Via deze pagina blijf je op de hoogte van recente stemmen, meningen en recensies van erwinz. Standaard zie je de activiteiten in de huidige en vorige maand. Je kunt ook voor een van de volgende perioden kiezen: januari 2025, februari 2025, maart 2025, april 2025, mei 2025, juni 2025, juli 2025, augustus 2025, september 2025, oktober 2025, november 2025, december 2025, januari 2026
Steph Cameron - Blood Moon (2025) 4,0
30 april 2025, 17:33 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Steph Cameron - Blood Moon - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Steph Cameron - Blood Moon
De Canadese muzikante Steph Cameron leverde in 2014 en 2017 twee geweldige albums af en keert nu terug met het wederom uitstekende Blood Moon, waarop ze een voller en veelzijdiger geluid laat horen
Sad-Eyed Lonesome Lady uit 2014 en Daybreak Over Jackson Street uit 2017 hebben de Canadese muzikante Steph Cameron op de kaart gezet als groot talent. Het zijn sobere folkalbums vol zeggingskracht, die zich wat mij betreft makkelijk wisten te onderscheiden in het genre. Na de twee albums werd het helaas stil rond de Canadese muzikante, maar deze week keert ze terug met Blood Moon. Het is een album waarop je nog wel iets hoort van de nostalgische folkie van de vorige twee albums, maar Steph Cameron verkent op haar derde album ook een voller geluid met een vleugje pop. Het klinkt anders dan we van haar gewend zijn, maar het resultaat mag er wederom zijn.
De naam Steph Cameron, van wie deze week het album Blood Moon is verschenen, kwam me op een of andere manier wel bekend voor, maar ik kon er niet direct de vinger op leggen. Dat is ook niet zo gek, want het is best lang stil geweest rond de Canadese muzikante. Op de een na laatste dag van 2014 haalde ik haar debuutalbum Sad-Eyed Lonesome Lady uit een obscuur jaarlijstje en kon ik alleen maar concluderen dat het album in veel meer jaarlijstjes had moeten staan, waaronder dat van mij.
Op haar debuutalbum maakte Steph Cameron muziek die herinnerde aan de folk die aan het begin van de jaren 60 in Greenwich Village werd gemaakt. De Canadese muzikante had genoeg aan een akoestische gitaar, haar stem en af en toe een mondharmonica en maakte vooral met haar stem flink wat indruk. Ik ben meestal niet zo gek op sobere en wat traditioneel aandoende folkalbums als Sad-Eyed Lonesome Lady, maar het debuutalbum van Steph Cameron vond ik echt prachtig.
Het aan het eind van 2017 verschenen Daybreak Over Jackson Street vond ik nog wat indrukwekkender. Het tweede album van Steph Cameron lag in het verlengde van het debuutalbum, maar het akoestische gitaarspel was nog wat sprankelender, de zang nog wat mooier en indringender en ook de songs spraken nog meer tot de verbeelding dan de songs op Sad-Eyed Lonesome Lady. Daybreak Over Jackson Street haalde daarom in 2017 wel met overtuiging mijn jaarlijstje, maar sindsdien was het helaas stil rond de Canadese muzikante.
Deze week keert Steph Cameron na een afwezigheid van bijna acht jaar terug met haar derde album, Blood Moon. Het is een album dat ik niet tegen kwam in de releaselijsten die ik gebruik voor het maken van mijn wekelijkse selectie, maar gelukkig schatte de Nederlandse promotor van het album goed in dat de muziek van Steph Cameron wel iets voor mij zou kunnen zijn.
Er is in acht jaar tijd heel veel veranderd in de wereld en ook op het derde album van Steph Cameron is hier en daar een muzikale aardverschuiving te horen. De sobere klanken van haar eerste twee albums hebben in de openingstrack van Blood Moon plaats gemaakt voor een voller geluid vol zonnestralen. Het is een geluid dat niet eens zo heel ver is verwijderd van de tijdloze Westcoast pop die Fleetwood Mac halverwege de jaren 70 maakte.
Dat klinkt, zeker in de bijzonder aangename lentezon van het moment onweerstaanbaar lekker, waardoor ik direct gecharmeerd was van het derde album van Steph Cameron. De Canadese muzikante is het sobere geluid van haar eerste twee albums echter zeker niet vergeten, want Blood Moon bevat ook een aantal meer ingetogen songs die niet zo heel ver verwijderd zijn van de songs op de vorige albums.
Folkpuristen zullen misschien wat moeite hebben met het randje pop dat hier en daar opduikt, maar het album bevat ook genoeg songs waarin dit randje uiterst subtiel is of zelfs afwezig. Zelf heb ik geen moeite met de uitstapjes buiten de gebaande paden, want het klinkt allemaal bijzonder lekker en Steph Cameron tekent nog altijd voor mooi gitaarspel, sterke songs en zeer overtuigende zang. Haar songs hebben ook nog altijd het tot de verbeelding sprekende nostalgische tintje, wat de albums van Steph Cameron zo aangenaam maakt. Alle reden dus om heel blij te zijn met het derde album van de Canadese muzikante. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Gigi Perez - At the Beach, in Every Life (2025) 4,5
29 april 2025, 16:56 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Gigi Perez - At The Beach, In Every Life - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Gigi Perez - At The Beach, In Every Life
Het zat de Amerikaanse muzikante Gigi Perez de afgelopen jaren niet mee, maar het inspireerde haar wel tot het buitengewoon indrukwekkende At The Beach, In Every Life, dat best een droomdebuut genoemd mag worden
Heel af en toe kom je een debuutalbum tegen dat bijna een garantie biedt op een prachtige carrière in de muziek. At The Beach, In Every Life van de Amerikaanse singer-songwriter Gigi Perez is zo’n album. Het is een album dat laat horen dat Gigi Perez een geweldige zangeres is, die in iedere song weer anders kan klinken. Ze overtuigt bovendien met zeer persoonlijke songs waarin ze van haar hart geen moordkuil maakt. Het zijn ook nog eens songs die avontuurlijk en verrassend gevarieerd zijn ingekleurd. Gigi Perez houdt je twaalf songs lang aan de speakers of koptelefoon gekluisterd, waarna je alleen maar kunt concluderen dat ze met At The Beach, In Every Life een wereldplaat heeft gemaakt.
Bij de meeste nieuwe (indie)pop albums die ik beluister heb ik direct associaties met de muziek die al eerder is gemaakt in het genre. Dat is wat mij betreft helemaal niet erg, want het eren van muzikale helden is zo oud als de popmuziek zelf. Toch is het ook wel eens leuk om een album tegen te komen dat anders klinkt dan de andere albums van het moment en dat een andere dimensie of in ieder geval andere kleur toevoegt aan het inmiddels overvolle genre.
Tussen de nieuwe releases van deze week kwam ik zo’n album tegen en het is een album dat ik echt steeds leuker en bijzonderder ga vinden. At The Beach, In Every Life is het debuutalbum van de Amerikaanse singer-songwriter Gigi Perez, wiens naam ik voor deze week nog niet eerder was tegen gekomen, maar die ik vanaf nu echt niet meer ga vergeten.
Haar debuutalbum kwam er niet zonder slag of stoot en volgt op de nodige ellende in het leven van de jonge muzikante, die opgroeide in Florida. Gigi Perez, ook bekend als Gigi, zat op het prestigieuze Berklee College Of Music tot de coronapandemie de opleiding stil legde, waarna haar zus (die is te horen in een aantal geluidsfragmenten op het album) plotseling overleed en haar relatie op de klippen liep. Dat kwam allemaal hard aan, zeker gecombineerd met de corona lockdowns die het leven nog wat donkerder kleurden.
Gigi Perez vond een uitlaatklep in het posten van muziekfilmpjes op TikTok, waarin ze ook uiting gaf aan haar queer identiteit. Die filmpjes bleven niet onopgemerkt, ook niet door de grote platenmaatschappijen, die het unieke talent van de Amerikaanse muzikante herkenden. Gigi Perez tekende een platencontract bij een major en leek klaar voor een mooie carrière in de muziek.
Haar platenmaatschappij bleek helaas een slechte match, waardoor ze al weer snel op straat stond. Dat Gigi Perez het ook op eigen benen redt blijkt deze week, want met At The Beach, In Every Life heeft ze een uitstekend debuutalbum afgeleverd. Het is zoals gezegd een debuutalbum met een opvallend eigen geluid.
Het is een geluid dat voor een belangrijk deel bestaat uit zwaar aangezette akoestische gitaren en al even zwaar aangezette vocalen. Gigi Perez zingt met veel expressie en heeft haar zang ook nog eens in meerdere lagen opgenomen, waardoor de zang af en toe met veel energie en kracht uit de speakers komt. De stem van de Amerikaanse muzikante klinkt flink anders dan gebruikelijk in het genre, waarin de fluisterzachte vocalen domineren, maar ik vind de zang op At The Beach, In Every Life echt zeer overtuigend.
Zeker wanneer de zang wat minder krachtig en expressief klinkt laat Gigi Perez horen dat ze beschikt over een groot bereik en bovendien met heel veel emotie kan zingen. Het levert hier en daar een vleugje Jeff Buckley op, maar vergelijken is in het geval van Gigi Perez eigenlijk zinloos.
Ook de muziek op het album is verrassend veelkleurig. De door akoestische gitaren gedomineerde songs roepen een aangenaam kampvuur gevoel op, maar wanneer de muziek ruimtelijker en atmosferischer klinkt, stort Gigi Perez ook de nodige melancholie uit over de luisteraar.
Zeker de wat meer ingetogen en melancholische songs laten wat mij betreft het enorme talent van Gigi Perez horen, maar At The Beach, In Every Life is redelijk constant qua niveau, dat hoog ligt. Het levert een bijzonder debuutalbum op, dat met een beetje geluk kan uitgroeien tot een van de grote debuutalbums van het muziekjaar 2025. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Samia - Bloodless (2025) 4,0
28 april 2025, 17:46 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Samia - Bloodless - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Samia - Bloodless
De Amerikaanse muzikante Samia heeft al twee uitstekende albums op haar naam staan, die wat werden gehinderd door de coronapandemie, maar met Bloodless slaat ze haar vleugels op indrukwekkende wijze uit
Samia is nog niet zo bekend als de grote (indie)popsterren van het moment, maar dat ze veel te bieden heeft liet ze al horen op het in 2020 verschenen The Baby en het in 2023 uitgebrachte Honey. Op deze albums liet de jonge Amerikaanse muzikante zich nog stevig beïnvloeden door de grote namen binnen de indierock en de indiepop, maar op Bloodless horen we de eigen sound van Samia. Zeker in de wat meer ingetogen en warm klinkende songs valt op hoeveel beter ze is gaan zingen, maar ook in muzikaal opzicht en in de kwaliteit van de songs laat Samia enorme progressie horen op haar derde album, dat de belofte van haar eerste twee albums meer dan waar maakt.
De Amerikaanse muzikante Samia (Finnerty) dook op in de eerste zomer van de coronapandemie, waardoor ik haar eerste album nog altijd associeer met deze bijzondere periode. The Baby, het debuutalbum van Samia, roept bij zeker niet dezelfde gevoelens op als Cult Survivor van Sofie, dat wat mij betreft het album is dat de sfeer van de coronapandemie het best weet te vangen, maar Samia en de coronapandemie blijven voor mij voor altijd met elkaar verbonden.
Samia had de pech dat ze haar eerste album in deze periode uitbracht, want in betere tijden zou The Baby waarschijnlijk zijn uitgegroeid tot een van de grote albums in de indiepop en indierock. Ondanks de steun van de critici bleef de populariteit van de muzikante uit New York wat achter en dat blijft jammer.
Samia verruilde New York, de stad waarin ze opgegroeide, vervolgens voor Nashville en later voor North Carolina, waar ze het begin 2023 uitgebrachte Honey maakte. Met Honey bevestigde Samia wat mij betreft het talent dat ze liet horen op haar debuutalbum en op basis van het album voorspelde ik haar wederom een mooie toekomst in de indiepop en indierock en daar stond ik niet alleen in.
Deze week is het derde album van Samia verschenen en vanwege zijn twee voorgangers was Bloodless voor mij op voorhand een van de zekerheden tussen de nieuwe albums van deze week. De weer naar New York teruggekeerde muzikante heeft me zeker niet teleurgesteld, want ook het derde album van Samia is een album dat mee moet kunnen met het beste dat de indiepop en indierock van het moment te bieden heeft.
Op Bloodless werkt de jonge muzikante, Samia is nog altijd pas 28, wederom samen met vaste kompanen Caleb Wright en Jake Luppen, die ook op The Baby en Honey van de partij waren. Ik vond Honey in vrijwel alle opzichten beter dan The Baby en die groei zet door op Bloodless, dat in alle opzichten beter is dan Honey.
Wat je vooral hoort is dat Samia zich heeft ontwikkeld heeft als zangeres. De nog wat meisjesachtige en soms wat onvaste zang op haar debuutalbum heeft plaats gemaakt voor een krachtiger, zelfverzekerder en mooier geluid. Ik vind de zang op Bloodless echt heel mooi en de stem van Samia heeft ook iets eigens, wat het onderscheidend vermogen van Bloodless vergroot.
Dat onderscheidend vermogen hoor je ook in de muziek. Het album opent na een intro met een indierock song die doet denken aan Phoebe Bridgers, maar op Bloodless heeft Samia ook gewerkt aan een meer eigen sound. Het album bevat voornamelijk wat meer ingetogen songs die warm en smaakvol zijn ingekleurd.
In een aantal songs schuift Samia wat dichter tegen de Amerikaanse rootsmuziek aan, maar Bloodless bevat ook een aantal songs met een wat zwoeler en nostalgisch geluid dat wel wat doet denken aan het unieke geluid van Clairo, al verwerkt die meer invloeden uit de jaren 70 in haar muziek.
Ik geef al sinds 2020 hoog op over de kwaliteiten van Samia, maar met Bloodless heeft ze mijn verwachtingen wederom overtroffen. De Amerikaanse muzikante heeft met haar derde album niet alleen een album gemaakt dat niet onder doet voor de betere albums in de indiepop en indierock van het moment, maar is er bovendien in geslaagd om anders te klinken dan de andere smaakmakers in het genre en dat is knap. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Taylor Rae - Mad Twenties (2021) 4,5
27 april 2025, 20:13 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Taylor Rae - Mad Twenties (2021) - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Taylor Rae - Mad Twenties (2021)
Met The Void leverde de Amerikaanse muzikante Taylor Rae vorige week een van de beste albums van het moment af, maar ook haar in 2021 verschenen debuutalbum Mad Twenties is van een ongekend hoog niveau
Ik denk de ontwikkelingen binnen de popmuziek en zeker ook de Amerikaanse rootsmuziek goed bij te houden, maar desondanks maakte ik vorige week pas kennis met het talent van Taylor Rae, die in de Verenigde Staten inmiddels toch al een aantal jaren stevig aan de weg timmert. The Void vond ik vorige week echt een sensationeel goed album en dat durf ik ook wel te zeggen over het debuutalbum van Taylor Rae, dat bijna vier jaar geleden verscheen. Mad Twenties klinkt in muzikaal opzicht net wat anders dan The Void, maar ook op haar debuutalbum imponeert Taylor Rae met haar prachtige stem. Alle reden om ook dit album nog eens in de schijnwerpers te zetten.
Vorige week werd ik zeer aangenaam verrast door The Void, het tweede album van de Amerikaanse singer-songwriter Taylor Rae. Het album werd me aangeprezen als een zeer aangenaam countrypop album en daar ben ik zeker niet vies van, maar The Void is echt veel meer dan dat.
Taylor Rae leverde vorige week met The Void een verrassend veelzijdig Amerikaans rootsalbum af, dat zowel in muzikaal als in vocaal opzicht hoogstaand mag worden genoemd en dat ook nog eens vol staat met geweldige songs, die zich direct opdringen en je vervolgens steeds dierbaarder worden.
Sindsdien koester ik de stem en het bluesy gitaarspel van Taylor Rae en hetzelfde doe ik met de songs op The Void, dat ik schaar onder de beste albums die 2025 tot dusver heeft opgeleverd. The Void was mijn eerste kennismaking met de muziek van Taylor Rae, waardoor ik er niet één maar direct twee geweldige albums bij kreeg de afgelopen week.
In het najaar van 2021 verscheen immers haar debuutalbum Mad Twenties en ook het debuutalbum van Taylor Rae is een fantastisch album. Ik begrijp er echt helemaal niets van dat ik het album destijds heb gemist, want het album kreeg in de Verenigde Staten uitstekende recensies en wist me, net als The Void vorige week, binnen een paar noten te overtuigen.
Dat deed Taylor Rae ook op Mad Twenties in eerste instantie vooral met haar stem. De muzikante die werd geboren in Santa Cruz in California, maar inmiddels al een tijdje vanuit Austin, Texas, opereert, is echt een exceptioneel goede zangeres. Ze zingt met gevoel en met kracht en beschikt ook nog eens over een hele mooie en warme stem. Het is een stem vol soul, blues, jazz en folk die me af en toe wel wat aan Norah Jones doet denken, maar een duidelijk eigen sound heeft.
Alleen door de zang vind ik Mad Twenties al een geweldig album, maar ook de muziek op het album is prachtig. Ook op Mad Twenties kan Taylor Rae op een breed terrein binnen de Amerikaanse rootsmuziek uit de voeten, wat zorgt voor een gevarieerd album. Het is een album dat wat ingetogener klinkt dan het vorige week verschenen The Void, maar ook op Mad Twenties raakt Taylor Rae continu de juiste snaar.
Het debuutalbum van Taylor Rae werd gemaakt met een beperkt aantal muzikanten en met de ervaren Nashville producer William Gawley, die het album heeft voorzien van een zeer smaakvol geluid. Het is een geluid waarin de prachtige stem van Taylor Rae uitstekend tot zijn recht komt.
De jonge Amerikaanse muzikante weet zich op haar debuutalbum niet alleen te onderscheiden als zangeres, maar zeker ook als songwriter, want wat schreef ze nog als twintiger een serie geweldige songs. Het zijn tijdloos klinkende songs, zeker als Taylor Rae kiest voor jazzy songs, maar het zijn ook songs die niet fantasieloos voortborduren op muziek uit het verleden.
Ik werd vorige week van mijn sokken geblazen door The Void, maar Mad Twenties is minstens even goed. Het zijn twee toch wel wat verschillende albums, waartussen ik niet graag zou moeten kiezen. Gelukkig hoeft dat niet, want met Mad Twenties en The Void heb ik er twee albums bij die hier nog heel vaak voorbij gaan komen. Ik ken de muziek van Taylor Rae maar net wat meer dan een week, maar ik durf me absoluut een fan te noemen van deze bijzondere Amerikaanse muzikante. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Jensen McRae - I Don't Know How but They Found Me! (2025) 4,5
27 april 2025, 11:10 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Jensen McRae - I Don't Know How But They Found Me! - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Jensen McRae - I Don't Know How But They Found Me!
Jensen McRae leverde drie jaar geleden een geweldig debuutalbum af, dat helaas niet heel veel aandacht kreeg, en maakt nu nog wat meer indruk op het echt uitstekend I Don't Know How But They Found Me!
Het is niet moeilijk om me voor te stellen dat Jensen McRae uitgroeit tot een van de grote popzangeressen van het moment, want de muzikante uit Los Angeles heeft echt heel veel te bieden. Dat was al te horen op haar debuutalbum Are You Happy Now?, maar je hoort het nog wat beter op haar deze week verschenen tweede album I Don't Know How But They Found Me!. Je hoort het in de uitstekende stem van de Amerikaanse muzikante, je hoort het in het gemak waarmee ze stijlen afwisselt en combineert en je hoort het in de zeer aansprekende songs op het album. De trefzekere productie van topproducer Brad Cook is de kers op een zeer smakelijke taart.
De Amerikaanse muzikante Jensen McRae debuteerde in het voorjaar van 2022 echt prachtig met het helaas zwaar onderschatte Are You Happy Now?, dat zeker in Nederland nauwelijks aandacht kreeg (op het muziekplatform MusicMeter kreeg het album slechts zeven stemmen). Het is wat mij betreft nog altijd een mysterie waarom het album niet aansloeg.
Op haar debuutalbum liet de muzikante uit Los Angeles allereerst horen dat ze een geweldige zangeres is met een stem vol soul. Ze schakelde bovendien bijzonder makkelijk tussen uiteenlopende genres, waaronder indiepop, R&B, soul en jazz, wat een origineel geluid opleverde. Are You Happy Now? viel ook nog eens op door de fantastische productie van hiphop muzikant Columbus Smith III, die ook bekend is onder de namen Rahki en Rahki Beats, en bevatte bovendien alleen maar geweldige songs.
Het debuutalbum van Jensen McRae had wat mij betreft in alle jaarlijstjes moeten staan, maar ik moet bekennen dat ik het album zelf aan het einde van 2022 ook weer was vergeten. De naam Jensen McRae was bij mij echter wel blijven hangen, waardoor ik haar nieuwe album I Don't Know How But They Found Me! als eerste opschreef voor een recensie op de krenten uit de pop deze week.
Voor de release van het tweede album daar was had ik het debuutalbum van Jensen McRae er nog eens bij gepakt en dat was echt nog veel beter dan in mijn beleving. Ik begon hierdoor met hooggespannen verwachtingen aan het nieuwe album van de Amerikaanse muzikante, maar I Don't Know How But They Found Me! heeft ze met gemak waargemaakt.
Direct in de openingstrack hoor je dat Jensen McRae zeker niet minder is gaan zingen. De zang is nog wat overtuigender dan die op het debuutalbum en klinkt zowel krachtiger als mooier. Het is bovendien veelzijdige zang, want Jensen McRae klinkt het ene moment als een soulzangeres en schuurt het volgende moment dicht tegen Phoebe Bridgers aan. En het kan nog meer kanten op.
De zang op het tweede album van Jensen McRae is van een niveau waarvan de meeste (indie)popzangeressen van het moment alleen maar kunnen komen, maar het is slechts een van de vele sterke punten van I Don't Know How But They Found Me!, dat deels voortborduurt op het debuutalbum, maar ook nieuwe wegen in slaat.
Ook op haar tweede album laat Jensen McRae horen dat ze in meerdere genres uit de voeten kan. De songs op het album zijn te omschrijven als pop, maar het is wel pop die bol staat van de invloeden. Het zijn voor een belangrijk deel dezelfde invloeden als op het debuutalbum, want ook dit keer hoor ik invloeden uit de soul, R&B, folk, indiepop en jazz, om de belangrijkste invloeden te noemen.
Het debuutalbum van Jensen McRae was ook in productioneel opzicht een hoogstandje en dat kan ook weer gezegd worden van I Don't Know How But They Found Me!. Jensen McRae nam haar tweede album niet in haar thuisbasis Los Angeles op, maar toog naar Durham, North Carlina, om te werken met topproducer Brad Cook (Hurray For The Riff Raff, Waxahatchee, Suki Waterhouse, Jess Williamson, Snail Mail). De Amerikaanse topproducer heeft Jensen McRae iets meer richting de Amerikaanse rootsmuziek getrokken, al spelen ook invloeden uit de indiepop nog een voorname rol op het album.
