MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Via deze pagina blijf je op de hoogte van recente stemmen, meningen en recensies van verm1973. Standaard zie je de activiteiten in de huidige en vorige maand. Je kunt ook voor een van de volgende perioden kiezen: januari 2025, februari 2025, maart 2025, april 2025, mei 2025, juni 2025, juli 2025, augustus 2025, september 2025, oktober 2025, november 2025, december 2025, januari 2026

Clover County - Finer Things (2025) 4,0

27 september 2025, 15:44 uur

Recensie | Clover County - Finer Things | Nieuweplaat.nl

Clover County is een jonge Amerikaanse band met zangeres, gitarist en pianist Amandagrace Schiano in de hoofdrol. Debuut-ep Porch Lights uit 2024 maakte indruk, zij het in beperkte kring. Met haar eerste volledige album – Finer Things – gaat ze soepeltjes verder waar ze op de ep gebleven was: het maken van suikerspinzoete country-folk die in het verlengde ligt van The Paper Kites en op momenten doet terugdenken aan het debuutalbum van Taylor Swift.

Schiano zingt met een ‘southern drawl’-accent: langgerekte klinkers en een soms wat trager zangtempo, waardoor het klinkt alsof ze net een fractie te laat is. Een beetje vergelijkbaar met Kacey Musgraves. Het geeft de muziek van Clover County een warme laid-back sfeer. Anyway is zo’n – nu al – typische Clover County-track. ‘I love you in secret, I love you out of fear/And maybe I love you better when you’re not here’. De melancholie in haar stem verbloemt haar jonge leeftijd en haar songteksten zijn opvallend doorleefd en verhalend.

Ook in de track Sweeter weet Schiano met betrekkelijk eenvoudige zinnen een kort filmfragment te vervaardigen: ‘Curled up in the kitchen corner, tears roll down my neck/I swear it’s from the onions, but I’m just scared to death.’ Je ziet het voor je, hoe graag je het misschien ook niet zou willen. Ook hier balanceert de sound op het snijvlak van americana en country-folk. Warme melodielijnen en een intieme sfeer creëren een fijne balans tussen eenvoud en emotie. Een song als Yours Too doet iets soortgelijks en doet in wat denken aan Tied Together With A Smile van het debuutalbum van Taylor Swift.

Blue Suede Eyes (ja, onder andere over Elvis Presley) blinkt uit in emotionele resonantie. Deels door de poëtische lyrics en deels door Schianos herfstachtige warme stemkleur. Het is bijna jaloersmakend met hoeveel gemak ze in een paar minuten emotionele intimiteit en sfeervolle diepgang weet te stileren. Whiskey Cherry valt op door de licht golvende melodielijn. Het doet denken aan het zacht dansende gevoel waarmee Swift op haar album Folklore vaak zingt (bijvoorbeeld het lied Betty): een subtiel wiegende cadans, niet overdreven uptempo, maar genoeg ritme om de luisteraar mee te nemen.

Finer Things is daarmee een lekker luisteralbum geworden dat herkenbare elementen van artiesten als The Paper Kites, Slaid Cleaves en naar smaak of voorkeur Norah Jones/Taylor Swift samenvoegt tot een geheel eigen geluid. Muziek waaraan je je 42 minuten lang kunt opwarmen zonder dat er een verwarming of open haard in de buurt is. Clover County staat voorlopig nog op geen 150.000 streams op Spotify. Het moet gek lopen als Finer Things daar niet op korte termijn een substantiële en – meer dan terechte – exponentiële groei in laat zien.

» details   » naar bericht  » reageer  

Olivia Dean - The Art of Loving (2025) 4,0

25 september 2025, 21:57 uur

Recensie | Olivia Dean - The Art Of Loving | Nieuweplaat.nl

Een tweede album, ga er maar aan staan. De Engelsen hebben er zelfs een term voor: het second album syndrome. Daar waar een eerste plaat vaak een verzameling is van jarenlang schrijven, dromen en uitproberen, is er voor het tweede album ineens veel minder tijd en liggen verwachtingen op de loer. Olivia Dean weet daar wel raad mee. Haar debuut Messy uit 2023 werd internationaal goed ontvangen en het lijdt geen twijfel dat dit ook met opvolger The Art Of Loving gaat gebeuren.

