Muziek / Toplijsten en favorieten / De top 100 van... #2 (vigil - update sinds 2014)
zoeken in:
0
geplaatst: 2 januari 2024, 09:02 uur
Hoop dat niemand last heeft van de embeds trouwens 
/edit: van de Spotify-embeds toch maar linkjes gemaakt.

/edit: van de Spotify-embeds toch maar linkjes gemaakt.
3
panjoe (moderator)
geplaatst: 2 januari 2024, 14:03 uur
Zoals verwacht een toplijst van de initiatiefnemer van dit topic niels94, voornamelijk vanwege de vlotte stukjes, want inhoudelijk zijn er weinig overeenkomsten met mijn top 100 en dagelijkse luistervoer - op de hiphopnummers na, waarbij je dan weer wel gelijk enkele van mijn absolute topfavorieten hebt uitgekozen.
En dan ook niet meer dan gepast dat we daarna degene hebben die destijds de tweede top 100 van... ooit heeft samengesteld. Ik zal gelijk effe de topictitel aanpassen, en zal op de achtergrond met veel plezier meelezen en -luisteren.
En dan ook niet meer dan gepast dat we daarna degene hebben die destijds de tweede top 100 van... ooit heeft samengesteld. Ik zal gelijk effe de topictitel aanpassen, en zal op de achtergrond met veel plezier meelezen en -luisteren.
1
geplaatst: 2 januari 2024, 22:00 uur
Komt er een Spotify-playlist exsxesven?
Nu al mooie ontdekkingen, vijf toffe tracks. De muziek van Sadness vormt een heel aparte combinatie met die zang, erg tof, en het nummer van Xinlisupreme is zeer lekker. Dat smaakt al naar meer. Maar het meest onder de indruk ben ik nog wel van Cremation Lily, wat een sfeer zeg. Doet me eraan denken dat ik misschien toch weer eens wat meer noise-achtige dingetjes zou moeten checken. Misschien biedt deze lijst wel enige input? 
Nu al mooie ontdekkingen, vijf toffe tracks. De muziek van Sadness vormt een heel aparte combinatie met die zang, erg tof, en het nummer van Xinlisupreme is zeer lekker. Dat smaakt al naar meer. Maar het meest onder de indruk ben ik nog wel van Cremation Lily, wat een sfeer zeg. Doet me eraan denken dat ik misschien toch weer eens wat meer noise-achtige dingetjes zou moeten checken. Misschien biedt deze lijst wel enige input? 
1
geplaatst: 2 januari 2024, 23:07 uur
Haha, volgens mij staat er relatief weinig (harsh) noise in de lijst, het is vaak lastig kiezen, zeker in niches als HNW is het bijna onmogelijk (oké, vooruit, dit was altijd mijn favo HNW-track), maar ze zijn er natuurlijk zeker, die tracks die tóch een plekje in zo'n lijst van 100 geweldige liedjes (dat blijft het toch een beetje) hebben weten te bemachtigen. (Sommige hebben het dan natuurlijk weer net niet gehaald, zoals het feitelijk net als Velvet Pillow zo fantastische Sonate for A van Alleypisser.) In ieder geval zeker genoeg moois te vinden in het hoekje van die gruizige, melancholieke kruisbestuiving van noise, ambient en PE. Oude Cremation Lily dus (check ook zeker het supermooie Lines of Golden Light), maar ook het fantastische Jardin du sommeil van Tourette (desolate piano + harsh gescreech), het bloedjemooie Armour of Stars van Internazionale of Going Places van Yellow Swans. En sommige labels kun je in zijn geheel wel een beetje doorspitten voor dit soort herrie: Strange Rules (van Cremation Lily zelf), Posh Isolation (doorgaans iets killer, wel mooi, Internazionale was ook op PI), een hoop Hospital (bepaalde Prurient heeft ook deze heerlijke melancholieke vibe, bijvoorbeeld, maar ook zoiets als Ecocannibalism van Dust Belt - is wel een klus trouwens hoor, Hospital heeft zo fucking veel uitgebracht). Ook een artiest die nog wél langskomt (maar waarmee is dan nog even een verrassing) die je zeker zou moeten checken is Uboa. Heb ik een paar jaar geleden nog een uitstekende tape van uitgebracht op mijn labeltje Void Worship en maakte recenter nog wat kleine waves (Fantano, Scaruffi) met The Origin of My Depression. Mooi, cathartisch, pijnlijk, allemaal tegelijk.
Ik twijfelde over een Spotify-lijstje omdat er een hoop niet te vinden is op Spotify (even geteld: 20 nummers niet op Spotify + 2 wel op Spotify maar niet de juiste versie), maar ik zal datgene wat er wél in staat in een playlist zetten.
HIER zijn alvast de eerste paar tracks. 
Ik twijfelde over een Spotify-lijstje omdat er een hoop niet te vinden is op Spotify (even geteld: 20 nummers niet op Spotify + 2 wel op Spotify maar niet de juiste versie), maar ik zal datgene wat er wél in staat in een playlist zetten.
HIER zijn alvast de eerste paar tracks. 
0
geplaatst: 2 januari 2024, 23:17 uur
Also



Het is overigens soms ook gewoon kort en to-the-point, maar goed, het documentje met mijn preamble en al mijn stukjes bij elkaar (natuurlijk inclusief linkjes voor embeds enzo) is iets meer dan 33.000 woorden. Een deel daarvan is wel weer quotes van mezelf (
) maar het grootste deel is natuurlijk nieuw geschreven. De preamble is bijna 2800 woorden, voor enig perspectief.

Aangezien de preamble zo lang was vond ik het wel netjes de eerste vijf nog een dagje uit te stellen. 
Naar mijn eigen inschatting valt het allemaal erg mee, al is dat natuurlijk vanuit je eigen perspectief altijd zo, denk ik 
Blij er te zijn


Zou wel vet zijn ja
Glitch schreef:
Youth of Today - BTTW album 3x gehoord tijdens het lezen van de openingspost. Zin in!
Youth of Today - BTTW album 3x gehoord tijdens het lezen van de openingspost. Zin in!


McSavah schreef:
De lijst van Sven ga ik als fanboy (hij is mijn grootste internetheld) natuurlijk ook intensief volgen.
De lijst van Sven ga ik als fanboy (hij is mijn grootste internetheld) natuurlijk ook intensief volgen.

Arrie schreef:
exsxesven is de nieuwe 123poetertjes wat betreft lange stukken schrijven en ik geniet er nu al van
exsxesven is de nieuwe 123poetertjes wat betreft lange stukken schrijven en ik geniet er nu al van
Het is overigens soms ook gewoon kort en to-the-point, maar goed, het documentje met mijn preamble en al mijn stukjes bij elkaar (natuurlijk inclusief linkjes voor embeds enzo) is iets meer dan 33.000 woorden. Een deel daarvan is wel weer quotes van mezelf (
) maar het grootste deel is natuurlijk nieuw geschreven. De preamble is bijna 2800 woorden, voor enig perspectief.madmadder schreef:
Zin in natuurlijk, succes Schvennie!
Zin in natuurlijk, succes Schvennie!

Mjuman schreef:
exsxesven waarom niet vandaag begonnen - was er iig al één zingevende activiteit geweest.
Verder: je post maakt meteen duidelijk wat het verschil is tussen zwatelwater a.k.a. spraakwater -zie ook Radio 2 Top 2000 #2 - MusicMeter.nl - en schrijfwater.
Een goede voor bereiding is het halve werk = wir sind gespannt
exsxesven waarom niet vandaag begonnen - was er iig al één zingevende activiteit geweest.
Verder: je post maakt meteen duidelijk wat het verschil is tussen zwatelwater a.k.a. spraakwater -zie ook Radio 2 Top 2000 #2 - MusicMeter.nl - en schrijfwater.
Een goede voor bereiding is het halve werk = wir sind gespannt
Aangezien de preamble zo lang was vond ik het wel netjes de eerste vijf nog een dagje uit te stellen. 
dix schreef:
Ellenlange praatjes over plaatjes met weinig plaatjes. Let's go!
Ellenlange praatjes over plaatjes met weinig plaatjes. Let's go!
ArthurDZ schreef:
Nou dit belooft alvast! Ben benieuwd hoeveel weirde shit aan mijn luisterlijstje gaat worden toegevoegd de komende periode
Nou dit belooft alvast! Ben benieuwd hoeveel weirde shit aan mijn luisterlijstje gaat worden toegevoegd de komende periode
Naar mijn eigen inschatting valt het allemaal erg mee, al is dat natuurlijk vanuit je eigen perspectief altijd zo, denk ik 
Koenr schreef:
Ha Sven, wat een lap aan introductie, heerlijk. Het voornaamste wat er tijdens het lezen door m'n hoofd schoot; wat fijn dat je weer terug bent op de site en actief post - er zijn momenten geweest dat ik je miste in de afgelopen weet-ik-veel hoeveel jaar dat je hier niet actief was.
Met andere woorden: ik heb er zin in, laat maar komen die lijst.
Ha Sven, wat een lap aan introductie, heerlijk. Het voornaamste wat er tijdens het lezen door m'n hoofd schoot; wat fijn dat je weer terug bent op de site en actief post - er zijn momenten geweest dat ik je miste in de afgelopen weet-ik-veel hoeveel jaar dat je hier niet actief was.
Met andere woorden: ik heb er zin in, laat maar komen die lijst.
Blij er te zijn

Omsk schreef:
Oh wow, Sven meteen na Niels. Ik heb weer wat te volgen.
Oh wow, Sven meteen na Niels. Ik heb weer wat te volgen.

Zou wel vet zijn ja

5
geplaatst: 3 januari 2024, 09:53 uur
95. La Quiete – * (van Tenpeun ’01.’05, 2006)
Vorige notering: geen (maar La Fine Non É La Fine stond op 57, dus ⇩-38 voor La Quiete)
Hier op Spotify
Vorige keer heeft La Fine Non É La Fine de lijst gehaald, nu dus * – grappig genoeg beide songs die ik, hoewel ze ook wel wezenlijk anders zijn, direct zou noemen als je me zou vragen welke nummers nu écht representatief zijn voor deze band, omdat ze in zich alles verenigen wat La Quiete La Quiete maakt. Waar andere songs alléén de bloedjemooie melodietjes kennen (Musica Per Un Giardino Segreto #3) of alléén de razende woestenij (Ai Bambini Occurro Educazione), bieden deze twee tracks én de nuance én de woede.
Maakt dat dit keer * dan echt dé beste track? I guess, maar het was wel pijnlijk, want ik had ook graag Helas, Riflessioni Sul Peccato en Mandorle Amare Al Traguardo Delle MilleMiglia wel in de lijst willen zetten. Hoe dan ook, La Quiete, wat een band, gezegend als ze waren met de kunde de mooiste melodietjes uit de gitaren te trekken, te gillen en schreeuwen, te knallen en gieren, in die tegenstrijdigheden balans te vinden met als resultaat muziek die én wonderschoon én razend is. Zo ook *, dat, na de al zo lekkere eerste minuut waarin driftig wordt doorgescreamoot, de tijd vindt voor een hartroerend piano-interlude om daarna met zijn allen nog even alles het rood in te schreeuwen. En dat in twee minuten. Helden.
94. Taylor Deupree – Snow (Dusk, Dawn) (van Snow, Dusk Dawn, 2010)
Vorige notering: 33 (⇩-61)
Hier op Spotify
Een parelwit kwartiertje aan winterambient legde Taylor Deupree vast op dit wonderschone plaatje dat fonkelt als een sneeuwkristal in de winterzon, dat je gedempt bereikt als onder muts of oorwarmers, dat loom voortzwiegt alsof de kou sneller onmogelijk maakt, dat de wereld even verstopt onder een dikke laag sneeuw. Als de laatste tonen verdwijnen, schud je de winterdeken weer van je af en ben je van binnen, op magische wijze, weer helemaal warm.
93. Ikkyu Nakajima – Sweet Sweat Sweets (single, 2016)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Niet op Spotify
Valsspelen? Tja, wie weet. Ik weet eerlijk gezegd niet wie bas- en drumwerk op dit plaatje doet (en ik zoek het ook lekker niet op), maar Ikkyu is natuurlijk de zangeres van tricot, dat elders ook (spoiler) in de lijst staat. Tegelijkertijd is Ikkyu zeker niet in haar eentje tricot en bovendien is dit nummer echt wel van een andere orde. Waar tricot immers hoekige mathrock maakt(e), had Sweet Sweat Sweets zo een Shiina Ringo-nummer uit de Shouso Strip-periode kunnen zijn (Gibs, Tsumi to Batsu, zoiets). Zelfs de nasaler-dan-gewoonlijke zang roept onvermijdelijk Ringo op. Is dat erg? Nee, want wat een goed nummer, zeg.
92. Akron/Family – Moment (van Akron/Family & Angels of Light, 2005)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Toen Akron/Family het muzikale landschap halverwege de 00s kwam verlichten, verbreden en verdiepen, werden zij aanvankelijk al te gemakkelijk het te nauwe free/freak folk-hokje ingeduwd. Te nauw, want zoals Moment na de introtrack de split met Angels of Light binnenknalt heeft maar weinig met folk, hoe free of freak ook, te maken. Gierende gitaren, ratelende drums, piepende feedback, pure chaos. Moment is veel meer noiserock die door de gitaarsound en samenzang zeker grasserig en plattelands en meer van dat soort kwalificaties kan klinken, maar die met het nauwe labeltje free/freak folk in ieder geval tekort gedaan wordt. De kracht van Akron/Family ligt hem in het volstrekt schizofreen laveren tussen allerlei stijlen en in het bijzonder het maken van een heerlijk potje herrie. Ook elders op deze split is dat te horen; het knotsgekke Raising the Sparks was namelijk ook nog wel even kanshebber op een notering in deze lijst. Moment is echter dermate fantastisch gestoord dat het toch onvermijdelijk deze vijf minuten en wisselgeld aan pure ontlading moest worden.
91. Takagi Masakatsu – Girls (van Private/Public, 2007)
Vorige notering: 37 (⇩-54)
Hier op Spotify
Dwarrelende pianomuziek van deze Japanner, die ooit begon met rommelen in de electronica maar al snel steeds meer naar organisch werk begon te verschuiven. Private/Public uit 2007 was de eerste overtuigde stap in die richting en het is de versie van Girls van deze plaat die ook dit keer weer in mijn top 100 staat (een stukje lager, niet omdat ik het ook maar een beetje minder vind maar omdat er zooooo veel goede muziek is, plaatsje 91 is een topprestatie). In dit soort melancholieke, pianocentrische neoklassieke muziek excelleert Takagi Masakatsu al een tijdje en hij is dan ook alweer een goede 10 jaar een veelgevraagd componist voor filmscores (in die hoedanigheid maakte hij o.a. de alom geliefde soundtrack voor Wolf Children). Takagi Masakatsu is nog steeds superactief en brengt met regelmaat via zijn eigen Bandcamp singletjes uit die allemaal Marginalia heten. Het zijn er inmiddels ruim 140 en het lukt mij dan ook allang niet meer alles wat deze man doet bij te houden. Naar mijn persoonlijke favorieten keer ik echter nog graag terug en samen met bijvoorbeeld het ook al zo magnifieke Bloomy Girls en Rama, die toch ook echt wel kansmakers waren op een plek in mijn top 100, is Girls een tijdloos meesterwerkje dat zich een vaste plek in mijn persoonlijke canon heeft verworven.
En natuurlijk de bijgewerkte Spotify-playlist, exclusief Ikkyu Nakajima dus.
Vorige notering: geen (maar La Fine Non É La Fine stond op 57, dus ⇩-38 voor La Quiete)
Hier op Spotify
Vorige keer heeft La Fine Non É La Fine de lijst gehaald, nu dus * – grappig genoeg beide songs die ik, hoewel ze ook wel wezenlijk anders zijn, direct zou noemen als je me zou vragen welke nummers nu écht representatief zijn voor deze band, omdat ze in zich alles verenigen wat La Quiete La Quiete maakt. Waar andere songs alléén de bloedjemooie melodietjes kennen (Musica Per Un Giardino Segreto #3) of alléén de razende woestenij (Ai Bambini Occurro Educazione), bieden deze twee tracks én de nuance én de woede.
Maakt dat dit keer * dan echt dé beste track? I guess, maar het was wel pijnlijk, want ik had ook graag Helas, Riflessioni Sul Peccato en Mandorle Amare Al Traguardo Delle MilleMiglia wel in de lijst willen zetten. Hoe dan ook, La Quiete, wat een band, gezegend als ze waren met de kunde de mooiste melodietjes uit de gitaren te trekken, te gillen en schreeuwen, te knallen en gieren, in die tegenstrijdigheden balans te vinden met als resultaat muziek die én wonderschoon én razend is. Zo ook *, dat, na de al zo lekkere eerste minuut waarin driftig wordt doorgescreamoot, de tijd vindt voor een hartroerend piano-interlude om daarna met zijn allen nog even alles het rood in te schreeuwen. En dat in twee minuten. Helden.
94. Taylor Deupree – Snow (Dusk, Dawn) (van Snow, Dusk Dawn, 2010)
Vorige notering: 33 (⇩-61)
Hier op Spotify
Een parelwit kwartiertje aan winterambient legde Taylor Deupree vast op dit wonderschone plaatje dat fonkelt als een sneeuwkristal in de winterzon, dat je gedempt bereikt als onder muts of oorwarmers, dat loom voortzwiegt alsof de kou sneller onmogelijk maakt, dat de wereld even verstopt onder een dikke laag sneeuw. Als de laatste tonen verdwijnen, schud je de winterdeken weer van je af en ben je van binnen, op magische wijze, weer helemaal warm.
93. Ikkyu Nakajima – Sweet Sweat Sweets (single, 2016)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Niet op Spotify
Valsspelen? Tja, wie weet. Ik weet eerlijk gezegd niet wie bas- en drumwerk op dit plaatje doet (en ik zoek het ook lekker niet op), maar Ikkyu is natuurlijk de zangeres van tricot, dat elders ook (spoiler) in de lijst staat. Tegelijkertijd is Ikkyu zeker niet in haar eentje tricot en bovendien is dit nummer echt wel van een andere orde. Waar tricot immers hoekige mathrock maakt(e), had Sweet Sweat Sweets zo een Shiina Ringo-nummer uit de Shouso Strip-periode kunnen zijn (Gibs, Tsumi to Batsu, zoiets). Zelfs de nasaler-dan-gewoonlijke zang roept onvermijdelijk Ringo op. Is dat erg? Nee, want wat een goed nummer, zeg.
92. Akron/Family – Moment (van Akron/Family & Angels of Light, 2005)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Toen Akron/Family het muzikale landschap halverwege de 00s kwam verlichten, verbreden en verdiepen, werden zij aanvankelijk al te gemakkelijk het te nauwe free/freak folk-hokje ingeduwd. Te nauw, want zoals Moment na de introtrack de split met Angels of Light binnenknalt heeft maar weinig met folk, hoe free of freak ook, te maken. Gierende gitaren, ratelende drums, piepende feedback, pure chaos. Moment is veel meer noiserock die door de gitaarsound en samenzang zeker grasserig en plattelands en meer van dat soort kwalificaties kan klinken, maar die met het nauwe labeltje free/freak folk in ieder geval tekort gedaan wordt. De kracht van Akron/Family ligt hem in het volstrekt schizofreen laveren tussen allerlei stijlen en in het bijzonder het maken van een heerlijk potje herrie. Ook elders op deze split is dat te horen; het knotsgekke Raising the Sparks was namelijk ook nog wel even kanshebber op een notering in deze lijst. Moment is echter dermate fantastisch gestoord dat het toch onvermijdelijk deze vijf minuten en wisselgeld aan pure ontlading moest worden.
91. Takagi Masakatsu – Girls (van Private/Public, 2007)
Vorige notering: 37 (⇩-54)
Hier op Spotify
Dwarrelende pianomuziek van deze Japanner, die ooit begon met rommelen in de electronica maar al snel steeds meer naar organisch werk begon te verschuiven. Private/Public uit 2007 was de eerste overtuigde stap in die richting en het is de versie van Girls van deze plaat die ook dit keer weer in mijn top 100 staat (een stukje lager, niet omdat ik het ook maar een beetje minder vind maar omdat er zooooo veel goede muziek is, plaatsje 91 is een topprestatie). In dit soort melancholieke, pianocentrische neoklassieke muziek excelleert Takagi Masakatsu al een tijdje en hij is dan ook alweer een goede 10 jaar een veelgevraagd componist voor filmscores (in die hoedanigheid maakte hij o.a. de alom geliefde soundtrack voor Wolf Children). Takagi Masakatsu is nog steeds superactief en brengt met regelmaat via zijn eigen Bandcamp singletjes uit die allemaal Marginalia heten. Het zijn er inmiddels ruim 140 en het lukt mij dan ook allang niet meer alles wat deze man doet bij te houden. Naar mijn persoonlijke favorieten keer ik echter nog graag terug en samen met bijvoorbeeld het ook al zo magnifieke Bloomy Girls en Rama, die toch ook echt wel kansmakers waren op een plek in mijn top 100, is Girls een tijdloos meesterwerkje dat zich een vaste plek in mijn persoonlijke canon heeft verworven.
En natuurlijk de bijgewerkte Spotify-playlist, exclusief Ikkyu Nakajima dus.
1
geplaatst: 3 januari 2024, 19:02 uur
Dat album van Tourette heb je me ooit al eens getipt, lang geleden dat ik het heb beluisterd. Binnenkort weer eens doen. Dank ook voor de andere tips!
Enne, lol, ik ken tot nu toe niks uit je lijst op één nummer na, en dat ene nummer dat ik ken (* natuurlijk) stond dan meteen in mijn top 100
Enne, lol, ik ken tot nu toe niks uit je lijst op één nummer na, en dat ene nummer dat ik ken (* natuurlijk) stond dan meteen in mijn top 100

2
geplaatst: 3 januari 2024, 20:05 uur
1
geplaatst: 3 januari 2024, 20:25 uur
Pollens, al twee herkenning/instemming, op 10 nummers, en dat bij de master of obscurities 
Fijn die toelichting, helpt bij de verkenning ...

