Via deze pagina blijf je op de hoogte van recente stemmen, meningen en recensies van erwinz. Standaard zie je de activiteiten in de huidige en vorige maand. Je kunt ook voor een van de volgende perioden kiezen: januari 2025, februari 2025, maart 2025, april 2025, mei 2025, juni 2025, juli 2025, augustus 2025, september 2025, oktober 2025, november 2025, december 2025, januari 2026
Jesse Sykes & the Sweet Hereafter - Forever, I've Been Being Born (2025) 4,0
30 november 2025, 10:15 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Jesse Sykes & The Sweet Hereafter - Forever, I've Been Being Born - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Jesse Sykes & The Sweet Hereafter - Forever, I've Been Being Born
Jesse Sykes nam de tijd voor de opvolger van haar inmiddels al weer 14 jaar oude vorige album, maar Forever, I've Been Being Born is een mooi album geworden met bijzondere muziek en de fraai doorleefde stem van de Amerikaanse muzikante
Bij de naam Jesse Sykes denk ik direct aan Reckless Burning, het album dat ze in 2002 maakte met haar band The Sweet Hereafter. Het is een van mijn favoriete rootsalbums aller tijden en het is een album dat deze week niet wordt overtroffen door Forever, I've Been Being Born. Ook het vijfde album van de Amerikaanse muzikante, die wederom wordt bijgestaan door gitarist Phil Wandscher, is echter wel een bijzonder mooi album. Het is een album met wat psychedelisch klinkende folk met af en toe ruwe uitbarstingen en werkelijk fantastische gitaarspel. De stem van Jesse Sykes klinkt inmiddels een stuk ruwer en doorleefder, maar is nog altijd prachtig.
De Amerikaanse muzikante Jesse Sykes speelde aan het eind van de jaren 90 in de band Hominy, maar verliet deze band toen haar relatie met de oprichter van de band op de klippen liep. Ze kwam niet veel later gitarist Phil Wandscher tegen, die het einde van zijn band Whiskeytown zag aankomen.
De twee begonnen samen aan het project Jesse Sykes & The Sweet Hereafter, dat in 2002 debuteerde met het album Reckless Burning. Het is wat mij betreft een van de mooiste rootsalbums aller tijden. Het is een album met een wat donkere en mysterieuze sfeer, maar het is ook een album vol prachtige klanken met daar bovenop nog eens de geweldige stem van Jesse Sykes, die direct vanaf de eerste noten diep onder de huid kruipt.
Reckless Burning werd in 2004 gevolgd door Oh, My Girl en in 2007 door Like Love Lust & The Open Halls Of The Soul. Het zijn albums die niet veel onder doen voor Reckless Burning, maar er kan maar één album het beste zijn en dat is wat mij betreft het debuutalbum van Jesse Sykes & The Sweet Hereafter. Na 2007 werd het een tijdje stil rond de Amerikaanse muzikante en haar band, maar in 2011 verscheen het album Marble Son.
Het is een album dat ik pas deze week heb ontdekt en het is een wat ander album dan zijn drie voorgangers met een wat steviger en psychedelischer geluid. Ik vind Marble Son wat minder dan de eerste drie albums van Jesse Sykes & The Sweet Hereafter, maar het album had destijds zeker niet misstaan op de krenten uit de pop.
Na een stilte van maar liefst veertien jaar keren Jesse Sykes en haar band deze week terug met een vijfde album. Forever, I've Been Being Born keert in muzikaal opzicht terug naar het meer ingetogen en roots georiënteerde geluid van de eerste drie albums, maar er is in ruim twintig jaar wel het een en ander veranderd. De stem van Jesse Sykes klinkt wat minder krachtig dan op haar debuutalbum, maar de slijtage van de stembanden zorgt wel voor meer doorleving in haar stem.
Ook Forever, I've Been Being Born heeft zowel de naam van Jesse Sykes als The Sweet Hereafter op de cover staan, maar Phil Wandscher tekent voor de meeste instrumenten die zijn te horen. Het album opent met muziek en vocalen die herinneren aan de folk uit de jaren 60, totdat op de achtergrond zijn gitaar laat ronken en dat is niet de enige keer dat het gitaarspel in positieve zin opvalt.
Het nieuwe album van Jesse Sykes klinkt net als op het vorige album wat psychedelischer dan haar eerste albums en lijkt af en toe zo weggelopen uit de jaren 60 of 70, zeker wanneer flink wat strijkers worden ingezet. Bij eerste beluistering van Forever, I've Been Being Born vond ik vooral het gitaarwerk van Phil Wandscher geweldig en moest ik wat wennen aan de stem van Jesse Sykes, maar na een paar keer horen wist de Amerikaanse zangeres me toch weer te raken met haar stem, die hier en daar gezelschap krijgt van de bijzondere stem van Marissa Nadler.
Forever, I've Been Being Born is een stemmig en bij vlagen bijna weemoedig klinkend album, dat misschien niet de mokerslag uitdeelt die Reckless Burning 23 jaar geleden uitdeelde, maar het is absoluut een mooi en bijzonder album. Het is bovendien een album dat indrukwekkender wordt wanneer je oor hebt voor alle bijzondere details die zijn verstopt in de muziek op het album en al het gevoel in de zang. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Taylor Swift - The Life of a Showgirl (2025) 3,0
29 november 2025, 11:18 uur
stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 3,5 sterren
» details
David Keenan - Modern Mythologies (2025) 4,0
28 november 2025, 15:57 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: David Keenan - Modern Mythologies - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: David Keenan - Modern Mythologies
David Keenan leek aan het begin van 2025 razendsnel uit te groeien tot een ster, maar maakte andere keuzes, die samenkomen op het uitstekende Modern Mythologies, dat laat horen dat zijn droomdebuut geen toevalstreffer was
De eerste twee albums van de Ierse muzikant David Keenan vond ik echt geweldig, maar zijn derde album deed me helemaal niets. Het was vervolgens afwachten of de muzikant uit Dublin weer zou opduiken, maar dat doet hij gelukkig deze week met zijn vierde album Modern Mythologies. Het is een album dat deels herinnert aan zijn eerste twee albums, maar de muziek van David Keenan is op Modern Mythologies wel eigenzinniger en gevarieerder. De Ierse muzikant schrijft nog altijd prachtige teksten en vertolkt ze met veel passie. In muzikaal opzicht is het wat spannender dan op de eerste twee albums, maar uiteindelijk valt alles op zijn plek op de glorieuze terugkeer van David Keenan.
De Ierse muzikant David Keenan debuteerde helemaal aan het begin van 2020 met het geweldige A Beginner's Guide To Bravery. Het is een album dat echt alles heeft dat een sensationeel goed debuutalbum moet hebben. De Ierse muzikant vertelde op zijn debuutalbum indringende verhalen, kleurde deze prachtig in en vertolkte zijn songs ook nog eens met hart en ziel.
Ik schreef er bijna zes jaar geleden het volgende over, maar er zijn veel meer superlatieven te vinden in mijn recensie van het debuutalbum van David Keenan: “A Beginner's Guide To Bravery is een album dat aanzet tot associëren. Ik hoor wat van Van Morrison, David Gray, Tim Buckley, The Waterboys en de briljante Gavin Friday, maar zo kan ik nog wel even doorgaan, zonder dat ik een naam kan noemen die het hele album relevant is. Laten we het er maar op houden dat David Keenan zijn klassiekers kent en alle invloeden verwerkt in een persoonlijk geluid”.
A Beginner's Guide To Bravery werd terecht de hemel in geprezen en een glorieuze carrière van de Ierse muzikant leek slechts een kwestie van tijd. David Keenan gooide vervolgens zijn eigen glazen in met zijn tweede album "WHAT THEN?", dat een wat lastiger album was dan zijn debuutalbum, maar persoonlijk vond ik "WHAT THEN?" nog wat beter dan het al zo goede debuutalbum.
David Keenan kreeg na het matige succes van zijn tweede album mot met zijn platenmaatschappij, die de grootste plannen die het met hem had niet zag uitkomen. De muzikant uit Dublin maakte vervolgens in zijn uppie zijn derde album Crude, maar dat album mistte de magie van zijn twee voorgangers en kreeg terecht veel minder positieve recensies.
Na een filmsoundtrack keert David Keenan deze week terug met Modern Mythologies en met dit album revancheert hij zich wat mij betreft voor het wat mindere Crude. Met Modern Mythologies keert David Keenan deels terug naar het geluid van zijn eerste twee albums, maar gedurende het album wordt snel duidelijk dat de Ierse muzikant nu precies doet waar hij zelf zin in heeft en zich niet meer laat leiden door commerciële motieven.
Modern Mythologies opent toegankelijk met een soulvolle track met blazers, die laat horen dat de erfenis van Van Morrison bij David Keenan in goede handen is. Vervolgens kan het echter alle kanten op en dat hoor je nog wat beter op de luxe editie van het album, die nog wat extra andere wegen verkent.
Grootste kracht van David Keenan blijft zijn stem, die zijn poëtische teksten met heel veel gevoel, passie en expressie vertolkt. Ik hoor er wat in van alle namen die ik hierboven al heb genoemd, maar bij beluistering van Modern Mythologies komen ook David Gray en vooral Rufus Wainwright hier en daar op als vergelijkingsmateriaal en zo kan ik nog wel wat namen noemen.
In muzikaal opzicht kan het bij David Keenan dit keer alle kanten op, van soul en blues tot pop en rock en folk en jazz. De muziek van de Ierse muzikant was in het verleden al zeer intens, maar de intensiteit is op zijn nieuwe album nog wat opgevoerd en doet wel wat denken aan Jeff Buckley. Het zijn nogal wat grote namen die in deze recensie voorbij komen, maar David Keenan is op Modern Mythologies vooral zichzelf en dat is knap. Iedereen die hem na het tegenvallende Crude had afgeschreven moet maar eens snel naar dit nieuwe album gaan luisteren. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Courtney Hartman - With You (2025) 4,0
28 november 2025, 15:51 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Courtney Hartman - With You - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Courtney Hartman - With You
De Amerikaanse muzikante Courtney Hartman heeft met With You een wonderschoon album gemaakt, dat helaas wat tussen wal en schip is gevallen, maar de donkere maanden van het jaar echt prachtig kan verlichten
Zelden heb ik een album gehoord waaraan door zoveel muzikanten is meegewerkt maar dat desondanks zo sober en subtiel klinkt. De stem van Courtney Hartman is op With You vooral zacht, maar wordt fraai gecombineerd met flink wat andere vrouwenstemmen. Ook de muziek op het album is behoorlijk sober, maar het is ook wonderschone muziek vol subtiele details. De songs van Courtney Hartman vragen absoluut om gewenning, maar als je eenmaal gewend bent aan haar stem en de bijzondere muzikale setting, worden de songs op het derde album van de muzikante uit Eau Claire, Wisconsin, heel snel mooier en indrukwekkender. Echt een bijzonder album.
With You van Courtney Hartman verscheen twee weken geleden, maar kwam met enige vertraging op de streaming media platforms terecht. Dat lijkt een klein dingetje, maar het heeft er ongetwijfeld aan bijgedragen dat er tot dusver weinig aandacht was voor het album van de Amerikaanse muzikante. Zelf had ik het album eerlijk gezegd ook alweer doorgestreept toen ik niet aantrof op de streaming media platforms in de week van de release, maar bij toeval kwam ik het album toch nog tegen op Spotify.
De naam Courtney Hartman kwam als eens voor op de krenten uit de pop, want in 2023 was haar stem prominent aanwezig op het album Stranger To The Feeling van Taylor Ashton (nog steeds een aanrader overigens). Courtney Hartman maakte ook een album met deze Taylor Ashton en bracht voor With You ook al twee soloalbums uit. With You is mijn eerste kennismaking met de solomuzikante Courtney Hartman en het is wat mij betreft een bijzonder album.
Het is ook een ambitieus album, want de muzikante uit Eau Claire, Wisconsin, heeft flink wat muzikanten en studiotechnici uitgenodigd voor haar derde album. Zo wist ze een aantal aansprekende gastvocalisten te strikken, onder wie Tift Merritt, Michaela Anne, Emily Frantz , Phoebe Hunt, Watchhouse en Rachel Sermanni. Het zijn zangeressen van naam en faam, die de stem van Courtney Hartman prachtig ondersteunen, wat met grotere regelmaat fraaie harmonieën oplevert.
De gastzangeressen doen dit ondersteunen overigens op zeer subtiele wijze, want de stem van Courtney Hartman, die zelf in alle songs het voortouw neemt, is zacht en gevoelig. Ik was niet direct gecharmeerd van de zang op With You, maar naarmate ik het album vaker hoor komt de zachte zang van de Amerikaanse muzikante makkelijker binnen.
With You is in vocaal opzicht een subtiel album en dat is het ook in muzikaal opzicht. De songs op het derde album van Courtney Hartman zijn voorzien van een voornamelijk ingetogen en zeer subtiel geluid. Dat betekent zeker niet dat With You een Spartaans klinkend album is, want de muziek op het album is zeer smaakvol en rijk in detail. Net als de stem van Courtney Hartman dringt de instrumentatie op With You zich niet nadrukkelijk op, maar de sfeervolle en wat stemmige klanken op het album komen beter tot zijn recht wanneer je de songs van Courtney Hartman vaker hoort.
With You is een album dat gemaakt is voor de vroege ochtend en de late avond en het is bovendien een album dat het goed doet in het huidige seizoen, maar het is ook een album dat het verdient om met aandacht te worden beluisterd. Bij aandachtige beluistering komt de muziek op With You makkelijker tot leven en hoor je goed hoe mooi de stem van Courtney Hartman is.
With You kwam er naar verluidt niet zonder slag of stoot, maar het resultaat mag er zijn. Naast de zang en de muziek zijn ook de songs op het album van hoog niveau. Courtney Hartman deed hiervoor onder andere een beroep als geweldige songwriters als Saran Siskind, Tift Merritt, Ana Egge, Emily Frantz en Dawn Landes, maar ook bij het schrijven van de songs had ze zelf de meeste touwtjes in handen.
Het levert een album op dat past in het hokje Amerikaanse rootsmuziek, maar dat anders klinkt dan de meeste andere albums in dit genre. Het zou echt doodzonde zijn als dit mooie en bijzondere album zou ondersneeuwen. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Few Bits - Brick Houses (2025) 4,0
27 november 2025, 20:41 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Few Bits - Brick Houses - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Few Bits - Brick Houses
De Belgische band Few Bits keert na een stilte van negen jaar terug met haar derde album Brick Houses en het is een album dat in alle opzichten indruk maakt en ook nog eens opvalt door een bijzonder eigen geluid
De muziek van de Belgische band Few Bits is me een jaar of tien geleden niet opgevallen, maar ik ben echt zeer aangenaam verrast door het deze week verschenen Brick Houses. De band was door het moederschap van frontvrouw Karolien Van Ransbeeck een tijdje uit de running, maar keert terug met een album dat anders klinkt dan zijn twee voorgangers. Brick Houses is bij vlagen een melancholisch album, maar de songs van de band klinken ook warm en zonnig. In muzikaal opzicht staat het als een huis, de songs zijn gevarieerd en aansprekend en dan is er ook nog de prachtige stem van Karolien Van Ransbeeck, die de songs van haar band nog wat verder optilt. Prachtig album.
Een week geleden kwam ik een hele positieve recensie tegen van Brick Houses van de Belgische band Few Bits. Niet alleen het album werd zeer positief besproken, maar ook het verleden van de band werd geroemd. Volgens de recensie werd Few Bits in het verleden ‘de Belgische Mazzy Star’ genoemd en waren ook de eerste twee albums van de band van hoge kwaliteit.
De recensie maakte me, alleen vanwege de Mazzy Star verwijzing, heel nieuwsgierig naar het nieuwe en de twee oude albums van Few Bits. Omdat het nieuwe album vorige week nog niet was verschenen, ben ik begonnen bij het titelloze debuutalbum van Few Bits uit 2013. Het is een album dat zowel door de zang als door de muziek inderdaad wel wat doet denken aan Mazzy Star, al klinkt de muziek van Few Bits wel wat zonniger.
Ik begrijp er geen snars van dat ik het album twaalf jaar geleden niet heb ontdekt, want het is een album dat perfect in mijn straatje past. Dat geldt overigens ook en misschien nog wel in sterkere mate voor het in 2016 uitgebrachte Big Sparks, dat wat minder aan Mazzy Star doet denken, maar dat ik desondanks nog een stuk beter vind dan het debuutalbum van de band uit Antwerpen.
Op haar tweede album combineert Few Bits de fluisterzachte zang van frontvrouw Karolien Van Ransbeeck en een vleugje psychedelica met een meer pop georiënteerd geluid met een randje Fleetwood Mac en dat klinkt echt bijzonder aangenaam. Ik heb er door de recensie van het nieuwe album van Few Bits opeens drie geweldige albums bij, want ook het na een stilte van negen jaar verschenen Brick Houses is een album naar mijn hart.
Karolien Van Ransbeeck koos na de doorbraak van de band met Big Sparks voor het moederschap, maar begon twee jaar geleden weer met het schrijven van songs. De band had er voor kunnen kiezen om verder te gaan waar Few Bits negen jaar geleden was gestopt, maar dat is niet gebeurd. Brick Houses klinkt anders dan de twee vorige albums van de band en wat mij betreft heeft de band definitief afscheid genomen van de bijnaam ‘de Belgische Mazzy Star’.
Op het vorige album van Few Bits hoorde ik al een randje Fleetwood Mac en dat is nog veel duidelijker te horen op Brick Houses. De band uit Antwerpen schuift op haar derde album wat verder op richting pop, maar heeft ook gewerkt aan een fraai nieuw eigen geluid, waarin ook ruimte is voor melancholie.
Ik hoor er van alles in, want Brick Houses heeft zich niet alleen laten beïnvloeden door de perfecte pop van onder andere Fleetwood Mac. Door de combinatie van het rijke en veelkleurige gitaarspel op het album en de zang van Karolien Van Ransbeeck hoor ik ook wel wat invloeden uit de dreampop, variërend van de muziek van Lush tot The Sundays om maar eens twee namen te noemen, maar ik hoor soms ook een duidelijke jaren 80 vibe.
Ik was na een paar tracks al verslaafd aan de stem van Karolien Van Ransbeeck, maar ook in muzikaal opzicht is Brick Houses een mooi en interessant album. In de muziek op het album trekt het soms zelfs wat proggy gitaarspel direct de aandacht, maar ook de baslijnen vind ik mooi en hetzelfde geldt voor de bijzonder klinkende synths.
Few Bits heeft een album gemaakt dat soms wat ouderwets klinkt, maar minstens net zo vaak fris en het is een album vol met songs die ik steeds leuker en interessanter ga vinden. Echt een zeer aangename ontdekking dit album van Few Bits. Goed dat de band terug is. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Juana Molina - DOGA (2025) 4,5
26 november 2025, 15:36 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Juana Molina - DOGA - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Juana Molina - DOGA
Juana Molina maakt inmiddels al zo’n 30 jaar hele bijzondere muziek, wat een stapel unieke albums heeft opgeleverd, waar deze week, na een stilte van acht jaar, het bijzonder mooie DOGA aan wordt toegevoegd
Het is knap hoe de Argentijnse muzikante Juana Molina de afgelopen 30 jaar albums met een volstrekt uniek eigen geluid uitbrengt. Het zijn albums die zich in theorie flink ver buiten mijn muzikale comfort zone bewegen en die het experiment stevig omarmen, maar op een of andere manier is de muziek van Juana Molina niet ontoegankelijk. Ze heeft de tijd genomen voor haar nieuwe album DOGA en dat hoor je, want het nieuwe album van Juana Molina loopt over van de goede ideeën. Al die goede ideeën moet je even laten landen, maar vervolgens is DOGA een album waarnaar je wilt blijven luisteren. Het was veel te lang stil rond de Argentijnse muzikante, maar gelukkig is ze terug.
DOGA, het nieuwe album van de Argentijnse muzikante Juana Molina, verscheen in dezelfde week als LUX, het inmiddels in opvallend brede kring erkende meesterwerk van ROSALÍA. Beide albums zijn voor een belangrijk deel Spaanstalig en bijzonder eigenzinnig, maar waar LUX met een ongekende hoeveelheid 5-sterren recensies de hemel in is geprezen, bleef het relatief stil rond DOGA, al merkte een deel van de Britse muziekpers het album gelukkig wel op, met de eretitel ‘album van de maand’ in het Britse muziektijdschrift Uncut als hoogtepunt.
Nu heeft Juana Molina natuurlijk niet dezelfde status al wereldster ROSALÍA, maar de muziek van de Argentijnse muzikante schreeuwt al wel een aantal jaren om aandacht. Ik vond de muziek van Juana Molina bij de eerste kennismaking bijzonder, maar niet echt mijn ding, maar al snel raakte ik in de ban van Segundo (2000), Tres Cosas (2002), Son (2006) en Un Día (2008). De afgelopen twaalf jaar was ik misschien nog wel meer onder de indruk van haar vorige twee albums, Wed 21 uit 2013 en Halo uit 2017. Op het eerstgenoemde album schuurt de Argentijnse muzikante hier en daar tegen de folkpop aan, terwijl het tweede album wat experimenteler van aard is en meer invloeden uit de Latin muziek bevat.
Het laatste album van de muzikante uit Buenos Aires was inmiddels acht jaar oud, maar met DOGA is eindelijk weer een nieuw album verschenen. Ook DOGA is een eigenzinnig album dat niet past in bestaande hokjes, maar net als Wed 21 en Halo is het ook een album dat een groot deel van de tijd best toegankelijk mag worden genoemd, al is toegankelijk in het muzikale universum van Juana Molina een relatief begrip.
Op DOGA heeft de Argentijnse zich vooral omringd met elektronica, die in verschillende gedaanten uit de speakers komt. De ingezette elektronica is soms tegendraads en schurend, maar tekent op hetzelfde moment voor zwoele ritmes, die de Latin invloeden in de muziek van Juana Molina aan de oppervlakte brengen. Het doet af en toe wat psychedelisch aan, maar Juana Molina is ook niet vies van dromerige klankentapijten.
DOGA krijgt hier en daar ook het album folktronica opgeplakt en daar is wel wat voor te zeggen, al maakt Juana Molina, mede door de Spaanstalige teksten, folktronica die geen aanknopingspunten biedt met andere albums in het genre. DOGA is vanaf de eerste noten een spannend album dat de fantasie heel stevig prikkelt. Veel tracks op het album zijn lang tot zeer lang, waardoor de tien songs in 55 minuten muziek, maar zelden aansluiten bij de toegankelijke popsongs met een kop en een staart.
En toch is DOGA een album dat lekker in het gehoor ligt en goed is voor een spannende maar ook aangename luistertrip. Het is een luistertrip waarin heel veel valt te ontdekken, want achter de lagen elektronica zitten ook nog fraaie gitaar- en strijkerspartijen verstopt. De arrangementen op DOGA zijn zeker niet alledaags, maar wat zijn ze mooi en bijzonder. Het is misschien even wennen aan de bijzondere klanken, maar wanneer je eenmaal in de flow van het album komt, laat de muziek van Juana Molina je niet makkelijk meer los.