Nu kunnen we hier een vlammend betoog houden dat dit tweede album wat veilig klinkt. Alle twaalf tracks op The Art Of Loving zouden zich prima thuis voelen op Messy. En alle twaalf laten qua thematiek, productie en instrumentatie weinig verrassends horen ten opzichte van Deans debuut. Maar dat zijn precies de redenen waarom het zo’n fijne plaat is: je voelt je er meteen in thuis. Alsof je een plaat herontdekt die al jaren in de kast bleek te staan.

Van de eerste drie singles is Man I Need de meest succesvolle; Dean scoorde hiermee haar eerste nummer 1-hit in Nederland (in andere landen zal dit ongetwijfeld opvolging krijgen). Het lied gaat over een persoon die houvast zoekt in woorden, omdat de daden en stilte van de ander voor verwarring zorgen. Wie The Art Of Loving luistert zal horen dat zo goed als elke song een charme huisvest als Man I Need. En toch: alles wijkt net voldoende af van elkaar om boeiend te blijven. Bijvoorbeeld So Easy (To Fall In Love), een vrolijk en flirterige ode aan aantrekkingskracht en zelfvertrouwen, waarin je charme van Diana Ross in haar Motownperiode hoort.  Of een track als Loud met de prachtige en pijnlijke zin ‘You turn me on just to turn me down’, waarin Dean laat horen ook te beschikken over een getroebleerd stemgeluid met dito emotie en lading. De repeterende zin ‘The silence is so loud’ in dit lied mag dan misschien in woord niet bijster origineel zijn, in uitvoering is het indrukwekkend. Let ook vooral op de sterke productie; hoe dit lied opent met een Spaanse gitaar en eindigt op piano.

‘The art of loving/It wasn't all to nothing/You taught me something’ uit de titeltrack én albumopener doet denken aan het boek The Art Of Loving van Erich Fromm (1900-1980). Hij betoogt dat liefhebben net als schilderen of muziek maken vraagt om oefening, inzet en bewustzijn. Met dit tweede album laat Olivia Dean horen dat ze vol overgave met dit drieluik bezig is. Misschien niet zo overtuigend (lees: verrassend) als haar debuutalbum Messy, maar meer dan ruim voldoende om het pleit van het second album syndrome in haar voordeel te beslechten. In die zin is de hoes van The Art Of Loving treffend: vergelijkbaar met het vorige album, maar met net iets minder kleur op de wangen.

» details   » naar bericht  » reageer  

Lola Young - I'm Only F**king Myself (2025) 3,5

18 september 2025, 13:53 uur

Recensie | Lola Young - I'm Only F**king Myself | Nieuweplaat.nl

Ook op haar derde album – I’m Only F**king Myself – hanteert Lola Young de recht-in-je-gezicht benadering. De openhartige dagboek-songteksten brengen nergens een scheidslijn tussen wat persoonlijk is (intiem maar deelbaar) en wat privé (te intiem dus niet deelbaar), waardoor luisteren naar I’m Only F**king Myself zowel ongemakkelijk als intrigerend is. Rauw, grof en ongepolijst laveert Lola Young veertien nummers lang tussen pijnlijke eerlijkheid en ongefilterde kwetsbaarheid, waarin het thema seks veelal centraal staat.