Fijn die toelichting, helpt bij de verkenning ...
1
geplaatst: 3 januari 2024, 21:22 uur
Heerlijk begin zo met al een hele rij leuke namen waarvan ik er een stuk meer ken dan ik had gedacht op voorhand. Ik krijg meteen weer zin om Takagi Masakatsu op te zetten, maar die bewaar ik voor morgen in de trein.
Het album van Taylor Deupree wordt het eerstvolgende leesalbum dat ik ga ontdekken.
Het album van Taylor Deupree wordt het eerstvolgende leesalbum dat ik ga ontdekken.
3
geplaatst: 4 januari 2024, 09:24 uur
90. Hassan I Sabbah – Not So in Tune with Shells (van Hassan I Sabbah, 2000)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Legendarische track van een legendarische 7”, niet gehinderd door enige productiewaarde en dus brak, brakker, brakst. Gitaarwerk, vocalen, de ratelende drums, alles aan Hassan I Sabbah was uniek en ziek. Wat er in 1:15 allemaal gebeurt in één liedje is al even uniek en iets wat verder eigenlijk alleen een band als La Quiete onder de knie had. Mike Justian drumde later nog in allerlei andere bekende bands als 108, Unearth, Trap Them, The Red Chord en zelfs Madball; gitarist Zac Davis maakte op geheel eigen wijze naam voor zichzelf door met James Ferraro het duo Edward Flex op te richten, om daarnaast zelf met Lambsbread allerlei noisy zooi op te nemen én natuurlijk legio mensen op te lichten door op messageboards te pretenderen nog allerlei oud Hassan I Sabbah-materiaal te koop te hebben en ze vervolgens na betaling helemaal niks op te sturen (en er daarna dan ook nog lullig over doen). Dat laatste was wel erg jammer, gelukkig is deze 7” nog steeds fenomenaal, met Not So in Tune Shells als ultrakort hoogtepunt.
89. Envy – A Far-Off Reason (van Split, 2003)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Envy was vorige keer een opvallende afwezige in mijn top 100. Opvallend, omdat ik al jaren verslingerd was aan de band (het was één van de eerste bands die ik online ontdekte, met dank aan epitonic.com, waar ik Lies and Release from Silence gratis downloadde) en ik er zelfs toen (toen ik mijn top 100 in 2013 plaatste), denk ik, al van overtuigd was dat A Far-Off Reason hun beste nummer was. Over het hoofd gezien, op de een of andere manier, maar nu gelukkig niet vergeten. Na mijn kennismaking met Lies and Release from Silence had ik de plaat waar dit nummer vandaan kwam, All the Footprints…, al gauw in huis gehaald (en was het daarmee één van de eerste CD’s die ik online kocht).
Het bleef en blijft, vind ik, hun beste plaat - natuurlijk is the first cut vaak the deepest, maar Envy vond op deze plaat ook gewoon (‘gewoon’) het perfecte evenwicht tussen stapels furieuze screamo en scheuten post-rock. Op de platen ervoor en erna werd dat evenwicht nooit écht gevonden (al zit er genoeg geweldigs bij). A Far-Off Reason komt dan weer niet van All the Footprints…, maar van een 3-way-split met This Machine Kills en Yaphet Kotto. Dat desolate gitaarloopje, zo ver weg, dat de track opent, de aanzwellende cymbals, en dan die dreunende drums die erin knallen, het zijn nog maar de eerste 30 seconden die je onomwonden vertellen dat wat gaat komen episch en hemeltergend fantastisch mooi gaat zijn (en dat klopt).
A Far-Off Reason zit vol met alles wat Envy zo Envy en zo goed maakt en toont ook maar weer eens aan hoe invloedrijk deze band toch geweest is. Heaven in Her Arms, Deafheaven, Daïtro, deze bands met uiteenlopende sounds hebben allemaal duidelijk inspiratie bij Envy vandaan gehaald. Laten we de inspiratie niet vergeten en A Far-Off Reason dus nog eens lekker draaien.
88. Hanatarash – Dub Dub Overlord (van 3, 1989)
Vorige notering: 71 (⇩-17)
Niet op Spotify, Bandcamp of Soundcloud
Net als het iets hoger genoteerde UFO Or Die (weer een spoiler) een Eye-projectje (valsspelen? Ik? Neeeeee.) en dan weet je dus totaal niet wat je moet verwachten, maar goed, het is Hanatarash, dus dan weet je het wel. Brakke en hyperactieve primitieve noise die gemaakt is met een oude drumcomputer en de gereedschapskist van je moeder. Eye was altijd al van de praktische benadering: een stel olievaten over het podium donderen, een bulldozer de tent inrijden, microfoon diep in je strot schuiven, intens viscerale noise die als geen andere herrie zo’n harmonie weet te vinden tussen uitvoering en resultaat. Wat, harmonie, las ik hier niet net nog iets over de gereedschapskistherrie van deze Eye? Jazeker, maar wat ik ermee bedoel is dat Eye perfect wist hoe het kinetische, destructief-constructieve van zijn podiumact om te zetten in even kinetisch klinkende, destructief-constructieve pokkeherrie die ook vóelde alsof er een bulldozer je slaapkamer in je reed. Kortom, echt een eindbaas, die Eye.
87. Bea Pelea – Si No Te Vuelvo A Ver (van Reggaeton Romántico, 2018)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Op RYM ben ik een tijdje bezig geweest (voor de genre-tag een feit was) neoperreo te documenteren. Daarom hield ik o.a. een lijst bij met de absolute topnummers uit het genre, waaronder deze. De begeleidende tekst die ik erbij schrijf plaats ik hier graag integraal:
Bea Pelea is een bijzondere verschijning in de neoperreo. Pelear betekent vechten (ergo, Bea Pelea = Bea vecht) en lijkt al indicatief voor het stoere imago dat deze dame zich heeft willen aanmeten. In de stoffige videoclip van één van haar vroegste (en ook geniaalste) tracks, Hazmelo Otra Vez, zitten onnodige beelden van hanengevechten versneden. Bij fotoshoots worden alle tacky clichés uit de (kleding)kast getrokken: panterprintjes, glimmende panty's, overal pailletjes (als De Toppers ze ooit tekort komen is dat omdat Bea Pelea ze heeft ingepikt).
Toch is Bea Pelea veel meer dan een neoperreocliché. Debuut-mini-album Reggaeton Romantico Vol 1 (overigens véél sterker dan het nodeloos lange en veel minder inventieve tweede deel uit 2021) doet in zijn net 22 minuten binnen de kaders van de muzikale mainstream allerlei interessante dingen, zoals het gebruik van een uitermate trage dembow in Arrecha (dat daarmee de aanleiding was aan een mixtape genaamd Demslow te gaan werken, work al een tijdje in progress) of de cumbia-invloeden in Me Buscas (anno 2018!).
Si No Te Vuelvo A Ver ("Als ik je niet meer zie") is in weer andere opzichten uniek. De productie is geweldig en de stutter die ik hierboven noemde, waar het liedje even over zichzelf lijkt te struikelen, is echt een geniale vondst. En ondanks het imago dat Bea zich heeft aangemeten kan ze zich hier dan toch ontzettend kwetsbaar opstellen. Si No Te Vuelvo A Ver is vol van verlangen, maar niet dat van de doorsnee neoperreo of reggaeton, al vul ik dat natuurlijk ook zelf weer in (rose-tinted glasses, anyone?). Ook de fantastische cadans van de vocalen, met de pretentie van onverschilligheid (want anders breek je), die onvermoeibaar maar dóórgaan, is één van de vele dingen die van dit nummer een absoluut pareltje maken.
86. Akira Kosemura – Waves of Light (van For, 2015)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Nog een Japanse pianist, net als de eerdergenoemde en -geplaatste Takagi Masakatsu. Akira Kosemura leerde ik ooit kennen met het verstilde, stoffige Polaroid Piano, nog altijd een erg mooi plaatje voor de liefhebbers van solo pianomuziek. In de jaren erna werd de muziek van Kosemura breed genomen iets minder lo-fi en schoof het, o.a. dankzij de incidentele toevoeging van strijkers, meer op richting modern klassiek en liep het soms weleens het risico ietwat kitscherig te worden (echter leverde het ook pareltjes op als Light Dance en Fleur, dat overigens, fun fact, enigszins gepitchshift gebruikt werd in de tweede track van cult-HNW-klassieker Untitled van Hikari No Itoguchi, waarvan ik op mijn label Void Worship een paar jaar geleden een broodnodige reissue heb uitgebracht). Voor vrijwel al zijn solopianomuziek heb ik hoe dan ook nog steeds een gigantische zwak (Mirrors Crossing was in 2020 nog één van mijn songs van het jaar). Mijn absolute favoriet uit dit hoekje in zijn discografie is het korte maar oh-zo bevredigende Waves of Light dat dwarrelt en wervelt als op een milde lentedag door de lucht zwevende kersenbloesem.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist, tot nu toe dus zonder Ikkyu Nakajima en Hanatarash.
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Legendarische track van een legendarische 7”, niet gehinderd door enige productiewaarde en dus brak, brakker, brakst. Gitaarwerk, vocalen, de ratelende drums, alles aan Hassan I Sabbah was uniek en ziek. Wat er in 1:15 allemaal gebeurt in één liedje is al even uniek en iets wat verder eigenlijk alleen een band als La Quiete onder de knie had. Mike Justian drumde later nog in allerlei andere bekende bands als 108, Unearth, Trap Them, The Red Chord en zelfs Madball; gitarist Zac Davis maakte op geheel eigen wijze naam voor zichzelf door met James Ferraro het duo Edward Flex op te richten, om daarnaast zelf met Lambsbread allerlei noisy zooi op te nemen én natuurlijk legio mensen op te lichten door op messageboards te pretenderen nog allerlei oud Hassan I Sabbah-materiaal te koop te hebben en ze vervolgens na betaling helemaal niks op te sturen (en er daarna dan ook nog lullig over doen). Dat laatste was wel erg jammer, gelukkig is deze 7” nog steeds fenomenaal, met Not So in Tune Shells als ultrakort hoogtepunt.
89. Envy – A Far-Off Reason (van Split, 2003)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Envy was vorige keer een opvallende afwezige in mijn top 100. Opvallend, omdat ik al jaren verslingerd was aan de band (het was één van de eerste bands die ik online ontdekte, met dank aan epitonic.com, waar ik Lies and Release from Silence gratis downloadde) en ik er zelfs toen (toen ik mijn top 100 in 2013 plaatste), denk ik, al van overtuigd was dat A Far-Off Reason hun beste nummer was. Over het hoofd gezien, op de een of andere manier, maar nu gelukkig niet vergeten. Na mijn kennismaking met Lies and Release from Silence had ik de plaat waar dit nummer vandaan kwam, All the Footprints…, al gauw in huis gehaald (en was het daarmee één van de eerste CD’s die ik online kocht).
Het bleef en blijft, vind ik, hun beste plaat - natuurlijk is the first cut vaak the deepest, maar Envy vond op deze plaat ook gewoon (‘gewoon’) het perfecte evenwicht tussen stapels furieuze screamo en scheuten post-rock. Op de platen ervoor en erna werd dat evenwicht nooit écht gevonden (al zit er genoeg geweldigs bij). A Far-Off Reason komt dan weer niet van All the Footprints…, maar van een 3-way-split met This Machine Kills en Yaphet Kotto. Dat desolate gitaarloopje, zo ver weg, dat de track opent, de aanzwellende cymbals, en dan die dreunende drums die erin knallen, het zijn nog maar de eerste 30 seconden die je onomwonden vertellen dat wat gaat komen episch en hemeltergend fantastisch mooi gaat zijn (en dat klopt).
A Far-Off Reason zit vol met alles wat Envy zo Envy en zo goed maakt en toont ook maar weer eens aan hoe invloedrijk deze band toch geweest is. Heaven in Her Arms, Deafheaven, Daïtro, deze bands met uiteenlopende sounds hebben allemaal duidelijk inspiratie bij Envy vandaan gehaald. Laten we de inspiratie niet vergeten en A Far-Off Reason dus nog eens lekker draaien.
88. Hanatarash – Dub Dub Overlord (van 3, 1989)
Vorige notering: 71 (⇩-17)
Niet op Spotify, Bandcamp of Soundcloud
Net als het iets hoger genoteerde UFO Or Die (weer een spoiler) een Eye-projectje (valsspelen? Ik? Neeeeee.) en dan weet je dus totaal niet wat je moet verwachten, maar goed, het is Hanatarash, dus dan weet je het wel. Brakke en hyperactieve primitieve noise die gemaakt is met een oude drumcomputer en de gereedschapskist van je moeder. Eye was altijd al van de praktische benadering: een stel olievaten over het podium donderen, een bulldozer de tent inrijden, microfoon diep in je strot schuiven, intens viscerale noise die als geen andere herrie zo’n harmonie weet te vinden tussen uitvoering en resultaat. Wat, harmonie, las ik hier niet net nog iets over de gereedschapskistherrie van deze Eye? Jazeker, maar wat ik ermee bedoel is dat Eye perfect wist hoe het kinetische, destructief-constructieve van zijn podiumact om te zetten in even kinetisch klinkende, destructief-constructieve pokkeherrie die ook vóelde alsof er een bulldozer je slaapkamer in je reed. Kortom, echt een eindbaas, die Eye.
87. Bea Pelea – Si No Te Vuelvo A Ver (van Reggaeton Romántico, 2018)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Op RYM ben ik een tijdje bezig geweest (voor de genre-tag een feit was) neoperreo te documenteren. Daarom hield ik o.a. een lijst bij met de absolute topnummers uit het genre, waaronder deze. De begeleidende tekst die ik erbij schrijf plaats ik hier graag integraal:
Despite her fairly small discography as of yet [dit was vóór Reggaeton Romántico 2], Bea Pelea has released some absolutely unique tracks that arguably have somewhat pushed the boundaries just slightly further (I say this from a point of personal admiration, so excuse the rose-tinted glasses if you disagree). Házmelo Otra Vez has the rawest, filthiest, most minimal production I have encountered in the genre. Arrecha slows its dembow down to an utterly s-l--o---w creep, a brilliant move. The absolute highlight of her oeuvre so far perhaps does not push the boundaries, but it does everything a neoperreo track needs to do exactly right and more. The production by Pipo Beatz is so cleverly constructed and works so damn well (the little stutter gets me every time, the way it alternates between its two main dembow rhythms is so pleasing). Melodically, it's heavenly. Bea's delivery is the perfect companion. Just a tad indifferent, but underneath the veneer a voice breaks ever so slightly. Insanely good.
Bea Pelea is een bijzondere verschijning in de neoperreo. Pelear betekent vechten (ergo, Bea Pelea = Bea vecht) en lijkt al indicatief voor het stoere imago dat deze dame zich heeft willen aanmeten. In de stoffige videoclip van één van haar vroegste (en ook geniaalste) tracks, Hazmelo Otra Vez, zitten onnodige beelden van hanengevechten versneden. Bij fotoshoots worden alle tacky clichés uit de (kleding)kast getrokken: panterprintjes, glimmende panty's, overal pailletjes (als De Toppers ze ooit tekort komen is dat omdat Bea Pelea ze heeft ingepikt).
Toch is Bea Pelea veel meer dan een neoperreocliché. Debuut-mini-album Reggaeton Romantico Vol 1 (overigens véél sterker dan het nodeloos lange en veel minder inventieve tweede deel uit 2021) doet in zijn net 22 minuten binnen de kaders van de muzikale mainstream allerlei interessante dingen, zoals het gebruik van een uitermate trage dembow in Arrecha (dat daarmee de aanleiding was aan een mixtape genaamd Demslow te gaan werken, work al een tijdje in progress) of de cumbia-invloeden in Me Buscas (anno 2018!).
Si No Te Vuelvo A Ver ("Als ik je niet meer zie") is in weer andere opzichten uniek. De productie is geweldig en de stutter die ik hierboven noemde, waar het liedje even over zichzelf lijkt te struikelen, is echt een geniale vondst. En ondanks het imago dat Bea zich heeft aangemeten kan ze zich hier dan toch ontzettend kwetsbaar opstellen. Si No Te Vuelvo A Ver is vol van verlangen, maar niet dat van de doorsnee neoperreo of reggaeton, al vul ik dat natuurlijk ook zelf weer in (rose-tinted glasses, anyone?). Ook de fantastische cadans van de vocalen, met de pretentie van onverschilligheid (want anders breek je), die onvermoeibaar maar dóórgaan, is één van de vele dingen die van dit nummer een absoluut pareltje maken.
86. Akira Kosemura – Waves of Light (van For, 2015)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Nog een Japanse pianist, net als de eerdergenoemde en -geplaatste Takagi Masakatsu. Akira Kosemura leerde ik ooit kennen met het verstilde, stoffige Polaroid Piano, nog altijd een erg mooi plaatje voor de liefhebbers van solo pianomuziek. In de jaren erna werd de muziek van Kosemura breed genomen iets minder lo-fi en schoof het, o.a. dankzij de incidentele toevoeging van strijkers, meer op richting modern klassiek en liep het soms weleens het risico ietwat kitscherig te worden (echter leverde het ook pareltjes op als Light Dance en Fleur, dat overigens, fun fact, enigszins gepitchshift gebruikt werd in de tweede track van cult-HNW-klassieker Untitled van Hikari No Itoguchi, waarvan ik op mijn label Void Worship een paar jaar geleden een broodnodige reissue heb uitgebracht). Voor vrijwel al zijn solopianomuziek heb ik hoe dan ook nog steeds een gigantische zwak (Mirrors Crossing was in 2020 nog één van mijn songs van het jaar). Mijn absolute favoriet uit dit hoekje in zijn discografie is het korte maar oh-zo bevredigende Waves of Light dat dwarrelt en wervelt als op een milde lentedag door de lucht zwevende kersenbloesem.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist, tot nu toe dus zonder Ikkyu Nakajima en Hanatarash.
1
geplaatst: 4 januari 2024, 14:44 uur
Ook mijn favoriete Bea Pelea nummer
Waar zie je dit nu in een toplijst? Heerlijk. Wel echt iemand waarvan ik veel singles/losse nummers beter vind dan de mixtapes, zoals jij bij Bad Gyal eerder schreef (die ik wel een hoger niveau op haar albums/EP's vind aantikken).
Waar zie je dit nu in een toplijst? Heerlijk. Wel echt iemand waarvan ik veel singles/losse nummers beter vind dan de mixtapes, zoals jij bij Bad Gyal eerder schreef (die ik wel een hoger niveau op haar albums/EP's vind aantikken).
1
geplaatst: 4 januari 2024, 22:43 uur
Ik heb inmiddels de intro uitgelezen en die vond ik alvast fantastisch. 

1
geplaatst: 4 januari 2024, 23:33 uur
niels94 schreef:
Dat album van Tourette heb je me ooit al eens getipt, lang geleden dat ik het heb beluisterd. Binnenkort weer eens doen. Dank ook voor de andere tips!
Dat album van Tourette heb je me ooit al eens getipt, lang geleden dat ik het heb beluisterd. Binnenkort weer eens doen. Dank ook voor de andere tips!
Haha, ja, ik dacht al zoiets, ik noem dit album wel vaker, is ook gewoon echt super, iets harsher natuurlijk wel dan Cremation Lily maar wel datzelfde melancholieke, desolate sfeertje en de combo van ambient(-achtige vibes) en noise. Enjoy in ieder geval

Mjuman schreef:
Pollens, al twee herkenning/instemming, op 10 nummers, en dat bij de master of obscurities
Fijn die toelichting, helpt bij de verkenning ...
Pollens, al twee herkenning/instemming, op 10 nummers, en dat bij de master of obscurities

Fijn die toelichting, helpt bij de verkenning ...
Haha, ben benieuwd welke twee, Hanatarash en Cremation Lily, neem ik aan?

