Muziek / Toplijsten en favorieten / De top 100 van... #2 (vigil - update sinds 2014)
zoeken in:
1
WVTRVE
geplaatst: 11 januari 2024, 22:23 uur
Mutsi knalt er wel lekker in ja! Weten we zeker dat 't niet die zangeres van Melt-Banana is die stiekem wat sos achterover klapt?
Ben trouwens van mening dat de originele Hairy Ghosts nog beter is: gortdroge, kale maar keiharde jazznoise, heel puur, geweldig spul
Met Gijs heb ik helaas ook al lang geen contact meer
Ben trouwens van mening dat de originele Hairy Ghosts nog beter is: gortdroge, kale maar keiharde jazznoise, heel puur, geweldig spul

Met Gijs heb ik helaas ook al lang geen contact meer

5
geplaatst: 12 januari 2024, 08:19 uur
50. Cocteau Twins – Frou-Frou Foxes in Midsummer Fires (van Heaven Or Las Vegas, 1990)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Samen met mijn nummer 45 (later daarover meer) mijn grote twijfelgeval. Dat Cocteau Twins erin moest, dat het iets van Heaven Or Las Vegas moest zijn, dat stond buiten kijf. Het kiezen van een nummer vond ik echter ontzettend moeilijk. Voor veel andere nummers die in de top 100 zijn beland geldt namelijk dat ik ze zeker ook in isolatie draai (sommige zijn sowieso singles of de enige track op de plaat), maar Heaven Or Las Vegas draai ik eigenlijk altijd in zijn geheel en het zou dan ook het meest recht doen aan mijn beleving ervan de hele plaat te nomineren. Waar ik dat voor mezelf echter nog wel kan verantwoorden bij de nummers 44, 39 en 28 (ook later daarover meer) is Heaven Or Las Vegas wel echt een verzameling van tien afzonderlijke liedjes en kiezen was dus gewoon nodig. Ik ben uiteindelijk gegaan voor deze prachtige afsluiter. Is ‘ie dus mooier dan de andere liedjes? (Want had het niet het titelnummer moeten zijn of Fotzepolitic?) Dat weet ik niet eens, maar de sfeer in dit nummer is wel ongeëvenaard en de wat duistere inkleuring van dit nummer (tegenover de zeker ook melancholieke maar over het algemeen helderdere rest van de plaat) bezorgt me altijd weer kippenvel. (En oei oei oei, dat stukje van “In day and night to come / Days go / And sutil things / Ad nauseum”, daar krijgt mijn kippenvel kippenvel van.)
49. Chynna – Glen Coco (single, 2014)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Chynna piekte in meerdere opzichten (te) vroeg: op 8 april 2020 overleedt ze op 25-jarige leeftijd aan een drugsoverdosis, een treurig einde voor een vrouw met veel in haar mars. Dat had ze inmiddels namelijk wel bewezen. Voornamelijk haar lomere tracks, met niet veel meer om het lijf dan diepe kicks en kale snares en daaroverheen Chynna’s koele raps, wisten bij mij wel een potje te breken, zoals het heerlijk Paf (“Petty as fuck and you know that shit”) of het wel heel briljante en onheilspellende The Conversation, dat al lekker loom begint en dan - verrassing - zo rond de 2 minuten plots nog een paar versnellingen vertraagt, oef, veel lekkerder werd het niet.
Vooruit, misschien alleen nog op Glen Coco (“Four for you, Glen Coco!”), haar debuutsingle uit 2014. Een heerlijk kille en kale productie (ook hier ben ik geneigd het woordje onheilspellend uit de kast te halen - het past nu eenmaal zo goed) en een Chynna die wel heel erg op dreef is (“Who’s competition and who’s in my way?”). Dat was ze ook toen ik haar in Paradiso zag, waar ze een klein en halfleeg zaaltje met veel gemak en veel plezier enthousiast meekreeg. Haar affiniteit met meer dan hiphop werd daar overigens toen ook al duidelijk; ze had zelf nog niet heel veel materiaal en we werden dus ook nog even getrakteerd op een riedeltje Paramore tussendoor. De invloed van o.a. die band werd op later materiaal hoorbaar en daarmee verloor ik langzaamaan interesse in Chynna’s nieuwe werk. We zullen nooit weten wat er nog in het vat zat, jammer genoeg, maar met een handjevol briljantjes heeft Chynna in ieder geval iets fantastisch achtergelaten.
48. Ariana Grande – Why Try (van My Everything, 2014)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Soms word ik weleens meegezogen in een pophype en in 2014 kocht ik dus enthousiast het toen nog verse My Everything van Ariana Grande op CD. Ik had nog nooit ook maar een nummer van haar gehoord dus ging er volledig blanco in. De eerste luisterbeurt was in de auto en ik weet nog goed dat het saxofoongetoeter op Problem, de eerste volledige track na de intro, me op de zenuwen werkte (het gebruik van saxofoon was destijds ook heel hip in K-pop en vond ik daar net zo irritant). One Last Time, de derde track, maakte echter wel gelijk indruk en My Everything kwam de weken daarop in vaste roulatie. Tijdens het hardlopen, waar ik in die tijd mee startte, was My Everything ook vaste prik en ik kon de plaat al snel zelfs als aardige indicatie van mijn eigen looptempo gebruiken. (Toen ik eenmaal grotere afstanden ging lopen werd ‘ie te kort.)
Toen ik ging scheiden was My Everything, de afsluiter van het album, het nummer waarop ik een keer goed kon janken (en dat luchtte ontzettend op) en zo kreeg My Everything, de plaat, een nog bijzonderder plaatsje in mijn hart. Ook voorganger Yours Truly schafte ik aan en vond ik ook nog erg fijn en tot aan de release van Focus, als stand-alone singletje, zat het nog allemaal wel snor tussen mij en Ari, maar daarna verloor ik de interesse een beetje (en ervaar ik vooral plaatsvervangende schaamte bij dingen als 34+35). De eerste twee platen vond en vind ik echter nog altijd supertof en ik heb zelfs een reeks tapes uitgebracht met op de A-kant een Ari-single en op de B-kant een HNW-track van mijn hand.
Why Try was geen onderdeel van die reeks tapes, puur omdat ik voor mezelf de arbitraire regel had dat het alléén singles mochten zijn met videoclip. (Een screenshot uit elke videoclip fungeerde namelijk als artwork en dat kon niet bij Why Try.) Het was echter wel al gauw mijn favoriete nummer van de plaat. Een geweldige instrumental (met een heerlijk, net rafelig orgeltje), superkrachtig, met (natuurlijk, het is Ari) uithalen van jewelste, uiterst genietbare koortjes en een heel zootje heerlijk hooks, twists en vondsten. Hoewel er dus geen videoclip van is, is er wél een superleuk filmpje over de productie en opname van deze track. Als ik dat nu weer kijk (ik moest het even opzoeken voor dit stukje natuurlijk) krijg ik gelijk weer kippenvel, haha. Ari op haar hoogtepunt, easy.
Wellicht nog leuk om te noemen is dat ik, sinds ik deze tekst een paar weken geleden schreef, weer serieuzer begonnen ben met hardlopen en dat traditiegetrouw weer doe op My Everything. Bij langere afstanden (terwijl ik dit schrijf bijvoorbeeld 13 kilometer gisteren) zet ik ‘m als ‘ie afgelopen is daarna gewoon nog een keer aan. Perfecte hardloopplaat.