Op basis van I Don't Know How But They Found Me!, dat ik nog een stukje beter vind dan het al zo goede debuutalbum, kan ik eigenlijk alleen maar concluderen dat Jensen McRae behoort tot de grootste talenten van het moment. Hoogste tijd dat iedereen dat gaat horen. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Maria Somerville - Luster (2025) 4,5
26 april 2025, 11:39 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Maria Somerville - Luster - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Maria Somerville - Luster
De Ierse muzikante Maria Somerville combineert op Luster ambient achtige klanken met invloeden uit de postpunk en de shoegaze en voegt vervolgens prachtige zang toe, wat een album van een bijzondere schoonheid oplevert
Maria Somerville maakte iets meer dan zes jaar geleden een mini-album en keert deze week terug met Luster, dat een stuk beter is. Om te beginnen klinkt het album een stuk mooier, maar het spreekt ook in muzikaal opzicht meer aan. De Ierse muzikante is nog altijd niet vies van ambient achtige klanken, maar deze worden nu gecombineerd met invloeden uit de postpunk, dreampop en shoegaze. Luster heeft af en toe een jaren 80 en 90 vibe, maar de muziek van Maria Somerville klinkt ook origineel en eigentijds. Haar stem verzoop zes jaar geleden nog wat in de mix, maar is van een bijzondere schoonheid op het prachtige Luster dat bij iedere beluistering weer een beetje mooier is.
De Ierse muzikante Maria Somerville debuteerde ruim zes jaar geleden met het op zich fascinerende (mini-)album All My People. Ik zeg op zich fascinerend, want uiteindelijk was de combinatie van ambient klanken en folky popsongs me net wat te zweverig en vond ik bovendien de wat zompige mix van het album niet mooi. All My People krijgt deze week een vervolg met Luster, wat gezien kan worden als het volwaardige debuutalbum van Maria Somerville.
Het album opent met fluitende vogeltjes en wat zweverige en sprookjesachtige klanken, die twee minuten aanhouden. Hierna begint het album wat mij betreft echt met het prachtige Projections, dat de toon zet voor de rest van het album. Het is een track die wat zweverige klanken combineert met donkere ondertonen, wat een bijzondere spanning oplevert. Het doet wel wat denken aan de muziek van Cocteau Twins uit de jaren 80 en 90, maar het heeft ook wel wat van de aardedonkere muziek van Grouper om maar eens twee namen te noemen.
Op All My People was de stem van Maria Somerville onderdeel van een wat zompig geluid, maar op Luster komt haar stem gelukkig glashelder uit de speakers. De Ierse muzikante beschikt over een zachte maar bijzonder mooie stem, die prachtig kleurt bij de wat zweverige klanken op het album.
Ook op Luster verwerkt Maria Somerville invloeden uit de ambient, maar waar deze All My People domineerden, hoor ik op Luster ook flink wat invloeden uit de postpunk, de dreampop en de shoegaze. De zwaar aangezette baslijnen en de benevelende gitaarlijnen passen prachtig bij de atmosferische klinkende wolken van synths en doen het ook uitstekend in combinatie met de wat onderkoelde zang van Maria Somerville.
De Ierse muzikante koos voor het opnemen van haar album voor het Ierse platteland waarop ze opgroeide en dat hoor je in de muziek die wijds klinkt. Het is prachtige en zeer sfeervolle muziek, waarbij het heerlijk ontspannen is en ook de prachtige stem van Maria Somerville nodig uit tot ontspannen.
Op hetzelfde moment is de Ierse muzikante op Luster goed voor fraaie spanningsbogen. Het ene moment hoor je fluitende vogels en kabbelende beekjes, het volgende moment zweef je hoog boven het ruwe Ierse platteland om vervolgens te worden overspoeld door wonderschone gitaarlijnen.
Het kabbelt allemaal bijzonder aangenaam voort op de achtergrond, maar Luster komt wat mij betreft pas echt tot leven wanneer je het album met de koptelefoon beluistert en bijna veertig minuten lang ondergaat. Dan pas valt op uit hoeveel lagen de muziek op het album bestaat en hoeveel prachtige details Maria Somerville en haar medemuzikanten hebben toegevoegd aan de songs op Luster, die veel spannender zijn dan je bij oppervlakkige beluistering kunt vermoeden. Ook de zang van de Ierse muzikante komt nog beter tot zijn recht bij beluistering met de koptelefoon en heeft dan een bijna hypnotiserende uitwerking.
Op het mini-album van Maria Somerville was ik zes jaar geleden snel uitgekeken, maar sinds de eerste beluistering van haar nieuwe album is Luster alleen maar mooier en indrukwekkender geworden. Je moet tegen een beetje zweverigheid kunnen, maar als je dit kunt is Luster een wonderschone en buitengewoon fascinerende luistertrip vol mysterie. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Great Grandpa - Patience, Moonbeam (2025) 4,0
25 april 2025, 16:00 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Great Grandpa - Patience, Moonbeam - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Great Grandpa - Patience, Moonbeam
De naam Great Grandpa deed bij mij geen belletje rinkelen, waardoor het onlangs verschenen Patience, Moonbeam op de stapel verdween, maar wat heeft de Amerikaanse band een bijzonder album afgeleverd
Steeds als je denkt dat je het derde album van de Amerikaanse band Great Grandpa in een hokje kunt duwen gaat de muziek van de band weer een andere kant op. Great Grandpa kan uit de voeten in meerdere genres en kan zowel ingetogen als ruw klinken. De songs van de band schakelen makkelijk tussen stijlen wat zorgt voor een wat ongrijpbaar album. De songs van Great Grandpa blijken na enige gewenning echter ook bijzonder mooi, waardoor Patience, Moonbeam zich steeds meer opdringt. Het is een album dat associaties oproept met een heleboel andere bands, maar uiteindelijk klinkt Great Grandpa toch vooral als zichzelf. Bijzonder album.
In een wat slappe week qua nieuwe releases was er volop gelegenheid om de stapel met albums die de afgelopen weken zijn blijven liggen nog eens uit te pluizen. Het leverde een aantal interessante albums op, waaronder het album van de mij tot voor kort onbekende Amerikaanse band Great Grandpa. Het vorige maand verschenen Patience, Moonbeam is het derde album van de band uit Seattle, Washington en de opvolger van het alweer bijna zes jaar oude Four Of Arrows.
De samenwerking tussen de leden van de band stond sindsdien om meerdere redenen onder de druk, zo verhuisden ze naar uiteenlopende plekken op de wereld, maar op Patience, Moonbeam hebben de muzikanten van Great Grandpa elkaar gelukkig toch weer gevonden. Ik ben blij dat ik het album alsnog heb ontdekt, want Great Grandpa maakt op haar derde album bijzondere muziek.
Patience, Moonbeam opent met een stemmig intro met veel strijkers en deze strijkers spelen ook in de track die volgt een voorname rol. Net als je denkt dat de Amerikaanse band stemmige folk met strijkers maakt, blijkt dat de muziek van Great Grandpa alle kanten op kan. Stemmige strijkers kunnen binnen een paar noten worden verruild voor stevige gitaren, folk kan omslaan in indierock of in country wanneer de pedal steel opduikt en in wat eigenlijk niet? De band beschikt in de persoon van transman Al Menne ook nog eens over een zanger met een uniek en veelkleurig geluid, wat de muziek van Great Grandpa nog wat bijzonderder maakt.
De muziek van Great Grandpa wordt vaak vergeleken met de muziek van Big Thief en dat begrijp ik wanneer ik luister naar een aantal tracks op Patience, Moonbeam, en vooral de wat naar country en folk neigende tracks, maar voor een aantal andere tracks slaat deze vergelijking echt nergens op. Hetzelfde geldt voor de vergelijking met de muziek van Smashing Pumpkins, die af en toe legitiem, maar meestal onzinnig is, wat ook geldt voor de vergelijking met Radiohead. Zo kan ik nog wat namen noemen, maar uiteindelijk is vergelijken zinloos. Ik hou het er maar op dat de muziek van Great Grandpa op van alles en hetzelfde moment op helemaal niets lijkt.
De band heeft noodgedwongen de tijd genomen voor haar derde album, maar dat heeft een positief effect. Patience, Moonbeam is voorzien van een veelzijdig maar altijd aansprekend geluid. Door de grote variatie is iedere track een verrassing, maar alle tracks klinken even mooi en aangenaam en op hetzelfde moment avontuurlijk. De muziek van Great Grandpa klinkt soms als een spannende playlist, maar de Amerikaanse band heeft toch ook een consistent geluid.
Het is een geluid dat echt wordt opgetild door de zang, die de songs van Great Grandpa een eigen karakter geeft en het vergelijkingsmateriaal verder naar de achtergrond dringt. Ik heb Patience, Moonbeam een paar weken geleden snel beluisterd en was kennelijk toen nog niet klaar voor de muziek van Great Grandpa.
Het is ook geen album wat je snel moet beluisteren want er valt heel veel te ontdekken op dit bijzondere maar uiteindelijk ook bijzonder mooie album. Heb je een zwak voor indierock maar ben je toe aan iets totaal anders? Probeer dan Patience, Moonbeam van Great Grandpa eens. De band uit Seattle zal je niet teleurstellen. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
girlpuppy - Sweetness (2025) 4,0
25 april 2025, 15:04 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: girlpuppy - Sweetness - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: girlpuppy - Sweetness
Het valt als jonge vrouwelijke muzikante in die indierock en indiepop niet mee om op te vallen op het moment, maar de Amerikaanse muzikante girlpuppy had dit zeker moeten doen met het ijzersterke Sweetness
Sweetness, het tweede album van girlpuppy verscheen een maand geleden en is vooralsnog niet overladen met aandacht. Dat had het album wel verdiend, want het tweede album van girlpuppy is een knap album. Het is een breakup album, wat een aantal wat donkerder gekleurde songs oplevert en het zijn songs waarin de gitaren lekker stevig klinken, maar girlpuppy zeker niet blijft hangen in één genre. De songs van het project van de Amerikaanse muzikante Becca Harvey zijn stuk voor stuk aansprekend en vallen niet alleen op door de mooie klanken en een fraaie productie, maar zeker ook door de prachtige zang van girlpuppy, die als zangeres enorm is gegroeid op dit uitstekende album.
Ik heb nog altijd een enorm zwak voor jonge vrouwelijke muzikanten met een voorliefde voor indiepop en indierock, al is het aanbod in deze genres al jaren zo groot dat ik ook flink wat nieuwe albums laat liggen. Dat deed ik in de herfst van 2022 ook met When I’m Alone van de Amerikaanse muzikante girlpuppy. Dat was achteraf bezien niet terecht, want toen ik het album deze week nog eens beluisterde beviel het me zeer.
Op haar debuutalbum verraste het alter ego van Becca Harvey met een serie prima songs met zowel invloeden uit de indierock als de indiepop, met een zeer aangename stem, met een eigenzinnig geluid en met persoonlijke teksten. When I’m Alone had daarom in 2022 een beter lot verdiend en dat geldt ook voor het tweede album van girlpuppy dat een paar weken geleden verscheen.
Sweetness verscheen in een week met heel veel nieuwe albums en het tweede album van girlpuppy was in de betreffende week zeker niet het enige album van een jonge vrouwelijke muzikante met een zwak voor indiepop en indierock. Ik ga er van uit dat ik Sweetness vorige maand wel heb beluisterd, maar kennelijk maakte het album geen of in ieder geval niet voldoende indruk.
Dat is bijzonder, want girlpuppy maakt op haar tweede album muziek die in mijn straatje past en toen ik het album deze week beluisterde vond ik het zeker geen twijfelgeval. Sweetness ligt in het verlengde van het debuutalbum van girlpuppy en bevat lekker in het gehoor liggende songs die vooral in het hokje indierock passen. Het is indierock met hier en daar lekker stevig aangezette gitaren, die prachtig contrasteren met melodieus klinkende synths en met de wat meisjesachtige stem van Becca Harvey.
Het combineren van gruizige gitaren en engelachtige zang was in de indierock uit de jaren 90 een beproefd recept en het is een recept waardoor girlpuppy zich zeker heeft laten beïnvloeden. Sweetness klinkt een stuk rauwer en donkerder dan het debuutalbum van girlpuppy en dat is niet zonder reden. De meeste songs op het album zijn beïnvloed door het einde van een liefdesrelatie die zowel verdriet als boosheid heeft opgeleverd.
Het is niet de enige reden voor het stevigere geluid, want ook de productie van niemand minder dan Alex Farrar (Wednesday, Horse Jumper Of Love, Bnny, MJ Lenderman) en de bijdragen van leden van Horse Junper Of Love, Beach Fossils en The War On Drugs hebben vast bijgedragen aan het wat meer rock georiënteerde geluid op het album.
Vergeleken met het debuutalbum van girlpuppy valt op dat Becca Harvey veel beter en mooier is gaan zingen. Volgens de informatie op haar bandcamp pagina nam de Amerikaanse muzikante in eerste versie a capella versies van haar songs op, wat verklaart dat de sfeer in de zang zo anders is dan die in de muziek op het album.
Het is een combinatie die overigens wel prachtig werkt, want gruizige gitaren en lieflijke zang zijn nog altijd een beproefde combinatie. Het is een combinatie die is geland in een aantal zeer persoonlijke maar ook uitstekende songs. Ik begrijp er echt helemaal niets van dat ik het album heb laten liggen vorige maand, want girlpuppy heeft wat mij betreft een van de meest aansprekende indierock albums van 2025 gemaakt. Ik zou nog maar eens gaan luisteren, want dat hebben echt veel te weinig mensen gedaan tot dusver. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Jetstream Pony - Bowerbirds and Blue Things (2025) 4,0
24 april 2025, 20:35 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Jetstream Pony - Bowerbirds And Blue Things - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Jetstream Pony - Bowerbirds And Blue Things
De Britse band Jetstream Pony maakt geen geheim van haar grote voorbeelden uit de jaren 90, maar de mix van dreampop, shoegaze, postpunk en indierock op Bowerbirds And Blue Things klinkt echt onweerstaanbaar lekker
Vijf jaar geleden viel het kwartje nog niet en ook vorige maand werd ik niet direct gegrepen door de muziek van de Britse band Jetstream Pony. Misschien klonk het allemaal net wat te bekend in de oren, misschien wakkerde Bowerbirds And Blue Things vooral het verlangen naar de muziek van lievelingsbands uit het verleden aan, maar op een gegeven moment kwam het besef dat Jetstream Pony op haar tweede album echt heel goed is. Het geldt voor de muziek, het geldt voor de zang en het geldt voor de songs, die allerlei nostalgische gevoelens oproepen, maar ook geen moment gedateerd klinken. En Bowerbirds And Blue Things wordt eigenlijk alleen maar leuker.
Bowerbirds And Blue Things, het tweede album van de Britse band Jetstream Pony lag al een aantal weken op de stapel en leek er eerlijk gezegd niet meer van af te komen. Dat gebeurde bijna vijf jaar geleden ook met het titelloze debuutalbum van de band uit Brighton.
Ook toen was ik bij eerste beluistering zeer gecharmeerd van de muziek van Jetstream Pony. Het is muziek die me in 2020 mee terug nam naar de jaren 90 en naar bands met een voorliefde voor postpunk, dreampop, shoegaze en indierock. Jetstream Pony verdiende met haar debuutalbum misschien niet de originaliteitsprijs, maar deed verder echt alles goed.
De Britse band vermaakte met melodieuze en aanstekelijke songs, met veelkleurig gitaarwerk met hier en daar heel veel zonnestralen en met een aansprekende zangeres. Jetstream Pony deed samengevat zo ongeveer alles dat ik in de jaren 90 in muzikaal opzicht leuk vond en ook bijna net zo goed, maar dan wel 30 jaar later of misschien wel 30 jaar te laat. Ik greep daarom terug op mijn oude helden en vergat Jetstream Pony.
Een paar weken geleden had ik eigenlijk hetzelfde met het tweede album van de band. Bowerbirds And Blue Things voelde direct bij eerste beluistering aan als een warm bad, waardoor ik als een blok viel voor het album. Jetstream Pony leek echt alles goed te doen en ook nog wel wat beter dan op het debuutalbum, maar na een tijdje trok ik toch de albums van Lush weer uit de kast en omarmde ik het onlangs verschenen album van de nieuwe band van voormalig Lush frontvrouw Miki Berenyi.
Ik ben blij dat ik Bowerbirds And Blue Things toch nog een kans heb gegeven, want Jetstream Pony is echt een stuk beter dan de meeste andere bands die teruggrijpen op de hoogtijdagen van de dreampop, shoegaze, postpunk en indierock. De band uit Brighton bestaat uit een aantal muzikanten die hun sporen in de Britse popmuziek ruimschoots verdiend hebben en dat hoor je.
In muzikaal opzicht klinkt Bowerbirds And Blue Things niet alleen direct bekend, maar wat zit het allemaal goed in elkaar. De drummer speelt heerlijk strak, de baslijnen zijn lekker diep en ruw, het gitaarwerk is track na track om van te smullen, zangeres Beth Arzy zingt buitengewoon verleidelijk en de band beschikt ook over een aantal prima mannenstemmen die de stem van de frontvrouw prachtig versterken.
In muzikaal en vocaal opzicht klinkt Jetstream Pony objectief gezien misschien wel beter dan de grote voorbeelden uit het verleden en ook de songs van de band uit Brighton zijn stuk voor stuk van hoog niveau. Natuurlijk hoor ik heel veel flarden uit de jaren 90 en invloeden van bands die voor mij niet te overtreffen zijn, maar dat zijn geen geldige redenen om Bowerbirds And Blue Things te laten liggen.
Integendeel, het zijn redenen om het tweede album van Jetstream Pony nog wat steviger te omarmen. Sinds ik dat heb gedaan is mijn liefde voor het album gegroeid tot grote hoogten. De ene song is nog beter dan de andere, de ritmesectie speelt de sterren van de hemel, het gitaarwerk zorgt voor talloze momenten van geluk en dan is er ook nog eens de onweerstaanbaar lekkere zang. Ik laat de albums van mijn helden uit de jaren 90 daarom momenteel even in de kast staan en kies voor het nieuwe album van Miki Berenyi en voor dit prachtalbum van Jetstream Pony. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Daughter of Swords - Alex (2025) 4,0
23 april 2025, 16:56 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Daughter Of Swords - Alex - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Daughter Of Swords - Alex
Daughter Of Swords debuteerde bijna zes jaar geleden heel aardig met Dawnbreaker, maar slaat op het onlangs verschenen Alex fascinerende nieuwe wegen in, wat een opvallend fris en avontuurlijk album oplevert
Ik was de naam Daughter Of Swords eerlijk gezegd al lang weer vergeten, want er is flink wat tijd verstreken sinds het debuutalbum van het project van Alex Sauser-Monnig uit North Carolina. De hernieuwde kennismaking met de muziek van de Amerikaanse muzikant bevalt uitstekend. Daughter Of Swords kiest op het tweede album voor een duidelijk ander geluid dan op het debuutalbum, waarop de Appalachen folk nog een rol speelde. Het is een meer pop georiënteerd geluid en het is een behoorlijk eigenzinnig geluid, waardoor het album je blijft verrassen. Daughter Of Swords heeft een album gemaakt dat niet makkelijk in een hokje is te duwen, maar dat absoluut de aandacht verdient.
Alweer bijna zes jaar geleden besprak ik Dawnbreaker, het debuutalbum van Daughter Of Swords. Het eerste album van het project van de uit Durham, North Carolina, afkomstige Alexandra Sauser-Monnig, die we ook kenden als lid van het vocale trio Mountain Man en van de band The A’s, bevatte een aantal Spartaans klinkende folksongs die herinnerden aan de Appalachen folk van lang geleden, maar ook een aantal wat voller klinkende popsongs. Het is een album dat bij vluchtige beluistering misschien niet heel opzienbarend klonk, maar hoe vaker ik naar Dawnbreaker luisterde, hoe knapper en leuker ik het album vond.
Er zijn flink wat jaren verstreken sinds het debuutalbum van Daughter Of Swords, maar onlangs verscheen eindelijk een tweede album, Alex. De titel van het album verwijst naar de nieuwe identiteit van Alexandra Sauser-Monnig, die zich tegenwoordig Alex noemt en zichzelf bovendien ziet als non-binair persoon. Ook ik in muzikaal opzicht is er het een of andere veranderd, want het tweede album van Daughter Of Swords klinkt duidelijk anders dan het debuutalbum uit 2019.
Alex Sauser-Monnig heeft het tweede album van Daughter Of Swords gemaakt met een flink aantal muzikale vrienden, onder wie haar vaste kompaan Amelia Meath (Sylvan Esso, Mountain Man, The A’s) en ervaren muzikanten als Jenn Wasner (Wye Oak, Flock of Dimes), Nick Sanborn (Sylvan Esso), TJ Maiani (Weyes Blood, Neneh Cherry en Caleb Wright (Samia).
Daughter Of Swords schakelde op Dawnbreaker nog tussen sober klinkende folksongs met echo’s uit de Appalachen folk en wat voller ingekleurde popsongs. Op Alex staat nog één track die zich heeft laten beïnvloeden door de folk uit het verre verleden, maar op het album domineren de popsongs. Het zijn popsongs die het avontuur stevig omarmen, die niet bang zijn om uit de bocht te vliegen en die ook nog eens alle kanten op kunnen. Zo opent het album met een wat stevige en gruizige song die aansluit bij de indierock van het moment, maar is er in de tweede track alle ruimte voor het experiment, dat je zowel hoort in de gebruikte elektronica als in de zang.
Alex wordt in een recensie als volgt omschreven: “Their second album, Alex, is a different story entirely. It’s louder, weirder, and way more fun - like someone who’s gone through something and come out the other side with more questions than answers, but way more energy. If Dawnbreaker felt like sitting with your feelings in a quiet room, Alex is about getting up, going outside, and seeing what happens when you let life - your thoughts, your desires, your relationships -be a little messy.” Het is een mooie omschrijving van een album dat inderdaad ruw en vreemd kan klinken, maar het is ook een album waar je vrolijk van wordt en dat de fantasie maar blijft prikkelen.
Daughter Of Swords doet dit met de bijzondere klanken op het album van onder andere blazers en elektronica, maar zeker ook met de zang, die ik een stuk mooier vind dan op het debuutalbum. Het leukst zijn echter de popsongs die je stuk voor stuk weten te verrassen en als je er vatbaar voor bent ook genadeloos vermaken. Op het eerste gehoor klinkt het misschien wat ongrijpbaar en rammelt het wat, maar de popsongs van Daughter Of Swords worden echt steeds leuker. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Benni - Bleeding Colours (2025) 4,5
23 april 2025, 13:43 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Benni - Bleeding Colours - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Benni - Bleeding Colours
Benni is een jonge Belgische singer-songwriter, die vorige week debuteerde met de EP of eigenlijk het mini-album Bleeding Colours, dat echt in meerdere opzichten een verpletterende indruk maakt
De zeven songs en 26 minuten muziek van Benni waren bijna op de stapel beland, maar de songs van de Belgische muzikante lieten me maar niet los, waardoor ik ben afgeweken van mijn regel om alleen volwaardige albums te bespreken. Daar valt in het geval van Bleeding Colours echt niets op af te dingen, want het mini-album van Benni is zeven songs en 26 minuten lang verschrikkelijk goed. Dat heeft alles te maken met de bijzondere stem en de emotievolle zang van de Belgische muzikante, maar ook in muzikaal opzicht en met haar songs maakt Benni makkelijk indruk. Het is druk in het genre waarin Benni opereert, maar ze kan de concurrentie verrassend makkelijk aan.
EP’s en mini-albums laat ik meestal links liggen, zeker wanneer het aanbod aan nieuwe albums zo groot is als tegenwoordig bijna altijd het geval is. De eerste EP van Benni viel daarom vorige week buiten de boot, maar de songs en vooral de stem van de Belgische muzikante lieten me vervolgens niet los, waardoor Bleeding Colours deze week alsnog een plekje op de krenten uit de pop in de wacht heeft gesleept. En terecht, want wat zijn de songs van Benni mooi en bijzonder.
Bleeding Colours wordt overal, en ook door Benni zelf, een EP genoemd, maar met zeven tracks en 26 minuten muziek zou ik het zelf eerder een mini-album noemen. Het is na een aantal singles het eerste echte wapenfeit van Benni en het is in alle opzichten een zeer indrukwekkend wapenfeit geworden.