McSavah schreef:
Ook mijn favoriete Bea Pelea nummer
Waar zie je dit nu in een toplijst? Heerlijk. Wel echt iemand waarvan ik veel singles/losse nummers beter vind dan de mixtapes, zoals jij bij Bad Gyal eerder schreef (die ik wel een hoger niveau op haar albums/EP's vind aantikken).
Ook mijn favoriete Bea Pelea nummer
Waar zie je dit nu in een toplijst? Heerlijk. Wel echt iemand waarvan ik veel singles/losse nummers beter vind dan de mixtapes, zoals jij bij Bad Gyal eerder schreef (die ik wel een hoger niveau op haar albums/EP's vind aantikken). Helemaal mee eens hoor; ook Reggaeton Romantico Vol 1 is verre van flawless - zo is Me Buscas in ieder geval zijn tijd vooruit, maar kan ik er zelf niet zo veel mee (sowieso niet met al die cumbia-invloeden overal, hoewel ze bij Elysia Crampton bijvoorbeeld wel werken) en was Vol 2 voor mij sowieso een beetje een letdown. Dan zijn inderdaad misschien nog wel meer dan bij La Alba de losse nummers briljant. Met RR2 had ik een beetje de vrees dat het allemaal te veel de mainstream poppy reggaeton-kant op zou gaan, maar dan krijgen we dingen als Kontakto, La + Xula en Cuando Estamos Juntos en weet je dat Bea het gelukkig gewoon nog kan.

madmadder schreef:
Heerlijk begin zo met al een hele rij leuke namen waarvan ik er een stuk meer ken dan ik had gedacht op voorhand. Ik krijg meteen weer zin om Takagi Masakatsu op te zetten, maar die bewaar ik voor morgen in de trein.
Het album van Taylor Deupree wordt het eerstvolgende leesalbum dat ik ga ontdekken.
Heerlijk begin zo met al een hele rij leuke namen waarvan ik er een stuk meer ken dan ik had gedacht op voorhand. Ik krijg meteen weer zin om Takagi Masakatsu op te zetten, maar die bewaar ik voor morgen in de trein.
Het album van Taylor Deupree wordt het eerstvolgende leesalbum dat ik ga ontdekken. Nice, ben benieuwd of je het wat vindt, vroeg me af of je 'm al kende sowieso

3
geplaatst: 5 januari 2024, 08:50 uur
85. Elysia Crampton – Petrichrist (van American Drift, 2015)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Struinen door het moderne muzikale landschap is om vele redenen een plezier: niet alleen vrijwel de gehele muziekgeschiedenis slechts een muisklik weg (en ja, daar word ik blij van, kan ik eindelijk al die obscure goregrind waar ik in de 90s op internet over las eens bijluisteren), maar ook oneindige verwondering over alle microgenres met de meest bijzonderen namen die voortdurend de kop op steken en tot de verbeelding spreken: broken transmission, slushwave, utopian virtual, epic collage.
In dat laatste genre opereert Elysia Crampton nogal eens, zo ook op het fantastische American Drift uit 2015, dat overigens (heel episch en heel knip-en-plakkerig) ook gezellig put uit cumbia, crunk en new age en dit alles door de lens van deconstructed club. Zo dan, hoe klinkt dat? Nou, ga er maar voor zitten. Petrichrist is een ontzettend ambitieuze track die helemaal vol zit met sampletjes, MIDI-geluidjes, stuiterende ritmes en, wonderlijk genoeg, ondanks (of dankzij) dit alles heel coherent klinkt. Mijn favoriete moment is als op de 4 minuten dat licht schurende, granulaire melodietje nog invalt. Ai ai ai, wat een schoonheid, en dat temidden van al die geluidseffectjes en de crunk samples. Belachelijk goed.
84. Sassyggirl – Baby Romantika (single, 2019)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Sassyggirl debuteerde in 2017 met het niet misselijke Dramas, dat ik in die tijd echter volledig miste, en was in 2019 voor mij dus nog een nieuwe ster aan het neoperreo-firmament; haar single Baby Romantika was toen op zijn zachtst gezegd overdonderend. Uiteraard wilde ik méér (gelukkig was er al Dramas), maar Sassyggirl (b)leek een enigma en het was vergeefs zoeken naar meer materiaal en informatie. De singles die uiteindelijk volgden, zowel solo als in samenwerkingsverband Stripclab, waren van wisselender kwaliteit met zo nu en dan nog wel een uitschieter. Baby Romantika bleek en bleef echter een unicum. In mijn neoperreolijst op RYM (zie ook #87) schreef ik over dit nummer dit:
83. Loma Prieta – Trilogy 6 “Forgetting” (van I.V., 2012)
Vorige notering: 68 (⇩-15)
Hier op Spotify
Stond ook terecht in het lijstje van Niels, op nagenoeg dezelfde plek ook nog – veel woorden hoef ik er dus niet vuil aan te maken. Loma Prieta opereert al jaren op het snijvlak van furieuze screamo en furieuze hardcore en wist zich voor mij vooral met I.V. legendarisch te maken (overigens is de meest recente plaat van ook weer leuk en staat er met Glare echt wel weer een meesterwerkje op). I.V. klinkt in zijn geheel gruwelijk razend en chaotisch (met overigens ook oog/oor voor de mooiste melodietjes hier en daar, zoals in Biography) en heeft een fantastisch brakke én brute sound die niet beter bij de muziek kon passen: alsof het elk moment uit elkaar kan flikkeren, enkel bijeen gehouden door bloed, zweet en tranen. Nergens gaat alles zo machtig mooi kapot als op Trilogy 6. Zet de band al meteen de allesvernietigende toon met de blastende opening en denk je dan wel te weten dat je het kunt handelen, dan nog ben je natuurlijk never nooit niet voorbereid op die muur die steeds maar massiever en massiever wordt. Alles verbrijzelt, alles wordt aan puin geslagen en getrokken en gegild, al dat puin wordt een compactor ingegooid en eruit komt de laatste minuut van dit nummer. BRUUT.
82. The Dillinger Escape Plan – The Mullet Burden (van Under the Running Board, 1998)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Waarom The Dillinger Escape Plan vorige keer ontbrak is me, net als met Envy, een raadsel. Ik luister echt al vreselijk lang naar The Dillinger Escape Plan (misschien wel meer dan welke andere artiest ook in deze lijst) en vind ook nog altijd Under the Running Board en Calculating Infinity meesterwerkjes (nadat Dimitri vertrok werd de band voor mij wel minder). Kiezen is bij legio artiesten moeilijk en ook bij The Dillinger Escape Plan: want moest het niet een track van Calculating Infinity worden? (Niet The Running Board, met dat magistrale “Hush baby now don’t say a word”? Of dat epische 43% Burnt?) Nee, dan toch het chaotische The Mullet Burden, de opener van de EP die ik jarenlang steevast als mijn favoriete plaatje ooit noemde als iemand dat mij vroeg. Ook met zo’n geniale vondst, als die schreeuw klinkt en dan die dissonante chaos weer invalt, foei, echt straf. Dit keer dus terecht wel geplaatst.
81. Solar – Blue Bird (van Run On, 2021)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Ergens na mijn tweede bezoek aan Zuid-Korea in 2019 kwam ik by happy accident de serie Itaewon Class tegen. Ik was bij mijn bezoeken aan Seoul bijzonder gecharmeerd van Noksapyeong, dat grenst aan het iets toeristischer Itaewon, waardoor mijn interesse dan toch zijdelings gewekt was en deze serie mijn eerste K-drama werd. Die keek ik eerst nog zelf maar al gauw samen met mijn vrouw en inmiddels zijn we beiden K-drama-adepten. K-drama’s, wellicht leuk om te weten, zijn er in alle soorten en maten, in legio genres, van zoetsappige romantiek tot police procedurals en gure thrillers tot trage drama’s die soms haast slow cinema zijn. (En even vaak wordt dit alles probleemloos in één drama gepropt: zo is Possessed at heart een detectiveserie, maar wel één met een bovennatuurlijke seriemoordenaar en bloederige scènes waarin de ingewanden uit slachtoffers hangen die volstrekt natuurlijk worden afgewisseld met de ontluikende romance tussen de twee leads die de nodige komische slapstickmomentjes oplevert, inclusief quirky muzikale cues – de mood whiplash als stijlmiddel.) Favorieten heb ik inmiddels te over, maar graag noem ik in ieder geval de fantastische shows Crash Landing On You, Hometown Cha-Cha-Cha, My Mister en Twenty-Five Twenty-One.
Na het kijken van een K-drama geniet ik er altijd van de soundtrack door te lopen en alle beste tracks aan mijn immer uitdijende playlist ‘K-drama favs’ toe te voegen (overigens tot de nok toe gevuld met tracks van de geniale Sondia die, omdat ik het kiezen van een nummer onmogelijk vond, deze lijst niet gehaald heeft – in 2034 verwacht ik er wel uit te zijn en mag u op een notering rekenen). Zo ging het ook met dit nummer: Blue Bird komt van de soundtrack van Run On, óók een geweldig drama met misschien wel de beste vrouwelijke lead ooit. Niet alleen is de deadpan sass op briljante wijze in haast elke regel van haar dialogen geschreven, ook de absolute (deadpan, sassy) verve waarmee actrice Shin Se-kyung deze kurkdroog brengt is ongeëvenaard. Solar, van MAMAMOO, een K-pop-groepje dat me verder nooit écht geboeid heeft, nam voor Run On dus dit wel heel perfecte liedje op: zo ingetogen en toch zo dwingend en krachtig, zo twangy, met zulke lekkere diep-uit-je-tenen hoge ooh-tjes, zo heerlijk melancholiek. Natuurlijk ook ontzettend contextueel, want Blue Bird luisteren is ook weer wegmijmeren bij Run On. Uiteindelijk onbelangrijk want alles in deze top 100 heeft context. En Blue Bird is gewoon magistraal.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (zonder Ikkyu en Hanatarash).
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Struinen door het moderne muzikale landschap is om vele redenen een plezier: niet alleen vrijwel de gehele muziekgeschiedenis slechts een muisklik weg (en ja, daar word ik blij van, kan ik eindelijk al die obscure goregrind waar ik in de 90s op internet over las eens bijluisteren), maar ook oneindige verwondering over alle microgenres met de meest bijzonderen namen die voortdurend de kop op steken en tot de verbeelding spreken: broken transmission, slushwave, utopian virtual, epic collage.
In dat laatste genre opereert Elysia Crampton nogal eens, zo ook op het fantastische American Drift uit 2015, dat overigens (heel episch en heel knip-en-plakkerig) ook gezellig put uit cumbia, crunk en new age en dit alles door de lens van deconstructed club. Zo dan, hoe klinkt dat? Nou, ga er maar voor zitten. Petrichrist is een ontzettend ambitieuze track die helemaal vol zit met sampletjes, MIDI-geluidjes, stuiterende ritmes en, wonderlijk genoeg, ondanks (of dankzij) dit alles heel coherent klinkt. Mijn favoriete moment is als op de 4 minuten dat licht schurende, granulaire melodietje nog invalt. Ai ai ai, wat een schoonheid, en dat temidden van al die geluidseffectjes en de crunk samples. Belachelijk goed.
84. Sassyggirl – Baby Romantika (single, 2019)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Sassyggirl debuteerde in 2017 met het niet misselijke Dramas, dat ik in die tijd echter volledig miste, en was in 2019 voor mij dus nog een nieuwe ster aan het neoperreo-firmament; haar single Baby Romantika was toen op zijn zachtst gezegd overdonderend. Uiteraard wilde ik méér (gelukkig was er al Dramas), maar Sassyggirl (b)leek een enigma en het was vergeefs zoeken naar meer materiaal en informatie. De singles die uiteindelijk volgden, zowel solo als in samenwerkingsverband Stripclab, waren van wisselender kwaliteit met zo nu en dan nog wel een uitschieter. Baby Romantika bleek en bleef echter een unicum. In mijn neoperreolijst op RYM (zie ook #87) schreef ik over dit nummer dit:
Where did this suddenly even come from? I have no clue, and information on Sassy Ggirl (or Sassyggirl, both variations seem to be used) seems scarce. Baby Romanti-K, however, is an absolute triumph of a neoperreo track (Dramas is nothing to sneeze at either, and there's another few cool things floating around). The vocal delivery is auto-tuned like Bad Gyal on her best day; the production (by ELPLVYBXY) is punch-in-the-face fast from the get-go and then only seems to build in speed as the track progresses. It's so beautifully restless and pumped-up. "Tra, tra, tra tra tra, tra tra tra tra tra tra tra tra" - perhaps my favourite neoperreo track for all of 2019, or at least good competition for Ms Nina's Coqueta and Bad Gyal's Hookah and Zorra.
83. Loma Prieta – Trilogy 6 “Forgetting” (van I.V., 2012)
Vorige notering: 68 (⇩-15)
Hier op Spotify
Stond ook terecht in het lijstje van Niels, op nagenoeg dezelfde plek ook nog – veel woorden hoef ik er dus niet vuil aan te maken. Loma Prieta opereert al jaren op het snijvlak van furieuze screamo en furieuze hardcore en wist zich voor mij vooral met I.V. legendarisch te maken (overigens is de meest recente plaat van ook weer leuk en staat er met Glare echt wel weer een meesterwerkje op). I.V. klinkt in zijn geheel gruwelijk razend en chaotisch (met overigens ook oog/oor voor de mooiste melodietjes hier en daar, zoals in Biography) en heeft een fantastisch brakke én brute sound die niet beter bij de muziek kon passen: alsof het elk moment uit elkaar kan flikkeren, enkel bijeen gehouden door bloed, zweet en tranen. Nergens gaat alles zo machtig mooi kapot als op Trilogy 6. Zet de band al meteen de allesvernietigende toon met de blastende opening en denk je dan wel te weten dat je het kunt handelen, dan nog ben je natuurlijk never nooit niet voorbereid op die muur die steeds maar massiever en massiever wordt. Alles verbrijzelt, alles wordt aan puin geslagen en getrokken en gegild, al dat puin wordt een compactor ingegooid en eruit komt de laatste minuut van dit nummer. BRUUT.
82. The Dillinger Escape Plan – The Mullet Burden (van Under the Running Board, 1998)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Waarom The Dillinger Escape Plan vorige keer ontbrak is me, net als met Envy, een raadsel. Ik luister echt al vreselijk lang naar The Dillinger Escape Plan (misschien wel meer dan welke andere artiest ook in deze lijst) en vind ook nog altijd Under the Running Board en Calculating Infinity meesterwerkjes (nadat Dimitri vertrok werd de band voor mij wel minder). Kiezen is bij legio artiesten moeilijk en ook bij The Dillinger Escape Plan: want moest het niet een track van Calculating Infinity worden? (Niet The Running Board, met dat magistrale “Hush baby now don’t say a word”? Of dat epische 43% Burnt?) Nee, dan toch het chaotische The Mullet Burden, de opener van de EP die ik jarenlang steevast als mijn favoriete plaatje ooit noemde als iemand dat mij vroeg. Ook met zo’n geniale vondst, als die schreeuw klinkt en dan die dissonante chaos weer invalt, foei, echt straf. Dit keer dus terecht wel geplaatst.
81. Solar – Blue Bird (van Run On, 2021)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Ergens na mijn tweede bezoek aan Zuid-Korea in 2019 kwam ik by happy accident de serie Itaewon Class tegen. Ik was bij mijn bezoeken aan Seoul bijzonder gecharmeerd van Noksapyeong, dat grenst aan het iets toeristischer Itaewon, waardoor mijn interesse dan toch zijdelings gewekt was en deze serie mijn eerste K-drama werd. Die keek ik eerst nog zelf maar al gauw samen met mijn vrouw en inmiddels zijn we beiden K-drama-adepten. K-drama’s, wellicht leuk om te weten, zijn er in alle soorten en maten, in legio genres, van zoetsappige romantiek tot police procedurals en gure thrillers tot trage drama’s die soms haast slow cinema zijn. (En even vaak wordt dit alles probleemloos in één drama gepropt: zo is Possessed at heart een detectiveserie, maar wel één met een bovennatuurlijke seriemoordenaar en bloederige scènes waarin de ingewanden uit slachtoffers hangen die volstrekt natuurlijk worden afgewisseld met de ontluikende romance tussen de twee leads die de nodige komische slapstickmomentjes oplevert, inclusief quirky muzikale cues – de mood whiplash als stijlmiddel.) Favorieten heb ik inmiddels te over, maar graag noem ik in ieder geval de fantastische shows Crash Landing On You, Hometown Cha-Cha-Cha, My Mister en Twenty-Five Twenty-One.
Na het kijken van een K-drama geniet ik er altijd van de soundtrack door te lopen en alle beste tracks aan mijn immer uitdijende playlist ‘K-drama favs’ toe te voegen (overigens tot de nok toe gevuld met tracks van de geniale Sondia die, omdat ik het kiezen van een nummer onmogelijk vond, deze lijst niet gehaald heeft – in 2034 verwacht ik er wel uit te zijn en mag u op een notering rekenen). Zo ging het ook met dit nummer: Blue Bird komt van de soundtrack van Run On, óók een geweldig drama met misschien wel de beste vrouwelijke lead ooit. Niet alleen is de deadpan sass op briljante wijze in haast elke regel van haar dialogen geschreven, ook de absolute (deadpan, sassy) verve waarmee actrice Shin Se-kyung deze kurkdroog brengt is ongeëvenaard. Solar, van MAMAMOO, een K-pop-groepje dat me verder nooit écht geboeid heeft, nam voor Run On dus dit wel heel perfecte liedje op: zo ingetogen en toch zo dwingend en krachtig, zo twangy, met zulke lekkere diep-uit-je-tenen hoge ooh-tjes, zo heerlijk melancholiek. Natuurlijk ook ontzettend contextueel, want Blue Bird luisteren is ook weer wegmijmeren bij Run On. Uiteindelijk onbelangrijk want alles in deze top 100 heeft context. En Blue Bird is gewoon magistraal.

En natuurlijk de bijgewerkte playlist (zonder Ikkyu en Hanatarash).
1
geplaatst: 5 januari 2024, 10:36 uur
exsxesven schreef:
99. Sadness – I Want to Be With You (van I Want to Be There, 2019)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
(embed)
Hier op Spotify
Melancholieke éénmansblackgaze met delen slepende post-metal en shoegazy ambient. Damián Ojeda, de man achter Sadness, doet daarnaast o.a. nog het screamo/post-hardcore-project Life en dat het mij dan melodieus wel aanspreekt is snel verklaard. Want ook op I Want to Be There grossiert Damián in tenhemelschreiend mooie melodietjes temidden van al het gitaargeweld, zoals ook de beste screamobandjes dat kunnen en waar ik een vreselijke zwak voor heb. Prijsnummer I Want to Be with You zet nog ingetogen in, om al gauw de distortionpedalen aan te trappen en alles wat stond aan stukjes te shredden met een gitaargeluid dat knap het midden houdt tussen mistroostig en hoopvol. Als dan de zang nog invalt, net als alles aan Sadness geverfd met de kleur van een zonsondergang, kun je mij elke keer weer opvegen, wat een schoonheid. “You dance like the pink sky, you magical pink rain, and I burn orange.”
99. Sadness – I Want to Be With You (van I Want to Be There, 2019)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
(embed)
Hier op Spotify
Melancholieke éénmansblackgaze met delen slepende post-metal en shoegazy ambient. Damián Ojeda, de man achter Sadness, doet daarnaast o.a. nog het screamo/post-hardcore-project Life en dat het mij dan melodieus wel aanspreekt is snel verklaard. Want ook op I Want to Be There grossiert Damián in tenhemelschreiend mooie melodietjes temidden van al het gitaargeweld, zoals ook de beste screamobandjes dat kunnen en waar ik een vreselijke zwak voor heb. Prijsnummer I Want to Be with You zet nog ingetogen in, om al gauw de distortionpedalen aan te trappen en alles wat stond aan stukjes te shredden met een gitaargeluid dat knap het midden houdt tussen mistroostig en hoopvol. Als dan de zang nog invalt, net als alles aan Sadness geverfd met de kleur van een zonsondergang, kun je mij elke keer weer opvegen, wat een schoonheid. “You dance like the pink sky, you magical pink rain, and I burn orange.”
Prachtig nummer, fraaiste ontdekking van de lijst (die ik, waar onbekend, steekproefgewijs tot me neem) toe nu toe.
1
geplaatst: 5 januari 2024, 14:45 uur
Mmmm, dat nummer van Taylor Deupree klinkt heerlijk, perfecte soundtrack als ik wil indommelen! Ik ga graag gaan slapen met muziek, dus ik zoek nog tips in deze richting!
Die Bea Pelea track vloert me ook redelijk hard kapot af, eigenlijk.
Met al die Japanse ambient ben ik benieuwd of er nog iets van dit album langskomt.
Die Bea Pelea track vloert me ook redelijk hard kapot af, eigenlijk.