47. Saori@destiny – ブリーズ・ブリーズ・ブリージング (Breathe Breathe Breathing) (van WOW WAR TECHNO, 2009)
Vorige notering: 5 (⇩-42)
Niet op Spotify, Bandcamp of Soundcloud
Vorige keer, dat weet ik nog wel, heb ik bij Breathe Breathe Breathing zeker genoemd dat ik op YouTube ooit een playlist maakte met 200 keer dit nummer erin getiteld BREATHE BREATHE BREATHING ALL DAY LONG (en dat deze maar 13 uur en wisselgeld duurde; 200 video’s was toen in ieder geval de max voor een YouTube-playlist) omdat ik het zo fantastisch vond dat ik er liefst gewoon heel de dag naar luisterde (en aangezien het nergens streambaar was, was dit de makkelijkste oplossing). De playlist bestaat nog steeds en hoewel ik Saori@destiny niet meer zo frequent of intens lang draai als vroeger blijft dit nummer natuurlijk een electropopknaller van jewelste. Dat ‘ie in mijn top 100 staat is dan ook niet meer dan logisch. BREATHE BREATHE BREATHING FOREVER FOR THE REST OF TIME
46. The Gerogerigege – Story of the Thalaba (van Senzuri Power Up, 1991)
Vorige notering: geen (maar Yasukuni Jinja Part 1 stond op 29, dus ⇩-17 voor The Gerogerigegege)
Niet op Spotify
Vorige keer nog het ronkende Yasukuni Jinja Part 1, maar nu Story of the Thalaba, de drony afsluiter van het legendarische Senzuri Power-Up. Deze track is al fantastisch in zes minuten, stel je voor hoe verrukt ik was toen ik Music for the New Yorker van Juntaro-project Nihilist Surfin’ Group kocht en dat een tape vól met dit soort gierende drone bleek te zijn. Potverdomme. Leuk weetje trouwens: in 2013, ten tijde van mijn vorige top 100, was The Gerogerigegege nog mysterieus en verleden tijd (Saturday Night Big Cock Salaryman uit 2001 was het laatste officiële wapenfeit geweest), maar sindsdien is Juntaro weer boven water gekomen en zijn er stapels nieuwe Gero-releases bijgekomen sinds 2016. Daar zit, Gero-getrouw, wat geweldig spul tussen en ook wat volstrekte onzin (zoals een 10(!)-CD-box met de audio van een zootje sexfilms).
Hoewel ik nieuwe Gero ook zeker waardeer is het gros van de hoogtepunten voor mij toch echt tussen het oude materiaal te vinden. Het ligt er dan soms net maar even aan hoe je pet staat, want heb je meer zin in razende harsh noise (Nothing to Hear…), brakke noisecore (Mother Fellatio), tegendraadse PE (Yasukuni Jinja) of moeilijke desolaat-pianogepingel-meets-field-recordings (Endless Humiliation)? In al dit soort dingen excelleerde Juntaro in de jaren ’90. Ook in de gierende drone van Story of the Thalaba dus, dat ongekend lekker vies en vuil piept en golft en pulseert.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny en The Gerogerigegege).
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Samen met mijn nummer 45 (later daarover meer) mijn grote twijfelgeval. Dat Cocteau Twins erin moest, dat het iets van Heaven Or Las Vegas moest zijn, dat stond buiten kijf. Het kiezen van een nummer vond ik echter ontzettend moeilijk. Voor veel andere nummers die in de top 100 zijn beland geldt namelijk dat ik ze zeker ook in isolatie draai (sommige zijn sowieso singles of de enige track op de plaat), maar Heaven Or Las Vegas draai ik eigenlijk altijd in zijn geheel en het zou dan ook het meest recht doen aan mijn beleving ervan de hele plaat te nomineren. Waar ik dat voor mezelf echter nog wel kan verantwoorden bij de nummers 44, 39 en 28 (ook later daarover meer) is Heaven Or Las Vegas wel echt een verzameling van tien afzonderlijke liedjes en kiezen was dus gewoon nodig. Ik ben uiteindelijk gegaan voor deze prachtige afsluiter. Is ‘ie dus mooier dan de andere liedjes? (Want had het niet het titelnummer moeten zijn of Fotzepolitic?) Dat weet ik niet eens, maar de sfeer in dit nummer is wel ongeëvenaard en de wat duistere inkleuring van dit nummer (tegenover de zeker ook melancholieke maar over het algemeen helderdere rest van de plaat) bezorgt me altijd weer kippenvel. (En oei oei oei, dat stukje van “In day and night to come / Days go / And sutil things / Ad nauseum”, daar krijgt mijn kippenvel kippenvel van.)
49. Chynna – Glen Coco (single, 2014)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Chynna piekte in meerdere opzichten (te) vroeg: op 8 april 2020 overleedt ze op 25-jarige leeftijd aan een drugsoverdosis, een treurig einde voor een vrouw met veel in haar mars. Dat had ze inmiddels namelijk wel bewezen. Voornamelijk haar lomere tracks, met niet veel meer om het lijf dan diepe kicks en kale snares en daaroverheen Chynna’s koele raps, wisten bij mij wel een potje te breken, zoals het heerlijk Paf (“Petty as fuck and you know that shit”) of het wel heel briljante en onheilspellende The Conversation, dat al lekker loom begint en dan - verrassing - zo rond de 2 minuten plots nog een paar versnellingen vertraagt, oef, veel lekkerder werd het niet.
Vooruit, misschien alleen nog op Glen Coco (“Four for you, Glen Coco!”), haar debuutsingle uit 2014. Een heerlijk kille en kale productie (ook hier ben ik geneigd het woordje onheilspellend uit de kast te halen - het past nu eenmaal zo goed) en een Chynna die wel heel erg op dreef is (“Who’s competition and who’s in my way?”). Dat was ze ook toen ik haar in Paradiso zag, waar ze een klein en halfleeg zaaltje met veel gemak en veel plezier enthousiast meekreeg. Haar affiniteit met meer dan hiphop werd daar overigens toen ook al duidelijk; ze had zelf nog niet heel veel materiaal en we werden dus ook nog even getrakteerd op een riedeltje Paramore tussendoor. De invloed van o.a. die band werd op later materiaal hoorbaar en daarmee verloor ik langzaamaan interesse in Chynna’s nieuwe werk. We zullen nooit weten wat er nog in het vat zat, jammer genoeg, maar met een handjevol briljantjes heeft Chynna in ieder geval iets fantastisch achtergelaten.
48. Ariana Grande – Why Try (van My Everything, 2014)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Soms word ik weleens meegezogen in een pophype en in 2014 kocht ik dus enthousiast het toen nog verse My Everything van Ariana Grande op CD. Ik had nog nooit ook maar een nummer van haar gehoord dus ging er volledig blanco in. De eerste luisterbeurt was in de auto en ik weet nog goed dat het saxofoongetoeter op Problem, de eerste volledige track na de intro, me op de zenuwen werkte (het gebruik van saxofoon was destijds ook heel hip in K-pop en vond ik daar net zo irritant). One Last Time, de derde track, maakte echter wel gelijk indruk en My Everything kwam de weken daarop in vaste roulatie. Tijdens het hardlopen, waar ik in die tijd mee startte, was My Everything ook vaste prik en ik kon de plaat al snel zelfs als aardige indicatie van mijn eigen looptempo gebruiken. (Toen ik eenmaal grotere afstanden ging lopen werd ‘ie te kort.)
Toen ik ging scheiden was My Everything, de afsluiter van het album, het nummer waarop ik een keer goed kon janken (en dat luchtte ontzettend op) en zo kreeg My Everything, de plaat, een nog bijzonderder plaatsje in mijn hart. Ook voorganger Yours Truly schafte ik aan en vond ik ook nog erg fijn en tot aan de release van Focus, als stand-alone singletje, zat het nog allemaal wel snor tussen mij en Ari, maar daarna verloor ik de interesse een beetje (en ervaar ik vooral plaatsvervangende schaamte bij dingen als 34+35). De eerste twee platen vond en vind ik echter nog altijd supertof en ik heb zelfs een reeks tapes uitgebracht met op de A-kant een Ari-single en op de B-kant een HNW-track van mijn hand.
