Hier kun je zien welke berichten Slowgaze als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Caro Emerald - Deleted Scenes from the Cutting Room Floor (2010)

2,5
0
geplaatst: 6 december 2010, 18:38 uur
Caro Emerald laat een aardige impressie horen van hoe Portishead zou klinken als Beth netjes haar prozac zou slikken en de rest van de band daar alleraardigste deuntjes onder zou zetten. Vooral als er scratches bij komen kijken en dankzij de psuedo-jazz-sfeer moet ik geregeld aan Portishead denken, maar dan zonder de (drukkende) melancholie Prozac maakt vlak, weten we allemaal en laat ik de clou gelijk maar verklappen: dat is het hele euvel van dit album.
Duitsers kennen de term "ganz egal" en dat gaat hier prima op. Prima stem, maar nergens raakt Caro me. Tekstueel niet slecht, maar ook niet heel goed. Muzikaal in orde, maar nergens bijzonder. De liedjes steken allemaal prima in elkaar, maar nergens zit net dat beetje dat de nummers goed maakt, i.p.v. wel aardig. "That Man" doet dat aardig, dat een leuk scat-stuk heeft dat tot meezingen uitnodigt, maar verder... Nee, het meeste is gewoon wat aan de flauwe kant. Het wordt nergens irritant, zelfs als je het constant op de radio moet horen, maar nee, het gaat het ene oor in en het andere weer uit.
Mijn vader, 't is zijn cd, blijft er bij dat dit vernieuwend is. "Door de jaren 30 na te doen?", vraag ik hem dan elke keer. "Nee, het is leuk dat ze juist dat nadoet." Natuurlijk, dat doet hem vast denken aan zijn jeugd. Nee, gelukkig maar dat die retro-sfeer niet veel te erg doorgetrokken wordt en we Billie Holiday (die Caro dus absoluut níét is) geluidskwaliteit krijgen, maar er zijn meer knipoogjes naar moderne muziek. "Stuck" heeft gewoon een standaarhousebeat die wat weggemoffeld wordt door jazz na te doen, strak plan hoor. Op zulke momenten ruikt de muziek wel heel erg naar wat nog helemaal te hip was in de jaren 90, maar nu hopeloos gedateerd is. Gelukkig maar dat Portishead nog altijd fier overeind staat.
Duitsers kennen de term "ganz egal" en dat gaat hier prima op. Prima stem, maar nergens raakt Caro me. Tekstueel niet slecht, maar ook niet heel goed. Muzikaal in orde, maar nergens bijzonder. De liedjes steken allemaal prima in elkaar, maar nergens zit net dat beetje dat de nummers goed maakt, i.p.v. wel aardig. "That Man" doet dat aardig, dat een leuk scat-stuk heeft dat tot meezingen uitnodigt, maar verder... Nee, het meeste is gewoon wat aan de flauwe kant. Het wordt nergens irritant, zelfs als je het constant op de radio moet horen, maar nee, het gaat het ene oor in en het andere weer uit.
Mijn vader, 't is zijn cd, blijft er bij dat dit vernieuwend is. "Door de jaren 30 na te doen?", vraag ik hem dan elke keer. "Nee, het is leuk dat ze juist dat nadoet." Natuurlijk, dat doet hem vast denken aan zijn jeugd. Nee, gelukkig maar dat die retro-sfeer niet veel te erg doorgetrokken wordt en we Billie Holiday (die Caro dus absoluut níét is) geluidskwaliteit krijgen, maar er zijn meer knipoogjes naar moderne muziek. "Stuck" heeft gewoon een standaarhousebeat die wat weggemoffeld wordt door jazz na te doen, strak plan hoor. Op zulke momenten ruikt de muziek wel heel erg naar wat nog helemaal te hip was in de jaren 90, maar nu hopeloos gedateerd is. Gelukkig maar dat Portishead nog altijd fier overeind staat.