Met al die Japanse ambient ben ik benieuwd of er nog iets van dit album langskomt.
1
Glitch
geplaatst: 5 januari 2024, 17:22 uur
TDEP is zo'n band waarvan ik altijd vergeet hoe geniaal ik die vind. Hop, terug op de playlist ermee.
4
geplaatst: 6 januari 2024, 08:52 uur
80. UFO Or Die – Space Disc 90 (van Yellow Power Scum, 1991)
Vorige notering: 66 (⇩-14)
Niet op Spotify, Bandcamp of Soundcloud
Van Yellow Power Scum, een korte maar krachtige compilatietape op het legendarische Beast 666, dat ik ooit kocht omdat er een zeldzame track van The Gerogerigegege opstond. Het bleek echter helemaal (alle 11 minuten) vol te staan met fantastische dingetjes, zoals bijvoorbeeld een briljant harsh noise-trackje van Yellowhouse (haha) en dit geniale nummer van UFO Or Die, één van de vele Eye-projecten die er ooit hebben bestaan en waarvan Boredoms verreweg de bekendste is. De walkman waarmee ik deze tape luisterde en ripte was vreselijk brak en dat is nog wel te horen aan de YouTube-upload, die daarvandaan stamt en iets dat ongetwijfeld al modderig was nog veel modderiger maakte. Tegelijkertijd máákt dit alles Space Disc 90 inmiddels voor mij, zo ontzettend wankel en kapot en piepend klinkt het, met wat Niels in zijn recensie van Yellow Power Scum terecht een wervelwindgeluid noemde. Noisy oerpunk die klinkt alsof het opgenomen is een oude schoenendoos. Lekker.
79. Sawako – A Last Next (van Bitter Sweet, 2008)
Vorige notering: 53 (⇩-26)
Hier op Spotify
Heerlijke waterambient die (vocaal) een plaat vól heerlijke waterambient afsluit (eerder dit jaar nog gebruikte ik twee tracks hiervan voor mijn eigen aquatische mixtape Between the Water and the Waves). A Last Next klinkt zo ontzettend knap alsof heel de plaat erop heeft zitten wachten, alsof het niet anders kon eindigen dan zo, alsof alle voorgaande tracks het voorbereidende werk deden en nu ademloos zitten te wachten tot A Last Next doet wat het doet: verbluffen, je omver blazen. Of nu ja, blazen, A Last Next is als een briesje, als de zilte zeelucht die je door de haren strijkt, die voorzichtig de zoutkristallen op je arm droogt, is als de ondefinieerbare contouren van een zomerzon die fonkelt en schittert, als de deining van de zee waarin je drijft, oren onder het wateroppervlak en een stem die je vanuit de diepe toefluistert, eindig en oneindig, "a last next".
78. Masami Ueda & Saori Maeda – End Credits (van Biohazard 3: Last Escape, 1999)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Ook retecontextueel natuurlijk. End Credits komt van de soundtrack van Resident Evil 3 en dat gegeven komt met hele wagonladingen aan context, gevoelens, herinneringen. Resident Evil 3 speelde ik samen met mijn drie beste vrienden op de middelbare school uit, couch co-op-stijl, om beurten met de controller in de hand en als je die niet vast had paprikachips naar binnen proppen.
Het was ook vanwege de novelization van Resident Evil 3 dat ik me voor het eerst bewust werd van de serie boeken die S.D. Perry schreef (zeven totaal uiteindelijk, waarvan vijf gebaseerd op games en twee originele verhalen): ik kan me nog levendig herinneren een uitermate gaaf exemplaar te zien staan op een plankje bij stripboekenwinkel Yendor in Rotterdam (mijn eigen exemplaar gaat inmiddels al ruim 20 jaar en zeker evenveel leesbeurten mee en ziet daar ook wel naar uit) en bij thuiskomst dit boek direct op mijn Sinterklaaslijstje te hebben gezet. (Niet gekregen helaas, mijn ouders hadden geen idee waar ze dat boek toen moesten kopen, zo voor de brede advent van online shoppen, maar later zelf dus, natuurlijk, alsnog gekocht.)
Vanaf dat ik een jaar of 14 was, was Resident Evil in mijn leven en nog steeds heb ik een zwak voor deze game-franchise (kort samengevat: oorspronkelijke 2, 3 en 4 briljant; novelizations geniaal; 5 en 6 kut; 0, 1, Code Veronica, 7, 8 en remakes allemaal in orde (vooruit, remakes 2 en 4 in orde, 3 meh) maar vooral om een goeie Let’s Play van te kijken (heb zelf sowieso niets nieuwer dan een PS2 in huis, toen ben ik gestopt, ik game zelf eigenlijk nooit); live-action films zonder uitzondering diep kut; geanimeerde films campy maar ok - was dat het zo’n beetje?).
Van Resident Evil 3 genoot ik ontzettend in gezelschap, maar ook zelf heb ik deze game nog talloze keren gespeeld en ook de soundtrack heb ik veel en met veel plezier gedraaid (al weet ik ook nog dat deze op één van de VGM-recensiewebsites die ik toen, in de dark ages van het internet, regelmatig bezocht, er flink van langs kreeg omdat ‘ie volgens de recensent t.a.v. eerdere RE-soundtracks te fragmentarisch was, met te veel korte fragmenten - ik zei het al: context, gevoelens, herinneringen).
End Credits (soms ook Staff & Credits, ligt maar net aan de vertaling die gehanteerd wordt) is voor mij nog meer gaan leven door het wereldrecord dat gamer Dudley een paar jaar geleden voor Resident Evil 3 zette (toen 42:20, inmiddels is het record alweer 40:55). Sowieso is de hele video een genot: Jill in Dino Crisis-kostuum, Dudley die het zó casual en zo bijna-flawless speelt, en ja, gewoon, Resident Evil 3. De hele run kun je met een speciale camera die op het toetsenbord gericht is Dudleys vingervlugge vingerwerk volgen en valt het misschien al op dat daar ook een muzikaal keyboardje naast staat. Als Dudley dan uiteindelijk inderdaad het wereldrecord binnensleept weet je opeens waarom: de credits rollen, End Credits valt in, Dudley zet de game op mute en neemt het keyboard voor zich om dan, na deze prestatie, daar zelf End Credits op te spelen. Zo fucking geweldig, haha. En tja, dan realiseer ik dat ik me over deze track dan nog eigenlijk niets muzikaals gezegd heb, dat 'ie klinkt als de muziek die over de aftiteling loopt van die brakke 80s actiefilm, net na de scène waarin de held toch, ondanks alle verwachtingen, ondanks alle tegenspoed, het meisje en de wereld redde. Het zij zo, hij staat er niet voor niets in.
77. Anna Bellaka – Droga Virtual (single, 2019)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Ook dit nummer staat in mijn RYM-lijstje met essentiële neoperreo-tracks. Toen ik het stukje hieronder voor dat lijstje schreef was Anna Bellaka nog niet als artiest toegevoegd aan RYM, vandaar de opmerking in de eerste zin van dit stukje:
De video waaraan ik hierboven refereer lijkt overigens weer van Internet verdwenen te zijn, helaas. Gelukkig bestaat de track nog wel. Droga Virtual ís droga virtual: een track die je wel aan het hallucineren lijkt te krijgen. Doble Tempo heeft echt wat rare dingen geproduceerd, zoals fusies van rockgitaartjes en dembow, allerlei chopped and screwed-achtige dingetjes en een hoop horror-trap (waarvan het meeste wel te vinden is op de Bandcamp van zijn crew $hadow $quad) en het is lang niet altijd succesvol (die rock+dembow-blend is echt pure gruwel bijvoorbeeld). Wat hij echter voor elkaar kreeg met Droga Virtual is uniek: die stuiterende net-niet-dembow, die eeuwig vervliegende melodie, de repetitieve structuur zonder een echt onderscheidend refrein die het hele nummer een soort wazige loop doet lijken, een soort VGM under the influence, het is volstrekt ongrijpbaar en een knap muzikaal equivalent van een high chasen. De ook immer vervliegende vocalen van Anna Bellaka hadden er niet beter bij kunnen passen.
76. Eartheater – High Tide (van Trinity, 2019)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
In 2019 gingen twee collega’s en ik met een kleine groep leerlingen drie dagen naar Londen. We hadden net weer ingezet op buitenlandse reizen nadat dat even niet meer was gebeurd en het bleek helaas ook gelijk weer de laatste keer voorlopig (thanks, 2020). Privacy was er niet, want je was de hele dag met leerlingen op stap en ‘s nachts deelde ik ook nog eens een minuscuul kamertje met een andere collega (die ik overigens graag mag). Ik vond het dus heerlijk om ’s ochtends om 7 uur, als iedereen verder nog sliep, de deur uit te gaan en een flinke wandeling door de stad te maken met koptelefoon op en koffie in de hand. Ik gooide dan elke ochtend een zootje van mijn toen-favoriete nummers in mijn Spotify-queue en deed vervolgens een goede 10 kilometer door residentiële buurten, langs Tube-stations en meedeinend op golven forenzen om vervolgens voor 9 uur, als we met zijn allen gingen ontbijten, weer keurig terug te zijn in het hostel. Die liedjes, dat kunt u zich wel voorstellen, dragen voor eeuwig en altijd nu het gevoel van die lange wandelingen op heldere oktoberochtenden door die gigantische stad. OG Maco’s U Guessed It, Bad Gyal’s Hookah, Clipping.’s La Mala Ordina, Virgen María’s Blex en dus ook dit fantastische High Tide. En de track zelf dan? Die spookachtige, ijzingwekkende track, die met die aanzwellende, onheilspellende, galmende synths en strijkertjes, die met die stuiterende, reverby percussie met ratelende hi-hats en kletterende kicks, die track met die waas aan vocalen die je van alle kanten belagen? Die spreekt verder natuurlijk voor zichzelf.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (zonder Ikkyu, Hanatarash en UFO Or Die).
Vorige notering: 66 (⇩-14)
Niet op Spotify, Bandcamp of Soundcloud
Van Yellow Power Scum, een korte maar krachtige compilatietape op het legendarische Beast 666, dat ik ooit kocht omdat er een zeldzame track van The Gerogerigegege opstond. Het bleek echter helemaal (alle 11 minuten) vol te staan met fantastische dingetjes, zoals bijvoorbeeld een briljant harsh noise-trackje van Yellowhouse (haha) en dit geniale nummer van UFO Or Die, één van de vele Eye-projecten die er ooit hebben bestaan en waarvan Boredoms verreweg de bekendste is. De walkman waarmee ik deze tape luisterde en ripte was vreselijk brak en dat is nog wel te horen aan de YouTube-upload, die daarvandaan stamt en iets dat ongetwijfeld al modderig was nog veel modderiger maakte. Tegelijkertijd máákt dit alles Space Disc 90 inmiddels voor mij, zo ontzettend wankel en kapot en piepend klinkt het, met wat Niels in zijn recensie van Yellow Power Scum terecht een wervelwindgeluid noemde. Noisy oerpunk die klinkt alsof het opgenomen is een oude schoenendoos. Lekker.
79. Sawako – A Last Next (van Bitter Sweet, 2008)
Vorige notering: 53 (⇩-26)
Hier op Spotify
Heerlijke waterambient die (vocaal) een plaat vól heerlijke waterambient afsluit (eerder dit jaar nog gebruikte ik twee tracks hiervan voor mijn eigen aquatische mixtape Between the Water and the Waves). A Last Next klinkt zo ontzettend knap alsof heel de plaat erop heeft zitten wachten, alsof het niet anders kon eindigen dan zo, alsof alle voorgaande tracks het voorbereidende werk deden en nu ademloos zitten te wachten tot A Last Next doet wat het doet: verbluffen, je omver blazen. Of nu ja, blazen, A Last Next is als een briesje, als de zilte zeelucht die je door de haren strijkt, die voorzichtig de zoutkristallen op je arm droogt, is als de ondefinieerbare contouren van een zomerzon die fonkelt en schittert, als de deining van de zee waarin je drijft, oren onder het wateroppervlak en een stem die je vanuit de diepe toefluistert, eindig en oneindig, "a last next".
78. Masami Ueda & Saori Maeda – End Credits (van Biohazard 3: Last Escape, 1999)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Ook retecontextueel natuurlijk. End Credits komt van de soundtrack van Resident Evil 3 en dat gegeven komt met hele wagonladingen aan context, gevoelens, herinneringen. Resident Evil 3 speelde ik samen met mijn drie beste vrienden op de middelbare school uit, couch co-op-stijl, om beurten met de controller in de hand en als je die niet vast had paprikachips naar binnen proppen.
Het was ook vanwege de novelization van Resident Evil 3 dat ik me voor het eerst bewust werd van de serie boeken die S.D. Perry schreef (zeven totaal uiteindelijk, waarvan vijf gebaseerd op games en twee originele verhalen): ik kan me nog levendig herinneren een uitermate gaaf exemplaar te zien staan op een plankje bij stripboekenwinkel Yendor in Rotterdam (mijn eigen exemplaar gaat inmiddels al ruim 20 jaar en zeker evenveel leesbeurten mee en ziet daar ook wel naar uit) en bij thuiskomst dit boek direct op mijn Sinterklaaslijstje te hebben gezet. (Niet gekregen helaas, mijn ouders hadden geen idee waar ze dat boek toen moesten kopen, zo voor de brede advent van online shoppen, maar later zelf dus, natuurlijk, alsnog gekocht.)
Vanaf dat ik een jaar of 14 was, was Resident Evil in mijn leven en nog steeds heb ik een zwak voor deze game-franchise (kort samengevat: oorspronkelijke 2, 3 en 4 briljant; novelizations geniaal; 5 en 6 kut; 0, 1, Code Veronica, 7, 8 en remakes allemaal in orde (vooruit, remakes 2 en 4 in orde, 3 meh) maar vooral om een goeie Let’s Play van te kijken (heb zelf sowieso niets nieuwer dan een PS2 in huis, toen ben ik gestopt, ik game zelf eigenlijk nooit); live-action films zonder uitzondering diep kut; geanimeerde films campy maar ok - was dat het zo’n beetje?).
Van Resident Evil 3 genoot ik ontzettend in gezelschap, maar ook zelf heb ik deze game nog talloze keren gespeeld en ook de soundtrack heb ik veel en met veel plezier gedraaid (al weet ik ook nog dat deze op één van de VGM-recensiewebsites die ik toen, in de dark ages van het internet, regelmatig bezocht, er flink van langs kreeg omdat ‘ie volgens de recensent t.a.v. eerdere RE-soundtracks te fragmentarisch was, met te veel korte fragmenten - ik zei het al: context, gevoelens, herinneringen).
End Credits (soms ook Staff & Credits, ligt maar net aan de vertaling die gehanteerd wordt) is voor mij nog meer gaan leven door het wereldrecord dat gamer Dudley een paar jaar geleden voor Resident Evil 3 zette (toen 42:20, inmiddels is het record alweer 40:55). Sowieso is de hele video een genot: Jill in Dino Crisis-kostuum, Dudley die het zó casual en zo bijna-flawless speelt, en ja, gewoon, Resident Evil 3. De hele run kun je met een speciale camera die op het toetsenbord gericht is Dudleys vingervlugge vingerwerk volgen en valt het misschien al op dat daar ook een muzikaal keyboardje naast staat. Als Dudley dan uiteindelijk inderdaad het wereldrecord binnensleept weet je opeens waarom: de credits rollen, End Credits valt in, Dudley zet de game op mute en neemt het keyboard voor zich om dan, na deze prestatie, daar zelf End Credits op te spelen. Zo fucking geweldig, haha. En tja, dan realiseer ik dat ik me over deze track dan nog eigenlijk niets muzikaals gezegd heb, dat 'ie klinkt als de muziek die over de aftiteling loopt van die brakke 80s actiefilm, net na de scène waarin de held toch, ondanks alle verwachtingen, ondanks alle tegenspoed, het meisje en de wereld redde. Het zij zo, hij staat er niet voor niets in.
77. Anna Bellaka – Droga Virtual (single, 2019)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Ook dit nummer staat in mijn RYM-lijstje met essentiële neoperreo-tracks. Toen ik het stukje hieronder voor dat lijstje schreef was Anna Bellaka nog niet als artiest toegevoegd aan RYM, vandaar de opmerking in de eerste zin van dit stukje:
Obscurity points, I guess, as Anna Bellaka has not made it onto RYM yet (let's hope this wrong gets righted soon) - the title of her first album Queen of the Underground clearly is absolutely on point, in all regards, for a queen she is. There is a lot of simply good material among the tracks she has released so far, though one in particular stands out among them and is 1000% hors categorie: the Doble Tempo-produced Droga Virtual could neither be titled more aptly. The hesitant beat combined with hallucinative, elusive background vocals and an oddly dissonant melody makes for a fascinatingly original and utterly impressive production that knows no contenders to its sheer ability to drug you virtually. Anna's vocals are the perfect accompaniment, equally fleeting, ephemeral, dazed, dazzling. The brief fragment at the end that's slowed down somehow wraps this up perfectly. The video is brilliant too and an excellent complement to the sound. I know all these texts are all superlatives because every track on here is fucking dope, but damn, the genius of this particular track is completely unrivaled, not just within its own niche but far outside of it. GAME CHANGER.
De video waaraan ik hierboven refereer lijkt overigens weer van Internet verdwenen te zijn, helaas. Gelukkig bestaat de track nog wel. Droga Virtual ís droga virtual: een track die je wel aan het hallucineren lijkt te krijgen. Doble Tempo heeft echt wat rare dingen geproduceerd, zoals fusies van rockgitaartjes en dembow, allerlei chopped and screwed-achtige dingetjes en een hoop horror-trap (waarvan het meeste wel te vinden is op de Bandcamp van zijn crew $hadow $quad) en het is lang niet altijd succesvol (die rock+dembow-blend is echt pure gruwel bijvoorbeeld). Wat hij echter voor elkaar kreeg met Droga Virtual is uniek: die stuiterende net-niet-dembow, die eeuwig vervliegende melodie, de repetitieve structuur zonder een echt onderscheidend refrein die het hele nummer een soort wazige loop doet lijken, een soort VGM under the influence, het is volstrekt ongrijpbaar en een knap muzikaal equivalent van een high chasen. De ook immer vervliegende vocalen van Anna Bellaka hadden er niet beter bij kunnen passen.
76. Eartheater – High Tide (van Trinity, 2019)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
In 2019 gingen twee collega’s en ik met een kleine groep leerlingen drie dagen naar Londen. We hadden net weer ingezet op buitenlandse reizen nadat dat even niet meer was gebeurd en het bleek helaas ook gelijk weer de laatste keer voorlopig (thanks, 2020). Privacy was er niet, want je was de hele dag met leerlingen op stap en ‘s nachts deelde ik ook nog eens een minuscuul kamertje met een andere collega (die ik overigens graag mag). Ik vond het dus heerlijk om ’s ochtends om 7 uur, als iedereen verder nog sliep, de deur uit te gaan en een flinke wandeling door de stad te maken met koptelefoon op en koffie in de hand. Ik gooide dan elke ochtend een zootje van mijn toen-favoriete nummers in mijn Spotify-queue en deed vervolgens een goede 10 kilometer door residentiële buurten, langs Tube-stations en meedeinend op golven forenzen om vervolgens voor 9 uur, als we met zijn allen gingen ontbijten, weer keurig terug te zijn in het hostel. Die liedjes, dat kunt u zich wel voorstellen, dragen voor eeuwig en altijd nu het gevoel van die lange wandelingen op heldere oktoberochtenden door die gigantische stad. OG Maco’s U Guessed It, Bad Gyal’s Hookah, Clipping.’s La Mala Ordina, Virgen María’s Blex en dus ook dit fantastische High Tide. En de track zelf dan? Die spookachtige, ijzingwekkende track, die met die aanzwellende, onheilspellende, galmende synths en strijkertjes, die met die stuiterende, reverby percussie met ratelende hi-hats en kletterende kicks, die track met die waas aan vocalen die je van alle kanten belagen? Die spreekt verder natuurlijk voor zichzelf.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (zonder Ikkyu, Hanatarash en UFO Or Die).
1
WVTRVE
geplaatst: 6 januari 2024, 23:36 uur
TDEP is echt heerlijk maar moet wel zeggen dat ik dat soort spul niet zo vaak meer opzet, vooral vanwege het geforceerde geschreeuw. Eigenlijk zouden ze de albums een keer zangloos moeten uitgeven, puur alleen maar instrumentale nummers 
Droga Virtual ziet er geweldig uit qua vormgeving maar ik weet niet of ik de muziek aandurf, bang om die Y2K vormgevingsbubbel te breken.
Eartheater kende ik niet maar klinkt echt geweldig, bietje oude Grimes vibes
Lekker stuiterend bietje ook. Thanks, ik ga het album eens snel pinda....opzoeken!