Why Try was geen onderdeel van die reeks tapes, puur omdat ik voor mezelf de arbitraire regel had dat het alléén singles mochten zijn met videoclip. (Een screenshot uit elke videoclip fungeerde namelijk als artwork en dat kon niet bij Why Try.) Het was echter wel al gauw mijn favoriete nummer van de plaat. Een geweldige instrumental (met een heerlijk, net rafelig orgeltje), superkrachtig, met (natuurlijk, het is Ari) uithalen van jewelste, uiterst genietbare koortjes en een heel zootje heerlijk hooks, twists en vondsten. Hoewel er dus geen videoclip van is, is er wél een superleuk filmpje over de productie en opname van deze track. Als ik dat nu weer kijk (ik moest het even opzoeken voor dit stukje natuurlijk) krijg ik gelijk weer kippenvel, haha. Ari op haar hoogtepunt, easy.
Wellicht nog leuk om te noemen is dat ik, sinds ik deze tekst een paar weken geleden schreef, weer serieuzer begonnen ben met hardlopen en dat traditiegetrouw weer doe op My Everything. Bij langere afstanden (terwijl ik dit schrijf bijvoorbeeld 13 kilometer gisteren) zet ik ‘m als ‘ie afgelopen is daarna gewoon nog een keer aan. Perfecte hardloopplaat.
47. Saori@destiny – ブリーズ・ブリーズ・ブリージング (Breathe Breathe Breathing) (van WOW WAR TECHNO, 2009)
Vorige notering: 5 (⇩-42)
Niet op Spotify, Bandcamp of Soundcloud
Vorige keer, dat weet ik nog wel, heb ik bij Breathe Breathe Breathing zeker genoemd dat ik op YouTube ooit een playlist maakte met 200 keer dit nummer erin getiteld BREATHE BREATHE BREATHING ALL DAY LONG (en dat deze maar 13 uur en wisselgeld duurde; 200 video’s was toen in ieder geval de max voor een YouTube-playlist) omdat ik het zo fantastisch vond dat ik er liefst gewoon heel de dag naar luisterde (en aangezien het nergens streambaar was, was dit de makkelijkste oplossing). De playlist bestaat nog steeds en hoewel ik Saori@destiny niet meer zo frequent of intens lang draai als vroeger blijft dit nummer natuurlijk een electropopknaller van jewelste. Dat ‘ie in mijn top 100 staat is dan ook niet meer dan logisch. BREATHE BREATHE BREATHING FOREVER FOR THE REST OF TIME

46. The Gerogerigege – Story of the Thalaba (van Senzuri Power Up, 1991)
Vorige notering: geen (maar Yasukuni Jinja Part 1 stond op 29, dus ⇩-17 voor The Gerogerigegege)
Niet op Spotify
Vorige keer nog het ronkende Yasukuni Jinja Part 1, maar nu Story of the Thalaba, de drony afsluiter van het legendarische Senzuri Power-Up. Deze track is al fantastisch in zes minuten, stel je voor hoe verrukt ik was toen ik Music for the New Yorker van Juntaro-project Nihilist Surfin’ Group kocht en dat een tape vól met dit soort gierende drone bleek te zijn. Potverdomme. Leuk weetje trouwens: in 2013, ten tijde van mijn vorige top 100, was The Gerogerigegege nog mysterieus en verleden tijd (Saturday Night Big Cock Salaryman uit 2001 was het laatste officiële wapenfeit geweest), maar sindsdien is Juntaro weer boven water gekomen en zijn er stapels nieuwe Gero-releases bijgekomen sinds 2016. Daar zit, Gero-getrouw, wat geweldig spul tussen en ook wat volstrekte onzin (zoals een 10(!)-CD-box met de audio van een zootje sexfilms).
Hoewel ik nieuwe Gero ook zeker waardeer is het gros van de hoogtepunten voor mij toch echt tussen het oude materiaal te vinden. Het ligt er dan soms net maar even aan hoe je pet staat, want heb je meer zin in razende harsh noise (Nothing to Hear…), brakke noisecore (Mother Fellatio), tegendraadse PE (Yasukuni Jinja) of moeilijke desolaat-pianogepingel-meets-field-recordings (Endless Humiliation)? In al dit soort dingen excelleerde Juntaro in de jaren ’90. Ook in de gierende drone van Story of the Thalaba dus, dat ongekend lekker vies en vuil piept en golft en pulseert.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny en The Gerogerigegege).
1
geplaatst: 12 januari 2024, 08:35 uur
exsxesven schreef:
50. Cocteau Twins – Frou-Frou Foxes in Midsummer Fires
50. Cocteau Twins – Frou-Frou Foxes in Midsummer Fires
Toevallig in de ladder vandaag! Stemmen maar!
1
geplaatst: 12 januari 2024, 21:44 uur
Jezus Sven, ik houd het niet bij
Beetje bijgeluisterd, veel moois gehoord en gelezen. Paar dingetjes:
Een dikke
voor die track van Loma Prieta, duh. Dilling Escape Plan moet ik weer eens beluisteren. Calculating Infinity maakte een paar jaar geleden niet zo gek veel indruk, zie ik. Eens zien of dat nu anders is.
Ook weer All the Footprints... van Envy gecheckt, véél te lang niet meer gedaan. Zou me niet verbazen als die binnenkort op 4,5* belandt. Tijd om ook van hen wat meer werk te checken (A Dead Sinking Story dan maar).
Verder ook wel weer erg genoten van Hanatarash. Ik denk dat ik voor het eerst in tijden maar weer eens wat ik kende van Gerogerigegege en omstreken ga checken. Zoals Yellow Power Scum. Ik meen dat ik een versie had die nog net iets minder brak klonk dat jouw bandje, al zie ik helemaal in dat het extra kwaliteitsverlies er uitstekend bij past
Prachtverhaal bij The Cherry Point, ook maar weer eens opnieuw checken.
Het neoperreo-veld is compleet onbekend voor me. Die van Bea Pelea pakt me tot dusverre het meest, in elk geval. Misschien is dit vloeken in een of andere kerk, maar ik krijg er qua flow en vibe een beetje een Future-gevoel van. Die andere twee tracks hebben me nog niet zo overtuigd.
K-Pop is ook iets waar ik de ballen van weet. Helaas kan ik niks met Blue Bird van Solar. In mijn oren generiek, glad en juist tamelijk cliché Amerikaans klinkend (countrypopachtig?). Maar dit ligt ongetwijfeld aan mij. De appeal van de stuiterende J-Pop van Wasuta en zéker die van Wednesday Campanella (erg leuk!) snap ik stukken beter. Team Syachihoko gaat me wat dit betreft wat te ver, maar goed, het heeft tenminste karakter, haha.
Goede reminder verder dat ik toch weer eens wat van Oneohtrix Point Never moet checken. Ik heb in 2016 3* bij R Plus Seven gezet, maar ik herinner me er eigenlijk niks meer van. Misschien tijd voor een herkansing, deze track klinkt in elk geval tof. Jij een specifiek album dat je zou aanraden?
The Chariot! Ik heb destijds nog wel van hun album uit 2012 genoten, deze track staat daar niet op. Wat een trip zeg, heerlijk. Ik ga deze plaat ook maar eens luisteren.
Mooi werk verder van o.a. Eartheater, Clipping, Boris, Converge, Smog, John Zorn (x2) en Charli XCX natuurlijk. En van Cocteau Twins, die had ik hier niet per se heel erg verwacht, maar aan de andere kant, waarom ook niet (lol). En goed, noem ik Hella ook nog even, heel tof.
Ga zo voort!
Beetje bijgeluisterd, veel moois gehoord en gelezen. Paar dingetjes:Een dikke
voor die track van Loma Prieta, duh. Dilling Escape Plan moet ik weer eens beluisteren. Calculating Infinity maakte een paar jaar geleden niet zo gek veel indruk, zie ik. Eens zien of dat nu anders is.Ook weer All the Footprints... van Envy gecheckt, véél te lang niet meer gedaan. Zou me niet verbazen als die binnenkort op 4,5* belandt. Tijd om ook van hen wat meer werk te checken (A Dead Sinking Story dan maar).