Zoals in F**k Everyone. ‘I’ve been touching on your father, giving him head/He’s been blowing up my phone, but I blow him instead’ is een zin die de intentie en intensiteit van het hele lied aardig samenvat. Maar wie de gehele songtekst tot zich neemt, zal tot de conclusie komen dat elke willekeurig gekozen zin uit deze song hier dienst had kunnen doen. Even expliciet, maar voorzien van een veel zachtere omlijsting is het lied One Thing. Deze omlijsting komt in de vorm van zero’s-r&b, zoals we die kennen van artiesten als Ne-Yo, Usher en Craig David. Later op het album horen we ook vleugjes Prince langskomen, bijvoorbeeld in Why Do I Feel Better When I Hurt You?. Songs als deze glijden heerlijk soepel het gehoor in en doen in geen velden of wegen denken aan Amy Winehouse, waar Lola Young zo vaak mee vergeleken is.

Over het lied Spiders zegt Young: “Soms wil je datgene waar je het meest bang voor bent in het leven doden, maar als je het echt onder ogen ziet, is het echt niet zo eng als je dacht.” Spiders is de sterkste track op I’m Only F**king Myself door de sterke opstuwende samenwerking tussen songtekst en productie. Het is niet zomaar een alledaags liefdeslied, maar meer een toneelstuk waarin je als luisteraar – bijna onvrijwillig – de drama-driehoek ingezogen wordt en in de rol van Redder wordt geduwd (de andere twee rollen zijn Slachtoffer en Aanklager/Dader). Dit zal zijn weerslag hebben op live-uitvoeringen van dit nummer, als het publiek de positie inneemt van trooster/geruststeller en er een symbiose ontstaat tussen zangeres en concertbezoekers. Nu al een kippenvel-moment nog voordat het gebeurd is!

Naast deze hunkerende, grofgebekte Young is er ook de zelfbewuste, sterke Young die strepen in het zand trekt. ‘Just cause you’re a man don’t mean you can sit there and treat mе like shit on your shoes’ uit Walk All Over You is de weergave van de glasheldere begrenzende andere kant van de Messy-zangeres. Laat het een muzikale reddingsboei zijn voor eenieder die zich in een gelijksoortige destructieve relatie bevindt. Minstens zo indrukwekkend is Who F**king Cares?. Andere thematiek, namelijk die van identiteitsverlies in een relatie, maar de impact ervan – mede door de diaristische tekst en uitvoering – is groots. Wat blijft er over als de eerlijkheid erodeert en je met elkaar een hoopje niets blijkt te zijn? Rauw, intiem, ontroerend en ongemakkelijk op hetzelfde moment.

En dat is misschien wel in een notendop wat I’m Only F**king Myself als album is: rauw, intiem, ontroerend en ongemakkelijk op hetzelfde moment. Dit is van toepassing op alle veertien tracks, maar bij de een sterker dan bij de ander. Tekstueel en soms ook muzikaal herhaalt Young zich net iets te veel om de plaat als geheel boven het maaiveld uit te tillen. Dat gezegd hebbende zijn er weinig artiesten die zich zo openlijk in de ziel laten luisteren zoals Lola Young dat toestaat. Dat brengt een kleurenwaaier aan emoties met zich mee: van een ‘too-much-info’-gevoel tot aan troostrijke ontroering. Het maakt het luisteren naar I’m Only F**king Myself intrigerend. Meer dan dat eigenlijk. Youngs ‘working class roughness’ zet aan tot nadenken over je eigen definities van persoonlijk en privé. Mogelijk hebben die ook te lijden onder enige vorm van erosie. Zo ja, dan biedt I’m Only F**king Myself een rijk aantal dagboek-handvatten voor herziening en herstel.

» details   » naar bericht  » reageer  

Ed Sheeran - Play (2025) 2,5

12 september 2025, 10:59 uur

Recensie | Ed Sheeran - Play | Nieuweplaat.nl

Na een vijftal albums met wiskundige symbolen trapt de Britse singer-songwriter Ed Sheeran af voor een nieuwe reeks van vijf symbool-albums. Te beginnen met Play waarna de reeks vervolgd zal worden met Pause, Fast Forward, Rewind, en Stop. Over Play zei Sheeran dat het album “een achtbaan van emoties [is] waarin plezier en licht na een donkere periode centraal staan.” Onbevangen, creatief, luchtig. Althans, zo omschrijft Sheeran het. Soms raakt marketingtaal de werkelijkheid. Vaak ook niet, zoals in dit geval.