Chagall - Chagall (2011)

3,0
0
geplaatst: 4 april 2012, 17:05 uur
Eric en ik houden van Nederlandse vrouwen. We treffen elkaar zo af en toe in de liefde voor een bepaalde vrouw; zo hebben we allebei Eefje de Visser en Roos Rebergen in ons hart gesloten. Onze smaak verschilt ook nog wel eens: Eric mist net een bepaalde klik met Marike Jager, op wie ik dan weer gek ben, maar helaas kan ik dan weer zijn enthousiasme voor Chagall ook niet helemaal begrijpen.
Tja, die naam, dan ga je ook verwachtingen scheppen. Gelukkig maar dat, voor zover ik dat weet, geen enkele artiest zich Cézanne heeft genoemd want dat kan alleen maar tegenvallen. Om maar een wat flauwe woordgrap te gebruiken: Chagall kliedert net iets teveel binnen de lijntjes. De muzikale, op dubstep geënte omlijsting weet soms een bepaalde spanning of beklemming op te roepen, maar vocaal gezien is het allemaal wat netjes en braaf. Het klinkt als muziek die ik wel eens in de bioscoop hoor voordat de film begint en dat is eigenlijk geen aanbeveling. Nee, eigenlijk zijn Chagalls zanglijnen gewoon wat kleurloos en hetzelfde geldt voor haar teksten.
Eigenlijk is dat heel jammer. Als ik met een vriend van me van de middelbare school wel eens auto reed draaide hij altijd dance vanaf z’n mp3-speler. Het was nooit echt mijn smaak, dat geef ik toe, maar de vaak alleraardigst in elkaar zittende muziek wordt vergezeld van een anonieme, kleurloze zangeres die wat over standaardrijmwoorden aan elkaar rijgt en over allerhande relatieperikelen galmt. Chagall doet me een beetje aan zulke zangeressen; gewoon een extraatje bij de muziek, je kunt haar zo wegdenken. En dat is echt jammer gezien ze zich toch zo duidelijk als zangeres presenteert.
Tja, die naam, dan ga je ook verwachtingen scheppen. Gelukkig maar dat, voor zover ik dat weet, geen enkele artiest zich Cézanne heeft genoemd want dat kan alleen maar tegenvallen. Om maar een wat flauwe woordgrap te gebruiken: Chagall kliedert net iets teveel binnen de lijntjes. De muzikale, op dubstep geënte omlijsting weet soms een bepaalde spanning of beklemming op te roepen, maar vocaal gezien is het allemaal wat netjes en braaf. Het klinkt als muziek die ik wel eens in de bioscoop hoor voordat de film begint en dat is eigenlijk geen aanbeveling. Nee, eigenlijk zijn Chagalls zanglijnen gewoon wat kleurloos en hetzelfde geldt voor haar teksten.
Eigenlijk is dat heel jammer. Als ik met een vriend van me van de middelbare school wel eens auto reed draaide hij altijd dance vanaf z’n mp3-speler. Het was nooit echt mijn smaak, dat geef ik toe, maar de vaak alleraardigst in elkaar zittende muziek wordt vergezeld van een anonieme, kleurloze zangeres die wat over standaardrijmwoorden aan elkaar rijgt en over allerhande relatieperikelen galmt. Chagall doet me een beetje aan zulke zangeressen; gewoon een extraatje bij de muziek, je kunt haar zo wegdenken. En dat is echt jammer gezien ze zich toch zo duidelijk als zangeres presenteert.
Chef'Special - One for the Mrs. (2011)

3,5
0
geplaatst: 14 september 2011, 16:29 uur
Live is het een feest, dat zeker. Dan verwacht je dat de plaat of netjes uitgekiend is en we een geluidsbeeld vol details voorgeschoteld krijgen, of dat het een vrij ruw product is om dat live-gevoel en de daaraan gepaarde opwinding vast te houden. Helaas zit het er een beetje tussenin op de eersteling van Chef’Special.