Verder ook wel weer erg genoten van Hanatarash. Ik denk dat ik voor het eerst in tijden maar weer eens wat ik kende van Gerogerigegege en omstreken ga checken. Zoals Yellow Power Scum. Ik meen dat ik een versie had die nog net iets minder brak klonk dat jouw bandje, al zie ik helemaal in dat het extra kwaliteitsverlies er uitstekend bij past
Prachtverhaal bij The Cherry Point, ook maar weer eens opnieuw checken.Het neoperreo-veld is compleet onbekend voor me. Die van Bea Pelea pakt me tot dusverre het meest, in elk geval. Misschien is dit vloeken in een of andere kerk, maar ik krijg er qua flow en vibe een beetje een Future-gevoel van. Die andere twee tracks hebben me nog niet zo overtuigd.
K-Pop is ook iets waar ik de ballen van weet. Helaas kan ik niks met Blue Bird van Solar. In mijn oren generiek, glad en juist tamelijk cliché Amerikaans klinkend (countrypopachtig?). Maar dit ligt ongetwijfeld aan mij. De appeal van de stuiterende J-Pop van Wasuta en zéker die van Wednesday Campanella (erg leuk!) snap ik stukken beter. Team Syachihoko gaat me wat dit betreft wat te ver, maar goed, het heeft tenminste karakter, haha.
Goede reminder verder dat ik toch weer eens wat van Oneohtrix Point Never moet checken. Ik heb in 2016 3* bij R Plus Seven gezet, maar ik herinner me er eigenlijk niks meer van. Misschien tijd voor een herkansing, deze track klinkt in elk geval tof. Jij een specifiek album dat je zou aanraden?
The Chariot! Ik heb destijds nog wel van hun album uit 2012 genoten, deze track staat daar niet op. Wat een trip zeg, heerlijk. Ik ga deze plaat ook maar eens luisteren.
Mooi werk verder van o.a. Eartheater, Clipping, Boris, Converge, Smog, John Zorn (x2) en Charli XCX natuurlijk. En van Cocteau Twins, die had ik hier niet per se heel erg verwacht, maar aan de andere kant, waarom ook niet (lol). En goed, noem ik Hella ook nog even, heel tof.
Ga zo voort!
0
geplaatst: 12 januari 2024, 22:29 uur
Haha, ja, ik heb het hier denk ik nooit over Cocteau Twins maar Heaven Or Las Vegas is al heel lang één van mijn favoriete platen. Treasure was ooit mijn instapplaat, dat was één van de dingen die ik tegenkwam als muziektip n.a.v. de soundtrack van Lost in Translation, die film heeft me toen een tijdje kunnen enthousiasmeren voor het verkennen van dromerige, gruizige muziek (ik herinner me nog playlists met muziek met dezelfde vibe ergens op internet, weet alleen echt niet meer waar, dit was 2004 ofzo).
K-pop is uiteindelijk gewoon pop dus de verbanden die je legt zijn helemaal niet zo gek, zeker niet bij de ballads van K-drama's, wat hier dan geldt voor Solar. Dingetjes als Newjeans zijn een stuk hipper, nog wel pop, maar veel meer invloeden uit clubmuziek, drum 'n bass, etcetera. In de lijst komt nog wel wat K-pop voorbij, al zijn het allemaal wel tracks van een generatie eerder. Ook nu is er in K-pop genoeg leuks, maar mijn voornaamste affiniteit is met de 00s en eerste helft van de 10s.
Als de sound van Sticky Drama je ligt kun je voor Oneohtrix Point Never zeker Garden of Delete proberen. Ook Again is een aardige instapper daarvoor. Singletjes als Love in the Time of Lexapro en Black Snow zijn lekker. R Plus Seven vind ik zelf uiteindelijk de beste plaat.
Als die Hanatarash je bevalt kun je inderdaad zo Yellow Power Scum weer eens draaien en ook andere van dit soort lekkere herrie uit die periode, inclusief Gero.
We hebben nog wel wat neo-perreo tegoed, benieuwd hoe dat aanslaat, haha.
En gekke J-pop is fantastisch natuurlijk. Weleens denpa gehoord bijvoorbeeld?
Ook benieuwd hoe de rest van de herkansingen en herontdekkingen verder gaat lopen, tof! Thanks voor je bericht
K-pop is uiteindelijk gewoon pop dus de verbanden die je legt zijn helemaal niet zo gek, zeker niet bij de ballads van K-drama's, wat hier dan geldt voor Solar. Dingetjes als Newjeans zijn een stuk hipper, nog wel pop, maar veel meer invloeden uit clubmuziek, drum 'n bass, etcetera. In de lijst komt nog wel wat K-pop voorbij, al zijn het allemaal wel tracks van een generatie eerder. Ook nu is er in K-pop genoeg leuks, maar mijn voornaamste affiniteit is met de 00s en eerste helft van de 10s.
Als de sound van Sticky Drama je ligt kun je voor Oneohtrix Point Never zeker Garden of Delete proberen. Ook Again is een aardige instapper daarvoor. Singletjes als Love in the Time of Lexapro en Black Snow zijn lekker. R Plus Seven vind ik zelf uiteindelijk de beste plaat.
Als die Hanatarash je bevalt kun je inderdaad zo Yellow Power Scum weer eens draaien en ook andere van dit soort lekkere herrie uit die periode, inclusief Gero.

We hebben nog wel wat neo-perreo tegoed, benieuwd hoe dat aanslaat, haha.
En gekke J-pop is fantastisch natuurlijk. Weleens denpa gehoord bijvoorbeeld?
Ook benieuwd hoe de rest van de herkansingen en herontdekkingen verder gaat lopen, tof! Thanks voor je bericht

1
geplaatst: 13 januari 2024, 10:00 uur
Tot nu toe weinig tijd gehad maar ik ben begonnen met het lezen van je top 100. Maar ik vermoed dat jij sneller schrijft dan ik lees 
Dat klopt, dat had ik gezegd en dat vind ik nog steeds. Behalve dat het niet per se over fysieke releases gaat, maar over het stoppen met ontdekken van nieuwe muziek. Of oude muziek die voor jou nieuw is. Voor die mensen is dat blijkbaar prima, ikzelf kan me gewoon niet voorstellen dat het op een bepaald moment stagneert.

exsxesven schreef:
Ik geloof dat itchy het ooit zei: geen gedachte zo gruwelijk als een platenkast die niet meer verandert.
Ik geloof dat itchy het ooit zei: geen gedachte zo gruwelijk als een platenkast die niet meer verandert.
Dat klopt, dat had ik gezegd en dat vind ik nog steeds. Behalve dat het niet per se over fysieke releases gaat, maar over het stoppen met ontdekken van nieuwe muziek. Of oude muziek die voor jou nieuw is. Voor die mensen is dat blijkbaar prima, ikzelf kan me gewoon niet voorstellen dat het op een bepaald moment stagneert.
2
geplaatst: 13 januari 2024, 10:23 uur
Zeker, voor mij is dat ook niet de fysieke platenkast (die groeit hier nauwelijks meer), het gaat echt om het ontdekken van nieuwe muziek. 
Ik dacht toen ik begon dat vijf per dag wel een redelijk tempo was, haha, dus ik ga hem een beetje afschalen naar drie per dag en het laatste stukje misschien naar twee per dag en dan de top 3 of top 5 één per dag ofzo.
