menu

Hier kun je zien welke berichten Oldfart als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Balla et ses Balladins - Objectif Perfection (1997)

5,0
Voor liefhebbers van http://www.musicmeter.nl/al..., is dit album een must.
Ik draai deze vaker dan het apenbroodbomen orkest.

Het is muzikaal gezien een zeer rijke omgeving daar in het westelijke deel van Afrika.
De band waar het bij deze plaat om gaat komt uit Guinee, wat ondermeer grenst aan Senegal en Mali.

En dat is muzikaal te herkennen. Stammend vanuit dezelfde 'Mande' cultuur ( eens een oud afrikaans rijk) zijn er duidelijke overeenkomsten tussen muziek uit Mali en Guinee.
Zo heeft Guinee met Mali de cultuur van rondreizende minstreels gemeen, de jeli of griots.
De bekendste Malinese exponent bij ons in het westen is natuurlijk Ali Farka Touré.
Onder meer beroemd vanwege zijn virtuoze gitaarspel. Ook komt in beide landen de Kora voor , de afrikaanse harp, vanwaar uit het virtuose snarenspel zijn oorsprong vindt.
Ook op deze plaat is het gitaarwerk zeer fraai.

Met het andere buurland Senegal heeft Guinee ook veel muzikale overeenkomsten.
Met name deze plaat van Balla & ses Balladins is qua stijl vergelijkbaar met het uit Senegal afkomstige Orchestra Baobab.

Zowel Orchestra Baobab als Balla & ses Balladins zijn voorbeelden van orkesten die afro cubaanse invloeden vermengden met 'eigen' Afrikaanse.
Het was met name in die franstalige landen in west Afrika dat die afro-cubaanse muziek heel populair was. Die populariteit begon al in de jaren dertig, en was in de jaren vijftig/zestig op haar hoogtepunt.
Het was een soort full circle beweging: west Afrikaanse slaven brachten hun muziek naar Cuba, waar het zich vermengde met Europese invloeden, om decennia later , als afro-cubaanse muziek, weer terug te keren naar het moeder continent.
Niet alleen de afro-cubaanse stijl, o.a. de rumba, werd gespeeld, ook een deel van de instrumenten werden overgenomen; zo verdween de traditionele Afrikaanse trommel voor de Cubaanse conga, en werden blazers aan de orkesten toegevoegd.
Het eerder genoemde virtuoze gitaarspel vanuit de Mande/ Griot traditie werd eveneens toegevoegd, en zo ontstond die heerlijk stemmige, warme , sfeervolle en relaxte mix zoals te horen op 'Objectif Perfection'.

Dikke, dikke aanrader
Steevast in mijn lijstje van meest favoriete afrikaanse platen.

Barry Hay & Metropole Big Band - The Big Band Theory (2008)

2,0
Eerst luisteren dan pas oordelen, had ik me voorgenomen.
Ik geef toe; niet een optimale start voor een objectieve luisterbeurt.

Dat is ook moeilijk bij een plaat die op de tv wordt aangeprezen als een pak wasmiddel. En dan doel ik niet alleen op het te witte pak van heer Hay.

Dus beluisteren hebben we ten huize Oldfart gedaan.
D.w.z. geprobeerd........want mij lukt het niet deze plaat uit ' te zitten' .

Daar waar een Brian Setzer het wel lukt om met een groot orkest te 'spetteren, slaagt Hay hier in het geheel niet in.

Komt het omdat Setzer zijn eigen vertrouwde repertoire, zijn eigen stijl, zijn muziek omzet naar een Big Band formule?
Nee, ik denk niet dat het in de repertoire keuze zit.
Er zitten genoeg nummers tussen die het compositorisch in zich hebben er iets moois van te maken.

Ik vermoed eerder dat Hay te weinig muzikaal en vocaal gewicht in de schaal brengt om hier mee te weg te komen.
Zanger zijn van een rockband maakt je nog niet tot een succesvolle crooner.
Ik mis volledig het idee er achter waar men muzikaal heen wilde, dit komt niet verder dan bekende songs 'naspelen' met een groot orkest.

Maar ook het orkest zelf blijft te braaf; het knalt me te weinig, de arrangementen zijn mij veel te voorspelbaar, nergens raak ik in vervoering van spetterend koper of een stuwende ritmesectie.
Nooit wordt het muzikaal verrassend of spannend.

Naarmate ik vaker luisterde werden mijn tenen steeds krommer.
Ik ben er maar mee gestopt; hoef mezelf ook geen geweld aan te doen.

Hay laat zien en horen dat het een flink dilemma kan zijn: wat te doen als ouder wordende popartiest.

Een carriere als nieuwe Ol'Blue Eyes kan hij wat mij betreft vergeten, daarvoor vind ik ook zijn vocale capaciteiten veel te beperkt.

Toch wel jammer van deze gemiste kans.

Dexys Midnight Runners - Searching for the Young Soul Rebels (1980)

5,0
Je hebt van die platen waarvan je gewoon niet kunt uitstaan dat ze niet beter bekend zijn.Dit is er zo één.
Twaalf stemmen en vier reacties waren er voordat ik ergens in augustus in een berichtje informeerde of er nog iemand iets te melden had hierover; ook toen weer ijselijke stilte….
En dan ook nog een 1,5 er bij; onbegrijpelijk.

Aangewakkerd door het fantastisch inspirerende topic “ Ga dat album eens reviewen” , besloot ik niet af te wachten, maar gaf mezelf min of meer de opdracht deze plaat in ieder geval van één serieuzere recensie te voorzien.

We schrijven het jaar des heren anno 1980; het jaar

van “Sandinista” van the Clash,
van “Sound Affects” van the Jam,
van “I just can Stop It” van the Beat,
van “Is This Real” van de Wipers,
( to name but a few)
en van “Searching for the Young Soul Rebels” !!!

En nou niet meteen denken; oohh, Dexy’s Midnight Runners; ja dat ken ik wel; Come On Eileen, ja wel aardig….. deze plaat heeft daar eigenlijk niets mee te maken, behalve dat de zanger dezelfde is.

Dit is (Northern) Soul gemixt met punk, dit is het hetzelfde gevoel als de vier tijdloze albums die ik hierboven noemde. Dit is Sam and Dave go punk;

We horen wat klinkt als een radio die langs verschillende zenders op zoek is…….flarden muziek komen voorbij : 'Smoke on the Water', 'Holidays in the Sun' & 'Rat Race’ , ineens een stem die roept: "FOR GOD'S SAKE! - BURN IT DOWN!!!" En dan gaat een plaat van start die van begin tot eind spettert.
Zelden klonken blazers op een popplaat zo strak en heftig.
Natuurlijk staan er ook hoogtepunten op deze plaat :'Tell me when my Light turns Green' is misschien wel de klassieke Dexy’s song, en 'Let's Make This Precious'.

