Hier kun je zien welke berichten Ducoz als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Zachary Lucky, een Canadese singersongwriter die ik steevast een warm hart toedraag. Ik weet niet precies wat het is, buiten de muziek natuurlijk, wat mij raakt aan deze singersongwriter.. maar alles aan deze kerel is sympathiek. Het touren door (voornamelijk) Canada, het bij elkaar schrapen van de centen om er wat aan te verdienen, zijn eigen verkoop van zijn muziek online en bij concerten.. de manier hoe hij zijn leven vast legt op de digitale kanalen...
Ik viel ooit voor het kale geluis van zijn EP 'Saskatchewan', waarop hij slechts door een druilerige pedalsteel wordt begeleid. De emotie, de akkoorden.. alles riep beelden van de Canadese vlaktes, bossen en eindeloze wegen op. Het komen en gaan van de winter, de groeiende rivieren met smeltwater.. de afstanden tussen jezelf en geliefden.
Op deze nieuweling (2016) gaat Lucky wat poppier te werk en wordt hier omringt door een volledige band. Dat geeft de nummers meer body en kleur. Her en der zelfs wat elektrische gitaat, wat een aardige stijlbreuk is met zijn vorige werkt. Soms wahwah-t hij op zo'n manier dat ik zelfs aan wat singersongwriters uit de late jaren 60 en vroege jaren 70 moet denken. Dat is dus niet per sé een slecht iets.
Maar heeft hij het nodig? Al die aankleding? Het simpele antwoord is kort en bondig: nee.
Alles valt prima op zijn plek en wordt er vooral in dienst van de liedjes gespeelt.. maar toch bekruipt mij het gevoel dat hier less more is.
De themas van de nummers zijn bekend en geen vreemde binnen het genre. Lucky heeft tegenwoordig een familie en dat merk je. Je kan als mens maar op een plek te gelijk zijn. Hoe je hart ook verlangt naar het een, soms moet je ergens anders voor de kost zijn. Daarnaast is er een fikse Amerikanisering aan de gang en bezingt Lucky wat meer Amerikaanse themas.. zo als de zuidelijkere staten van de US en de murderballad richting het einde van de plaat. Wellicht wordt er geprobeert om het eventiele Amerikaanse publiek wat meer aan te spreken en zo zijn gebied wat te vergroten. Ik gun het hem van harte, maar of "Everywhere a Man Can Be" dat verschil gaat maken? Ook daar kan ik kort over zijn, het antwoord is nee.
Lucky scoort in zijn eenvoud en maakt het verschil als hij kaal is, de minimale poespas heeft geen echte meerwaarde. Wat wij hier hebben is een prima folk/country plaat waar je graag naar zal luisteren en addities uit het oeuvre van Lucky zal je leven zeker verreiken. Zijn nieuwe plaat wordt weer wat akoestischer, vertelde hij me.
Fijne licht psychedelische, prog plaat.
Dit moet een rare een in de bijt zijn geweest zo rond 1977.
Vandaar dat de plaat destijds waarschijnlijk ook niet verkocht, de tijdsgeest was destijds ver verschoven van wat dat in 1969 was geweest.
De 'love your brother' gedachte en psychedelica waren uit de mode, synthesisers stonden op het moment hip te worden, disco was in, de Beach Boys gebruikte drumcomputers en King Crimson hield een adempauze en zou pas in '81 weer van zich laten horen. Emerson, Lake and Palmer zouden in deze en de opvolgende jaren hun slechtste materiaal ooit op plaat gaan zetten (Works en Love Beach).
Daar was Zoldar & Clark. Nergens blinkt dit album echt uit, maar lekker klinken doet het wel. Kwam het in '69 uit, naast In the Court of... dan was de keuze makkelijk geweest, In The Court of.. dan maar. Ik denk echter wel dat deze plaat nog enigzinds wat had gedaan.
Lunar Progressions had zo een nummer van King Crimson kunnen zijn rond In the Wake of.. terwijl Day After Day meer op acid folk lijkt. Dat vind ik overigens een heerlijk nummer.
Dit album is op CD uitgekomen op het label Erebus. Het label staat nogal bekend om de 'smash and grab' mentaliteit. Dat wil zeggen dat ze albums pakken die in de vergetelheid zijn geraakt om ze vervolgens op CD uit te brengen zonder dat daar rechten voor zijn gekocht, brengen ze uit in een kleine oplage en maken zich uit de voeten. Label verdwijnt dan weer. Jammer is dat, maar ze brengen wel aardige dingen uit zoals dit album, maar ook Bridge - Bridge (Canadese rootsrock ala Neil Young) en Paul Hibbets - Childhood Dream (Jesus georienteerde folkrock met een overheersende hammondsound, heerlijk maar dat god-jesus gedoe..)