Het probleem is een beetje dat er teveel gekozen wordt voor zaken die anderen als ‘chill’ of ‘relaxed’ aan zullen merken, ‘zomerplaat’ zullen ze misschien ook wel zeggen, maar daar kan ik niet veel mee. ‘Birds’, ‘Stick Around’, ‘Lie to Me’, zelfs ‘Scribblin’, het zijn vrij aardige liedjes met een Jack Johnson- of reggae-tic. Bij Jack Johnson val ik letterlijk in slaap en reggae neem ik maar in beperkte mate tot me. Het probleem is namelijk vaak dat als een zanger zich aan reggaenummers waagt, hij een belachelijk accent op moet zetten omdat ie blijkbaar denkt dat ie Bob Marley is. Denk aan de zanger van Beef, maar ook de zanger/rapper van Chef’Special, Joshua Nolet heet hij, moet een gek stemmetje opzetten. Wel jammer, want de vrijage met dit soort muziek levert toch wel aardige nummers op, zoals ‘Slowdown’, dat in de studioversie helaas niet de smerig dikke dubbas van de live-uitvoeringen heeft.
Die Joshua Nolet, hij is het probleem van de band. Live valt het wel mee, want dan is ie niet altijd even goed verstaanbaar, maar op de plaat kan hij soms zelfs ergerlijk zijn. Echt een goede rapper is hij niet, daarvoor hangt hij teveel tussen ritmisch praten a la The Streets en écht rappen in, maar dan heel erg snotterig, en als zanger is hij ook niet echt geslaagd. Ook tekstueel komt hij vrij flauw uit de hoek. Zo schept hij in het overigens verder behoorlijk geslaagde, op een strak vastgehouden biet voortdenderende ‘Spitting On Ye Citystreets’ op dat zijn band in de stad is en dat moeders hun dochters thuis moeten houden, want Chef’Special komt voor hun maagdelijkheid. Stoer hoor, maar ongeloofwaardig en zeker als je bedenkt dat hij na afloop van het concert wat ik bijwoonde, een bezoekster geen knuffel wilde geven, want ‘Sorry, ik heb een vriendin’.
Nu ga ik iets racistisch zeggen: Joshua is wit. Zijn jullie al gechoqueerd? Afijn, Joshua is wit, heeft lulletjeshaar en denkt dat hij afwisselend Bob Marley en een grote, zwarte n-woord is. Tja, daar zit het andere pijnpunt: ‘One for the Mrs.’ is geen hiphopplaat. Er wordt ondermaats gerapt en in de verborgen track wordt The Roots nagedaan, maar dat is dan ook de enige connectie met hiphop. Geen knappe teksten vol leuke woordspelingen en virtuoos binnenrijm, maar een psuedo-stoer doen. Jammer dat men zich wel voordoet als zijnde hiphop. Het is potverdorie geen live-hiphopgroep, maar een band met een rapper. En die rapper vraagt net teveel aandacht en weet niet goed wanneer hij even zijn mond dicht moet houden.
Maar nu zul je je afvragen, wat is er goed aan deze plaat? Dat zal ik jullie nu vertellen, beste lezers en lieve lezerettes. De band bestaat namelijk uit een aantal goede muzikanten, waarvan vooral de ritmesectie eigenlijk ijzersterk is. Op plaat worden de muzikanten wat in toom gehouden, omdat Joshua blijkbaar voorop moet staan, dat is wel jammer. En ook al zijn de ‘relaxte, chille zomerplaatmomenten’ toch behoorlijk in orde, de band is op het sterkst als ze gewoon snel, hard en funky uit de hoek komen. ‘Airplaying’, waarvoor men wel erg duidelijk met een scheef oog naar ‘The Seed 2.0’ heeft gekeken, is net als die klassieker een strak nummer waarin funk, garagerock en raps een geslaagd huwelijk aangaan. ‘Colors’ is het beste moment van de plaat, een ijzersterk nummer waarin scherp gitaarspel, een stevige ritmesectie, een viezige synth-bas en aan het einde een bescheiden luchtalarmgitaarsolo het absolute albumhoogtepunt opleveren.