'The teams that meet in the Caffs' is een fantastische instrumental, 'Seven days too Long' geeft net een andere draai aan een Northern Soul stamper.
En dan zijn er die twee fantastische singles 'There there my Dear' en natuurlijk de #1 'Geno'.
Zonder zwakke momenten klinkt deze plaat lekker direct, alsof je vooraan staat bij een gig, met hier en daar al verwijzingen naar wat zou komen ( het erg Van Morrison-achtige “Too-Rey Ay ) is deze plaat een classic, een overdonderend debuut, eigenlijk een plaat die iedereen ………. Tja als dat eens waar was….

Ik weet ook niet precies wat er met die Kevin Rowland wel of niet mis is daar in z’n bovenkamertje, stom als die was om de bandleden van deze line-up vrij kort na het uitkomen van deze plaat te ontslaan.

Dondert niet; dit is een heftige plaat : dit is een prachtige plaat,
die uniek is in de samensmelting van stijlen, een Pig Bag komt nog het dichtse in de buurt, maar gewoon ook een lekker plezierige plaat, die eigenkijk behoorlijk tijdloos is.
Play it Loud en aan 1 stuk door, desnoods nog een keer daarna;
dit album verdient echt meer dan 12 lousy stemmetjes…………

Doudou N'diaye Rose - Djabote (1992)

5,0
Als één van afrikaas belangrijkste muzikanten levert Doudou N'Diaye Rose met "Djabote" één van de belangrijste platen af die ooit op dit continent is gemaakt.

Dit overstijgt afrikaans trommelen, dit is een "symfonie" voor percussie en koor.
50 Moslim trommelaars, en een Katholiek koor van 80 personen maken, onder leiding van Doudou N'Diaye Rose een plaat met ritmes en composities van Rose.

De plaat is opgenomen op het eiland Goree, voor de Senegalese kust. Een beladen locatie, want het is dit eiland waar de Nederlanders een fort bouwden vanwaar duizenden slaven naar de nieuwe wereld werden verscheept.
Er bestaat van het opnemen van deze plaat een indrukwekkende documentaire, daarin is goed de sfeer van de geschiedenis van het eiland te proeven.
Misschien wel daardoor is de muziek 'beladen', geen luchtige kost, eerder zoals een klassiek meesterwerk.

Zoals de grote dirigenten van de grote orkesten van de wereld leidt Rose de trommelaars ( waaronder veel dochters en zonen van Rose) en het koor door de complexe ritmes en patronen.
Rose speelt zelf de sabar, een trommel die met één hand en één stok wordt gespeeld.
Soms door een patroon "voor" te spelen op zijn sabar, soms met hand of stokgebaren, weet hij van de 130 uitvoerenden een geheel te smeden tot een indrukwekkende stuk muziek.
Als je je er voor open kunt stellen een indrukwekkende muzikale ervaring, maar niet voor oppervlakkige luisteraars.

Ed Kuepper - Today Wonder (1990)

5,0
We gingen al jaren heel veel concerten af met ons vaste clubje; meestal met z'n vieren, soms met vijf.
Het hele land reden we af voor optredens; meestal Paradiso en de Melkweg, dat was makkelijk want Ad werkte in Amsterdam.
Maar ook Tivoli in Utrecht en soms Doornroosje in Nijmegen. Af en toe het Burgerweeshuis in Deventer en "tussendoor" ons eigen Apeldoornse Gigant.

Natuurlijk bestelden we onze kaarten van te voren, je gaat geen 100 kilometer of zo rijden zo maar op de gok.

Zo ook deze keer: maar nu voor ons naar vreemd terrein: de studentensocieteit O 42 in Nijmegen.
Voor een optreden was geen van ons daar ooit geweest.
De kaarten zouden bij de kassa voor ons klaar liggen.

Vol van de bekende prettige anticipatie van wat er zou komen en de toepasselijke muziek vooraf in de auto gingen naar het Nimweegse.

Voor het eerst sinds de Saints zouden we ons aller favoriet Ed Kuepper weer eens live aanschouwen.
"Hij schijnt net weer een nieuwe plaat uit te hebben" zei Jan Willem, mede deejay en altijd van de laatste releases op de hoogte. "Moet nogal goed zijn" voegde hij er aan toe.

Hoe goed zou later die avond blijken.

Geen van ons: Adje, Jeewee mijn vriendin Petra en ik zie de gek, wist toen wat voor een gedenkwaardige avond het zou gaan worden.

Onze verwachting?
Een niet al te grote club, lekker vol en een Kuepper die weer ouderwets van leer zou gaan.

Alleen het eerste bleek te kloppen:
Aangekomen bij het statige oude pand aan de Oranjesingel keken we elkaar verbaasd aan:
"Zeg Jeewee, je weet toch wel zeker dat het vanavond is?" vroegen Ad en ik.

Waarom? Buiten voor de ingang: NIEMAND. Okee we waren iets te vroeg, deden we altijd want wij "staan vooraan", maar helemaal geen menigte die lichtelijk opgewonden was. Helemaal niemand.

We moesten op de deur kloppen, want er stond zelfs geen portier of andere zwaargewicht.
Verbaasd deed een duidelijk studententype open: "Kaartjes besteld?, voor vanavond?"
Toen we de zaal in liepen werd duidelijk vanwaar die verbazing.
De zaal? Leeg.
Op een platendraaiertje en een drietal jongens achter de bar na.

Met de eerste drank in de handen liepen we richting het spaarzaam verlichte en wel erg kleine podium.

We keken elkaar aan; wat dit moet worden?
Even bekroop ons een raar gevoel: het gaat hier toch wel om DE Ed Kuepper?

Tegen de tijd dat het concert was begonnen waren er misschien vijftien of twintig personen bij gekomen.
Okee, het was een doordeweekse avond, maar dit?
Aangezien al de overige bezoekers elkaar goed bleken te kennen, en eigenlijk alleen geinteresseerd waren in elkaar, besloten we naar de bar te gaan om allemaal een barkruk mee naar voren te slepen en die pal voor het podiumpje neer te zetten.
De naam podium mocht het kleine verhoginkje eigenlijk helemaal niet hebben; de kruk die klaarstond achter de microfoon stond amper hoger dan die van ons.

Een half uur "te laat" kwamen twee heren richting het podium geslenterd, 1 met een gitaar.

"You're in for a nice night?"
Het was Ed Kuepper himself die ons dit zachtjes toesprak.

Op nog geen twee meter nam hij plaats op de kruk en achter de microfoon, Mark Dawson nestelde zich achter zijn miniscule drumset:hij pakte een paar kwastjes uit de foudraal die aan de heel kleine basdrum hing, Ed pakte uit de binnenzak van zijn vestje een gouden balpen.