In muzikaal opzicht is DOGA een fascinerend album en het is een album dat aan kracht wint door de bijzondere zang van Juana Molina en haar Spaanstalige teksten. DOGA wordt hier en daar net als LUX van ROSALÍA een meesterwerk genoemd en daar is wat voor te zeggen. Nu maar hopen dat Juana Molina met haar nieuwe album de aandacht trekt, al is het maar een fractie van de aandacht die haar Spaanse collega de afgelopen weken krijgt. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Wreckless Eric - England Screaming (2025) 4,0
26 november 2025, 15:27 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Wreckless Eric - England Screaming - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Wreckless Eric - England Screaming
Wreckless Eric leverde de afgelopen tien jaar uitstekende albums af en ook met de nieuwe versies van songs die hij halverwege de jaren 80 maakte met een inmiddels vergeten band maakt de Britse muzikant weer makkelijk indruk
England Screaming van Wreckless Eric ontbrak de afgelopen week in nogal wat releaselijsten, maar het is een album dat absoluut de aandacht verdient. Bij de naam Wreckless Eric denkt menigeen nog altijd aan de cultheld uit de hoogtijdagen van de punk en de new wave, maar wat mij betreft maakte de van oorsprong Britse muzikant de afgelopen tien jaar zijn beste albums. Ook het deze week verschenen England Screaming bevalt me weer uitstekend. Het is een album dat naadloos aansluit op de vorige Wreckless Eric albums en dat is bijzonder, want de songs op England Screaming zijn veertig jaar oud. Destijds wilde niemand er naar luisteren, maar het is tijd voor eerherstel.
Wreckless Eric was lange tijd vooral een vergeten cultheld uit de late jaren 70 en de vroege jaren 80. Met The Wonderful World Of Wreckless Eric en Wreckless Eric uit 1978 en Big Smash! uit 1980 bracht hij drie albums uit op het fameuze label Stiff Records. Het zijn drie albums die werden omarmd door de opkomende new wave beweging en door de critici. Achteraf bezien kun je je afvragen wat er nu precies new wave was aan de albums van de Britse muzikant en persoonlijk vraag ik me ook wel af waar de albums nu precies de cultstatus aan verdienden, want echt onder de indruk ben ik niet.
Ik kwam Wreckless Eric zelf pas weer tegen toen hij tien jaar geleden het album AmERICa uitbracht en dat vond en vind ik echt een fantastisch album. Het is een album waarop de op dat moment al lange tijd in de Verenigde Staten woonachtige muzikant zijn liefde voor de Britse gitaarbands uit de late jaren 60 en vroege jaren 70 etaleerde en dat deed hij met geweldige songs.
De tweede jeugd van Wreckless Eric hield de afgelopen tien jaar aan met de eveneens uitstekende albums Construction Time And Demolition (2018) en Leisureland (2023), die niet onder deden voor AmERICa. Deze week keert de van oorsprong Britse muzikant terug met een nieuw album, England Screaming.
Helemaal nieuw is het album overigens niet, want iedereen die Wreckless Eric is blijven volgen na zijn eerste drie albums, en dat waren er niet veel, kent mogelijk de songs op het deze week verschenen album. Toen Wreckless Eric na het uitblijven van succes van zijn eerste drie albums aan de kant werd gezet door Stiff Records, formeerde hij samen met twee leden van The Blockheads, de band van Ian Dury, onder zijn eigen naam, Eric Goulden, de band Captains Of Industry.
Het debuutalbum van de band, het in 1985 verschenen A Roomful Of Monkeys, deed niet veel, mede omdat twee bandleden terugkeerden naar Ian Dury voordat het album goed en wel verschenen was, maar ook de critici en het publiek moesten er niets van hebben. De songs hebben Wreckless Eric zelf nooit los gelaten en naar verluidt vindt hij zelf dat hij de kunst van het schrijven van songs pas onder de knie kreeg na zijn eerste drie albums.
Op England Screaming staan nieuwe versies van bijna alle songs op A Roomful Of Monkeys van Captains Of Industry. Ik ken het originele album niet en dit is ook niet te vinden op de streaming media platforms, maar als ik luister naar England Screaming luister, begrijp ik wel waarom het album in 1985 niets deed.
De songs van de Britse muzikant staan immers mijlenver af van de muziek die halverwege de jaren 80 populair was en nemen je mee naar de hoogtijdagen van de Britse gitaarmuziek uit de late jaren 60 en vroege jaren 70. Denk aan The Beatles, The Stones, The Who en The Kinks, waarmee England Screaming naadloos aansluit op de vorige albums van Wreckless Eric.
Ik denk dat ik er in 1985 niet veel aan zou hebben gevonden, maar in 2025 klinken de songs van veertig jaar geleden heerlijk. Wreckless Eric heeft de vergeten songs fraai opgepoetst en vertolkt ze met veel energie. Als ik naar de eerste drie albums van de Britse muzikant luister hoor ik eerlijk gezegd niet zoveel bijzonders, maar in 1985 had Wreckless Eric het schrijven van memorabele popsongs absoluut onder de knie. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Keaton Henson - Parader (2025) 4,0
25 november 2025, 18:57 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Keaton Henson - Parader - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Keaton Henson - Parader
De Britse muzikant Keaton Henson zit vaak dicht tegen mijn allergiezone aan, maar hij weet me af en toe ook te overtuigen met bijzonder mooie albums en ook het deze week verschenen Parader is er wat mij betreft weer een
Het was alweer vijf jaar geleden dat ik voor het laatst iets had met de muziek van de toch behoorlijk productieve Keaton Henson. Ik kon tot 2016 niet heel goed overweg met de albums van de Britse muzikante, maar vervolgens maakte hij twee prachtalbums op rij. Vervolgens overtuigde Keaton Henson me helaas een tijd lang niet, maar ik ben zeer gecharmeerd van zijn nieuwe album Parader. Keaton Henson grijpt dit keer naar de elektrische gitaar, maar desondanks is Parader ook deels een behoorlijk ingetogen album. Het is een wat donker album, maar de songs zijn echt prachtig en ook met de zang kan ik dit keer uitstekend uit de voeten.
Ik heb tot dusver een wat moeizame relatie met de muziek van de Britse muzikant Keaton Henson, die al sinds zijn debuutalbum uit 2010 kan rekenen op zeer lovende woorden van de critici. Zijn debuutalbum Dear uit 2010 vond ik in muzikaal opzicht mooi, maar ik was minder enthousiast over de zang, die ik wat overdreven en wat pieperig vond. Die stem zat me ook in de weg bij beluistering van het verstilde Birthdays uit 2013, dat me op een of andere manier echter ook wel intrigeerde.
De Britse muzikant experimenteerde vervolgens onder de naam Behaving met elektronica en was mij helemaal kwijt, maar het in 2016 verschenen Kindly Now vond ik een prachtig album. Op dit album combineerde Keaton Henson op bijzondere wijze elektronica met rijk georkestreerde klanken en maakte hij ook in vocaal opzicht makkelijk indruk.
Ook het in 2020 uitgebrachte Monument wist me eenvoudig te overtuigen, maar dat lukte Keaton Henson weer niet met House Party uit 2023, waarop hij experimenteerde met een lichtvoetiger en wat mij betreft weinig onderscheidend geluid. Het instrumentale Somnambulant Cycles wist mijn aandacht vervolgens ook niet vast te houden, waardoor het deze week verschenen Parader het eerste Keaton Henson album is dat ik bespreek sinds het vijf jaar oude Momument.
Op Parader keert de Britse muzikant weer wat terug naar het geluid van de twee albums die ik wel hoog heb zitten, al klinkt Parader wel flink anders dan Kindly Now en Monument. Op deze twee albums was de muziek van de Britse muzikant vooral ingegoten en bij vlagen zelfs verstild. Ook Parader heeft zijn ingetogen momenten, maar de muziek van Keaton Henson bevat dit keer ook flink wat ruwere uitbarstingen.
De muzikant uit Londen zweerde in het verleden bij de akoestische gitaar, de piano en flink wat strijkers, maar op zijn nieuwe album heeft hij de elektrische gitaar omarmd. Dat levert af en toe lekker gruizig gitaarwerk op, maar ook op een elektrische gitaar kun je fraaie ingetogen gitaarakkoorden spelen.
Zeker als Keaton Henson het tempo laag houdt en de inkleuring van songs betrekkelijk sober is, is Parader niet eens zo heel ver verwijderd van mijn twee favoriete albums van de Britse muzikant uit het verleden, maar dat is anders wanneer het gitaarspel voller en steviger wordt.
Ik had in het verleden wel eens moeite met de stem van Keaton Henson, maar ik vind zijn stem nu veel mooier dan op zijn vroege albums. Het is een stem die zich dit keer met grote regelmaat laat ondersteunen door zachte vrouwenstemmen en dat is wat mij betreft een combinatie die echt geweldig uitpakt.
Parader klinkt weer wat anders dan de vorige albums van Keaton Henson en dat is ook precies wat je verwacht van de Britse muzikant, maar wat is gebleven is de hoge kwaliteit van de songs. Ook op Parader overtuigt Keaton Henson immers weer met wonderschone songs. Het zijn nog altijd persoonlijke en wat donkere of zelfs weemoedige songs, maar het zijn ook songs die de ruimte verwarmen op een koude winteravond.
Ik vind de switch naar de elektrische gitaar het mooist wanneer de Britse muzikant zijn songs redelijk ingetogen houdt en hier en daar raakt aan Elliott Smith, maar ook de wat gruizigere passages hebben wel wat. Keaton Henson weet me vaker niet dan wel te raken met zijn muziek, maar Parader vind ik voor de afwisseling weer eens een bijzonder mooi album. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Glitterpaard - Thursday (2025) 4,5
24 november 2025, 17:02 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Glitterpaard - Thursday - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Glitterpaard - Thursday
De Belgische band Glitterpaard bracht in 2022 een indrukwekkend mooi debuutalbum uit en overtrof dat album een maand of drie geleden met het wat mij betreft nog veel betere en echt betoverend mooie Thursday
Ik kan niet meer achterhalen waardoor Thursday van Glitterpaard drie maanden geleden uit mijn selectie viel. Met de kwaliteit van het album had het in ieder geval niets te maken, want ik vind het tweede album van de Belgische band al drie maanden prachtig. Thursday is nog wat beter dan het debuutalbum van de band en schuift qua niveau nog wat dichter tegen de albums van voorbeelden als dEUS en natuurlijk Sparklehorse aan. De band uit Antwerpen kiest dit keer voor songs die in muzikaal opzicht behoorlijk zijn volgestopt en dat doen ze ook in vocaal opzicht, zeker wanneer Sarah Pepels nog een laagje toevoegt . Het levert elf songs op die je eindeloos wilt koesteren.
Van de week vroeg iemand me waarom ik in het september verschenen tweede album van de Belgische band Glitterpaard niet heb besproken op de krenten uit de pop. Ik was er eerlijk gezegd van overtuigd dat ik dat wel had gedaan, want ik vind Thursday al sinds de week van de release echt een fantastisch album. Het tweede album van Glitterpaard is op een of andere manier helaas tussen wal en schip gevallen in september en dat is zeer spijtig.
Ik maak het nu goed, want een album dat wat mij betreft jaarlijstjeswaardig is mag natuurlijk niet ontbreken op deze site. De Belgische band Glitterpaard begon meer dan tien jaar geleden als een Sparklehorse tribute band, waardoor de geweldige naam Glitterpaard voor de hand lag. De band uit Antwerpen is al lang geen Sparklehorse tribute band meer en debuteerde in het voorjaar van 2022 prachtig met een titelloos album. Het is een album dat bij mij associaties opriep met een aantal grote Belgische bands, waaronder in ieder geval dEUS.
Het debuutalbum van Glitterpaard haalde in 2022 mijn jaarlijstje en dat kunstje gaat de band drie jaar later absoluut herhalen met Thursday. Glitterpaard bestaat uit muzikanten die hun sporen ruimschoots hebben verdiend in de rijke Belgische muziekscene en dat hoor je. Thursday klinkt nog wat veelzijdiger dan het debuutalbum van de band en staat vol met geweldige songs. Het zijn songs die soms wat meer naar binnen zijn gekeerd, maar het album bevat ook een aantal wat ruwere songs.
De band heeft Thursday zelf geproduceerd en heeft knap werk geleverd. Thursday is een album met een bijzondere sfeer en het is een sfeer die iets toevoegt aan de songs van Glitterpaard. Ik heb nog steeds associaties met de muziek van dEUS en hoor ook zeker nog echo’s van Sparklehorse, maar na twee albums bestaat er ook zoiets als een Glitterpaard sound en het is een zeer aansprekende sound.
De band beschikt in de personen van Philip Bosschaerts en Johan Verckist over twee uitstekende zangers, maar sinds Sarah Pepels de band Portland achter zich heeft gelaten is ook haar rol gegroeid. Met name in de wat meer laidback songs op het album is de zang echt bijzonder mooi. Dat geldt overigens niet alleen voor de zang, want ook in muzikaal opzicht maakt Glitterpaard veel indruk als het wat meer ingetogen speelt.
De wat ruwere songs op het album zijn wat meer rechttoe rechtaan, maar zorgen wel voor dynamiek. Nog veel meer dan op haar debuutalbum heeft de band uit Antwerpen haar muziek volgestopt met bijzondere geluiden en onverwachte wendingen, wat de songs op Thursday voorziet van een bijzondere spanning. Net als Sparklehorse schakelt Glitterpaard hierbij makkelijk tussen wonderschone en juist behoorlijk ruwe passages.
Er gebeurt echt ongelooflijk veel op Thursday, maar het tweede album van Glitterpaard is ook een album met songs die je een voor een dierbaar worden en vervolgens ook blijven. De beste songs op het album zijn echt weergaloos mooi, luister alleen maar eens naar de openingstrack, maar de rest doet er nauwelijks voor onder.
De Belgische band had de lat best hoog gelegd met haar drieënhalf jaar geleden verschenen debuutalbum, maar ik vind Thursday nog mooier en indrukwekkender. De eregalerij van de Belgische popmuziek is goed gevuld geraakt de afgelopen decennia, maar op basis van haar eerste twee albums verdient Glitterpaard absoluut een plekje op deze galerij. Ik ben veel te laat met mijn recensie van Thursday, maar gelukkig ben ik nog wel ruim op tijd voor mijn jaarlijstje. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
U2 - Boy (1980) 4,5
23 november 2025, 19:53 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: U2 - Boy (1980) - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: U2 - Boy (1980)
U2 zou in de jaren 80 razendsnel uitgroeien tot een band die stadions kon vullen, maar het begon in 1980 klein met Boy, waarop de blauwdruk is te vinden van het uit duizenden herkenbare geluid van de band
Ik had echt al heel lang niet meer naar Boy van U2 geluisterd. Enerzijds omdat ik niet zoveel meer heb met de muziek van de Ierse band en anderzijds omdat ik andere favorieten heb of dacht te hebben in het oeuvre van de band. Boy verscheen aan het begin van de jaren 80 en klonk anders dan de meeste andere albums van dat moment. U2 gebruikte geen synths in haar muziek en had een bijzonder spelende ritmesectie. Het meest in het oor sprong het ruimtelijke en heldere gitaarwerk van The Edge, dat U2 haar unieke geluid gaf. De band beschikte ook nog eens over een charismatische zanger, waardoor het succes niet uit kon blijven en dat deed het dan ook niet, maar het begon allemaal met Boy.
Ik ben al heel lang niet meer geïnteresseerd in de muziek van U2. Het laatste album van de Ierse band dat ik echt van begin tot eind goed vond is Achtung Baby en dat album is volgend jaar alweer 35 jaar oud. Als ik naar U2 luister koos ik tot voor kort uitsluitend voor The Joshua Tree, dat ik met afstand het beste album van de band vond en vind. Een tijdje geleden pakte ik echter ook Boy, het debuutalbum van de band uit 1980, er weer eens bij en sindsdien is ook de liefde voor dat album weer flink opgebloeid.
Boy verscheen in de herfst van 1980 en deed in eerste instantie buiten Ierland niet zo heel veel. Dat veranderde toen de band op 8 juni 1981 op het toen nog eendaagse Pinkpop festival stond. De Ierse band stond in de ochtend geprogrammeerd en maakte een onuitwisbare indruk met een flinke dosis jonge honden energie en een bijzonder eigen geluid. Het zou vervolgens snel gaan voor U2, dat in een paar jaar tijd zou uitgroeien tot een wereldberoemde band.
Ik weet niet meer precies wanneer ik Boy ontdekte, maar het was volgens mij voor dat legendarische optreden op Pinkpop. Aan het begin van de jaren 80 waren vooral de synths hip, maar daar deed U2 niet aan. De band uit Dublin vertrouwde op de beproefde combinatie van gitaar, bas en drums, maar klonk anders dan de andere gitaarbands van die tijd en de gitaarbands uit de decennia die er aan vooraf gingen.
Als ik nu luister naar Boy vind ik het geluid van U2 op haar debuutalbum nog steeds bijzonder. Het is een geluid dat langzaam maar zeker evolueerde in een nogal mainstream pop en rock geluid, maar op Boy hoor ik een unieke eigen stijl. Het is een stijl die deels wordt bepaald door het stuwende baswerk van Adam Clayton, door de opvallend roffelende drums van Larry Mullen Jr. en hier en daar een xylofoon, maar het is vooral het gitaarwerk van The Edge dat Boy zo’n uniek eigen geluid geeft.
U2 laat zich op haar debuutalbum zeker beïnvloeden door andere gitaarmuziek van dat moment, maar de ruimtelijke en wat galmende gitaarakkoorden van The Edge zorgen voor een unieke sfeer. The Edge zou zijn gitaarwerk in de jaren die volgden verder perfectioneren, maar persoonlijk vind ik zijn gitaarspel op Boy het mooist en bijzonderst, zeker wanneer hij ingetogen en ruimtelijke akkoorden speelt. De zang van Bono ging me naarmate U2 beroemder werd steeds meer irriteren, maar op Boy hoor ik wel de nodige bravoure, maar klinkt de zanger van U2 nog niet zo pathetisch. als in later dagen.
Boy is niet over de hele linie even sterk, maar bevat een aantal geweldige songs. Ik ben nooit zo gek geweest op I Will Follow en het album bevat nog een aantal van dit soort rechttoe rechtaan rocksongs, maar alleen al de serie Twilight, An Cat Dubh, Into The Heart en Out Of Control is geweldig en laat horen dat de muziek van U2 niet alleen energiek is, maar ook durft te experimenteren en durft te spelen met dynamiek.
U2 zou de lijn van Boy nog even doortrekken op October en War en zou vervolgens andere wegen verkennen met The Unforgettable Fire en The Joshua Tree. October staat lager aangeschreven dan Boy, maar War wordt over het algemeen hoger ingeschat dan het debuutalbum van de Ierse band. Ik heb er nog eens met de oren van nu naar geluisterd en kies zonder enige twijfel voor Boy, waarop de band een voor een debuutalbum ongekend grootse vorm liet horen. De rest kwam vanzelf. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Tobias Jesso Jr. - Goon (2015) 5,0
23 november 2025, 10:08 uur
stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 4,5 sterren
» details
Tobias Jesso Jr. - Shine (2025) 4,0
23 november 2025, 10:06 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Tobias Jesso Jr. - shine - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Tobias Jesso Jr. - shine
Tobias Jesso Jr. koos na zijn fantastische debuutalbum Goon voor een bestaan als songwriter voor anderen, maar ruim tien jaar na zijn glorieuze debuut keert de Canadese muzikant toch nog terug met nieuwe songs
Na ruim tien jaar wachten is de opvolger van het prachtige Goon van Tobias Jesso Jr. op het eerste gehoor wat mager met slechts acht songs en nog geen half uur muziek, maar na enige gewenning is het een mooi en bijzonder album. De Canadese muzikant schreef de wereldhits de afgelopen tien jaar voor anderen en komt op shine met een aantal zeer persoonlijke en spaarzaam ingekleurde songs op de proppen. Op shine hoor je vooral de piano van Tobias Jesso Jr. en zijn stem en de meeste songs op het album lijken eerder demo’s dan goed uitgewerkte songs. Dat valt op het eerste gehoor misschien een beetje tegen, tot je de ruwe schoonheid van de nieuwe songs van deze geweldige songwriter ontdekt.
De Canadese muzikant Tobias Jesso Jr. debuteerde in het voorjaar van 2015 met het album Goon. Het is een album dat zich stevig heeft laten beïnvloeden door de grote singer-songwriters uit de jaren 70. Daarmee liet Tobias Jesso Jr. in 2015 zeker geen uniek geluid horen, want ik heb stapels albums die de mosterd halen bij de grote voorbeelden uit het verre verleden.
Wat Goon zo uniek maakte is dat het album niet onder deed voor de klassiekers van weleer. Ik omschreef Goon als een album dat het beste van Elton John, Paul McCartney, Randy Newman, Harry Nilsson, Billy Joel, John Lennon en, vooruit, Gilbert O'Sullivan combineert en ik noemde het bovendien een album dat ook zomaar door Bernie Taupin of George Martin geproduceerd zou kunnen zijn. Dat zijn hele grote woorden, maar als ik nu naar Goon luister, sta ik er nog steeds voor 100% achter.
Tobias Jesso Jr. verdiende een hoog cijfer voor de uitvoering, maar haalde de perfecte score voor zijn geweldige songs, die ik nog altijd stuk voor stuk koester. Als ik tien jaar geleden de toekomst van de Canadese muzikant had moeten voorspellen, zou ik hebben voorspeld dat hij in 2025 een stapeltje prachtige albums op zijn naam zou hebben staan en zou zijn uitgegroeid tot een wereldster. Het liep grotendeels anders.
Tobias Jesso Jr. vond het zelf in de spotlights staan maar niets en deed een stapje terug. In plaats van zijn eigen muziek te maken begon hij met het schrijven van songs voor anderen. Dat leverde hem uiteindelijk een Grammy op en bovendien een lijst met songs voor wereldsterren waarmee ik de rest van deze recensie makkelijk kan vullen.
De muzikant Tobias Jesso Jr. leek voorgoed verdwenen, maar deze week verschijnt, in ieder geval voor mij uit het niets, een gloednieuw album van de Canadees. Na ruim tien jaar wachten is shine met slechts acht songs en net iets meer dan 29 minuten aan de korte kant, maar er is alle reden om blij te zijn met het tweede album van de songwriter uit Vancouver.
Met shine zal Tobias Jesso Jr. de wereldsterren voor wie hij songs schrijft niet in de wielen rijden, want er staan geen potentiële hits op het album, althans niet in de huidige vorm. Met shine heeft de Canadese songwriter een uiterst sober album afgeleverd, waarop vooral zijn piano en zijn stem zijn te horen. Er is wat hulp van onder andere Danielle Haim en Justin Vernon, maar het grootste deel van de tijd hoor je alleen hoor je Tobias Jesso Jr. in zijn uppie.
Het klinkt buiten de wat vreemde uitbarstingen in I Love You allemaal zo sober dat shine ook een serie ruwe demo’s zou kunnen zijn, maar ik heb het liever over ruwe diamanten. Ook op shine laat Tobias Jesso Jr. horen dat hij een groot songwriter is en dat hij zijn songs bovendien prachtig kan vertolken. Met wat meer slijpwerk had shine een album van het kaliber van Goon kunnen zijn, maar wanneer de ruwe songs op het nieuwe album binnen komen, komen ze ook hard binnen.
