MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Venceremos als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Tapper Zukie - Tapper Zukie in Dub (1976)

Alternatieve titel: Tappa Zukie in Dub

poster
3,5
In Engeland vooral bekend als deejay (MPLA, Oh Lord, She Wants a Phensic o.a.) want vanuit dat land betrad Zukie zijn eerste opgenomen schreden op het muzikale pad. De postpunk/wave van die tijd had het ook wel op reggae, niet heel verwonderlijk dus dat hij in '77 met Patti Smith op het podium stond.

Eenmaal terug in JA was de imposante toaster eerst en vooral de persoonlijke bodyguard van topproducer Bunny 'Striker' Lee. Hij was zo vaak in de studio te vinden en dusdanig geïnteresseerd dat een producersrol in het verschiet lag Dit album is de eerste vrucht hiervan en bevat, naast eigen riddims, vooral originelen van Linval Thompson en Prince Alla (met en zonder Junior Ross). Voor die laatsten verwijs ik graag naar het later te bespreken Prince Alla & Junior Ross - I Can Hear the Children Singing 1975-1978.

Dit is een ontspannen dubplaatje maar wel een vrij saaie/conventionele. Ik heb 'm voor het eerst sinds pakweg 5 jaar geluisterd en vermoed ook dat er wederom stof gaat gehapt worden.

De Blood & Fire tussenstand:

01. King Tubby & Friends - Dub Gone Crazy
02. Horace Andy - In the Light / In the Light Dub
03. Burning Spear - Social Living
04. VA - If Deejay Was Your Trade
05. King Tubby & Yabby U - King Tubby's Prophesy of Dub
06. Tapper Zukie - Tappa Zukie in Dub
07. Keith Hudson - Pick a Dub

The Antlers - Green to Gold (2021)

poster
4,0
Film begint met een ruraal landschap van groene heuvels blokhutten wat dient als dansdecor.
Instrumentaal begin, gedurfd toonzettend(?)
Wheels Roll Home is een degelijke popsong maar niet zeer memorabel ofzo.
Dansen gaat gauw vervelen pretentieus zweverig (vooral tijdens Solstice), nummer geeft weeïge associaties. Ik ga over op enkel audio.
Stubborn Man klinkt dan weer mooi ingehouden gelukkig. Subtiele instrumentatie flashback naar Familiars.
Ook de sterkste van de vooruitgesnelde singles, Just One Sec is mooi klein en weet weer instrumentaal te raken. De lichte, wat verder weg klinkende percussie is hier ook debet aan.
It Is What It Is was het eerste dat de fans na 7 jaar te horen kregen, het blazertje halverwege maakt dit toch wel tot een erg lekker nummertje. Heeft Darby Cicci dit nog ingespeeld?
De langere songs Volunteer en het titelnummer meanderen er ingehouden op los en geven bij meerdere luisterbeurten hun volledige schoonheid waarschijnlijk pas prijs. Bij Green to Gold is zowaar een basgitaar te ontwaren, erg ontspannen en zonnig.
Buitenbeentje Porchlight heeft een prettig pianoriedeltje en behoort tot mijn favorieten van dit album, dat ook weer instrumentaal wordt afgesloten.

Al met al een prima doch niet wereldschokkend werkstuk. Silberman zingt voornamelijk rechtuit, zonder al te veel pathos en het klankentapijt is weer subliem. Een warme, niet al te zwaar geladen plaat met een paar lichte uitschieters (#4,5,6,9) na een ietwat stroeve start.

The Clockworks - Exit Strategy (2023)

poster
Kom er niet doorheen; té generieke muziek en de ergerlijk makkelijke refreintjes (mayday/payday, bills/pills) hebben mij na 3 nrs. de stopknop doen bedienen

The Congos - Heart of the Congos (1977)

poster
4,5
Voor mij is dat het magisch atypische geluid van de Black Ark studio icm de ijle (Myton) en de zware (Johnson) stemmen. De Perry-producties zijn altijd al erg ruimtelijk en dus een gespreid bedje. Als geheel is dit natuurlijk een hele dikke klassieker, zeker ook door de steeds wisselende achtergrondvocalen (Heptones!, Meditations! en Gregory Isaacs!) maar het openingsnummer maakt het pas écht iconisch: ya-ho!!!

Los hiervan heb ik steeds weer andere favoriete songs en mede door die afwisseling ontstaat een soort lichtheid op het album. Daardoor zet ik 'm graag & vaak op. De BAF-cover is trouwens prachtig: een voodoo-achtige collage waarbij elk object symbool voor 1 van de 12 nummers staat. De Black Ark studio stond ook bekend om zijn bonte verzameling snuisterijen.