Droga Virtual ziet er geweldig uit qua vormgeving maar ik weet niet of ik de muziek aandurf, bang om die Y2K vormgevingsbubbel te breken.
Eartheater kende ik niet maar klinkt echt geweldig, bietje oude Grimes vibes
Lekker stuiterend bietje ook. Thanks, ik ga het album eens snel pinda....opzoeken!
1
geplaatst: 7 januari 2024, 10:33 uur
75. Wasuta – Saijoukyuu Paradox (van パラドックス ワールド, 2017)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Wasuta, oftewel World Standard (van wát, vraagt de kritische lezer-luisteraar zich meteen af), is een Japanse meidengroep die, zoals het een goede J-pop-unit betaamt, stuiterende hypermuziek maakt, met hoge tempo’s, piepende stemmetjes en volgepropte composities met sprankelende geluidseffecten en natuurlijk heel veel epische momentjes. Gestoken in zorgvuldig gecoördineerde outfits dansen ze zich vervolgens nog in het zweet in met suiker besprenkelde en op zuurstokken gebouwde videoclips die de ervaring helemaal afmaken. (“Ah, de standaard van dát.”) Saijoukyuu Paradox is een schoolvoorbeeld van wat ze zo goed kunnen, het muzikale equivalent van je bek vol kauwgumballen stoppen die smaken naar de bitterzoete eindes van jaren 90 anime-films.
74. Tujiko Noriko – Robot Hero (van From Tokyo to Naiagara, 2003)
Vorige notering: 94 (⇧+20)
Hier op Spotify
Die kale beat die Robot Hero zo effectief inzet, oei. Al na twee seconden ben ik geteleporteerd naar een verlaten Tokio, lege straten onder een witgrijze lucht, waar het niet in te schatten is welk moment van de dag het is of hoe warm of hoe koud het is, waar een zuivere maar doodse stilte heerst, waar nog geen insect of zuchtje wind hoorbaar is; dit is de setting van de eenzame, naamloze robotprotagonist uit het meesterwerk van Tujiko Noriko, die het bestaan van zoogdieren, vogels, vissen, reptielen overleefd heeft en nu gedoemd is oneindige rond te lopen is door de straten van Shinjuku en Omori tot de warmtedood van het heelal. Althans, dat stel ik me zo voor. Tien jaar geleden had ik de lyrics al niet gelezen en nu nog steeds niet; mocht ik in 2033 weer eens een top 100 maken dan ook nog steeds niet. Ik ben content dit nummer zo te beleven.
73. Brian Eno – An Ending (Ascent) (van Apollo: Atmospheres & Soundtracks, 1983)
Vorige notering: 31 (⇩-42)
Hier op Spotify
Kosmische ambient van de hand van de grootmeester. Diens Ambient 1: Music for Airports was mijn eerste echte plaat in het genre en heeft lang als blauwdruk gediend: niet alleen voor zovelen die werk(t)en in het genre maar ook voor mij persoonlijk, want mijn idee van ambient werd in het begin haast exclusief gevormd door Eno en in het bijzonder door Ambient 1. Dat hij nog mooier kon heb ik daarna echter ook wel ontdekt. Zo vind ik Music for Films echt fenomenaal en ook de andere Ambient-platen zijn erg fijn (al kon ik Ambient 3 destijds nooit vinden in de platenzaak en duurde het nog vele jaren voor ik deze uiteindelijk ook hoorde – ik had waarschijnlijk bij Laraaji moeten zoeken, niet bij Eno). Zijn beste ambienttrack staat echter op het verder wat onevenwichtige Apollo (dat soms wel erg enthousiast richting de kitsch trekt) en dat is An Ending (Ascent). Ik heb vorige keer vast iets vergelijkbaars gezegd (ik voel het aan mijn water, maar ik ga het niet nakijken), maar op YouTube is dus bovenstaand filmpje te vinden waar dit nummer loopt over beelden van een langzaam ronddraaiende aardbol en dat is echt de perfecte ondersteuning voor het gevoel van deze track, dat van het intieme én universele gevoel van menselijkheid en verbondenheid, wij allemaal samen op die blauwe knikker luisteren naar de ambient van opa Eno. Is mooi.
72. Wednesday Campanella – Hot Pot Commander (van Tinkerbell/Hot Pot Commander, 2022)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Wednesday Campanella heeft weinig gemeen met de gemiddelde J-pop-groep: met slechts twee personen in de gelederen (één producer en één zangeres, die ook nog eens recent gewisseld is) en kort-maar-krachtige stuiterliedjes (in plaats van lang-maar-krachtige stuiterliedjes: de gemiddelde J-pop-song duurt ruim 4 minuten) is Wednesday Campanella bepaald niet typisch. In hun eerdere incarnatie, met de vorige zangeres, was het ook al een interessante groep en vond ik Gala in het bijzonder een fantastisch liedje. Sinds de wisseling van de vocale wacht is het er echter alleen maar beter op geworden en dat leverde vorig jaar tenminste drie briljantjes op: Buckingham, Himiko en Hot Pot Commander, waarvan de laatste maar 2:21 duurt.
Ik zeg eerlijk: ik kon niet kiezen ("kan 'ie nooit!"). Het is Hot Pot Commander geworden omdat deze het meest van alle stuitert en ik de ontzettend inventieve gefragmenteerde zang in het refrein (iets dat overigens underscores ook al een soort van gedaan bleek te hebben op spoiled little brat, maar vooruit) een geniale vondst vind. Hot Pot Commander zit echt propvol (dat moet ook wel, ze hadden nog geen tweeënhalve minuut, vlug vlug snel snel proppen proppen!) met wendingen en geluidjes én een belachelijk lekker refrein dat halverwege nog even in de hoogste versnelling wordt gezet. Zonder twijfel één van de leukste dingen in het moderne J-pop-landschap.
71. Shoko Nakagawa – Pretty Please Chocolate On Top (van Big Bang!!!, 2008)
Vorige notering: 78 (⇧+7)
Hier op Spotify
Tien jaar geleden citeerde ik vermoedelijk ook al uit mijn recensie uit 2008 bij het album waar dit nummer vandaan komt, maar ja, ik sta er gewoon nog steeds achter, dussssssssssss:
Van Pretty Please Chocolate On Top, heb ik altijd gevonden, zou een uurlange edit moeten bestaan. In 2013 (en al zeker niet in 2008) was dat nog geen feit. Nu wel. Enjoy.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist op Spotify (zonder Ikkyu, Hanatarash en UFO Or Die).
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Wasuta, oftewel World Standard (van wát, vraagt de kritische lezer-luisteraar zich meteen af), is een Japanse meidengroep die, zoals het een goede J-pop-unit betaamt, stuiterende hypermuziek maakt, met hoge tempo’s, piepende stemmetjes en volgepropte composities met sprankelende geluidseffecten en natuurlijk heel veel epische momentjes. Gestoken in zorgvuldig gecoördineerde outfits dansen ze zich vervolgens nog in het zweet in met suiker besprenkelde en op zuurstokken gebouwde videoclips die de ervaring helemaal afmaken. (“Ah, de standaard van dát.”) Saijoukyuu Paradox is een schoolvoorbeeld van wat ze zo goed kunnen, het muzikale equivalent van je bek vol kauwgumballen stoppen die smaken naar de bitterzoete eindes van jaren 90 anime-films.
74. Tujiko Noriko – Robot Hero (van From Tokyo to Naiagara, 2003)
Vorige notering: 94 (⇧+20)
Hier op Spotify
Die kale beat die Robot Hero zo effectief inzet, oei. Al na twee seconden ben ik geteleporteerd naar een verlaten Tokio, lege straten onder een witgrijze lucht, waar het niet in te schatten is welk moment van de dag het is of hoe warm of hoe koud het is, waar een zuivere maar doodse stilte heerst, waar nog geen insect of zuchtje wind hoorbaar is; dit is de setting van de eenzame, naamloze robotprotagonist uit het meesterwerk van Tujiko Noriko, die het bestaan van zoogdieren, vogels, vissen, reptielen overleefd heeft en nu gedoemd is oneindige rond te lopen is door de straten van Shinjuku en Omori tot de warmtedood van het heelal. Althans, dat stel ik me zo voor. Tien jaar geleden had ik de lyrics al niet gelezen en nu nog steeds niet; mocht ik in 2033 weer eens een top 100 maken dan ook nog steeds niet. Ik ben content dit nummer zo te beleven.

73. Brian Eno – An Ending (Ascent) (van Apollo: Atmospheres & Soundtracks, 1983)
Vorige notering: 31 (⇩-42)
Hier op Spotify
Kosmische ambient van de hand van de grootmeester. Diens Ambient 1: Music for Airports was mijn eerste echte plaat in het genre en heeft lang als blauwdruk gediend: niet alleen voor zovelen die werk(t)en in het genre maar ook voor mij persoonlijk, want mijn idee van ambient werd in het begin haast exclusief gevormd door Eno en in het bijzonder door Ambient 1. Dat hij nog mooier kon heb ik daarna echter ook wel ontdekt. Zo vind ik Music for Films echt fenomenaal en ook de andere Ambient-platen zijn erg fijn (al kon ik Ambient 3 destijds nooit vinden in de platenzaak en duurde het nog vele jaren voor ik deze uiteindelijk ook hoorde – ik had waarschijnlijk bij Laraaji moeten zoeken, niet bij Eno). Zijn beste ambienttrack staat echter op het verder wat onevenwichtige Apollo (dat soms wel erg enthousiast richting de kitsch trekt) en dat is An Ending (Ascent). Ik heb vorige keer vast iets vergelijkbaars gezegd (ik voel het aan mijn water, maar ik ga het niet nakijken), maar op YouTube is dus bovenstaand filmpje te vinden waar dit nummer loopt over beelden van een langzaam ronddraaiende aardbol en dat is echt de perfecte ondersteuning voor het gevoel van deze track, dat van het intieme én universele gevoel van menselijkheid en verbondenheid, wij allemaal samen op die blauwe knikker luisteren naar de ambient van opa Eno. Is mooi.
72. Wednesday Campanella – Hot Pot Commander (van Tinkerbell/Hot Pot Commander, 2022)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Wednesday Campanella heeft weinig gemeen met de gemiddelde J-pop-groep: met slechts twee personen in de gelederen (één producer en één zangeres, die ook nog eens recent gewisseld is) en kort-maar-krachtige stuiterliedjes (in plaats van lang-maar-krachtige stuiterliedjes: de gemiddelde J-pop-song duurt ruim 4 minuten) is Wednesday Campanella bepaald niet typisch. In hun eerdere incarnatie, met de vorige zangeres, was het ook al een interessante groep en vond ik Gala in het bijzonder een fantastisch liedje. Sinds de wisseling van de vocale wacht is het er echter alleen maar beter op geworden en dat leverde vorig jaar tenminste drie briljantjes op: Buckingham, Himiko en Hot Pot Commander, waarvan de laatste maar 2:21 duurt.
Ik zeg eerlijk: ik kon niet kiezen ("kan 'ie nooit!"). Het is Hot Pot Commander geworden omdat deze het meest van alle stuitert en ik de ontzettend inventieve gefragmenteerde zang in het refrein (iets dat overigens underscores ook al een soort van gedaan bleek te hebben op spoiled little brat, maar vooruit) een geniale vondst vind. Hot Pot Commander zit echt propvol (dat moet ook wel, ze hadden nog geen tweeënhalve minuut, vlug vlug snel snel proppen proppen!) met wendingen en geluidjes én een belachelijk lekker refrein dat halverwege nog even in de hoogste versnelling wordt gezet. Zonder twijfel één van de leukste dingen in het moderne J-pop-landschap.
71. Shoko Nakagawa – Pretty Please Chocolate On Top (van Big Bang!!!, 2008)
Vorige notering: 78 (⇧+7)
Hier op Spotify
Tien jaar geleden citeerde ik vermoedelijk ook al uit mijn recensie uit 2008 bij het album waar dit nummer vandaan komt, maar ja, ik sta er gewoon nog steeds achter, dussssssssssss:
Allejezus hoe geweldig blijft deze plaat toch (ik moet het maar weer even melden). Zó vol übergeweldige momentjes en hooks en zanglijntjes en überheid dat ik 'm regelmatig een keer of vijf achter elkaar draai. Ik heb volgens mij al honderd keer vermeld (hier en elders) hoe briljant dit in elkaar steekt, maar toch, daar gaan we gewoon nog een keer.
Toevalligerwijs liep ik gisteren tegen een recensie op IGN aan. Stond ik even van te kijken, hoewel het bleek te gaan om een recensie van een promotie-exemplaar dat de dames en heren toegezonden was omtrent Shoko's aankomende optreden op de één of andere anime expo (immers, mevrouw is, naast zanger (en een rits andere occupaties) ook voice actor en dus materiaal dat puisterige en geile anime-nerds wel naar een expo trekt). Hoe het ook zij, de recensie was verrassend positief en Bigsterretjebanguitroeptekenuitroeptekenuitroepteken werd zowaar beloond met een 9,5. Goed, dat kwam niet helemáál overeen met de sentimenten die tentoongespreid werden in de recensie zelf, maar evengoed overheerste het ontzettend positieve. Shoko's diversiteit werd (terecht) geroemd; van de springerige en blije typische j-pop als Strawberry Dream tot ook veel volwassener materiaal. Kon ik me dus volledig in vinden.
De desbetreffende recensent vond echter ook dat het hier en daar net niet helemaal perfect was. Een goed voorbeeld was, aldus de recensent, dat een nummer als Pretty Please Chocolate on Top heus geen vijf minuten hoeft te duren.
FOUT!
De geniale ode aan chocolade op je ijsje of waar dan ook op wordt zo intens fantastisch gebracht dat ik wenste dat er een edit van bestond op albumlengte. Hoe Shoko vol intense en piepende passie in de microfoon slingert dat ze pretty please een beetje chocolate on top ziet ge-utst en ge-srowed (onnavolgbaar Engrish!) over die immer voortstuiterende beat temidden van een echt geniaal arrangement met zo'n KATJAK (bij gebrek aan een betere transcriptie moet u het hier mee doen!) aan het eind van het refreintje. En Shoko die aan het eind van het nummer na het refreintje er eerst een razendvlug no no no no no no no no no (etc.) yes no-o! in uitperst en dan te gaan voor (hoe geniaal) non non non non non non non non (etc) (en u voelt hem vast al komen) oui no-on!. Only in Japan kun je er een liedje aan wijden, only in Japan kun je het zo intens maken als een liedje over een brief voor je moeder die hoog in de hemel is of een goede neukpartij, of zoiets.
Toevalligerwijs liep ik gisteren tegen een recensie op IGN aan. Stond ik even van te kijken, hoewel het bleek te gaan om een recensie van een promotie-exemplaar dat de dames en heren toegezonden was omtrent Shoko's aankomende optreden op de één of andere anime expo (immers, mevrouw is, naast zanger (en een rits andere occupaties) ook voice actor en dus materiaal dat puisterige en geile anime-nerds wel naar een expo trekt). Hoe het ook zij, de recensie was verrassend positief en Bigsterretjebanguitroeptekenuitroeptekenuitroepteken werd zowaar beloond met een 9,5. Goed, dat kwam niet helemáál overeen met de sentimenten die tentoongespreid werden in de recensie zelf, maar evengoed overheerste het ontzettend positieve. Shoko's diversiteit werd (terecht) geroemd; van de springerige en blije typische j-pop als Strawberry Dream tot ook veel volwassener materiaal. Kon ik me dus volledig in vinden.
De desbetreffende recensent vond echter ook dat het hier en daar net niet helemaal perfect was. Een goed voorbeeld was, aldus de recensent, dat een nummer als Pretty Please Chocolate on Top heus geen vijf minuten hoeft te duren.
FOUT!
De geniale ode aan chocolade op je ijsje of waar dan ook op wordt zo intens fantastisch gebracht dat ik wenste dat er een edit van bestond op albumlengte. Hoe Shoko vol intense en piepende passie in de microfoon slingert dat ze pretty please een beetje chocolate on top ziet ge-utst en ge-srowed (onnavolgbaar Engrish!) over die immer voortstuiterende beat temidden van een echt geniaal arrangement met zo'n KATJAK (bij gebrek aan een betere transcriptie moet u het hier mee doen!) aan het eind van het refreintje. En Shoko die aan het eind van het nummer na het refreintje er eerst een razendvlug no no no no no no no no no (etc.) yes no-o! in uitperst en dan te gaan voor (hoe geniaal) non non non non non non non non (etc) (en u voelt hem vast al komen) oui no-on!. Only in Japan kun je er een liedje aan wijden, only in Japan kun je het zo intens maken als een liedje over een brief voor je moeder die hoog in de hemel is of een goede neukpartij, of zoiets.
Van Pretty Please Chocolate On Top, heb ik altijd gevonden, zou een uurlange edit moeten bestaan. In 2013 (en al zeker niet in 2008) was dat nog geen feit. Nu wel. Enjoy.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist op Spotify (zonder Ikkyu, Hanatarash en UFO Or Die).
1
geplaatst: 7 januari 2024, 13:19 uur
Heb het eerste tiental even doorlopen. Toch twee ontdekkingen gedaan: Sadness (nooit van gehoord) en Akron/ Family (de naam vaker gezien maar verder geen beeld bij). Verder alleen Xinlisupreme snel uitgezet omdat het me een beetje irriteerde, maar dat kan ook aan mijn zondagmorgen liggen. 