Het zijn persoonlijke songs over een aantal belangrijke gebeurtenissen in het leven van Tobias Jesso Jr. en ook voor een gevierd songwriter gaat het leven niet altijd over rozen. Na tien jaar wachten is shine misschien niet waarop iedereen gehoopt had, maar neem de tijd voor het tweede album van de Canadese muzikant en je komt er snel achter dat hij wederom een serie prachtige songs heeft afgeleverd. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Clover County - Finer Things (2025) 4,0
22 november 2025, 11:41 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Clover County - Finer Things - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Clover County - Finer Things
De Amerikaanse band Clover County had de pech dat haar debuutalbum verscheen in een week met heel veel grote releases, waardoor het werkelijk uitstekende Finer Things helaas wat is ondergesneeuwd
Er is niet heel veel geschreven over Finer Things van Clover County. Dat is niet alleen jammer, maar het is ook best bijzonder. De band rond zangeres A.G. Schiano heeft immers een album gemaakt dat een breed publiek moet kunnen aanspreken. De mix van vooral folk en pop met hier en daar een beetje country klinkt bijzonder aangenaam en dringt zich makkelijk op. Het is de verdienste van de warme klanken en de prima productie, waarna de mooie stem van de frontvrouw van de band het debuutalbum van Clover County nog wat verder optilt. Het heeft hier en daar wel wat van Kacey Musgraves en dat zou genoeg moeten zeggen over de kwaliteit van dit album.
Finer Things van Clover County verscheen eind september in een week met krankzinnig veel interessante nieuwe albums, waaronder albums van een aantal persoonlijke favorieten. Ik heb destijds daarom maar half geluisterd naar het debuutalbum van Clover County, maar vorige week kwam ik het album bij toeval weer tegen. Bij de hernieuwde kennismaking was ik eigenlijk best onder de indruk van het album van de band uit Athens, Georgia, en dat ben ik nog steeds.
Clover County is de band rond zangeres en muzikante A.G. (Amanda Grace) Schiano, die voor de productie van het debuutalbum van haar band een beroep deed op Carrie K, die ik eigenlijk alleen ken van het uitstekende debuutalbum van Maggie Antone. Het album van Maggie Antone is een album dat zo lijkt weggelopen uit de jaren 70, maar het debuutalbum van Clover County is een album dat met beide benen in het heden staat.
Bij beluistering van Finer Things had ik vrijwel onmiddellijk associaties met de muziek van Kacey Musgraves en ik ben zeker niet de enige. Dat ligt niet direct aan de zang op het album, want de stem van A.G. Schiano lijkt niet echt op die van Kacey Musgraves. De stem van de frontvrouw van Clover County betovert misschien net wat minder dan de engelenstem van Kacey Musgraves, maar ook A.G. Schiano beschikt over een hele mooie en licht bedwelmende stem, die op zijn mooist is wanneer ze fluisterzacht zingt. Het is een stem die Finer Things voorziet van een aangenaam laidback en behoorlijk verslavend karakter, dat steeds lastiger te weerstaan is.
In muzikaal opzicht zit het debuutalbum van Clover County wat dichter tegen de albums van Kacey Musgraves aan. Finer Things bevat flink wat invloeden uit de country en met name de folk, maar deze invloeden zijn overgoten met een subtiel laagje pop. Daar moet je gevoelig voor zijn, maar ik omarmde de warme en sfeervolle klanken op het album echt onmiddellijk.
Zeker als het laagje pop wat subtieler is maakt Clover County redelijk pure Amerikaanse rootsmuziek, maar ook in dat geval vind ik het meer popsongs dan rootssongs. Ik beschouw dat overigens als een compliment. Het luistert allemaal bijzonder lekker weg, maar A.G. Schiano staat ook voor kwaliteit. De Amerikaanse muzikante heeft het debuutalbum van haar band niet alleen voorzien van sfeervolle klanken en mooie zang, maar ook van zeer aansprekende songs.
Het zijn songs die me inmiddels bijna allemaal dierbaar zijn en steeds dierbaarder worden. Zeker als A.G. Schiano wat extra gevoel toevoegt aan haar zang en op de achtergrond ook nog een pedal steel opduikt, zoals in het fraaie Blue Suede Eyes, dat meerdere verwijzingen naar Elvis bevat, pakt Clover County me echt volledig in en heb ik in dit jaar zonder nieuwe muziek van Kacey Musgraves een perfect alternatief gevonden.
Het is jammer dat het debuutalbum van Clover County is verschenen in een week waarin de concurrentie moordend was, want Finer Things lijkt wat ondergesneeuwd door al het muzikale geweld eind september. Het is doodzonde, want A.G. Schiano laat op het debuutalbum van haar band horen dat ze een groot talent is. Liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek die niet vies zijn van een randje pop of hier zelfs een zwak voor hebben, moeten absoluut eens luisteren naar dit uitstekende album. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Allie X - Happiness Is Going to Get You (2025) 4,0
21 november 2025, 15:12 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Allie X - Happiness Is Going To Get You - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Allie X - Happiness Is Going To Get You
De Canadese muzikante Allie X slaat op haar nieuwe album nieuwe wegen in en laat een minder door elektronica gedomineerd geluid horen, waarin de hoge kwaliteit van haar popsongs nog wat beter tot zijn recht komt
Ik vond de muziek van Allie X tot dusver wel interessant, maar ook niet helemaal mijn ding, al was haar vorige album een twijfelgeval. Het deze maand verschenen Happiness Is Going To Get You bevalt me een stuk beter. Wanneer Alexandra Ashley Hughes achter de piano kruipt laat ze een singer-songwriter geluid horen, maar ze is ook nog altijd niet vies van frisse pop. Het klinkt allemaal aangenaam en toegankelijk, maar de songs van Allie X zijn ook knappe popsongs vol verrassende wendingen. Ik was eigenlijk direct gecharmeerd van het nieuwe album van de Canadese muzikanten, maar hoorde pas na een paar keer hoe goed Happiness Is Going To Get You eigenlijk is.
Er verschenen de afgelopen weken nogal wat popalbums die ik op het eerste gehoor leuk en interessant vond, maar die zich uiteindelijk toch net wat te ver buiten mijn muzikale comfort zone bewogen. Nu is die comfort zone wanneer het gaat om pop best breed, zeker wanneer er zangeressen in het spel zijn, maar de grenzen zijn ook vrij strikt, waardoor een album zomaar over de rand kan vallen.
Dat gebeurde met de eerste drie albums van de Canadese muzikante Allie X, al heb ik over het vorig jaar verschenen Girl With No Face lang getwijfeld. Dat had alles te maken met de bij vlagen behoorlijk onweerstaanbare jaren 80 vibe op dat album, maar uiteindelijk liet ik ook het derde album van Allie X liggen.
Ik had dan ook niet verwacht dat ik het onlangs verschenen Happiness Is Going To Get You wel op zou pikken, maar op haar nieuwe album laat het alter ego van de Canadese muzikante Alexandra Ashley Hughes een net wat ander geluid horen. Het is een geluid waarin elektronica een veel minder prominente rol speelt of in ieder geval wat minder zwaar is aangezet en dat bevalt me over het algemeen wel.
Vergeleken met de vorige albums van Allie X klinkt Happiness Is Going To Get You een stuk subtieler. Een aantal songs is meer piano georiënteerd en schuift voorzichtig op richting singer-songwriter muziek, maar ook als de Canadese muzikante haar songs wel wat voller inkleurt, is het veel minder zwaar dan op haar vorige albums.
Alexandra Ashley Hughes is een klassiek geschoolde muzikante en dat hoorde je op haar vorige albums. Je hoort het nog veel beter op het nieuwe album van Allie X, dat veel meer ruimte biedt aan muzikaal experiment. Dat betekent niet dat de elektronische pop helemaal is verdwenen, want ook Happiness Is Going To Get You bevat een aantal songs waarin elektronica en pop domineren, al klinken ook deze songs anders dan de songs die we tot dusver kenden van Allie X.
Wat vooral opvalt bij beluistering van het nieuwe album van Allie X is hoe gevarieerd het album klinkt. Er is ruimte voor bijna lieflijke en bijzonder lichtvoetige popsongs, maar het album bevat ook songs die je vaker moet horen voor ze beklijven. Dat beklijven was voor mij het probleem met de vorige albums van de muzikante die Canada inmiddels heeft verruild voor Los Angeles.
De vorige albums van Allie X klonken lekker, maar er bleef bij mij niet veel hangen. Dat is anders op Happiness Is Going To Get You, dat wat mij betreft meer memorabele songs bevat. Ik heb zelf wel wat met de songs waarin de piano en de stem van Allie X centraal staan en die me af en toe doen denken aan Tori Amos, maar ook de wat zoetere popsongs op het album kan ik goed hebben.
Het klinkt allemaal zeer toegankelijk, maar Happiness Is Going To Get You zit veel knapper in elkaar dan je bij oppervlakkige beluistering kunt vermoeden. Zet de koptelefoon op en je hoort veel beter hoe inventief de popsongs van Allie X zijn en hoe mooi haar stem is.
Happiness Is Going To Get You bewijst maar weer eens dat je een album niet bij voorbaat al moet afschrijven. Ik had misschien niet heel veel met de vorige albums van Allie X, maar haar vierde album is wat mij betreft een 24-karaat popalbum en Happiness Is Going To Get You is er ook nog eens een die alleen maar leuker en aantrekkelijker wordt. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Amy Jay - Mnemonics (2025) 4,5
21 november 2025, 14:34 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Amy Jay - Mnemonics - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Amy Jay - Mnemonics
Amy Jay is een van de vele jonge vrouwelijke singer-songwriters die haar muziek aan de man probeert te brengen, maar als je wat vaker naar Mnemonics luistert hoor je dat de Amerikaanse muzikante er in kwalitatief opzicht uitspringt
Mnemonics van Amy Jay klonk bij eerste beluistering direct als een warm bad. Dat is absoluut aangenaam, maar ook net wat minder spannend dan een album dat dingen doet die je niet had verwacht. Het is wel raadzaam om wat vaker naar het nieuwe album van Amy Jay te luisteren, want de muzikante uit New York kleurt zeker niet alleen maar binnen de lijntjes. De songs op Mnemonics zijn veelzijdig en zitten knap in elkaar. De muziek op het album is prachtig en de stem van Amy Jay nog wat mooier. Ik aarzelde in eerste instantie wat, maar inmiddels is voor mij duidelijk dat Mnemonics van Amy Jay ruimschoots boven het maaiveld uitsteekt en een breed publiek moet kunnen aanspreken.
Een week of twee geleden verscheen het album Mnemonics van Amy Jay. Het is een naam die op een of andere manier direct bekend klonk, maar er is echt maar één Amy Jay te vinden op Spotify en ik heb volgens mij nooit geluisterd naar haar mini-album So It Is uit 2018 of haar volwaardige debuutalbum Awake Sleeper uit 2022. Niet alleen de naam Amy Jay klonk voor mij direct bekend, want ook de songs op haar nieuwe album Mnemonics klinken op een of andere manier als songs die je al jaren kent.
De naam Amy Jay is in de Verenigde Staten waarschijnlijk vrij gangbaar en de Amerikaanse muzikante maakt bijzonder lekker in het gehoor liggende muziek, die zich verrassend makkelijk opdringt. Mnemonics is hierdoor een album dat op het eerste gehoor misschien wat gewoontjes klinkt, maar in plaats van gewoontjes mag ook het woord degelijk worden gebruikt.
Het zorgde er wel voor dat ik Mnemonics in eerste instantie liet liggen, maar vorige week nam ik het album toch nog een keer mee in mijn selectie. Het was het album dat ik als laatste selecteerde, maar toen ik Mnemonics met wat meer aandacht beluisterde voor het schrijven van een recensie, werd ik een stuk positiever over het nieuwe album van Amy Jay en inmiddels ben ik best gehecht geraakt aan het album.
Toen ik voor het eerst naar het nieuwe album van Amy Jay luisterde duwde ik Mnemonics vrijwel onmiddellijk in het hokje Amerikaanse rootsmuziek, maar inmiddels zou ik een andere keuze maken. De muzikante uit New York verwerkt absoluut invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek in haar songs en maakt af en toe een uitstapje richting rock. Als ik nu moet kiezen noem ik het nieuwe album van Amy Jay eerder een indiepop album met een vleugje indierock en een beetje roots in plaats van een rootsalbum.
Door de combinatie van invloeden is het echter zeker geen 13 in een dozijn indiepop album. Het predicaat gewoontjes vind ik al lang niet meer van toepassing op het nieuwe album van Amy Jay en ook met degelijk doe je de Amerikaanse muzikante tekort. Mnemonics is in muzikaal opzicht een veelzijdig album, maar ik vind het in muzikaal opzicht ook een interessant album.
De songs op het album zijn met veel smaak ingekleurd en hebben een geluid dat op het eerste gehoor misschien bekend klinkt, maar toch ook afwijkt van de bulk van de albums in het genre. Wat voor de muziek geldt, geldt ook voor de stem van Amy Jay. De muzikante uit New York beschikt over een zeer aangename stem, maar ik vind het ook een bijzondere en een hele mooie stem.
Ik begrijp inmiddels al lang niet meer waarom ik Mnemonics op het eerste gehoor weinig opzienbarend vond, want Amy Jay doet alles goed. De zang en de muziek zijn prachtig en de Amerikaanse muzikante schrijft ook nog eens geweldige songs, die ook nog eens mooier worden wanneer je ze vaker hoort.
Dat Mnemonics een album is dat bij eerste beluistering bekend in de oren klinkt hangt waarschijnlijk samen met de hoge kwaliteit van het album, dat eigenlijk onmiddellijk overtuigt. Je hoort echter pas hoe goed Mnemonics van Amy Jay is als je het album vaker hoort en je hebt laten overtuigen door de gevarieerde maar zonder uitzondering betoverend mooie songs. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Head on Stone - Stony Beds (2025) 4,0
21 november 2025, 12:24 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Head On Stone - Stony Beds - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Head On Stone - Stony Beds
Van de rauwe rockmuziek van de Belgische band Peuk naar de donkere en verstilde pianoklanken van Head On Stone is een reuzenstap, maar in beide gevallen speelt de stem van Nele Janssen een indrukwekkende hoofdrol
Stony Beds van Head On Stone krijgt in België goede recensies en ik begrijp inmiddels waarom. Het soloproject van Peuk zangeres Nele Janssen is heel ver verwijderd van de muziek van haar band en zal voor de fans van Peuk even wennen zijn. Dat was het voor mij ook, want Stony Beds is een donker en intens album. Het is een album met bijzonder pianospel, dat neoklassiek aan doet en dat vervolgens wordt gecombineerd met de emotievolle zang van Nele Janssen. De Belgische muzikante heeft er een persoonlijk album van gemaakt en het is een album dat het goed zal doen tijdens de donkere wintermaanden. Het moet allemaal even op zijn plek vallen, maar vervolgens is het bijzonder indrukwekkend.
Ik had nog nooit van de band Peuk gehoord, maar de band uit Belgisch Limburg heeft twee in eigen land zeer goed ontvangen albums op haar naam staan. Het zijn behoorlijk rauwe albums waarop Peuk invloeden uit onder andere de punk, indierock en grunge verwerkt. In de muziek van de Belgische band speelt de rauwe strot van zangeres Nele Janssen een belangrijke rol.
Deze Nele Janssen speelt ook de hoofdrol op het album Stony Beds van Head On Stone. Head On Stone is een soloproject van de Belgische zangeres en het is een project dat mijlenver is verwijderd van de muziek die ze maakt met Peuk. Het is dat ik weet dat het gaat om dezelfde Nele Janssen want anders zou ik Head On Stone en Peuk nooit aan elkaar hebben gelinkt.
De ruwe gitaarmuziek van Peuk maakt op Stony Beds van Head On Stone plaats voor klassiek aandoende pianoklanken, terwijl de krachtige en rauwe zang op de albums van Peuk is verruild voor meer ingehouden zang vol gevoel, al zit er nog steeds een aangenaam ruw randje op de stembanden van de Belgische zangeres.
Nele Janssen geeft haar gitaar er aardig van langs in de muziek van Peuk, maar het pianospel op Stony Beds is verrassend teder. Het pianospel geeft het album een neoklassiek karakter, maar door de toegevoegde zang zijn de songs van Head On Stone ook enigszins toegankelijke popsongs.
Ik moest er behoorlijk aan wennen, want met alleen piano en zang is het een behoorlijk sober album en een album van een soort waar ik niet vaak naar luister. Ik heb het album van Head On Stone daarom ook een paar keer weggelegd, maar de songs van de Belgische muzikante bleven me intrigeren. Inmiddels ben ik behoorlijk onder de indruk van het album.
Ondanks het beperkte instrumentarium klinkt Stony Beds verrassend afwisselend. Nele Janssen varieert met haar pianospel, dat af en toe net wat zwaarder is aangezet dan de andere keer en dat variëren doet ze ook net haar stem, die heel af en toe net wat ruwer klinkt.
Het debuutalbum van Head On Stone is door de pianoklanken en de zang al een wat melancholisch klinkend album en dat wordt versterkt door de zeer persoonlijke en behoorlijk donkere teksten op het album. Nele Janssen geeft zichzelf bloot in haar songs en maakt van haar hart geen moordkuil. Het voorziet de bijzondere songs op het album van heel veel extra lading.
Het knappe van Stony Beds is dat het eigenlijk niet lijkt op andere albums. De muziek van Head On Stone heeft iets van de albums zoals bijvoorbeeld Tori Amos die maakt, maar de songs van de Belgische muzikante zijn minder conventioneel. Aan de andere kant van het spectrum zijn muzikanten in het hokje neoklassieke muziek relevant vergelijkingsmateriaal, maar die zijn weer verder verwijderd van de songs met een kop en een staart die Nele Janssen zeker maakt.
Ik ben lang niet altijd in de smaak voor Stony Beds. Het is geen album dat je op de achtergrond kan laten voortkabbelen, want daarvoor zijn de songs van de Belgische muzikante te intens. Het is ook geen album voor een zorgeloze zondagochtend, want daarvoor zijn de songs op Stony Beds weer wat te donker.
Er blijven echter volop geschikte momenten over voor het genieten van dit bijzondere project van Nel Janssen, die in eigen lang inmiddels terecht kan rekenen op zeer positieve recensies. Nu Nederland nog. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Magda Novels - Vol. 1 Shadow Work (2025) 4,0
20 november 2025, 20:32 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Magda Novels - Vol. 1 Shadow Work - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Magda Novels - Vol. 1 Shadow Work
Een groot deel van de Amerikaanse rootsmuziek van het moment wordt gemaakt in Nashville, maar dat er ook ver hierbuiten prima rootsmuziek wordt gemaakt laat de Zweedse muzikante Magda Novels horen op haar prima debuutalbum
Ik ben al een aantal maanden warm gemaakt voor de muziek van de Zweedse muzikante Magda Novels, maar deze week is haar debuutalbum Vol. 1 Shadow dan eindelijk verschenen. Het is een album waar ik even aan moest wennen, want de muziek van Magda Novels klinkt anders dan het gemiddelde rootsalbum. Dat spreekt uiteindelijk alleen maar in het voordeel van Vol. 1 Shadow Work, dat bij herhaalde beluistering een steeds leuker en aangenamer album wordt. Magda Novels zal een hele strijd moeten voeren om in de Verenigde Staten voet aan de grond te krijgen, maar haar veelbelovende debuutalbum verdient absoluut de aandacht van liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek.
Het aanbod binnen de Amerikaanse rootsmuziek is momenteel zo groot dat je als startend muzikant in het genre extreem veel talent moet hebben of heel veel geluk. Het helpt bovendien als je uit Nashville komt, want de Amerikaanse muziekhoofdstad in Tennessee heeft nog altijd een streepje voor wanneer het gaat om Amerikaanse rootsmuziek.
Magda Novels komt niet uit Nashville, maar heeft het geluk dat haar muziek op een goede manier wordt gepromoot, waardoor je in ieder geval als Nederlandse liefhebber van het genre nauwelijks kunt ontsnappen aan haar deze week verschenen debuutalbum Vol. 1 Shadow Work. Vervolgens hoor je vrij snel dat het ook met haar talent wel goed zit.
Magda Novels is het alter ego van de Zweedse muzikante Magda Andersson, die al een aantal jaren deel uitmaakt van een maar liefst 29-koppige (!) Zweedse folkpunk band. Op haar debuutalbum als solomuzikant laat ze horen dat ze zich ook in haar eentje makkelijk staande kan houden en de muziek op Vol. 1 Shadow Work bevalt me persoonlijk een stuk beter dan de muziek van de band Ye Banished Privateers.
Ik had het eerder over Amerikaanse rootsmuziek en dat is een hokje waarin het debuutalbum van Magda Novels uitstekend past. De verwerkte invloeden, de muziek en de zang sluiten goed aan bij wat gebruikelijk is in het genre, waardoor Vol. 1 Shadow Work makkelijk in de smaak zal vallen bij liefhebbers van het genre. Op hetzelfde moment klinkt het debuutalbum van Magda Novels duidelijk anders dan de albums die momenteel in Nashville worden gemaakt.
Het is niet eens zo makkelijk om te duiden waar dit aan ligt. In eerste instantie dacht ik dat het vooral lag aan de licht Zweedse tongval van Magda Andersson. Het geeft haar muziek, net als die van bijvoorbeeld Sophie Zelmani, iets eigenzinnigs, ook al is de Zweedse tongval op Vol. 1 Shadow Work zeer subtiel.
Misschien ligt het wel meer aan de stem van de Zweedse muzikante, die anders klinkt dan haar collega’s in de countrypop of de wat traditioneler aandoende countrymuziek. De stem van Magda Andersson heeft iets ruws en doorleefds, maar ook iets eigenzinnigs, wat haar debuutalbum een eigen karakter geeft. Bij eerste beluistering twijfelde ik nog of ik de stem van de muzikante uit het Zweedse Umeå mooi vond of niet. Het is nog altijd een stem die af en toe wat tegen de haren instrijkt, maar Vol. 1 Shadow Work heeft me in vocaal opzicht inmiddels wel degelijk overtuigd.
Ook de muzikale variëteit onderscheidt Vol. 1 Shadow Work van het gemiddelde rootsalbum. Magda Novels schakelt makkelijk tussen de verschillende subgenres en kleurt haar songs steeds net wat anders in, wat een veelzijdig en veelkleurig album oplevert. Het is een album met een bijzondere sfeer, die een Scandinavisch tintje toevoegt aan de muziek van Magda Novels. Het is het Scandinavische tintje dat ook de albums van Sophie Zelmani zo onweerstaanbaar maakt, al beweegt die zich in net wat andere genres dan Magda Novels.
Omdat het ook met de kwaliteit van de songs goed zit op Vol. 1Shadow Work heeft Magda Novels wat mij betreft een album gemaakt dat mee kan met alles dat in Nashville wordt gemaakt. Nashville zal de Zweedse muzikante niet zomaar veroveren, maar laten we eens beginnen bij Nederland. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
The Bullfight - 81 Bedford St. (2025) 4,0
20 november 2025, 17:29 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: The Bullfight - 81 Bedford St. - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: The Bullfight - 81 Bedford St.
De Nederlandse band The Bullfight maakte vorig jaar een prachtige soundtrack bij een zeer lezenswaardige roman en levert nu een misschien nog wel mooiere soundtrack bij een al dan niet bestaande film af
Nieuw werk van de Rotterdamse band The Bullfight is altijd werk om naar uit te kijken. Enerzijds vanwege de bijzondere vorm die de band de laatste jaren kiest voor haar albums en anderzijds vanwege de muzikale kwaliteit die de band inmiddels al zo’n twintig jaar te bieden heeft. Ook het deze week verschenen 81 Bedford St. valt weer in beide opzichten op. Het is aan de ene kant een met veel zorg uitgewerkte soundtrack bij een gelijknamige film, maar het is ook een uitstekend album. De muziek van The Bullfight is altijd wat donker en zeer beeldend en dat is dit keer niet anders. Het levert een fascinerende luistertrip van 40 minuten op, waarbij je de beelden ook zelf mag verzinnen.
De Nederlandse band The Bullfight bestaat ruim twintig jaar en heeft inmiddels een stapeltje uitstekende albums op haar naam staan. Het zijn niet alleen hele goede albums, maar ook bijzondere albums, die zich niet alleen makkelijk de aandacht trekken, maar zich ook weten te onderscheiden.