45. Utada Hikaru – Final Distance (single, 2001; van Deep River, 2002)
Vorige notering: 27 (dus ⇩-18 voor Hikki)
Hier op Spotify
Bij twee van mijn keuzes heb ik het meest getwijfeld: één daarvan was, zoals daar ook beschreven, mijn nummer 50, de andere was dus deze. Waarom? Niet omdat Final Distance níet fantastisch is, níet één van de mooiste nummers ooit gemaakt is, níet al haast twee decennia één van de vaste waarden in mijn muziekverzameling is. Maar waarom dan? Wel omdat het bijna voelt als Hikki onrecht aandoen om een nummer uit 2001 te kiezen van deze artiest die zich sindsdien nog zo ontzettend ontwikkeld heeft. Voorafgaand aan de release van het heerlijke BAD Mode in 2022 gaf Utada aan nonbinair te zijn, wat natuurlijk al een gigantisch happening op persoonlijk vlak was. Echter was de muzikale ontwikkeling die hen in de jaren vooraf doorliep ook al meer dan noemenswaardig. Zo was Ultra Blue uit 2006 een tijdlang mijn favoriete J-popalbum, bracht Utada (onder die artiestennaam, dus zonder de Hikaru) twee fantastische Engelstalige platen uit en recenter nog én een hele reeks geweldige singles én een paar ouderwets goede albums met wat fenomenale deep cuts. Zo staat hier nu dus (verdiend, want wát een mooi nummer toch) Final Distance, maar had het ook About Me kunnen zijn, of Darenimo Iwanai, of Forevermore, of One Last Kiss, of Be My Last, of wat niet eigenlijk? Laat deze notering dus naast een ode aan Final Distance ook zeker een ode aan het geweldige oeuvre van Utada Hikaru zijn.
44. Raein – Ogni Nuovo Inizio (van Ogni Nuovo Inizio, 2008)
Vorige notering: geen (maar Artmachine Observation Tower stond op 75, dus ⇧+31 voor Raein)
Hier op Spotify
Niels had al (terecht) het geweldige Tigersuit in zijn lijst van wat altijd mijn favoriete Raeinplaat was, Il N’y A Pas De Orchestre. Vorige keer haalde Artmachine Observation Tower van die plaat nog mijn top 100, dit keer staat Ogni Nuovo Inizio er integraal in. Dat zeg ik zo, omdat Ogni Nuovo Inizio (overigens verwarrend genoeg ook bekend als Nati di Altri Padri) formeel uit 6 tracks bestaat: officiële digitale versies, op Bandcamp en Spotify bijvoorbeeld, zijn ook nagenoeg altijd in deze zes tracks opgedeeld (1 di 6, 2 di 6, etc.). Dat hakken in tracks is (zéker wat mij betreft) echter maar een formaliteit, want Ogni Nuovo Inizio klinkt als één lange compositie met wél transitities maar geen harde grenzen tussen de ‘tracks’ die immers allemaal naadloos in elkaar overlopen. Ik heb deze release zelf op tape en op dit analoge ding is in je beleving als luisteraar al helemaal geen sprake van afzonderlijke tracks.
Ogni Nuovo Inizio dus, of Ogni Nuovo Inizio (we hebben het immers over de track en tracknamen heb ik in deze stukjes consistent cursief gemaakt). Toen deze uitkwam vond ik deze zeker niet meteen beter dan Il N’y A Pas De Orchestre en eigenlijk vond ik hem er ook niet bij in de buurt komen. Raein was samen met La Quiete altijd ’s werelds beste Italiaanse screamoband geweest en wie een beetje weet in wat voor screamo de Italianen in de vroege 00s uitblonken snapt bij het luisteren van dit plaatje misschien ook wel waarom dat niet direct bepaalde verwachtingen inloste. Tegelijkertijd vind ik het nu helemaal niet zo ver van bijvoorbeeld Il N’y A Pas De Orchestre meer liggen, al gaat het hier wel meer richting post-hardcore en is het nergens zo chaotisch als het eerder bij Raein nog wel kon worden. Ogni Nuovo Inizio is een stuk meer ingetogen, hoewel dat uiteindelijk alleen maar relatief is, want het is nog steeds een screamoplaat.
Daarmee lijk ik de plaat alsnog als het mindere broertje van zijn voorganger neer te zetten, maar niets is minder waar, dat mag wel duidelijk zijn: Ogni Nuovo Inizio vind ik inmiddels zeker het beste werk van Raein. Het is wel zo godsgruwelijk episch, zo godsgruwelijk tranentrekkend, zo oerkracht, zo vernuftig en zo cathartisch. En natuurlijk is er van alles wat heel erg Raein is wél behouden: de koortjes, de desperate zang met (scr)e(a)mosnik, het fenomenaal melodieuze gitaarwerk, het fantastische drumwerk. Ogni Nuovo Inizio is een eindeloos boeiende muzikale trip die voor elke screamoliefhebber verplichte kost is, maar waarvan ik vermoed dat ‘ie ook daarbuiten een hoop liefde zou kunnen vinden.
43. Earth – Crooked Axis for String Quartet (van Pentastar: In the Style of Demons, 1996)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
In de coronaperiode maakte ik geregeld lange wandelingen door het dorp waar ik toen nog woonde, koptelefoon op en gaan, en muziek als die van Earth bleek daar perfect gezelschap voor. Met weinig zo goed onthaasten als met haast bewegingloze gitaardrones die maar voortduren en voortduren. Vooral Earth 2 vond ik geweldig, want die was puurder en minimalistischer dan alle andere Earth die ik verder draaide. Dat dan een atypische track als Crooked Axis for String Quartet deze top 100 haalt is ergens vreemd natuurlijk. Sowieso al niet dik een half uur maar gewoon een respectabele en overzichtelijke vijf minuten, niet eens de logge tempo’s en lage tonen van de omliggende tracks van deze plaat die lome stoner rock bieden, maar een fragiele, spookachtige dronecompositie, wankelend en spectraal. Maar mooi. Móói.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny en The Gerogerigegege).

Ik dacht toen ik begon dat vijf per dag wel een redelijk tempo was, haha, dus ik ga hem een beetje afschalen naar drie per dag en het laatste stukje misschien naar twee per dag en dan de top 3 of top 5 één per dag ofzo.

45. Utada Hikaru – Final Distance (single, 2001; van Deep River, 2002)
Vorige notering: 27 (dus ⇩-18 voor Hikki)
Hier op Spotify
Bij twee van mijn keuzes heb ik het meest getwijfeld: één daarvan was, zoals daar ook beschreven, mijn nummer 50, de andere was dus deze. Waarom? Niet omdat Final Distance níet fantastisch is, níet één van de mooiste nummers ooit gemaakt is, níet al haast twee decennia één van de vaste waarden in mijn muziekverzameling is. Maar waarom dan? Wel omdat het bijna voelt als Hikki onrecht aandoen om een nummer uit 2001 te kiezen van deze artiest die zich sindsdien nog zo ontzettend ontwikkeld heeft. Voorafgaand aan de release van het heerlijke BAD Mode in 2022 gaf Utada aan nonbinair te zijn, wat natuurlijk al een gigantisch happening op persoonlijk vlak was. Echter was de muzikale ontwikkeling die hen in de jaren vooraf doorliep ook al meer dan noemenswaardig. Zo was Ultra Blue uit 2006 een tijdlang mijn favoriete J-popalbum, bracht Utada (onder die artiestennaam, dus zonder de Hikaru) twee fantastische Engelstalige platen uit en recenter nog én een hele reeks geweldige singles én een paar ouderwets goede albums met wat fenomenale deep cuts. Zo staat hier nu dus (verdiend, want wát een mooi nummer toch) Final Distance, maar had het ook About Me kunnen zijn, of Darenimo Iwanai, of Forevermore, of One Last Kiss, of Be My Last, of wat niet eigenlijk? Laat deze notering dus naast een ode aan Final Distance ook zeker een ode aan het geweldige oeuvre van Utada Hikaru zijn.