Het probleem is een beetje dat er teveel gekozen wordt voor zaken die anderen als ‘chill’ of ‘relaxed’ aan zullen merken, ‘zomerplaat’ zullen ze misschien ook wel zeggen, maar daar kan ik niet veel mee. ‘Birds’, ‘Stick Around’, ‘Lie to Me’, zelfs ‘Scribblin’, het zijn vrij aardige liedjes met een Jack Johnson- of reggae-tic. Bij Jack Johnson val ik letterlijk in slaap en reggae neem ik maar in beperkte mate tot me. Het probleem is namelijk vaak dat als een zanger zich aan reggaenummers waagt, hij een belachelijk accent op moet zetten omdat ie blijkbaar denkt dat ie Bob Marley is. Denk aan de zanger van Beef, maar ook de zanger/rapper van Chef’Special, Joshua Nolet heet hij, moet een gek stemmetje opzetten. Wel jammer, want de vrijage met dit soort muziek levert toch wel aardige nummers op, zoals ‘Slowdown’, dat in de studioversie helaas niet de smerig dikke dubbas van de live-uitvoeringen heeft.
Die Joshua Nolet, hij is het probleem van de band. Live valt het wel mee, want dan is ie niet altijd even goed verstaanbaar, maar op de plaat kan hij soms zelfs ergerlijk zijn. Echt een goede rapper is hij niet, daarvoor hangt hij teveel tussen ritmisch praten a la The Streets en écht rappen in, maar dan heel erg snotterig, en als zanger is hij ook niet echt geslaagd. Ook tekstueel komt hij vrij flauw uit de hoek. Zo schept hij in het overigens verder behoorlijk geslaagde, op een strak vastgehouden biet voortdenderende ‘Spitting On Ye Citystreets’ op dat zijn band in de stad is en dat moeders hun dochters thuis moeten houden, want Chef’Special komt voor hun maagdelijkheid. Stoer hoor, maar ongeloofwaardig en zeker als je bedenkt dat hij na afloop van het concert wat ik bijwoonde, een bezoekster geen knuffel wilde geven, want ‘Sorry, ik heb een vriendin’.
Nu ga ik iets racistisch zeggen: Joshua is wit. Zijn jullie al gechoqueerd? Afijn, Joshua is wit, heeft lulletjeshaar en denkt dat hij afwisselend Bob Marley en een grote, zwarte n-woord is. Tja, daar zit het andere pijnpunt: ‘One for the Mrs.’ is geen hiphopplaat. Er wordt ondermaats gerapt en in de verborgen track wordt The Roots nagedaan, maar dat is dan ook de enige connectie met hiphop. Geen knappe teksten vol leuke woordspelingen en virtuoos binnenrijm, maar een psuedo-stoer doen. Jammer dat men zich wel voordoet als zijnde hiphop. Het is potverdorie geen live-hiphopgroep, maar een band met een rapper. En die rapper vraagt net teveel aandacht en weet niet goed wanneer hij even zijn mond dicht moet houden.
Maar nu zul je je afvragen, wat is er goed aan deze plaat? Dat zal ik jullie nu vertellen, beste lezers en lieve lezerettes. De band bestaat namelijk uit een aantal goede muzikanten, waarvan vooral de ritmesectie eigenlijk ijzersterk is. Op plaat worden de muzikanten wat in toom gehouden, omdat Joshua blijkbaar voorop moet staan, dat is wel jammer. En ook al zijn de ‘relaxte, chille zomerplaatmomenten’ toch behoorlijk in orde, de band is op het sterkst als ze gewoon snel, hard en funky uit de hoek komen. ‘Airplaying’, waarvoor men wel erg duidelijk met een scheef oog naar ‘The Seed 2.0’ heeft gekeken, is net als die klassieker een strak nummer waarin funk, garagerock en raps een geslaagd huwelijk aangaan. ‘Colors’ is het beste moment van de plaat, een ijzersterk nummer waarin scherp gitaarspel, een stevige ritmesectie, een viezige synth-bas en aan het einde een bescheiden luchtalarmgitaarsolo het absolute albumhoogtepunt opleveren.