De Rotterdamse band maakt de afgelopen jaren keer op keer iets moois van haar albums. De vorige keer was het feitelijk de soundtrack bij een roman, daarvoor een bijzonder album met spoken word bijdragen van een aantal Nederlandse en buitenlandse grootheden. In het verdere verleden verscheen een werkelijk prachtig boek over de ‘murder ballad’, uiteraard vergezeld van een bijpassende soundtrack en was er in een in huiskamer opgenomen livealbum.
Ondanks leverde de postbezorger een pakket af met nieuw werk van The Bullfight en ook 81 Bedford St. is weer een bijzonder project. Op de cover van het album staat een afbeelding van een filmposter, die herinnert aan legendarische films uit vervlogen tijden en die poster zat ook bij het pakket dat ik ontving net als meer informatie over de film.
Ik vergeleek de muziek van The Bullfight in het verleden vaak met de muziek van Nick Cave en een band als Tindersticks, maar schreef ook in meerdere recensies dat de muziek van de Rotterdamse band het uitstekend zou doen als soundtrack bij een duistere film van David Lynch. De legendarische regisseur is helaas niet meer onder ons, maar 81 Bedford St. is de soundtrack bij een film die The Bullfight al heel wat jaren in zich had.
Ik ging er in eerste instantie van uit dat 81 Bedford St. de soundtrack was bij een niet bestaande film, maar de suggestie wordt gewekt dat de Hollywood film in 2026 verschijnt en een David Lynch achtige sfeer heeft. Ik ga er zelf nog even van uit dat de Rotterdamse band ook de website van de film en het pakketje bijgeleverde recensies zelf in elkaar heeft geknutseld, al is het maar omdat de band nooit half werk levert.
Of de film echt bestaat doet er ook niet zoveel toe, want het is veel leuker om zelf de beelden en het verhaal te verzinnen. 81 Bedford St. is een groot deel van de tijd een zeer sfeervol album met klanken die suggereren dat de film zich vooral na zonsondergang afspeelt, maar The Bullfight experimenteert op het nieuwe album ook met andere klanken.
Voor de zang vertrouwt de band nog altijd op Nick Verhoeven, maar ook Daisy Cools neemt een aantal malen de zang voor haar rekening en voegt wat mij betreft iets toe aan de muziek van de band. Die muziek is ook op 81 Bedford St. weer buitengewoon verzorgd. De band zet flink wat instrumenten in op het album, waardoor het album continu van kleur verschiet, of zoals je wilt van scene naar scene springt.
De muziek is beeldend, maar ook spannend, zeker als de band net wat meer afstand neemt van de toegankelijke popsong. The Bullfight maakte in het verleden vooral donkere muziek en dat is op het nieuwe album niet anders. Het is muziek die goed is voor duistere beelden op het netvlies, maar 81 Bedford St. is ook een warm en stemmig album.
Het is knap hoe de Rotterdamse band rond Thomas van der Vliet steeds weer nieuwe vormen weet te bedenken voor haar albums. Die vorm is ook dit keer weer wonderschoon en heel bijzonder, maar ook als je je beperkt tot het album zelf staat The Bullfight weer garant voor torenhoge kwaliteit. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Ashley Cooke - ace (2025) 4,0
19 november 2025, 15:02 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Ashley Cooke - ace - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Ashley Cooke - ace
De Amerikaanse muzikante Ashley Cooke schaarde zich met haar debuutalbum onder de smaakmakers binnen de countrypop van het moment en bevestigt deze status met het wat korte maar wel erg goede ace
Er verschijnen wekelijks meerdere countrypop albums, maar er is uiteindelijk maar een klein stapeltje albums dat in 2025 mee kan met de beste albums in het genre. In 2023 kwam a shot in the dark van Ashley Cooke op dit stapeltje terecht en na flink wat persoonlijke ellende keert ze deze week terug met ace. Het is gezien de speelduur misschien maar een mini-album, maar omdat ace 27 minuten goed is doet het wat mij betreft niet onder voor een volwaardig album. Ashley Cooke maakt nog altijd countrypop waarin country en pop op de juiste wijze in balans zijn, maar ze is zowel in muzikaal als in vocaal opzicht gegroeid. De samenwerking met een aantal grootheden uit Nashville tilt het album nog wat verder op.
Sinds mijn liefde voor countrypop een paar jaar geleden werd aangewakkerd en sindsdien alleen maar groter is geworden, heb ik stapels albums in het genre beluisterd. Een deel van deze albums ben ik inmiddels alweer vergeten, maar dat geldt zeker niet voor shot in the dark van Ashley Cooke. Het debuutalbum van de Amerikaanse muzikante is wat mij betreft een van de beste countrypop albums uit 2023 en het album haalde bovendien mijn jaarlijstje.
Op het succes van shot in the dark volgde een zwaar jaar voor Ashley Cooke. Ze moest afscheid nemen van haar twee oma’s en in haar familie stapelden de gezondheidsproblemen zich op. Ze kreeg ook zelf te maken met gezondheidsproblemen, nadat bij haar een serieuze hartafwijking werd geconstateerd. Veel tijd om nieuwe muziek te maken was er de afgelopen twee jaar dan ook niet, maar met ace is er in ieder geval nieuwe muziek van Ashley Cooke.
Het deze week verschenen ace is met negen tracks en bijna 27 minuten muziek misschien meer een mini-album dan een album, maar ik ben blij met de nieuwe songs van Ashley Cooke. Alle persoonlijke misère heeft natuurlijk zijn sporen nagelaten op de nieuwe songs van de Amerikaanse muzikante, maar ze is de countrypop gelukkig trouw gebleven.
Mijn liefde voor countrypop is zeker niet blind, want ik ben kieskeurig wanneer het gaat om de verhouding tussen country en pop. Die verhouding is ook op ace weer precies zoals ik het graag hoor. De songs op ace bevatten flink wat invloeden uit de wat traditioneler klinkende countrymuziek, maar het zijn ook buitengewoon lekker in het gehoor liggende en modern klinkende popsongs.
Het zijn popsongs die laten horen dat Ashley Cooke zich sinds haar debuutalbum verder heeft ontwikkeld. Ik vind de nieuwe songs van de Amerikaanse muzikante in muzikaal opzicht een stuk beter klinken dan de songs op haar debuutalbum, die bij vlagen wel erg gepolijst klonken. De muziek op ace is net wat ruwer en heeft bovendien een aangename country vibe uit het verleden.
De stem van Ashley Cooke was op shot in the dark al mooi, maar op ace zingt ze nog wat beter. De zang op ace is net wat meer ingehouden, maar ook wat emotioneler dan op het debuutalbum. Dat kan ook bijna niet anders, want hoe ga je om met alle persoonlijke misère die Ashley Cooke trof en ook nog eens de wetenschap dat ze moet leven met een levensbedreigende hartafwijking.
Ashley Cooke blijft hiernaast ook een echte countrypop zangeres, wat betekent dat ook de nodige slechte ervaringen in de liefde moeten worden bezongen. Ook ace bevat de nodige country clichés, maar net als bijvoorbeeld Megan Moroney slaagt Ashley Cooke er in om ondanks een aantal gebaande paden haar songs fris en eigentijds te laten klinken.
Ik weet niet zo goed hoe ik ace moet beoordelen. Is het een tussendoortje in afwachting van een volwaardig album, of moeten we het doen met de 27 minuten die ace te bieden heeft. Ik kom de laatste tijd wel meer hele korte albums tegen dus ik sluit het laatste niet uit. Ik heb absoluut een voorkeur voor wat langere albums, maar ace bevalt me wel heel goed en kan wat mij betreft mee met het meest interessante dat de countrypop in 2025 te bieden heeft. Ik schrijf ace daarom op voor mijn jaarlijstje, mini-album of niet. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Wyldest - The Universe Is Loading (2025) 4,0
17 november 2025, 17:26 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Wyldest - The Universe Is Loading - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Wyldest - The Universe Is Loading
De Britse muzikante Zoë Mead timmert inmiddels als vier albums aan de weg met haar band Wyldest en het deze week verschenen The Universe Is Loading is wat mij betreft de mooiste en meest memorabele van het stel
Luister naar het vierde album van de Britse band Wyldest en je hoort in eerste instantie een wat zweverige luistertrip met beeldende klanken en zachte vocalen. Aangenaam, maar ook wat ongrijpbaar, tot het moment komt waarop je de schoonheid van de songs van de band van de Britse muzikante Zoë Mead hoort. Wyldest komt niet uit de lucht vallen, want de vorige albums van de band uit Londen waren ook absoluut de moeite waard, maar op The Universe Is Loading valt alles nog wat beter op zijn plek. Wyldest combineert invloeden uit de 90s dreampop met een vleugje 80s doom, maar geeft een fraaie eigen draai aan de invloeden uit het verleden en betovert ook nog eens met de stem van Zoë Mead.
Ook deze week vroeg ik me bij het zien van de naam Wyldest weer af of het voor mij nou een bekende naam was of niet. Dat is best bijzonder, want ik was op deze site behoorlijk positief over Monthly Friend en Feed The Flowers Nightmares, het tweede en derde album van de band rond de Britse muzikante Wyldest Zoë Mead.
De muziek van Wyldest wordt op de Amerikaanse muziekwebsite AllMusic.com fraai omschreven met de volgende oneliner: “Singer, songwriter, composer, and producer Zoë Mead bridges the gap between Kate Bush and Beach House”. Zelf hoorde ik op het in de zomer van 2021 verschenen Monthly Friend vooral invloeden uit de indiepop van dat moment, maar ik hoorde ook zeker invloeden uit de jaren 80. Ik hoorde meer Phoebe Bridgers dan Beach House en eerlijk gezegd niet zoveel van Kate Bush, maar het tweede album van Wyldest was wel een album dat naar meer smaakte, al was het maar vanwege de aangename stem van Zoë Mead en haar sprankelende songs.
Op het in de herfst van 2022 verschenen Feed The Flowers Nightmares klonk het geluid van Wyldest beeldender en donkerder en hoorde ik wat meer invloeden uit de dreampop, maar het was wederom een prima album. De vorige albums van de Britse band hebben er misschien niet voor gezorgd dat de naam van Wyldest bij mij voorgoed was opgeslagen in het geheugen, maar ik heb het idee dat dit gaat veranderen met de komst van het vierde album van de band rond Zoë Mead.
De Britse muzikante werkt op The Universe Is Loading wederom samen met Lucci Rossi, die ook in de band Idlewild speelt, maar ze hield ook dit keer de meeste touwtjes zelf in handen. Het vierde album van Wyldest ligt in het verlengde van Feed The Flowers Nightmares, maar ik hoor ook zeker echo’s van Monthly Friend. Ook The Universe Is Loading heeft zich laten inspireren door de dreampop uit de jaren 90, maar ik hoor ook zeker invloeden uit de popmuziek die in de jaren 80 werd gemaakt.
Centraal staat ook dit keer de mooie en zeer aangename stem van Zoë Mead. De Britse muzikante zingt redelijk ingehouden en zacht, maar haar stem houdt zich verrassend makkelijk staande in het bij vlagen stevig aangezette klankentapijt, dat zowel met gitaren als met synths is gevuld en soms een vleugje 80s doom bevat.
Zoë Mead varieert dit keer flink, want een uptempo song met galmende gitaren en dikke wolken synths wordt moeiteloos gevolgd door een juist zeer subtiel ingekleurde en ingetogen song. The Universe Is Loading laat zich hierdoor nog minder makkelijk in een hokje duwen dan zijn voorgangers, maar dit maakt de muziek van Wyldest alleen maar interessanter.
Net als op het vorige album maakt Zoë Mead ook op het nieuwe album van haar band beeldende muziek. Deze is het mooist wanneer de wolken synths breed uitwaaien en de stem van de Britse muzikante het voortouw neemt, wat in veel songs op The Universe Is Loading het geval is.
Het knappe van het nieuwe album van Wyldest is dat de songs aangenaam zweverig klinken en de fantasie flink prikkelen, maar Zoë Mead schotelt je op haar nieuwe album ook een aantal wonderschone popsongs voor die verrassend makkelijk blijven hangen. Het wordt daarom tijd dat ik de naam van Wyldest nu eens ga onthouden, want ook het vierde album van de band is prachtig. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Ed Harcourt - Orphic (2025) 4,0
17 november 2025, 07:42 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Ed Harcourt - Orphic - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Ed Harcourt - Orphic
De Britse muzikant Ed Harcourt staat inmiddels al 25 jaar garant voor kwaliteit en levert ook met zijn twaalfde album Orphic weer een album af dat niet onder doet voor de beste albums van het moment
Het blijft bijzonder hoe Ed Harcourt inmiddels al twaalf albums lang bijna vanzelfsprekend geweldige recensies krijgt, maar vervolgens maar moet afwachten of zijn albums iets gaan doen en of hij na het album nog wel een platencontract heeft. Ook het deze week verschenen Orphic is bijna geruisloos verschenen en is nog niet te vinden in de gemiddelde platenzaak. Het heeft niets te maken met de kwaliteit van het nieuwe album van de Britse muzikant, want die is hoog. Orphic is een typisch Ed Harcourt album, al klinkt het door de grote rol voor gitaren anders dan zijn meer piano georiënteerde albums. Twee dingen zijn niet veranderd. Ed Harcourt is nog altijd een geweldige songwriter en een uitstekende zanger. Topalbum weer.
Het is bijna op de dag af 25 jaar geleden dat ik voor het eerst kennis maakte met de muziek van de Britse muzikant Ed Harcourt. Op 13 november 2000 verscheen immers zijn eerste EP Maplewood, die stevig werd geprezen door het Britse muziektijdschrift Uncut. Ik hoorde van deze EP het werkelijk prachtige Whistle Of A Distant Train en ik was verkocht. Uncut voorspelde Ed Harcourt een prachtige toekomst en dat leek na zijn geweldige debuut EP een zekerheid.
We zijn inmiddels 25 jaar verder. Ed Harcourt heeft inmiddels een imposant stapeltje albums op zijn naam staan, maakte soundtracks voor tv-series, was als gastmuzikant te horen op talloze albums, waaronder albums van Marianne Faithfull, Ron Sexsmith en Kathryn Williams en timmerde aan de weg als producer voor onder andere Kathryn Williams, Lissie en Kristina Train.
Zijn albums kunnen bovendien stuk voor stuk rekenen op zeer positieve recensies, maar desondanks is Ed Harcourt nog altijd relatief onbekend. Zelfs zo onbekend dat zijn deze week verschenen nieuwe album niet opdook in de lijsten met nieuwe albums van deze week. Dat is zeker niet de eerste keer, waardoor ik als liefhebber van de muziek van de Britse muzikant ook wel eens een album mis.
Het deze week verschenen Orphic is als ik goed geteld heb het twaalfde reguliere album van Ed Harcourt en het is wederom een hele mooie. Het is een album dat ik min of meer bij toeval tegen kwam, maar de Britse muzikant had ook dit keer niet veel tijd nodig om me te overtuigen. Orphic is een album dat precies op het juiste moment komt, want we nu we niet meer gaan ontsnappen aan de herfst en de winter, komen de sfeervolle klanken op Orphic als geroepen.
Er is helaas niet veel informatie te vinden over het nieuwe album van de Britse muzikant, buiten het feit dat Ed Harcourt zijn nieuwe album afgelopen winter opnam in zijn Wolf Cabin studio vlak bij Oxford. Verdere informatie ontbreek, maar gelukkig spreekt de muziek op Orphic voor zich.
Ik heb hierboven al verklapt dat Orphic een zeer sfeervol album is. Het is vergeleken met een aantal van zijn vorige album een behoorlijk ingetogen album en het is een album waarop gitaren domineren, al is de Britse muzikant zijn geliefde piano niet helemaal vergeten.
De muziek op Orphic is relatief sober, maar ook als de akoestische gitaar domineert worden er altijd wel wat bijzondere versiersels toegevoegd. De muziek op Orphic klinkt prachtig en nodigt uit tot lekker binnen blijven terwijl buiten de regen tegen het raam klettert.
Ik ben absoluut een liefhebbers van de piano georiënteerde songs van Ed Harcourt, maar ook het door gitaren gedomineerde geluid op Orphic is prachtig. Het wordt nog wat mooier wanneer Ed Harcourt zijn stem toevoegt, want hij beschikt over een bijzonder mooie stem die gedurende de afgelopen 25 jaar alleen maar mooier is geworden.
De fraaie instrumentatie en de bijzonder mooie zang komen samen in hoogstaande songs, die Orphic heel ver boven het maaiveld uit tillen. Orphic is zoals gezegd het twaalfde album van Ed Harcourt en van die twaalf vind ik er eigenlijk niet een tegenvallen. Orphic zou zomaar uitgroeien tot een van de mooiste albums van het stel en is er een voor de jaarlijstjes. Ed Harcourt staat inmiddels 25 jaar garant voor torenhoge kwaliteit. Doodzonde dat zijn muziek zo weinig aandacht krijgt. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
The Rolling Stones - Black and Blue (1976) 4,5
Alternatieve titel: Black n Blue, 16 november 2025, 20:17 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: The Rolling Stones - Black And Blue, Deluxe Edition (1976) - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: The Rolling Stones - Black And Blue, Deluxe Edition (1976)
Bijna vijftig jaar geleden verscheen Black And Blue, een wat onderschat album van The Rolling Stones, dat wel degelijk moet worden gerekend tot het stapeltje met de betere albums van de Britse band
Black And Blue was voor mij tot voor kort een blinde vlek. Ik ken de albums ervoor en de albums erna, maar naar Black And Blue had ik nog nooit geluisterd. Het album is deze week verschenen in een luxe uitgave. De luxe editie van Black And Blue bevat een aantal bonus tracks met de andere gitaristen die de band uitprobeerde naast Ron Wood en werkelijk geweldig livemateriaal, maar het draait om het originele album, dat van een nieuwe mix is voorzien door niemand minder dan Steven Wilson. Black And Blue is een typisch Rolling Stones album, maar het is ook een album waarop de band nieuwe wegen verkent. Het was voor mij een onbekend album, maar vanaf nu een favoriet album van de band.
Ik ben thuis eerder opgevoed met de muziek van The Beatles dan met de muziek van The Rolling Stones en ook toen ik zelf muziek ging ontdekken ging mijn voorkeur in eerste instantie uit naar de muziek van The Beatles, wiens oeuvre ik al vrij snel kende. Mijn eerste kennismaking met de muziek van The Stones stamt uit 1978 toen het uitstekende Some Girls verscheen.
Na Some Girls pikte ik ook Emotional Rescue uit 1980 nog op, maar hierna begon ik aan een ontdekkingstocht naar het verleden van de roemruchte Britse band. Hierbij richtte ik me op alles dat de band tussen 1966 (Aftermath) en 1974 (It’s Only Rock ’n Roll) uitbracht. Het leverde me favoriete Stones albums als Their Satanic Majesties Request, Beggars Banquet, Let It Bleed, Get Yer Ya-Ya's Out!, Sticky Fingers, en Exile On Main St. op.
Er is precies één album dat wat tussen wal en schip viel en dat album is deze week opnieuw uitgebracht. Dat gebeurt op een enigszins onlogisch moment, want het album Black And Blue viert pas komend voorjaar de vijftigste verjaardag. Black And Blue werd opgenomen in voor de band roerige tijden. De twee albums die volgden op Exile On Main St., Goat Heads Soup en It’s Only Rock ’n Roll, werden niet zo goed ontvangen als de serie albums die er aan vooraf ging en tot overmaat van ramp keerde ook gitarist Mick Taylor de band de rug toe.
De sessies die uiteindelijk zouden leiden tot Black And Blue waren ook sessies waarmee de band een nieuwe gitarist naast Keith Richards probeerde te vinden. Harvey Mandel, Wayne Perkins, Jeff Beck, Robert A. Johnson en Ron Wood probeerden het allemaal, maar laatstgenoemde, kreeg uiteindelijk de felbegeerde baan, nadat hij in 1975 ook al op het podium had gestaan met de band.
Ik had Black And Blue nog nooit volledig beluisterd en kende op voorhand eigenlijk maar drie songs van het album: Cherry Oh Baby, Hot Stuff en Fool To Cry. De eerste vind ik niks, de middelste zozo en de laatste prachtig, maar de rest van Black And Blue was op zijn minst redelijk nieuw voor mij.
Het album is niet in de geschiedenisboeken terecht gekomen als een van de betere albums van The Rolling Stones, maar Black And Blue bevalt me eigenlijk verrassend goed. Op Black And Blue klinken de wat stevigere songs nog vol vuur en zijn de ballads ijzersterk. Black And Blue klinkt nog deels als de albums die de band aan het begin van de jaren 70 maakte, maar je hoort ook al de impulsen uit onder andere de funk die op Some Girls en Emotional Rescue verder zouden worden uitgewerkt.
De nieuwe mix van Steven Wilson klinkt werkelijk fantastisch en uiteraard is er ook veel bonusmateriaal. Zo zijn er opnames uit de sessies waarin onder andere Jeff Beck is te horen als gitarist, maar de kers op de taart vind ik de liveopnamen uit 1976. Ik zag de Stones zelf pas in de jaren 80 voor het eerst, maar in 1976 was de band echt veel beter. Met name het gitaarwerk is heerlijk, maar Mick Jagger is ook nog uitstekend bij stem.
Ondanks het geweldige livemateriaal en de waardevolle bonustracks is het originele album voor mij het meest waardevol. Black And Blue was bij mij tussen wal en schip gevallen, maar ik voeg het album alsnog toe aan het lijstje met mijn favoriete albums van de legendarische Britse band. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Celeste - Woman of Faces (2025) 4,0
16 november 2025, 11:13 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Celeste - Woman Of Faces - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Celeste - Woman Of Faces
Bijna vijf jaar na haar terecht bewierookte debuutalbum keert de Brits-Jamaicaanse zangeres Celeste terug met een aardedonker en loodzwaar album, waarop ze nog altijd diepe indruk maakt als zangeres
Celeste verdween na het succes van haar debuutalbum net zo snel als ze gekomen was, maar deze week is er dan eindelijk haar tweede album. Woman Of Faces is een totaal ander album dan Not Your Muse bijna vijf jaar geleden. De songs zijn vrijwel zonder uitzondering ingetogen en indringend, met muziek die vooral bestaat uit piano en strijkers. De stem van Celeste is nog altijd mooi en bijzonder, maar klinkt een stuk ruwer en doorleefder dan op haar debuutalbum. Het is een donker album waarop Celeste afstand neemt van de popster die ze een paar jaar geleden was, maar ook Woman Faces is een album dat de superlatieven verdiend waarmee Not Your Muse aan het begin van 2021 werd overladen.
Helemaal aan het begin van 2021, in de eerste coronawinter, verscheen het debuutalbum van de in de Verenigde Staten geboren, maar in het Verenigd Koninkrijk opgegroeide zangeres Celeste, die zowel Brits als Jamaicaans bloed heeft. De Britse muziekpers was direct razend enthousiast over Not Your Muse en de uiterst positieve recensies stapelden zich op.
Als ik mijn recensie van het album mag geloven worstelde ik zelf in eerste instantie flink met het album, dat ik bij de eerste kennismaking te glad en wat doorsnee vond. Het coronavirus tastte kennelijk niet alleen de smaak maar ook het gehoor aan, want als ik nu naar Not Your Muse luister, hoor ik direct vanaf de openingstrack een sensationeel goede zangeres.