Op zijn best is Play een album met dertien liedjes die in meerderheid een goedkoop afgietsel zijn van eerder werk van Sheeran. Zo horen we Sheeran al rappend het album openen in het lied Opening, maar niet voordat hij eerst anderhalve minuut zijn kopstem dusdanig hoog aanzet dat je er vleermuizen mee uit de spouwmuren zou kunnen verwijderen. Over zijn rapkunsten zijn de meningen altijd al verdeeld geweest en die discussie zal er met dit werk nieuwe voeding krijgen. Ook op A Little More rapt Sheeran in de coupletten, maar pakt beter uit door de Jason Mraz-achtige zomerklanken van dit nummer.

Een van zijn grote hits is Photograph (X, 2014); een ode aan de kracht van herinneringen en beelden om liefde te bewaren. Logisch muzikaal verlengstuk hiervan is Camera. Maar in tegenstelling tot Photograph heeft hij nu genoeg aan het moment zelf: ‘I don't need a camera to capture this moment/I'll remember how you look tonight for all my life.’ Noem het persoonlijke groei. Iets dat niet blijkt uit Old Phone, dat meer een soort plastische beschrijving van gebeurtenissen is, zoals hij dat eerder deed op Castle On The Hill (÷, 2017). Persoonlijke ontboezemingen als ‘I feel an overwhelming sadness/Of all the friends I do not have left/Seeing how my family has fracturеd’ laten een gekwetste Sheeran horen. Op papier wel te verstaan, want de opbeurende muzikale omlijsting trekt helaas de angel uit het lied. Als je dan toch afgietsels aan het maken bent, kan een Thinking Out Loud (X, 2014) 2.0 niet ontbreken. The Vow is doelbewust gemaakt om te fungeren als openingsdans op bruiloften. En door dit effectbejag schiet het zijn doel helaas voorbij, alle goede bedoelingen te spijt.

Nee, creatief is nu niet het kernwoord waarmee Play is samen te vatten. Hoe zit het dan met (Sheerans eigen woorden) onbevangen en luchtig? Dat laatste is terug te horen in de tracks die afgemixt zijn in India als Sapphire en Symmetry en van ‘kleur’ zijn voorzien met Arabische, Perzische en Hindoestaanse muziekinvloeden. Niet dat deze tracks hiermee luchtig worden, maar ze ademen wel meer sfeer en kwaliteit. En onbevangen? We nemen het voor lief aan, maar voelen het nergens terug in de dertien tracks.

Play luistert meer als een mixtape dan als een album. Het klinkt als een samenraapsel van left-overs uit het oeuvre van Sheeran zonder enige samenhang, aangevuld met wat Indiase smaakmakers als kardemom en koriander. Hoewel het mede door deze ingrediënten een aantal aardige liedjes kent, doet Play over het geheel beluisterd de albumtitel geen recht aan.

» details   » naar bericht  » reageer  

Tom Odell - A Wonderful Life (2025) 4,0

5 september 2025, 17:47 uur

Recensie | Tom Odell - A Wonderful Life | Nieuweplaat.nl

Op zijn zevende studioalbum – met de ironisch bedoelde titel A Wonderful Life – gooit de Britse singer-songwriter Tom Odell het over een andere boeg. Op zijn debuutplaat Long Way Down uit 2013 koos hij voor intieme en live-geïnspireerde opnamesetting met voltallige band om zo de authenticiteit van zijn muziek te benadrukken. Maar op de daarop volgende albums werd deze aanpak steeds minder hoorbaar. Op A Wonderful Life keert Odell terug naar die opnamestijl.