Terwijl de jongens aan de bar met hun doordeweekse drinkgelag doorgingen begon Ed Kuepper met de balpen zachtjes ritmisch op zijn twaalfsnarige gitaar te slaan: "Horse under Water"ontrolde zich direct voor onze ogen.
En het was prachtig; hypnotiserend.

Het concert verliep voor mij als in een roes: door de nabijheid van die twee rasmuzikanten, door de muziek, door de interactie tussen ons clubje en Ed Kuepper, door die prachtige nieuwe songs.

De cd klinkt alsof hij naast je in de huiskamer staat te spelen; die avond speelden Ed zich in mijn hart.

Nooit tevoren, en nooit meer daarna heb ik tijdens een live-optreden zo'n warmte, intensiteit en passie meegemaakt.

Klaarblijkelijk had Kuepper besloten om in ieder geval die vier idioten op die barkrukken hun concert van hun leven te bezorgen.

Doordat wij vieren zo enthousiast reageerden kwamen er wel steeds meer mensen wat meer richting het podium geschuifeld: hoeveel er uiteindelijk stonden?
Geen idee: ik ging volledig op in de muziek.

Van iemand van de organisatie ( groot woord ) kreeg Kuepper na de laatste toegift een bos rozen.

Terwijl hij het podiumpje verliet gaf hij een van de rozen aan m'n vriendin; en fluisterde iets in haar oor.
Petra gaf antwoord wat bij Ed de reactie ontlokte: "Allright, especially for You"

Voor de tweede maal die avond speelde het duo "If I were a Carpenter", nog spannender dan de eerste keer.


En die roos? Die heeft nog zeker een half jaar in een smal vaasje in de woonkamer gestaan.

Fotheringay - 2 (2008)

het opbreken van Plainsong op instigatie van Elektra's Jac Holzmann
....reden was geen muzikale onenigheid tussen Matthews en Richards?
Sowieso veel onrust in die gelederen in die tijd, vraag me dan altijd af: ego of economie.....?

Jake Bugg - Jake Bugg (2012)

3,0
Bij meerdere beluisteringen brokkelt het hier en daar een beetje af:

1 - met de opener is het leukste al geweest
2 - het album kan me niet van A tot Z blijven boeien
3 - sommige composities zijn vrij matig
4 - stem is voor het rustige werk nog te 'dun'
5 - Jake moet echt meer iets aan het ontwikkelen van een eigen stijl gaan doen,

anders dan dat : een aardig debuut met een paar pareltjes,
met hoop op beter in de toekomst,
aangezien de potentie er is: 3

Kate & Anna McGarrigle - La Vache Qui Pleure (2003)

5,0
Zelden kwam er een debuutalbum uit wat zo goed en 'volgroeid' klonk als http://www.musicmeter.nl/al...
maar voor de uitvoerende muzikanten moet het gelijk ook een beproeving en misschien wel frustrerend zijn daar iedere keer weer aan herinnerd te worden.

Wat je na zo'n eersteling ook opneemt, alles wordt er aan afgemeten. De lat ligt hoog.

Persoonlijk vind ik de opvolger 'Dancer With Bruised Knees'
( http://www.musicmeter.nl/al...) niet onder doen voor het debuut, maar het mist twee dingen:
er staat geen 'hit' op als 'Complainte Pour Ste. Catherine' en ook geen nummer wat door covers van anderen wereldberoemd is geworden als 'Heart Like a Wheel'.

Na 'Dancer' ben ik de zusters McGarrigle een beetje uit het oog verloren, de tijden veranderden, punk en later new wave deden hun intrede, en ik draaide de platen steeds minder.

Min of meer bij toeval kwam ik decennia later de clip van 'Petite Annonce Amoureuse' tegen op You Tube.
En mijn interesse was opnieuw gewekt.
Nu ik dit album (eindelijk) ruim een week in huis heb zijn de zussen bijna niet meer uit mijn cd speler geweest.
En de plaat raakt me net als vele jaren geleden het debuut ook deed.
De zeer eigen, uit duizenden herkenbare stemmen, de samenzang, het frans met de tongval van Quebec, de prachtige composities, de eenvoudige maar zeer effectieve begeleiding; ik ben het met aeRo eens: deze plaat doet niet onder voor het debuut.
En dat is een prestatie op zich.

Kate & Anna McGarrigle - Tell My Sister (2011)

5,0
"Rufus kept himself quiet in a basket in the corner.
The song turned out to be Anna's; and those harmonies, they were live, the sisterly overtones vibrating in the air around the microphones, making two voices sound like a multitude.
Mendocino was the first song to go down on tape"

Zo openen de liner notes van dit album.

heb dit prachtboxje nu al enige tijd in huis.

Zoals eerder gezegd;
de eerst twee cd's zijn heruitgaven van de eerste twee platen van de McGarrigle zussen: vooral de debuut plaat heeft enorm aan geluidskwaliteit gewonnen, klinkt vele malen frisser en helderder dan ik van vinyl gewend was.


De derde cd is het waar het de echte liefhebber vooraf natuurlijk nieuwsgierig naar was: demo's, proefopname's en eerder onuitgebracht materiaal.
Zo staan er demo's op die Kate alleen opnam met als doel een platencontract in de wacht te slepen.
Kort daarna vroeg ze zus Anna mee te doen.

De nummers op disc 3 hebben allemaal een sobere begeleiding; vaak slechts de piano waar Kate achter had plaats genomen, een enkele acoustische gitaar, soms de banjo of accordeon.
Slecht op twee nummers doet een derde muzikant mee.

Door deze eenvoud in de uitvoeringen komt Kate's stem soms zeer direct binnen, soms in al haar breekbaarheid en altijd met die wonderbaarlijke schoonheid.
Mooi, gevoelig, 'klein' en toch indrukwekkend.

Een mooi document en eerbetoon voor een groot muzikante, die ons nu alweer ruim anderhalf jaar geleden ontviel.

Laurie Anderson - United States Live (1983)

5,0
In ieder geval zijn er hier al drie de 'Oh Superman' briljant vinden, hier is nummer drie in ieder geval.
En daar blijft het niet bij, voor mij is dit één van de grote meesterwerken uit de geschiedenis van de muziek van de 20e eeuw.
Het overstijgt de term popmuziek, hoewel er ook stukken op staan die onder die je noemer zou kunnen vatten.
Het is in de eerste plaats een registratie van iets wat je, ehmm, totaaltheater zou kunnen noemen? Of multimediashow zo als Citizen schreef.

De stukken van het optreden, de performance, die puur en alleen visueel zijn, zijn omdat het hier natuurlijk een geluidsweergave betreft, weggelaten. Dan blijft er altijd nog bijna vier en een half uur te genieten over.