Chet Baker - In New York (1958)

4,0
2
geplaatst: 14 augustus 2011, 19:35 uur
Chet Baker mooie jongen viooltjes eronder of laten zingen, dan smelten alle vrouwen totdat Chet geen tanden meer had, die stem van Chet toch, ik zou er spontaan homoseksueel van worden, maar zo ver was het vandaag nog niet, vandaag zat Chet in New York een instrumentale plaat te maken en trompetteerde hij nog zonder protheses, en hoe trompeteerde Chet! hoe toeterde hij!, afwisselend weids lyrisch en panorama's scheppend als een echte Walt Whitman of ingehouden en even visionair en even weids, maar compact, o zo compact lyrisch als de oude Romantici of Rimbaud, jonge Arthur op de toeter, Hotel 49 uitgesponnen de drummer krijgt een plaats voor een solo de bassolo is heerlijk, hameren op dat ding strijken op dat ding kijk eens Chet Baker with strings, dat kun je ook met een strijkstok doen, de volle vaart er in, maar Chet zou Chet niet zijn als hij de rust niet op zou zoeken laten zien waarom hij voor de cool in cool jazz zorgt, jazz voor midden in de nacht in de stad naar huis fietsen Chet versiert een vrouw evengoed met zijn stem als met zijn trompet, laten we eerlijk zijn: het zou nog niet half zo goed zijn als hij op normaal volume zou spelen en niet op half het volume o heerlijke plaat.
Cilvaringz - I (2007)

3,5
0
geplaatst: 27 januari 2015, 20:10 uur
Heel degelijk album, maar de flirts met het Wu-geluid vallen niet zo goed uit. De beats zijn vaak druk van opzet en dat is an sich geen probleem (ik ben immers ook een grote fan van EL-P en P.O.S), maar de rappers liggen er eigenlijk nooit echt lekker op. Cilvaringz zelf vind ik een degelijke rapper, maar de het zijn (natuurlijk) de grote Wu-Tangnamen die er met de shine vandoor gaan. De kungfufilmsamples vloeken ook met het tempo van de beats, en soms wordt er voor een vervelend sampletje gekozen dat te vaak herhaald wordt. Maar eerlijk is eerlijk, hoewel mijn aandacht geregeld verslapt weet Cilvaringz die aandacht ook geregeld weer te pakken en klinkt het allemaal toch behoorlijk fijn.
Ook leuk: die onbedoeld hilarische skit die bestaat uit voicemailberichten Pharrell ('Yo, this is Skateboard P', wat een zieligheid ten top) en Ne-Yo. Vooral die laatste maakt zichzelf lekker belachelijk door enerzijds te zeggen dat hij zijn hoed en twintig dollar niet terugkrijgt, maar als Cilvaringz niet terugbelt zal Ne-Yo hem op komen zoeken. En ook een leuk moment: waar ken ik die sample in 'Sheherezad, My Beloved' toch van? Ik zat uiteraard in de Wu-Tanghoek te denken, maar dankzij WhoSampled weet ik het weer: 'One of a Kind' van Atmosphere gebruikt dezelfde sample.
Ook leuk: die onbedoeld hilarische skit die bestaat uit voicemailberichten Pharrell ('Yo, this is Skateboard P', wat een zieligheid ten top) en Ne-Yo. Vooral die laatste maakt zichzelf lekker belachelijk door enerzijds te zeggen dat hij zijn hoed en twintig dollar niet terugkrijgt, maar als Cilvaringz niet terugbelt zal Ne-Yo hem op komen zoeken. En ook een leuk moment: waar ken ik die sample in 'Sheherezad, My Beloved' toch van? Ik zat uiteraard in de Wu-Tanghoek te denken, maar dankzij WhoSampled weet ik het weer: 'One of a Kind' van Atmosphere gebruikt dezelfde sample.