Om dat te benadrukken trapt A Wonderful Life – niet bijster origineel - af met een hoorbaar tellende drummer als opmaat naar de eerste klanken van Don’t Let Me Go. Maar eerlijk is eerlijk, hoewel het alle tekenen van effectbejag heeft, werkt het wel degelijk. Don’t Let Me Go klinkt warm, organisch en levendig. Het zijn details als de klank van de cimbalen en de doffe dreunen van de basedrum die opvallen. Deze zijn het gevolg van ‘bleeding’: het verschijnsel dat een microfoon niet alleen het bedoelde instrument oppikt, maar ook geluid van de andere instrumenten in de ruimte. Het is een nadeel van deze vorm van opnemen, als je al van een nadeel kunt spreken.

Prayer is een soort innerlijk tweegesprek over verdriet en het zoeken naar troost. Odell lijkt hier een persoonlijk intiem verhaal uit de doeken te doen. Een verhaal dat qua sound meer past bij zijn vorige plaat Black Friday uit 2024. Wat verder opvalt aan deze rustige, op strijkers leunende, ballade is dat de zangpartij van Odell uit twee losse sporen (link en rechts) bestaat. Weliswaar mooi, maar toch niet in lijn met het door hem gewenste live-gevoel. Daar staat gelukkig Can We Just Go Home Now tegenover. Een Radiohead-aandoende track, waarop Odell overtuigt in emotionele zang, rauwe oprechtheid en creatieve urgentie die doet terugdenken aan tracks als Sirens uit zijn beginjaren. Dit geldt misschien nog wel meer voor het als single uitgebrachte Ugly. Deze Tom Odell-variant van Creep (Radiohead, 1993) is het beste nummer op deze plaat en een – terecht – snelle stijger op de playlist van liedjes die bezoekers van zijn concerten willen horen (3 en 4 november in de Ziggo Dome te Amsterdam).

Toch wordt de ironie van de albumtitel (en daarmee ook een deel van de lyrieken) pas duidelijk bij het beluisteren van het titelstuk. Elk couplet in het lied A Wondeful Life bestaat uit een viertal vignetten; korte scènes die een vorm van pijn, verlies of existentiële spanning in zich dragen. Bijvoorbeeld deze twee uit het eerste couplet: ‘The little boy at the airport waving his father goodbye/The lover in the bedroom saying "I'm sorry I lied"’. Doordat vervolgens in het refrein herhaaldelijk ‘What a wonderful life’ klinkt, krijgt het lied als totaal een bitterzoete cynische lading. Schril contrast is vervolgens een track als Strange House dat weer veel meer een Nick Cave-vibe ademt. Luister daarbij vooral naar de laatste twee woorden van dit lied. Die berusting in onzekerheid is ontroerend pijnlijk en mooi tegelijk.

Geheel in stijl (wie verwacht er nu géén crescendo-uitgeleide) neemt A Wonderful Life afscheid van de luisteraar met The End Of Suffering (ook voorzien van een telmoment, zoals in het openingsnummer). Dit slotakkoord rechtvaardigt nogmaals de keuze voor live-opname setting. Het zorgt ervoor dat dit slotlied, en daarmee de plaat in zijn geheel, een levendige en veelal emotioneel intense sfeer krijgt. Een sfeer die ergens iets wegheeft van het album Sea Change van Beck uit 2002.

A Wonderful Life doet, als we het naar de kern terugbrengen, twee dingen: het globaliseert ellende en het personaliseert liefde. Het eerdergenoemde bleed-effect versterkt daarbij het gevoel van de chaotische en overweldigende werkelijkheid, terwijl Odells stemgeluid juist de kant van de kwetsbare, intieme liefde benadrukt. Dit getuigt van artistieke groei. Wat echter nog ontbreekt is een tussenlaag die de brug vormt tussen “dit neem ik waar” en “dit raakt me op deze manier”. Maar ook zonder die brug is A Wonderful Life een pracht van een plaat geworden die Tom Odell laat klinken zoals velen hem het liefst horen: doordrenkt met emotie, drama en intens overtuigend.

» details   » naar bericht  » reageer