De Blood & Fire tussenstand:

01. The Congos - Heart of the Congos
02. King Tubby & Friends - Dub Gone Crazy
03. Horace Andy - In the Light / In the Light Dub
04. Burning Spear - Social Living
05. VA - If Deejay Was Your Trade
06. King Tubby & Yabby U - King Tubby's Prophesy of Dub
07. Tapper Zukie - Tappa Zukie in Dub
08. Keith Hudson - Pick a Dub

The Golden Dregs - On Grace & Dignity (2023)

poster
2,5
Lambchop meets Silver Jews maar dan saaier.

The Howl & The Hum - Human Contact (2020)

poster
2,0
Die opener zag ik alvast niet aankomen. Best avontuurlijk/veelbelovend.
Dan #3, Hall of Fame wat een verschrikkelijk clichématig obligaat gedateerde stadionrocker. Die lijn wordt met Hostages voortgezet zij het op een wat lager tempo.
Murmur is R&B-leentjebuur met Sam Smith-achtige uithalen, alvorens The Only Boy Racer Left on the Island terecht laat zien tot single te zijn verkozen.
Daarna wordt het album een ietwat kwezelig eenvormige brij, vervelend om uit te luisteren. De goedkope synths op 27 als dieptepunt.

Na Sorry (live wél OK) het 2e ESNS-bandje van dit jaar wat op plaat flink teleurstelt. Ik was bijna het hype'je gaan geloven en twijfelde tussen H&TH en het recht tegenover geprogrammeerde Lankum. Juiste keus gemaakt me dunkt.
Gevalletje verkeerd verwachtingspatroon.

The Veils - ...And Out of the Void Came Love (2023)

poster
3,5
Er had van mij best wat meer in gesnoeid mogen worden en dan met name in de wat standaard uitgevoerde 'solo'-songs. De afsluiter lijkt een staaltje zelfplagiaat (vgl. One Piece at a Time) Het afwisselende blokje #11-#13 vormt het hoogtepunt van een plaat die met plusminus 10 nummers een 4* zekerheidje had geweest.

Timber Timbre - Sincerely, Future Pollution (2017)

poster
3,5
Als deze plaat naast Hot Dreams wordt gelegd, lijkt er sprake van een natuurlijke progressie in klankkleur. Waar Hot Dreams al iets smooths/suaves heeft door wat toegevoegde electronica en Colin Stetson's sax, gaat Timber Timbre hier helemaal all the way. En da's net een stapje over de rand.

Gezien de cabin-in-de-woods historie vd band, vervreemden ze mij met deze plaat behoorlijk al weet Taylor Kirk bij vlagen wel te overtuigen met zijn aparte dictie (Velvet Gloves, Western Questions) en klinkt het geheel verfrissend. Maar een heel album lang een synthetische sound trek ik ook van eenfavoriet bandje maar moeilijk. Straks maar weer een uitstapje naar de bossen?

Tin Fingers - Rock Bottom Ballads (2023)

poster
4,0
Mooie beheersing en dosering van instrumenten. Dit album is vooral een pakkend broeierige combinatie van elektronica en piano. In dat licht doet (met name bij de opener) de stem van de zanger mij naast voornoemde, ook denken aan James Blake. Na één x luisteren zijn Drumming en Hideout mijn sterretjes-songs; beiden helder, meeslepend en subtiel . Enkel het lichtelijk euforische LSD is mij van het goede wat te veel wat niet wegneemt dat Rock Bottom Ballads veel gedraaid zal gaan worden.

Jammer dat Tin Fingers (voorlopig) niet in mijn buurt komt optreden. Zouden zeker niet misstaan op Eurosonic.

Tumbélé! (2009)

Alternatieve titel: Biguine, Afro & Latin Sounds from the French Caribbean, 1963-74

poster
4,5
Misschien wel mijn meest gedraaide reissue tout court. Hypnotiserend stuwende ritmes die niet helemaal te plaatsen zijn en in een taal die zo soms op Frans lijkt, heerlijk. Het typische Hamond-gefreak vliegt nergens uit de bocht en staat volledig in dienst van de songs. De eerste 2 zijn al geweldig en vormen een blauwdruk voor deze zorgvuldig samengestelde plaat. Ook krijgen we in de 2de helft nog een vleugje Afro-Latin mee als kers op de taart en belichaming van de Caribische smeltkroes.

Strut-pendanten Disques Debs International Volume 1 en Haïti Direct (nog niet op MuMe) zijn vergelijkbaar en ook de muziek van Franse (ex-)gebiedsdelen Réunion en Mauritius bevat treffende overeenkomsten.