Benni is het alter ego van Barbara Petitjean uit Vielsalm. Ze is bij onze Zuiderburen bekend van haar eerste singles en van haar optreden als support-act van onder andere Coeur de Pirate, maar in Nederland kunnen we met Bleeding Colours echt kennis maken met de Belgische singer-songwriter.
Ik werd bij eerste beluistering echt verpletterd door de zeven songs van Benni. De muzikante die opgroeide in een klein plaatsje in Wallonië trekt in eerste instantie vooral de aandacht met haar stem. Het is een stem die anders klinkt dan de meeste andere stemmen van het moment. Het is een stem die je waarschijnlijk mooi of niet mooi vindt, maar als je gevoelig bent voor de vocale verleiding van Benni is deze verleiding ook meedogenloos.
Het is een stem die ik niet direct kan vergelijken met de stemmen van anderen. Af en toe hoor ik iets van de net volwassen Birdy, maar Benni heeft ook een vleugje Kate Bush in haar stem en zo hoor ik nog wel wat stemmen van bijzondere zangeressen, zonder dat de stem van de Belgische muzikante sprekend lijkt op die van een ander.
Benni is pas 24 jaar oud, maar haar stem klinkt verrassend doorleefd. De Belgische singer-songwriter bezingt de pieken en de dalen van de liefde en doet dit met heel veel gevoel. Het zorgt er voor dat haar songs zich genadeloos opdringen, waardoor de zeven songs van Benni bij mij steeds maar terug bleven komen, EP of mini-album of niet.
De stem van Benni is echt prachtig, maar haar songs zijn ook voorzien van zeer sfeervolle en smaakvolle klanken. Het zijn in de basis akoestische klanken, die hier en daar fraai zijn verrijkt met strijkers, wat prachtig past bij de gevoelige zang en alle melancholie die voorbij komt in de teksten op het mini-album van Benni.
Met Bleeding Colours doet Benni wat mij betreft niet onder voor de groten in de indiefolk en indiepop van het moment. Dat is knap, maar wat Bleeding Colours nog knapper maakt is dat Benni de verleiding heeft weerstaan om in de voetsporen van deze groten te treden en heeft gewerkt aan een bijzonder eigen geluid.
Als de Belgische muzikante nog een paar extra tracks had opgenomen had Bleeding Colours een sensationeel debuutalbum kunnen zijn, want ze schrijft ook nog eens geweldige songs. Dat debuutalbum moet nu nog komen, maar door de zeven songs op dit mini-album wordt het een debuutalbum om met hele hoge verwachtingen naar uit te kijken. Bleeding Colours verscheen in de week van Record Store Day, waardoor het aantal andere albums gigantisch was, maar het debuut van Benni moet je echt horen. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Taylor Rae - The Void (2025) 4,5
22 april 2025, 15:18 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Taylor Rae - The Void - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Taylor Rae - The Void
Taylor Rae trok in Verenigde Staten al flink de aandacht met haar prima debuutalbum Mad Twenties en laat op het minstens even goede The Void horen dat haar vorige album zeker geen toevalstreffer was
Taylor Rae werd mij aangeprezen als countrypop ster, maar met countrypop heeft haar muziek niets te maken. De muzikante uit Austin, Texas, verwerkt vooral invloeden uit de folk, blues en jazz in tijdloos klinkende Amerikaanse rootsmuziek en singer-songwriter pop. In muzikaal opzicht valt vooral het bluesy gitaarspel op, maar het is de stem van Taylor Rae die de meeste aandacht trekt. De Amerikaanse muzikante beschikt over een mooie stem, die zich als de spreekwoordelijke warme deken om je heen slaat. Alles op The Void klinkt even aangenaam, wat het album al snel onweerstaanbaar maakt, maar het tweede album van Taylor Rae ademt ook kwaliteit.
Mad Twenties, het in de herfst van 2021 verschenen debuutalbum van Taylor Rae, deed het in de Verenigde Staten heel erg goed, maar heeft in Europa volgens mij nauwelijks aandacht gekregen. Ik had het album tot voor kort zelf ook nog nooit beluisterd, maar ben echt aangenaam verrast door het eerste album van Taylor Rae.
De singer-songwriter uit Austin, Texas, krijgt hier en daar het label countrypop opgeplakt, maar op Mad Twenties laat ze een verrassend veelzijdig geluid horen, dat zowel binnen de Amerikaanse rootsmuziek als binnen de singer-songwriter pop op een breed terrein uit de voeten kan.
De belangrijkste reden om alsnog naar Mad Twenties, waarop ik zeker nog terug ga komen, te luisteren is het feit dat Taylor Rae deze week haar tweede album heeft uitgebracht. Het is een album waaraan ik, na mijn kennismaking met Mad Twenties, begon met hele hoge verwachtingen, maar ook The Void heeft me zeker niet teleurgesteld.
Het album opent prachtig met een akoestische gitaar en de stem van Taylor Rae, die ook op haar tweede album makkelijk indruk maakt met haar stem. Wanneer de openingstrack na een tijdje wat voller wordt ingekleurd is er direct weer het warme en volstrekt tijdloze geluid dat het debuutalbum van Taylor Rae zo mooi en bijzonder maakte en dat gemaakt lijkt voor lome zondagen.
Het is een geluid dat nog mooier, warmer en smaakvoller klinkt dan op het debuutalbum van de Texaanse muzikante en dat de hand van een ervaren producer verraadt. Dat is de met een Grammy beloonde muzikant en producer Eric Krasno zeker, al moet ik toegeven dat zijn naam bij mij geen belletje deed rinkelen.
Taylor Rae maakte haar nieuwe album met een zeer compacte band en tekent zelf voor prachtig gitaarspel. Het is gitaarspel dat akoestisch en folky kan klinken, maar op The Void is ook een belangrijke rol weggelegd voor elektrisch versterkt bluesy gitaarspel, dat de songs op het album voorziet van een heerlijk loom karakter.
Het zorgt ook op het nieuwe album van Taylor Rae weer voor een tijdloos en soms wat nostalgisch aandoend geluid met invloeden uit de folk, blues, country en jazz. Het is een warm en zeer aangenaam geluid en het is een geluid waarin de mooie en eveneens warme stem van Taylor Rae uitstekend gedijt.
Het is een stem die me af en toe wel wat doet denken aan die van Norah Jones en dat is wat mij betreft een groot compliment. De gloedvolle zang op het album past perfect bij de stemmige klanken op het album en weet zich wat mij betreft in positief opzicht te onderscheiden binnen het aanbod van het moment. Dat doet de Amerikaanse muzikante niet alleen met de muziek op The Void en met haar stem, maar ook met de songs, die niet alleen tijdloos klinken, maar ook kwaliteit ademen.
Toen ik eerder deze week naar Mad Twenties luisterde verbaasde het me dat dit album in Nederland echt nauwelijks aandacht heeft gekregen. Ook The Void duikt niet op in de meeste lijsten met nieuwe albums en ook qua recensies is het nog redelijk stil, buiten een Britse recensie waarin het album wordt vergeleken met Deeper Well van Kacey Musgraves. Dat hoor ik er zelf niet direct in, al is de sfeer op beide albums wel deels vergelijkbaar. Het maakt The Void van Taylor Rae voor mij nog wat onweerstaanbaarder. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Will Johnson - Diamond City (2025) 4,0
21 april 2025, 16:13 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Will Johnson - Diamond City - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Will Johnson - Diamond City
De Amerikaanse muzikant Will Johnson heeft inmiddels een enorme stapel albums op zijn naam staan met zijn bands en als solomuzikant en ook het deze week verschenen Diamond City is weer een prachtig album
Will Johnson stond de afgelopen twee jaar volop in de spotlights als lid van The 400 Unit, de band van Jason Isbell, maar ook met zijn solowerk verdient de Amerikaanse muzikant alle aandacht. Will Johnson dook in de jaren 90 op met zijn band Centro-Matic en later met South San Gabriel, maar ook zijn solowerk is zeer de moeite waard. Diamond City volgt op een aantal geweldige albums en laat goed horen wat Will Johnson te bieden heeft. De muziek is ruw en elementair, de zang doorleefd en de songs prachtig. Will Johnson behoort inmiddels al enkele decennia tot de smaakmakers binnen de Amerikaanse roots- en rockmuziek en laat op Diamond City nog maar eens horen waarom dat zo is.
Ondanks het feit dat de vorige drie albums van de Amerikaanse muzikant Will Johnson (Wire Mountain uit 2019, El Capitan uit 2020 en No Ordinary Crown uit 2023) op deze website konden rekenen op zeer positieve recensies en het laatste album zelfs mijn jaarlijstje haalde, kwam het onlangs verschenen Diamond City vreemd genoeg toch weer op de stapel terecht.
Ik heb sowieso een wat ongelukkige relatie met het solowerk van Will Johnson, want waar ik het werk van zijn bands Centro-Matric en South San Gabriel altijd zeer kon waarderen, was het hierboven genoemde Wire Mountain pas mijn eerste kennismaking met zijn solowerk, hoewel het toch al zijn zesde soloalbum was. Diamond City heeft gelukkig niet heel lang op de stapel gelegen, want ook het negende soloalbum van de muzikant uit Austin, Texas, is weer zeer de moeite waard en mag echt niet ontbreken tussen de krenten uit de pop.
Will Johnson trad twee jaar geleden toe tot The 400 Unit, de band van Jason Isbell, maar schreef eerst nog even een berg songs, waarvan er negen zijn terecht gekomen op Diamond City. Will Johnson maakte zijn nieuwe soloalbum samen met producer, studiotechnicus en multi-instrumentalist Britton Beisenherz, nadat hij eerst een twintigtal ruwe demo’s had opgenomen met zijn tape recorder.
De twee tekenden samen voor alle muziek op het album en net als de vorige soloalbums van Will Johnson klinkt het met redelijk eenvoudige middelen opgenomen album behoorlijk sober. Het is wat mij betreft de setting waarin de songs en de stem van de Amerikaanse muzikant het best tot zijn recht komen, waardoor ik blij ben met het album.
Sober is in het geval van Will Johnson overigens een relatief begrip, want door de inzet van elektrische gitaren, keyboards en spaarzame percussie is Diamond City zeker geen verstild klinkend folkalbum. Met name het elektrische gitaarwerk op het album vind ik erg mooi, zeker wanneer het tempo laag ligt en een subtiel laagje keyboards de gitaarklanken eindeloos ver laat weg zweven, zoals in het echt prachtige en bijna zes minuten durende Unfamiliar Ghost.
Ook wanneer de Amerikaanse muzikant kiest voor slechts een paar gitaarakkoorden, al dan niet gecombineerd met subtiel klinkende synths maakt zijn muziek makkelijk indruk. Dat heeft deels te maken met de bijzondere klanken op het album, maar nog net wat meer met de mooie stem van de muzikant uit Austin. Het is een stem die ook op Diamond City weer kwetsbaar en doorleefd klinkt en hierdoor makkelijk indruk maakt.
Net als de vorige soloalbums van Will Johnson is ook zijn nieuwe album weer een wat lo-fi klinkend singer-songwriter album, maar wat wordt er mooi en subtiel gespeeld op het album, dat vooral uitblinkt door wat ruw maar prachtig gitaarwerk. Het tempo ligt ook dit keer behoorlijk laag, wat in combinatie met de subtiele en atmosferische klanken en de mooie stem van de Amerikaanse muzikant zorgt voor een wat bedwelmende of zelfs hypnotiserende sfeer, die af en toe aan de albums van Sparklehorse doet denken.
Het is de sfeer die ik zo mooi vond op de vorige albums van Will Johnson, die met Diamond City een album heeft afgeleverd dat niet onder doet voor zijn voorgangers. Een heel groot publiek trekt de Amerikaanse muzikant niet met zijn albums en dat moet nu echt maar eens gaan veranderen. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Naaz - read me (2025) 4,0
21 april 2025, 11:43 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Naaz - read me (EP) - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Naaz - read me (EP)
Naaz hield zich na het jaar van haar grote comeback in 2023 met andere dingen bezig, maar brengt deze week een nieuwe EP uit, die laat horen dat ze zich in muzikaal opzicht blijft ontwikkelen
Naaz bracht in 2018 met Bits of Naaz een fris en aanstekelijk mini-album uit, maar liet de muziek niet veel later gedesillusioneerd achter zich. Lange tijd leek het er op dat ze verloren was gegaan voor de muziek, maar gelukkig keerde ze in 2023 terug met het fantastische Never Have I Ever. De opvolger van dit album laat nog even op zich wachten, maar met de EP read me hebben we in iedere geval weer een aantal nieuwe Naaz songs in handen. Het zijn songs die deels voortborduren op haar debuutalbum, maar die ook nieuwe wegen in slaan en nog maar eens laten horen hoe talentvol Naaz is.
2023 was voor mij zonder enige twijfel het jaar van Naaz (Mohammad). De Nederlands-Koerdische muzikante had de muziek een paar jaar eerder vaarwel gezegd na een aantal slechte ervaringen, maar keerde begin 2023 terug met haar debuutalbum Never Have I Ever en met een geweldig concert in het Amsterdamse Carré, dat ze ook tot haar eigen verbazing wist uit te verkopen.
Ze regelde in de zomer van 2023 ook nog eens eigenhandig een rol als support-act voor Lana Del Rey in de Ziggo Dome en sloot het jaar fraai af met een wederom uitstekend concert in Paradiso en met de eerste plek in mijn jaarlijstje. Sindsdien doet Naaz van alles, ze werkt aan een boek, maakt af en toe nieuwe muziek en geeft bijzondere concerten met een orkest. Een aantal nieuwe tracks van de inmiddels Amsterdamse muzikante zijn terecht gekomen op de deze week verschenen EP read me (geen hoofdletters). Het is een EP met slechts vijf tracks een net iets meer dan 17 minuten muziek, maar ik ben er blij mee.
Een aantal tracks op read me verscheen al eerder als single, maar openingstrack take my life (back) is helemaal nieuw. Het is een uptempo track met een beat, maar het is, met name door de zang, door de bijzondere klanken aan het eind van de song en door de intensiteit en intimiteit in haar muziek toch ook een typische Naaz track.
Dat geldt ook voor het eveneens gloednieuw almost the end, dat in eerste instantie vooral piano en de prachtige stem van Naaz laat horen, maar af en toe ook voller wordt ingekleurd met synths. De derde track, almost a woman verscheen eerder dit jaar al en is wederom een track met vooral piano en de echt bijzonder mooie en zeer karakteristieke en emotievolle stem van Naaz, die ook dit keer de aandacht trekt met persoonlijke teksten, waarin ze zich kwetsbaar durft op te stellen.
Het eveneens begin dit jaar verschenen remains klinkt weer wat voller en is net als de openingstrack een song die niet had misstaan op het debuutalbum van Naaz, maar ook een song die laat horen dat de Nederlands-Koerdische muzikante zich zowel in muzikaal als in vocaal opzicht blijft ontwikkelen.
Slottrack sirens ! verscheen vorig jaar al en combineert redelijk ingetogen klanken met een beat en expressieve en in meerdere lagen opgenomen vocalen. Het is net als de openingstrack een wat grootser klinkende popsong, maar het is er wederom een die laat horen dat Naaz een eigenzinnige muzikante is, die ook mooie teksten schrijft. Alles bij elkaar genomen is read me een mooie EP, die het verlangen naar het tweede album van Naaz weer wat steviger aanwakkert. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Avery Friedman - New Thing (2025) 4,0
21 april 2025, 10:24 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Avery Friedman - New Thing - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Avery Friedman - New Thing
Het valt niet mee om nog op te vallen in de indierock scene van het moment, maar de Amerikaanse muzikante Avery Friedman doet het op overtuigende wijze op haar uitstekende debuutalbum New Thing
Avery Friedman schrijft naar verluidt pas een jaar of twee songs, maar dat is niet te horen op haar deze week verschenen debuutalbum. Op dit album staan immers een aantal direct memorabele rocksongs en ook nog een aantal songs die wat dieper graven. New Thing is een indierock album, maar de muziek en de songs van Avery Friedman beperken zich niet tot de geijkte patronen. In muzikaal opzicht heeft de muzikante uit Brooklyn een interessant album afgeleverd en ook de songs op het album springen er wat mij betreft uit. Avery Friedman beschikt ook nog eens over een mooie stem, waardoor New Thing alle ingrediënten van een zeer geslaagd debuutalbum bevat.
Ik krijg bijna dagelijks nieuwe muziek toegestuurd en kan onmogelijk met volledige aandacht naar alles luisteren. Een album van een onbekende band of muzikant(e) zal bij mij daarom onmiddellijk de juiste snaar moeten raken om niet op de grote stapel terecht te komen, wat helaas het lot is van de meeste nieuwe muziek die ik krijg toegestuurd.
Dat onmiddellijk raken van de juiste snaar lukte de Amerikaanse muzikante Avery Friedman een paar weken geleden. Haar single New Thing vond ik direct prachtig, waarna ook de rest van haar debuutalbum me snel wist te overtuigen. New Thing is de titeltrack van het deze week verschenen debuutalbum van de muzikante uit Brooklyn, New York. Het is de track die mij een paar weken geleden onmiddellijk wist te overtuigen en ik vind het nog steeds een prachtsong.
Het is een track met bijzonder mooi, veelkleurig en melodieus gitaarwerk, dat hier en daar prachtig ontspoort en een bijzondere spanning opbouwt. Het is bovendien een indierock song die direct memorabel klinkt en zomaar kan uitgroeien tot een song die je over tien jaar nog steeds koestert. Het is ook nog eens een song die opvalt door de mooie en aangenaam dromerige stem van Avery Friedman, die fraai contrasteert met de gruizige gitaren.
New Thing is de beste track op het debuutalbum van de Amerikaanse muzikante, maar de andere songs doen er niet veel voor onder. Het debuutalbum van Avery Friedman duurt slechts een kleine dertig minuten, maar het is wat mij betreft genoeg om haar uit te roepen tot grote belofte voor de toekomst.
New Thing is een album dat past in het hokje indierock, maar de muzikante uit Brooklyn maakt zeker geen dertien in een dozijn indierock. De muziek op New Thing wordt gedragen door een degelijk spelende ritmesectie en een subtiel laagje keyboards, maar de gitaren eisen de hoofdrol op in het geluid van Avery Friedman. De gitaren klinken af en toe lekker ruw en gruizig, maar het gitaarwerk op het album kan ook subtieler en folky zijn en is bovendien verrassend veelzijdig .
Het zorgt er voor dat New Thing een veelkleurig album is en dat hoor je op een debuutalbum niet heel vaak. Die variatie is een verstandige keuze, want het biedt Avery Friedman de mogelijkheid om te schitteren als zangeres. In de wat stevigere songs blijft de Amerikaanse muzikante makkelijk overeind met haar wat dromerige stem, maar ik vind de zang nog mooier in de wat meer ingetogen songs, waarin Avery Friedman prachtig fluisterzacht kan zingen.
De muzikante uit Brooklyn opereert in een genre waarin het echt ongelooflijk dringen is en maakt muziek zoals die veel vaker wordt gemaakt, maar het debuutalbum van Avery Friedman heeft wat mij betreft iets bijzonders. Op New Thing slaagt ze er wat mij betreft in om met een aantal direct memorabele rocksongs op de proppen te komen, maar durft ze ook buiten de lijntjes te kleuren, wat het album interessanter maakt dan de meeste andere albums in het genre en zeker die van nieuwkomers, die toch vaak voortborduren op alles dat er al is.
Ik durf Avery Friedman daarom absoluut een mooie toekomst te voorspellen. Daarvoor moet ze wel een beetje geluk hebben en opgepikt worden door grote spelers als Pitchfork. Dat is deze week nog niet het geval, maar de hoge kwaliteit van dit debuutalbum moet uiteindelijk boven komen drijven. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Julien Baker & TORRES - Send a Prayer My Way (2025) 4,0
19 april 2025, 10:08 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Julien Baker & TORRES - Send A Prayer My Way - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Julien Baker & TORRES - Send A Prayer My Way
Indierock helden Julien Baker en Mackenzie Scott (TORRES) kiezen op hun gezamenlijke album Send A Prayer My Way eens niet voor de indierock maar voor de countrymuziek en dat pakt verrassend goed uit
Julien Baker heeft dit jaar geen verplichtingen met boygenius en daarom was er tijd voor een ander gelegenheidsproject. Er was al langer het plan om samen met TORRES, het project van Mackenzie Scott, een countryalbum op te nemen en dat album is er nu gekomen. Country is redelijk ver verwijderd van de muziek die de twee normaal gesproken maken, maar het klinkt verrassend goed. In muzikaal opzicht klinkt het album solide en stemmen van Julien Baker en Mackenzie Scott blijken verrassend goed bij het genre en bij elkaar te passen. Ook op de songs van het gelegenheidsduo heb ik niets aan te merken, waardoor ik Send A Prayer My Way alleen maar zeer geslaagd kan noemen.
Little Oblivions, het derde en vooralsnog laatste soloalbum van Julien Baker, is inmiddels al ruim vier jaar oud. Het is een album dat ik net wat minder hoog inschat dan voorgangers Turn Out The Lights uit 2017 en haar debuutalbum Sprained Ankle uit 2016, maar ook Little Oblivions deed zeer uitzien naar een nieuw soloalbum van de Amerikaanse muzikante.
Julien Baker heeft sinds haar laatste soloalbum niet helemaal stil gezeten, want ze timmerde samen met Phoebe Bridgers en Lucy Dacus aan de weg met de gelegenheidsband boygenius en produceerde onlangs nog het nieuwe album van The Ophelias. Op een nieuw soloalbum van Julien Baker moeten we helaas nog altijd wachten, maar deze week verscheen wel Send A Prayer My Way, dat ze samen maakte met de muzikante TORRES.
Het alter ego van de Amerikaanse muzikante Mackenzie Scott leverde inmiddels zes uitstekende albums af, maar op Send A Prayer My Way treden zowel Julien Baker als TORRES flink buiten hun muzikale comfort zone. Op het debuutalbum van het gelegenheidsduo is de indierock die ze normaal gesproken maken immers verruild voor grotendeels akoestische country.
Zowel Julien Baker als Mackenzie Scott groeiden op in het diepe zuiden van de Verenigde Staten en kregen de countrymuziek met de paplepel ingegoten. De conservatieve country scene paste misschien niet zo goed bij de seksuele identiteit van de twee, maar op Send A Prayer My Way eren Julien Baker en Mackenzie Scott op fraaie wijze de countrymuziek.
Het eerste album van Julien Baker en TORRES komt zeker niet uit de lucht vallen, want het idee om samen een countryalbum te maken ontstond jaren geleden al. Send A Prayer My Way is zoals gezegd ver verwijderd van de muziek die de twee normaal gesproken maken, maar het resultaat mag er zijn.
In muzikaal opzicht klinkt het album behoorlijk traditioneel, met vooral gitaren, violen en de pedal steel. In een aantal songs is het geluid behoorlijk sober, maar een aantal andere songs klinken een stuk voller, al blijft de dynamiek die we kennen van de soloalbums van de twee grotendeels achterwege.
De dynamiek in de zang van Julien Baker vind ik een van de sterke punten van haar soloalbums, maar op Send A Prayer My Way zingt ze vooral ingetogen. Zowel de stem van Julien Baker als die van Mackenzie Scott, die de lead vocalen afwisselen, past verrassend goed bij de countrysongs op het album en het zijn ook nog eens stemmen die prachtig bij elkaar kleuren in bijzonder mooie harmonieën.
Ik kon me op voorhand niet zo heel veel voorstellen bij een countryalbum van Julien Baker en TORRES, maar het resultaat mag er zijn en heeft me aangenaam verrast. De songs worden naarmate het album vordert eigenlijk alleen maar mooier en waar de twee in muzikaal opzicht, buiten hier en daar wat atmosferische klanken, redelijk dicht bij de kaders van de countrymuziek blijven, klinkt het album in vocaal opzicht duidelijk anders dan het gemiddelde countryalbum.