44. Raein – Ogni Nuovo Inizio (van Ogni Nuovo Inizio, 2008)
Vorige notering: geen (maar Artmachine Observation Tower stond op 75, dus ⇧+31 voor Raein)
Hier op Spotify
Niels had al (terecht) het geweldige Tigersuit in zijn lijst van wat altijd mijn favoriete Raeinplaat was, Il N’y A Pas De Orchestre. Vorige keer haalde Artmachine Observation Tower van die plaat nog mijn top 100, dit keer staat Ogni Nuovo Inizio er integraal in. Dat zeg ik zo, omdat Ogni Nuovo Inizio (overigens verwarrend genoeg ook bekend als Nati di Altri Padri) formeel uit 6 tracks bestaat: officiële digitale versies, op Bandcamp en Spotify bijvoorbeeld, zijn ook nagenoeg altijd in deze zes tracks opgedeeld (1 di 6, 2 di 6, etc.). Dat hakken in tracks is (zéker wat mij betreft) echter maar een formaliteit, want Ogni Nuovo Inizio klinkt als één lange compositie met wél transitities maar geen harde grenzen tussen de ‘tracks’ die immers allemaal naadloos in elkaar overlopen. Ik heb deze release zelf op tape en op dit analoge ding is in je beleving als luisteraar al helemaal geen sprake van afzonderlijke tracks.
Ogni Nuovo Inizio dus, of Ogni Nuovo Inizio (we hebben het immers over de track en tracknamen heb ik in deze stukjes consistent cursief gemaakt). Toen deze uitkwam vond ik deze zeker niet meteen beter dan Il N’y A Pas De Orchestre en eigenlijk vond ik hem er ook niet bij in de buurt komen. Raein was samen met La Quiete altijd ’s werelds beste Italiaanse screamoband geweest en wie een beetje weet in wat voor screamo de Italianen in de vroege 00s uitblonken snapt bij het luisteren van dit plaatje misschien ook wel waarom dat niet direct bepaalde verwachtingen inloste. Tegelijkertijd vind ik het nu helemaal niet zo ver van bijvoorbeeld Il N’y A Pas De Orchestre meer liggen, al gaat het hier wel meer richting post-hardcore en is het nergens zo chaotisch als het eerder bij Raein nog wel kon worden. Ogni Nuovo Inizio is een stuk meer ingetogen, hoewel dat uiteindelijk alleen maar relatief is, want het is nog steeds een screamoplaat.
Daarmee lijk ik de plaat alsnog als het mindere broertje van zijn voorganger neer te zetten, maar niets is minder waar, dat mag wel duidelijk zijn: Ogni Nuovo Inizio vind ik inmiddels zeker het beste werk van Raein. Het is wel zo godsgruwelijk episch, zo godsgruwelijk tranentrekkend, zo oerkracht, zo vernuftig en zo cathartisch. En natuurlijk is er van alles wat heel erg Raein is wél behouden: de koortjes, de desperate zang met (scr)e(a)mosnik, het fenomenaal melodieuze gitaarwerk, het fantastische drumwerk. Ogni Nuovo Inizio is een eindeloos boeiende muzikale trip die voor elke screamoliefhebber verplichte kost is, maar waarvan ik vermoed dat ‘ie ook daarbuiten een hoop liefde zou kunnen vinden.
43. Earth – Crooked Axis for String Quartet (van Pentastar: In the Style of Demons, 1996)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
In de coronaperiode maakte ik geregeld lange wandelingen door het dorp waar ik toen nog woonde, koptelefoon op en gaan, en muziek als die van Earth bleek daar perfect gezelschap voor. Met weinig zo goed onthaasten als met haast bewegingloze gitaardrones die maar voortduren en voortduren. Vooral Earth 2 vond ik geweldig, want die was puurder en minimalistischer dan alle andere Earth die ik verder draaide. Dat dan een atypische track als Crooked Axis for String Quartet deze top 100 haalt is ergens vreemd natuurlijk. Sowieso al niet dik een half uur maar gewoon een respectabele en overzichtelijke vijf minuten, niet eens de logge tempo’s en lage tonen van de omliggende tracks van deze plaat die lome stoner rock bieden, maar een fragiele, spookachtige dronecompositie, wankelend en spectraal. Maar mooi. Móói.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny en The Gerogerigegege).
1
geplaatst: 13 januari 2024, 10:51 uur
Ik heb ook nog geen tijd gevonden om alles goed te beluisteren maar ik word blij van wat ik allemaal voorbij zie komen.
2
geplaatst: 14 januari 2024, 08:34 uur
42. Sleigh Bells – Infinity Guitars (van Treats, 2010)
Vorige notering: geen (maar End of the Line stond op 84, dus ⇧+42 voor Sleigh Bells)
Hier op Spotify
Vorige keer stond het mooie líedje End of the Line nog in mijn top 100, maar dit keer is het Infinity Guitars, dat veel meer een nummer is van de Sleigh Bells zoals ik ze ooit leerde kennen: die perfecte mix van cheerleader cheers, Britney Spears, noiserockgitaren en overstuurde drums, allemaal zo ver het diepdonkerrood in geduwd dat je er aan de andere kant weer uitkomt en daar is de pure, fonkelende, schitterende, hemelse, sprankelende gelukzaligheid. Treats staat vol met dit soort heerlijke nummers (ook Straight A’s en de titeltrack waren zeker kanshebbers op een plekje in de top 100) waarop perfecte, in karamel gedompelde popliedjes met onversneden liefde en kracht de oversturing in worden gedrukt, wat dan zoiets oplevert als dit geweldige Infinity Guitars, dat inzet met die overrompelende drums en Alexis die haar teksten daaroverheen roept (geen ander woord is passender) als een Hilary Duff die ooit ergens een verkeerde (= de juiste) afslag heeft genomen en in plaats van op het podium onder de bleachers terechtkwam waar ze met haar clubje misfits de oortjes van een stelletje blokkerige oude walkmans deelde om zo in het linkeroor So Yesterday te horen en in het rechteroor Milk It. Hoe Infinity Guitars dan – feedback squeal – helemaal losgaat na 2 minuten is één van de meest cathartische momenten ooit in muziek.
41. Saetia – Postlapsaria (van Saetia, 1998)
Vorige notering: geen (maar Some Natures Catch No Plagues stond op 64, dus ⇧+23 voor Saetia)
Hier op Spotify
Saetia is één van de oerscreamobands, al voelt het een beetje gek dat te zeggen over een band die (pas) debuteerde in 1997 – er waren op dat moment al genoeg legendarische bands en releases in dit schreeuwerige hoekje herrie (Portraits of Past, Mohinder, Honeywell, Antioch Arrow, Swing Kids – ze debuteerden allemaal al vóór 1995), maar toch markeert Saetia wel een omslag in de ontwikkeling van emo naar screamo en zetten ze met hun beknopte discografie de toon voor wat zou volgen: Saetia heeft ontzettend veel bands beïnvloed en leverde nadat het de gitaren en de verziekte stembanden aan de wilgen had gehangen ook nog eens leden aan cultbands Off Minor en Hot Cross. Niet misselijk.
Vorige keer stond Some Natures Catch No Plagues in mijn top 100, het nummer dat mijn kennismaking was met Saetia inmiddels zo’n 20 jaar geleden en dat nog steeds een hoogtepuntje is in hun (nogmaals) beknopte discografie. Retenerveuze muziek is het, de boog gespannen, de zenuwen voelbaar, de zang gepijnigd, de uitbarsting (“There is no happy here!”) legendarisch en uniek, die ontlading die alsnog ergens niet helemaal wil of kán – de spanning blijft voelbaar, de nervositeit bijna tastbaar, en áls het al ergens ontlaadt is dat net voor de 3 minuten met die pijnlijk prachtige gitaarloopjes.
Maar goed, Some Natures Catch No Plagues staat er dus niet meer in, want Postlapsaria is al een tijdje mijn Saetiafavoriet. Ook in dit nummer is een voortdurende dreiging voelbaar, een onderhuidse pijn, zenuwen en zenuwen en zenuwen. Die schelle huilzang van Billy, dat genoodle op de gitaar, die nerveuze drums, ze dragen allemaal bij aan het gevoel dat ook op Some Natures Catch No Plagues zo goed voelbaar is. Waar Postlapsaria nog even keihard over de schoonheid van dat nummer heengaat is op de momenten dat die gruizige, gierende gitaar het nummer binnenknalt, zoals op 1:30 en in een zo mooi gevonden variatie erop rond 3:05, als het dan soms bijna shoegazescreamo wordt. Net als Some Natures Catch No Plagues eindigt ook Postlapsaria met een prachtige coda wat het nummer helemaal afmaakt. Een absoluut screamomeesterwerkje.
