Hier kun je zien welke berichten pygmydanny als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Ik heb hier de CD in huis net als ongeveer alle singles en maxi's van 1000 Ohm.
1981 staat als releasejaar van A.G.N.E.S. op Discogs (eerder werd het in 1979 geplaatst), maar omdat recensies in de Belgische pers (HUMO, Joepie) dateren van het voorjaar van 1982 zal het wellicht een late single-release uit '81 geweest zijn.
Het ultra poppy nummer had een kleine hit geworden zijn als ze voor het TV-programma Hitring de tekst iets hadden willen aanpassen. Het programma nam afstoot van het stukje tekst 'Are you gonna lick me...' maar de groep weigerde het voor TV aan te passen. Het nummer werd later in een tragere en langere versie op 12-inch uitgebracht. In 1982 deden ze ook het voorprogramma voor een Depeche Mode optreden in België.
B-kant Look Around doet me wat aan Fischer-Z denken. Daarna werd het meer obscuurdere synth-pop met toch wel kleine favorieten als het melancholische The Station Hall en het op Yazoo lijkende You Lose.
Opmerkelijk genoeg namen ze hun eerste single op in de Antwerpse Ace-studio die zanger/toetsenist Frank Van Bogaert later overnam en naar de Ardennen verhuisde.
Fijne tweede single van 1000 Ohm. Niet zo'n klassieker als A.G.N.E.S., wel fijne synthpop met drums.
In de snellere stukjes klinken ze in het titelnummer als Depeche Mode op de Some Bizzare-versie van Photographic (In '82 verzorgden ze het voorprogramma voor DM in Mechelen). De strofes van Berlin 33 zijn wat stroever, maar dat maken ze goed met het fijne refrein (die hi-hats!). Aflsuiten doen ze met het instrumentale Red Light Favourites; mooie synthmelodie en een fijne malancholische bassynth eronder.
Het wachten blijft op de in de zomer van 2019 aangekondigde Best Of-CD.
Deze valt me na herbeluistering toch tegen.
De meeste nummers hebben een een geprogrammeerd drumritme en dubachtige bas aan de basis waaroverheen dan andere geluiden of instrumenten erg hoog overheen in de mix komen; de cymbaal in Dusty Water, de stukjes drums in Monsterke en My Meat Won’t Keep, de geluiden/stoorzenders in My Meat Won’t Keep en I Have A Bright Mind.
Ook wordt het aan het eind van sommige nummers te druk om genietbaar te zijn (Soulsmasking, When Fire Breaks Out) en werkt de zang van Rembert de Smet met zijn uithalen soms te vermoeiend.
Op Call Me valt alles gelukkig wel mooi op de juiste plaats. De zang is ontroerend en ingetogener, de gitaarlijn fijn en de hoge drums storen deze keer niet. Fijn vind ik ook de Afrikaanse klanken op Collect These Shades On My Face en in mindere mate op When Fire Breaks Out .