Na precies drie (!) seconden weet je het. Dit IS Yello. Geen twijfel mogelijk. Dat je zo snel tot die ontdekking komt, kan zowel positief als negatief uitgelegd worden. Laat ik chagerijnig beginnen: er is werkelijk geen enkele ontwikkeling in de "sound" van Yello te bespeuren op dit, naar ik meen, twaalfde album. Althans, die ontwikkeling is kennelijk gestopt vanaf pakweg Flag uit 1988. Tot zover het slechte nieuws.
Het goede nieuws is gelukkig langer. Want wat zou het, het is evengoed bewijs van de volstrekt unieke plaats die deze ubercoole Zwitserse dandy's in de popmuziek hebben weten te bemachtigen. En als er dan eens in de vijf jaar een cd uitkomt die precies zo klinkt als de vorige maar wel weer het genot van een 14-tal nieuwe variaties op een heerlijk thema oplevert, ga je mij niet horen klagen. Yello maakt namelijk al bijna 30 jaar (!) pakkende electronische muziek met een aantal elementen die misschien wel nageaapt worden, maar nooit zo goed worden uitgewerkt als door deze perfectionisten. Toegegeven , de hypnotiserende gekte van de eerste releases is er wel af. Maar mag het. Ze liepen in 1981 al 20 jaar voor de muziek uit, hebben voorgedaan hoe je baanbrekende platen maakt, een sound gevonden waar ze zich lekker bij voelen en die vervolgens geperfectioneerd. En dat laatse levert dan allicht geen verrassingen meer op maar dus wel weer een plaat die, zoals te doen gebruikelijk, klinkt als een klok. Ja Zwitserland he. Mocht je ooit boxen gaan kopen en een cd-tje mee willen nemen om te testen, neem dan deze Touch (of iedere andere Yello release) NIET mee. Zelfs de prutsboxen van Philips klinken met een cd als deze alsof je een set van duizenden euro's voor je hebt. Valt thuis dan een beetje tegen als de nieuwe Editors ofzo er in gaat
Dus wat valt er te horen. De typisch wegtikkende (Zwitsers he...) percussie, de typische versneden truukjes met de stem, de typische zang/voordracht van Boris Blank, de typische electronische vondsten die door de melodie stuiteren, de typische soundscapes, de typische waves, de typische gastbijdragen. Typisch plaatje dus,zoals alle platen van Yello typisch zijn en vooral ook typisch Yello.
Niks te klagen dan? Ja toch wel een beetje. Die knul met die toeter had van mij niet gehoeven en het tempo is af en toe wel heel laidback. De mannen worden toch een beetje oud. Maar ach, ik inmiddels ook en ik ben blij dat ik nog eens enthousiast kan zijn over een plaat van knapen die al oud waren toen ik als 18 jarige omver werd geblazen door You Gotta Say Yes to Another Excess.
Zoals ik allicht eerder gemeld heb, heb ik een hekel aan incomplete discografien in de kast. Bij veel favo's zit er dan altijd wel een brakke plaat tussen. Bij Yello niet. Dikke dikke pret.