Ook in tekstueel opzicht kleuren Julien Bakers en TORRES buiten de lijntjes van de traditionele countrymuziek, waardoor de foute mannen voor de afwisseling eens geen rol spelen. Het album, waarop vooral vrouwelijke muzikanten zijn te horen, werd ook nog eens fraai geproduceerd door de twee, bijgestaan door Sarah Tudzin van Illuminati Hotties. Het levert een verrassend sterk gelegenheidsalbum op, dat best een vervolg mag krijgen, maar ik ben ook wel weer toe aan een soloalbum van Julien Baker. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Cold Specks - Light for the Midnight (2025) 4,0
18 april 2025, 15:34 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Cold Specks - Light For The Midnight - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Cold Specks - Light For The Midnight
Cold Specks, het alter ego van de Canadese muzikante Al Spx, maakte al drie albums, maar maakt nog wat meer indruk op het ingetogen en indringende Light For The Midnight, waarop haar stem imponeert
Bij beluistering van Light For The Midnight moet ik denken aan allerlei tijdloze singer-songwriter albums uit het verleden, maar ik kan niet zo makkelijk een album noemen waar het nieuwe album van Cold Specks echt op lijkt. De Canadese muzikante heeft haar nieuwe album voorzien van een zeer smaakvol en toegankelijk geluid en het is een geluid waarin de stem van Al Spx uitstekend tot zijn recht komt. Light For The Midnight is een album dat zich makkelijk opdringt, maar het is ook een album dat steeds beter wordt wanneer je er vaker naar luistert. Cold Specks is volgens mij niet heel bekend, maar haar vierde album verdient het absoluut om gehoord te worden.
De naam Cold Specks zei me eerlijk gezegd helemaal niets, terwijl het deze week uitgebrachte Light For The Midnight toch al het vierde album is van de Canadese muzikante met Somalische wortels. Cold Specks is een project van Al Spx, die zich tegenwoordig ook Ladan Hussein noemt.
De vorige drie albums van Cold Specks zijn me echt volledig ontgaan, maar Light For The Midnight overtuigde me de afgelopen week verrassend makkelijk. Dat heeft alles te maken met de stem van de Canadese muzikante, die direct vanaf de openingstrack laat horen dat ze beschikt over een stem vol soul, souplesse, gevoel en kracht.
De muzikante uit Toronto nam haar nieuwe album zowel in haar Canadese thuisbasis als in het Britse Bristol op en maakte Light For The Midnight samen met co-producers Adrian Utley (voormalig lid van Portishead) en Ali Chant, die ik vooral ken als producer van de albums van King Hannah en Squirrel Flower. In de studio kreeg Al Spx ook nog eens gezelschap van flink wat aansprekende gastmuzikanten, onder wie arrangeur Owen Pallett, Malcom Middleton (Arab Strap), Chantal Kreviazuk, Ed Harcourt en Ben Christophers.
Cold Specks maakte haar nieuwe album na een periode van stilte, waarin ze onder andere te maken kreeg met psychische problemen. Ik heb de vorige albums van Cold Specks inmiddels ook beluisterd en dat zijn albums die ik zeker had moeten beluisteren, maar ik vind Light For The Midnight nog net wat mooier.
Het is een album zonder opsmuk en het is een album dat me meer dan eens doet denken aan de tijdloze singer-songwriter albums uit de jaren 70. De muziek op het album is behoorlijk sober, al pakt Owen Pallett af en toe uit met de van hem bekende strijkersarrangementen. Het versterkt het stemmige karakter van de muziek op Light For The Midnight, al bevat het album ook wel wat voller klinkende songs, waarin vooral het fantastische drumwerk opvalt.
Het zijn songs die zich niet direct laten vangen in een hokje, want ik hoor zowel invloeden uit de soul en de blues, als invloeden uit de pop en rock. Zowel in de meer ingetogen songs als in de wat uitbundiger klinkende songs draait alles om de zang van Al Spx en die zang bevalt me zeer.
De Canadese muzikante beschikt over een karakteristiek stemgeluid en het is een stemgeluid dat fraai mee kleurt met de genres die ze bestrijkt op haar vierde album. De zang van Al Spx is bovendien voorzien van flink wat emotie en durft bovendien kwetsbaar te klinken, wat zorgt voor intense en indringende songs.
Light For The Midnight is een album dat zich niet zo makkelijk laat vergelijken met albums van anderen. In recensies kom ik de namen van onder andere Billie Holiday, Tracy Chapman, Imelda May en Joy Oladokun tegen, maar die vergelijkingen vind ik geen van allen echt treffend. Beter vergelijkingsmateriaal kan ik echter niet bedenken.
Het maakt van Light For The Midnight een album dat zich wat lastig laat beschrijven, terwijl het toch ook een album is dat op een of andere manier direct bekend in de oren klinkt. Het nieuwe album van Cold Specks beviel me zoals gezegd direct bij eerste beluistering, maar het is ook een album vol groeibriljanten die steeds meer gaan schitteren. De muziek van Cold Specks is voor mij helemaal nieuw, maar ik ga haar vanaf nu zeker in de gaten houden. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Juno Is - Where to Begin (2024) 4,0
18 april 2025, 15:27 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Juno Is - Where To Begin - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Juno Is - Where To Begin
Er wordt heel veel interessante muziek gemaakt in Nieuw-Zeeland en het is muziek die Nederland lang niet altijd weet te bereiken, wat in het geval van Where To Begin van Juno Is echt zonde zou zijn
Wanneer albums van muzikanten uit Nieuw-Zeeland worden aangeprezen neem ik dat altijd heel serieus. Het blijkt ook in het geval van Where To Begin van Juno Is weer volkomen terecht, want wat is dit een leuk album. De Nieuw-Zeelandse muzikante Mackenzie Hollebon heeft een origineel klinkend album afgeleverd, dat zowel aansluit bij muziek uit het heden als bij muziek uit het verleden. De songs van Juno Is klinken bijzonder aangenaam, maar ze bestaan ook uit verassend veel lagen en schuwen het avontuur zeker niet. Het levert een popalbum op dat direct een goed gevoel geeft, maar dat intussen ook de fantasie uitvoerig prikkelt. Weer een fraai pareltje uit Nieuw-Zeeland dit album.
Ik haal wel vaker interessante albums uit de nieuwsbrief van de Nieuw-Zeelandse muziekwinkel Flying Out, maar twee albums in één week tijd komt eigenlijk nooit voor. Tot deze week dan, want naast het eerder besproken debuutalbum van Neive Strang, sprak ook het debuutalbum van Juno Is me zeer aan.
Het is een album dat door Flying Out werd omschreven als een album waarop de Nieuw-Zeelandse muzikante de transitie heeft doorgemaakt van “underground favourite” naar “full-blown indie star”. Het deze week verschenen debuutalbum Where To Begin is mijn eerste kennismaking met de muziek van Juno is, waardoor ik niets kan zeggen over haar muzikale verleden, maar ik sluit inderdaad niet uit dat de Nieuw-Zeelandse muzikante het gaat maken en hopelijk niet alleen in eigen land.
Achter Juno is gaat de uit Dunedin afkomstige maar inmiddels naar het hippe Auckland uitgeweken muzikante Mackenzie Hollebon schuil. Volgens Flying Out draait ze al een aantal jaren mee en heeft ze de tijd genomen voor haar debuutalbum. Dat hoor je want Where To Begin is een verzorgd klinkend album.
Het is een album waar ik zelf het etiket pop op zou plakken, al maakt Juno Is zeker geen doorsnee pop. Het debuutalbum van de Nieuw-Zeelandse muzikante is een fris en origineel klinkend album, al heeft Mackenzie Hollebon ook zeker nostalgische invloeden toegevoegd aan haar songs.
Where To Begin klinkt vaak soulvol en is ook niet vies van invloeden uit de R&B, maar ik zou het debuutalbum van Juno is toch geen soul of R&B album noemen. De wat loom klinkende songs van Juno Is liggen lekker in het gehoor en gaan het vast goed doen op warme zomerdagen, maar de muzikante uit Auckland is zeker niet vies van experiment, wat haar album extra interessant maakt.
Ze knutselde de eerste demo’s van de songs op haar debuutalbum zelf in elkaar en speelde hierbij met bijzondere ritmes. Uiteindelijk haalde Mackenzie Hollebon een aantal uitstekende muzikanten naar de studio, die de ruwe demo’s vertaalden naar een bijzonder mooi en fascinerend geluid.
In dit geluid speelt het fraaie drumwerk een belangrijke rol, maar ook de synths op het album vallen op door bijzondere en zeker niet alledaagse klanken. Zeker als je met de koptelefoon luistert naar Where To Begin hoor je dat het geluid van Juno Is bestaat uit meerdere lagen. Het zijn lagen die zorgen voor een lekker vol geluid, al is er volop ruimte vrij gelaten voor de aangename stem van Mackenzie Hollebon.
Het is grappig dat Where To Begin aan de ene kant klinkt als een eigentijds popalbum, maar dat veel songs op het album ook een duidelijke jaren 80 vibe hebben. Het doet me best vaak aan Prince of misschien nog wel meer aan de protegees van Prince denken, maar Where To Begin is ook een album dat in de jaren 80 zijn tijd ver vooruit zou zijn geweest.
Bij eerste beluistering klonk het debuutalbum van Juno Is vooral erg lekker en hoorde ik er nog niet zo heel veel bijzonders in, maar toen ik het album voor de tweede keer beluisterde raakte ik steeds meer onder de indruk van de knappe songs vol bijzondere wendingen en steeds meer gecharmeerd van de stem van de muzikante uit Auckland. Ik begrijp de lovende woorden van Flying Out inmiddels dan ook volledig en heb het gevoel dat de rek er nog lang niet uit is. Mooie tip weer van de Nieuw-Zeelandse muziekwinkel. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Emmy d'Arc - Braving Fears (2025) 5,0
17 april 2025, 15:33 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Emmy d'Arc - Braving Fears - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Emmy d'Arc - Braving Fears
Deze week verscheen dan eindelijk het langverwachte debuutalbum van de Belgische singer-songwriter Emmy d’Arc en Braving Fears is een sensationeel goed album dat indruk maakt met prima songs en werkelijk weergaloze zang
Braving Fears van Emmy d’Arc moet het vooralsnog doen met bescheiden aandacht, maar het is echt een fantastisch album. Het debuutalbum van het alter ego van de Belgische muzikante Ine Toliants maakt vooral indruk door de geweldige zang. Het is zang die meer dan eens doet denken aan die van Sinéad O’Connor, maar ook een eigen geluid laat horen. Emmy d’Arc tekent voor zang vol gevoel en emotie en het is zang die hard binnenkomt. Het voorziet de persoonlijke songs van de Belgische muzikante van extra lading en urgentie. Het zijn ook nog eens zeer aansprekende songs, die zich stuk voor stuk genadeloos opdringen. Het debuut van Emmy d’Arc heeft even op zich laten wachten, maar wat is het een geweldig album geworden.
Emmy d’Arc, het alter ego van de Belgische singer-songwriter Ine Tiolants, zag ik een paar jaar geleden als support act bij een inmiddels vergeten hoofdact. Wat me van deze avond het meest is bijgebleven is een buitengewoon indrukwekkende versie van Sinéad O’Connor’s Troy. Met een akoestische gitaar, een prachtige stem en heel veel emotie zorgde Emmy d’Arc voor heel veel kippenvel. En dat met een song waar de meeste zangeressen maar beter van af kunnen blijven, want eenvoudig is het vertolken van Troy en het in de buurt komen van het origineel zeker niet.
Toen ik de naam Emmy d’Arc zag opduiken in de lijst met nieuwe releases van deze week was ik dan ook direct heel nieuwsgierig. Braving Fears is het debuutalbum van Emmy d’Arc en het is wat mij betreft een imponerend debuut. Het kippenvel dat ik had bij Emmy d’Arc’s versie van Troy was direct terug bij beluistering van de openingstrack van haar debuutalbum. Angels laat goed horen wat de Belgische muzikante te bieden heeft.
De track opent met akoestische gitaarakkoorden en ingetogen maar echt bijzonder mooie en emotievolle zang. Het is zang die direct iets met me deed en de stem van Ine Tiolants doet nog veel meer naarmate de openingstrack vordert. Wanneer de gitaren wat steviger worden aangezet wordt de zang ook wat krachtiger en uiteindelijk schreeuwt Emmy d’Arc het uit. Kippenvel gegarandeerd.
De Belgische muzikante coverde in het verleden niet voor niets Troy van Sinéad O’Connor, want haar stem doet me met grote regelmaat denken aan die van de te jong overleden Ierse muzikante. Je hoort echo’s van de geweldige stem van Sinéad O’Connor in de opvallende stembuigingen, maar ook de intensiteit van en de hoeveelheid gevoel in de stem van Emmy d’Arc herinneren aan Sinéad O’Connor in haar beste dagen.
Angels is wat mij betreft een van de prijsnummers van Braving Fears, maar na de indrukwekkende openingstrack verslapt Emmy d’Arc niet. Braving Fears is het debuutalbum van een pas 29 jaar oude muzikante, maar je hoort dat ze al flink wat jaren muziek maakt. Je hoort bovendien dat ze een exceptioneel goede zangeres is en een getalenteerd songwriter.
Emmy d’Arc heeft voor haar debuutalbum een aantal persoonlijke en vaak indringende en wat melancholische songs geschreven. Het zijn songs die in veel gevallen redelijk sober zijn ingekleurd met gitaren en piano, maar hier en daar kiest de Belgische muzikante voor wat steviger gitaarwerk, wat het album voorziet van een aangename dynamiek.
Bij beluistering van het album zijn associaties met de muziek van Sinéad O’Connor misschien niet te voorkomen, maar wat mij betreft ontworstelt Emmy d’Arc zich ook aan de vergelijking met het Ierse icoon. Braving Fears is immers in muzikaal en zeker in vocaal opzicht een hoogstaand album en ook de songs op het album zijn stuk voor stuk zeer aansprekend. Emmy d’Arc laat ook wel degelijk een eigen geluid horen met wat meer folky songs en een incidenteel net wat gruiziger uitstapje.
Er is nog niet heel veel aandacht voor Braving Fears, maar het debuut van Emmy d’Arc zou wat mij betreft wel eens uit kunnen groeien tot een van de meest memorabele debuutalbums van 2025. We worden al tijden overspoeld met jonge vrouwelijke singer-songwriters hebben er met Emmy d’Arc een van wereldklasse in huis. Ik ben zelf compleet verslingerd geraakt aan dit album, dat echt de aandacht van een heel groot publiek verdient. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Grey DeLisle - The Grey Album (2025) 4,0
16 april 2025, 17:43 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Grey DeLisle - The Grey Album - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Grey DeLisle - The Grey Album
Grey DeLisle maakte aan het begin van dit millennium een aantal geweldige albums, maar vervolgens werd het stil, tot haar comeback in 2022, die met The Grey Album het vierde prachtalbum op rij oplevert
Luister naar de albums van Grey DeLisle en je hoort de countrymuziek die in de jaren 70 werd gemaakt. De muzikante uit Los Angeles heeft een heerlijke snik in haar stem en schrijft songs die overlopen van weemoed. Op The Grey Album komen maar liefst twintig nieuwe songs voorbij en het zijn voor een belangrijk deel de songs die je van haar verwacht. Hier en daar voegt ze wat rock ’n roll toe aan haar songs, maar meestal is de muziek ingetogen, ligt het tempo laag en is er vooral die geweldige stem, die zeker liefhebbers van de country van weleer een beetje week zal maken. Grey DeLisle heeft naar verluidt nog meer materiaal op de plank liggen en als het zo goed is als de songs op The Grey Album kan ik niet wachten.
De Amerikaanse muzikante Grey DeLisle brak in 2002 door met het album Homewrecker, dat klonk als het album van een countryzangeres uit de jaren 70. Grey DeLisle werd geboren in deze jaren 70 en kreeg de countrymuziek in eerste instantie met de paplepel gegoten door haar vader. Na de scheiding van haar ouders viel haar moeder voor een streng geloof, waarin het luisteren naar popmuziek niet was toegestaan, waardoor de muziek naar de achtergrond verdween.
Een piepjonge Grey DeLisle zocht haar geluk vervolgens in Los Angeles, waar ze vooral harde lessen leerde. Haar tweede album Homewrecker veranderde echter alles, waarna ook de albums Graceful Ghost uit 2004, Iron Flowers uit 2005 en het live-album Bootlegger uit 2003 het uitstekend deden.
Grey DeLisle leek zich met haar traditioneel klinkende countrysongs en een stem die was gemaakt voor het genre te scharen onder de vaste waarden in het genre, maar na 2005 werd lange tijd helaas niets meer vernomen van de Amerikaanse muzikante, al was ze wel een gevierd stemacteur in Hollywood, die met name animatieseries voorzag van zeer karakteristieke stemmen.
Sinds 2022 is Grey DeLisle gelukkig weer zeer productief als muzikante, wat de uitstekende albums Borrowed (2022), She’s An Angel (2023) en Driftless Girl (2024) opleverde. Het zijn allemaal albums die net zo goed in de jaren 70 hadden kunnen zijn gemaakt, een decennium waarin Grey DeLisle ongetwijfeld zou zijn uitgegroeid tot een wereldster.
De productiviteit van Grey DeLisle kent in haar tweede jeugd vooralsnog geen grenzen, want voor het vierde jaar op rij levert de muzikante uit Los Angeles een album af. The Grey Album pakt flink uit maar liefst twintig songs en bijna een uur muziek. Dat is meestal te veel van het goede, maar The Grey Album overtuigt makkelijk.
Iedereen die de vorige albums van Grey DeLisle lief heeft zal ook weer smullen van The Grey Album. In flink wat songs op het album imponeert de Amerikaanse muzikante met countrysongs vol weemoed en tranen en een stem die je verwacht in dit soort songs en die eindeloos ontroert.
Het zijn songs waarmee bijvoorbeeld Tammy Wynette, Lyn Anderson en Dolly Parton in de jaren 70 grote hits zouden hebben gescoord, maar die ook vele decennia later nog geweldig binnen komen. De zang op The Grey Album is weer van het niveau dat we van Grey DeLisle verwachten en ook in muzikaal opzicht klinkt het weer als een klok.
Grey DeLisle werkt wederom samen met producer en Lone Justice oprichter Marvin Etzioni , die weet hoe een countryalbum moet klinken. Ook voor de strijkers en de blazers schakelde Grey DeLisle gelouterde krachten in en als de pedal steel wordt bespeeld door Greg Leisz weet je dat je de absolute top te pakken hebt.
The Grey Album bevat een flink aantal van de van melancholie overlopende countrysongs die je van Grey DeLisle verwacht en waar ik ook op hoop, maar ze kiest dit keer ook voor een aantal songs die net wat steviger rocken. Dat klinkt absoluut lekker, al prefereer ik zelf de tranentrekkers op het album, waarin de stem van Grey DeLisle wat mij betreft meer indruk maakt.
Het is geweldig dat de Amerikaanse muzikante haar productiviteit weer heeft gevonden, want vier albums in vier jaar tijd is misschien wat veel, maar als ze van de kwaliteit zijn van The Grey Album en zijn drie voorgangers hoor je mij absoluut niet klagen. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Valerie June - Owls, Omens, and Oracles (2025) 4,0
16 april 2025, 16:29 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Valerie June - Owls, Omens, And Oracles - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Valerie June - Owls, Omens, And Oracles
Valerie June leverde vier jaar geleden een waar meesterwerk af met The Moon And Stars: Prescriptions For Dreamers en levert nu met Owls, Omens, And Oracles wederom een prachtalbum af
De carrière van de Amerikaanse muzikante Valerie June had een slappe start, maar sinds Pushin' Against A Stone uit 2013 gaat het haar voor de wind. Haar albums worden sindsdien alleen maar beter en ook het deze week verschenen Owls, Omens, And Oracles is weer van hoog niveau. De keuze voor M. Ward als producer is een opvallende, maar het werkt. De Amerikaanse muzikant en producer laat het nieuwe album van Valerie June klinken als een authentiek soulalbum van vele decennia geleden, maar heeft ook frisse en wat ruwe accenten toegevoegd aan haar geluid. Het zorgt er voor dat de muziek van Valerie June toch weer anders klinkt dan die van anderen en dat is knap.
Het is een bijzonder fascinerend stapeltje albums dat Valerie June inmiddels op haar naam heeft staan. De Amerikaanse muzikante groeide op in armoede als dochter van een ‘brick cleaner’ op het platteland van Tennessee, trouwde op jonge leeftijd, zag haar huwelijk alweer snel stranden, bouwde een reputatie op als straatmuzikant aan de Amerikaanse westkust en vertrok uiteindelijk naar Memphis om haar muzikale carrière een boost te geven.
Dat lukte niet met de albums die ze in eigen beheer uitbracht, maar wel met het album Pushin' Against A Stone dat in 2013 verscheen. Het door Dan Auerbach (The Black Keys) geproduceerde album was voor velen de eerste kennismaking met de muziek van Valerie June en het was er een die indruk maakte bij zowel de critici als een breed publiek. Op haar debuutalbum vermengde Valerie June op eigenzinnige wijze uiteenlopende invloeden uit de zwarte muziek, maar ze voegde er allerlei invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek aan toe en was ook niet vies van een vleugje pop.
Het album klonk door de trefzekere productie van Dan Auerbach en de prima muzikanten die waren te horen op het album prachtig authentiek, maar wat het meest opviel was de bijzondere stem van Valerie June, die ingrediënten van een aantal grote soulzangeressen combineerde in een eigenzinnig geluid.
Met The Order Of Time uit 2017 bevestigde de Amerikaanse muzikante haar status, om in 2021 met The Moon And Stars: Prescriptions For Dreamers een bescheiden meesterwerk vol invloeden en een psychedelisch jaren 60 sfeertje af te leveren. Na het ook heel aardige tussendoortje met covers, Under Cover uit 2022, keert Valerie June deze week terug met Owls, Omens, And Oracles en wat is het weer een lekker album.
Valerie June werkt op haar nieuwe album samen met muzikant en producer M. Ward, wat een opvallende keuze is. Het is een keuze die verrassend goed uitpakt, want M. Ward heeft op Owls, Omens, And Oracles de sterke punten van Valerie June behouden, maar voegt ook nieuw elan toe aan het unieke geluid van de Amerikaanse muzikante, die tegenwoordig Brooklyn, New York, als thuisbasis heeft.
Ook Owls, Omens, And Oracles lijkt af en toe weer weggelopen uit een ver verleden met echo’s van de soul van divers pluimage uit de jaren 60 en 70, maar M. Ward heeft het album ook voorzien van een eigentijds indie randje. Bij eerste beluistering vond ik het nieuwe album van Valerie June niet zo indrukwekkend als het weergaloze The Moon And Stars: Prescriptions For Dreamers, maar wat is Owls, Omens, And Oracles een groeialbum.
Het is een album dat zich laat beluisteren als een authentiek soulabum van vele decennia geleden, maar op hetzelfde moment is het een fris album dat het uitstekend gaat doen als soundtrack van een prachtige zomer.
