeblazen dat ik deze liveplaat wel een keer of vier na elkaar heb afgespeeld. Nee, het doosje van deze vijfsterren-cd gaat geen spinnenwebben vergaren in m’n kast.

» details   » naar bericht  » reageer  

David Bowie - Low (1977) 4,0

28 december 2025, 21:54 uur

Na zijn optreden tijdens de Freddie Mercury Tribute in 1992 wilde ik wel wat meer weten over Bowies werk. Dat betekende destijds: de bus op en in de bibliotheek twee pagina’s kopiëren uit een popencyclopedie. Daar stond zwart op wit dat Low zijn artistieke hoogtepunt was. Opvallend detail: de chronologische discografie bij dit artikel liep niet verder dan dit album. Het naslagwerk moet toen dus al vijftien jaar oud zijn geweest. Niet alles in het analoge tijdperk was beter dan nu. Tijdens mijn eerste jaar aan de universiteit kocht ik deze cd om me door mijn herexamens te sleuren. Dat kende geen happy end. Maar als ik dat falen louter aan de zwaarmoedigheid van het album zou wijten, minimaliseer ik mijn eigen verantwoordelijkheid... en doe ik het album oneer aan. Toch zijn vier sterretjes voor Low naar mijn Bowie-normen aan de lage (!) kant. Nee, dit is voor mij bijlange niet ’s mans beste plaat.

Op cd – en zeker met de bonustracks – valt het minder op dat het album uit twee gescheiden helften bestaat, zoals een doormidden gedeelde stad. Iemand hierboven beschreef het muzikale gebeuren op kant A treffend als "fragmentarisch". Ik vind dat de korte nummers hier minder blijven plakken dan pakweg 'Soul Love' en 'Starman', maar dat was misschien niet langer de bedoeling. Met enige vooringenomenheid durf ik zelfs te stellen dat 'Sound and Vision' vooral een vette hit werd door de radiovriendelijke productie en Bowies reputatie als gevestigde wereldster, eerder dan door de unieke kwaliteit. Die zou hij een album later wel terugvinden met de wereldberoemde titeltrack.

Kant B is één lang experiment, inclusief een half fictieve, half Slavische songtekst. Knap hoe in slotsong 'Subterraneans’ Bowies saxspel totaal anders functioneert dan op de coverplaat Pinups. Mijn artificiële gesprekspartner hoort er menselijke wanhoopskreten in, in een wereld die meer en meer door machines wordt overgenomen. Het geluid van de visionaire Bowie die in 1977 AI voorspelde? Ik ken een Brits groepje dat de luisteraars twee jaar eerder al cynisch welkom heette in een door machines beheerste wereld.

Bowie brengt vervreemding op een onwennige manier over. Het plaatje - of toch zeker kant B - klopt dus wel wat thema en sfeerschepping betreft. Maar waarom werd Low dan geen van begin tot eind consistente sfeerplaat? Ik ken een Brits groepje dat daar in de jaren '70 wel keer op keer in slaagde. Voor mij is de experimenterende Bowie hier ondanks de onmiskenbare inbreng van Eno geen trendsetter meer. Qua klankkleur gingen Kraftwerk en de titeltrack van Station to Station immers al vooraf aan die ’vernieuwing’.

Low vergt mentaal wel het een en ander van de luisteraar. Destijds leverde ik bij de herexamens onvoldoende intellectuele inspanningen, laat staan dat ik die nu wel kan opbrengen bij elke luisterbeurt. Net zoals ik info liever online opzoek dan in een archaïsche bieb te snuffelen, heb ik mijn Bowie-albums blijkbaar ook liever wat toegankelijker.

Omdat deze tekst lezen ook wel wat inspanning vergt, deel ik dit ’weetje’ dat misschien nog niet aan bod kwam in de berichten hierboven. Bowie staat op de hoes in zijwaarts profiel geportretteerd. In combinatie met de albumtitel levert dat de halfverborgen boodschap ’Low Profile’ op.

» details   » naar bericht  » reageer  

David Bowie - The Man Who Sold the World (1970) 4,5

Alternatieve titel: Metrobolist, 27 december 2025, 18:17 uur

stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 4,0 sterren

» details  

David Bowie - Pinups (1973) 4,5

27 december 2025, 09:20 uur

Sorry, maar ik moet voor de zoveelste keer terugflitsen naar het aankoopmoment, begin jaren ’90. Het gebeurde toen al eens dat Free Record Shop een inkeping maakte in de jewelcase-rug van slecht verkopende cd’s. Door deze opzettelijke beschadiging kon men ze geheel legaal onder de marktprijs verkopen. Als 17-jarige hoefde ik omgerekend maar 5 euro te betalen voor zo’n geknipt exemplaar van Pinups, mijn eerste Bowie-cd na ChangesBowie. Nog een meevaller: die verzamelaar bevat geen enkele song van Pinups. Bonustracks inbegrepen kwam de aankoop neer op nog geen vijftien Bfr. (minder dan één gulden) per nieuwe Bowie-song. De grootste meevaller was dat al die songs mij meteen bevielen. En omdat ze dat drieëndertig jaar later nog steeds doen, vind ik een 4,5 niet overdreven. Een halfje eraf voor het beschadigd omhulsel

Die score ligt een pak hoger dan het gemiddelde op dit forum. Geheel nutteloos probeer ik een verklaring te vinden voor het afwijkend gedrag – niet dat van mezelf natuurlijk, maar van de bijna 300 stemmers die me voorgingen. Alle begrip voor wie in de jaren ’70 getuige was van Bowies immer rijzende ster. In het licht van al die legendarische platen verscheen Pinups inderdaad als een tussendoortje. Een zelfde (onder)waardering is ook begrijpelijk voor al wie Bowie retrospectief ontdekte en zich hierbij meer liet leiden door artistieke belangen dan door prijsreducties. Toen ik Pinups ontdekte, kende ik geen enkel studioalbum van Bowie waaraan ik kon refereren.