Natuurlijk duurde de luxe versie van Not Your Muse met 80 minuten muziek veel te lang, maar wat is er veel moois te horen op het debuutalbum van Celeste. Het is een album met zowel ingetogen en wat jazzy songs als juist wat meer uptempo en soulvolle popsongs, maar in alle songs op Not Your Muse maakt Celeste diepe indruk als zangeres.
Celeste leek de afgelopen jaren van de aardbodem verdwenen, waardoor haar inmiddels al weer bijna vijf jaar oude debuutalbum helaas wat in de vergetelheid is geraakt. De Brits-Jamaicaanse muzikante kampte de afgelopen jaren met de nodige persoonlijke problemen, waaronder een gebroken hart en een depressie, waardoor het maken van muziek wat naar de achtergrond is verdwenen.
Deze week keert ze gelukkig terug met haar tweede album, dat de afgelopen maanden al werd vooraf gegaan door enkele singles. Op de cover van Woman Of Faces ziet Celeste er een stuk doorleefder uit dan op de cover van haar debuutalbum, want de persoonlijke misère is haar niet in de koude kleren gaan zitten.
Het doet me wel wat denken aan de covers van de eerste twee albums van Amy Winehouse, die in een paar jaar tijd van een gezond uitziende tiener veranderde in een lichamelijk wrak. De analogie blijft niet beperkt tot de covers van de albums, maar voor ik begin aan het nieuwe album van Celeste spreek ik alvast de hoop uit dat het met haar beter gaat aflopen dan met Amy Winehouse.
Er zit niet alleen bijna vijf jaar tussen het debuutalbum van Celeste en haar deze week verschenen album, maar ook in muzikaal opzicht zijn de albums ver van elkaar verwijderd. Not Your Muse was in 2021, ondanks de variatie binnen de songs, te omschrijven als een fris en bij vlagen lichtvoetig popalbum met invloeden uit de jazz, soul en R&B. Woman Of Faces is niet alleen zwaardere kost, maar is ook een heftig album.
Het is een album waarop Celeste de pop grotendeels aan de kant zet voor door piano en strijkers gedomineerde songs. Het klinkt allemaal behoorlijk donker en melancholisch en herinnert eerder aan soul- en jazzzangeressen uit het verre verleden dan aan popzangeressen van het moment.
De muziek op Woman Of Faces klinkt behoorlijk dramatisch en weemoedig en dat wordt versterkt door de stem van Celeste. Ook op Woman Of Faces hoor ik een geweldige zangeres, maar de stem van de Brits-Jamaicaanse muzikante is in een paar jaar tijd wel heel veel jaren ouder geworden. Soms hoor ik wat van Nina Simone, soms van Amy Winehouse, maar Celeste heeft ook een eigen geluid, dat anders klinkt dan een paar jaar geleden, maar nog steeds bijzonder indrukwekkend is. Woman Of Faces is bij vlagen zware kost, maar het is ook een echt kippenvel album. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Midlake - A Bridge to Far (2025) 4,0
14 november 2025, 15:18 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Midlake - A Bridge To Far - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Midlake - A Bridge To Far
De Amerikaanse band Midlake neemt de tijd voor haar albums, maar heeft ook met het zo uit de jaren 60 of 70 weggelopen A Bridge To Far weer een bijzonder mooi album afgeleverd, dat niet onder doet voor zijn voorgangers
Een jaar of tien geleden gaf ik geen cent meer voor de toekomst van de Amerikaanse band Midlake, maar het in 2022 verschenen comeback album bleek van een bijzonder hoog niveau. Het geldt ook weer voor het deze week verschenen A Bridge To Far, het zesde album van de band in ruim twintig jaar tijd. Ook op haar nieuwe album vindt Midlake de inspiratie vooral in het verre verleden, maar de band doet er vervolgens prachtige dingen mee. Het klinkt allemaal zo aangenaam en bedwelmend mooi dat je bijna vergeet te luisteren hoe goed het allemaal is. A Bridge To Far is wat minder opzienbarend dan het terecht bejubelde vorige album, maar kan zomaar het Midlake album worden dat ik het meest liefheb.
De Amerikaanse band Midlake heeft inmiddels een handvol prachtige albums op haar naam staan. Bamnan And Slivercork, het in 2004 verschenen debuutalbum van de band, trok misschien nog niet heel veel aandacht, maar met The Trials of Van Occupanther uit 2006 was het raak. Het album werd overladen met zeer positieve recensies en was uiteindelijk van de partij in flink wat jaarlijstjes. Daar valt niets op af te dingen, want de mix van Laurel Canyon folk, folkrock, softrock klinkt ook bijna twintig jaar later nog altijd fantastisch.
Met The Trials of Van Occupanther maakte de band uit Denton, Texas, ook een album dat lastig te overtreffen was. The Courage of Others uit 2010 en Antiphon uit 2013 waren prima albums, maar ze hikten ook wat tegen het geweldige debuutalbum aan. Na het album uit 2013 was het lang stil rond Midlake, dat haar voorman had zien vertrekken, maar in het voorjaar van 2022 keerde de band terug met het geweldige For The Sake Of Bethel Woods.
Het door geweldenaar John Congleton geproduceerde album vond ik persoonlijk beter dan het debuutalbum dat zo lang onaantastbaar leek en drieënhalf jaar later vind ik dat nog steeds. Net als alle andere albums van Midlake was For The Sake Of Bethel Woods een album dat ook in de jaren 60 of 70 gemaakt had kunnen worden, maar wat klonken de songs op het album fantastisch.
Met For The Sake Of Bethel Woods lag de lat voor Midlake nog wat hoger dan hij al lag met The Trials of Van Occupanther, wat de opgave voor het deze week verschenen A Bridge To Far wel erg groot maakt. Het nieuwe album van de Texaanse band is een wat minder ambitieus album dan zijn voorganger, maar Midlake heeft wederom een fraai album afgeleverd.
Ook A Bridge To Far is weer een album dat je binnen een paar seconden een aantal decennia mee terug neemt in de tijd. Het is een album dat ook in de jaren 60 of 70 gemaakt had kunnen zijn en dat goed aansluit op de muziek die Midlake ook al op haar doorbraakalbum The Trials of Van Occupanther maakte.
Het is wat mij betreft wel een wat slecht getimed album, want bij beluistering van A Bridge To Far heb ik visioenen van lange en broeierige zomeravonden. Het nieuwe album van Midlake is hierdoor niet echt een herfstalbum, al kun je natuurlijk wel heerlijk fantaseren over eindeloze zomeravonden bij beluistering van het nieuwe album van de band uit Texas.
Net als bij het vorige album wist Midlake wederom een prima producer te strikken, want ook by Sam Evian (Hannah Cohen, Big Thief, Cass McCombs) heeft vakwerk geleverd. Ook als liefhebber van vrouwenstemmen word ik overigens bediend, want A Bridge To Far bevat gastbijdragen van Madison Cunningham en Hannah Cohen.
A Bridge To Far is wat mij betreft minder spannend dan voorganger For The Sake Of Bethel Woods, maar ik vind het nieuwe album van Midlake zeker niet minder mooi. Het is een knappe prestatie van een band die na het vertrek van haar voorman dood en begraven leek, maar zich op een geweldige manier heeft herpakt. Net als een aantal van zijn voorgangers klinkt A Bridge To Far van Midlake als een vergeten klassieker uit de jaren 60 of 70 en die maak je niet zomaar. Echt een album om bij tot rust te komen, maar vergeet in de tussentijd niet om goed te luisteren naar al het moois. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Constant Smiles - Moonflowers (2025) 4,0
14 november 2025, 15:11 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Constant Smiles - Moonflowers - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Constant Smiles - Moonflowers
De Amerikaanse band Constant Smiles leverde vier jaar geleden een prachtig 90’s album af, kwam twee jaar geleden met een heerlijk 80s album op de proppen en maakt deze week indruk met een fraai album met een vleugje 70s
Constant Smiles had al een enorme stapel albums op haar naam staan toen het terecht een plekje in de spotlights kreeg met het uitstekende album Paragons. Die spotlights waren er ook toen twee jaar geleden het album Kenneth Anger verscheen en wederom viel er niets af te dingen op de aandacht voor de Amerikaanse band. Hopelijk kan ook het deze week verschenen Moonflowers weer op aandacht rekenen, want het is wederom een sterk album. Het is bovendien wederom een album dat anders klinkt dan zijn voorganger, want de synths van het vorige album hebben plaats gemaakt voor een organischer en folkier geluid. Het levert wederom een bijzonde fraai album op.
Bijna precies vier jaar geleden kwam ik voor het eerst in aanraking met de muziek van de Amerikaanse band Constant Smiles. Paragons werd hier en daar aangeprezen als het officiële debuutalbum van de band uit Queens, New York, maar dat voelde een beetje raar bij een band die al meer dan vijftien albums op haar naam bleek te hebben staan.
Paragons was ook het eerste dat ik hoorde van Constant Smiles, maar het was wel liefde op het eerste gehoor. Ik vergeleek Paragons onder andere met de muziek van de Australische band The Go-Betweens en dat is een van de grootste complimenten die ik een band kan maken.
Constant Smiles verwerkte op Paragons invloeden uit een aantal decennia popmuziek, maar ik hoorde de meeste raakvlakken met de wat zweverige gitaarmuziek uit de jaren 90 van bijvoorbeeld bands als Yo La Tengo en Luna. Het leverde uiteindelijk een van de mooiste herfstalbums van 2021 op, al was ik het album helaas vergeten toen ik mijn jaarlijstje een paar maanden later maakte.
In het prille voorjaar van 2023 keerde Constant Smiles terug met het album Kenneth Anger en het was wederom een album waarop de Amerikaanse band uiteenlopende invloeden verwerkte. Waar ik bij beluistering van Paragons vooral associaties had met licht psychedelische gitaaralbums uit de jaren 90, nam Kenneth Anger me vooral mee terug naar de elektronische popmuziek uit de jaren 80 en naar legendarische albums van bands als China Crisis en The Lotus Eaters en het was weer prachtig.
Deze week is de opvolger van het album uit 2023 verschenen en logischerwijs zou Constant Smiles op Moonflowers terug moeten grijpen op muziek uit de jaren 70. Het nieuwe album van de band uit New York klinkt in ieder geval weer flink anders dan zijn twee voorgangers, dus wat dat betreft voldoet Moonflowers aan de verwachtingen.
Constant Smiles omschrijft de muziek op het nieuwe album zelf als ambient pop, maar zelf hoor ik ook flink wat invloeden uit de folkrock, met inderdaad meer dan eens een jaren 70 vibe. Moonflowers heeft af en toe misschien een jaren 70 sfeertje, maar het is ook absoluut een indiefolk album van deze tijd.
Na de psychedelische 90s gitaren van Paragons en de 80s synths van Kenneth Anger kiest Constant Smiles op haar nieuwe album voor een organischer en wat meer ingetogen geluid. Het is een geluid dat best als folky mag worden omschreven, maar het wordt gecombineerd met bijzondere klankentapijten van synths op de achtergrond, waardoor het geen standaard 70s folkrock is.
Net als de vorige albums van de Amerikaanse band wordt ook Moonflowers weer gekenmerkt door een serie aansprekende songs. Het zijn songs die je eigenlijk direct wilt omarmen, maar die ook makkelijk blijven hangen. In muzikaal opzicht is het allemaal weer dik in orde en ook de zang op Moonflowers is weer prima. Het is zang die af en toe is voorzien van fraaie aanvullingen van vrouwenstemmen, waarvoor onder andere Cassandra Jenkins en Katie von Schleicher naar de studio kwamen.
Constant Smiles is helaas nog altijd behoorlijk onbekend, maar met Paragons, Kenneth Anger en Moonflowers heeft de band nu een fraai stapeltje albums op haar naam staan. Het is lastig kiezen tussen drie totaal verschillende albums, maar Moonflowers is zeker niet minder dan de terecht door mij geprezen voorgangers. Leuke band, uitstekend album. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Theia - Girl, in a Savage World (2025) 4,0
14 november 2025, 11:39 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Theia - Girl, In A Savage World - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Theia - Girl, In A Savage World
Theia is een Nieuw-Zeelandse muzikante met Maori wortels die in Los Angeles muziek maakt, wat een bijzondere mix van invloeden, ongrijpbare maar ook aanstekelijke songs en heel veel muzikale en vocale pracht oplevert
Toen ik Girl, In A Savage World van Theia een week geleden voor het eerst beluisterde wist ik niet wat ik hoorde en dat weet ik nog steeds niet precies. Girl, In A Savage World is absoluut een popalbum en bij vlagen een best toegankelijk popalbum, maar het is ook een popalbum met een volkomen uniek eigen geluid. Je hoort het in de muziek, die alle kanten op kan, maar je hoort het vooral in de zang, die het ene moment klinkt als 100% pop, maar het volgende moment als 0% pop. Girl, In A Savage World is volgestopt met bijzondere wendingen, muzikale hoogstandjes en vocale verwondering. Het is een album dat het je niet makkelijk maakt, maar waar je wel zomaar als een blok voor kunt vallen.
In Australië en Nieuw-Zeeland kan de zomer ieder moment beginnen en dat is meestal een moment waarop nog flink wat nieuwe albums verschijnen. De nieuwsbrief van de muziekwinkel Flying Out Records uit het Nieuw-Zeelandse Auckland, een van mijn belangrijke tipgevers, zat dan ook stampvol de afgelopen week.
Australië was goed voor de nieuwe albums van The Belair Lip Bombs en Stella Donnelly, terwijl Nieuw-Zeeland leverancier was van een aantal bijzondere popalbums. Een aantal van deze albums komt mogelijk nog terug in de komende weken, maar ik wil nu al stil staan bij het album dat me het meest opviel de afgelopen week.
Het gaat om Girl, In A Savage World van Theia en het is een album dat me maar blijft verrassen en verbazen. Theia is het alter ego van de in het Nieuw-Zeelandse Christchurch (ÅŒtautahi) geboren Em-Haley Walker, die Maori wortels heeft. Ze heeft inmiddels Los Angeles als thuisbasis, maar is ook haar Nieuw-Zeelandse en Maori wortels niet vergeten. Girl, In A Savage World laat hierdoor een bijzondere mix van invloeden en culturen horen, wat een fascinerend album oplevert.
Het debuutalbum van Theia is deels een popalbum zoals deze in Los Angeles wel meer worden gemaakt, maar Girl, In A Savage World klinkt minstens net zo vaak totaal anders dan de andere popalbums die in Los Angeles worden gemaakt. Het debuutalbum van Theia heeft het eigenzinnige dat de Nieuw-Zeelandse popmuziek van het moment kenmerkt, maar de Nieuw-Zeelandse muzikante verwerkt ook invloeden uit de Maori cultuur in haar teksten en in haar muziek.
Het levert bijzondere songs op, die het ene moment verrassend toegankelijk en aanstekelijk klinken, maar het volgende moment totaal anders klinken dan alles dat je gewend bent. Het zit hem deels in de muziek, waarvoor ook traditionele Maori instrumenten zijn ingezet, maar het zit hem vooral in de zang op Girl, In A Savage World.
Theia beschikt over een mooie stem die het goed doet in de toegankelijke popsongs op haar debuutalbum, maar als ze een stukje hoger zingt heb ik eerder associaties met Scandinavische of IJslandse ijsprinsessen dan met een popster uit Nieuw-Zeeland. Het knappe van Girl, In A Savage World is dat Theia bijna naadloos schakelt tussen haar muzikale werelden. Het ene moment hoor je een wereldhit in de dop, het volgende moment volstrekt ongrijpbare klanken.
In muzikaal en productioneel opzicht zit het allemaal razendknap en buitengewoon fascinerend in elkaar, maar de bijzondere zang zorgt er voor dat Girl, In A Savage World een popalbum is dat zijn gelijke niet kent in het aanbod van het moment. Ik blijf me verbazen over de zang, die nog wat ongrijpbaarder klinkt wanneer Theia in een Maori taal zingt, maar die niet alleen verbaast, maar ook betovert, want de Nieuw-Zeelandse muzikante beschikt over een prachtige stem, die ook zonder muziek makkelijk overeind blijft.
Ook in muzikaal opzicht is Girl, In A Savage World een album dat je blijft verrassen, tot het na 21 minuten opeens voorbij is. Dat is voor een album erg kort en misschien is het meer een minialbum, maar omdat er zo verschrikkelijk veel gebeurt op het album is 21 minuten ook wel genoeg. Girl, In A Savage World is bovendien een album dat je ook best twee keer na elkaar kunt beluisteren, want je blijft nieuwe dingen horen in de fascinerende muziek van Theia. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
The Belair Lip Bombs - Again (2025) 4,0
12 november 2025, 16:12 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: The Belair Lip Bombs - Again - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: The Belair Lip Bombs - Again
Er zijn dit jaar niet heel veel frisse, interessante en leuke nieuwe gitaarbandjes opgedoken, maar de Australische band The Belair Lip Bombs laat op haar uitstekende tweede album Again horen dat het er zeker een is
Direct bij de eerste noten van de openingstrack van Again van The Belair Lip Bombs heb je het gevoel dat je een band hoort die wel eens heel groot kan gaan worden. Dat zijn grote schoenen om te vullen en dat lukt de Australische band dan ook niet altijd, maar Again is absoluut een leuk album. The Belair Lip Bombs maakt op haar tweede album aanstekelijke en soms licht tegendraadse gitaarpop zoals alleen Australische bands die maken. De band beschikt in de persoon van Maisie Everett over een aansprekend boegbeeld en laat op Again ook nog eens horen dat het kan variëren, waardoor het album misschien niet de hele tijd zorgt voor een jubelstemming, maar wel laat horen dat er nog veel meer in zit.
Lush Life, het eerste album van de Australische band The Belair Lip Bombs, was in de zomer van 2023 een album waar ik in eerste instantie heel vrolijk van werd, maar dat ik na een paar keer horen toch weer opzij legde. Het overkwam me een week of twee geleden ook weer met Again, het tweede album van de band uit Melbourne.
Door een aantal zeer lovende recensies in de Britse muziektijdschriften was ik op voorhand al heel nieuwsgierig geworden naar het album en bij eerste beluistering was ik direct enthousiast. Uiteindelijk selecteerde ik het album echter niet omdat het goede gevoel om onduidelijke redenen niet bleef, waarbij ik niet uitsluit dat het te maken had met het stevig opkomende herfstweer van dat moment.
Omdat het positieve recensies bleef regenen probeerde ik het de afgelopen week toch nog een keer en nu hield de Australische band mijn aandacht wel vast. Ook tijdens het typen van deze recensie word ik alleen maar heel vrolijk van het nieuwe album van The Belair Lip Bombs, dat ik inmiddels dan ook als een blijvertje zie.
De band rond frontvrouw Maisie Everett vermaakt ook op haar tweede album met een aantal onweerstaanbaar lekkere gitaarsongs, maar gooit er af en toe ook een wat meer ingehouden popsong tegenaan. Het debuutalbum van de band werd niet heel opvallend geproduceerd door Nao Anzai, die onder andere werkte met The Teskey Brothers, maar hij mocht toch terugkeren voor het tweede album. Hij kreeg wel gezelschap van Joe White van de band Rolling Blackouts Coastal Fever, die de band een flinke impuls heeft gegeven.
Rolling Blackouts Coastal Fever heeft het patent op typisch Australische en bijzonder aanstekelijke gitaarsongs en die maakt The Belair Lip Bombs ook op haar tweede album. Wanneer het gitaarwerk wat tegendraads is heeft het wel wat van de muziek waarmee de New Yorkse band The Strokes ooit debuteerde, maar de band rond Maisie Everett varieert er op Again ook flink op los. Een aantal songs op het album past in de hokjes indierock, maar ook jangle pop en pop komen voorbij op het tweede album van de band.
Op het ruim twee jaar oude debuutalbum van The Belair Lip Bombs rammelde het nog aan alle kanten, maar op Again heeft de Australische band in een aantal opzichten stappen gezet. Again laat een hecht spelende band horen, die vooral indruk maakt met veelkleurig gitaarwerk, maar ook de ritmesectie van de band stuwt de songs van The Belair Lip Bombs steeds weer naar een net wat hoger niveau.
De meeste van dit soort bandjes beschikken over een zanger met veel of zelfs net wat teveel branie, maar de songs van The Belair Lip Bombs klinken anders door de zang van frontvrouw Maisie Everett. Again klinkt wat liever en charmanter dan albums van vergelijkbare gitaarbands, maar Maisie Everett kan ook zeker rocken.
Bij mij viel het kwartje misschien niet direct, maar nu de zon de afgelopen dagen weer wat vaker scheen blijkt Again een album om de zomer van in je kop te krijgen en voorlopig nog even te houden. Jack White was direct fan toen hij het debuut van de band hoorde en bood de band een platencontract aan en daar gaat hij volgens mij geen spijt van krijgen, al is het maar omdat ik het idee heb dat de Australische band nog wel wat groeipotentie heeft. In de gaten houden deze band. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
h. pruz - Red Sky at Morning (2025) 4,0
12 november 2025, 14:54 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: h. pruz - Red Sky At Morning - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: h. pruz - Red Sky At Morning
Hannah Pruzinsky levert deze week het tweede album onder de naam h. pruz af en net als het debuutalbum No Glory is ook Red Sky At Morning een album vol met mooie en intieme maar ook avontuurlijke songs
Het debuutalbum van h. pruz sneeuwde vorig jaar helaas wat onder en dat ook zomaar kunnen gebeuren met opvolger Red Sky At Morning. Dat zou jammer zijn, want het tweede album van het alter ego van Hannah Pruzinsky is een erg mooi album. Het is een album met zachte zang en redelijk ingetogen klanken, maar h. pruz heeft wel veel moois verstopt in deze klanken, waardoor het album de aandacht makkelijk weet vast te houden. Het geluid op het album rammelt wat en dat doet ook een deel van de songs, maar dat is ook de charme van de muziek van h. pruz, die een album heeft afgeleverd dat wat mij betreft opvalt in het enorme aanbod van het moment.
De naam h. pruz kwam ik een paar maanden geleden nog tegen, toen ik het debuutalbum van de Amerikaanse band Sister. (met een punt) besprak. Sister. is een Amerikaans trio rond de muzikanten Ceci Sturman en Hannah Pruzinsky. De band leverde met Two Birds een uitstekend, maar helaas ook wat tussen wal en schip geraakt album af. Hannah Pruzinsky, die zichzelf ziet als non-binair persoon, maakte vorig jaar ook al indruk en deed dat toen onder de naam h. pruz.
No Glory, het debuutalbum van h. pruz, was in alle opzichten een mooi album, dat op knappe wijze invloeden uit de folk zoals die in de jaren 60 en 70 werd gemaakt combineerde met invloeden uit de indiefolk van het moment. Het album kreeg een aantal zeer positieve recensies, maar werd uiteindelijk slechts in kleine kring opgemerkt, net als het album van Sister. een paar maanden geleden.
Hannah Pruzinsky krijgt een tweede kans met het deze week uitgebrachte Red Sky At Morning. Het is net als het debuutalbum van de muzikant uit Brooklyn, New York, een album met spaarzaam ingekleurde songs. Het zijn songs die in het hokje folk passen, waarbij Hannah Pruzinsky wederom aansluiting vindt bij folk uit het verleden en het heden.
Vergeleken met het debuutalbum klinkt het tweede album van h. pruz net wat voller, al is vol een relatief begrip. Ook de songs op Red Sky At Morning zijn betrekkelijk spaarzaam ingekleurd met een hoofdrol voor de akoestische of elektrische gitaar, maar naast bas en drums spelen ook andere instrumenten af en toe een rol op het album. In de openingstrack is een lekker tegendraadse saxofoon te horen, maar h. pruz kiest ook één keer voor een wat gruiziger klinkende song en schuift in een aantal tracks wat op richting country.