Valerie June put stevig uit de archieven van de soul, maar qua invloeden is haar nieuwe album een veelzijdig album. Die veelzijdigheid hoor je nog veel beter in de instrumentatie, die steeds weer net wat anders klinkt, maar altijd de juiste snaar weet te raken, net als de stem van de Amerikaanse muzikante. Owls, Omens, And Oracles is ook nog eens een album dat van de eerste tot en met de laatste noot plezier uitstraalt, wat het nieuwe album van Valerie June nog wat leuker en onweerstaanbaarder maakt. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Nell Smith - Anxious (2025) 4,0
15 april 2025, 16:12 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Nell Smith - Anxious - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Nell Smith - Anxious
Het noodloot sloeg helaas toe voordat de pas 17 jaar oude Nell Smith haar debuutalbum kon uitbrengen, maar met Anxious laat ze ons een leuk, fris, avontuurlijk en verrassend goed popalbum na
Nell Smith maakte op haar veertiende een bijzonder album, waarop ze samen met The Flaming Lips aan de haal ging met een aantal songs van Nick Cave. Het bood haar de mogelijkheid om te gaan werken aan haar debuutalbum, dat vorig jaar werd opgenomen in het Verenigd Koninkrijk met de van Penelope Isles bekende Jack en Lily Wolter als producers. Het is een ijzersterk debuutalbum geworden met frisse en eigenzinnig maar ook aangename en aanstekelijke popsongs. Het had de start moeten zijn van een mooie carrière in de popmuziek, maar die was helaas niet weggelegd voor de talentvolle Nell Smith, die eind vorig jaar om het leven kwam bij een auto-ongeluk. Het voorziet het zo leuke Anxious van een hele donkere lading.
De van oorsprong Britse maar in Canada opgegroeide Nell Smith was al op hele jonge leeftijd een groot fan van de Amerikaanse band The Flaming Lips. Ze wist de aandacht van de band te trekken door in een opvallend papegaaienkostuum op te duiken bij de kleurrijke optredens van The Flaming Lips en kwam uiteindelijk in contact met de band.
The Flaming Lips voorman Wayne Coyne zag het talent van de jonge muzikante in de dop en kwam tijdens de coronapandemie met het idee om samen een album te maken. Dit album verscheen aan het eind van 2021 en baarde flink wat opzien. De combinatie van een pas 14 jaar oude zangeres en de eigenzinnige band The Flaming Lips was al bijzonder, maar op Where The Viaduct Looms vertolkte Nell Smith ook nog eens uitsluitend de indringende songs van Nick Cave. Het leek me op voorhand een kansloze missie, maar op een of andere manier werkte het en uiteindelijk was ik best gecharmeerd van de opvallende samenwerking.
Toen de coronapandemie was uitgedoofd begon Nell Smith na te denken over een eerste soloalbum, dat ze uiteindelijk in het Verenigd Koninkrijk opnam. Ze werd hierbij geholpen door de Britse broer en zus Jack en Lily Wolter, beter bekend als het duo Penelope Isles, die het album produceerden.
De release van het album had het afgelopen najaar de start moeten zijn van de solocarrière van de inmiddels 17 jaar oude Nell Smith, maar het noodlot sloeg toe. Nell Smith kwam in Canada om het leven bij een auto-ongeluk, waardoor het deze week verschenen Anxious niet alleen het eerste maar ook direct het laatste album is van de Brits-Canadese muzikante.
Het is een hartverscheurend verhaal en ik vond het dan ook niet makkelijk om naar Anxious te luisteren. Het is immers een album vol mooie tienerdromen en het is bovendien een album vol belofte, maar beiden werden ruw verstoord door een fataal ongeluk.
Op Anxious laat Nell Smith horen dat haar zo onverwachte album met The Flaming Lips geen toevalstreffer was. Het debuutalbum en de zwanenzang van de veel te jong overleden muzikante is een fris en origineel popalbum, dat zich vrij makkelijk weet te onderscheiden van de meeste andere popalbums van dit moment. Nell Smith klonk op Where The Viaduct Looms nog wel heel erg jong, maar op Anxious heeft haar stem zich mooi ontwikkeld en hoor je een prima zangeres, die ouder klinkt dan de 17 jaren jaren die ze telde toen ze haar album opnam.
De keuze voor Jack en Lily Wolter blijkt een verstandige, want de twee hebben Anxious voorzien van een aangenaam maar ook interessant geluid. Het is een geluid dat is te karakteriseren als indiepop, maar Nell Smith verwerkt ook invloeden uit de indierock, psychedelica en R&B op haar album.
In tekstueel opzicht is Anxious een typisch ‘coming of age’ album dat past bij de leeftijd van Nell Smith, maar in muzikaal en vocaal opzicht klinkt ze een stuk volwassener en ook de songs op het album zijn van een niveau dat je niet verwacht van een meisje van 17. Anxious is een popalbum waar ik normaal gesproken enorm vrolijk van zou worden, maar de trieste dood van Nell Smith voorziet het album helaas van een donkere lading. Ik had graag nog veel meer gehoord van de Brits-Canadese muzikante, maar we zullen het helaas moeten doen met het uitstekende Anxious. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Sophie Zelmani - Lake Geneva (2025) 4,0
14 april 2025, 15:19 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Sophie Zelmani - Lake Geneva - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Sophie Zelmani - Lake Geneva
De Zweedse muzikante Sophie Zelmani maakt inmiddels dertig jaar albums en laat op het deze week verschenen Lake Geneva horen dat ze met haar zo herkenbare stem nog altijd garant staat voor kwaliteit
Lake Geneva is het veertiende studioalbum van de Zweedse muzikante Sophie Zelmani en het is wederom een uitstekend album. De muzikante uit Stockholm maakte haar allerbeste album in 1998, maar ook al haar andere albums zijn van hoog niveau. Het zijn albums die je direct herkent als Sophie Zelmani albums vanwege de unieke stem van de Zweedse muzikante en haar bijzondere tongval. Het is een stem die in 1995 opdook en op mij direct een onuitwisbare indruk maakte. Sophie Zelmani is in Nederland helaas nog altijd volslagen onbekend, waardoor haar Europese tour ons land wederom links laat liggen, maar gelukkig is het prachtige Lake Geneva wel gewoon te beluisteren.
Voor mijn eerste kennismaking met de muziek van Sophie Zelmani moet ik terug naar de nazomer van 1995. De Zweedse muzikante debuteerde toen met een titelloos album, dat op zich redelijk netjes binnen de lijntjes van de singer-songwriter pop, folk en Americana kleurde, maar de songs van Sophie Zelmani hadden iets volstrekt onweerstaanbaars.
Dat zat hem voor een belangrijk deel in haar unieke stem en haar charmante Zweedse tongval, maar ook in muzikaal opzicht was het debuutalbum van Sophie Zelmani een bijzonder aangenaam album en dan waren er ook nog eens de songs, die niet vies waren van wat melancholie, maar die ook de nodige zonnestralen uit de speakers lieten komen. Het debuutalbum van de Zweedse muzikante is zeker niet haar beste album, maar nog altijd maakt een gelukzalig gevoel zich van mij meester wanneer ik naar het album luister.
In het voorjaar van 1998 hoorde ik over een nieuw album van Sophie Zelmani, dat ik pas na het betalen van flink wat Zweedse Kronen in mijn bezit kreeg. Precious Burden is nog altijd mijn favoriete album van Sophie Zelmani en het is een album waarop de zonnestralen van haar debuutalbum voor een belangrijk deel hebben plaatsgemaakt voor donkere wolken, melancholie en weemoed.
De uit duizenden herkenbare stem van de Zweedse muzikante bleek het ook in de donkere songs op Precious Burden uitstekend te doen en sneed hier en daar dwars door de ziel. Ik denk niet dat ik in 1998 een jaarlijstje heb gemaakt, maar als ik er een had gemaakt had het tweede album van Sophie Zelmani het lijstje absoluut aangevoerd.
Precious Burden heeft Sophie Zelmani wat mij betreft niet meer overtroffen, maar dat betekent niet dat ze geen goede albums meer heeft gemaakt. De Zweedse muzikante heeft inmiddels veertien studioalbums en een prima live-album op haar naam staan en omdat Sophie Zelmani in Nederland nog altijd behoorlijk onbekend is, is het altijd even afwachten of ik een nieuw album direct op het netvlies heb.
Het deze week verschenen Lake Geneva werd me gelukkig getipt, want Sophie Zelmani heeft weer tien prachtige songs toegevoegd aan haar zo mooie en bijzondere oeuvre. De Zweedse muzikante kiest ook dit weer voor behoorlijk ingetogen songs en een bescheiden instrumentatie. Het klinkt allemaal zeer sfeervol, maar het biedt ook alle ruimte aan de zo herkenbare stem van Sophie Zelmani. Het is een stem die de afgelopen dertig jaar eigenlijk alleen maar mooier is geworden, wat een bijzondere prestatie is.
Ook de songs op Lake Geneva zijn typische Sophie Zelmani songs, zodat het album direct vertrouwd voelt. De Zweedse muzikante vertrouwt wederom op de kunsten van producer en muzikante Lars Halapi, die het album heeft voorzien van een fraai geluid, waarin gitaren, piano en strijkers de hoofdrol spelen, maar dat ook ruimte biedt aan fraaie pedal steel bijdragen.
Het is een tijdloos geluid en dat past goed bij de songs van Sophie Zelmani, die op haar laatste albums ook een tijdloos karakter hebben. De Zweedse muzikante is ook op Lake Geneva weer niet vies van de nodige melancholie, maar ik wordt toch ook weer heel gelukkig van de unieke sound van de muzikante uit Stockholm. Sophie Zelmani is de komende maanden helaas niet op de Nederlandse podia te zien, maar dit album verdient het absoluut om gehoord te worden. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
The Sound - From the Lions Mouth (1981) 4,5
13 april 2025, 19:58 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: The Sound - From The Lion's Mouth (1981) - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: The Sound - From The Lion's Mouth (1981)
Adrian Borland en zijn band The Sound waren helaas niet geboren voor het geluk, maar wat maakte de Britse band met From The Lion’s Mouth uit 1981 een fantastisch en uiteindelijk bijzonder invloedrijk album
Toen aan het eind van de jaren 80 de balans werd opgemaakt doken flink wat albums met invloeden uit de new wave en de postpunk op in de lijstjes. De albums van de Britse band The Sound waren toen al lang vergeten, want de Britse band kreeg destijds niet de waardering die het zo verdiende. Als ik luister naar het eerste en vooral het tweede album van The Sound begreep en begrijp ik daar niets van, want wat is From The Lion’s Mouth uit 1981 een briljant album. Het is een album dat flink wat bands die in de jaren 80 groot zouden worden heeft beïnvloed, maar er waren niet veel bands die het niveau van The Sound wisten te benaderen, wat het gebrek aan succes van de band extra schrijnend maakte.
Als ik in 1980 mijn geld had moeten zetten op een van de vele nieuwe bands met een voorliefde voor new wave en postpunk, had ik mijn geld waarschijnlijk gezet op The Sound en niet op een aantal andere nieuwe bands die destijds opdoken. Het zou geen goede investering zijn geweest, want waar een aantal van deze andere bands aan het begin van de jaren 80 heel groot zouden worden, kwam The Sound nooit veel verder dan de cultstatus.
Dat is bijzonder, want de Britse band leverde in 1980 met Jeopardy een geweldig debuutalbum af en overtrof dit album wat mij betreft met het in 1981 verschenen From The Lion’s Mouth. Met From The Lion’s Mouth had The Sound absoluut moeten doorbreken naar een groot publiek, maar dat gebeurde helaas niet.
De platenmaatschappij verloor hierna snel het vertrouwen in de band uit Londen en stak weinig energie meer in het derde album van The Sound. Het in 1982 verschenen All Fall Down was misschien niet zo indrukwekkend als de eerste twee albums van The Sound, maar het album, dat echt niets deed, was zeker niet slecht.
De carrière van The Sound ging als een nachtkaars uit met de albums Heads And Hearts uit 1985 en Thunder Up uit 1987, waarna de leden van de band elk hun eigen weg ging. Zanger en voorman Adrian Borland begon aan een solocarrière en startte een aantal gelegenheidsbands, maar het succes leek niet weggelegd voor de eigenzinnige Britse muzikant, die in 1999 een einde maakte aan zijn leven.
De muziek van The Sound was lange tijd nauwelijks verkrijgbaar, maar krijgt in het huidige millennium gelukkig meer aandacht dan tijdens het bestaan van de band. Ik was in de jaren 80 enorm onder de indruk van Jeopardy en From The Lion’s Mouth, maar koos uiteindelijk ook voor de bands die wel succesvol waren, waarvan Echo & The Bunnymen in muzikaal opzicht het dichtst in de buurt kwam.
Sinds een aantal maanden ben ik echter weer flink in de ban van From The Lion’s Mouth, dat met de kennis van nu alsnog moet worden uitgeroepen tot een van de onbetwiste klassiekers uit de jaren 80. The Sound was in 1981 een stuk verder dan de meeste concurrenten en leverde met haar tweede album een prachtalbum af.
Als ik luister naar From The Lion’s Mouth begrijp ik echt niet waarom het album in 1981 niet als een mokerslag aankwam bij een breed publiek. De songs met invloeden uit de new wave en de postpunk zijn stuk voor stuk aansprekend en aanstekelijk en vallen op door een geweldig spelende ritmesectie, stevig aangezette synths en vooral lekker breed uitwaaiend gitaarwerk. Het wordt gecombineerd met de prima stem van Adrian Borland, die een betere zanger was dan de zangers van de bands die het wel maakten aan het begin van de jaren 80.
From The Lion’s Mouth is wat mij betreft niet alleen een onbetwiste 80s klassieker, maar het album kan ook de competitie aan met bands van het moment die hun inspiratie zoeken in de new wave en postpunk van weleer. Ik was The Sound zelf eerlijk gezegd ook vergeten sinds de jaren waarin ze hun beste albums maakten, maar tot mijn verrassing was From The Lion’s Mouth nog beter dan in mijn herinnering.
Iedereen die na het beluisteren van postpunk en new wave bands uit het heden op zoek gaat naar de inspiratiebronnen uit het verleden moet zeker luisteren naar Jeopardy en From The Lion’s Mouth van The Sound. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Neive Strang - Find Me in the Rabbit Hole (2025) 4,0
13 april 2025, 09:51 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Neive Strang - Find Me In The Rabbit Hole - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Neive Strang - Find Me In The Rabbit Hole
De nieuwsbrief van Flying Out geeft deze week hoog op over Find Me In The Rabbit Hole van singer-songwriter Neive Strang en dat doet de Nieuw-Zeelandse muziekwinkel ook dit keer weer niet voor niets
De Nieuw-Zeelandse singer-songwriter Neive Strang nam de tijd voor haar derde album in een periode waarin de wereld en haar wereld op zijn kop stonden. Het levert een zeer sfeervol en bijna rustgevend album op. Het is een album waarop de bijzonder mooie stem van Neive Strang de meeste aandacht trekt. Het is een stem die zich als een warme deken om je heen slaat en dat doet ook de muziek op het bijzonder mooi geproduceerde album. Heel af en toe moet ik denken aan Heather Nova, maar Neive Strang laat toch vooral een eigen geluid horen, wat in het overvolle genre waarin ze opereert een bijzondere prestatie is. Find Me In The Rabbit Hole is weer een fraai voorbeeld van “wat je van ver haalt is lekkerder”.
Find Me In The Rabbit Hole van Neive Strang kwam ik tegen in de op deze website al vaker uitvoerig geprezen nieuwsbrief van de Nieuw-Zeelandse muziekwinkel Flying Out. De muziekwinkel uit Auckland heeft me inmiddels al een enorme stapel geweldige albums opgeleverd en ook het album van Neive Strang is er voor mij weer een.
Neive Strang is een singer-songwriter uit het Nieuw-Zeelandse Dunedin (ÅŒtepoti), die met Find Me In The Rabbit Hole al haar derde album heeft afgeleverd. Het is een album dat verschijnt na een stilte van bijna vijf jaar, waarin de Nieuw-Zeelandse muzikante overigens wel een EP en een paar singles maakte en bovendien speelde in de band van de mij onbekende Shayne P. Carter.
Ik kwam de naam van Neive Strang pas de afgelopen week voor het eerst tegen, maar had onmiddellijk een zwak voor het prachtige Find Me In The Rabbit Hole. Bij beluistering van het album viel in eerste instantie vooral de stem van Neive Strang me op. Ze beschikt over een opvallend mooi maar ook zeer aangenaam stemgeluid en de zang op Find Me In The Rabbit Hole is ook heerlijk laidback.
Het zorgt ervoor dat een gevoel van rust zich meester van je maakt wanneer je naar het album luistert en dat is een gevoel dat zeer van pas komt op de mooie lentedagen van het moment. Neive Strang heeft een stem die anders klinkt dan die van de meeste andere vrouwelijke singer-songwriter van het moment en dat maakt van haar nieuwe album een bijzonder album.
De mooie en bijzondere stem van Neive Strang wordt gecombineerd met een al even laidback en eveneens prachtig geluid, wat het aangenaam rustgevende karakter van het album verder versterkt. Neive Strang maakte haar derde album voor een substantieel deel samen met producer Sean James Donnelly (SJD), die Find Me In The Rabbit Hole heeft voorzien van een zeer sfeervol geluid, dat bestaat uit meerdere subtiele lagen.
Het nieuwe album van Neive Strang is een album waarop het etiket folkpop redelijk goed past, al doe je haar muziek met alleen dit etiket wat mij betreft onvoldoende recht. De Nieuw-Zeelandse muzikante heeft de tijd genomen voor haar derde album en schreef de songs voor het album gedurende een langere periode, die midden in de coronapandemie begint. Een aantal teksten lijken te verwijzen naar deze periode, al geeft Neive Strang zelf aan dat de meeste teksten betrekking hebben op haarzelf en op een periode waarin ze zowel pieken als dalen doormaakte.
Bij eerste beluistering vond ik het nieuwe album van Neive Strang vooral een bijzonder aangenaam album, maar bij herhaalde beluistering van het album werden de songs me steeds dierbaarder en bij beluistering met de koptelefoon begon ik ook steeds meer bijzondere details te ontdekken in de songs van de muzikante uit Dunedin.
Find Me In The Rabbit Hole is elf songs lang een bijzonder mooi album, waarop Neive Strang naarmate het album vordert ook steeds meer varieert met het tempo en de muziek, wat het album ondanks de dromerige vibes ook levendig houdt. Zonder de nieuwsbrief van Flying Out zou ik waarschijnlijk nooit in aanraking zijn gekomen met dit album, maar het is een album dat het absoluut verdient om gehoord te worden en dat ook zeker in de smaak gaat vallen. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Ina Forsman - After Dark Hour (2025) 4,5
12 april 2025, 10:49 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Ina Forsman - After Dark Hour - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Ina Forsman - After Dark Hour
After Dark Hour is alweer het vierde studioalbum van de Finse muzikante Ina Forsman, die niet alleen een nog aangenamer geluid laat horen maar ook nog maar eens bewijst dat ze een van de allerbeste soulzangeressen van het moment is
Het is een klein wonder en tegelijkertijd een grote schande dat Ina Forsman nog altijd zo onbekend is. De Finse muzikante laat immers al een aantal albums horen dat ze een geweldige zangeres is met meer soul in haar pink dat de meeste van haar tijdgenoten in hun hele lijf. De Finse muzikanten die zijn te horen op After Dark Hour spelen track na track de pannen van het dak op een album dat vooral teruggrijpt op de soul van weleer, maar het is de sensationele soulstem van Ina Forsman die de meeste indruk maakt. Het is echt de hoogste tijd dat Ina Forsman wereldberoemd gaat worden, want soulzangeressen van het niveau van de Finse muzikante zijn er echt maar heel weinig.
In de lijsten met de nieuwe albums van deze week kwam ik het album helaas niet tegen, maar gelukkig wees iemand me op het nieuwe album van Ina Forsman, dat deze week is verschenen. De Finse zangeres leverde de afgelopen tien jaar drie uitstekende studioalbums en een prima live-album af en het zijn albums die haar wat mij betreft wereldberoemd hadden moeten maken. Ina Forsman is immers een geweldige zangeres en maakt muziek waarvan je alleen maar zielsgelukkig kunt worden.
De Finse muzikante trok in eigen land ooit als tiener de aandacht in de Finse versie van Idols, waarna ze de kans kreeg om haar titelloze debuutalbum in Austin, Texas, op te nemen. Het album uit 2016 vermaakte met een aangename mix van soul, blues en jazz en imponeerde met de soulvolle stem van Ina Forsman.
Het is een stem die nog wat meer overtuigde op het wederom in Austin opgenomen Been Meaning To Tell You (2019), waarna Ina Forsman op All There Is (2022) liet horen dat ook Finse muzikanten weten hoe soul en blues moeten klinken. Na het prima live-album van vorig jaar keert Ina Forsman deze week terug met After Dark Hour.
De muzikante uit Helsinki, die momenteel Berlijn als thuisbasis heeft, is nog altijd nog niet wereldberoemd en laat op haar nieuwe album wederom horen hoe onterecht dat is. After Dark Hour volgt op een zware tijd waarin Ina Forsman te maken kreeg met een writer’s blok. Het is een blokkade die ze heeft overwonnen, want de persoonlijke songs op haar nieuwe album zijn van hoog niveau.
Het vierde studioalbum van Ina Forsman werd opgenomen in een ondergrondse studio in Finland, waarin de buitenwereld aan het zicht was onttrokken en er ook geen verbinding was met het Internet. Het zorgde ervoor dat Ina Forsman en de muzikanten die zijn te horen op het album zich volledig konden focussen op de muziek en dat hoor je.
After Dark Hour werd gemaakt met een aantal geweldige Finse muzikanten, die nog maar eens bewijzen dat authentiek klinkende soul niet alleen in het zuiden van de Verenigde Staten kan worden gemaakt. Op haar nieuwe album kiest Ina Forsman nog wat nadrukkelijker voor de soulmuziek en dan vooral de soulmuziek zoals die ook in de jaren 60 en 70 werd gemaakt.
De muzikanten op het album spelen de pannen van het dak in de meer ingetogen soulsongs en in de wat meer uptempo soulsongs met een vleugje Motown en wat klinkt dat lekker. De broeierige soul op het album slaat zich als een warme deken om je heen, waarna je verpletterd wordt door de weergaloze stem van Ina Forsman.
De Finse muzikante zong op haar vorige albums al de sterren van de hemel, maar op After Dark Hour doet ze er nog een schepje bovenop. In de wat door Motown geïnspireerde songs hoor je wat van Amy Winehouse, maar het mooist zijn wat mij betreft de slepende soulballads waarin ze zang bijna buitenaards goed is en kippenvel met geen mogelijkheid is te voorkomen. In de akoestische slottrack horen we weer een andere kant van Ina Forsman en ook dat is prachtig.
Het is moeilijk te geloven dat een zangeres van het kaliber van Ina Forsman nog altijd zo onbekend is en het feit dat het nieuwe album niet eens wordt genoemd in de meeste releaselijsten is geen goed teken. Ook After Dark Hour is echter weer een fantastisch album van de Finse zangeres die de lat in vocaal opzicht nog een stukje hoger legt en echt tien klassen beter is dan de meeste andere soulzangeressen van het moment. Ga dat horen!. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
The Ophelias - Spring Grove (2025) 3,5
11 april 2025, 16:07 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: The Ophelias - Spring Grove - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: The Ophelias - Spring Grove
De Amerikaanse band The Ophelias wist voor haar vierde album Spring Grove niemand minder dan Julien Baker te strikken als producer, wat een lekker vol geproduceerd maar ook zeer sfeervol klinkend album oplevert
De Amerikaanse band The Ophelias ontdekte ik een paar jaar geleden, toen ik zeer te spreken was over het album Crocus. Dat was een album dat meerdere kanten op sprong, maar op het deze week verschenen Spring Grove kiest de band voor een wat consistenter geluid. Het is een geluid dat op een of andere manier aan de jaren 90 doet denken, maar het album klinkt ook zeker eigentijds. De hand van debuterend producer Julien Baker hoor je in het gitaarwerk, maar de grote rol voor de viool is hetgeen dat het meest opvalt bij beluistering van het album, overigens naast de echt bijzonder mooie stem van Spencer Peppet, die het geluid van de band nog wat verder optilt.