Wat je te horen krijgt zijn stukken muziek, aaneengeregen door delen gesproken woord, conferences, flarden performance en een soort geluidsbody-art waarbij door Anderson zelf ontwikkelde "muziekinstrumenten" als een versterkte bril 'sounds' ten beste geeft. Dan weer gebruikt ze haar lichaam als klankkast, dan haar hoofd als drumstel.
Verder gebruikt ze tape-loops, vocoders, synclaviers, een 'gewone' viool, en de eerder genoemde 'Tape-Bow Viool", waar de brug vervangen is door een opnamekop van een taperecorder, en de haren van de strijkstok een stuk tape bevat, met verschillende stukken tekst of geluiden op de band, die net als bij een 'echte viool'gestreken worden, maar dan over de onamekop. Door de snelheid en positie te varieren onstaan zo woorden, zinnen of geluiden.
Een aantal microfoons naast elkaar, met verschillende vocoder afstellingen geeft de mogelijkheid om telefoongesprekken en hele dialogen in haar eentje uit te voeren.
Op de hoes is een piepklein stukje van het het visuele aspect van de show te zien ( the light in mouth).

Ik heb het geluk gehad Laurie met een soort samenvatting ( the highlights) van United States ooit een keer live te zien, dat optreden van ook goed drie en een half uur , herinner ik me als de dag van gisteren, het draaien van deze plaat zorgt dan als vanzelf voor de 'beelden'.

De muziek varieert van een soort 'avant-garde pop, tot knappe staaltjes jazz, dan weer minimal music. Van alleen een stem begeleid door een keyboard of tape-loop, tot mooi samenspel met het ensemble, waarbij voor mij persoonlijk drummer David van Tieghem de show steelt.

Laurie Anderson, al sinds '95 samen wonend met Lou Reed,
is en blijft voor mij een vrouw die ik enorm bewonder, er is bijna geen kunstrichting die zij niet op haar zeer eigen wijze gebruikt, om haar boodschap over te brengen, en wat mij betreft in ieder geval altijd boeiend en uniek, vaak prachtig, en soms geniaal.

Daarnaast heeft ze een gevoel voor 'humor' die mij erg aanspreekt:
geen dijenkletser, maar humor met diepgang en een soort sophisticated 'cool', een voorbeeld daarvan:

National Debt.

maar het is meer dan humor alleen, de serieuze ondertoon, haar kijk op de dingen, ik vind het vaak verfrissend, soms ontwapenend, maar altijd in hoge mate zichzelf.

Lou Reed & John Cale - Songs for Drella (1990)

4,5
Drella*= Dracula + Cinderella= Andy Warhol


There are many stories in the naked city…………..
The only question is; ……………which one to tell……..

Welk verhaal moet je vertellen bij dit album?

Het verhaal van een klasgenoot van mij die zo graag op zijn idool Lou Reed en al die andere “helden”uit the Factory wilde lijken dat hij uiteindelijk door veel te veel heroine, nu zijn leven slijt in een inrichting?

Het verhaal van de twee vroegere vrienden die twintig jaar niets meer met elkaar samen hadden gedaan …………het verhaal over verloren vriendschap, haat & liefde..

Het verhaal van Andy Warhol, de kunstenaar, duvelstoejager, mediacharlatan, despoot, portrettenmaker van de groten de aarde, de man die beweerde dat geld verdienen kunst was,en tegelijkertijd een oh zo kwetsbaar en fragiel mens………….
die zich, wanneer hij is neergeschoten door een gestoorde vrouw, in het ziekenhuis ligt, en zich vertwijfeld afvraagt waarom al die “vrienden” hem maar niet in het ziekenhuis komen opzoeken….

Het verhaal over de muziek die soms zo verbijsterend eenvoudig is en tegelijk soms zo zwaar………..

Het verhaal over schuld en bijna verontrustende pijnlijke eerlijkheid..?

Al deze verhalen zijnop één of andere manier te horen op Songs for Drella.

Van de drie hoofdpersonen in deze muzikale zwanenzang, leven er nog twee;
De dood van de derde, Andy Warhol, is de reden waarom die andere twee, Reed en Cale, voor het eerst sinds twintig jaar weer samen een plaat maakten.
Cynisch dat het de dood van de man is die ze weer bij elkaar bracht; dezelfde man die hen aan de vergetelheid ontrukte, een kans gaf, hun eerste plaat betaalde,
maar ook de man die ze slechts een paar jaar later uit elkaar dreef.

Songs for Drella is soms bijna te eerlijk, alsof wij de luisteraar, de priester zijn die in de biechtstoel de confessies van met name Lou Reed aanhoren.
Songs for Drella is daardoor ook een intieme plaat.
Maar vooral is Songs for Drella* een eerlijke plaat.
Eerlijk, zonder franje; soms in your face, soms heel mooi……..

En dan is het ook weer de ontwapenende en verhelderende plaat die ons ragfijn de sfeer schertst in de vreemde wereld die de Factory heette.
Zowel Reed als Cale verplaatsen zich soms in de gedachtenwereld van Warhol, en horen we hoe Warhol dacht over zijn kunst ( Work, the Problem with the Classicists is), of hoe hij hunkerde naar aandacht en genegenheid ( Open House), of wanneer Reed vertolkt hoe Warhol met verbijstering ziet hoe de kliek om hem heen ten onder gaat aan dope en zelfmoord:

“I never said slit your wrists and die
I never said throw your life away
It wasn't , it wasn't me, it wasn't me
You're killing yourself - you can't blame me”

Minstens zo interessant is het wanneer ze weer buiten de gedachtenwereld van Warhol stappen en hun gevoelens en bevindingen vertellen over hun relatie met hun mentor.
Of hoe Lou Reed openlijk de vrouw aanklaagt die Warhol neerschoot.

Songs for Drella is meer dan zomaar het zoveelste album van Lou Reed of John Cale, Songs for Drella is een document; een mooi, soms lief, soms hartverscheurend, soms pijnlijk document.
Lou Reed in het laatse nummer:

“They really hated you, now all that's changed
But I have some resentments that can never be unmade
You hit me where it hurt I didn't laugh
Your Diaries are not a worthy epitaph
Oh well now Andy - guess we've got to go
I hope some way somehow you like this little show
I know it's late in coming but it's the only way I know
Hello it's me - goodnight Andy...
Goodbye, Andy”

Songs for Drella is geen plaat die je meteen bij de eerste keer draaien volledig kunt bevatten. Vele draaibeurten zijn nodig om je de volle diepgang eigen te maken. In die zin is het geen popplaat, het is kunst. En soms is het een boze plaat,
Soms onheispellend , dan weer hypnotiserend (Images)

Ben je echt van plan deze plaat eens serieus te beluisteren? Dan raad ik je aan er echt voor te gaan zitten, het liefst met de teksten onder handberiek
Zet je koptelefoon op of neem plaats in je fijnste stoel; Neem je tijd; dit gaat minimaal twee uur duren; draai hem meerdere keren achter elkaar, luister, lees en luister opnieuw.
Ik vind het een meesterwerk; een hoogtepunt in zowel de loopbaan van Reed, als van Cale.
Huiveringwekkend mooi.