Haar songs doen in het laatste geval wel wat denken aan de meest ingetogen songs van Big Thief en nog meer aan het solowerk van Big Thief zangeres Adrianne Lenker. Dat heeft alles te maken met de stem van Hannah Pruzinsky, die over het algemeen fluisterzacht, maar ook met veel gevoel zingt. Adrianne Lenker heeft wat onvaste wendingen in haar stem als handelsmerk, maar de zang op Red Sky At Morning is prachtig zuiver.
Ik hou wel van dit soort muziek, zeker als de dagen korter en kouder worden, maar het aanbod is momenteel wel erg groot. Ik ben echter blij dat de Amerikaanse website Paste ook het tweede album van h. pruz weer heeft gevonden, maar verder is het vooralsnog veel te stil rond Red Sky At Morning. Het is absoluut zo dat het tweede album van h. pruz op het eerste gehoor niet heel veel toevoegt aan alles dat er al is in het genre, maar net als No Glory vorig jaar is het een album dat beschikt over de nodige groeipotentie.
Bij eerste beluistering was ik minder gecharmeerd van de songs op het album waarin vooral geïmproviseerd wordt, maar ook deze dragen uiteindelijk bij aan de bijzondere sfeer van het album. Die sfeer zorgt er voor dat het af en toe lijkt of Hannah Pruzinsky en de andere muzikanten die op het album zijn te horen zo ongeveer naast je staan.
De sobere klanken en de zachte zang voorzien de songs van een bijzondere intimiteit, waardoor ik Red Sky At Morning steeds mooier ga vinden. En zo heeft Hannah Pruzinsky in anderhalf jaar tijd drie albums afgeleverd die het absoluut verdienen om ontdekt te worden. Van deze albums schat ik het nieuwe album van h. pruz inmiddels het hoogst in. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Stella Donnelly - Love and Fortune (2025) 4,0
11 november 2025, 20:25 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Stella Donnelly - Love And Fortune - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Stella Donnelly - Love And Fortune
Na haar geweldige debuut EP schiet de muziek van de Australische muzikante Stella Donnelly alle kanten op en dat is niet anders op het verrassend ingetogen en melancholische maar ook bijzonder mooie Love And Fortune
Stella Donnelly geldt al jaren als enorm talent, maar zelf twijfelde ze erg over haar toekomst in de muziek. Met haar nieuwe album Love And Fortune kan ze flink zelfvertrouwen tanken, want wat is het een mooi album geworden. Het is een verrassend ingetogen album, dat vooral vertrouwt op sfeervolle klanken en op de bijzonder mooie stem van de Australische muzikante. Love And Fortune is een zeer persoonlijk en wat weemoedig album geworden, maar het is ook een album wat warmte en hoop uitstraalt. Het oeuvre van Stella Donnelly beweegt zich sinds haar eerste stappen in de muziek alle kanten op, maar het bijzonder mooie Love And Fortune is wat mij betreft een hoogtepunt.
Helemaal aan het eind van 2018 ontdekte ik de aan het begin van dat jaar verschenen eerste EP van de Australische muzikante Stella Donnelly. Ik was echt enorm onder de indruk van Thrush metal, dat ik als volgt omschreef: “Bij beluistering van Thrush Metal denk ik aan Julien Baker, Phoebe Bridgers en een jonge PJ Harvey. Jaarlijstjesmateriaal dus. Thrush Metal is soms loom en folky, maar is net zo makkelijk rauw en stekelig. Een ongelooflijk knappe EP die doet uitzien naar veel en veel meer.”
Op basis van haar eerste EP schaarde ik Stella Donnelly dan ook onder de grote beloften van de indie scene en die belofte heeft ze wat mij betreft waar gemaakt met haar debuutalbum Beware Of The Dogs uit 2019 en opvolger Flood uit 2022, al moest ik aan beide albums wennen. Op haar debuutalbum schoof de Australische muzikante wat op richting indierock en dreampop, terwijl het corona lockdown album Flood een wat meer pop georiënteerd geluid liet horen.
Deze week is het derde album van Stella Donnelly verschenen en ook met Love And Fortune laat de Australische muzikante weer horen dat ze zeer getalenteerd is. Dat talent zit hem voor een deel in haar veelzijdigheid. Ook het derde album van Stella Donnelly klinkt immers weer anders dan de twee vorige albums en de EP waarmee ze in 2018 zo fraai debuteerde.
Love And Fortune is, veel meer dan Beware Of The Dogs en Flood, een singer-songwriter album. Dat is deels een terugkeer naar het genre dat een belangrijke rol speelde op Thrush Metal, al klonken de songs op die EP een stuk ruwer dan de songs die zijn terecht gekomen op Love And Fortune.
Love And Fortune is een verrassend ingetogen en behoorlijk melancholisch album geworden, al staan er ook wel wat voller klinkende songs op. Het is een album over een verloren vriendschap, waarmee het derde album van Stella Donnelly kan worden gezien als een breakup album, al is het een ander soort breakup album dan de talloze albums over verloren liefdes.
Het met muzikale vrienden gemaakte en in Australië opgenomen album is een zeer persoonlijk en intiem album geworden. De muziek op het album is bij vlagen sober met een hoofdrol voor de piano, maar het is zeker geen Spartaans klinkend singer-songwriter album, al is het maar omdat er hier en daar ook wordt geflirt met indierock. Ook aan Love And Fortune moest ik weer even wennen, maar inmiddels hoor ik alleen maar de schoonheid van het bijzondere nieuwe album van de Australische muzikante.
Melancholie speelt een belangrijke rol in de songs op Love And Fortune en het is dan ook niet zo gek dat stemmige klanken domineren op het album, dat verschijnt in de Australische zomer, maar dat beter past in de winter op het noordelijk halfrond. Stella Donnelly laat op haar nieuwe album horen dat ze verder is gegroeid als songwriter en dat is ze ook als zangeres, want wat klinkt haar stem op Love And Fortune prachtig.
In 2018 maakte de muzikante uit Melbourne wat mij betreft een onuitwisbare indruk met haar eerste EP. Aan alles dat sindsdien is verschenen moest ik wennen en dat geldt ook weer voor het derde album van Stella Donnelly, maar eenmaal gewend vind ik Love And Fortune nog wat indrukwekkender en een flink stuk mooier dan Beware Of The Dogs en Flood. Stella Donnelly laat nog maar eens horen dat ze een uniek talent is met een album dat het verdient om gekoesterd te worden. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Diana Silvers - From Another Room (2025) 4,0
11 november 2025, 07:54 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Diana Silvers - From Another Room - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Diana Silvers - From Another Room
Succesvolle actrices die gaan zingen; het is meestal geen goed idee, maar dat het ook anders kan laat de Amerikaanse actrice en muzikante Diana Silvers horen op haar uitstekende debuutalbum From Another Room
Min of meer bij toeval liep ik tegen het debuutalbum van Diana Silvers aan en het is een album dat me uitstekend bevalt. De muzikante uit New York beschikt over een bijzonder mooie stem en het is een stem die het goed doet in het folky repertoire dat domineert op haar debuutalbum. From Another Room doet af en toe denken aan de albums die werden gemaakt binnen de Laurel Canyon scene van de jaren 60 en 70, maar Diana Silvers kan naast tijdloos ook eigentijds klinken. Diana Silvers schrijft ook nog eens mooie en persoonlijke songs, waardoor haar debuutalbum From Another Room een album is dat wat mij betreft opvalt in het enorme aanbod van het moment.
In geen van de releaselijsten die ik de afgelopen week heb bekeken, en dat zijn er behoorlijk wat, kwam ik de naam van Diana Silvers tegen. Min of meer bij toeval zag ik haar deze week verschenen debuutalbum wel in een lijstje met tips op Spotify. Die tips bekijk en beluister ik lang niet altijd, want het muziekplatform tipt me maar zelden iets dat ik nog niet ken en ook nog eens goed vind.
Ik ben echter blij dat ik From Another Room wel heb beluisterd, want ik vind het debuutalbum van Diana Silvers echt heel erg mooi. Het is een naam die voor mij wat uit de lucht komt vallen en dat is niet zo gek, want de Amerikaanse muzikante bracht pas twee maanden geleden haar eerste single uit en vorige maand de tweede. Onbekend is Diana Silvers zeker niet, want ze timmerde de afgelopen jaren stevig en met veel succes aan de weg als model en als actrice.
Dat ze ook kan zingen was tot voor kort een goed bewaard geheim, maar met From Another Room zet Diana Silvers indrukwekkende eerste stappen als muzikante. Gezien haar bekendheid als model en actrice verbaast het me wel dat het debuutalbum van Diana Silvers deze week niet heel veel aandacht krijgt. Het aantal recensies dat het album heeft gekregen is op de vingers van één hand te tellen en met name de wat alternatievere media geven niet thuis.
Het heeft mogelijk te maken met het feit dat actrices die zo nodig willen gaan zingen de schijn meestal flink tegen hebben. Dat is in de meeste gevallen overigens volkomen terecht, maar Diana Silvers verdient absoluut het voordeel van de twijfel. De in Los Angeles opgegroeide maar tegenwoordig in New York woonachtige Diana Silvers kreeg de muziek thuis met de paplepel ingegoten en speelde al op jonge leeftijd cello. Dat instrument verruilde ze uiteindelijk voor de gitaar, die het eenvoudiger maakte om folky songs te schrijven.
Diana Silvers brak op jonge leeftijd door als model en later als actrice, waardoor ze haar muzikale ambities tijdelijk parkeerde. Of ze vanaf nu vol voor de muziek gaat weet ik niet, maar ik hoop het wel. De Amerikaanse muzikante nam haar debuutalbum in elf dagen op en nam hierbij veel in eigen hand. Ze schreef de songs voor het album, tekende voor de productie en uiteraard voor de zang, maar naast het gitaarspel zijn ook de bijdragen van cello, vibrafoon, synths en percussie van de hand van Diana Silvers zelf.
Het levert een intiem en persoonlijk album op en het is een album dat mij absoluut weet te raken. From Another Room is een album dat zeker een folkalbum mag worden genoemd. Het is een folkalbum dat in flink wat tracks doet denken aan de folk die in de jaren 60 en 70 werd gemaakt in de Laurel Canyon bij Los Angeles. Het zijn de tracks op From Another Room die wat nostalgisch aandoen, maar de songs van Diana Silvers klinken incidenteel ook wat moderner, zoals The Dream dat de jaren 60 en 70 direct verruilt voor het heden.
De muziek op het album is zeer smaakvol en voorziet de songs van Diana Silvers van een aangename en warme sfeer. Die sfeer wordt nog wat aangenamer door de stem van de Amerikaanse muzikante, die echt kan zingen en beschikt over een warm en karakteristiek stemgeluid, dat de songs op haar debuutalbum nog wat verder optilt. Ik begrijp inmiddels wel waarom Spotify mij het album tipte, maar ik begrijp niet dat het verder zo stil is rond From Another Room van Diana Silvers, want dit is echt een uitstekend album. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
The Police - Reggatta de Blanc (1979) 4,5
9 november 2025, 19:56 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: The Police - Reggatta De Blanc (1979) - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: The Police - Reggatta De Blanc (1979)
The Police liftte in eerste instantie mee op de golven van de punk, maar ook op hun tweede album kunnen Gordon Sumner, Stewart Copeland en Andy Summers niet verbergen dat ze stuk voor stuk geweldige muzikanten zijn
The Police moet worden gerekend tot de meest succesvolle bands van de late jaren 70 en vroege jaren 80. De vijf albums die het trio afleverde zijn allemaal van hoog niveau, maar Reggatta De Blanc is wat mij betreft het beste album van The Police. Het is een album waarop de eenvoud van de songs van het debuutalbum wordt gecombineerd met het muzikale vernuft van de latere albums van de Britse band. Ik luister eerlijk gezegd zelden meer naar de muziek van The Police, maar wat heb ik genoten van de hernieuwde kennismaking met Reggatta De Blanc, dat een aantal songs bevat die eenvoudig lijken, maar waar de muzikaliteit van afdruipt. Luister alleen maar eens naar het fenomenale drumwerk.
Gordon Sumner, ook wel bekend onder de bijnaam Sting, speelde in 1975 in de jazzband Last Exit en kwam op een gegeven moment in contact met Stewart Copeland, die drumde in de arty progrock band Curved Air. In 1977 kregen ze gezelschap van gitarist Henri Padovani en formeerden ze een band en begon de zoektocht nar een platencontract.
De band leek direct uit elkaar te vallen toen Gordon Sumner en Stewart Copeland, samen met gitarist Andy Summers, die in Soft Machine en The Animals had gespeeld, werden gevraagd voor de band Strontium 90. Toen dat niet van de grond kwam sloot Andy Summers aan bij Gordon Sumner, Stewart Copeland en Henri Padovani en was The Police geboren. Uiteindelijk bleek één gitarist wel genoeg en verdween Henri Padovani van het toneel. De Franse gitarist ging zijn eigen weg en zou pas 30 jaar later weer aansluiten bij de reünie tour van The Police.
We gaan terug naar 1977. Met Gordon Sumner, Stewart Copeland en Andy Summers beschikte The Police over drie geschoolde en zeer ervaren muzikanten, maar in het jaar waarin de punk definitief doorbrak, was dat eerder een nadeel dan een voordeel. De drie muzikanten vergaten daarom hun muzikale bagage en kozen voor een geluid met invloeden uit de punk, rock en reggae. Wat waterstofperoxide deed de rest.
Het leverde in 1978 het album Outlandos d'Amour op, waarna de muzikale formule van The Police al snel bleek aan te slaan. Mede dankzij uitstekende singles als So Lonely, Can’t Stand Losing You en Roxanne werd het debuutalbum van The Police een enorm succes. Het geluid van The Police klonk op Outlandos d'Amour misschien betrekkelijk eenvoudig, maar als je wat beter luisterde hoorde je drie topmuzikanten.
Ik vind Outlandos d'Amour nog altijd het meest charmante album van The Police, maar het is ook een wat wisselvallig album. Vanaf het in 1980 verschenen Zenyatta Mondatta ging The Police wat complexere muziek maken en die lijn werd doorgetrokken op het in 1981 verschenen Ghost In The Machine en nog wat meer op de in 1983 verschenen zwanenzang Synchronicity.
Het tweede album van The Police, het in 1979 uitgebrachte Reggatta De Blanc, is daarom mijn favoriete album van de Britse band. Reggatta De Blanc heeft nog de ruwe eenvoud van Outlandos d'Amour, maar over het geheel genomen zijn de songs beter en constanter dan op het debuutalbum. De Amerikaanse muziekencyclopedie AllMusic denkt er anders over en vindt Reggatta De Blanc het zwakste album van de band, maar de score op MusicMeter sluit weer wel aan bij mijn voorkeur.
Nog meer dan op Outlandos d'Amour is de eenvoud van de songs op Reggatta De Blanc maar schijn, want wat wordt er fantastisch gespeeld. De geweldige baslijnen van Sting, het veelkleurige gitaarspel van Andy Summers en het weergaloze drumwerk van Stewart Copeland tillen de songs van The Police mijlenver op. Je hoort het bijvoorbeeld in de titeltrack waarin Stewart Copeland fantastisch drumt, in Bring On The Night waarin het gitaarwerk echt schitterend is of in The Bed’s Too Big Without You met dat heerlijke basloopje.
The Police maakte uiteindelijk slechts vijf albums in vijf jaar tijd en het is inmiddels meer dan veertig jaar geleden dat het doek viel voor de band. Desondanks klinkt Regatta de Blanc nog altijd verrassend fris. Dat had ik eerlijk gezegd niet verwacht, maar ik ga er van uit dat het album de komende tijd nog wel vaker voorbij gaat komen. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Whitney - Small Talk (2025) 4,0
9 november 2025, 10:03 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Whitney - Small Talk - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Whitney - Small Talk
Het Amerikaanse duo Whitney sloeg op haar vierde album net wat andere wegen in, maar verleidt op haar nieuwe album Small Talk weer meedogenloos met warme klanken en een bijzonder aangename jaren 70 vibe
Er zijn veel meer bands die zich laten beïnvloeden door muziek uit de jaren 70 en met name door alles tussen Steely Dan en The Bee Gees, maar geen band doet dit zo goed als het duo Whitney. Julien Ehrlich en Max Kakacek leken het op hun vorige album een beetje kwijt, maar op het deze week verschenen Small Talk hebben ze de oude vorm weer hervonden. Small Talk ligt in het verlengde van de eerste drie albums van het duo uit Chicago en klinkt weer ongelooflijk lekker. Je moet wat in de stemming zijn voor de wat zoetgevooisde muziek van het Amerikaanse tweetal, maar op het juiste moment doen de songs van Whitney ook op Small Talk weer wonderen.
Bij de naam Whitney moet ik altijd in eerste instantie aan Whitney Houston denken en pas hierna aan het Amerikaanse duo dat deze week haar vijfde album heeft uitgebracht. Whitney Houston en het duo Whitney hebben overigens wel iets met elkaar gemeen. Whitney Houston was absoluut een fantastische zangeres, maar haar albums waren zonder uitzondering zo glad als een aal. Ik heb altijd gehoopt dat ze nog eens een ruw soulalbum zou maken, maar haar trieste dood in 2012 deed alle hoop op zo’n album vervliegen. Ook de muziek van het duo Whitney is aan de gladde kant, maar waar dat me bij Whitney Houston enorm in de weg zat, ben ik tot dusver zeer gecharmeerd van de muziek van het duo Whitney.
Dat ben ik niet altijd, want ik besprak tot dusver twee van de vier albums van het duo dat wordt gevormd door Julien Ehrlich en Max Kakacek. De twee kennen elkaar van de band Smith Westerns, maar vormen inmiddels al een jaar of tien Whitney. Ik besprak zoals gezegd twee van de vier vorige albums van Whitney, maar naast Forever Turned Around (2019) en Candid (2020) kan ik inmiddels ook Light Upon The Lake, het debuutalbum van Whitney uit 2016, zeker waarderen.
Op SPARK sloeg het tweetal drie jaar geleden een net wat andere richting in, met meer aandacht voor ritmes. Het sprak me net wat minder aan dan de eerdere albums, al bleef het wel Whitney. Julien Ehrlich en Max Kakacek keren deze week terug met hun vijfde album en Small Talk zit weer wat dichter tegen de eerdere albums van het tweetal aan en keert hiermee terug naar een vertrouwd geluid.
Ook op Small Talk vinden de twee muzikanten uit Chicago, Illinois, de inspiratie weer vooral in de jaren 70. De namen van Steely Dan en The Bee Gees worden vaak genoemd bij het beschrijven van de muziek van Whitney en dat is niet voor niets. Het eerste heeft waarschijnlijk vooral te maken met de mooie klanken en de invloeden uit de jazz in de muziek van het tweetal, terwijl associaties met de muziek van de broers Gibb vooral wordt gevoed door de falsetstem van Julien Ehrlich en de fraaie harmonieën met Max Kakacek. Bij beluistering van de muziek van Whitney komen overigens veel meer namen naar boven en het zijn meestal namen uit de popmuziek uit de jaren 70, met een voorliefde voor blue-eyed soul en softrock.
Het tweetal werkte in het verleden met ervaren producers, onder wie topproducer Brad Cook, maar Small Talk werd door Julien Ehrlich en Max Kakacek zelf geproduceerd. Dat hebben de twee prima gedaan, want Small Talk klinkt net zo lekker als de eerste drie albums van Whitney. Ook het nieuwe album van het duo uit Chicago is weer een album vol zonnestralen. Daar hebben we op dit moment toevallig geen gebrek aan, maar er komen vast donkere dagen aan, waarop Small Talk van Whitney kan gaan zorgen voor de broodnodige hoeveelheid vitamine D.
Ik noemde de muziek van Whitney aan het begin van deze recensie aan de gladde kant en ook Small Talk klinkt op zijn minst redelijk gepolijst, maar wat klinkt het ook weer lekker, zeker als Madison Cunningham nog even mee zingt. Zeker op een lome zondag zorgen de warme klanken van Whitney voor een zeer aangename sfeer. Luister net wat beter en je hoort dat de songs van Julien Ehrlich en Max Kakacek weer knap in elkaar zitten en net zo leuk blijven als bij eerste beluistering. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
ROSALÍA - LUX (2025) 5,0
8 november 2025, 11:55 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: ROSALÍA - LUX - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: ROSALÍA - LUX
De Spaanse muzikante ROSALÍA slaat op haar nieuwe album LUX totaal andere wegen in dan op de vorige albums, maar maakt nog altijd diepe indruk met haar muziek, stem en songs, die ook dit keer volkomen uniek klinken
De critici waren er gisteren heel snel uit en probeerden elkaar te overtreffen met superlatieven. Daar valt niet zo veel op af te dingen, want LUX is een adembenemend mooi album. Het is ook een bijzonder album, dat je wel even op je in moet laten werken. Het is een album dat flink afstand neemt van de elektronische popmuziek die op haar vorige twee albums was te horen. Dankzij impulsen van de London Symphony Orchestra neemt ROSALÍA de afslag richting klassieke muziek, met hier en daar invloeden uit de flamenco, precies de twee richtingen waarin ze ooit afstudeerde. Het is bij vlagen behoorlijk heftig en af en toe pompeus en pretentieus, maar wat is het ook indrukwekkend mooi. De verwachtingen waren hooggespannen, maar ROSALÍA overtreft ze met speels gemak.
Gisteren verscheen LUX, het vierde album van ROSALÍA, de naam waaronder de Spaanse muzikante Rosalía Vila Tobella inmiddels een aantal jaren muziek maakt. De vorige twee albums van ROSALÍA , El Mal Querer uit 2018 en MOTOMAMI uit 2022 konden rekenen op zeer lovende recensies, maar wat gisteren gebeurde na de release van LUX heb ik niet vaak gezien.
Het nieuwe album van ROSALÍA werd binnen enkele uren bedolven onder de 5-sterren recensies, waarin het aantal superlatieven steeds verder toenam. LUX is al meerdere malen uitgeroepen tot album van het jaar en dat enkele uren na de release. Het lijkt een hype van ongekende proporties, maar LUX is echt een sensationeel goed album.
ROSALÍA debuteerde in 2017 met het album Los Ángeles, waarop ze vooral Spaanse flamenco maakte. Op de twee albums die volgden schoof ze op richting popmuziek, al was het wel popmuziek die bol stond van de bijzondere invloeden. LUX is een totaal ander album dan El Mal Querer en MOTOMAMI en de vraag of het nog wel een popalbum is lijkt me een legitieme vraag.
Na de songs op het album meerdere keren te hebben beluisterd beantwoord ik de vraag of LUX een popalbum is met ja, maar het is wel een popalbum dat totaal anders klinkt dan alle andere popalbums die je de afgelopen jaren hebt gehoord. Dat zit hem in eerste instantie in de muziek op het album, waarvoor ROSALÍA onder andere een beroep deed op de London Symphony Orchestra.
Zeker wanneer het orkest uitpakt met heel veel strijkers schuift LUX op richting bij vlagen behoorlijk bombastische klassieke muziek, maar de Spaanse muzikante grijpt ook terug op de flamenco muziek waarmee ze opgroeide. Het betekent niet dat ROSALÍA de popmuziek volledig achter zich heeft gelaten, want in een aantal songs hoor je ook duidelijke ingrediënten waarmee LUX weer wat dichter tegen de vorige twee albums kruipt, tot de strijkers toch weer losbarsten. \
Op LUX kruipt de Spaanse muzikante in de huid van een aantal vrouwen die een belangrijke rol speelden in de wereldgeschiedenis en dit doet ze in veertien talen, wat het bijzondere karakter van LUX nog wat verder versterkt. Zeker bij eerste beluistering is LUX een fascinerende maar ook wat overweldigende luistertrip van 15 (streaming media) of zelfs 18 (cd en LP) tracks.