Het deze week verschenen Spring Grove is het vierde album van de Amerikaanse band The Ophelias. De band uit Cincinnati, Ohio, debuteerde tien jaar gelden, maar ik ontdekte de uit drie vrouwen en één man bestaande band pas in 2021 toen het derde album Crocus verscheen. Het is een album dat ik in mijn recensie omschreef als een vat vol tegenstrijdigheden, maar ook als een spannend en wonderschoon album.
Crocus had in vrijwel alle songs een jaren 90 vibe, maar schakelde makkelijk tussen behoorlijk gruizige, wat meer folky en juist wat zwaarder georkestreerde songs. Ik heb sindsdien niet heel vaak meer naar het album geluisterd, waardoor de naam The Ophelias bij mij eerlijk gezegd geen belletje meer deed rinkelen deze week.
De songs op Spring Grove wisten me echter redelijk makkelijk te overtuigen, want de Amerikaanse band heeft ook op haar vierde album weer veel te bieden. Ook op Spring Grove heeft de muziek van The Ophelias een jaren 90 vibe. Die hoor je duidelijk wanneer de band uit Ohio vooral kiest voor invloeden uit de indierock en dreampop, maar ook wat meer ingetogen songs en songs met een prominente rol voor de viool hebben hun weg gevonden naar het album.
De band liep een paar jaar geleden niemand minder dan Julien Baker tegen het lijf, die vervolgens op Crocus was te horen in de Neil Young cover On High. De samenwerking beviel zo goed dat Julien Baker toezegde het volgende album van The Ophelias te produceren en aan die belofte heeft ze zich gehouden. Het is het eerste album dat Julien Baker heeft geproduceerd en wat mij betreft heeft ze fraai werk afgeleverd.
Je hoort de hand van Julien Baker vooral in het gitaarwerk op het album, zeker wanneer dit wat voller en steviger klinkt. Vergeleken met het vorige album van The Ophelias bevat Spring Grove wat meer stevigere en vooral wat meer voller klinkende songs en het zijn songs die zijn voorzien van een zeer aansprekend geluid.
Juist als wat gas wordt teruggenomen hoor je meer invloeden uit de muziek van Julien Baker, zoals in het mooie Parade, maar Spring Grove doet me veel vaker denken aan de muziek van een jaren 90 band als ‘Til Tuesday, de band waarmee Aimee Mann ooit opdook. De zang van The Ophelias frontvrouw Spencer Peppet heeft af en toe wel wat van Aimee Mann, al moeten de overeenkomsten niet overdreven worden.
De stem van Spencer Peppet is wel een van de sterke punten van The Ophelias en zorgt bovendien voor een herkenbaar geluid. Spring Grove klinkt vaak behoorlijk vol en dat is niet altijd mijn smaak. Het geluid op het album is echter verassend sfeervol en bovendien is de Amerikaanse band ook op haar nieuwe album niet vies van variatie.
In mijn recensie van het vorige album van The Ophelias schreef ik nog dat de band niet per se koos voor toegankelijke popsongs, maar de songs op het nieuwe album vind ik juist behoorlijk toegankelijk. Zeker de songs met flink wat violen dringen zich makkelijk op en met name in deze songs is de stem van Spencer Peppet echt bijzonder mooi. Het is wat mij betreft vooral de zang waarmee het album van The Ophelias zich weet te onderscheiden, maar ook in alle andere opzichten is Spring Grove een opvallend en opvallend goed album. Hopelijk geeft de naam van Julien Baker The Ophelias de boost die de band verdient. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Momma - Welcome to My Blue Sky (2025) 4,0
11 april 2025, 12:22 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Momma - Welcome To My Blue Sky - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Momma - Welcome To My Blue Sky
De Amerikaanse band Momma maakte drie jaar geleden indruk met het door 90s indierock geïnspireerde Household Name, dat deze week wordt gevolgd door een nieuw album waarop dit geluid verder is geperfectioneerd
Momma werd geformeerd toen Etta Friedman en Allegra Weingarten nog piepjong waren, maar de muziek van het tweetal stond direct bol van de belofte. Het kwam er helemaal uit op het vorige album van Momma, maar het deze week verschenen Welcome To My Blue Sky is nog een stuk beter. Het geldt voor de songs, het geldt voor het heerlijke geluid, dat nog altijd schatplichtig is aan de indierock uit de jaren 90, en het geldt ook zeker voor de stemmen van Etta Friedman en Allegra Weingarten, die nog wat mooier klinken. Het nieuwe album van Momma had maar heel weinig tijd nodig om mij te overtuigen en wordt alleen maar onweerstaanbaarder.
Etta Friedman en Allegra Weingarten formeerden hun band Momma toen ze nog op de middelbare school zaten en braken door met hun derde album Household Name, dat verscheen toen ze de universiteit net achter zich hadden gelaten. Household Name kon in de zomer van 2022 rekenen op uitstekende recensies en daar was wat mij betreft niets op af te dingen.
Momma maakte op haar derde album immers behoorlijk lekker in het gehoor liggende indierock met fraaie contrasten tussen lekker stevig gitaarwerk en de meisjesachtige stemmen van Etta Friedman en Allegra Weingarten en ook lekker veel hard-zacht dynamiek. De twee tekenden bovendien voor uitstekende songs, die het album ruim boven de middelmaat uit tilden.
Op basis van de leeftijd van Etta Friedman en Allegra Weingarten zou je verwachten dat de indierock van Momma zich vooral zou hebben laten beïnvloeden door de indierock helden van nu, maar op Household Name hoorde ik vooral invloeden van indierock bands met een vrouwelijk boegbeeld uit de jaren 90. Denk aan Veruca Salt, The Breeders en Belly, maar ook zeker aan Liz Phair in haar jongere en wildere jaren en aan Juliana Hatfield.
Momma heeft deze week haar vierde album uitgebracht en laat op Welcome To My Blue Sky horen dat het zich verder heeft ontwikkeld. Momma is inmiddels een heuse band, want ook producer en multi-instrumentalist Aron Kobayashi Ritch, die ook Household Name produceerde, en drummer Preston Fulks mochten op de foto. Ook op Welcome To My Blue Sky draait echter nog alles om Etta Friedman en Allegra Weingarten, die tekenen voor het heerlijke gitaarwerk en de zeer verleidelijke vocalen.
Ook op het vierde album van Momma domineren de invloeden uit de indierock zoals die in de jaren 90 werd gemaakt. Het lijstje namen dat ik hierboven noemde als inspiratiebronnen is ook van toepassing op Welcome To My Blue Sky, dat niet zou hebben misstaan tussen de indierock klassiekers uit de jaren 90. Etta Friedman en Allegra Weingarten slaan af en toe wel een bruggetje naar de indierock van het moment, maar eren ook op hun nieuwe album weer vooral de helden van een paar decennia geleden.
Welcome To My Blue Sky ligt absoluut in het verlengde van Household Name, maar Momma is nog wat beter geworden. Aron Kobayashi Ritch heeft het album voorzien van een nog wat voller geluid, waarin zowel de gitaarmuren als de zang prachtig uit komen en hier en daar keyboards opduiken. Momma vertrouwt nog altijd grotendeels op het vaste stramien van de 90s indierock, maar laat op haar nieuwe album ook een wat veelzijdiger geluid horen.
Ook de zang van Etta Friedman en Allegra Weingarten is nog net wat mooier dan op het vorige album van Momma, maar de meeste groei hoor ik in de songs van het tweetal. Waar Household Name nog vooral klonk als een, overigens hele goede, playlist met 90s indierock, hoor ik op Welcome To My Blue Sky meer van Momma.
Ik was in de jaren 90 verslaafd aan indierock bands met een vrouwelijk boegbeeld en ik heb nog altijd een enorm zwak voor het genre, dat door Etta Friedman en Allegra Weingarten en hun twee nieuwe bandgenoten op bijzonder aangename en ook knappe wijze het huidige millennium in wordt getild. Ook liefhebbers van de indierock van nu moeten dit album zeker eens proberen. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Sister Ray - Believer (2025) 4,0
10 april 2025, 20:39 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Sister Ray - Believer - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Sister Ray - Believer
Communion, het debuutalbum van Sister Ray, kreeg helaas niet heel veel aandacht, maar het deze week verschenen tweede album van het alter ego van de Canadese muzikant Ella Coyes verdient absoluut een beter lot
Het is al een hele tijd dringen in het genre waarin Sister Ray opereert, maar met Communion leverde de muzikant uit Toronto drie jaar geleden echt een uitstekend album af. Ook met het deze week verschenen Believer maakt het alter ego van Ella Coyes weer makkelijk indruk. Het album klinkt nog wat diverser dan het debuutalbum, maakt in productioneel en muzikaal opzicht nog wat meer indruk, laat horen dat de stem van Ella Coyes nog wat verder is gegroeid en laat ook nog eens interessantere songs horen. Het levert een interessant en persoonlijk album op, dat bovendien zo lekker in het gehoor ligt dat het een breed publiek moet kunnen aanspreken.
Sister Ray, het alter ego van de Canadese muzikant Ella Coyes, debuteerde in het voorjaar van 2022 bijzonder indrukwekkend met het opvallende Communion. Ella Coyes, die zichzelf identificeert als non-binair persoon, maakte op Communion indruk met persoonlijke songs, die soms aansloten bij de indiefolk en soms bij de indierock.
Communion op viel op door de mooie, krachtige en zeer expressieve stem van Ella Coyes, maar zeker ook door de prachtige productie van het uit Toronto en Brooklyn afkomstige producersduo ginla, dat Communion voorzag van een mooi maar ook onderscheidend geluid.
Ella Coyes keert deze week terug met het tweede album van Sister Ray en laat met Believer horen dat het inmiddels drie jaar oude Communion zeker geen toevalstreffer was. Ook het tweede album van Sister Ray valt direct op door de bijzonder mooie productie. Ella Coyes vertrouwde dit keer op de kwaliteiten van Jon Nellen, een van de twee producers achter ginla, die Believer heeft voorzien van een bijzonder mooi en ook verrassend tijdloos geluid.
Het is een geluid dat in een deel van de songs wat voller klinkt dan het geluid op het debuutalbum van Sister Ray, zeker wanneer fraaie saxofoon bijdragen worden toegevoegd. Ook op Believer kan Ella Coyes zowel uit de voeten met folky songs als met songs die wat opschuiven richting de singer-songwriter muziek die inmiddels al een aantal decennia wordt gemaakt.
Het debuutalbum van Sister Ray viel al op door een bijzonder mooi geluid, maar op Believer is de muziek nog wat smaakvoller. Het gitaarwerk op het album is prachtig, zeker als topgitarist Marc Ribot nog wat akkoorden toevoegt, maar ook het gitaarspel van Ella Coyes en producer Jon Nellen is fraai. Believer bevat een aantal wat voller en behoorlijk toegankelijk klinkende songs, maar met name wanneer de instrumentatie wat soberder is schuwt de muzikant uit Toronto ook een wat avontuurlijk klinkend geluid niet.
Niet alleen de muziek op Believer is nog mooier dan op het debuutalbum van Sister Ray, want ook de zang van Ella Coyes komt nog overtuigender uit de speakers. Hier en daar schuift het wat op richting de muziek van Big Thief, maar de zang van Ella Coyes is warmer en zuiverder dan die van Adrianne Lenker.
De stem van de Canadese muzikant doet het uitstekend in songs met een redelijk spaarzame instrumentatie, zoals de afsluiter Diamonds waarin Ella Coyes genoeg heeft aan de piano, maar ook in de wat voller klinkende songs op het album is de zang bijzonder mooi.
Ella Coyes is nog niet al te lang actief in de muziek, maar klinkt op het prachtig klinkende Believer als een gelouterde muzikant. Dat is niet alleen de verdienste van de productie, de muziek en de zang, maar ook van de songs op het album. Het zijn songs die zich makkelijk opdringen, maar die ook interessant zijn en het zijn bovendien songs die zich makkelijk over de grenzen van verschillende genres bewegen.
Believer is in alle opzichten een zeer aansprekend album, dat wat mij betreft opvalt in het enorme aanbod van het moment. Het onderscheidend vermogen van de muziek van Sister Ray wordt verder vergroot door de persoonlijke teksten van Ella Coyes, die de eigenzinnigheid heeft behouden maar ook muziek maakt die een breed publiek moet kunnen aanspreken. Erwin Zijleman(reactie op ander bericht)
» details » naar bericht » reageer
Miki Berenyi Trio - Tripla (2025) 4,5
9 april 2025, 16:05 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Miki Berenyi Trio - Tripla - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Miki Berenyi Trio - Tripla
In 1996 viel helaas het doek voor de Britse band Lush, maar Miki Berenyi, een van de frontvrouwen van de band, laat het geluid van de band herleven, maar wel in een fraai gemoderniseerde vorm
Ik had het album van Miki Berenyi Trio niet zien aankomen en had al helemaal niet zien aankomen dat Tripla een album zou zijn dat de drie albums van Lush uit de jaren 90 naar de kroon zou steken. Mike Berenyi begint op Tripla bij het geluid van haar roemruchte band, maar heeft de dreampop van Lush vervolgens volledig gemoderniseerd. De zang van Miki Berenyi klinkt nog hetzelfde, maar in muzikaal opzicht is het geluid verfrist en verrijkt met invloeden uit andere genres. Het wordt allemaal gecombineerd in veelkleurige songs die behoren tot het beste dat Miki Berenyi heeft gemaakt. Het levert een fraai en eigentijds album met een aangenaam nostalgisch tintje op.
Miki Berenyi voerde samen met Emma Anderson de Britse band Lush aan. De band maakte tussen 1992 en 1996 drie albums (Spooky, Split en Lovelife) die wat mij betreft moeten worden gerekend tot de kroonjuwelen van de dreampop. De mix van dreampop, shoegaze en perfecte pop kreeg ondanks de hoge kwaliteit van de albums van Lush helaas nooit de waardering van de critici die de band wat mij betreft verdiende en ook het grote publiek liet de band helaas links liggen.
De zelfmoord van drummer Chris Acland in 1996 gaf Lush de nekslag en deze kwam de band niet meer te boven. Het werd vervolgens stil rond Miki Berenyi en deze stilte werd pas in 2015 doorbroken toen Lush besloot om weer bij elkaar te komen voor een aantal optredens. Het leverde een tour en in 2016 een prima EP (Blind Spot) op, maar hier bleef het helaas bij.
Miki Berenyi dook vervolgens op in de band Piroshka, die deels voortborduurde op het geluid van Lush, maar ook een wat experimenteler geluid liet horen. Piroshka bleef steken op twee prima albums, waardoor het oeuvre van Miki Berenyi, absoluut een van mijn muzikale helden, bleef steken slechts op een handvol albums.
De Britse muzikante leverde een paar jaar geleden de indringende autobiografie Fingers Crossed: How Music Saved Me from Success af en duikt deze week gelukkig weer op met nieuwe muziek. Tripla, het eerste album van Miki Berenyi trio wordt vooralsnog niet overladen met aandacht, maar dat zegt niets over de kwaliteit van het album.
Miki Berenyi Trio bestaat naast Miki Berenyi zelf uit Kevin ‘Moose’ McKillop, die ook deel uitmaakt van Piroshka, en Oliver Cherer. Heel veel tijd voor hooggespannen verwachtingen was er niet, want het debuutalbum van Miki Berenyi Trio kwam voor mij ook wat uit de lucht vallen.
Het blijkt een enorm aangename verrassing, want bijna dertig jaar na het laatste album van Lush vindt Miki Berenyi het geluid van de band opnieuw uit. Het zorgt er voor dat Miki Berenyi Trio meer dan eens klinkt als Lush, maar dan wel Lush uit 2025 in plaats van Lush uit de jaren 90.
Dat Miki Berenyi Trio klinkt als Lush uit het verleden heeft alles te maken met de uit duizenden herkenbare stem van de Britse muzikante. Wat wel opvallend is dat de stem van Miki Berenyi nog net zo mooi of zelfs mooier klinkt dan bijna dertig jaar geleden. Ook in de muziek hoor je af en toe echo’s van de albums die Lush in de jaren 90 maakte, bijvoorbeeld in de aan de dreampop van weleer herinnerende gitaarlijnen, maar Miki Berenyi heeft het geluid van weleer ook grondig gerenoveerd.
Dat hoor je bijvoorbeeld in de elektronica, die je de ene keer de dansvloer op sleurt en de volgende keer benevelt met prachtige soundscapes of toch weer alles heeft wat de dreampop zo verleidelijk maakte. Alles op Tripla klinkt even fris en eigentijds, wat van het debuutalbum van Miki Berenyi Trio een bijzonder album maakt.
Het is een album waar je vanwege de flarden van het Lush geluid uit het verleden makkelijk het etiket dreampop op plakt, maar Miki Berenyi en haar twee bandgenoten maken op Tripla ook muziek die zich continu ontworstelt aan het hokje dreampop. Tripla bevat immers niet alleen invloeden uit de dreampop, maar laat ook psychedelica, prog, synthpop, Kraftwerk, dance, shoegaze en wat eigenlijk niet horen. We hebben Miki Berenyi de afgelopen decennia vaak moeten missen, maar met Tripla levert ze misschien wel haar beste werk tot dusver af. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Black Country, New Road - Forever Howlong (2025) 4,0
9 april 2025, 12:46 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Black Country, New Road - Forever Howlong - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Black Country, New Road - Forever Howlong
De Britse band Black Country, New Road leek op sterven na dood toen zanger Isaac Wood de band verliet, maar begint op Forever Howlong aan haar tweede leven met een totaal ander maar wederom interessant geluid
Dat Black Country, New Road op haar derde album anders zou klinken dan op de eerste twee albums van de Britse band was bekend, maar toch heeft Forever Howlong me flink verrast. Het album klinkt immers echt in bijna alle opzichten anders dan de albums die de band maakte met zanger Isaac Wood. De vrouwenstemmen op het nieuwe album klinken totaal anders, maar ook de muziek klinkt anders, de teksten zijn anders en de songs zijn anders. Black Country, New Road kiest op haar nieuwe album ook nog eens vooral voor folk en chamber pop, wat ook een koerswijziging is. Er is echter één ding niet veranderd en dat is de hoeveelheid avontuur in de songs van de band.
Toen de Britse muziekmedia in de laatste maand van 2019 vooruit keken naar 2020 noemden ze stuk voor stuk de Britse band Black Country, New Road als een band om in de gaten te houden in het komende jaar. De coronapandemie gooide echter roet in het eten, maar aan het begin van 2021 was er dan eindelijk het debuutalbum van de band.
For The First Time bleek inderdaad een sensationeel goed album, waarop Black Country, New Road met name invloeden uit de postpunk, postrock en jazz combineerde in een geluid dat je compleet van je sokken blies. Dat deed ook het aan het begin van 2022 verschenen Ants From Up There, dat een wat ander en meer ingetogen geluid liet horen met minder invloeden uit de postpunk, maar de muziek van Black Country, New Road was nog altijd een fascinerende en intense mix met van alles en nog wat.
Het was een geluid dat zwaar leunde op de heftige zang van Isaac Wood, die vlak voor het verschijnen van Ants From Up There zijn vertrek uit de band aankondigde. Na het vertrek van Isaac Wood werden de rollen in de band anders verdeeld, waardoor Black Country, New Road toch verder kon. Hoe dat zou gaan klinken was al voor een deel te horen op het in 2023 verschenen live-album Live From Bush Hall, dat ik zelf niet heb beluisterd.
Voor mij is het deze week verschenen Forever Howlong daarom de eerste kennismaking met de muziek van het nieuwe Black Country, New Road. De band heeft nog altijd dezelfde naam en bestaat buiten Isaac Wood ook uit dezelfde leden, maar daar is ook alles mee gezegd. Forever Howlong laat een totaal ander geluid horen dan For The First Time en Ants From Up There, waardoor de vraag of de band niet beter had kunnen kiezen voor een andere naam een legitieme vraag is.
Het grootste verschil tussen het oude en het nieuwe Black Country, New Road hoor je in de zang. De getergde en behoorlijk heftige zang van Isaac Wood heeft plaats gemaakt voor de folky vrouwenstemmen van Tyler Hyde, May Kershaw en Georgia Ellery, die zorgen voor een totaal ander geluid, zeker wanneer ze kiezen voor echt prachtige harmonieën.
Black Country, New Road klinkt op Forever Howlong geregeld als een folkband en klinkt bovendien een stuk minder intens en donker. Ik heb wel wat met vrouwenstemmen, dus de zang op het album zit mij persoonlijk niet in de weg, maar dat zal niet iedereen zo ervaren.
Ook in muzikaal opzicht slaat de Britse band nieuwe wegen in. Invloeden uit de folk hoor je niet alleen in de zang, maar ook in de muziek op Forever Howlong. Het is folk waarin soms progrock en Canterbury scene elementen zijn verwerkt, maar het nieuwe geluid van Black Country, New Road leunt ook zwaar op de klassieke muziek en de chamber pop en heeft ook een enkele keer een Beatlesque of jazzy karakter.
Forever Howlong zit op zich dichter tegen mijn muzikale comfort zone aan dan de eerste twee albums van de band, waardoor ik zeer te spreken ben over het album. Uiteindelijk vind ik het een album dat de naam Black Country, New Road absoluut verdient. Achter het veel toegankelijkere geluid en de engelachtige vocalen zit immers nog steeds de wilde experimenteerdrang die ook de vorige albums van de band zo interessant maakte. Het is vast even slikken voor degenen die vooral Isaac Wood hoog hadden zitten, maar wat mij betreft zijn de overgebleven bandleden er in geslaagd om Black Country, New Road opnieuw uit te vinden. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
MICH - Chair (2025) 4,0
8 april 2025, 11:09 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: MICH - Chair - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: MICH - Chair
De Nederlandse band MICH maakte al drie uitstekende albums met verrassend zonnige postpunk en heeft deze bijzondere combinatie nog wat verder geperfectioneerd op het nog wat betere Chair
De Amsterdamse band MICH groeide de afgelopen jaren uit tot een van de leukste Nederlandse bands van het moment en bevestigt deze status met haar vierde album Chair. Het is een album dat in het verlengde ligt van de vorige albums van de band. Ook op Chair verwerkt MICH uiteenlopende invloeden, maar invloeden uit de postpunk staan centraal. Dat zijn invloeden die het normaal gesproken goed doen in de herfst en winter, maar de songs van MICH zijn gemaakt voor de lente en de zomer. Het zijn heerlijk melodieuze songs die direct een goed gevoel geven, maar die ook knap in elkaar zitten. Eigenlijk alles klopt op Chair van MICH, nu alleen de zorgeloze lente en zomer nog.
Een voor de afwisseling eens origineel persbericht bracht aan het begin van 2017 het titelloze debuutalbum van de Amsterdamse band MICH onder mijn aandacht. Niet alleen het persbericht was origineel, want ook het album van de band klonk anders dan de andere albums van dat moment. MICH liet zich op haar debuutalbum inspireren door een flinke bak aan genres, waaronder dreampop, synthpop, shoegaze, Krautrock en vooral postpunk, maar combineerde al deze invloeden in een bijzonder geluid, dat fris en avontuurlijk maar ook verrassend aanstekelijk klonk.
Zo klonk de Amsterdamse band ook op het in de zomer van 2020 verschenen No. Het is een album dat me in de eerste coronazomer minder aansprak dan het debuutalbum van de band, maar als ik er nu naar luister begrijp ik niet waarom dat zo was. Ik was wel weer enthousiast over het aan het eind van 2022 verschenen Nuts. Het is een album waarop invloeden uit de postpunk zich nog wat nadrukkelijker lieten gelden en waarop de rol van zangeres Sofie Winterson wat groter was dan op het album ervoor. Nu klinkt postpunk meestal behoorlijk donker en deprimerend, maar de postpunk van MICH zat vol zonnestralen en klonk af en toe ook als Belle And Sebastian met een postpunk injectie.