Songs for Drella is een eerbetoon aan Andy Warhol
Songs for Drella is een poging de waarheid onder ogen te zien
Songs for Drella is een muzikale manier om met het verleden in het reine te komen..
Songs for Drella is een vaarwel voor een vroegere vriend


( *=de koosnaam voor Warhol binnen de scene van de Factory)

(Tip: Het is voor het volledig doorgronden van dit album absoluut een pré als je wat van de geschiedenis van Andy Warhol en de Velvet Underground kent; misschien kun je tijdens één van de luisterbeurten wat lezen op het net )

Neil Young - On the Beach (1974)

5,0
'Tuurlijk mag jij Bertus vinden wat je vindt, en mijn tenen zjn zo lang niet, maar ik ben van mening dat iemand die voornamelijk Harvest als Young's beste beschouwt, eigenlijk geen die-hard Young liefhebber is. Maar dat hoeft ook niet natuurlijk.

Juist in albums als Tonight's The Night en On the Beach zit de mens achter de muzikant ; met alle emoties die daar bij horen.

Geen liedjes om het oor te plezieren, maar muziek omdat het er uit moet; de pijn, de emotie, het niet anders kunnen.
Dat raakt mij, herinnert mij aan eigen momenten met vergelijkbare emoties, doet me begrijpen wat de mens Neil Young is.

Daarnaast zijn Tonight's The Night en On the Beach belangrijke albums in de muzikantenloopbaan van Young.
Ze markeren het begin van de houding die hij vanaf deze albums altijd heeft behouden; geen concessies meer, zelf bepalen wat hij wel of niet uitbrengt.
En juist die houding maakt hem uniek binnen de muziekwereld.
Ik weet zeker dat de reden waarom hij nog zo actief is, daar ook mee te maken heeft; alleen iemand die zich niet conformeert aan wat platenbonzen denken wat goed is, alleen zo iemand behoudt de drive om ook gewoon 37 jaar later weer met een nieuw album op de proppen te komen.
Neil Young is vooral een echte muzikant, en geen popartiest.
Wie anders brengt binnen een half jaar eerst Le Noise uit, en komt straks met a Treasure.

En dan heb ik het nog niet eens over zijn betrokkenheid bij andere zaken die hem raken, zoals het gehandicapte kind, het leed van boeren, oorlog, het milieu, enz. enz.

Zo iemand mag van mij een keer een valse noot raken, of een album uitbrengen wat tegen de haren instrijkt: graag zelfs.
Ik houd van die man.....

Supersister - Supersisterious (2001)

DikkeDarm ( what's in a name) vraagt wat meer te vertellen over Supersister.
Platedraaier merkt terecht op dat Supersister één van de beste bands was uit de nederlandse pophistorie.
In 1971 stonden ze in de populariteitspolls van dat jaar op eenzame hoogte naast stadsgenoten Golden Earring.
Live waren ze een goed samenspelend en er lustig op los improviserend gezelschap.
In die tijd heb ik ze vele vele malen live gezien; en iedere keer was het genieten.

Het was de tijd dat het publiek gehurkt op de grond naar een concert luisterde; wiegend en een soort van “soft-headbangende”bewegingen makend: je laten wegvoeren, wel of niet ondersteund door geestverruimende middelen, op de tonen van de progressieve rock tonen van bands als Pink Floyd, Sotf Machine en Supersister.

Hoewel Supersister voor de meeste MuMers volledig onbekend zal zijn, is de bandleider en belangrijkste man; Robert Jan Stips dat niet; hoewel velen hem amper zullen herkennen als de langharige keyboardspeler.

Maar als je Freek de Jonge’s ‘Leven na de Dood’ kent, dan ken je ook Robert Jan Stips: hij is de man die al vele jaren met enige regelmaat Freek op keyboard begeleid.
Maar Stips heeft meer betekend voor de nederlandse popgeschiedenis, zowel als muzikant, als componist en ook als producer.
Een greep uit zijn jarenlage carriere:
Hij speelde in: de Golden Earring ( vrij kort na het uit elkaar gaan van Supersister), in Sweet D’Buster, en natuurlijk eerst een paar jaar als vaste gastmuzikant, en daarna als vast lid van de Nits.
Als producer is hij ondermeer bekend voor zijn werk met Gruppo Sportivo.
Verder heeft hij talloze andere projecten gedaan; soms onder eigen naam, maar ook heeft hij muziek gespeeld en geschreven voor het theater, kunstprojecten ( zoals voor een alternatieve rembrandt voorstelling).

De muziek van Supersister zou je nu vermoed ik nu progrock noemen; het feit dat één van de leden van Soft Machine voor een korte tijd met Supersister meespeelde geeft al een beetje aan in welke hoek we het moeten zoeken.
De line-up was voor die tijd niet zo uniek als nu:
Robert jan Stips: keyboards en zang
Marco Vrolijk : drums
Sacha van de Geest: dwarsfluit
Ron van Eck: bass

Het succes voor de band begon toen in 1970 de singel ‘She was Naked / Spiral Staircase zowaar een hitje werd. Daarna werd de eerste lp uitgebracht, dat was
1970 – Present from Nancy
Hier zijn duidelijk hoorbaar wat hun voorbeelden waren: Zappa en zijn Mothers of Invention en Soft Machine (als trio)
1971 – To the Highest Bidder
Ik denk één van de beste platen ooit in Nederland gemaakt, beetje gedateerd klinkend, maar nog steeds zeer fraai.
De laatste plaat die ik persoonlijk nu nog goed te pruimen vind, was ook de laatste in de originele bezetting: uit
1972 – Pudding en Gisteren
waarbij het titelstuk een stuk is wat werd geschreven voor ( en ook uitgevoerd werd samen met) het Nederlands Danstheater.

De band heeft daarna nog een aantal jaren in verschillende samenstellingen platen gemaakt en veel opgetreden; maar toen was ik al afgehaakt; dus ik laat het graag aan iemand anders over dat verhaal te vertellen.
http://www.stips.net/
Op de website van Robert jan Stips kun je cd’s bestellen waarop steeds twee lp’s van Supersister op één cd zijn samengevoegd; ik denk een mooie gelegenheid deze band te leren kennen.

Terry Reid - Terry Reid (1969)

5,0
Al sinds ik hier op Mume verblijf gepoogd hier op te stemmen, stond er dus nog niet op. Plaatsen lukte keer op keer niet door problemen met de hoezen.