2
geplaatst: 8 januari 2024, 07:05 uur
70. Jim O’Rourke – Eureka (van Eureka, 1999)
Vorige notering: 34 (⇩-36)
Niet op Spotify (maar wel op Bandcamp, maar niet gratis te streamen)
Vorige keer koos ik dus ook voor Eureka en vorige keer vond ik dat duidelijk en gemakkelijk de beste keus, dit keer had ik toch wat meer moeite, voornamelijk omdat ik sinds toen Halfway to a Threeway steeds meer ben gaan waarderen en dat inmiddels waarschijnlijk mijn meest gedraaide Jim-plaat is. (En inderdaad, ondanks mijn eigen affiniteit met experimentele muziek is dat deel van Jims ouevre nog grotendeels onontgonnen voor mij; en inderdaad, Jim zelf is niet zo heel erg te spreken over zijn popalbums. Het zij zo.) Eureka, het album, is ook wel het onderwerp van herwaardering geweest, zoals dat de afgelopen jaren wel met meer platen is gebeurd die ik altijd wel goed vond maar die ik pas recenter écht pas ben gaan zien voor wat ze waard zijn. Zo vond ik de opener van die plaat altijd een beetje langdradig en vooral een opstapje naar de rest, maar nu vind ik het hypnotiserende van dat immer opbouwende nummer even geweldig als de rest.
Of nou ja, even geweldig, natuurlijk is daar nog titeltrack Eureka, niet voor het niets het titelnummer, zonder twijfel het beste nummer van de plaat en omgeven door allerlei interessante culturele context: vernoemd naar een film van Nicolas Roeg (net als Insignificance en Bad Timing, trouwens) en op zijn beurt weer punt van referentie voor Shinji Aoyama’s Eureka, een film die ik al sinds 2003 op DVD had maar pas een jaar of drie geleden eindelijk zag en zo nog veel meer diepte gaf aan Eureka, de song; en natuurlijk Jims persoonlijke links met Japan en in het bijzonder o.a. Otomo Yoshihide (die het nummer ook weer opnam, met zijn New Jazz Orchestra). Er zit alleen op die manier al zo gruwelijk veel in het nummer, en dan is het ook nog zó fucking mooi. Misschien vindt Jim het niet zijn meest geslaagde werk, ik ben maar wat blij dat hij het opgenomen heeft.
69. Psycodrama – I Love My Wife and Kids and I Go to Church (van Garbage Sandwich, 1992)
Vorige notering: 14 (⇩-55)
Niet op Spotify
Mijn rip van dit nummer zoals het te vinden is op YouTube duurt 1:12 en klinkt alsof het opgediept is uit het riool. Het was in die context dat ik het leerde kennen, op een legendarische verzamelaar verspreid over twee cassettebandjes genaamd Garbage Sandwich, met wél (hoe fijn) een tracklist maar geen (hoe jammer) indicatie van wat nu precies wanneer begon en eindigde. Of mijn rip dus überhaupt klopte wist ik nooit (al heb ik geprobeerd mijn eigen rip van Garbage Sandwich met de tracklist ernaast juist in trackjes te verdelen, maar goed, het bleef analoog en het bleef moeilijk) en een andere upload van dit nummer van een paar jaar later suggereert dat er voor het moment suprème dat voor mij I Love My Wife and Kids and I Go to Church ís nog van alles vooraf gaat. Dat kan zomaar inderdaad, het is immers Psycodrama (zoals het op de tracklist van Garbage Sandwich gespeld was; de andere upload gebruikt de gangbaardere maar in deze context onjuiste schrijfwijze Psychodrama) en deze groep avant-gardistische rednecks deed modderige en volstrekt bizarre outsider music met drumcomputertjes, presets op synthesizers en een hoop dronken gelal. Ik moet zeggen, ook in de context/met de context van die vier extra minuten blijft dit een pareltje en ergens zelfs maakt het contrast met de drumcomputers en het gelal en een hoop vaag gekletter de hele afsluiting nóg effectiever. Hoe dan ook blijft dit korte, fragmentarische stukje muziek met vals gierend orgeltje en die mysterieuze, vervreemdende tekst, zo intens gezongen, die in een paar zinnen een hele absurd, eenzame en beangstigende wereld schetst (“We were married inside a of a church all alone, and then we lived in the forest all alone / then I fathered a son and he went off to war, I don’t know if I’ll see him anymore / and then you died all alone, now I’m finally all alone / my wife is gone, my wife is gone”) absoluut beklemmend. Elke keer kippenvel.
68. Jô Hisaishi – Hana-bi (van Hana-bi, 1997)
Vorige notering: 67 (⇩-1)
Hier op Spotify
Hisaishi heeft een hoop prachtige dingen gedaan: voor Takeshi Kitano’s mooiste films verzorgde hij de muziek, maar hij was natuurlijk ook verantwoordelijk voor de soundtracks van Ghibli-klassiekers als Totoro en Spirited Away. Genoeg te kiezen dus, bij Hisaishi. Nu steekt één van zijn soundtracks echter wel met kop en schouders boven al zijn andere werk uit en dat is niet geheel ontoevallig de soundtrack van wat ik ook Kitano’s beste film vind: Hana-bi. Deze film heb ik overigens vorig jaar eindelijk op Blu-ray aangeschaft, wat een mooie gelegenheid was om hem weer eens te zien en… óh, wat stak ‘ie toch mooi af tegen de brakke DVD die ik had staan. Hisaishi’s soundtrack was nog even mooi als altijd, eenzaam en droevig, met die aanzwellende strijkers die de breekbaarheid van de karakters in de film nog zo mooi punctueren. Een scene uit Hana-bi was overigens (ook alweer jaren geleden in ook al zo’n leuk topic) mijn gekozen filmfragment voor MuMe Zomergasten. Het belang van deze film en zijn soundtrack voor mij zijn niet te overschatten.
67. John Zorn – Tears of Morning (van Filmworks XIX: The Rain Horse, 2008)
Vorige notering: 60 (⇩-7)
Hier op Spotify
Rob Burger had, na als kind verplicht pianolessen te moeten volgen, een hekel aan het instrument gekregen, maar John Zorn wist hem toch te overtuigen de toetsen weer te beroeren en dat deed Rob voor Filmworks XIX: The Rain Horse – en niet zomaar, want het had deze prachtige soundtrack, voor een korte Russische animatiefilm, tot resultaat. Natuurlijk laveert de plaat tussen de meest wonderbaarlijke melodieuze momentjes en tegendraadse dissonantie en voor al die kanten van Zorn heb ik wel een plekje in mijn hart, maar als ‘ie zo simpelweg en ongecompliceerd mooi uit de hoek komt als op de openingstrack, dan is ‘ie wel op zijn best.
66. Oneohtrix Point Never – Sticky Drama (van Garden of Delete, 2015)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Ik heb bij elk ander nummer waarvoor ik een stukje schrijf de neiging te zeggen dat ik het moeilijk kiezen vind en… ja, natúúrlijk is dat bij duizendpoot Daniel Lopatin zo. Zelfs alleen al onder de naam Oneohtrix Point Never heeft hij zwaar uiteenlopend werk gemaakt en heel veel daarvan is fantastisch (ook de laatste worp, Again, is weer uitstekend, vind ik). Ik heb de keuze daarom laten vallen op iets wat in veel opzichten nog het meest van wat Lopatin gedaan heeft een líedje is, al was het ook de track die, toen Garden of Delete uitkwam, gewoon meteen de meeste indruk op mij wist te maken. Sticky Drama gaat van hooggepitchte glitchpoppy momentjes tot aan minimalistische cybermetal en is ondanks/dankzij* al zijn inventiviteit en unieke sound design zo catchy en memorabel als maar zijn kan.
* doorstrepen wat niet van toepassing is
En natuurlijk de bijgewerkte playlist op Spotify (zonder Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke en Psycodrama).
Vorige notering: 34 (⇩-36)
Niet op Spotify (maar wel op Bandcamp, maar niet gratis te streamen)
Vorige keer koos ik dus ook voor Eureka en vorige keer vond ik dat duidelijk en gemakkelijk de beste keus, dit keer had ik toch wat meer moeite, voornamelijk omdat ik sinds toen Halfway to a Threeway steeds meer ben gaan waarderen en dat inmiddels waarschijnlijk mijn meest gedraaide Jim-plaat is. (En inderdaad, ondanks mijn eigen affiniteit met experimentele muziek is dat deel van Jims ouevre nog grotendeels onontgonnen voor mij; en inderdaad, Jim zelf is niet zo heel erg te spreken over zijn popalbums. Het zij zo.) Eureka, het album, is ook wel het onderwerp van herwaardering geweest, zoals dat de afgelopen jaren wel met meer platen is gebeurd die ik altijd wel goed vond maar die ik pas recenter écht pas ben gaan zien voor wat ze waard zijn. Zo vond ik de opener van die plaat altijd een beetje langdradig en vooral een opstapje naar de rest, maar nu vind ik het hypnotiserende van dat immer opbouwende nummer even geweldig als de rest.
Of nou ja, even geweldig, natuurlijk is daar nog titeltrack Eureka, niet voor het niets het titelnummer, zonder twijfel het beste nummer van de plaat en omgeven door allerlei interessante culturele context: vernoemd naar een film van Nicolas Roeg (net als Insignificance en Bad Timing, trouwens) en op zijn beurt weer punt van referentie voor Shinji Aoyama’s Eureka, een film die ik al sinds 2003 op DVD had maar pas een jaar of drie geleden eindelijk zag en zo nog veel meer diepte gaf aan Eureka, de song; en natuurlijk Jims persoonlijke links met Japan en in het bijzonder o.a. Otomo Yoshihide (die het nummer ook weer opnam, met zijn New Jazz Orchestra). Er zit alleen op die manier al zo gruwelijk veel in het nummer, en dan is het ook nog zó fucking mooi. Misschien vindt Jim het niet zijn meest geslaagde werk, ik ben maar wat blij dat hij het opgenomen heeft.
69. Psycodrama – I Love My Wife and Kids and I Go to Church (van Garbage Sandwich, 1992)
Vorige notering: 14 (⇩-55)
Niet op Spotify
Mijn rip van dit nummer zoals het te vinden is op YouTube duurt 1:12 en klinkt alsof het opgediept is uit het riool. Het was in die context dat ik het leerde kennen, op een legendarische verzamelaar verspreid over twee cassettebandjes genaamd Garbage Sandwich, met wél (hoe fijn) een tracklist maar geen (hoe jammer) indicatie van wat nu precies wanneer begon en eindigde. Of mijn rip dus überhaupt klopte wist ik nooit (al heb ik geprobeerd mijn eigen rip van Garbage Sandwich met de tracklist ernaast juist in trackjes te verdelen, maar goed, het bleef analoog en het bleef moeilijk) en een andere upload van dit nummer van een paar jaar later suggereert dat er voor het moment suprème dat voor mij I Love My Wife and Kids and I Go to Church ís nog van alles vooraf gaat. Dat kan zomaar inderdaad, het is immers Psycodrama (zoals het op de tracklist van Garbage Sandwich gespeld was; de andere upload gebruikt de gangbaardere maar in deze context onjuiste schrijfwijze Psychodrama) en deze groep avant-gardistische rednecks deed modderige en volstrekt bizarre outsider music met drumcomputertjes, presets op synthesizers en een hoop dronken gelal. Ik moet zeggen, ook in de context/met de context van die vier extra minuten blijft dit een pareltje en ergens zelfs maakt het contrast met de drumcomputers en het gelal en een hoop vaag gekletter de hele afsluiting nóg effectiever. Hoe dan ook blijft dit korte, fragmentarische stukje muziek met vals gierend orgeltje en die mysterieuze, vervreemdende tekst, zo intens gezongen, die in een paar zinnen een hele absurd, eenzame en beangstigende wereld schetst (“We were married inside a of a church all alone, and then we lived in the forest all alone / then I fathered a son and he went off to war, I don’t know if I’ll see him anymore / and then you died all alone, now I’m finally all alone / my wife is gone, my wife is gone”) absoluut beklemmend. Elke keer kippenvel.
68. Jô Hisaishi – Hana-bi (van Hana-bi, 1997)
Vorige notering: 67 (⇩-1)
Hier op Spotify
Hisaishi heeft een hoop prachtige dingen gedaan: voor Takeshi Kitano’s mooiste films verzorgde hij de muziek, maar hij was natuurlijk ook verantwoordelijk voor de soundtracks van Ghibli-klassiekers als Totoro en Spirited Away. Genoeg te kiezen dus, bij Hisaishi. Nu steekt één van zijn soundtracks echter wel met kop en schouders boven al zijn andere werk uit en dat is niet geheel ontoevallig de soundtrack van wat ik ook Kitano’s beste film vind: Hana-bi. Deze film heb ik overigens vorig jaar eindelijk op Blu-ray aangeschaft, wat een mooie gelegenheid was om hem weer eens te zien en… óh, wat stak ‘ie toch mooi af tegen de brakke DVD die ik had staan. Hisaishi’s soundtrack was nog even mooi als altijd, eenzaam en droevig, met die aanzwellende strijkers die de breekbaarheid van de karakters in de film nog zo mooi punctueren. Een scene uit Hana-bi was overigens (ook alweer jaren geleden in ook al zo’n leuk topic) mijn gekozen filmfragment voor MuMe Zomergasten. Het belang van deze film en zijn soundtrack voor mij zijn niet te overschatten.
67. John Zorn – Tears of Morning (van Filmworks XIX: The Rain Horse, 2008)
Vorige notering: 60 (⇩-7)
Hier op Spotify
Rob Burger had, na als kind verplicht pianolessen te moeten volgen, een hekel aan het instrument gekregen, maar John Zorn wist hem toch te overtuigen de toetsen weer te beroeren en dat deed Rob voor Filmworks XIX: The Rain Horse – en niet zomaar, want het had deze prachtige soundtrack, voor een korte Russische animatiefilm, tot resultaat. Natuurlijk laveert de plaat tussen de meest wonderbaarlijke melodieuze momentjes en tegendraadse dissonantie en voor al die kanten van Zorn heb ik wel een plekje in mijn hart, maar als ‘ie zo simpelweg en ongecompliceerd mooi uit de hoek komt als op de openingstrack, dan is ‘ie wel op zijn best.
66. Oneohtrix Point Never – Sticky Drama (van Garden of Delete, 2015)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Ik heb bij elk ander nummer waarvoor ik een stukje schrijf de neiging te zeggen dat ik het moeilijk kiezen vind en… ja, natúúrlijk is dat bij duizendpoot Daniel Lopatin zo. Zelfs alleen al onder de naam Oneohtrix Point Never heeft hij zwaar uiteenlopend werk gemaakt en heel veel daarvan is fantastisch (ook de laatste worp, Again, is weer uitstekend, vind ik). Ik heb de keuze daarom laten vallen op iets wat in veel opzichten nog het meest van wat Lopatin gedaan heeft een líedje is, al was het ook de track die, toen Garden of Delete uitkwam, gewoon meteen de meeste indruk op mij wist te maken. Sticky Drama gaat van hooggepitchte glitchpoppy momentjes tot aan minimalistische cybermetal en is ondanks/dankzij* al zijn inventiviteit en unieke sound design zo catchy en memorabel als maar zijn kan.
* doorstrepen wat niet van toepassing is
En natuurlijk de bijgewerkte playlist op Spotify (zonder Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke en Psycodrama).
2
geplaatst: 9 januari 2024, 07:55 uur
65. BIBI – Very, Slowly (van Twenty-Five Twenty-One, 2022)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Very, Slowly, of hoe belangrijk interpunctie is. Want wie pauseert er nou niet even middenin die titel? Ik wel, elke keer. Very, Slowly gáát very, slowly – het is een ingetogen, dreampoppy nummer met haast shoegazy karakter, zoals dat refrein heel voorzichtig, heel zachtjes, heel ingetogen – maar toch – ruist. Het was een sleutelnummer in K-drama Twenty-Five Twenty-One, een spectaculair goede coming-of-age-serie over de ontluikende liefde tussen een schermtalent en een jonge journalist eind jaren ’90. Net als Blue Bird iets lager op deze lijst is ook Very, Slowly elke keer weer even het kippenvel van deze godsgruwelijk mooie serie mogen voelen (en hoe gaat dat beter dan met het kippenvel dat je al vanzelf van zo’n godsgruwelijk mooi liedje krijgt?).
64. David Wise – Stickerbush Symphony (van Donkey Kong Country, 1995)
Vorige notering: geen
Niet op Spotify, Bandcamp of Soundcloud
Checkpoint.
Het hypnotiserende Stickerbush Symphony, in een uurlange edit en vergezeld door al even hypnotiserende video, geüpload door taia777 (deze upload bestaat inmiddels helaas niet meer), werd in 2020 een verzamelplaats voor mensen die in de YouTube comments kwamen vertellen hoe het met ze was.
Het werd in deze comments sections steeds drukker en metafysischer en meer wholesome:
Het was een uniek internetmomentje waarin alles op de één of andere manier samenviel, waar mensen collectief hun zorgen en eenzaamheid konden delen, elkaar digitaal een hart onder de riem konden steken. Dat Stickerbush Symphony een checkpoint werd is niet verrassend, vind ik; de nostalgie die in deze track haast tastbaar is doet je hunkeren naar broeierige zomermiddagen doorgebracht op de SNES met je beste vriend en een glas ijskoude prik, in het donker onder voorbijglijdend lantaarnlicht wegdoezelen op de achterbank op de terugweg van een herfstige zondag bij je oma, voor dag en dauw wakker worden op nieuwjaarsdag en in de vrieskou door de lege straten struinen, wolkjes in alle vormen en maten de helderblauwe winterlucht in ademend.
Nostalgie naar Donkey Kong Country heb ik dan weer helemaal niet: ik heb deze game als kind nooit gespeeld en had Stickerbush Symphony dan ook nooit eerder gehoord. Toch is deze track heel erg speciaal, zowel omdat het een fantastische compositie is als om alle associaties eromheen. Stickerbush Symphony was een tijdje de soundtrack voor mijn leven, stond op als ik lessen aan het voorbereiden was of e-mails wegwerkte of vergaderingen voorbereidde. Daarmee is zelfs die periode nu door een prettige nostalgie gekleurd, hoe ver verwijderd ook van de zorgeloosheid van een lang vervlogen jeugd die het nummer óók oproept. Magisch ja, zeker.
63. Boris – 03feedbacker (van Boris at Last -Feedbacker-, 2003)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Heeft het zin één track van Feedbacker, meer een compositie van albumlengte op zich, op te nemen in deze lijst? Jazeker, want in deel drie gaat het helemaal los. De vieze, ranzige, walgelijke, vettige, smerige, genadeloos gore sound die op 1:04 uit de gitaar wordt gesleurd, ja, die is wel zo fantastisch dat een momentje kiezen dan opeens heel makkelijk wordt.
62. Team Syachihoko – J.A.N.A.I.C.A ([b]single, 2015)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Nog zo’n groepje bazen uit Japan, inmiddels (want volwassener?) omgedoopt tot Team Shachi (een syachihoko is overigens zo’n ding), dat zeker in het begin (in huize exsxesven) furore wist te maken met hun absoluut gestoorde J-pop. Debuut Himatsubushi (“de tijd doden”) was een wonderlijk amalgaam van allerlei gekte, met zes scholieren die in zes verschillende gekleurde outfits (nogal een thema in J-pop, trouwens) dan blasé en dan gepassioneerd koerden, zongen en rapten over stuiterpop, haperende beats en gierende gitaren. Volkomen gestoord, wat ook wel zichtbaar was in de bijbehorende clips met allerlei vervreemdende en hilarische beelden en scènes.
Nog even twijfelde ik Tensai Bakabon in plaats van J.A.N.A.I.C.A. in de lijst te zetten – een song die in de coupletten een soort kleuterliedje is om in de refreinen met 300bpm helemaal los te gaan – maar J.A.N.A.I.C.A. is meer over de hele linie geslaagd. Een typisch, stilistisch gezien, maar geniaal J-pop-nummer, lekker hyper en over the top en enthousiast, met ontzettend catchy hooks en een absurd memorabel en meezingbaar (“Maar het is Japans!” “Ik weet het!”) refrein. Ik zou echter iedereen tekort doen door niet ook de geniale songtekst te noemen. Het ging zo: ik had de clip van dit nummer een keer aanstaan op de televisie en per ongeluk, blijkbaar, de ondertitels aangezet. Te veel werk om uit te zetten, dus maar aan laten staan, en wat een happy accident was dat. J.A.N.A.I.C.A. blijkt namelijk onder die suikerlaag briljante en briljant grappige maatschappijkritische en tongue-in-cheek nihilistische teksten te hebben, á la “I hate being a stay-at-home mum, I’m going to lie around with no make-up on” en “After entering into a 35-year homeowner’s loan my wife controls the family finances”.
En dan nog even de titel: J.A.N.A.I.C.A. is geen misspelling van Jamaica maar een referentie naar Ee Jai Na Ka (volgens Wikipedia in het Engels zoiets als “isn’t it good?”), een reeks vieringen die als sociaal en politiek protest diende in negentiende-eeuws Japan. Dat past dan wel weer bij dit ogenschijnlijk zo zorgeloos gezellige liedje met stiekem subversief karakter.
61. Stelios Kazantzidis – Efyge Efyge ([b]single, 1966)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Met dank aan The Wire, sowieso natuurlijk al één van de beste series ooit gemaakt, waarin in misschien wel het beste seizoen (ja, ik heb echt een ongelooflijke zwak voor seizoen 2) Efyge Efyge de muzikale inkleuring van één van de meest hartverscheurende scenes in een TV-serie ooit verzorgt. Het kan natuurlijk niet anders dat, als je zo’n nummer in die context leert kennen, het je bij de kladden grijpt. Efyge Efyge (“Ze is weg, ze is weg”), van de Griekse zanger Stelios Kazantzidis en verreweg het oudste nummer in mijn lijst, blijft ook van zichzelf fier overeind en het is mij ergens een raadsel dat dit nummer niet nog veel meer cultstatus verworven heeft gezien de cultstatus die The Wire zelf wel heeft en het simpele feit dat dit nummer echt briljant is. Dat orgeltje dat maar doorgiert, dat stuurse ritme, Stelios die zijn pijn zo enerzijds beheerst en zo anderzijds krachtig de microfoon inslingert, geniaal.
En de bijgewerkte playlist, zonder Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama en David Wise.
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Very, Slowly, of hoe belangrijk interpunctie is. Want wie pauseert er nou niet even middenin die titel? Ik wel, elke keer. Very, Slowly gáát very, slowly – het is een ingetogen, dreampoppy nummer met haast shoegazy karakter, zoals dat refrein heel voorzichtig, heel zachtjes, heel ingetogen – maar toch – ruist. Het was een sleutelnummer in K-drama Twenty-Five Twenty-One, een spectaculair goede coming-of-age-serie over de ontluikende liefde tussen een schermtalent en een jonge journalist eind jaren ’90. Net als Blue Bird iets lager op deze lijst is ook Very, Slowly elke keer weer even het kippenvel van deze godsgruwelijk mooie serie mogen voelen (en hoe gaat dat beter dan met het kippenvel dat je al vanzelf van zo’n godsgruwelijk mooi liedje krijgt?).
64. David Wise – Stickerbush Symphony (van Donkey Kong Country, 1995)
Vorige notering: geen
Niet op Spotify, Bandcamp of Soundcloud
Checkpoint.
Het hypnotiserende Stickerbush Symphony, in een uurlange edit en vergezeld door al even hypnotiserende video, geüpload door taia777 (deze upload bestaat inmiddels helaas niet meer), werd in 2020 een verzamelplaats voor mensen die in de YouTube comments kwamen vertellen hoe het met ze was.
Going to school in a week. Finally was able to get in touch with a friend.
Het werd in deze comments sections steeds drukker en metafysischer en meer wholesome:
Now that we are here, is time to face everything, put all your fears aside and forget everything but your will to fight and continue with the life you want to live. Fight with all your strenght and never give up. See you in the other side
Life has boss fights and those bosses take many forms it could be a math test, a world championship, or many others just never forget your save file.
Het was een uniek internetmomentje waarin alles op de één of andere manier samenviel, waar mensen collectief hun zorgen en eenzaamheid konden delen, elkaar digitaal een hart onder de riem konden steken. Dat Stickerbush Symphony een checkpoint werd is niet verrassend, vind ik; de nostalgie die in deze track haast tastbaar is doet je hunkeren naar broeierige zomermiddagen doorgebracht op de SNES met je beste vriend en een glas ijskoude prik, in het donker onder voorbijglijdend lantaarnlicht wegdoezelen op de achterbank op de terugweg van een herfstige zondag bij je oma, voor dag en dauw wakker worden op nieuwjaarsdag en in de vrieskou door de lege straten struinen, wolkjes in alle vormen en maten de helderblauwe winterlucht in ademend.
Nostalgie naar Donkey Kong Country heb ik dan weer helemaal niet: ik heb deze game als kind nooit gespeeld en had Stickerbush Symphony dan ook nooit eerder gehoord. Toch is deze track heel erg speciaal, zowel omdat het een fantastische compositie is als om alle associaties eromheen. Stickerbush Symphony was een tijdje de soundtrack voor mijn leven, stond op als ik lessen aan het voorbereiden was of e-mails wegwerkte of vergaderingen voorbereidde. Daarmee is zelfs die periode nu door een prettige nostalgie gekleurd, hoe ver verwijderd ook van de zorgeloosheid van een lang vervlogen jeugd die het nummer óók oproept. Magisch ja, zeker.