In muzikaal opzicht word je heen en weer geslingerd tussen klassieke muziek, Spaanse flamenco of toch weer pop en ook de stem van ROSALÍA schiet alle kanten op. Van fraai ingetogen tot verleidelijk zwoel tot imponerende orkaankracht. De Spaanse muzikante redde het ooit niet in een Spaanse talentenjacht omdat ze vals zong, maar op LUX is haar zang bijzonder mooi.
Het is razendknap hoe LUX in een paar noten kan schakelen van klassieke muziek naar Flamenco of pop en weer terug. Er gebeurt op het nieuwe album van ROSALÍA zoveel dat het je bijna continu duizelt en hoewel de Spaanse muzikante op haar nieuwe album heel vaak buiten mijn muzikale comfort zone kleurt kan ik alleen maar ademloos luisteren naar het bijzondere LUX.
Dat lukte ROSALÍA overigens ook al met haar vorige twee albums, die ik heel hoog heb zitten, maar ik vind LUX nog wat indrukwekkender. Of het nieuwe album van ROSALÍA inderdaad het album van 2025 gaat worden zal de tijd leren, maar dat het een van de meest bijzondere albums van het moment is, is voor mij zeker. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Anna von Hausswolff - Iconoclasts (2025) 3,5
7 november 2025, 16:52 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Anna von Hausswolff - ICONOCLASTS - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Anna von Hausswolff - ICONOCLASTS
De Zweedse muzikante Anna von Hausswolff maakt al een jaar of vijftien bijzondere muziek en voegt met ICONOCLASTS een heftig maar bij vlagen ook wonderschoon album toe aan haar unieke oeuvre
Meestal vind ik een album mooi of juist niet mooi, maar bij beluistering van de albums van Anna von Hausswolff schiet mijn oordeel steeds weer een andere kant op. Het is niet anders bij beluistering van ICONOCLASTS dat ik bij vlagen echt betoverend mooi vind, maar minstens net zo vaak veel te heftig en pompeus. De Zweedse muzikante doet soms echt alles goed in haar fascinerende songs, maar ze is me soms ook volledig kwijt. Ik heb soms echt helemaal niets met ICONOCLASTS, maar het album is ook te mooi en bijzonder om te laten liggen. Ik zal het juiste moment moeten vinden voor de muziek van Anna von Hausswolff, want ICONOCLASTS laat me op een of andere manier niet los.
Precies tien jaar geleden schreef ik een recensie over het album The Miraculous van de Zweedse muzikante Anna von Hausswolff. Het is een album dat ik sindsdien niet meer heb beluisterd, maar in 2015 schreef ik er het volgende over: “The Miraculous is meer dan eens bombastisch en theatraal en hiernaast zo donker dat het vaak muziek is om bang van te worden, maar als je er voor in de stemming bent is het ook muziek van een enorme schoonheid. Anna von Hausswolff voorziet al haar songs van bijzondere spanningsbogen. De ene keer wordt je compleet weggeblazen door de zwaar aangezette klanken, het volgende moment houdt Anna von Hausswolff haar muziek opvallend klein, maar weet je dat een uitbarsting nooit ver weg kan zijn. The Miraculous raakt aan de muziek van The Swans, maar als Anna von Hausswolff kiest voor net wat toegankelijkere songstructuren hoor je ook wat van Kate Bush, terwijl de combinatie van orgel en zwaar aangezette zang juist weer doet denken aan Nico.”
Het is een omschrijving die me nieuwsgierig maakt naar de muziek van Anna von Hausswolff, maar die me ook afschrikt. Na The Miraculous heb ik geen album van de Zweedse muzikante meer besproken en ook het deze week verschenen ICONOCLASTS kwam niet door mijn eerste selectie. Aangemoedigd door een flink aantal zeer lovende recensies ben ik het blijven proberen met het album en uiteindelijk hoorde ik toch genoeg moois om te vallen voor de muziek van de Zweedse muzikante.
ICONOCLASTS duurt bijna 75 minuten en is net als het album dat ik tien jaar geleden besprak een vat vol tegenstrijdigheden. Het album opent met een behoorlijk eclectisch geluid met flink wat blazers maar ook atmosferische klankentapijten die de Scandinavische oorsprong van Anna von Hausswolff verraden. Het is zware kost, maar ook fascinerend mooi.
Ook als de Zweedse muzikante zingt kan het twee kanten op. Haar zang is soms stevig aangezet, maar ze kan ook meer ingetogen zingen. Ik vind de zang op ICONOCLASTS soms betoverend mooi maar soms ook beangstigend. Hetzelfde geldt voor de muziek. Het is muziek die soms fascinerend avontuurlijk is en prachtig beeldend, maar ik hoor ook stukken muziek waar ik veel minder mee kan.
De muziek van Anna von Hausswolff wordt dit keer vergeleken met alles van Dead Can Dance tot Kate Bush. Dat is deels herkenbaar, maar aan de andere kant gaat het meeste vergelijkingsmateriaal zo kort mee dat vergelijken eigenlijk zinloos is. ICONOCLASTS, dat gastbijdragen bevat van onder andere Iggy Pop en Ethel Cain, is voor mij ook na vele keren horen nog een lastig album. Soms vind ik het prachtig en soms heb ik er niets mee en geldt niet alleen voor de verschillende songs op het album, maar ook voor de verschillende passages binnen songs.
Even een geschikte playlist maken zit er dus ook niet in, waardoor ik de keuze heb tussen ICONOCLASTS volledig negeren of juist volledig ondergaan. Ik kan hier geen consistente keuze in maken, want ook die verschilt over de tijd. Het nieuwe album van Anna von Hausswolff lijkt me een prachtige soundtrack bij een heftige onweersbui of een fantastische oppepper na een minder leuke dag, maar er zijn ook heel veel momenten waarop ik echt helemaal niets kan met de bij vlagen wonderschone maar soms ook bijzonder heftige muziek van Anna von Hausswolff. Intrigerend album. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Dominie Hooper - In This Body Lives (2025) 4,0
7 november 2025, 13:15 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Dominie Hooper - In This Body Lives - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Dominie Hooper - In This Body Lives
Het is misschien even wennen aan de behoorlijke donkere en soms wat tegendraadse songs van de Britse muzikante Dominie Hooper, maar luister wat vaker naar haar debuutalbum In This Body Lives en alles valt op zijn plek
De Britse singer-songwriter Dominie Hooper is een van de vele vrouwelijke singer-songwriters die dit jaar een debuutalbum uitbrengt, maar ze heeft er wel een bijzonder debuutalbum van gemaakt. Het is een album dat zich niet zo makkelijk in een van de gangbare hokjes laat duwen. In This Body Lives bevat folky passages, maar het is ook een donker, ruw en soms wat ongrijpbaar album. Wat voor de muziek en de songs op het album geldt, geldt ook voor de zang van Dominie Hooper, die prachtig kan zingen, maar je ook bang kan maken. In This Body Lives is een album dat in het enorme aanbod van het moment zomaar kan ondersneeuwen, maar dat zou echt doodzonde zijn.
Er verschenen de afgelopen nogal wat debuutalbums van vrouwelijke singer-songwriters. Daar heb ik over het algemeen een zwak voor, maar het genre is ook al tijden overvol, waardoor verzadiging op de loer ligt. Een debuutalbum dat wat mij betreft zeker niet mag blijven liggen is het debuutalbum van Dominie Hooper. De in Dartmoor opgegroeide maar tegenwoordig in Londen woonachtige muzikante heeft met In This Body Lives immers een bijzonder mooi en fascinerend album gemaakt.
De cover van het album is aardedonker en pas als je er wat langer naar kijkt zie je wat er op staat. Wat voor de cover van het album geldt, geldt ook voor de muziek op het album. Dominie Hooper maakt op haar debuutalbum donkere of zelfs aardedonkere muziek en het is bovendien muziek die je even op je in moet laten werken. Het album bevat een aantal songs met een kop en een staart, maar ook een aantal lastiger te doorgronden instrumentale passages.
Ook als Dominie Hooper wat toegankelijker klinkt, en toegankelijk is op In This Body Lives een relatief begrip, zijn haar songs wat ongrijpbaar en af en toe beangstigend donker. De songs van de Britse muzikante zijn in de basis folky, maar het is wel folk van het duistere soort. Ik heb af en toe associaties met PJ Harvey en Patti Smith, maar echt zinvol vergelijkingsmateriaal is het niet.
In de donkere lagen op het debuutalbum van Dominie Hooper spelen elektrische gitaren en de cello een voorname rol. Het gitaarwerk is vooral ruw en stekelig, terwijl de cello vooral de lagere noten opzoekt. De vrij stevig aangezette accenten van de elektrische gitaar en de cello worden ondersteund door een fantastisch spelende band, die juist weer wonderschone accenten toevoegt aan de alternatieve folk die Dominie Hooper maakt.
Het schakelen tussen ruwe en wat tegendraadse en juist betoverend mooie momenten hoor je ook in de zang van de Britse muzikante, die wat onderkoeld kan klinken, maar je ook kan raken met mooi gezongen en zeer intense passages. Ik was eigenlijk direct onder de indruk van het bijzondere geluid van Dominie Hooper, maar werd ook wat heen en weer geslingerd tussen het bewonderen van de schoonheid van haar muziek en het niet uit de voeten kunnen met de extremere kanten van haar muziek.
Na een paar keer horen is dat wel veranderd en is mijn eerste twijfel over In This Body Lives volledig verdwenen. De wat toegankelijkere en meer ingetogen songs op het album zijn alleen maar mooier geworden en maken zowel met de muziek als de zang steeds meer indruk. De wat minder makkelijk te doorgronden tracks op het album geven het debuutalbum van Dominie Hooper een eigen gezicht en versterken de bijzondere sfeer op het album.
Het is een album dat afwisselend in de smaak zal vallen bij folkies en liefhebbers van wat minder gangbare muziek, met liefhebbers van beide uitersten als spekkoper. Het album is overigens prachtig geproduceerd door Ben Hillier, die eerder albums van onder andere Depeche Mode en Nadine Shah voorzag van donkere tinten. Het regent momenteel zoals gezegd debuutalbums van vrouwelijke singer-songwriters, maar In This Body Lives van de Britse muzikante Dominie Hooper is echt een hele bijzondere. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
néomi - Another Year Will Pass (2025) 4,5
6 november 2025, 13:29 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: néomí - Another Year Will Pass - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: néomí - Another Year Will Pass
néomí maakte vorig jaar indruk met haar debuutalbum, dat terecht ook in het buitenland werd opgepikt, maar zet nu een reuzenstap met haar EP (of mini-album) Another Year Will Pass, dat zes wonderschone nieuwe songs bevat
Na twee bijzonder mooie EP’s kwam het ijzersterke debuutalbum van néomí vorig jaar niet uit de lucht vallen. Ik was na somebody’s daughter erg benieuwd welke kant de Nederlands-Surinaamse muzikante op zou gaan en die vraag wordt deze week beantwoord met de zes songs op de nieuwe EP (ik vind het zelf meer een mini-album) van néomí. De vooruitgang die de muzikante uit Den Haag in haar nieuwe songs heeft geboekt zijn wat mij betreft een reuzenstap. néomí doet op Another Year Will Pass echt alles beter dan op al haar zo goede debuutalbum en levert songs af van een niveau waarvan ook de buitenlandse concurrentie alleen maar kan dromen. Wat een mooie verrassing.
De Nederlands-Surinaamse muzikante Neomi Speelman, inmiddels beter bekend als néomí, leverde vorig jaar met somebody’s daughter een uitstekend debuutalbum af. Dat was op zich geen verrassing, want met de EP’s Before en After maakte ze ook al behoorlijk wat indruk. Ik noemde néomí in mijn recensie van somebody’s daughter niet alleen een van de grootste talenten binnen de Nederlandse popmuziek van het moment, maar noemde haar debuutalbum ook een album vol internationale allure.
In het buitenland dachten ze er kennelijk net zo over, want néomí tekende eerder dit jaar een platencontract bij het prestigieuze platenlabel Nettwerk. Volgende week staat de muzikante uit Den Haag samen met een strijkersensemble in het Amsterdamse Concertgebouw en deze week is een nieuwe EP verschenen. Ik laat EP’s normaal gesproken links liggen, want er zijn al meer dan genoeg albums waar ik uit moet kiezen, maar ik maak graag een uitzondering voor Another Year Will Pass van néomí.
Het is een EP met zes songs en 22 minuten muziek, waardoor het wat mij betreft ook best een mini-album mag worden genoemd, maar dat is niet de belangrijkste reden om stil te staan bij het nieuwe werk van néomí. De belangrijkste reden om stil te staan bij het nieuwe werk van de Nederlands-Surinaamse muzikante is het enorm hoge niveau van Another Year Will Pass . Haar debuutalbum somebody’s daughter is pas anderhalf jaar oud, maar het verschil met de songs op de EP is wat mij betreft groot. Another Year Will Pass laat eigenlijk in alle opzichten substantiële groei horen en dat is knap.
Ik vond de zang van néomí al erg mooi op haar eerdere EP’s en op haar debuutalbum, maar in haar nieuwe songs vind ik haar stem nog wat mooier. néomí zingt op haar nieuwe mini-album met veel rust en ontspanning, maar ook met veel precisie en met veel gevoel. De zang op Another Year Will Pass is echt heel erg mooi, maar néomí weet me ook te raken met haar stem. De songs op Another Year Will Pass zijn geïnspireerd door een aantal ingrijpende gebeurtenissen in néomí ’s leven en dat hoor je in de intieme en emotionele zang op het album.
Another Year Will Pass maakt ook in muzikaal opzicht makkelijk indruk. De songs op het mini-album zijn subtiel en keer op keer bijzonder mooi ingekleurd. Er wordt flink gevarieerd in de songs op Another Year Will Pass, maar de aangename, subtiele en zeer smaakvolle muziek staat altijd in dienst van de zang van néomí.
Another Year Will Pass vind ik niet alleen in muzikaal en in vocaal opzicht nog wat interessanter dan het vorige werk van de muzikante uit Den Haag, want ook de songs zijn wat mij betreft aansprekender en interessanter. Het zijn ook nog eens songs die zich in meerdere richtingen kunnen bewegen.
Soms is het net wat meer indiepop en vaak net wat meer indiefolk, maar néomí heeft zich ook laten beïnvloeden door singer-songwriter muziek uit het verleden en heeft met het prachtige Sit Back Baby ook nog eens een song geschreven die niet had misstaan op Rumours van Fleetwood Mac, een groter compliment kan ik een singer-songwriter niet maken. Ik voorspelde néomí vorig jaar al een mooie toekomst, maar na beluistering van Another Year Will Pass is dat wat mij betreft een gegeven. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Snocaps - Snocaps (2025) 4,0
5 november 2025, 15:18 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Snocaps - Snocaps - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Snocaps - Snocaps
Het was een tijd geleden dat de tweelingzussen Allison en Katie Crutchfield de krachten hadden gebundeld, maar het eerste album van Snocaps is een zeer aangename verrassing en smaakt absoluut naar veel meer
Katie Crutchfield timmerde de afgelopen jaren met veel succes aan de weg met Waxahatchee, terwijl haar tweelingzus Allison verdwenen leek uit de muziek. Onder de naam Snocaps hebben de twee zussen nu samen een album opgenomen en het is een erg interessant album geworden. Samen met producer Brad Cook en gitarist MJ Lenderman tekenen de zussen Crutchfield voor een lekker ruw geluid, maar het is ook een geluid waarin de stemmen van Allison en Katie Crutchfield goed tot zijn recht komen en waarin fraaie harmonieën nooit ver weg zijn. Ik kijk al een tijdje uit naar een nieuw album van Waxahatchee, maar ook dit tussendoortje van Snocaps mag er zeker zijn.
De tweelingzussen Allison en Katie Crutchfield formeerden hun eerste band toen ze net vijftien jaar oud waren. De zussen uit Birmingham, Alabama, timmerden aan de weg met cultbands als The Ackleys en P.S. Eliot, maar gingen uiteindelijk elk hun eigen weg in de muziek.
Allison formeerde de band Swearin', die uiteindelijk drie albums maakte en uit elkaar viel toen haar relatie met een medebandlid op de klippen liep. Ze maakte in 2017 ook nog een prima soloalbum, maar sindsdien heb ik niet veel meer gehoord van Allison Crutchfield.
Haar zus Katie deed het een stuk beter met haar project Waxahatchee. Als Waxahatchee maakte Katie Crutchfield inmiddels zes uitstekende albums, waarvan met name Saint Cloud uit 2020 en Tigers Blood uit 2024 behoorlijk succesvol waren en terecht konden rekenen op geweldige recensies. Samen met Jess Williamson maakte ze bovendien een prima album onder de naam Plains.
Voor het eerst sinds het uit elkaar vallen van P.S. Eliot in 2011 hebben Allison en Katie Crutchfield de krachten gebundeld, wat deze week een album onder de naam Snocaps oplevert. Snocaps werd gemaakt met producer Brad Cook, die de afgelopen jaren veelvuldig werkte met Waxahatchee, en ook gitarist MJ Lenderman schoof aan bij de opnames van het titelloze debuutalbum van Snocaps.
De cover van het eerste album van Snocaps ziet er wat lo-fi uit en zo klinkt het album ook. De muziek van de tweelingzussen Crutchfield klinkt lekker ruw, wat wordt versterkt door het gitaarspel van MJ Lenderman. Producer Brad Cook heeft geen poging gedaan om het geluid van Snocaps glad te strijken, maar ondertussen is het album wel mooi in balans en klinken met name de behoorlijk van elkaar verschillende stemmen van Allison en Katie Crutchfield prachtig.
De tweelingzussen schreven allebei de helft van de songs en nemen ook afwisselend de leadzang voor hun rekening. Samen staat ze garant voor mooie harmonieën, die laten horen dat trefzekere harmonieën ook gruizig kunnen klinken. De stemmen van de twee zussen passen overigens perfect bij elkaar, wat de zang op het eerste album van Snocaps nog wat mooier maakt.
Allison en Katie Crutchfield zijn inmiddels ruim twintig jaar actief in de muziek en hebben in hun persoonlijk leven de nodige pieken en dalen voorbij zien komen. Deze pieken en vooral de dalen hebben de twee geïnspireerd tot het schrijven van een serie persoonlijke en in een aantal gevallen zeer indringende songs.
Het zijn songs met afwisselend invloeden uit de roots en de rock, die vaak wat ruw worden uitgevoerd, maar de ruwe stenen van Allison en Katie Crutchfield blijken als snel blinkende diamanten. In de muziek op het album eist vooral MJ Lenderman de aandacht op met zijn verrassende gitaarspel, maar uiteindelijk geniet ik toch het meest van de stemmen van Allison en Katie Crutchfield en van de uitstekende songs die ze onder de naam Snocaps hebben opgenomen.
Katie Crutchfield heeft geen zetje in de rug nodig, want ze doet het geweldig met Waxhatchee, maar hopelijk geeft het debuutalbum van Snocaps de muzikale ambities van Allison Crutchfield wel weer een boost. Het debuutalbum van het gelegenheidsproject van de twee zussen is overigens ook veel te leuk om geen opvolging te krijgen. In Nederland is het album van Snocaps nog nauwelijks opgemerkt, maar daar is dit album echt veel te goed voor. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Lydia Luce - Mammoth (2025) 4,0
5 november 2025, 11:20 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Lydia Luce - Mammoth - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Lydia Luce - Mammoth
Lydia Luce is een zeer gerespecteerd violiste, maar ze maakt ook uitstekende singer-songwriter albums, waarvan ik het behoorlijk ingetogen en zeer sfeervol ingekleurde Mammoth vooralsnog de mooiste vind
De Amerikaanse muzikante Lydia Luce had slechts een week studiotijd nodig om haar vierde album op te nemen, maar dat is niet te horen. Het deze week verschenen Mammoth is voorzien van een heel mooi en subtiel, maar ook zeer sfeervol geluid. Lydia Luce klinkt op al haar albums anders en dat is ook dit keer het geval. Mammoth is weer wat meer een singer-songwriter album dan zijn voorganger, maar het is zeker geen 13 in een dozijn singer-songwriter album. In muzikaal opzicht kleurt Mammoth prachtig in het seizoen en dat doet het album ook door de stem van Lydia Luce, die nog wat mooier zingt dan op haar vorige albums. Wat is Mammoth van Lydia Luce een prachtig album.
De Amerikaanse singer-songwriter en multi-instrumentaliste Lydia Luce heeft deze week haar vierde album uitgebracht en bouwt aan een bijzonder oeuvre. De muzikante uit Nashville, Tennessee, debuteerde in 2018 met het album Azalea, dat ik destijds helaas niet heb ontdekt, maar dat ik inmiddels hoog heb zitten. Het is een vrij intiem rootsalbum, waarop de akoestische gitaar en de stem van Lydia Luce de basis vormen, maar waarop ook strijkers een belangrijke en vooral sfeerbepalende rol spelen.
Lydia Luce is zelf een geschoold violiste en tekent op haar debuutalbum voor subtiele maar ook bijzonder mooier strijkersarrangementen. Het zijn arrangementen die nog wat beter zijn te horen op het in 2019 uitgebrachte mini-album Azalea Strings waarop ook instrumentale versies van een aantal tracks op het album zijn te horen.
Mijn eerste kennismaking met de muziek van Lydia Luce stamt uit 2021, toen haar tweede album Dark River verscheen. Op Dark River kiest de Amerikaanse muzikante voor een breder palet aan invloeden. Naast invloeden uit de folk en de country bevat het album ook invloeden uit de pop en rock. De strijkers die op het debuutalbum van Lydia Luce nog genoegen namen met een bijrol treden op Dark River meer op de voorgrond en duwen de muziek van de muzikante uit Nashville hier en daar zelfs de kant van de filmmuziek op.
Strijkers speelden nauwelijks een rol op het twee jaar geleden verschenen Florida Girl, dat wat opschoof richting indiepop, zonder de folky basis van de songs van Lydia Luce te vergeten. Op alle albums maakte de Amerikaanse muzikante indruk als zangeres en alleen dat was voor mij al een reden om te luisteren naar het deze week verschenen Mammoth.
Op haar vierde album kiest Lydia Luce wederom voor een net wat ander geluid. Mammoth werd in slechts een week opgenomen in de Real World Studios van Peter Gabriel en is een behoorlijk ingetogen album geworden. De muziek op het album, waaraan dit keer ook weer strijkers en houtblazers zijn toegevoegd, is behoorlijk subtiel maar klinkt ook warm.
De smaakvolle klanken verwarmen op aangename wijze de ruimte, maar passen ook prachtig bij de mooie stem van Lydia Luce. De muzikante uit Nashville zingt wat meer ingetogen dan op haar vorige twee albums en dat komt de schoonheid van de zang wat mij betreft ten goede. Het is knap hoe Lydia Luce haar geluid iedere keer weer een andere kant op weet te duwen, want Mammoth lijkt in vrijwel niets op zijn drie voorgangers.
Producer Jordan Lehning, die ook het debuutalbum van Lydia Luce produceerde en die ik verder alleen ken van zijn werk voor Andrew Combs, heeft Mammoth voorzien van een zeer sfeervol en smaakvol geluid. Het is een geluid dat af en toe en zekers wanneer de strijkers aanzwellen wat de zoete kant op kan gaan, maar het blijft mij betreft altijd aan de goede kant van de streep.