40. E-Girls – Highschool Love (van E.G. TIME, 2015)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Dat een hier totaal onbekend nummer van een in het Westen ook nagenoeg onbekende J-popgroep (die ik verder wel oké vond (inmiddels weer uit elkaar) maar buiten mijn paar lievelingsnummers nooit zo intensief heb beluisterd als andere genoteerde J-poppers als Ayumi Hamasaki (spoiler), Utada Hikaru en Dempagumi.inc, die ook allemaal wél weer een flinke fanbasis buiten Japan hebben) zo hoog staat is ergens verrassend (sorry, wat een kutzin met veel te veel en veel te lange parentheses
). Voor Highschool Love bevat een standaard Van Dale echter niet eens genoeg positieve bijvoeglijk naamwoorden en superlatieven om het echt eer aan te doen. Sowieso zit het hele nummer echt zo fijn in elkaar; het is zo belachelijk bevredigend lekker opgebouwd, geen momentje overbodig, elk geluidje en bruggetje en vocale zet op precies de juiste plek, alleen al daarom is het elke keer een genot om te draaien. Ook de vibe is helemaal geweldig: heerlijk onbezorgd en smoor en highschool love.
Wat het uiteindelijk naar een nog hoger plan tilt (en in hoeverre dit opzet is weet ik echt niet) is de productie: om de één of andere reden is de mix vrij apart (zeker voor een groep die in Japan dan wel weer heel groot en heel mainstream was) – nogal dof en gecomprimeerd (zowel aardig wat stukken zang als vrijwel alle andere instrumentatie), met best zwaar ingemixte kicks die de overige (sowieso al zacht ingemixte) instrumentatie zeker in de refreinen aardig overstemmen (ook hoorbaar op hoe de claps klinken bijvoorbeeld). Highschool Love klinkt daardoor volstrekt uniek en echt fucking lekker en heeft een heel subtiele outsider music-sfeer. En tja, misschien was het wél gewoon een meesterzet en volledig met opzet, ik weet het niet, er zijn hier en daar wel meer eigenaardigheden te vinden in E-girlsliedjes (zoals het volstrekt uit de toon zingen in het intro van Move It!, bijvoorbeeld).
Voor de duidelijkheid: mijn liefde voor dit nummer is echt 100% oprecht en 0% ‘ironisch genieten’ (ik kan daar sowieso niks mee), Highschool Love vind ik echt fucking geweldig.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny en The Gerogerigegege).
Vorige notering: geen (maar End of the Line stond op 84, dus ⇧+42 voor Sleigh Bells)
Hier op Spotify
Vorige keer stond het mooie líedje End of the Line nog in mijn top 100, maar dit keer is het Infinity Guitars, dat veel meer een nummer is van de Sleigh Bells zoals ik ze ooit leerde kennen: die perfecte mix van cheerleader cheers, Britney Spears, noiserockgitaren en overstuurde drums, allemaal zo ver het diepdonkerrood in geduwd dat je er aan de andere kant weer uitkomt en daar is de pure, fonkelende, schitterende, hemelse, sprankelende gelukzaligheid. Treats staat vol met dit soort heerlijke nummers (ook Straight A’s en de titeltrack waren zeker kanshebbers op een plekje in de top 100) waarop perfecte, in karamel gedompelde popliedjes met onversneden liefde en kracht de oversturing in worden gedrukt, wat dan zoiets oplevert als dit geweldige Infinity Guitars, dat inzet met die overrompelende drums en Alexis die haar teksten daaroverheen roept (geen ander woord is passender) als een Hilary Duff die ooit ergens een verkeerde (= de juiste) afslag heeft genomen en in plaats van op het podium onder de bleachers terechtkwam waar ze met haar clubje misfits de oortjes van een stelletje blokkerige oude walkmans deelde om zo in het linkeroor So Yesterday te horen en in het rechteroor Milk It. Hoe Infinity Guitars dan – feedback squeal – helemaal losgaat na 2 minuten is één van de meest cathartische momenten ooit in muziek.
41. Saetia – Postlapsaria (van Saetia, 1998)
Vorige notering: geen (maar Some Natures Catch No Plagues stond op 64, dus ⇧+23 voor Saetia)
Hier op Spotify
Saetia is één van de oerscreamobands, al voelt het een beetje gek dat te zeggen over een band die (pas) debuteerde in 1997 – er waren op dat moment al genoeg legendarische bands en releases in dit schreeuwerige hoekje herrie (Portraits of Past, Mohinder, Honeywell, Antioch Arrow, Swing Kids – ze debuteerden allemaal al vóór 1995), maar toch markeert Saetia wel een omslag in de ontwikkeling van emo naar screamo en zetten ze met hun beknopte discografie de toon voor wat zou volgen: Saetia heeft ontzettend veel bands beïnvloed en leverde nadat het de gitaren en de verziekte stembanden aan de wilgen had gehangen ook nog eens leden aan cultbands Off Minor en Hot Cross. Niet misselijk.
Vorige keer stond Some Natures Catch No Plagues in mijn top 100, het nummer dat mijn kennismaking was met Saetia inmiddels zo’n 20 jaar geleden en dat nog steeds een hoogtepuntje is in hun (nogmaals) beknopte discografie. Retenerveuze muziek is het, de boog gespannen, de zenuwen voelbaar, de zang gepijnigd, de uitbarsting (“There is no happy here!”) legendarisch en uniek, die ontlading die alsnog ergens niet helemaal wil of kán – de spanning blijft voelbaar, de nervositeit bijna tastbaar, en áls het al ergens ontlaadt is dat net voor de 3 minuten met die pijnlijk prachtige gitaarloopjes.
Maar goed, Some Natures Catch No Plagues staat er dus niet meer in, want Postlapsaria is al een tijdje mijn Saetiafavoriet. Ook in dit nummer is een voortdurende dreiging voelbaar, een onderhuidse pijn, zenuwen en zenuwen en zenuwen. Die schelle huilzang van Billy, dat genoodle op de gitaar, die nerveuze drums, ze dragen allemaal bij aan het gevoel dat ook op Some Natures Catch No Plagues zo goed voelbaar is. Waar Postlapsaria nog even keihard over de schoonheid van dat nummer heengaat is op de momenten dat die gruizige, gierende gitaar het nummer binnenknalt, zoals op 1:30 en in een zo mooi gevonden variatie erop rond 3:05, als het dan soms bijna shoegazescreamo wordt. Net als Some Natures Catch No Plagues eindigt ook Postlapsaria met een prachtige coda wat het nummer helemaal afmaakt. Een absoluut screamomeesterwerkje.