63. Boris – 03feedbacker (van Boris at Last -Feedbacker-, 2003)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Heeft het zin één track van Feedbacker, meer een compositie van albumlengte op zich, op te nemen in deze lijst? Jazeker, want in deel drie gaat het helemaal los. De vieze, ranzige, walgelijke, vettige, smerige, genadeloos gore sound die op 1:04 uit de gitaar wordt gesleurd, ja, die is wel zo fantastisch dat een momentje kiezen dan opeens heel makkelijk wordt.
62. Team Syachihoko – J.A.N.A.I.C.A ([b]single, 2015)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Nog zo’n groepje bazen uit Japan, inmiddels (want volwassener?) omgedoopt tot Team Shachi (een syachihoko is overigens zo’n ding), dat zeker in het begin (in huize exsxesven) furore wist te maken met hun absoluut gestoorde J-pop. Debuut Himatsubushi (“de tijd doden”) was een wonderlijk amalgaam van allerlei gekte, met zes scholieren die in zes verschillende gekleurde outfits (nogal een thema in J-pop, trouwens) dan blasé en dan gepassioneerd koerden, zongen en rapten over stuiterpop, haperende beats en gierende gitaren. Volkomen gestoord, wat ook wel zichtbaar was in de bijbehorende clips met allerlei vervreemdende en hilarische beelden en scènes.
Nog even twijfelde ik Tensai Bakabon in plaats van J.A.N.A.I.C.A. in de lijst te zetten – een song die in de coupletten een soort kleuterliedje is om in de refreinen met 300bpm helemaal los te gaan – maar J.A.N.A.I.C.A. is meer over de hele linie geslaagd. Een typisch, stilistisch gezien, maar geniaal J-pop-nummer, lekker hyper en over the top en enthousiast, met ontzettend catchy hooks en een absurd memorabel en meezingbaar (“Maar het is Japans!” “Ik weet het!”) refrein. Ik zou echter iedereen tekort doen door niet ook de geniale songtekst te noemen. Het ging zo: ik had de clip van dit nummer een keer aanstaan op de televisie en per ongeluk, blijkbaar, de ondertitels aangezet. Te veel werk om uit te zetten, dus maar aan laten staan, en wat een happy accident was dat. J.A.N.A.I.C.A. blijkt namelijk onder die suikerlaag briljante en briljant grappige maatschappijkritische en tongue-in-cheek nihilistische teksten te hebben, á la “I hate being a stay-at-home mum, I’m going to lie around with no make-up on” en “After entering into a 35-year homeowner’s loan my wife controls the family finances”.
En dan nog even de titel: J.A.N.A.I.C.A. is geen misspelling van Jamaica maar een referentie naar Ee Jai Na Ka (volgens Wikipedia in het Engels zoiets als “isn’t it good?”), een reeks vieringen die als sociaal en politiek protest diende in negentiende-eeuws Japan. Dat past dan wel weer bij dit ogenschijnlijk zo zorgeloos gezellige liedje met stiekem subversief karakter.
61. Stelios Kazantzidis – Efyge Efyge ([b]single, 1966)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Met dank aan The Wire, sowieso natuurlijk al één van de beste series ooit gemaakt, waarin in misschien wel het beste seizoen (ja, ik heb echt een ongelooflijke zwak voor seizoen 2) Efyge Efyge de muzikale inkleuring van één van de meest hartverscheurende scenes in een TV-serie ooit verzorgt. Het kan natuurlijk niet anders dat, als je zo’n nummer in die context leert kennen, het je bij de kladden grijpt. Efyge Efyge (“Ze is weg, ze is weg”), van de Griekse zanger Stelios Kazantzidis en verreweg het oudste nummer in mijn lijst, blijft ook van zichzelf fier overeind en het is mij ergens een raadsel dat dit nummer niet nog veel meer cultstatus verworven heeft gezien de cultstatus die The Wire zelf wel heeft en het simpele feit dat dit nummer echt briljant is. Dat orgeltje dat maar doorgiert, dat stuurse ritme, Stelios die zijn pijn zo enerzijds beheerst en zo anderzijds krachtig de microfoon inslingert, geniaal.
En de bijgewerkte playlist, zonder Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama en David Wise.
2
geplaatst: 9 januari 2024, 08:04 uur
The Wire seizoen 2 is ook mijn favo seizoen, wat een serie zeg. Lang geleden, misschien weer een keer herbekijken
Eindelijk iets wat ik ken
Eindelijk iets wat ik ken
4
geplaatst: 10 januari 2024, 08:10 uur
60. Clipping. – La Mala Ordina (van There Existed an Addiction to Blood, 2019)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Ook La Mala Ordina was dus één van de tracks die me vergezelde op mijn ochtendwandelingen door een crisp, koud Londen. Tot dan toe had ik Clipping. nooit echt boeiend gevonden, ondanks alle associaties en links met noise (William Hutson en Jonathan Snipes vormden ooit noise-unit Unnecessary Surgery, waarvan ik het enige 3”-je zelfs nog in de kast heb staan). Op La Mala Ordina werden de links met noise wel héél expliciet, want deze track kende een featuring van harsh noise wall-held The Rita. Potdomme toch maar weer eens een kans geven dus. Gelukkig maar, want La Mala Ordina is en blijft mijn favoriete Clipping.-track, al vind ik Visions of Bodies Being Burned met gemak de superieure plaat. La Mala Ordina is echter zo’n genot: hoe het de vibe van een goeie Argento-film ademt, hoe alles zo ontzettend slim en satisfying is opgebouwd, hoe de track al naar gelang hij voortduurt begint te disintegreren, hoe ‘ie eindigt op gewoon keihard bijna twee minuten knetterende harsh noise wall. Briljant.
59. The Chariot – David de la Hoz (van Long Live, 2010)
Vorige notering: 28 (⇩-31)
Hier op Spotify
David de la Hoz is een soort proggy hardcoremeesterwerkje dat in zijn paar minuutjes en met een zootje gastartiesten door allerlei sferen en thema’s trekt, van razende, ziedende hardcore tot spoken word, van een ultrabrute breakdown tot een piano-harp-accordeon-outro. Zo dat op plaat al briljant was is de livevertolking die als videoclip fungeert natuurlijk nog de kers op de hardcoretaart (“Release the balloons!”). Bij het album waar dit nummer vandaan komt staat nog een korte recensie die eigenlijk alles wel noemt wat aan The Chariot zo fantastisch is:
En ook David de la Hoz kon toen al op mijn lof rekenen:
Het is inmiddels tien jaar later en ik denk er nog exact hetzelfde over. Een bewijs van de blijvende kracht van dit fantastische nummer.
58.ryo feat. Miku Hatsune – Black Rock Shooter -2M Mix- (single, 2009)
Vorige notering: geen (maar Yellow stond op 18, dus ⇩-40 voor ryo en Miku)
Niet op Spotify, Bandcamp of Soundcloud
Vorige keer stond het ook briljante Yellow in de lijst, maar ik ben er (voorlopig, editie 2023) over uit: Black Rock Shooter -2M Mix- is nog beter. Ook een productie van ryo met vocalen van ’s werelds bekendste vocaloid Miku Hatsune. Black Rock Shooter is een mega-epische, stevig voortstuwende pianorocker met een wikipagina vol lore en feitjes die wel heel diep gaan en gelukkig totaal niet nodig zijn om van dit nummer te genieten (ik kwam dit alles pas tegen in mijn research voor deze toplijst). Ik wist namelijk wel dat het vaag iets met een anime te maken had (een opener misschien? Maar ja, alsof dat zo ongehoord is…) maar blijkbaar is het zelfs zo dat het karakter dat voor dit nummer verzonnen is – dat dus Black Rock Shooter heet, het karakter – twee jaar na publicatie van het oorspronkelijke nummer geleid heeft tot een éigen anime. Ik hou nog steeds niet van anime, dus wat heb je eraan, maar goed, leuke feiten voor de mensen. Hoe dan ook is dit een J-pianorocker van de bovenste plank met superfijn nét uncanny gepiep van Miku.
Oh, rest me nog te zeggen dat de 2M Mix (d.d. 2009) een iets beter klinkende versie is van het origineel dankzij live-instrumentatie en een iets recentere Miku-software-package.
57. Converge – Concubine (van Jane Doe, 2001)
Vorige notering: 8 (⇩-49)
Hier op Spotify
Bij Jane Doe plaatste ik in 2011 het volgende bericht:
Natuurlijk met een korrel zout te nemen, maar ik blijf erbij: bij het uiterst geniale en ultrakorte Concubine verbleekt de rest van Jane Doe toch wel een beetje. Converge maakt(e) altijd een heerlijke en unieke vorm van wat we tegenwoordig blijkbaar weer metalcore noemen (en wat toch niets te maken heeft met de metalcore van de vroege 90s, of ben ik nou gek?), in het geval van Converge namelijk met veel meer core dan metal. Niet om andere bands er hier van langs te gaan geven, daar zijn we hier niet voor, maar veel (moderne) bands die uit een vergelijkbaar vaatje tappen als Converge (Young and in the Way, Trap Them, All Pigs Must Die) zijn mij vaak te log en te metaal. Converge klonk altijd vooral als een wel heel furieuze hardcoreband en Concubine is, ook inmiddels ruim 20 jaar later, nog steeds de band op haar best.
56. Charli XCX – Claws (van how i’m feeling now, 2020)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
“I like, I like, I like, I like everything about you”. Ik weet niet of er liedjes zijn die verliefdheid beter om hebben weten te zetten in muziek dan Claws (vooruit, You Make It Look So Easy moet nog komen (spoiler) en deze twee verdienen daarin wellicht de gedeelde eerste plaats). Dat is nogal een statement na inmiddels haast 30 jaar persoonlijke muziek(belevings)geschiedenis en nog een aantal decennia/eeuwen/millennia meer daadwerkelijke muziekgeschiedenis, maar het is gewoon zo. Vanochtend (ik schrijf dit op 20 oktober 2023) had ik hem weer opstaan en dacht, damn, dit liedje zal maar voor je geschreven zijn. Chunky, clunky, schuchter, rafelig, ruw als een ongeslepen diamant, euforisch – Claws luisteren is vlinders in je buik voelen.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (zonder Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise en ryo + Miku).
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Ook La Mala Ordina was dus één van de tracks die me vergezelde op mijn ochtendwandelingen door een crisp, koud Londen. Tot dan toe had ik Clipping. nooit echt boeiend gevonden, ondanks alle associaties en links met noise (William Hutson en Jonathan Snipes vormden ooit noise-unit Unnecessary Surgery, waarvan ik het enige 3”-je zelfs nog in de kast heb staan). Op La Mala Ordina werden de links met noise wel héél expliciet, want deze track kende een featuring van harsh noise wall-held The Rita. Potdomme toch maar weer eens een kans geven dus. Gelukkig maar, want La Mala Ordina is en blijft mijn favoriete Clipping.-track, al vind ik Visions of Bodies Being Burned met gemak de superieure plaat. La Mala Ordina is echter zo’n genot: hoe het de vibe van een goeie Argento-film ademt, hoe alles zo ontzettend slim en satisfying is opgebouwd, hoe de track al naar gelang hij voortduurt begint te disintegreren, hoe ‘ie eindigt op gewoon keihard bijna twee minuten knetterende harsh noise wall. Briljant.
59. The Chariot – David de la Hoz (van Long Live, 2010)
Vorige notering: 28 (⇩-31)
Hier op Spotify
David de la Hoz is een soort proggy hardcoremeesterwerkje dat in zijn paar minuutjes en met een zootje gastartiesten door allerlei sferen en thema’s trekt, van razende, ziedende hardcore tot spoken word, van een ultrabrute breakdown tot een piano-harp-accordeon-outro. Zo dat op plaat al briljant was is de livevertolking die als videoclip fungeert natuurlijk nog de kers op de hardcoretaart (“Release the balloons!”). Bij het album waar dit nummer vandaan komt staat nog een korte recensie die eigenlijk alles wel noemt wat aan The Chariot zo fantastisch is:
De eerste plaat die ik ooit van The Chariot in huis haalde was het debuut - een plaat die ik koester, maar die toch een aanzienlijk ander geluid laat horen: veel logger en doffer, voornamelijk. Op Long Live wordt alles uit de kast gehaald en het tempo een aantal versnellingen opgeschroefd, wat vaak ultiem heerlijk doorraggende, vuig piepende hardcore oplevert. Manische drums, een zanger die zich het bloed uit de longen schreeuwt en de voortsuizende feedback van de gitaren: voor de liefhebber van chaotische, moderne (maar uiterst analoge!) hardcore is het een kleddernatte dream come true.
En ook David de la Hoz kon toen al op mijn lof rekenen:
Als ik het over hardcore of verwante genres en stijlen heb heb ik het vaak over momentjes: dat klinkt dan misschien wat lullig als je het zo hoort, maar ik hecht nu eenmaal veel waarde aan die kleine briljantjes aan breaks, tempowisselingen en uitbarstingen die van een goede plaat een geniale kunnen maken. […] David de la Hoz is één en al momentjes: van de razende opening, via de haast spoken word bijdrage van Listener, doorheen de brute breakdown, en richting de afsluitende piano en harp: ik trap elke keer weer gewelddadig door de huiskamer heen bij dit stukje genialiteit (tip: kijk ook eens de clip).
Het is inmiddels tien jaar later en ik denk er nog exact hetzelfde over. Een bewijs van de blijvende kracht van dit fantastische nummer.
58.ryo feat. Miku Hatsune – Black Rock Shooter -2M Mix- (single, 2009)
Vorige notering: geen (maar Yellow stond op 18, dus ⇩-40 voor ryo en Miku)
Niet op Spotify, Bandcamp of Soundcloud
Vorige keer stond het ook briljante Yellow in de lijst, maar ik ben er (voorlopig, editie 2023) over uit: Black Rock Shooter -2M Mix- is nog beter. Ook een productie van ryo met vocalen van ’s werelds bekendste vocaloid Miku Hatsune. Black Rock Shooter is een mega-epische, stevig voortstuwende pianorocker met een wikipagina vol lore en feitjes die wel heel diep gaan en gelukkig totaal niet nodig zijn om van dit nummer te genieten (ik kwam dit alles pas tegen in mijn research voor deze toplijst). Ik wist namelijk wel dat het vaag iets met een anime te maken had (een opener misschien? Maar ja, alsof dat zo ongehoord is…) maar blijkbaar is het zelfs zo dat het karakter dat voor dit nummer verzonnen is – dat dus Black Rock Shooter heet, het karakter – twee jaar na publicatie van het oorspronkelijke nummer geleid heeft tot een éigen anime. Ik hou nog steeds niet van anime, dus wat heb je eraan, maar goed, leuke feiten voor de mensen. Hoe dan ook is dit een J-pianorocker van de bovenste plank met superfijn nét uncanny gepiep van Miku.
Oh, rest me nog te zeggen dat de 2M Mix (d.d. 2009) een iets beter klinkende versie is van het origineel dankzij live-instrumentatie en een iets recentere Miku-software-package.
57. Converge – Concubine (van Jane Doe, 2001)
Vorige notering: 8 (⇩-49)
Hier op Spotify
Bij Jane Doe plaatste ik in 2011 het volgende bericht:
Heerlijke plaat, hoor; enige nadeel is dat 'ie direct piekt met de nog geen anderhalve minuut durende manie die het absoluut goddelijke Concubine is, en dat dat niveau never everste nooit meer gehaald wordt (op deze plaat) of zou worden (elders in het oeuvre). De song waaraan de band zelf nog eens een voorbeeld moet nemen. Gaat niks meer overheen. Was Jane Doe Concubine, en duurde de plaat krap anderhalve minuut, dan kreeg 'ie 5* en mocht 'ie in m'n top 10. Jammer van de ruim 44 minuten (overigens zeer smaakvolle) filler.
Natuurlijk met een korrel zout te nemen, maar ik blijf erbij: bij het uiterst geniale en ultrakorte Concubine verbleekt de rest van Jane Doe toch wel een beetje. Converge maakt(e) altijd een heerlijke en unieke vorm van wat we tegenwoordig blijkbaar weer metalcore noemen (en wat toch niets te maken heeft met de metalcore van de vroege 90s, of ben ik nou gek?), in het geval van Converge namelijk met veel meer core dan metal. Niet om andere bands er hier van langs te gaan geven, daar zijn we hier niet voor, maar veel (moderne) bands die uit een vergelijkbaar vaatje tappen als Converge (Young and in the Way, Trap Them, All Pigs Must Die) zijn mij vaak te log en te metaal. Converge klonk altijd vooral als een wel heel furieuze hardcoreband en Concubine is, ook inmiddels ruim 20 jaar later, nog steeds de band op haar best.
56. Charli XCX – Claws (van how i’m feeling now, 2020)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
“I like, I like, I like, I like everything about you”. Ik weet niet of er liedjes zijn die verliefdheid beter om hebben weten te zetten in muziek dan Claws (vooruit, You Make It Look So Easy moet nog komen (spoiler) en deze twee verdienen daarin wellicht de gedeelde eerste plaats). Dat is nogal een statement na inmiddels haast 30 jaar persoonlijke muziek(belevings)geschiedenis en nog een aantal decennia/eeuwen/millennia meer daadwerkelijke muziekgeschiedenis, maar het is gewoon zo. Vanochtend (ik schrijf dit op 20 oktober 2023) had ik hem weer opstaan en dacht, damn, dit liedje zal maar voor je geschreven zijn. Chunky, clunky, schuchter, rafelig, ruw als een ongeslepen diamant, euforisch – Claws luisteren is vlinders in je buik voelen.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (zonder Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise en ryo + Miku).
1
geplaatst: 10 januari 2024, 08:32 uur
Lekkere update. Claws is ook mijn favo Charli track, onweerstaanbaar nummer, Concubine is een manische stoomwals van 80 seconden, en waarom verbaast het me nou niks dat La Mala Ordina jouw favo clipping. track is. Ik schommel zelf tussen Nothing Is Safe, Blood of the Fang en favoriet van het eerste uur Work Work.
De andere twee tracks in deze update ken ik niet, maar ik loop sowieso flink achter. Ik ga van het weekend rustig bijluisteren en -lezen.
De andere twee tracks in deze update ken ik niet, maar ik loop sowieso flink achter. Ik ga van het weekend rustig bijluisteren en -lezen.
1
geplaatst: 10 januari 2024, 09:25 uur
AAAAAA vanochtend heel toevallig nog naar how i'm feeling now geluisterd, LANDMARK LOCKDOWN RYM HOOD CLASSIC. Die plaat mag van mij zo in het rijtje Pet Sounds - Abbey Road - The Dark Side of the Moon. Wat jij, Koenr?
O ja, en
voor An Ending (Ascent), het mooiste ambient nummer ooit?
Ook Converge, Boris en clipping zijn nice!
O ja, en
voor An Ending (Ascent), het mooiste ambient nummer ooit?Ook Converge, Boris en clipping zijn nice!
3
geplaatst: 11 januari 2024, 12:16 uur
55. Jamie Saft Trio – Ezeqeel (van Astaroth: Book of Angels Vol.1, 2005)
Vorige notering: 30 (⇩-25)
Hier op Spotify
Bij het rondlezen op MuMe, op zoek naar oude reacties en meningen die ik bij de albums van de songs in deze top 100 ooit had geplaatst, kwam ik ook langs Astaroth, waar ik een bericht uit 2019 van de inmiddels vertrokken Soledad tegenkwam waarin hij een recentere pianotrioplaat uit de Book of Angels-serie, Flaga, onder de aandacht bracht. Die tip onderschrijf ik (en herhaal ik hier graag nog even) en ik heb er wel over gedacht één van mijn favoriete nummers van die plaat (Peliel of Machina) ook in deze lijst op te nemen. Toch staat Flaga (ook de naam van die supergroep met Craig Taborn, Christian McBride en Tyshawn Sorey) er niet in, maar staat Ezeqeel er wel weer in. Astaroth was één van de eerste pianotrioplaten die ik ooit hoorde en daarmee voor mij de gateway naar pianotrio’s in zijn algemeenheid. Tot dan toe had ik jazz altijd wel enthousiast verkend, maar omdat ik nooit veel met het geluid van de saxofoon had (en nog steeds niet), die wel heel alomwezig leek, werd het pas ware liefde toen ik ontdekte dat er veel meer was, zoals pianotrio’s dus (ook de trompet hoor ik trouwens graag, veel mooier dan de saxofoon). Nog steeds hoor ik mijn jazz het liefst in pianotriosetting. Ezeqeel, met zo ontzettend veel spelplezier en zo veel power, vind ik nog steeds het hoogtepunt van Astaroth en echt gewoon belachelijk lekker.
54. The Cherry Point – Hairy Ghosts 'Я' Dead (van Hairy Ghosts 'Я' Dead, 2004)
Vorige notering: 13 (⇩-41)
Niet op Spotify, Bandcamp of Soundcloud
Gierende, gure, spookachtige harsh noise op zijn top van de uiterst sympathieke Phil Blankenship. Geen bericht is hier beter op zijn plek dan dat wat ik in 2014 in het Noise-topic postte:
53. Hella – Yubacore (van Tripper, 2011)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Hella kende ik lang geleden al wel van het hartstikke leuke en gezellige (maar zeker niet verbluffende) Hold Your Horse Is, een plaatje dat ergens in de buurt van Lightning Bolt zat, maar niet dichtbij genoeg naar mijn smaak. Lightning Bolt was stukken heftiger en die power miste ik toch wel bij Hella. (Ook het artwork van Hold Your Horse Is, dat ik nog altijd spuuglelijk vind, hielp niet bij mijn waardering. Het is basic maar het is ook gewoon waar.) Hella volgde ik dus niet echt en ik weet nog wel dat Tripper in 2011 uitkwam maar ook dat ik de bewuste keuze maakte deze niet te gaan draaien. Gelukkig ben ik daar later van teruggekomen, want niet alleen is Tripper als geheel geweldig (met dito artwork dit keer, al is de typografie matig), het bevat ook nog eens het meesterwerkje Yubacore, met nerveuze gitaartjes en nerveuze drums en nerveuze alles en een hortend en stotend ritme en nog meer nerveuze gitaartjes die klinken alsof er ergens een alarm klinkt en oh god oh god wat is er aan de hand en oh god de zenuwen en oh god oh god, mijn god wat een bazentrack!
52. Smog – Let Me See the Colts (van A River Ain’t Too Much to Love, 2005)
Vorige notering: 16 (⇩-36)
Hier op Spotify
De loomheid van heel A River Ain’t Too Much to Love is echt werelds. Geen plaat in mijn kast die zo klinkt alsof ‘ie ergens in Nowheresville in zijn eentje te lang aan de toog heeft gehangen met zijn roodverbrande nek en nu, zó ver aan het einde van de nacht dat het alweer dag is, met een wollige kop door stoffige straten struint op zoek naar schaduw. Smog was altijd meer lo-fi (en soms iets minder, maar altijd wel wat), maar met A River… dook Bill keihard de lijzige americana in. En dat deed ‘ie góed. Smog was daarmee op zijn hoogtepunt en moest blijkbaar wel eindigen, want niet veel later hing Bill deze naam aan de dorre takken van een wilg en ging verder onder zijn eigen naam.
