Paar maanden terug verzorgde Hamish Hawk solo het voorprogramma van Villagers. Dat was de goede aanleiding om me te verdiepen in de Singersonger uit Edinburgh, Scotland. Bleek dat ik twee eerdere albums geluisterd had, maar dat was ik min of meer weer vergeten. Dus eigenlijk weer blanco Hamish beluistert als supportact en dwars door de beperking van solozang met gitaarbegeleiding heen bleken het uitzonderlijk fijne songs te zijn. Het volwaardige album is eigenlijk van een andere orde, want dit derde album klinkt al lang niet meer singersong achtig maar als een volwaardige band met stevige gitaren met perfect geplaatste synths.
Muzikaal zijn inspiratiebronnen als Morrissey met The Smiths en Brett Anderson met Suede overduidelijk aanwezig, om er maar direct aan toe te voegen dat Hawk zich nergens als kopiist gedraagt, maar gewoon goede muzikale ideeën gebruikt. Hij voegt daar innemend een croonende Bariton stem aan toe en zelfs af een toe een 70-ties disco beat of een 80-ties New wave sound.
Tekstueel word Homo erotiek bezongen ongecensureerd en exhibitionistische :
Love is for losers, lust is a boast
You can film me, Stripped back for cash
I’ll find me a man who understands
Maar ook algemene thema’s als escapisme en zelfdestructie. En in rauwe doorleefde teksten. die voor de details eigenlijk alleen goed te volgen zijn met de uitgeschreven lyrics erbij. Hij is tenslotte een volleerde songwriter.
Met andere woorden, een rauw album dan voorbij vliegt en dat herbeluistering afdwingt. Een eigen headline tour zou dan ook zeer welcome zijn, maar zie niet veel beweging in zijn 2024 agenda. Vermoedelijk eerst de reacties op dit album afwachten.