Met Chair levert de Amsterdamse band deze week haar vierde album af, dat toepasselijk opent met de track Album Number Four. Excelsior Recordings, het platenlabel van de band, heeft wederom een geestig persbericht getypt, dat als volgt opent: “Op 4 april verschijnt de nieuwe MICH. Een album met meer van hetzelfde. Natte sneeuw in de lente. Regen bij de picknick, een dood lammetje in de weide. U begrijpt: MICH heeft de lente in de bol.”
Het is een hele aardige typering van het album, want Chair klinkt inderdaad niet heel anders dan de vorige drie albums van de band en slaagt er wederom in om donkere postpunk verrassend lichtvoetig te laten klinken. Ook Chair is weer een album vol dwarse gitaarloopjes van Piet Parra, waar de stemmen van Bastiaan Bosma en Sofie Winterson fraai omheen draaien. Het geluid van de band wordt gestructureerd door een ritmesectie die weet hoe postpunk moet klinken, waarna nog een prachtig laagje keyboards is toegevoegd.
Chair is deels meer van hetzelfde, maar de stem van Sofie Winterson klinkt nog wat mooier, de songs van de band zijn nog wat onweerstaanbaarder en zowel in muzikaal als productioneel opzicht klinkt alles net wat beter dan op het vorige album. Chair is een album vol echo’s uit het verleden, maar waar die echo’s uit met name de postpunk vooral donkere beelden op het netvlies toverden, zijn de nieuwe songs van MICH goed voor heel veel zonnestralen en een brede glimlach.
Chair van MICH duurt op een paar seconden na een half uur, maar in die kleine dertig minuten is de Amsterdamse band goed voor maar liefst vijftien popsongs. Het zijn popsongs waarvan je alleen maar heel vrolijk kunt worden en dat kan ik niet zeggen van veel albums waarop invloeden uit de postpunk een belangrijke rol spelen. MICH laat op Chair ook nog eens horen dat het steeds beter wordt, waardoor het vierde album van de Nederlandse band wat mij betreft ook het beste album van MICH is. Laat de zomer maar komen, de perfecte soundtrack ligt klaar. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Craig Finn - Always Been (2025) 4,0
7 april 2025, 16:41 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Craig Finn - Always Been - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Craig Finn - Always Been
Craig Finn is vooral bekend als frontman van de Amerikaanse band The Hold Steady, maar hij maakt ook geweldige soloalbums, waarop hij laat horen dat hij een geweldig songwriter en verhalenverteller is
De Amerikaanse band The Hold Steady timmert inmiddels al ruim twintig jaar aan de weg en heeft een stapeltje geweldige albums op haar naam staan. Voorman Craig Finn maakt hiernaast soloalbums en ook die worden steeds beter. Ik was zeer gecharmeerd van de vorige twee soloalbums van de Amerikaanse muzikant en ook het deze week verschenen Always Been is weer een uitstekend album. Het is een album waarop Craig Finn beeldende verhalen vertelt en overtuigt met aansprekende songs. Het zijn songs die fraai zijn ingekleurd met behulp van onder andere leden van The War On Drugs, waardoor Always Been weer net wat anders klinkt dan zijn voorganger. Topalbum weer.
Twintig jaar geleden kwam ik voor het eerst in aanraking met de muziek van de Amerikaanse band The Hold Steady. De band uit New York maakte op haar tweede album Separation Sunday zeker geen geheim van de liefde voor het grootse en meeslepende geluid van Bruce Springsteen’s E-Street Band, maar verwerkte ook talloze andere invloeden op het album. Sindsdien zijn de albums van The Hold Steady voor mij verplichte kost en de band stelt mij eigenlijk nooit teleur.
De afgelopen jaren steekt The Hold Steady in een blakende vorm op geweldige albums als Open Door Policy uit 2021 en The Price Of Progress uit 2023 en dat doet Craig Finn, de frontman van de band, ook op zijn soloalbums. De eerste drie soloalbums van de Amerikaanse muzikant heb ik nooit opgemerkt, maar I Need A New War uit 2019 en A Legacy Of Rentals zijn singer-songwriter albums van een niveau dat alleen is weggelegd voor de groten in het genre.
Craig Finn duikt deze week op met een volgend soloalbum en ook Always Been is weer een uitstekend album. Het is een album dat aansluit bij de grote singer-songwriter albums uit de jaren 70, maar dat ook met beide benen in het heden staat. Door de stem van Craig Finn en de messcherpe teksten moet ik bij beluistering van zijn albums altijd denken aan de muziek van Randy Newman, al is dat in muzikaal opzicht niet het meest voor de hand liggende vergelijkingsmateriaal.
Craig Finn liet zich in het verleden en met name op de eerste albums van zijn band nadrukkelijk beïnvloeden door de muziek van Bruce Springsteen en die invloed hoor je ook nog wel terug op Always Been. Net als Bruce Springsteen is Craig Finn een getalenteerd songwriter en verhalenverteller en net als in veel songs van Springsteen spelen alledaagse gebeurtenissen en personages een belangrijke rol in de songs van Craig Finn.
Net als Bruce Springsteen heeft Craig Finn bovendien een voorliefde voor Amerikaanse rockmuziek. Het is rockmuziek die wat minder stevig is aangezet dan op de albums van The Hold Steady, maar heel groot zijn de verschillen niet. Het is deels de verdienste van producer Adam Granduciel, de voorman van The War On Drugs, die ook een aantal van zijn bandleden meenam naar de opnames van Always Been en tekent voor een aansprekend geluid.
Craig Finn beschikt over een bijzondere stem met ook een randje Lou Reed en het is een stem waar ik van hou en die de zijn songs voorziet van een duidelijk eigen geluid. Ook in muzikaal opzicht raakt de Amerikaanse muzikant de juiste snaar op zijn zesde soloalbum, dat direct zorgt voor een goed gevoel.
Dat goede gevoel wordt een gelukzalig gevoel door de uitstekende songs van Craig Finn. Je hangt aan de lippen van de muzikant uit New York door de fraaie verhalen die hij vertelt en het zijn verhalen die zijn verpakt in songs die direct bij eerste beluistering vertrouwd klinken en die je vervolgens vrijwel onmiddellijk dierbaar zijn.
Craig Finn draait inmiddels al heel wat jaren mee in de muziek en heeft flink wat albums op zijn naam staan, wat het extra knap maakt dat Always Been zo fris en eigentijds klinkt. De soloalbums van Craig Finn trekken misschien minder de aandacht dan de albums van zijn band of de albums van zijn inspiratiebronnen, maar ook op zijn nieuwe album laat de muzikant uit Brooklyn weer horen dat hij behoort tot de beste songwriters van zijn generatie. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Jodymoon - The Machine (2025) 4,5
6 april 2025, 20:12 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Jodymoon - The Machine - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Jodymoon - The Machine
Digna Janssen en Johan Smeets maken als Jodymoon inmiddels al bijna twintig jaar albums geweldige albums die echt veel te weinig aandacht krijgen en ook het onlangs verschenen The Machine is weer een prachtalbum
Sinds 2008 ben ik fan van het Nederlandse duo Jodymoon. De liefde voor de muziek van het duo uit Maastricht gaat inmiddels zes studioalbums en een live-album mee en onlangs werd er met The Machine een volgend studioalbum aan toegevoegd. Het is een album dat ik even uit het oog was verloren, maar gelukkig ben ik nog redelijk op tijd bij de les. Op The Machine vertrouwt Jodymoon wederom op de liefde voor singer-songwriter muziek uit het verleden, op het muzikale vernuft van Johan Smeets en op de prachtige stem van Digna Jansen, maar het tweetal slaat ook nieuwe wegen met een net wat steviger aangezet geluid. Het levert voor de zoveelste keer een album van wereldklasse op.
Het Nederlandse duo Jodymoon dook in 2006 op met haar debuutalbum Look At Me Look At Me Don't Look At Me en heeft sindsdien alleen maar geweldige albums gemaakt. Never Gonna Find It An Another Story (2008), Who Are You Now (2010), The Life You Never Planned On (2012), All Is Waiting (2015), A Love Brand New (2019) en Firestone (2021) zijn allemaal albums waarop zangeres Digna Janssen en multi-instrumentalist Johan Smeets indruk maken met hun muziek, die onder andere invloeden uit de 70s singer-songwriter muziek, de Britse folk, de Amerikaanse rootsmuziek en de klassieke muziek bevat.
Alle albums van het tweetal uit Maastricht zitten in muzikaal opzicht knap in elkaar, waarna de mooie stem van Digna Janssen het muzikale feestje compleet maakt. In vrijwel al mijn recensies van de albums van Jodymoon noem ik het Maastrichtse duo daarom een van de best bewaarde geheimen van de Nederlandse popmuziek en daar valt wat mij betreft niets op af te dingen.
Ik ben niet zo gek op live-albums, maar het vorig jaar verschenen album The Best Of Live 2013-2023 bood niet alleen een fraaie dwarsdoorsnede uit het oeuvre van Jodymoon, maar liet bovendien horen dat Digna Janssen en Johan Smeets ook op het podium uitstekend uit de voeten kunnen. De perscampagne voor het nieuwe studioalbum van Jodymoon werd eind vorig jaar al gestart en ik kreeg het album ook al vroeg in het jaar toegestuurd.
Het album was hierdoor helaas wel wat onder op de stapel terecht gekomen, waardoor ik de releasedatum een aantal weken geleden helemaal heb gemist. Gelukkig kwam ik The Machine bij het doorlopen van de stapel toch nog redelijk op tijd tegen en kon ik al snel concluderen dat ik halverwege maart een van de beste albums van dat moment heb laten liggen.
Ook op The Machine steken Digna Janssen en Johan Smeets weer in een uitstekende vorm. Sinds Firestone, het vorige studioalbum van Jodymoon, zijn alweer bijna vier jaren verstreken, en het zijn jaren waarin de wereld meerdere keren op zijn kop heeft gestaan. Het duo uit Maastricht kiest in de snel veranderende wereld zelf ook voor een net wat ander geluid, wat vorm kreeg toen een vergeten drummachine uit de kast werd getrokken.
In een aantal songs op The Machine heeft Jodymoon haar geluid voorzien van wat steviger aangezette elektrische gitaarlijnen en wat prominentere ritmes. Het levert in een track als Seconds Tick een bezwerend geluid op dat ook wel wat doet denken aan bands als My Baby en Cari Cari (check ook de albums van deze Oostenrijkse band). Het is een geluid dat vaker terug komt op The Machine, maar Jodymoon is ook haar wortels in de tijdloze singer-songwriter muziek niet vergeten.
Digna Jansen laat ook op The Machine weer horen dat ze een geweldige zangeres is, terwijl Johan Smeets de vormgever is van een zeer smaakvol maar dit keer ook prikkelend geluid. Door de interessante koerswijziging in een aantal tracks voegt The Machine absoluut iets toe aan het inmiddels respectabele stapeltje albums dat Jodymoon op haar naam heeft staan en het is wederom een album van hoog niveau.
Jodymoon is helaas nog altijd een van de beste bewaarde geheimen van de Nederlandse popmuziek en ook als ik naar The Machine luister begrijp ik daar weer helemaal niets van. Ga echt eens luisteren naar de muziek van het tweetal uit Maastricht, dat inmiddels een imposant oeuvre op haar naam heeft staan. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Brown Horse - All the Right Weaknesses (2025) 4,5
6 april 2025, 10:46 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Brown Horse - All The Right Weaknesses - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Brown Horse - All The Right Weaknesses
Brown Horse komt vrij snel na haar terecht zo bejubelde debuutalbum Reservoir op de proppen met All The Right Weaknesses, waarop de Britse band haar alt-country geluid verrijkt met een heerlijk gruizige gitaar vibe
Het beste alt-country album werd vorig jaar niet in de Verenigde Staten gemaakt maar in het Verenigd Koninkrijk. De Britse band Brown Horse leverde met Reservoir een album af dat herinnerde aan de betere albums uit het genre. Maar net een jaar later is Brown Horse alweer terug met haar tweede album waarop de band haar geluid verder heeft ontwikkeld. Ook All The Right Weaknesses bevat flink wat invloeden uit de countryrock en de alt-country, maar het album klinkt ook wat ruwer en steviger. Wat is gebleven zijn de uitstekende songs en de prima zang. De oogst binnen de alt-country viel de afgelopen jaren wat tegen, maar wat is dit een topband.
De Britse band Brown Horse debuteerde begin vorig jaar met het prachtige Reservoir, waarop invloeden uit de countryrock uit de jaren 70 samenvloeiden met invloeden uit de alt-country uit de jaren 90. Het album deed me meer dan eens denken aan Hollywood Town Hall en Tomorrow The Green Grass van The Jayhawks uit de eerste helft van de jaren 90 en dat zijn wat mij betreft twee van de beste alt-country albums aller tijden.
Brown Horse stond na de release van haar debuutalbum vooral op het podium en heeft de energie van het podium meegenomen naar de studio. Het deze week verschenen All The Right Weaknesses werd in slechts een week opgenomen en live ingespeeld, wat het album voorziet van veel vaart en energie.
Brown Horse is zoals gezegd een Britse band, maar de band uit Norwich klinkt ook op haar tweede album weer vooral Amerikaans. Ook op All The Right Weaknesses laat de band zich stevig beïnvloeden door alt-country uit de jaren 90 en countryrock van nog twee decennia eerder, maar het tweede album van Brown Horse klinkt ook ruwer dan het debuutalbum en verkent ook zeker invloeden uit de rockmuziek.
Op Reservoir trok het geweldige gitaarwerk van Nyle Holihan al de aandacht, maar de Britse muzikant krijgt op All The Right Weaknesses nog veel meer ruimte en heeft de songs van Brown Horse vol gestopt met geweldige riffs. Door het gitaarwerk schuift de muziek van Brown Horse op het nieuwe album van de band ook wel wat de kant op van de (blues)rock bands uit de jaren 70 of schuift de band zelfs op richting 90s indierock, maar door de pedal steel en de banjo blijven ook invloeden uit de country belangrijk.
Ik heb persoonlijk wel wat met het lekker ruwe en energieke en vooral door gitaren gedomineerde geluid op All The Right Weaknesses, dat net wat eigenzinniger en ook wel wat eigentijdser klinkt dan het geluid op het debuutalbum van de band. Het is een geluid dat direct aanspreekt en vervolgens steeds beter wordt.
Ook op het tweede album van Brown Horse trekt de opvallende stem van Patrick Turner de aandacht. Het is een stem die de muziek van Brown Horse voorziet van onderscheidend vermogen, maar ik vind de stem van de Britse muzikant ook erg mooi. Patrick Turner neemt op All The Right Weaknesses het grootste deel van de zang voor zijn rekening, maar er is vergeleken met het debuutalbum een wat grotere rol voor de stem van Phoebe Troup, die ook zeer verdienstelijk zingt.
Het tweede album van Brown Horse stond na een maandenlange tour in een vloek en een zucht op de band, maar ondanks het feit dat er maar net iets meer dan een jaar is verstreken sinds het debuutalbum van de band laat Brown Horse flinke groei horen. Meerdere leden van de band schreven mee aan de songs, die van een constanter en hoger niveau zijn. De zang van Patrick Turner is net wat minder expressief en wat mij betreft mooier, terwijl de muziek van de band wat steviger en uitbundiger klinkt.
Een ding is niet veranderd en dat is dat Brown Horse ook met All The Right Weaknesses weer een geweldig album heeft gemaakt. Het is een album dat zeker in de smaak zal vallen bij liefhebbers van countryrock en alt-country, maar ook een ieder die makkelijk valt voor (indie)rock zal zeer gecharmeerd zijn van het tweede album van Brown Horse. Ik had zo snel na Reservoir nog geen tweede album van Brown Horse verwacht, maar All The Right Weaknesses is een zeer aangename verrassing. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Florist - Jellywish (2025) 4,5
5 april 2025, 11:27 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Florist - Jellywish - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Florist - Jellywish
De Amerikaanse band Florist heeft met Jellywish een behoorlijk sober en folky album afgeleverd, waarop zangeres Emily Sprague imponeert met haar persoonlijke songs en haar prachtige stem
De Amerikaanse band Florist is alweer toe aan haar vijfde album. De band uit Brooklyn, New York, trok mijn aandacht met haar derde album Emily Alone, maar maakte een onuitwisbare indruk met het in 2022 verschenen Florist. De band rond Emily Sprague keert deze week terug met Jellywish en ook dit is weer een prachtig album. Het is een behoorlijk ingetogen en folky klinkend album, waarop alles draait om de indringende songs van Emily Sprague, haar persoonlijke teksten en haar prachtige stem. Op het vorige album van Florist was er ruimte voor experiment, maar op Jellywish domineert de eenvoud. Het levert een werkelijk wonderschoon album op.
In de zomer van 2019 verscheen het album Emily Alone van de Amerikaanse band Florist. Het was mijn eerste kennismaking met de muziek van de band uit Brooklyn, New York, maar het derde album van de band was wel een wat atypisch album. Frontvrouw Emily Sprague had na een aantal zware persoonlijke tegenslagen New York achter zich gelaten en had zich gevestigd in Los Angeles, waar ze Emily Alone opnam.
Emily Alone was feitelijk een soloalbum van Emily Sprague, maar het was een bijzonder mooi album met vooral ingetogen en intieme folksongs en een hoofdrol voor de prachtige stem van de Amerikaanse muzikante. De toekomst van Florist leek in 2019 uiterst onzeker, maar in de zomer van 2022 dook de band toch weer op met een uitstekend titelloos album, dat uiteindelijk de top 15 van mijn jaarlijstje haalde.
Op het in 2022 verschenen album maakte de stem van Emily Sprague weer flink wat indruk, maar de band uit New York verraste ook met een zeer sfeervol en folky geluid, waarin ook uitstapjes buiten de gebaande paden en het experiment niet werden geschuwd. Het deed af en toe wel wat denken aan de muziek die Big Thief maakte op Dragon New Warm Mountain I Believe in You, dat nog net wat hoger scoorde in mijn jaarlijstje over 2022, maar ook het album van Florist was van hoge kwaliteit.
De band uit New York keert deze week terug met een nieuw album, Jellywish. Na de 57 minuten muziek op het vorige album van de band valt een speelduur van maar net een half uur op het nieuwe album misschien wat tegen, maar het is wel een half uur bijzonder mooie muziek.
Op Jellywish maakt Florist vooral ingetogen en folky muziek en het is nog altijd muziek die associaties op zal roepen met de muziek van Big Thief. Dat doet ook de stem van Emily Sprague, al vind ik haar stem mooier, vaster en zuiverder dan die van Adrienne Lenker. Emily Sprague heeft de ellende van een paar jaar geleden nog niet van zich afgeschud, waardoor ook Jellywish weer een persoonlijk en wat melancholisch album is.
Vergeleken met het vorige album kiest Florist op haar vijfde album voor een nog wat soberder en folky geluid en wordt het experiment van het vorige album achterwege gelaten. Het is een zeer smaakvol en ook zeer toegankelijk geluid en het is een geluid waarin de stem van Emily Sprague alle aandacht opeist.
Het geluid op Jellywish is vaak zo sober dat het klinkt als een singer-songwriter album in plaats van een bandalbum, maar zeker bij beluistering met de koptelefoon hoor je dat er met enige regelmaat subtiele accenten zijn toegevoegd aan het geluid op het album en dat de muziek op het album vooral sfeervol, maar ook af en toe subtiel ruw kan klinken. Jellywish is een persoonlijk, emotioneel en melancholisch album, maar het is ook een warm en intiem klinkend album, dat met name wat later op de avond uitstekend tot zijn recht komt.
Ik was na het geweldige album uit 2022 heel nieuwsgierig naar de nieuwe muziek van Florist en begon met hoge verwachtingen aan het nieuwe album. Jellywish is weer een wat ander album dan zijn voorganger, maar de ingetogen en folky songs van de Amerikaanse band hebben me zeker niet teleur gesteld.
Emily Sprague heeft het op Jellywish nog steeds zwaar, maar ze laat ook op het vijfde album van Florist weer horen dat ze een exceptioneel songwriter en een geweldige zangeres is. Het zou me niet verbazen als ook dit album weer heel hoog gaat eindigen in mijn jaarlijstje. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Mess Esque - Jay Marie, Comfort Me (2025) 4,5
4 april 2025, 15:07 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Mess Esque - Jay Marie, Comfort Me - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Mess Esque - Jay Marie, Comfort Me
Helen Franzmann en Mick Turner maken het de luisteraar ook op Jay Marie, Comfort Me weer niet makkelijk, maar ook het tweede album van Mess Esque is een album dat bol staat van de muzikaliteit en avontuur
Het debuutalbum van Mess Esque deed me een paar jaar geleden denken aan Crowsdell en Mazzy Star, maar Helen Franzmann en Mick Turner lieten vooral een eigen geluid horen. Dat doen ze ook weer op Jay Marie, Comfort Me, dat de aandacht trekt met behoorlijk experimentele maar ook aangenaam dromerige songs. Het zijn songs waarin het gitaarwerk direct in positieve zin opvalt en ook de percussie is fantastisch. Aan de stem van Helen Franzmann moet je even wennen, maar na gewenning is de zang op Jay Marie, Comfort Me echt prachtig. Jay Marie, Comfort Me van Mess Esque is best een lastig album, tot het moment dat echt alles op zijn plek valt.
Aan het eind van 2021 besprak ik het titelloze debuutalbum van het Australische duo Mess Esque. Mijn recensie stond vol met tegenstellingen als “Mess Esque heeft een bijzonder album gemaakt dat je eindeloos wilt koesteren of dat je keer op keer de gordijnen in jaagt” of “het Australische duo Mess Esque levert een bijzonder avontuurlijk debuutalbum af, dat in eerste instantie maar heel weinig houvast biedt, maar dat tot grote hoogten stijgt wanneer alles op zijn plek valt”.
Ook ik moest in 2021 enorm wennen aan de muziek van Helen Franzmann en Mick Turner, maar uiteindelijk vond ik het debuutalbum van de twee niet alleen bijzonder intrigerend maar ook heel erg mooi. Het album deed me af en toe denken aan het echt briljante Dreamette, het debuutalbum van Crowsdell, de band van Shannon Wright, een album dat helaas nog altijd niet is te beluisteren op de streaming media platforms.
De muziek van Helen Franzmann, die ook bekend is van de band McKisko, en Mick Turner, die nog veel bekender is van de band Dirty Three, deed ook wel wat denken aan Mazzy Star, maar dan wel een wat experimentelere versie van Mazzy Star, overigens een van mijn favoriete bands aller tijden. Het is prachtig vergelijkingsmateriaal.
Mess Esque keert deze week terug met Jay Marie, Comfort Me en gaat deels verder waar het duo aan het eind van 2021 was geëindigd. Ook het tweede album van Mess Esque is weer geen lichte kost. Zeker als je niet gewend bent aan de muziek van het Australische tweetal en hun bandgenoten bieden de songs op Jay Marie, Comfort Me in eerste instantie weinig houvast.
De geweldige gitaarlijnen van Mick Turner en de bijzondere zang van Helen Franzmann lijken vooral hun eigen ding te doen en ook de keyboards en drums lijken zich weinig aan te trekken van de andere klanken op het album. Op hetzelfde moment klinkt de muziek van Mess Esque heerlijk dromerig en wanneer je wat dieper wegzinkt in de muziek van het Australische duo lijkt alles toch opeens weer te kloppen.
Ook bij beluistering van Jay Marie, Comfort Me moet ik, voornamelijk vanwege het gitaarwerk, vaak denken aan dat helaas zo miskende debuutalbum van Crowsdell, terwijl de dromerige en soms bijna gesproken zang van Helen Franzmann associaties oproept met Mazzy Star’s Hope Sandoval.