Mammoth staat vol met mooie en zachte luisterliedjes die het uitstekend doen in het huidige seizoen, maar de zang en de muziek op het album verdienen het ook om met alle aandacht te worden beluisterd. Het is knap hoe Lydia Luce haar geluid steeds weer een andere kant op weet te duwen, maar het zeer sfeervolle en echt bijzonder mooie geluid op haar nieuwe album mag ze wat bij betreft nog een album of een paar albums vasthouden. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Guided by Voices - Thick Rich and Delicious (2025) 4,5
4 november 2025, 16:48 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Guided By Voices - Thick Rich And Delicious - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Guided By Voices - Thick Rich And Delicious
Guided By Voices zou het dit jaar voor het eerst in jaren wat rustiger aan doen, maar gooit er toch nog maar een album tegenaan en het verrassend toegankelijke Thick Rich And Delicious is echt een heel goed album
Guided By Voices begon een kleine tien jaar geleden aan haar zoveelste jeugd en levert sindsdien aan de lopende band albums af. Ook Thick Rich And Delicious werd gemaakt met de inmiddels bekende bezetting. Het is een typisch Guided By Voices album, maar ook Thick Rich And Delicious voegt weer wat toe aan alle albums die de afgelopen jaren al zijn verschenen. De rocksongs op het nieuwe album van de band rond Robert Pollard klinken misschien net wat toegankelijker en aanstekelijker, waardoor Thick Rich And Delicious zich heel makkelijk opdringt. De band heeft sinds 2017 zo’n twintig albums uitgebracht en ze zijn allemaal goed. Het is een prestatie van formaat, die met Thick Rich And Delicious nog wat meer glans krijgt.
2025 was tot dusver een vrij mager Guided By Voices jaar met slechts één studioalbum en een live-album. Nu had voorman Robert Pollard ook wel aangekondigd dat de band dit jaar wat minder albums zou uitbrengen dan in de afgelopen jaren, maar minder bestaat eigenlijk niet bij de Amerikaanse band, dus stiekem hoopte ik toch op meer.
Dat die hoop terecht was blijkt deze week, want na het uitstekende studioalbum Universe Room, dat ik schaar onder de beste Guided By Voices albums van de afgelopen jaren, en het wat overbodige en bovendien nauwelijks verkrijgbare live-album Good Night El Dorado, krijgen we op de valreep toch nog een tweede Guided By Voices studioalbum in 2025.
Het wordt een wat saai verhaal, want ik heb het inmiddels al bijna twintig keer verteld, maar ook op het deze week verschenen Thick Rich And Delicious horen we de inmiddels bekende en wat mij betreft ultieme bezetting van Guided By Voices aan het werk. Het is de bezetting die inmiddels een jaar of tien bestaat uit voorman en zanger Robert Pollard, gitaristen Doug Gillard en Bobby Bare Jr. en de door Mark Shue en Kevin March gevormde ritmesectie. Ook vaste producer Travis Harrison is weer van de partij, zodat Thick Rich And Delicious qua bezetting in ieder geval geen verrassingen biedt.
Dat doet Guided By Voices over het algemeen genomen wel met de muziek, want hoewel de band uit Dayton, Ohio, een aantal vaste ingrediënten verwerkt in haar songs, klinkt ieder nieuw album van de Amerikaanse band weer net wat anders dan zijn voorgangers. Er moet een moment komen waarop ik een nieuw album van Guided By Voices minder of niet kan waarderen, maar met de release van Thick Rich And Delicious is het nog niet zo ver.
Guided By Voices bracht eerder dit jaar met Universe Room een heel sterk album uit, maar ook de opvolger van dat album valt me zeker niet tegen. Met Thick Rich And Delicious voegt de Amerikaanse band nog eens vijftien songs toe aan haar al zo omvangrijke oeuvre. De band heeft daar ruim 37 minuten voor nodig, wat betekent dat de songs op het nieuwe album gemiddeld net wat meer dan twee minuten duren. Dat vind ik wel eens jammer, want Thick Rich And Delicious bevat een aantal songs die wat mij betreft ook best vier of vijf minuten hadden mogen duren, maar Guided By Voices blijft wel zichzelf en dat is wat waard.
Zeker na al die albums van de afgelopen jaren, ik recenseerde er de afgelopen acht jaar bijna twintig, klinkt Thick Rich And Delicious deels bekend, maar ik ben ook met dit album weer heel blij. Het nieuwe album van Guided By Voices staat vol met zeer toegankelijke rocksongs, die putten uit met name de indierock, de power pop, de janglepop en de lo-fi.
Robert Pollard en de andere leden van de band, die inmiddels een hele plank in de platenkast kan vullen, kozen op een aantal van de vorige albums af en toe ook wel voor een wat stekeliger geluid, maar op Thick Rich And Delicious is het toegankelijkheid troef. Buiten de speelduur dan misschien, want het perfecte rocksongs van een minuut maakt alleen Guided By Voices.
Het zorgt er voor dat de band uit Dayton, Ohio, dit jaar twee uitstekende albums heeft afgeleverd, die in de productie van de afgelopen jaren horen bij de beste albums. Dat is niet alleen knap, maar het doet ook uitzien naar veel meer Guided By Voices in 2026. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Lily Lyons - Re-Open the World (2025) 4,0
3 november 2025, 15:15 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Lily Lyons - Re-Open The World - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Lily Lyons - Re-Open The World
De jonge Britse singer-songwriter Lily Lyons schoot vorig jaar als een komeet omhoog en dat dit terecht was hoor je op haar wonderschone en met name in vocaal opzicht opzienbarende debuutalbum Re-Open The World
Aan jonge Britse folkies hebben we momenteel geen gebrek, wat het voor starters niet meevalt om op te vallen. Dat de jonge Britse muzikante Lily Lyons op moet gaan vallen is voor mij zeker, want met Re-Open The World heeft ze een zeer fraai debuutalbum afgeleverd. Het is een album met aansprekende songs en persoonlijke teksten. Het is bovendien een album dat subtiel, maar bijzonder mooi is ingekleurd. De meeste betovering komt echter van de stem van Lily Lyons, die echt prachtig zingt, zeker als je je bedenkt hoe jong ze nog is. De Britse muziekmedia riepen haar vorig jaar al uit tot grote belofte voor de toekomst en na beluistering van Re-Open The World kan ik ze alleen maar gelijk geven.
Lily Lyons is een jonge Britse singer-songwriter, die een paar jaar geleden Londen verruilde voor het zuidelijkste puntje van Engeland, om een studie popmuziek te gaan doen aan de Falmouth University. Na het afronden van haar opleiding ging het snel voor de jonge Britse muzikante.
Een eerste EP werd goed ontvangen, waarna de Britse muziekmedia haar onmiddellijk schaarden onder de grote talenten binnen de Britse popmuziek. Het is me eerlijk gezegd helemaal ontgaan, want de naam Lily Lyons zei me echt niets toen ik eind vorige week door het lijstje met de nieuwe albums van deze week liep. Na snelle beluistering vond ik haar album echter interessant, al vond ik het niet direct verplichte kost. Dat werd het wel toen ik het album wat beter beluisterde en het door de Britse media beschreven talent van Lily Lyons alleen maar kon bevestigen.
Lily Lyons maakt op haar debuutalbum Re-Open The World vooral ingetogen folky songs, waarmee ze de aansluiting vindt bij een flinke groep jonge Britse muzikanten. In de openingstrack van Re-Open The World hoor je vooral de akoestische gitaar en de stem van Lily Lyons met af en toe wat bijdragen van de viool. Het klinkt direct bekend in de oren, want er zijn zoals gezegd heel wat jonge Britse muzikanten die dit soort muziek maken, maar de muziek van Lily Lyons heeft iets bijzonders.
De relatief sobere klanken vullen op bijzondere wijze de ruimte en de stem van Lily Lyons is niet alleen hele mooi, met heeft ook iets aparts. Ik kan er niet direct de vinger op leggen, maar de openingstrack van Re-Open The World doet iets met me want lang niet alle songs in dit genre doen. Het kon een toevalstreffer zijn, maar de tweede track op het debuutalbum van Lily Lyons had eigenlijk hetzelfde effect op me en ook de rest van het album deed iets met me.
De jonge Britse muzikante laat zich beïnvloeden door Britse folk van vele decennia geleden, maar de songs van Lily Lyons klinken zeker niet traditioneel of oubollig. Ze noemt zelf Nick Drake als vergelijkingsmateriaal, maar voegt er ook Frank Sinatra aan toe en zo circuleren er meer lijstjes waarmee Lily Lyons duidelijk dat ze haar klassiekers binnen de muziek, maar ook in de film en de literatuur kent.
De Britse muzikante had nog geen song geschreven toen ze Londen verruilde voor het zuiden van Engeland, maar ze heeft veel geleerd en is met veel bagage begonnen aan haar debuutalbum. Die bagage slaat neer in haar songs, die stuk voor stuk eenvoudig maar ook razendknap zijn, en in de persoonlijke teksten, waarin Lily Lyons zichzelf niet ontziet.
Als ik luister naar Re-Open The World hoor ik eerder een gelouterde muzikante dan een debuterende muzikante en dat is knap. Wat bij eerste beluistering nog vooral aardig klonk, is inmiddels een hoogstaand album, waarop echt van alles te ontdekken valt en waarop alles alleen maar mooier wordt. In de muziek op het album zijn iedere keer net weer andere versiersels aangebracht, waardoor de sobere instrumentatie geen moment saai is, en de stem van Lily Lyons wordt alleen maar mooier wanneer je het album vaker hoort. Het is een stem die me inmiddels zeer dierbaar is.
Dat Lily Lyons vorig jaar omhoog werd gestuwd door de Britse muziekmedia begrijp ik inmiddels volledig, maar rond Re-Open The World is het helaas nog veel te stil. Ik zou dit prachtalbum echter zeker gaan ontdekken, want de muziek van Lily Lyons wil je echt niet missen. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Levi Boon - For Days, for Hours (2025) 4,5
3 november 2025, 10:21 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Levi Boon - For Days, For Hours - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Levi Boon - For Days, For Hours
Het is momenteel flink dringen in het land van de vrouwelijke singer-songwriters, maar de Utrechtse muzikante Levi Boon heeft met haar debuutalbum For Days, For Hours een in kwalitatief opzicht zeer onderscheidend album gemaakt
Het is een beetje toeval dat ik het debuutalbum van de Nederlandse singer-songwriter Levi Boon opmerkte tussen de nieuwe albums van deze week, maar wat ben ik blij met het album. Het is een album met vooral ingetogen songs die goed passen in de hokjes singer-songwriter en folk(pop). Ondanks het beperkte budget voor het album klinkt For Days, For Hours prachtig en de muziek op het album is bovendien verrassend veelzijdig. De meeste betovering komt echter van de stem van Levi Boon. De Utrechtse muzikante zingt zacht en vaak wat loom, maar wat is de zang op het album ook mooi. Dat geldt ook voor de songs, die steeds weer de juiste snaar weten te raken en het indrukwekkende For Days, For Hours keer op keer nog wat mooier maken.
De Utrechtse singer-songwriter Levi Boon begon in de zomer van 2024 een crowdfunding campagne voor het kunnen maken van haar debuutalbum. De campagne leverde uiteindelijk net iets meer dan 4.000 euro op en dat was genoeg voor het kunnen realiseren van het deze week verschenen For Days, For Hours. Ik vind het eerlijk gezegd een redelijk bescheiden bedrag, maar meer is er kennelijk niet nodig voor het maken van een echt prachtig klinkend album.
Levi Boon ken ik van haar in 2023 uitgebrachte EP the grand theme of things, waarop ze wat mij betreft indruk maakte met intieme en prachtig gezongen folksongs. Op de bijna twee jaar oude EP hoorde ik vooral de belofte, maar die maakt Levi Boon wat mij betreft meer dan waar op haar deze week uitgebrachte debuutalbum.
For Days, For Hours opent met de akoestische gitaar en de stem van Levi Boon, maar naarmate de openingstrack vordert worden extra instrumenten toegevoegd aan het geluid van de Utrechtse muzikante. Levi Boon maakte haar debuutalbum samen met haar band, die haar songs voorziet van een warm en sfeervol geluid. Het is een geluid dat prachtig is vastgelegd door producer Viktor van Woudenberg, die tekent voor een mooi verzorgd en zeer sfeervol geluid, dat iets toevoegt aan de in de basis uiterst sobere en intieme songs van Levi Boon.
Bij beluistering van For Days, For Hours moest ik in eerste instantie denken aan een aantal singer-songwriter albums uit de jaren 70, maar Levi Boon sluit ook aan bij een aantal jonge vrouwelijke singer-songwriters van het moment. Laat ik het er maar op houden dat For Days. For Hours een tijdloos klinkend album is.
De muziek op en de productie van het album heb ik al geprezen, maar als ik naar het debuutalbum van Levi Boon luister, word ik vooral gegrepen door haar stem. De muzikante uit Utrecht zingt vooral zacht, maar vergeleken met de meeste zacht zingende zangeressen van het moment, hoor ik veel warmte en diepte in de stem van Levi Boon. Haar stem klinkt direct bij eerste kennismaking aangenaam, maar wanneer je met wat meer aandacht luistert naar de songs op For Days, For Hours hoor je ook hoeveel gevoel er in de zang zit.
For Days, For Hours is een album dat het uitstekend doet op de achtergrond, zeker op de herfstavonden van het moment, maar de ware kracht van For Days, For Hours ervaar je pas wanneer je met volledige aandacht naar het album luistert. Bij eerste beluistering van het album was ik vooral onder de indruk van de spaarzaam ingekleurde songs op het album, die wel wat doen denken aan Laura Marling, maar ook de wat voller klinkende songs op het album met wat meer popinvloeden winnen snel aan kracht.
For Days, For Hours is een persoonlijk album waarop de zoektocht naar de eigen identiteit centraal staat en het persoonlijke karakter van de songs voorziet het album van Levi Boon van extra kracht en urgentie. Er verschijnen op het moment wel meer intieme maar ook verrassend veelkleurige singer-songwriter albums, maar het debuutalbum van Levi Boon springt er wat mij betreft makkelijk uit.
De muzikante uit Utrecht moet concurreren met albums die een veelvoud hebben gekost (een zoektocht op Google leert dat het maken van het laatste album van Taylor Swift zo’n 2 miljoen dollar heeft gekost), maar ik hoor echt niets op dit prachtalbum dat beter had gekund. Buitengewoon knap gedaan. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Mickey Newbury - Looks Like Rain (1969) 4,5
2 november 2025, 20:05 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Mickey Newbury - Looks Like Rain (1969) - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Mickey Newbury - Looks Like Rain (1969)
Mickey Newbury heeft zeker niet dezelfde status als een aantal andere grote singer-songwriters die opdoken in de jaren 60 en 70, maar de Amerikaanse muzikant maakte een aantal albums die absoluut moeten worden gezien als klassiekers
Lezers van Britse muziektijdschriften als Mojo en Uncut komen de naam Mickey Newbury misschien nog wel eens tegen, maar verder is de in 2002 overleden singer-songwriter een wat vergeten muzikant. Dat is jammer, want hij maakte een stapeltje uitstekende albums en ook een aantal fantastische albums. In de laatste categorie vind ik Looks Like Rain uit 1969 het meest indrukwekkende album. Het is een album dat uitstekend past in de singer-songwriter traditie van de late jaren 60 en vroege jaren 70 en dat inmiddels misschien ietwat gedateerd klinkt, maar stel je open voor de unieke songs en de prachtige stem van Mickey Newbury en je hoort een album van een bijzondere intensiteit en schoonheid.
Zoek op het Internet naar lijstjes met namen van vergeten en bij voorkeur ook ondergewaardeerde singer-songwriters en de kans is groot dat je de naam van Mickey Newbury tegen komt. Ik ontdekte de Amerikaanse singer-songwriter zelf pas een jaar of vijftien geleden, toen een fraai boxje met een aantal van zijn vroege albums verscheen. Sindsdien heb ik een zwak voor het werk van Mickey Newbury, die overigens in 2002 op slechts 62-jarige leeftijd overleed.
Mickey Newbury vestigde zich aan het begin van de jaren 60 in Nashville, Tennessee, en timmerde in eerste instantie vooral aan de weg als songwriter voor anderen. Na het schrijven van een aantal grote hits kreeg hij ook zelf een platencontract aangeboden. Zijn carrière als singer-songwriter leek vervolgens snel te stranden, want zijn in 1968 verschenen debuutalbum flopte.
Met name aan het eind van de jaren 60 en het begin van de jaren 70 maakte de Amerikaanse muzikant echter een aantal geweldige albums, waarvan er inmiddels een aantal worden erkend als klassieker. Als ik moet kiezen voor de beste albums van Mickey Newbury kom ik uit bij Looks Like Rain uit 1969, Frisco Mabel Joy uit 1971 en Heaven Help The Child uit 1973.
De overige albums die hij maakte gedurende de jaren 70 zijn veel minder bekend, maar ook dit zijn albums van een behoorlijk hoog niveau. In de jaren 80 en het grootste deel van de jaren 90 was het vooral stil rond Mickey Newbury, maar in de laatste jaren voor zijn dood maakte de Amerikaanse muzikant nog mooie muziek, al springen de hierboven genoemde drie albums er wat mij betreft uit.
Als ik moet kiezen tussen Looks Like Rain, Frisco Mabel Joy en Heaven Help The Child kies ik voor het eerste album. Het is een album van een soort dat tegenwoordig niet meer wordt gemaakt, maar iedere keer als ik naar het album uit 1969 luister doet het wat met me. De muziek van Mickey Newbury wordt vaak ingedeeld bij de countrymuziek, maar ik hoor op Looks Like Rain misschien wel meer invloeden uit de folk.
Ik noemde het hierboven een album van een soort dat niet meer gemaakt wordt en dat ligt aan een aantal dingen. Looks Like Rain is om te beginnen een zeer sober album. De akoestische gitaar en de stem van de Amerikaanse muzikant staan centraal en krijgen slechts gezelschap van af en toe een koortje met vrouwenstemmen en hier en daar bijdragen van een mondharmonica. Het enige versiersel dat verder is te horen op het album zijn de geluidsopnamen van regenbuien, die het melancholische karakter van Looks Like Rain versterken.
Het album bevat veder een aantal lange songs en het zijn songs die zich niet houden aan de conventies van de toegankelijke popsong. De openingstrack lijkt uit flarden van meerdere songs te bestaan en dat geldt voor meer songs op het album. Het zijn songs waarin Mickey Newbury mooie en indringende verhalen vertelt en hier neemt hij de tijd voor.
Ik hoor wel wat raakvlakken met tijdgenoten als Townes van Zandt, Bob Dylan en Elvis Presley, maar Mickey Newbury heet op Looks Like Rain ook een perfect eigen geluid, zeker als de Amerikaanse muzikant ook nog wat noten fluit in zijn songs. Over het belangrijkste heb ik het nog niet eens gehad, want ik vind Mickey Newbury ook een geweldige zanger met een zeer karakteristiek stemgeluid.
Een album als Looks Like Rain is absoluut een album uit een andere tijd, maar ik blijf het prachtig vinden. Mickey Newbury staat op heel veel lijstjes met vergeten en ondergewaardeerde singer-songwriters en met name dat laatste is terecht, want de Amerikaanse muzikant is een grootheid. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
Jennifer Walton - Daughters (2025) 3,5
2 november 2025, 17:02 uur
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Jennifer Walton - Daughters - dekrentenuitdepop.blogspot.com
Review: Jennifer Walton - Daughters
De Britse muzikante Jennifer Walton heeft met Daughters een album gemaakt dat soms lastig te doorgronden is en soms tegen de haren instrijkt, maar er is ook veel moois te horen in haar bijzondere muzikale universum
Jennifer Walton opereerde tot dusver ver buiten mijn muzikale bubbel, maar met haar debuutalbum Daughters doet ze een poging om mijn bubbel binnen te dringen. Dat doet ze met een bijzonder album vol aardedonkere songs. Het zijn songs die heel af en toe redelijk conventioneel klinken, maar de Britse muzikante zoekt op Daughters ook nadrukkelijk het experiment. Het levert een album op dat ik in ieder geval niet direct kon omarmen, maar waarop steeds meer op zijn plek valt. Het is goed voor een fascinerende luistertrip die het je soms moeilijk maakt, maar die ook zomaar kan betoveren met prachtige klanken. Absoluut een bijzonder album.
Daughter, het debuutalbum van de Britse muzikante Jennifer Walton, is de afgelopen week niet heel breed opgepikt, maar de paar recensies die van het album verschenen waren wel zeer positief. In eerste instantie hoorde ik het zelf niet, want Daughters is zeker geen makkelijk album. Ik vond het debuutalbum van Jennifer Walton bij eerste beluistering vooral ongrijpbaar, maar ik vond de muziek van de Britse muzikante zo af en toe ook ronduit lelijk. Daughters zat dan ook niet bij mijn eerste selectie eind vorige week, maar vanwege de zeer lovende woorden van onder andere Pitchfork en The Guardian, bronnen die ik hoog heb zitten, ben ik het toch blijven proberen met het album, tot het kwartje alsnog viel.
Ik was de naam Jennifer Walton nog niet eerder tegen gekomen, maar de muzikante uit Londen timmert al een aantal jaren aan de weg als, onder andere als DJ en studiotechnicus en vooral in de underground scene. De achtergrond van Jennifer Walton hoor je deels terug op Daughters, maar ze laat ook een nieuwe kant van zichzelf horen.
Op Daughters laat de Britse muzikante vooral songs met een kop en een staart horen. Het zijn songs waarin de soms mooie en soms vervormde stem van Jennifer Walton zorgen voor structuur. Ik heb niet zo veel met elektronisch vervormde zang, maar gelukkig is de zang op het album over het algemeen mooi.
De zang zorgt niet alleen voor structuur, maar is ook een constante factor op Daughters. De muziek op het album is veel minder constant en biedt zeker bij eerste beluistering weinig houvast. Jennifer Walton kiest in een aantal songs voor flink wat elektronica en kiest hiernaast vaak voor experiment, maar haar debuutalbum bevat ook een aantal sfeervolle en voornamelijk ingetogen songs.
Het zijn de laatste songs waarin voor mij alles voor het eerst op zijn plek viel, waarna ik langzaam maar zeker ook de andere songs op het album meer ging waarderen. Prijsnummer is wat mij betreft het prachtige Miss America, waarin de muziek van Jennifer Walton behoorlijk conventioneel klinkt en haar zang op zijn mooist is. Het is de song die me overtuigde om verder te luisteren naar Daughters en daar heb ik geen spijt van gekregen.
Zeker de wat complexere songs op het album hebben wat meer tijd nodig, maar ook in deze tracks heeft de Britse muzikante veel moois en bijzonders verstopt. Het album van Jennifer Walton is op het juiste moment verschenen, want Daughters bevat vooral songs die het daglicht maar nauwelijks kunnen verdragen.
De meeste songs op het album zijn behoorlijk donker en doen me qua sfeer wel wat denken aan de muziek van Ethel Cain, die ook muziek maakt die niet geschikt is voor mensen die het leven uitsluitend door een roze bril willen bekijken of gevoelig zijn voor het effect vallende blaadjes. In muzikaal en vocaal opzicht is het debuutalbum van Jennifer Walton niet te vergelijken met de muziek van Ethel Cain, zeker niet wanneer het aandeel van elektronica wordt vergroot.
Ik ben er nog steeds niet helemaal uit wat ik van het album vind, maar Daughters fascineert me inmiddels wel en het aantal favoriete songs op het album groeit. Het debuutalbum van Jennifer Walton is een album waarover je vooral niet te snel moet oordelen. De schoonheid komt dan vanzelf. Erwin Zijleman
» details » naar bericht » reageer