Cords - Hear! See! Feel! Taste! (1996)

3,0
0
geplaatst: 8 januari 2011, 21:07 uur
Instrumentaal in orde tot vrij sterk (Flea Market, 24 Hours), hoewel het wel heel erg leentjebuur speelt bij Sonic Youth. De zangeres is absoluut de zwakste schakel hier: ze doet me ontzettend denken aan Jaqueline van Krezip die Kim Gordon na probeert te doen. Een beetje krijsen alsof je in de overgang bent en heel erg last hebt van opvliegers, terwijl je nog een pubermeisje bent. Zoiets. De teksten worden ook al niet overtuigend gezongen, dus het vrij zwakke karakter daarvan stoort me ook nog eens. Het levert een plaat op die heel erg noise rock probeert te zijn, maar door de waardeloze vocalen een schoolbandjespopliedjessfeer krijgt.
Cursive - Happy Hollow (2006)

3,5
0
geplaatst: 20 februari 2012, 23:20 uur
Cursive is hartstikke emo en ik heb de neiging om recensies te beginnen met dingen die er nu eenmaal uit moeten. Vooruit, emo is vaak een adjectief om met een grote boog om een cd heen te lopen, maar Cursive is van het goede soort. Hoewel, bij gebrek aan een betere omschrijving zal ik Happy Hollow maar progpunkpop noemen (o, ik ben dol op etiketjes plakken, nog meer op ze bedenken). Wat betreft het punk- en emopopgehalte van de cd, daar zitten de pijnpunten. Zanger Tim Kasher, die dikke vriendjes is met ene Conor Oberst, heeft ook een beetje zo’n typisch dichtgeknepen stemmetje. Tekstueel is het, op een aantal amusante oneliners (‘By your good book’s standards, I've sinned like a champion.but that book seems a tad bit out-dated’) na, blijft het wat gezapig. Wat stom, conservatieve christenen; wij atheïsten hebben de waarheid in pacht. Beetje flauw, waardoor het concept ook wel een stuk minder interessant wordt. Ook het geflirt met musicalachtige zanglijntjes, waarbij Nightmare Before Christmas waarschijnlijk een belangrijke invloed is geweest, neigt nogal naar voer voor My Chemical Romance-fans die nog een Black Parade willen. Gelukkig maar dat Happy Hollow dit verder absoluut niet is.
Dit geeft het toch wel ongrijpbare van Cursive wel weer: fans van zowel My Chemical Romance of Green Day, als van Muse of dEUS kunnen wel wat in deze band zien. Want eerlijk is eerlijk, al heeft Kasher een beetje een puberstemmetje, de muziek steekt soms nog verdomd interessant in elkaar. Tempowisselingen, soms een flinke bak vervorming en (een ware toevoeging) geregeld blazers die het schip overnemen. De liedjes vallen soms wat melodiearm uit, maar zijn wel intens. Neem alleen al de opener: hoe het liedje precies gaat kan ik je niet voorfluiten als je me er naar vraagt, maar tijdens beluistering is-ie toch best meeslepend. Daarnaast zijn er een aantal uitgeklede liedjes die gewoonweg mooi zijn. Dit maakt Happy Hollow geen makkelijke plaat, maar wel een interessante.
Dit geeft het toch wel ongrijpbare van Cursive wel weer: fans van zowel My Chemical Romance of Green Day, als van Muse of dEUS kunnen wel wat in deze band zien. Want eerlijk is eerlijk, al heeft Kasher een beetje een puberstemmetje, de muziek steekt soms nog verdomd interessant in elkaar. Tempowisselingen, soms een flinke bak vervorming en (een ware toevoeging) geregeld blazers die het schip overnemen. De liedjes vallen soms wat melodiearm uit, maar zijn wel intens. Neem alleen al de opener: hoe het liedje precies gaat kan ik je niet voorfluiten als je me er naar vraagt, maar tijdens beluistering is-ie toch best meeslepend. Daarnaast zijn er een aantal uitgeklede liedjes die gewoonweg mooi zijn. Dit maakt Happy Hollow geen makkelijke plaat, maar wel een interessante.