Anyway: eindelijk dan Terry Reid op Music Meter.
De carriere van Reid is er vaak één geweest van 'net niet'.

Hoe zou de wereld er uit hebben gezien als Terry Reid wél de zanger van Led Zeppelin was geworden?
In ieder geval was dat de wens van Jimmy Page.

Stel je voor dat Zeppelin een band was geworden met twee gitaristen, en minstens zo heftig stemgeluid als dat van Plant, alleen dan met een wat groter bereik??!!

het ging niet door omdat Reid net zelf een contract had getekend bij een platenmaatschappij.
Hoezo verkeerde keuze.....

Deze plaat geeft echter aardig een idee hoe het had kunnen zijn: met een beetje fantasie ligt de muziek wel in het verlengde/ zelfde richting als de eersteling van Zeppelin.

Het enige wat minder is is de repertoire keuze; het is ook daarom dat dit geen 5 sterren plaat is, want ik persoonlijk vind de cover van Dylan's Highway 61 Revisited de zwakke plek.

De overige songs zijn goed tot okee, ik heb het nu over de oorspronkelijke plaat op vinyl (één van mijn kostbaarste schatten in mijn collectie), de toevoegingen op de cd ken ik niet.

Daar waar de songs compositorisch wat simpel zijn, wordt het toch nog genieten door de passie, intensiteit en gedrevenheid waarmee Reid die nummers ten tonele brengt.
Genieten puur.

Blues rock geinsprireerde songs worden afgewisseld met ballad-achtig materiaal.
De opname kwaliteit was niet best, maar daardoor heeft de originele plaat ook iets heel puurs.
De begeleiding/ instrumentatie is bij tijd en wijlen vrij eenvoudig, gitaar, bas drums (Hammond)orgel,maar ook dat is niet erg, want daardoor komt er op Reid's stem nog meer de nadruk te liggen.
Soms gevoelig en ingetogen, dan weer met een vel schuurpapier , nummer 60.
Soms begeleid met acoustische gitaar, soms een Telecaster, dan weer met een prachtige vervormd Gibson Les Paul geluid.

Stay with me Baby, May Fly zijn favoriete nummers: maar topper is Rich Kid Blues, die goed voor te stellen zou zijn geweest op het repertoire van Led Zep.

Voor alle sixties lovers, en Led Zeppelin fans; in ieder geval een plaat die je een keer gehoord moet hebben.

I love it.

The Feelies - Here Before (2011)

5,0
Is it Too Late?
To do it Again?
Or should We Wait,
Another Ten?
Nobody Knows
Everybody cares
Everyone's Asking


zo opent Here Before,
en wat mij betreft ben ik blij dat ze niet nog eens 10 jaar hebben gewacht,
en mogen ze van mij, gezien de kwaliteit van het gebodene, er nog wel een paar albums aan vast knopen.

Zoals cddrive al zegt: oude tijden herleven, maar dit keer op een positieve manier:
the Feelies zijn op een prettige manier the Feelies gebleven.
Gelukkig heten ze niet allemaal Davies.

Want hier geen nieuw album waarvan je na beluistereing moet concluderen: ja dat was er dus duidelijk 1 te veel.
Alle ingredienten zijn hetzelfde, de bandleden zijn hetzelfde, maar ook, de kwaliteit van de songs is weer hetzelfde als, voor het laatst, 19 jaar geleden.

Okee Mercer's stem is ietsje minder stemvast dan 20 jaar geleden, wat lager ook. Maar hij heeft nog steeds dat lekkere relaxte gevoel. Wat zo lekker soms samengaat met en soms ook dwars staat op die dubbele gitaarpartijen.
Heerlijk weer die slaggitaar van Bill MIllion die gaat weer door en door.
Wat ook opvalt is dat Brenda's bas spel beter en meer prominent is geworden, soms zelfs bijna frivool. Meid toch... het feit dat ze met Wild Carnation meer op de voorgrond trad, zal daar aan meegeholpen hebben.
En Dave? Die zit weer als vanouds ineengedoken met zijn lange lijf achter een floortom, subtiele ritmedingetjes te doen, met 1 stok en een tamboerijn.


Het album overtreft mijn verwachtingen, hoewel die, eerlijkheidshalve, misschien een beetje 'kunstmatig' laag waren. Want stel je voor dat een album van een van je favoriete muziekclubjes, na zo lang wachten, wel tegenvalt....da's pas balen.

Inderdaad; om aan de titel van het album te refereren: ze zijn hier eerder geweest, en voor mij mogen ze weer een tijdje blijven, en moeten we maar gewoon genieten van hoe lang het deze keer weer allemaal duurt.
Want een ding is zeker bij the Feelies, met het begrip tijd gaan zij op een geheel 'eigen wijze' om.
En nu maar hopen dat, over tijd gesproken, Bill voldoende vakantiedagen over heeft om er een tour door Europa in te plannen.
Maar laten ze het toch vooral op hun eigen manier blijven doen, want dat is en blijft hun kracht.

Dus Stan, Glenn, Bill, Brenda & Dave: welcome back !!

Ik ben een blij man.

The Jimi Hendrix Experience - Live at Winterland (1987)

5,0
Lying Mouth en aERodynamIC hebben het in hun posts over een blauw hoesje;
dat is de Ryko Disc uitgave, met een betere geluidskwaliteit ( zoals bekend van Ryko) en betere informatie en artwork.
Kun je die uitgave te pakken krijgen : doen !!
Zeker als die compleet is met de extra cd "Live at Winterland +3" een uitgave uit naar ik meen 2003 ( weet dat niet zeker)

Op die 2e cd staat namelijk een live uitvoering van een nummer wat Jimi maar heel zelden live speelde; "Are You Experienced".
Er zijn maar weinig opnames waarin je de Experience zo goed en ook "vrij"en toch coherent hoort spelen/ jammen.

Dat Mitch Mitchell voor Hendrix de ideale drummer was, is wel bekend; hij was als geen ander in staat een improviserende en de soms schijnbaar onnavolgbaar alle kanten opgaande gitaarlijnen van een losse, jazzy en toch strakke ( nee is geen tegenstelling) drumlijn te voorzien.
Maar op deze uitvoering van het titelnummer van de debuutplaat van de Experience, is ook een Noel Redding in bloedvorm.
Als je Hendrix denkt te kennen zal deze Are You Experienced je toch verrassen door de prachtige uitvoering; een moeilijk nummer om live uit te voeren, maar hier krijgt het een prachtige sterke en zeer door de jazz beinvloedde versie: smullen !!

De plaat wordt vervolgd door een goede slight return versie van Voodoo Chile; waarin vooral Jimi zeer goed bij (zang)stem is.

Als derde en laatste nummer, de graag door Jimi live gespeelde Dylan song: "Like a Rolling Stone".