Let Me See the Colts is de prachtige afsluiter van A River…, die inzet met die pijnlijk mooie twang en die schuchtere gitaar, die gortdroge snaren waar het onvermijdelijke woestijnstof bij elke beroering vanaf trilt, en dan dat fundament van percussie dat Jim White legt, vol met roffeltjes en weifelingen. Uitendelijk zet Bill in, met zijn karakteristieke, diepe baritoon: “Knocked on your door at dawn, with a spark in my heart. Dragged you from your bed and said, Let me see the colts.” Ook deze dimensie van zichzelf verkent Bill op deze plaat uitgebreid: die van verhalenverteller, die van de man die net als Carson McCullers of Sherwood Anderson de nuance, de romantiek en de eenzaamheid van het kleindorpse, plattelandse Amerika zo treffend kan vatten. Bill had op geen mooiere wijze het boek van Smog kunnen sluiten.
51. Mutsumi – U Look Good And They Don’t (van Mutsumi, 2010)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
In de hoogtijdagen van de indierock, toen Funeral haast een perfecte score haalde op Pitchfork en het debuut van Clap Your Hands Say Yeah een kleine aardbeving van enthousiasme veroorzaakte, toen recenseerde Pitchfork óók het debuut van (toen) MU en diens opvolger en gaf deze intens hoge scores (een 8,2 voor de opvolger en maar liefst een 9,0 voor het debuut). Getriggerd door dit alles - plus de geweldige titels en het artwork - heb ik de opvolger destijds aangeschaft en het debuut ouderwets gepindakaast en kwamen deze zo beide zo rond 2005 in redelijk steady roulatie. Echte liefde werd het, op een paar tracks na, echter nooit. Het was te kaal, te vaag, te lang, met kil stuiterende beats en dat stuurse Engels van Mutsumi; ongrijpbaar en uiteindelijk niet echt boeiend genoeg.
Toen in 2010 dan ook uiteindelijk Mutsumi uitkwam, met al even kaal, vaag, ongrijpbaar artwork, liet ik deze derde worp maar aan me voorbijgaan. Waarom ik deze uiteindelijk in 2022 toch wel ben gaan draaien weet ik eigenlijk niet eens. In veel opzichten was het een logisch vervolg op de eerste twee platen: nog steeds ongrijpbaar, Mutsumi nog steeds met dat stuurse Engels en zelfs miauwend als een kat, met loeiende koeien en cowbells en kaal klappende beats in tracks van een onverklaarbare 6 minuten (van Mutsumi genoot ik in 2022 overigens veel meer dan van de eerste twee platen in 2005, voor de duidelijkheid). Tussen al deze vage tracks staat echter het nog geen drie minuten durende U Look Good And They Don’t, met natuurlijk al een geweldige titel én scheurende gitaar én razendsnel stuiterende drums én een agressief schreeuwende Mutsumi die Japans afwisselt met een belachelijk lekkere scheldpartij in het Engels. EAT! SHIT! MOTHER! FUCKER! Volstrekt gestoord en volstrekt geniaal.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku en The Cherry Point).
Vorige notering: 30 (⇩-25)
Hier op Spotify
Bij het rondlezen op MuMe, op zoek naar oude reacties en meningen die ik bij de albums van de songs in deze top 100 ooit had geplaatst, kwam ik ook langs Astaroth, waar ik een bericht uit 2019 van de inmiddels vertrokken Soledad tegenkwam waarin hij een recentere pianotrioplaat uit de Book of Angels-serie, Flaga, onder de aandacht bracht. Die tip onderschrijf ik (en herhaal ik hier graag nog even) en ik heb er wel over gedacht één van mijn favoriete nummers van die plaat (Peliel of Machina) ook in deze lijst op te nemen. Toch staat Flaga (ook de naam van die supergroep met Craig Taborn, Christian McBride en Tyshawn Sorey) er niet in, maar staat Ezeqeel er wel weer in. Astaroth was één van de eerste pianotrioplaten die ik ooit hoorde en daarmee voor mij de gateway naar pianotrio’s in zijn algemeenheid. Tot dan toe had ik jazz altijd wel enthousiast verkend, maar omdat ik nooit veel met het geluid van de saxofoon had (en nog steeds niet), die wel heel alomwezig leek, werd het pas ware liefde toen ik ontdekte dat er veel meer was, zoals pianotrio’s dus (ook de trompet hoor ik trouwens graag, veel mooier dan de saxofoon). Nog steeds hoor ik mijn jazz het liefst in pianotriosetting. Ezeqeel, met zo ontzettend veel spelplezier en zo veel power, vind ik nog steeds het hoogtepunt van Astaroth en echt gewoon belachelijk lekker.
54. The Cherry Point – Hairy Ghosts 'Я' Dead (van Hairy Ghosts 'Я' Dead, 2004)
Vorige notering: 13 (⇩-41)
Niet op Spotify, Bandcamp of Soundcloud
Gierende, gure, spookachtige harsh noise op zijn top van de uiterst sympathieke Phil Blankenship. Geen bericht is hier beter op zijn plek dan dat wat ik in 2014 in het Noise-topic postte:
Er was eens...
...een hele uitstekende harsh-noiserelease van The Cherry Point, oftewel Phil, die aardige knakker die ook het al te toffe Troniks runt. Via het destijds nog actieve en populaire TerrorNoiseAudio - althans, zo meen ik me te herinneren, misschien was het wel een andere noiseblog? - kwam ik een download van dit al te gelimiteerde kleinood tegen, en binnen de kortste keren was het ding tot één van mijn lievelingsharshnoisereleases verworden, zoals ook mag blijken uit mijn 5*-lijstje alhier, waar Hairy Ghosts R Dead tezamen met slechts een klein aantal andere noisy meesterwerken - Quietus, Senzuri Power Up, Modern natuurlijk - te vinden is.
En tja, als je zo'n release dan he-le-maal fantastisch vindt, dan wil je hem natuurlijk hebben ook. Maar zie dat maar eens voor elkaar te krijgen met zoiets: Hairy Ghosts R Dead stamde uit 2004 - toen al een jaar of 4, 5 geleden, denk ik - en was bovendien gelimiteerd tot 11 danwel 18 stuks (ligt eraan of je Discogs gelooft of Phil z'n eigen website; overigens weet ik inmiddels dat er op de inlay staat dat het er elf zijn). Beetje rondvragen ga je dan natuurlijk op al je noiseresources, waarop je erachter komt dat al die elf exemplaren natuurlijk allang gelukkige eigenaars hebben die er nooit meer vanaf willen, en dat je bovendien niet eens de enige bent die er naarstig naar op zoek is - nog los van andere MuMe-noisers die het plaatje ook erg tof vonden was er ook nog Hannes van Concrete Threat die op drie items na - waaronder Hairy Ghosts - een complete TCP-collectie had; mocht er dus ooit een exemplaar te koop komen dan zou dat dus nog een aardige biedwedstrijd kunnen opleveren. Wat doe je dan? Tja, je gooit het ding in je Discogs-wantlist en hoopt, tegen beter weten in, op het beste.
Vast ochtendritueel, al jaren: eerst eventjes m'n vaste Discogs-mailtje lezen waarin netjes alle dingen die in mijn wantlist staan en die in de afgelopen 24 uur te koop zijn gezet, worden vermeld. Zo af en toe kom je dan wat tofs tegen, maar dat dat dan ook nog eens Hairy Ghosts zou kunnen zijn, tja, dat durf je bijna niet te hopen. Eind 2010 gaat er echter blijkbaar wat kriebelen bij Phil, die zijn volledige stock - label items en alle andere distro - probeert te slijten door (even graven, ik meen) 10 items voor $25 shipped aan te bieden. Blijkbaar wil hij van zijn spul af, en al die dingen vinden dan ook flinke aftrek. Dat hij echter zijn eigen verzameling TCP-releases van de hand zou doen had niemand durven raden. Toch gebeurt het.
Om een uur of 9 's ochtends, op 15 november 2010, kom ik net met een bakje koffie mijn kantoortje op de uni binnenvallen en start mijn computer in alle gemak op, om zodra dat gebeurd is eerst even een aantal minuten voor mijn ochtendritueel uit te trekken. Het Discogsmailtje is die dag echter maar klein; er staan maar twee items in. The Gerogerigegege/Pyosalpinx split 7" en, what the fuck, lees ik dat goed, Hairy Ghosts R Dead. What. The. Actual. Fuck. Voor $20 biedt Phil zijn ultrazeldzame schijfje te koop aan, en ik weet niet hoe snel ik op het Buy-knopje moet drukken. $20? Dat ding is voor mij. Ik waan me al in de noisehemel, maar zodra de Discogs-pagina geladen is geeft deze een droevige boodschap weer: dit item is niet langer te koop. Vol ongeloof ververs ik de pagina, en nog een keer, en nog een keer, maar de harde realiteit is helaas wel echt keihard: iemand anders heeft Hairy Ghosts al voor mijn neus weggesnaaid.
Aanvankelijk verdenk ik natuurlijk TCP-fanaat Hannes, maar ook die meldt dat hij net naast Hairy Ghosts gegrepen heeft. De daadwerkelijke koper blijkt een andere bekende: Gijs, op dat moment ook nog enthousiast lid van de noise-enclave op MuMe en bekend als 'Gallow' (onder artiestennaam Solak leverde hij nog een bijdrage een Metselwerken), is de gelukkige. Voor $20 en een paar dollar verzendkosten heeft hij Hairy Ghosts weten aan te schaffen. Zo dichtbij en toch zo ver weg; enerzijds is het fijn dat een andere MuMe-noiser het plaatje heeft bemachtigd, anderzijds had ik hem toch wel graag willen hebben. Onder het motto 'niet geschoten, altijd mis' bied ik Gijs een aardig bedrag om het schijfje over te nemen, maar helaas wil hij er geen afstand van doen. Jammer, maar het zij zo. Een jaar of twee later stuur ik hem nog eens een bod, maar ook dan helaas wederom geen succes. Niet veel later schrijft Gijs zich uit en is hij van MuMe verdwenen; dag Gijs, dag Solak, dag Hairy Ghosts.
Met Gijs zelf heb ik geen direct contact, maar Wouter/lambf heeft dat wel en via hem houd ik zijn verdere ontwikkelingen in de noisemakerij een beetje in de gaten. Dat vind ik immers altijd interessant, en de wall die hij voor de MuMe-HNW-comp opnam vond ik wel dermate geniaal dat ik ook reikhalzend uitkijk naar een eerste solo wapenfeit. Via Wouter verneem ik dat Gijs zijn krachten met iemand anders gebundeld heeft, en zo nu en dan krijg ik een update over hun op handen zijnde debuutcassette. Als die dan ook eindelijk beschikbaar komt - Endlessness Of Desire van Purging Light is dat dus - bestel ik die direct. Op de ochtend dat het linkje naar het album op MuMe verschijnt klik ik ernaartoe en gooi ik de tape blind in mijn digitale boodschappenmandje. Eindelijk. Vettttttttttt.
Wachten duurt dan lang, als je zin hebt in een vuig, guur tapeje aan noisy PE. Ik bestel de tape op maandag of dinsdag, maar het duurt nog tot zaterdag voor het pakje eindelijk aankomt. Het is op dat moment het enige pakje dat ik uit Nederland verwacht, dus als het op de deurmat belandt die dag is het ook direct duidelijk wat het is: hoezee, Purging Light! Ik scheur het pakje open en trek de tape eruit, maar bemerk dan plots dat er nog iets inzit: een slimline jewel case. Hey, tof, denk ik nog, extra materiaal! Maar wat er uit de envelop komt vallen overtreft mijn stoutste verwachtingen. What. The. Actual. Fuck.
Thanks dude
...een hele uitstekende harsh-noiserelease van The Cherry Point, oftewel Phil, die aardige knakker die ook het al te toffe Troniks runt. Via het destijds nog actieve en populaire TerrorNoiseAudio - althans, zo meen ik me te herinneren, misschien was het wel een andere noiseblog? - kwam ik een download van dit al te gelimiteerde kleinood tegen, en binnen de kortste keren was het ding tot één van mijn lievelingsharshnoisereleases verworden, zoals ook mag blijken uit mijn 5*-lijstje alhier, waar Hairy Ghosts R Dead tezamen met slechts een klein aantal andere noisy meesterwerken - Quietus, Senzuri Power Up, Modern natuurlijk - te vinden is.
En tja, als je zo'n release dan he-le-maal fantastisch vindt, dan wil je hem natuurlijk hebben ook. Maar zie dat maar eens voor elkaar te krijgen met zoiets: Hairy Ghosts R Dead stamde uit 2004 - toen al een jaar of 4, 5 geleden, denk ik - en was bovendien gelimiteerd tot 11 danwel 18 stuks (ligt eraan of je Discogs gelooft of Phil z'n eigen website; overigens weet ik inmiddels dat er op de inlay staat dat het er elf zijn). Beetje rondvragen ga je dan natuurlijk op al je noiseresources, waarop je erachter komt dat al die elf exemplaren natuurlijk allang gelukkige eigenaars hebben die er nooit meer vanaf willen, en dat je bovendien niet eens de enige bent die er naarstig naar op zoek is - nog los van andere MuMe-noisers die het plaatje ook erg tof vonden was er ook nog Hannes van Concrete Threat die op drie items na - waaronder Hairy Ghosts - een complete TCP-collectie had; mocht er dus ooit een exemplaar te koop komen dan zou dat dus nog een aardige biedwedstrijd kunnen opleveren. Wat doe je dan? Tja, je gooit het ding in je Discogs-wantlist en hoopt, tegen beter weten in, op het beste.
Vast ochtendritueel, al jaren: eerst eventjes m'n vaste Discogs-mailtje lezen waarin netjes alle dingen die in mijn wantlist staan en die in de afgelopen 24 uur te koop zijn gezet, worden vermeld. Zo af en toe kom je dan wat tofs tegen, maar dat dat dan ook nog eens Hairy Ghosts zou kunnen zijn, tja, dat durf je bijna niet te hopen. Eind 2010 gaat er echter blijkbaar wat kriebelen bij Phil, die zijn volledige stock - label items en alle andere distro - probeert te slijten door (even graven, ik meen) 10 items voor $25 shipped aan te bieden. Blijkbaar wil hij van zijn spul af, en al die dingen vinden dan ook flinke aftrek. Dat hij echter zijn eigen verzameling TCP-releases van de hand zou doen had niemand durven raden. Toch gebeurt het.
Om een uur of 9 's ochtends, op 15 november 2010, kom ik net met een bakje koffie mijn kantoortje op de uni binnenvallen en start mijn computer in alle gemak op, om zodra dat gebeurd is eerst even een aantal minuten voor mijn ochtendritueel uit te trekken. Het Discogsmailtje is die dag echter maar klein; er staan maar twee items in. The Gerogerigegege/Pyosalpinx split 7" en, what the fuck, lees ik dat goed, Hairy Ghosts R Dead. What. The. Actual. Fuck. Voor $20 biedt Phil zijn ultrazeldzame schijfje te koop aan, en ik weet niet hoe snel ik op het Buy-knopje moet drukken. $20? Dat ding is voor mij. Ik waan me al in de noisehemel, maar zodra de Discogs-pagina geladen is geeft deze een droevige boodschap weer: dit item is niet langer te koop. Vol ongeloof ververs ik de pagina, en nog een keer, en nog een keer, maar de harde realiteit is helaas wel echt keihard: iemand anders heeft Hairy Ghosts al voor mijn neus weggesnaaid.
Aanvankelijk verdenk ik natuurlijk TCP-fanaat Hannes, maar ook die meldt dat hij net naast Hairy Ghosts gegrepen heeft. De daadwerkelijke koper blijkt een andere bekende: Gijs, op dat moment ook nog enthousiast lid van de noise-enclave op MuMe en bekend als 'Gallow' (onder artiestennaam Solak leverde hij nog een bijdrage een Metselwerken), is de gelukkige. Voor $20 en een paar dollar verzendkosten heeft hij Hairy Ghosts weten aan te schaffen. Zo dichtbij en toch zo ver weg; enerzijds is het fijn dat een andere MuMe-noiser het plaatje heeft bemachtigd, anderzijds had ik hem toch wel graag willen hebben. Onder het motto 'niet geschoten, altijd mis' bied ik Gijs een aardig bedrag om het schijfje over te nemen, maar helaas wil hij er geen afstand van doen. Jammer, maar het zij zo. Een jaar of twee later stuur ik hem nog eens een bod, maar ook dan helaas wederom geen succes. Niet veel later schrijft Gijs zich uit en is hij van MuMe verdwenen; dag Gijs, dag Solak, dag Hairy Ghosts.
Met Gijs zelf heb ik geen direct contact, maar Wouter/lambf heeft dat wel en via hem houd ik zijn verdere ontwikkelingen in de noisemakerij een beetje in de gaten. Dat vind ik immers altijd interessant, en de wall die hij voor de MuMe-HNW-comp opnam vond ik wel dermate geniaal dat ik ook reikhalzend uitkijk naar een eerste solo wapenfeit. Via Wouter verneem ik dat Gijs zijn krachten met iemand anders gebundeld heeft, en zo nu en dan krijg ik een update over hun op handen zijnde debuutcassette. Als die dan ook eindelijk beschikbaar komt - Endlessness Of Desire van Purging Light is dat dus - bestel ik die direct. Op de ochtend dat het linkje naar het album op MuMe verschijnt klik ik ernaartoe en gooi ik de tape blind in mijn digitale boodschappenmandje. Eindelijk. Vettttttttttt.
Wachten duurt dan lang, als je zin hebt in een vuig, guur tapeje aan noisy PE. Ik bestel de tape op maandag of dinsdag, maar het duurt nog tot zaterdag voor het pakje eindelijk aankomt. Het is op dat moment het enige pakje dat ik uit Nederland verwacht, dus als het op de deurmat belandt die dag is het ook direct duidelijk wat het is: hoezee, Purging Light! Ik scheur het pakje open en trek de tape eruit, maar bemerk dan plots dat er nog iets inzit: een slimline jewel case. Hey, tof, denk ik nog, extra materiaal! Maar wat er uit de envelop komt vallen overtreft mijn stoutste verwachtingen. What. The. Actual. Fuck.
Thanks dude
53. Hella – Yubacore (van Tripper, 2011)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Hella kende ik lang geleden al wel van het hartstikke leuke en gezellige (maar zeker niet verbluffende) Hold Your Horse Is, een plaatje dat ergens in de buurt van Lightning Bolt zat, maar niet dichtbij genoeg naar mijn smaak. Lightning Bolt was stukken heftiger en die power miste ik toch wel bij Hella. (Ook het artwork van Hold Your Horse Is, dat ik nog altijd spuuglelijk vind, hielp niet bij mijn waardering. Het is basic maar het is ook gewoon waar.) Hella volgde ik dus niet echt en ik weet nog wel dat Tripper in 2011 uitkwam maar ook dat ik de bewuste keuze maakte deze niet te gaan draaien. Gelukkig ben ik daar later van teruggekomen, want niet alleen is Tripper als geheel geweldig (met dito artwork dit keer, al is de typografie matig), het bevat ook nog eens het meesterwerkje Yubacore, met nerveuze gitaartjes en nerveuze drums en nerveuze alles en een hortend en stotend ritme en nog meer nerveuze gitaartjes die klinken alsof er ergens een alarm klinkt en oh god oh god wat is er aan de hand en oh god de zenuwen en oh god oh god, mijn god wat een bazentrack!
52. Smog – Let Me See the Colts (van A River Ain’t Too Much to Love, 2005)
Vorige notering: 16 (⇩-36)
Hier op Spotify
De loomheid van heel A River Ain’t Too Much to Love is echt werelds. Geen plaat in mijn kast die zo klinkt alsof ‘ie ergens in Nowheresville in zijn eentje te lang aan de toog heeft gehangen met zijn roodverbrande nek en nu, zó ver aan het einde van de nacht dat het alweer dag is, met een wollige kop door stoffige straten struint op zoek naar schaduw. Smog was altijd meer lo-fi (en soms iets minder, maar altijd wel wat), maar met A River… dook Bill keihard de lijzige americana in. En dat deed ‘ie góed. Smog was daarmee op zijn hoogtepunt en moest blijkbaar wel eindigen, want niet veel later hing Bill deze naam aan de dorre takken van een wilg en ging verder onder zijn eigen naam.
Let Me See the Colts is de prachtige afsluiter van A River…, die inzet met die pijnlijk mooie twang en die schuchtere gitaar, die gortdroge snaren waar het onvermijdelijke woestijnstof bij elke beroering vanaf trilt, en dan dat fundament van percussie dat Jim White legt, vol met roffeltjes en weifelingen. Uitendelijk zet Bill in, met zijn karakteristieke, diepe baritoon: “Knocked on your door at dawn, with a spark in my heart. Dragged you from your bed and said, Let me see the colts.” Ook deze dimensie van zichzelf verkent Bill op deze plaat uitgebreid: die van verhalenverteller, die van de man die net als Carson McCullers of Sherwood Anderson de nuance, de romantiek en de eenzaamheid van het kleindorpse, plattelandse Amerika zo treffend kan vatten. Bill had op geen mooiere wijze het boek van Smog kunnen sluiten.
51. Mutsumi – U Look Good And They Don’t (van Mutsumi, 2010)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
In de hoogtijdagen van de indierock, toen Funeral haast een perfecte score haalde op Pitchfork en het debuut van Clap Your Hands Say Yeah een kleine aardbeving van enthousiasme veroorzaakte, toen recenseerde Pitchfork óók het debuut van (toen) MU en diens opvolger en gaf deze intens hoge scores (een 8,2 voor de opvolger en maar liefst een 9,0 voor het debuut). Getriggerd door dit alles - plus de geweldige titels en het artwork - heb ik de opvolger destijds aangeschaft en het debuut ouderwets gepindakaast en kwamen deze zo beide zo rond 2005 in redelijk steady roulatie. Echte liefde werd het, op een paar tracks na, echter nooit. Het was te kaal, te vaag, te lang, met kil stuiterende beats en dat stuurse Engels van Mutsumi; ongrijpbaar en uiteindelijk niet echt boeiend genoeg.
Toen in 2010 dan ook uiteindelijk Mutsumi uitkwam, met al even kaal, vaag, ongrijpbaar artwork, liet ik deze derde worp maar aan me voorbijgaan. Waarom ik deze uiteindelijk in 2022 toch wel ben gaan draaien weet ik eigenlijk niet eens. In veel opzichten was het een logisch vervolg op de eerste twee platen: nog steeds ongrijpbaar, Mutsumi nog steeds met dat stuurse Engels en zelfs miauwend als een kat, met loeiende koeien en cowbells en kaal klappende beats in tracks van een onverklaarbare 6 minuten (van Mutsumi genoot ik in 2022 overigens veel meer dan van de eerste twee platen in 2005, voor de duidelijkheid). Tussen al deze vage tracks staat echter het nog geen drie minuten durende U Look Good And They Don’t, met natuurlijk al een geweldige titel én scheurende gitaar én razendsnel stuiterende drums én een agressief schreeuwende Mutsumi die Japans afwisselt met een belachelijk lekkere scheldpartij in het Engels. EAT! SHIT! MOTHER! FUCKER! Volstrekt gestoord en volstrekt geniaal.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku en The Cherry Point).
* denotes required fields.