Jay Marie, Comfort Me van Mess Esque is een album dat je makkelijk opzij schuift bij snelle beluistering, maar dat steeds mooier wordt wanneer je er dieper induikt. Het gitaarwerk op het album is echt geweldig en ook de drummer speelt fantastisch op het album. De muziek van Mess Esque is vaak loom en dromerig, maar kan ook ruw en stevig klinken.
Beide uitersten passen uitstekend bij de zang van Helen Franzmann die absoluut haar eigen stijl heeft, maar die mij in ieder geval direct wist in te pakken. In de songs op Jay Marie, Comfort Me wordt af en toe flink het experiment opgezocht en verliest Mess Esque de toegankelijke popsong soms echt volledig uit het oog, maar het is knap hoe deze popsong soms ook weer binnen een paar noten kan worden gevonden.
Ik geef eerlijk toe dat ik de afgelopen jaren niet heel vaak meer aan Mess Esque heb gedacht en ook Jay Marie, Comfort Me is een album dat niet altijd binnen zal komen, maar als je in de stemming bent voor de muziek van Mess Esque is het echt een prachtalbum. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Bria Salmena - Big Dog (2025) 4,0
4 april 2025, 14:58 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Bria Salmena - Big Dog - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Bria Salmena - Big Dog
De door jonge vrouwelijke muzikanten gedomineerde indiepop en indierock van het moment wordt helaas wat eenvormig, maar Bria Salmena voorziet het genre op Big Dog van een aantal andere en vooral donkere tinten
Een echte nieuwkomer is Bria Salmena niet, al zal haar solodebuut Big Dog voor velen de eerste kennismaking zijn met de muziek van de Canadese muzikante. Big Dog is ook mijn eerste kennismaking met de muziek van Bria Salmena en het is een kennismaking die indruk heeft gemaakt. Big Dog is een behoorlijk donker en ook ruw album en het is een album dat zich niet in een hokje laat duwen. Bria Salmena laat zich beïnvloeden door uiteenlopende genres en heeft een album gemaakt dat anders klinkt dan de bulk van de albums. Dat doet het album niet alleen in muzikaal opzicht, want Bria Salmena heeft ook een zeer karakteristieke stem en schrijft eigenzinnige songs op het uitstekende Big Dog.
Ook deze week verscheen weer een imposante stapel albums van over het algemeen jonge vrouwelijke singer-songwriters met een voorliefde voor indie. Ik maak geen geheim van mijn zwak voor juist deze groep muzikanten, maar constateer ook met enige regelmaat dat verzadiging dreigt, zeker wanneer nieuwkomers wat fantasieloos voortborduren op de muziek van de iconen in het genre. De Canadese muzikante Bria Salmena doet dat voor de afwisseling eens niet, waardoor haar debuutalbum Big Dog er voor mij direct uit sprong deze week.
In tegenstelling tot de meeste andere jonge vrouwelijke singer-songwriters die deze week opdoken met een album is Bria Salmena geen nieuwkomer. Big Dog is weliswaar het solodebuut van de muzikante uit Toronto, maar ze draait al even mee. In het vorige decennium was ze de frontvrouw van de Canadese postpunk band Frigs, die in 2018 een uitstekend maar helaas niet breed opgepikt debuutalbum afleverde. Bria Salmena maakte vervolgens deel uit van de band van de eigenzinnige Amerikaanse rootsmuzikant Orville Peck, maar vond uiteindelijk onderdak bij het roemruchte label Sub Pop, dat deze week haar debuutalbum Big Dog heeft uitgebracht.
Bria Salmena laat direct vanaf de eerste noten van het album horen dat ze een ander geluid heeft dan de meeste andere vrouwelijke muzikanten in de indiepop en de indierock van het moment. Ze zingt voor de afwisseling eens niet fluisterzacht, maar heeft een zeer karakteristiek en wat donker en intens stemgeluid, dat wat expressiever klinkt dan al dat mooie en verleidelijke maar uiteindelijk ook wel wat eenvormige gefluister.
De stem van Bria Salmena zorgt er al voor dat Big Dog anders klinkt dan de meeste andere albums van het moment en dat doet het album zeker in muzikaal opzicht. Op haar debuutalbum verrast Bria Salmena met een indierock geluid waarin gitaren zeker een rol spelen, maar waarin elektronica een net wat prominentere rol heeft. Het is een wat donker geluid met flarden postpunk, new wave en gothrock, maar met een drietal genres vertel ik nog lang niet het hele verhaal van het debuutalbum van de Canadese muzikante.
Bria Salmena verwerkt, zeker wanneer de gitaren op de voorgrond treden, ook zeker invloeden uit de indierock en shoegaze in haar songs, maar kan ook aansluiten bij de elektronische popmuziek en heeft ook zeker geluisterd naar een aantal belangrijke Krautrock albums. Big Dog heeft een wat donkere en duistere sfeer, die misschien niet heel goed past bij de uitbundig schijnende lentezon, maar vind het juiste moment voor dit album en ontdek hoeveel er valt te genieten op het debuutalbum van Bria Salmena.
De muzikante uit Toronto draait zoals gezegd al even mee en dat hoor je op Big Dog, dat een ervaren muzikante laat horen, die haar eigen weg durft te kiezen en die ook in muzikaal opzicht wat te bieden heeft. Het knappe van Big Dog is dat het aan de ene kant een ruw, donker en gruizig album is dat durft te experimenteren, maar dat Bria Salmena aan de andere kant indruk maakt met uitstekende popsongs, die direct blijven hangen. Iedereen die de Canadese muzikante al een tijdje volgt wist dat ze met haar solodebuut wel eens zou kunnen imponeren, maar voor mij is Big Dog een sensationele verrassing. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Dean Wareham - That’s the Price of Loving Me (2025) 4,0
3 april 2025, 15:37 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Dean Wareham - That’s The Price Of Loving Me - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Dean Wareham - That’s The Price Of Loving Me
Dean Wareham heeft inmiddels een indrukwekkend stapeltje albums op zijn naam staan en ook op zijn nieuwe soloalbum That’s The Price Of Loving Me laat de voormalig voorman van Galaxie 500 en Luna weer horen hoe goed hij is
Muziek van Dean Wareham is altijd iets om naar uit te kijken. Dat was al zo in de jaren 80 en 90 toen hij muziek maakte met zijn bands Galaxie 500 en Luna en dat was ook zo in het huidige millennium waarin hij soloalbums en albums met zijn partner Britta Phillips opnam. In 2021 maakte Dean Wareham flink wat indruk met het geweldige I Have Nothing To Say To The Mayor Of L.A. en dat doet hij ook weer op het deze week verschenen That’s The Price Of Loving Me. Het is een album waarop flarden uit het rijke muzikale verleden van Dean Wareham zijn te horen, maar het is ook een album dat er in 2025 volop toe doet. Dean Wareham draait al sinds de jaren 80 mee, maar maakt nog altijd geweldige albums.
De in Nieuw-Zeeland geboren maar in de Verenigde Staten opgegroeide muzikant Dean Wareham heeft inmiddels een imposante stapel albums op zijn naam staan. Hij maakte drie geweldige albums met zijn band Galaxie 500 en vervolgens een flinke stapel met de band Luna. Hiernaast maakte hij samen met Luna bandlid en echtgenote Britta Phillips onder de naam Dean & Britta een handvol albums, waaronder vorig jaar nog een prima kerstalbum.
Dean Wareham maakte ook een stapel soloalbums, waarvan ik vooral het in 2021 verschenen I Have Nothing To Say To The Mayor Of L.A. erg goed vind. Deze week is de opvolger van dit album verschenen en ook het nieuwe soloalbum van Dean Wareham is weer een uitstekend album.
Het is een album waarop Dean Wareham samenwerkt met de legendarische muzikant en producer Kramer. Dat is voor Dean Wareham zeker geen onbekende, want Kramer was ook van de partij op de legendarische albums van Galaxie 500 uit de late jaren 80 en het begin van de jaren 90. Hiernaast is ook vaste kompaan Britta Phillips van de partij, waarna een beperkt aantal muzikanten de compacte band die is te horen op That’s The Price Of Loving Me compleet maakt.
Door de compacte bandsetting , de productie van Kramer en zeker ook door het fraaie gitaarwerk doet het nieuwe soloalbum van Dean Wareham meer dan eens denken aan de bands waarvan de muzikant uit Los Angeles in het verleden uitmaakte. Hier en daar hoor je flarden Galaxie 500, dan weer flarden Luna, maar That’s the Price of Loving Me klinkt ook als een Dean Wareham album.
De songs op het album hebben zowel een gruizig als een dromerig of wat psychedelisch randje, en dat is precies wat we kennen uit het verleden, maar mede door het prachtige cellospel van Gabe Noel in een aantal tracks klinkt het album ook zeer sfeervol. Dean Wareham liet in 2021 op I Have Nothing To Say To The Mayor Of L.A. nog horen dat hij nog altijd een geweldig songwriter is en dat hoor je ook weer op That’s The Price Of Loving Me. Het album bevat een aantal wat nostalgisch en melancholisch aandoende songs en dat zijn de songs waarin ik Dean Wareham op zijn best vind.
That’s The Price Of Loving Me werd in slechts zes dagen opgenomen in Los Angeles, waardoor het album is voorzien van een spontaan en niet al te gepolijst klinkend geluid, maar Kramer heeft het album ook voorzien van een mooi en wat galmend geluid, dat ook weer herinnert aan de muziek die Dean Wareham in het verleden maakte. Het is een geluid dat uitstekend past bij de stem bij de van oorsprong Nieuw-Zeelandse muzikant. Ik hoor nog niet al teveel slijtage op de stembanden van Dean Wareham, waardoor ook That’s The Price Of Loving Me weer heerlijk dromerig kan klinken.
Toen in 2021 I Have Nothing To Say To The Mayor Of L.A. verscheen vond ik dat echt een enorme verrassing. Door dat album had ik behoorlijk hoge verwachtingen met betrekking tot de nieuwe muziek van Dean Wareham. Die verwachtingen werden een paar maanden geleden al waargemaakt met het uitstekende kerstalbum van Dean & Britta, maar That’s The Price Of Loving Me is nog een stuk beter. Er zijn niet veel muzikanten die vijf decennia lang muziek maken die er toe doet, maar Dean Wareham is er absoluut een van. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Spellling - Portrait of My Heart (2025)
2 april 2025, 16:39 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: SPELLLING - Portrait Of My Heart - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: SPELLLING - Portrait Of My Heart
Bij de Amerikaanse muzikante SPELLLING moet je altijd rekenen op het onverwachte, maar het zeer toegankelijke pop en rock geluid dat ze laat horen op Portrait Of My Heart had ik toch niet van haar verwacht
De muziek van SPELLLING was tot dusver vooral avontuurlijk en intrigerend. Het nieuwe album van het alter ego van Chrystia (Tia) Cabral klinkt op het eerste gehoor minder avontuurlijk, maar intrigerend blijft het. De Amerikaanse muzikante vermengde in het verleden allerlei invloeden door elkaar heen, maar kiest op haar nieuwe album vooral voor verrassend toegankelijke pop en rock met hier en daar een vleugje R&B. Het zorgt meer dan eens voor flashbacks naar de jaren 90, maar Portrait Of My Heart laat zich wel beluisteren als een serie hits uit de jaren 90. Ik heb van die jaren 90 playlists met onweerstaanbare oorwurmen, maar de nieuwe SPELLLING is een uitstekend alternatief.
Van de Amerikaanse muzikante SPELLLING (inderdaad met deze afwijkende spelling) besprak ik tot dusver twee albums. Zowel Mazy Fly uit 2019 als SPELLLING & The Mystery School uit 2023 vond ik buitengewoon intrigerende albums. Het debuutalbum van het alter ego van de Amerikaanse muzikante Chrystia (Tia) Cabral omschreef ik zes jaar geleden met de oneliner “Spellling vermengt op Mazy Fly zoveel invloeden dat het pijn doet, tot het moment waarop alle puzzelstukjes in elkaar vallen”.
Mazy Fly schakelde moeiteloos tussen zeer uiteenlopende genres en wisselde bijna minimalistische passages af met bombastische passages, die uit de speakers knalden. Op SPELLLING & The Mystery School herbewerkte SPELLLING songs van de eerste drie albums, waarvan ik er twee had gemist, waardoor het album voor mij toch grotendeels nieuw was. Voor het echte nieuwe werk van SPELLLING hebben we moeten wachten tot deze week, want Portrait Of My Heart bevat elf gloednieuwe songs van de muzikante uit Oakland, California.
Het geluid van SPELLLING verschoot op Mazy Fly talloze malen van kleur, maar met triphop, synthpop en R&B had je wat mij betreft drie belangrijke ingrediënten van de muziek van SPELLLING te pakken. Het zijn ingrediënten die een veel minder belangrijke rol spelen op Portrait Of My Heart. Op haar nieuwe album uit de Amerikaanse muzikante haar liefde voor de pop en rock en het is pop en rock van het stevig aangezette soort.
SPELLLING werd in het verleden nogal eens met Kate Bush vergeleken, wat niets te maken had met haar stem of haar muziek, maar alles met de hoeveelheid muzikaal avontuur die in haar songs was verstopt. Veel songs op Portrait Of My Heart klinken veel minder avontuurlijk en verrassend toegankelijk.
Zeker bij oppervlakkige beluistering klinkt Portrait Of My Heart als een willekeurige selectie van een Amerikaans radiostation uit de jaren 90, zeker als SPELLLING kiest voor rock. Ook de wat meer R&B getinte songs op het album klinken veel toegankelijker dan we van SPELLLING gewend zijn en ook bij deze songs hoor ik meer dan eens jaren 90 vibe en zou de naam van Kate Bush niet bij me op komen als vergelijkingsmateriaal.
Portrait Of My Heart is een album vol pop- en rockhits, maar als je goed luistert is het toch ook een typisch SPELLLING album. De bijzondere mix van stijlen, de vele verrassende wendingen, de experimenteerdrift en de angstaanjagende dynamiek zijn naar de achtergrond verdwenen en hebben plaats gemaakt voor een serie verrassend toegankelijke maar ook razend knappe popsongs en rocksongs.
Het zal even slikken zijn voor de liefhebbers van het wat minder toegankelijke werk van de Amerikaanse muzikante, maar voor mij klinkt het album minstens net zo aangenaam als een playlist met favorieten en enkele guilty pleasures uit de jaren 90. Het glazuur springt hier en daar van je tanden, maar niet veel later is er toch altijd weer die geniale vondst die het muzikale hart sneller laat kloppen.
Tien songs lang verrast SPELLLING met songs die ik echt niet van haar had verwacht, waarna ze er een minstens even onverwachte My Bloody Valentine cover tegenaan gooit. De volgende keer klinkt SPELLLING vast weer totaal anders, maar ook dit uitstapje bevalt me wel. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Elephant - III (2025) 4,0
2 april 2025, 13:19 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Elephant - III - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Elephant - III
De Nederlandse band Elephant leverde de afgelopen jaren al twee prachtige albums af en voegt met III nog een minstens even mooi album toe met zowel tijdloze countryrock als uitstapjes buiten de gebaande paden
Het Nederlandse Excelsior label heeft al flink wat geweldige bands voortgebracht en heeft er ook met Elephant weer een onder contract. De band maakte al twee geweldige albums vol tijdloze countryrock en Westcoast pop met een hang naar de jaren 70 en zonnestralen in overvloed en heeft met III een volgend prachtalbum gemaakt. Het is een album dat deels voortborduurt op de eerste twee albums van de Rotterdamse band, maar Elephant slaat ook nieuwe wegen in met wat donkerder getinte teksten en met een aantal songs die het experiment opzoeken. Ook op III domineren echter de tijdloze songs waarvan de zon nog wat feller gaat schijnen.
De Nederlandse band Elephant debuteerde in het prille voorjaar van 2022 prachtig met het uitstekende Big Thing en herhaalde dit kunstje in de vroege herfst van 2023 met het minstens even goede Shooting For The Moon.
Op Big Thing maakte de band uit Rotterdam muziek die net zo naar de lente deed verlangen als een aantal andere albums uit de rijke historie van het Excelsior label waarop het album verscheen, maar het debuutalbum van Elephant riep ook herinneringen op aan de countryrock uit de vroege jaren 70, zeker wanneer de band bijzonder fraaie harmonieën uit de speakers liet komen. Invloeden uit de countryrock aangevuld met een vleugje alt-country keerden terug op Shooting For The Man, maar Elephant verkende op haar tweede album ook andere genres.
Deze week is het derde album van de Nederlandse band verschenen en ook III is weer een uitstekend album. De band uit Rotterdam deed voor de productie van het album ook dit keer een beroep op Pablo van der Poel van DeWolff, die ook de eerste twee albums van Elephant produceerde en wederom tekent voor vakwerk. III is net als het debuutalbum van Elephant verschenen aan het begin van de lente en dat is het juiste seizoen voor de muziek van de band. Ook op haar derde album maakt Elephant immers muziek vol ontluikende zonnestralen.
Het is ook dit keer muziek die zich heeft laten beïnvloeden door de countryrock en de Westcoast pop uit de jaren 70. Dat klinkt bijzonder lekker in combinatie met de lentezon die zich juist deze week gelukkig zo vaak laat zien. Op Shooting For The Moon kleurde de Rotterdamse band al met enige regelmaat buiten de lijntjes van de Californische invloeden uit de jaren 70 en dat doet de band nog wat nadrukkelijker op III.
Dat hoor je wanneer in de openingstrack de gitaren langzaam maar zeker steeds wat steviger klinken, maar je hoort het nog veel beter in de tweede track, waarin elektronica en een vocoder de hoofdrol opeisen, en in de slottrack waarin Elephant zich waagt aan heuse ambient. Van mij mag Elephant zich best beperken tot tijdloze countrypop en Westcoast pop, maar de experimenten maken het album wel een stuk spannender, ook al zijn ze eerlijk gezegd minder aan mij besteed dan de typische Elephant songs op het album.
Wel geslaagd zijn wat mij betreft de tracks waarin Sofie Winterson haar stem toevoegt aan de songs van Elephant en de muziek van de band nog net wat mooier en dromeriger klinkt. Elephant is op III wat minder stijlvast dan op haar eerste twee albums en de teksten van de band zijn wat donkerder dan op de Big Thing en Shooting For The Moon, maar ook op het derde album van de band domineren de lome, zonnige en tijdloze popsongs.
Het zijn popsongs die uitnodigen tot luieren in de lentezon, maar vergeet ook niet om te luisteren hoe goed Elephant is op haar derde album. Het Excelsior label heeft de afgelopen decennia een enorme stapel geweldige albums afgeleverd, waaronder de nodige kroonjuwelen. Tussen deze kroonjuwelen misstaan de drie albums van Elephant wat mij betreft niet. III is van deze drie albums de meest eigenzinnige, maar het album is me net zo dierbaar als de terecht geprezen voorgangers. Hoogste tijd dat de Rotterdamse band het in het buitenland net zo goed gaat doen als in Nederland. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Hannah Cohen - Earthstar Mountain (2025) 4,0
1 april 2025, 18:21 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Hannah Cohen - Earthstar Mountain - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Hannah Cohen - Earthstar Mountain
Hannah Cohen was de afgelopen jaren vooral te horen op albums van anderen, maar met Earthstar Mountain heeft ze zelf weer eens een album gemaakt en het is een bijzonder aangenaam album geworden
Luister naar Earthstar Mountain van Hannah Cohen in de lentezon van het moment en je bent direct verkocht. De Amerikaanse muzikante heeft een ontspannen klinkend album gemaakt waarop de zonnestralen zeker niet ontbreken. Het is een album waarop Hannah Cohen zich vooral heeft laten beïnvloeden door muziek uit de jaren 70. Veel songs op het album hebben een zeer aangename jaren 70 vibe en herinneren aan zonnige en zorgeloze tijden. Hannah Cohen en haar partner Sam Evian hebben lang gewerkt aan het album, want alles op Earthstar Mountain klinkt even mooi. Het geldt voor de warme klanken op het album en het geldt ook zeker voor de mooie en bijzondere stem van Hannah Cohen.
Ik was deze week eigenlijk direct enthousiast over het nieuwe album van de Amerikaanse singer-songwriter Hannah Cohen en ging er eerlijk gezegd van uit dat dit in het verleden ook zo was wanneer ze een nieuw album uitbracht. Dat blijkt echter flink tegen te vallen, want ik besprak tot dusver alleen het debuutalbum van de oorspronkelijk uit California afkomstige muzikante.
Child Bride, het in 2012 verschenen debuutalbum van Hannah Cohen, werd door haarzelf in het hokje “sad unicorn music” geduwd, maar ik hoorde zelf vooral folky songs die waren voorzien van opvallende muzikale accenten, een mooie engelenstem en een avontuurlijke productie van Thomas Bartlett.
Hannah Cohen maakte vervolgens met het wederom door Thomas Bartlett geproduceerde Pleasure Boy uit 2015 en met Welcome Home uit 2019 nog twee albums. Het zijn albums die ik ongetwijfeld heb beluisterd, maar ik selecteerde ze niet voor een plekje op de krenten uit de pop. Ik had ook geen enkele herinnering aan het tweede en derde album van Hannah Cohen, maar toen ik ze een paar dagen geleden beluisterde vielen ze me zeker niet tegen.
Het zijn albums die iets elektronischer klinken dan het debuutalbum van Hannah Cohen, maar die ook zeker in het verlengde liggen van Child Bride. Kortom, albums die ik best had kunnen bespreken. Hannah Cohen dook deze week op met haar vierde album en Earthstar Mountain beviel me zoals gezegd wel direct.
Het vierde album van Hannah Cohen werd net als voorganger Welcome Home gemaakt met haar partner Sam Owens, die we ook kennen als de singer-songwriter Sam Evian. De twee verhuisden tijdens de coronapandemie naar de Catskill Mountains in de staat New York, waar ze van hun huis een studio maakten. In deze studio is flink geknutseld aan Earthstar Mountain, dat uiteindelijk bijna zes jaar na het vorige album van Hannah Cohen is verschenen.
Hannah Cohen en Sam Evian deden het meeste zelf op Earthstar Mountain, maar uiteindelijk werden hier en daar fraaie strijkers en percussie toegevoegd en doken onder andere Sufjan Stevens en Clairo op voor wat vocale ondersteuning. Hannah Cohen experimenteerde op haar tweede en derde album met een wat moderner klinkend geluid en subtiele impulsen van elektronica, maar met Earthstar Mountain heeft ze een vooral nostalgisch klinkend album gemaakt.
Op haar nieuwe album ademt de muziek van Hannah Cohen de sfeer van de jaren 70 met hier en daar een vleugje Fleetwood Mac of invloeden uit de singer-songwriter muziek en de radiovriendelijke pop uit dit decennium, maar iedere keer als ik naar het album luister hoor ik weer nieuwe invloeden.
Hannah Cohen betuigt op haar nieuwe album de liefde aan de Catskill Mountains en heeft een album gemaakt dat ontspannen en heerlijk zonnig en zorgeloos kan klinken. De instrumentatie is relatief sober maar ook zeer sfeervol en Hannah Cohen maakt op mij makkelijk indruk met haar mooie en ook karakteristieke stem. Het is een stem die niet iedereen mooi zal vinden, maar als je vatbaar bent voor het geluid van Hannah Cohen tilt de zang op het album de songs nog wat verder op.
Op een of andere manier willen de albums van Hannah Cohen bij mij niet altijd direct landen, maar Earthstar Mountain wist me direct te overtuigen en is sindsdien alleen maar mooier en zeker ook aangenamer geworden. Het is ook nog eens een album dat het perfect doet tijdens de lentedagen van het moment, die nog wat mooier worden met Hannah Cohen door de speakers. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