Kreeg dit nummer op Jimi plays Monterey een grappige, bijna sexy uitvoering ( de kauwgum.tremelobar grap vergezeld van knipoog >> ga de dvd zien !!) ,
hier wordt na een gesproken introductie waarin Jimi de loftrompet afsteekt over de dichterlijke kwaliteiten van Bob Dylan, een hele mooie, warme Bluesy versie van Like a Rolling Stone ten beste gegeven.
De warme toon en klank doet me vermoeden dat Jimi hier zijn Gibson Flying V, of misschien zijn witte Gigson Les Paul hanteert, misschien dat iemand dit kan bevestigen, na de brug lijkt het wel of er op de achtergrond zachtjes een Hammondorgel meespeelt: zou er gebruik zijn gemaakt van een Leslie speaker??
Maar hoe dan ook:
dit is een tijdloze, bijna ontroerend mooie versie, van een drietal muzikanten die zelden zo hecht, zo together, hebben geklonken. Het speelplezier druipt er van af; absoluut bij het mooiste wat ik van Jimi ken. ( heel, heel heeeel klein minpuntje: alleen in de laatste paar maten ontstemd de gitaar ineens, maar dan is al het mooi al geweest)

Voor deze plaat een 5, maar hij staat hier niet, helaas.

Thomas Hine - Forgive My Future (2013)

Dit klinkt heel veel belovend Paul, representatief voor de rest van het album?

Wipers - Follow Blind (1987)

5,0
the Chill Remains; de geest dwaalt af mijn ogen voelen niet meer te kunnen focussen, meegevoerd door de ritmesectie en de echo op de gitaar, is dit nu het psychedelische effect van muziek?
I Wonder How it's Been...., en dat is precies wat ik doe...

I wonder how it's been
Your ship came in
But the shadow shall arise
You turn your eyes

Explain it to them
Explaining your life away

Just show me not for myself
We shot off like an arrow
Don't put it on the shelf
The thoughts never change
No need to explain
The chill remains

Just show me
But not for myself
Will you still show tomorrow
The color you paint today
Your thoughts never change
No need to explain
The chill remains
Gezeten in een Gispen 413 zit ik zacht wiegend met de koptelefoon op te luisteren naar de muziek die perfect past bij het tafereel wat zich buiten het raam zich aan mijn ogen voltrekt: ik zie drie van onze paarden met de kont richting de wind gekeerd. Het laatste gekleurde herfstblad jaagt langs het raam. De eerste sneeuw van het jaar bedekt de weilanden.
Het is weer zo ver; het is guur en het mijmeren en slaat weer toe........'Als ik nou muziektheorie had gestudeerd. Zou ik dan kunnen begrijpen waarom de muziek die ik nu hoor, me zo raakt; zou ik me dan misschien niet zo onbeholpen hoeven voelen wanneer ik met woorden probeer te vangen wat er gebeurt als ik luister naar deze muziek ?'
Zou ik dan wellicht ook snappen waarom deze muziek zo anders is, zo onherroepelijk herkenbaar; want er is wel degelijk iets wonderbaarlijks aan de hand; eigenlijk is Wipers gewoon een driemans rockformatie; gitaar, bas, drums, en de gitarist zingt; niets bijzonders, is al vele malen eerder gedaan.
Maar waarom is het dan toch zo anders? Zou ik het beter begrijpen als ik echt thuis was in de wondere wereld van majeur en mineur of niet alledaagse akkoorden schema's ?'
Met meer muziektheoretische kennis had ik wellicht ook kunnen verklaren wat er dan gebeurt met die op het oog ( of liever oor) zo eenvoudige songs. Er is iets, dat is duidelijk, maar wat er precies gebeurt is voor mij moeilijk een vinger op te leggen.
Is het iets mystieks? Normaal gesproken werp ik dergelijke gedachten snel van me, ben niet van het zweverige, niet van het buitenaardse....maar wat is het dan wel?
Als er ergens een maatstaf zou bestaan voor de meest herkenbare band ter wereld, dan zou Sage's Wipers daar zeker hoog scoren. Wat is dat toch....?

Neem nou bijvoorbeeld dit album: "Follow Blind" , niet de beste Wipers plaat, maar misschien de meest 'Wipers plaat' van alle Wipers platen, als je me nog kan volgen.
Follow Blind is uit 1987. Follow Blind zit ongeveer halverwege de carrière van Greg Sage/ Wipers, nog voldoende voortbordurend op wat eerder was, en al heel duidelijk verwijzend naar wat zou komen.
Follow Blind klinkt in vergelijk tot de voorganger 'Land of the Lost' een stuk opener. Maar tegelijkertijd komt het album wat meer beschouwelijk over. Waarschijnlijk komt dit zo over doordat in vergelijk tot 'Land of the Lost' het tempo soms wat wordt teruggeschroefd, maar vooral door die open, helderder klinkende productie, het is alsof er daardoor enige distantie ontstaat.
Wat bleef is de op 'Lost' ook alom aanwezige en overheersende gevoel van melancholie, maar die wordt op Follow Blind hier echter naar een nog hoger plan wordt getild; het druipt er gewoon van af.
En als je er in de goede bui bent, voor zo'n melancholisch album, dan is er bijna niets beters te vinden wat dat betreft. Wat aan deze alom aanwezige gevoel van gloom en doom bijdraagt zijn de ogenschijnlijk simpele teksten; soms niet meer dan sfeerbeelden uit de losse pols. Verdwenen de oprechte boosheid en walging over een zieke samenleving, of de directe bezorgdheid om een generatie in verwarring en pijn, neen: zoals bij zo velen aan het eind van de jaren tachtig is de opgekropte woede naar 'binnen geslagen'.
Veel van de emoties worden er niet meer uitgeschreeuwd, maar komen af en toe als een schim in een duistere poel, even aan de oppervlakte, om dan weer in diepe duisternis te verdwijnen. De teksten zijn soms raadselachtig en vaag, maar ook op een vreemde manier persoonlijker.

En de muziek?
Die is minder heftig, minder gruizige power akkoorden en krakende riffs, minder distortion, maar meer echo, ruimtelijker, zwevend bijna, hypnotiserend ook.
Of noem ik het 'stemmig' met een ouderwets woord. Misschien kun je het met een minstens zo in onbruik geraakt woord: humeurig noemen. Muziek die het humeur van de maker weergeeft...hmm, misschien niet eens zo slecht: humeurig.
Follow Blind is in ieder geval het eerste Wipers album met die sfeer, hoewel op 's mans eerste solo plaat al de richting hiervoor werd gewezen.