Het hoeft dan ook niet te verbazen dat ik de originelen van dit coveralbum niet kende. Amper een vijftal artiesten deden meteen een belletje rinkelen: Pink Floyd, The Kinks, The Who, Springsteen en Brel. De keuze voor 'The Boss' springt eruit, want hij was anno 1973 nog een opkomend talent. Het werk van Brel was destijds misschien meer gekend in het VK. Met dank aan Scott Walker en Bowie zelve, die mijn waarde landgenoot integreerde in z’n Ziggy-concerten. Toen de docent Frans in de klas vroeg wie iets wist van Brel, antwoordde ik trots: "Il a influencé des artistes comme David Bowie." Dat werd door enkele klasgenoten op ongeloof en hoongelach onthaald. De docent gaf me wel gelijk, maar ging er helaas niet dieper op in. Het College van Oostende stond destijds niet bekend als een Rock ’n Roll High School. Brel in het Engels zorgde jaren later voor een aha-erlebnis toen ik mijn favoriete artiest Marc Almond ontdekte.

Dankzij Pinups kocht ik niet veel later in Milaan – op bezoek bij mijn Italiaanse vriendinnetje – een verzamel-cd van The Who. In die tijd dweepte ik met de ruige Stones en vond ik The Beatles te braaf en gedateerd. Gelukkig kwam ik vele jaren en één vriendin later tot een meer gefundeerd inzicht, maar bij mijn eerste luisterbeurten van The Who vond ik Jagger & Co. toch ook maar softies. The Who is voor mij minstens even proto-punk als The Stooges. Volgens m’n artificiële gesprekspartner is de link die ik nu leg tussen de Messiaanse flipperkastspeler Tommy en de even maniacaal aanbeden gitaargod Ziggy S. nog zo gek niet. Ik kan niet verklaren of sax-god Bowie met nummertjes 6 en 11 op Pinups expliciet zijn schatplichtigheid erkent aan Townshend & Co. Dat zal sowieso altijd en overal discussievoer zijn voor specialisten.

» details   » naar bericht  » reageer  

David Bowie - Changesbowie (1990) 4,0

25 december 2025, 22:42 uur

In het olympische jaar 1992 begon ik als 16-jarige mijn zuurverdiende centen stuk te slaan op cd’s. In dat pre-Napster-tijdperk waren compilaties voor mij dé manier om kwantiteit met kwaliteit te verenigen. Hoewel ik tegenwoordig – noem het gerust uit cultureel snobisme – neerkijk op verzamelalbums, waren ze toen voor mij onmisbaar. Met een budget van twee cd’s per maand bouwde ik gestaag aan een collectie: van o.a. Queen, de Stones, Eurythmics, Doe Maar, Deep Purple en Led Zeppelin. Bij wijze van uitzondering kocht ik studiowerk van U2, Pink Floyd en Metallica.

Twee redenen waarom ik met dit lijstje kom aandraven: 1. Ik ben best trots op mijn pubersmaak van toen. 2. Een aantal vermelde artiesten traden op tijdens het Freddie Mercury Tribute Concert in datzelfde 1992. En zo kom ik uit bij Bowie, die in Wembley Stadium het Onze Vader prevelde en met Annie Lennox en drie Queen-overlevers 'Under Pressure’ ten gehore bracht. Daarnaast kende ik nog enkele collaboraties van de man zoals ‘Tonight’, ‘Dancing in the Street’ en het wonderschone ‘This Is Not America’. Van z’n solowerk kende ik toen enkel de singles ‘Let’s Dance’, ‘Day-In Day-Out’, ‘China Girl’ en het op mezelf erg toepasselijke ’Absolute Beginners’. ChangesBowie opende m’n ogen en vooral m’n oren voor zijn magistrale werk uit de jaren ’70. Deze duizendpotige kameleon was meer, veel meer dan een hitmachine. Voor die openbaring, en ook uit nostalgie, geef ik gul vier sterren aan deze blikopener met doldraaiende kompasnaald.

Natuurlijk is deze compilatie onvolledig en ergens ook overbodig. Er zijn weinig artiesten die ik meer associeer met de kracht van integrale studio-albums dan De Dunne Witte Hertog. Mijn eerste Bowie-studio-albums waren Low, Lodger, The Man Who Sold the World en Pinups. Het is echt geen toeval dat deze albums géén enkele overlap hebben met ChangesBowie. Dubbele nummers op cd’s vond ik toen pure geldverspilling. Inmiddels heb ik, via tweedehands vinyl en de nodige downloads, het meeste Bowie-werk dubbel en dwars in de kast staan. En nee, ik lanceer hier geen oproep aan gelijkgestemden om dubbels te ruilen als waren het voetbalplaatjes. Daar reken ik de song 'Heroes' niet bij. De versie op deze verzamelschijf verschilt immers van de originele titel-track. In het universum van Bowie is artistieke verandering immers de enige constante.

» details   » naar bericht  » reageer