MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Capo Regime als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

O.C. & A.G. - Oasis (2009)

poster
3,0
D.I.T.C. (Diggin’ In The Crates) is een New Yorkse hiphopcrew die eigenlijk maar één echt album heeft uitgebracht, dat tevens de naam van de groep draagt. De plaat die in het jaar 2000 uitkwam wordt door hiphopliefhebbers gezien als een klassieker. Maar het zijn vooral de soloprojecten van de leden die echt aanzien hebben verworven. Showbiz & A.G. leken een bijzondere chemie met elkaar te hebben, terwijl Fat Joe met wisselend succes commerciële hiphop begon te maken. Big L is door zijn dood van begenadigd rapper tot legende omgedoopt, maar ook O.C., Lord Finesse, Buckwild en Diamond D bleven actief met wisselende productiviteit. Nu hebben de leden O.C. en A.G. elkaar hervonden en bundelen hun krachten op het gloednieuwe Oasis.

Het gezamenlijke cv van beide heren is best indrukwekkend, en het is dan ook niet gek dat de verwachtingen bij een dergelijke samenwerking tamelijk hoog zijn. Men zal ongetwijfeld gerustgesteld zijn bij het horen van de intro en tegelijk ook de titeltrack. De beat van Statik Selektah ademt de Eastcoastsound uit, en de vertrouwde stemmen van O.C. en A.G. nemen de luisteraar mee naar de jaren negentig. Dat is ook een beetje het verhaal van Oasis: de tracks voelen door de boombapdrums en het sporadische gescratch authentiek aan. De beats van Lord Finesse, Show en E Blaze staan heel erg op één lijn en de producers maken allemaal gebruik van sfeervolle samples met een breed scala aan instrumenten. Het gaat van warme saxofoongeluiden tot rustgevende piano-akkoorden. De producties staan in feite in contrast met de cover van het album: Oasis wordt namelijk geïllustreerd door een erg lelijke en drukke voorkant, terwijl de muziek op het schijfje eigenlijk vooral fijn voortkabbelt.

De rustige flow van beide heren klinkt enigszins tam zonder storend te zijn, om de simpele reden dat het goed past bij de muzikale ondersteuning. Teksttechnisch zijn er op het album geen hoogvliegers te vinden en weten de raps zich nergens los te maken van de beats. Als geheel klinkt het dan ook prima, maar bij een acapella-versie van Oasis zouden O.C. en A.G. ongetwijfeld door de mand vallen. Inhoudelijk proberen de rappers wel meerdere onderwerpen aan te snijden: in God’s Gift gaan ze op de religieuze tour, terwijl ze op Reality Is de mensen een spiegel voorhouden, en bij Boom Bap staat undergoundhiphop centraal. Toch lijkt keer op keer de aandacht wat te verslappen, waardoor ze terugvallen op wat clichégerijm.

Oasis is geen plaat die grijsgedraaid gaat worden op feesten. De rust die het uitstraalt en het tekort aan bas lijkt niet meer van deze tijd. Het is dan ook een album dat doet terugblikken op het vorige decennium. De matige teksten, de fijne rustige flows en de sfeervolle producties komen allen bij elkaar om een prettig geheel te vormen en een degelijk niveau te halen. Dit laatste wordt tevens van begin tot einde knap constant gehouden. O.C. en A.G. hebben duidelijke een connectie met producers als Lord Finesse en Show, en weten dit overtuigend te vertalen naar geluidsgolven. Het album bevat geen muziek die zich met toeters en bellen manifesteert, maar eerder sneaky het hoofd van de luisteraar insluipt. Oasis is zeker geen geniaal album, maar het is wel een degelijke en verrassend rustgevende plaat om bij onderuit te zakken.

Bron: www.hiphopleeft.nl