Follow Blind is daardoor geen lichtvoetig album; Maar hoe donker de kleuren van het pallet wat Sage ook gebruikt, ook mogen zijn; er is bij deze loner gelukkig ook altijd hier en daar een spatje rood of helder geel te bespeuren. En dat is maar goed ; want hoewel moody, we hebben het hier niet van doen met de muzikale weerslag van iemand die leidt aan depressies.
Dat zou overigens ook niet passen bij de muziek.
Maar dan komen we dus op het terrein wat me toch best wel frustreert. Hoe beschrijf ik nou wat deze muziek zo eigen maakt.

Ik kan de ingrediënten opnoemen, maar red ik het daarmee?Misschien heeft het iets te maken met de samenhang tussen de ritmesectie en de dikke lagen gitaarspel. Als je lang genoeg naar een metronoom luistert kun je ook in zo'n staat van vervreemding geraken.
De ritmesectie, Brad Davidson en Steve Plouf dragen in sterke mate mee to het effect wat dit album op mij heeft. Zal ik het een soort 'trance' noemen? In ieder geval zijn zij de perfecte basis voor Sage's zang en gitaarpartijen.

Ik heb ooit een soundcheck met deze formatie meegemaakt ( voorafgaand aan een optreden in Doornroosje/Nijmegen) en daarin kwam duidelijk naar voren wat Sage van zijn begeleiders verwachtte: " Groove On" zei hij toen hij 1 van de nummers stillegde toen hem iets niet beviel. Hier geen democratische bandverhoudingen, maar een frontman die precies wist wat hij wilde horen. De bassist en drummer zeiden geen woord terug, Het moest allemaal wel precies gaan zoals Sage het in zijn hoofd had natuurlijk.
En hoe hij het in zijn hoofd had pastte toen niet in het tijdsgewricht van die dagen. Luister naar de gemiddelde andere plaat uit hetzelfde jaar ( 1987) en wat opvalt is hoe kaal de productie klinkt, geen overbodige, van de essentie van de songs afleidende, versierselen. Maar misschien is daarom Follow Blind nog zo goed aan te horen, in vergelijk met veel gedateerd klinkende tijdsgenoten.

What you hear is what you get. Misschien is dat wel het geheim: eenvoud, gedreven door onderkoelde passie; uitgevoerd met vakbekwaamheid en oprechtheid.
Meer is niet nodig binnen het idioom van Greg Sage.

Wipers - The Power in One (1999)

4,0
Het moet er toch maar van komen. Een eerste bericht bij Wipers’s laatste plaat.
Waarom niet eerder?
Misschien wel omdat ik stiekem de hoop had dat er toch nog een vervolg zou komen....

Immers ooit is er een opvolger aangekondigd, ' Electric Medicine', maar tot op heden heeft die nooit het daglicht gezien.
En op e-mails met vragen daarover, heb ik nooit antwoord gekregen.

Dus maar gewoon erkennen : dit is blijkbaar het slotakkoord.

Power in One, de kracht in je zelf,
Niet meer de hoop dat er een generatie jongeren zal komen die de fakkel overnemen,
nee je zult het in je eentje moeten doen.
Dat is kortweg het idee achter deze plaat.

Als notoir buitenstaander, iemand die de maatschappij min of meer vanaf de zijlijn 'bekeek' , haalde Greg Sage veel van zijn inspiratie en ideeën voor zijn muziek uit het observeren van personen en gebeurtenissen in zijn omgeving. Een soort chroniqueur van sombere tijden.
Daarbij waren jongeren die zich op enige wijze afzetten tegen, of een eigen manier hun weg zochten vaak zijn onderwerp.

Maar ,zoals Sage zelf zegt, die jeugd is veranderd.
Niet meer een op een creatieve manier communiceren via het maken van muziek, maar op een individuele manier communiceren via je mobieltje, dat is wat een ouder wordende Sage waarneemt.

Niet meer naar buiten gericht, maar naar binnen.
Met als gevolg dat ook hij, de eeuwige outsider, de observator, gedwongen is zijn kracht uit zichzelf te halen.
Vandaar de Power in One.
Teleurstelling van een grumpy old fart zou je kunnen zeggen.

Nu is dat ' in zijn eentje' overigens slechts ten dele waar, want drummer Steve Plouf staat Sage hier weer terzijde, zoals hij al doet sinds 1985.
Ze wonen zelfs in naast elkaar gelegen huizen, en Plouf en zijn vrouw runnen voor een groot deel de eigen maatschappij "Zeno-Records".
Op deze plaat speelt en zingt Sage verder alle partijen zelf.

Muzikaal grijpt PIO terug op the Herd en daarmee op eerder werk.
Wars van idolatie zal Sage wel weer zeggen dat hij gewoon muziek maakt en dat zijn gitaarspel maar gewoon een vehikel is om zijn ideeën te uiten.
Dat zal allemaal wel , voor ons als luisteraar is het weer een plaat waarop goed te horen is wat de man met zes snaren en de nodige zelf in elkaar gesoldeerde effectapparatuur vermag.
Want weinigen kunnen met een gitaar en wat randapparatuur zo hun eigen sound creëren als Sage.
Vervorming, feedback gekoppeld aan een spacy klinkende echo, met daarbij weer veel mineur akkoorden, die door maar zeer weinigen in de popmuziek worden gebruikt, geven ook PIO weer die overduidelijke eigenheid.
Akkoorden progressies die je vaak niet verwacht doen de rest: deze man heeft gewoon zijn eigen soundscape geschapen en door de jaren heen geperfectioneerd. Als gitarist is hij volstrekt uniek.

En weer klinkt de plaat als live opgenomen, weer is de muziek compromisloos Wipers. Je zou kunnen zeggen dat Sage eigenlijk heel conservatief is in zijn benadering, maar misschien is dat wel het geheim van het hebben van een eigen geluid.

Desondanks klinkt PIO, voor iemand die zijn eerste plaat opnam in 1979, als was het een plaat van een beginnend bandje, maar dan met de ervaring van een oude rot in het vak.

Oorspronkelijk gestart als soloproject vond Sage dat de 120 songs en ideetjes die hij had, bij nadere uitwerking steeds meer als een Wipers plaat gingen klinken, en vandaar dat het een Wipers plaat werd.

En met Wipers muziek is het zo: heeft die muziek je eenmaal te pakken, dan zal ook deze Power In One je weer beet nemen, en je als een soort herfststorm geselen met golven van gitaar sounds en die maar door pulserende bas en drums patronen, waarbij de bas vaak een tegen-melodielijn speelt, ook een herkenbaar Wipers stijlicoon.

Sommige van die gitaar golven klinken als een Hendrix op Electric Ladyland ( House Burning Down) of Axis ( Bold as LOve ) maar dan zonder de behoefte indruk te maken of trucjes te laten zien,
Want alles staat ten dienste van het overbrengen van het gevoel , van de kracht in je zelf, de Power In One.