40. E-Girls – Highschool Love (van E.G. TIME, 2015)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Dat een hier totaal onbekend nummer van een in het Westen ook nagenoeg onbekende J-popgroep (die ik verder wel oké vond (inmiddels weer uit elkaar) maar buiten mijn paar lievelingsnummers nooit zo intensief heb beluisterd als andere genoteerde J-poppers als Ayumi Hamasaki (spoiler), Utada Hikaru en Dempagumi.inc, die ook allemaal wél weer een flinke fanbasis buiten Japan hebben) zo hoog staat is ergens verrassend (sorry, wat een kutzin met veel te veel en veel te lange parentheses
). Voor Highschool Love bevat een standaard Van Dale echter niet eens genoeg positieve bijvoeglijk naamwoorden en superlatieven om het echt eer aan te doen. Sowieso zit het hele nummer echt zo fijn in elkaar; het is zo belachelijk bevredigend lekker opgebouwd, geen momentje overbodig, elk geluidje en bruggetje en vocale zet op precies de juiste plek, alleen al daarom is het elke keer een genot om te draaien. Ook de vibe is helemaal geweldig: heerlijk onbezorgd en smoor en highschool love.Wat het uiteindelijk naar een nog hoger plan tilt (en in hoeverre dit opzet is weet ik echt niet) is de productie: om de één of andere reden is de mix vrij apart (zeker voor een groep die in Japan dan wel weer heel groot en heel mainstream was) – nogal dof en gecomprimeerd (zowel aardig wat stukken zang als vrijwel alle andere instrumentatie), met best zwaar ingemixte kicks die de overige (sowieso al zacht ingemixte) instrumentatie zeker in de refreinen aardig overstemmen (ook hoorbaar op hoe de claps klinken bijvoorbeeld). Highschool Love klinkt daardoor volstrekt uniek en echt fucking lekker en heeft een heel subtiele outsider music-sfeer. En tja, misschien was het wél gewoon een meesterzet en volledig met opzet, ik weet het niet, er zijn hier en daar wel meer eigenaardigheden te vinden in E-girlsliedjes (zoals het volstrekt uit de toon zingen in het intro van Move It!, bijvoorbeeld).
Voor de duidelijkheid: mijn liefde voor dit nummer is echt 100% oprecht en 0% ‘ironisch genieten’ (ik kan daar sowieso niks mee), Highschool Love vind ik echt fucking geweldig.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny en The Gerogerigegege).
1
geplaatst: 14 januari 2024, 21:50 uur
Saetia
Dat album uit 1998 is echt een van de grote emo-/screamoklassiekers. Zelf een enorm zwak voor An Open Letter, die had ook best in mijn top 100 kunnen staan eigenlijk, maar alles daarop is geweldig.
Dat album uit 1998 is echt een van de grote emo-/screamoklassiekers. Zelf een enorm zwak voor An Open Letter, die had ook best in mijn top 100 kunnen staan eigenlijk, maar alles daarop is geweldig.
2
geplaatst: 15 januari 2024, 09:48 uur
39. Bakans – Demo (van Demo, 2007)
Vorige notering: 12 (⇩-27)
Niet op Spotify, Bandcamp of Soundcloud
Demo behoort tot een illustere subset van mijn top 100 die je, als je het echt graag zou willen, zou kunnen diskwalificeren “want het is toch geen líedje” (en niet eens omdat het pokkeherrie is, al is het dat ook, maar omdat je allerlei discrete momenten kunt onderscheiden die je wellicht, ergens, op de één of andere manier líedjes zou kunnen noemen). Waarom zou je dat echter willen? Demo is (ja ja) de demotape van het Japanse project Bakans en uitgebracht op het fenomenale label Shit Eye. In 20 minuten stuitert deze tape alle kanten op:
Ja, da’s echt even traantjes wegpinken hoor, aan het eind, en dat terwijl je minuten ervoor nog middenin razende speedcore met falsetto gekrijs zat. Zet maar een teiltje klaar, dat ga je nodig hebben. Eerst omdat je moet huilen van het lachen en dan huilen van het huilen. “Does humor belong in music?” Eh, ja, wel als je Bakans heet. Ook het epische clipje van Vivalt (die livebeelden
) wil ik hier graag nog even linken. Wat een plezier 
38. ABRA – Pull Up (van Princess, 2016)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Pull Up was, hoe toepasselijk, een diepnachtelijke ontdekking. Een avond die achter de laptop begon met een zoektocht naar nieuwe muziek en die ergens ver na middernacht leidde tot dit nummer, dat me direct betoverde, met zijn zwoele, onheilspellende vibe en bijpassende clip. Een repetitieve, broeierige drumcomputer (met een ritme dat ABRA nog op andere nummers zou gebruiken, maar nergens zo effectief als hier), soms nét dissonante instrumentatie, die oh zo heerlijke, heerlijk diepe bas zoals die invalt als ABRA zingt, “You don’t wanna be in love, no, you think it’s that easy to walk out the fold”. Er gaat een subtiele (of…?) dreiging én verleiding uit van dit nummer die de in ijskoude, helblauwe neontonen opgetrokken videoclip, overigens geregisseerd door ABRA zelf, perfect weet te vangen.
37. Sines X God Dembow Edit (single, 2020?)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Niet op Spotify (maar wel op Bandcamp)
Ik heb in mijn recensie bij Worldwide Angel van Bad Gyal mijn route naar en door neoperreo al gedocumenteerd, dus die hoef ik hier niet uitgebreid te herhalen; duidelijk is dat ik sinds mijn eerste kennismaking met het genre eind 2017 in ieder geval enthousiast alle beschikbare kanalen ben gaan afzoeken op zoek naar méér. In mijn (eeuwige work-in-progress) neoperreo-favorieten-lijstje op RYM heb ik daarnaast weleens iets neergepend over het feit dat veel spannende dingen in deze scene niet bleken te gebeuren op de tot dan toe door mij veelgebruikte media (eerst fysiek, toen Spotify en Bandcamp) en dat ik op Soundcloud juist veel meer van mijn gading kon vinden. Stomende tracks met onduidelijke attributie, vage tags, volstrekt onbekende artiesten - ze bleken er in overvloed te vinden zijn.
Wellicht het ultieme voorbeeld hiervan was en is deze fantastische track. Ik vond hem destijds, 2018, zonder enige context op een Soundcloud-pagina van een user genaamd Stripper Latina, vergezeld van een afbeelding waarop een lid van Malice Mizer te ontwaren is met de caption [lesbian silence] eronder, getagd #69bootlegs. De vage titel (Sines X God Dembow Edit), zonder duidelijk te identificeren artiest, hielp ook niet veel. Sines kon ik wel vinden - bleek een producer te zijn - maar deze track of iets wat er ook maar op leek kon ik in al zijn output niet vinden. In de comments op Soundcloud had iemand ooit wel geplaatst dat het een ‘cheap edit of an amazing track was’, maar mijn vraag om opheldering hierop werd helaas nooit beantwoord. Onbevredigend, maar het was zo – Sines X God Dembow Edit werd een grote favoriet en werd ook de grote neoperreo-favoriet van mijn vrouw, die hem het absolute hoogtepunt vond van mijn eigen mixtape Post-Perreo 2.
Jaren later kwam er via twee routes toch een soort van closure. Ik editte een simpele video (met oude beelden van een Thunderdome-VHS) bij het nummer bij elkaar en plaatste deze op mijn YouTube*, waarop ik een copyright notice kreeg - voor God van Sinjin Hawke en Zora Jones. Dát bleek dus de track waarvan een ‘cheap edit’ was gemaakt - in ieder geval één (half) mysterie opgelost. Mysterie 2 kreeg een (soort van) oplossing via Bandcamp, waar Chico Sonido sinds (als ik het me goed herinner) ergens begin 2020 begon met het publiceren van een release genaamd 69 Bootlegs Pack. Hier was een tracklist van 69 potentiële tracks zichtbaar en een releasedatum; de tracklist vulde echter maar langzaam en de releasedatum bleef maar vooruitschuiven. In augustus 2021 was 69 Bootlegs Pack éindelijk compleet - en daartussen, natuurlijk, Sines X God Dembow Edit. Een werkje van Chico Sonido dus (?). Mogelijk, maar echt duidelijk is het nog steeds niet - op RYM staat 69 Bootlegs Pack als een compilatie en Chico Sonido ‘slechts’ als compiler. Tja. Hoe dan ook, cheap edit of niet, absoluut briljante track.
* Voor Post-Perreo 4 maakte ik later een half uur lange, zorgvuldig geëdite video met óók beelden van oude gabberfeesten, en met crowd sounds + reverb op de audio toegevoegd - een immersive experience.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny, The Gerogerigegege, Bakans en Sines).
Vorige notering: 12 (⇩-27)
Niet op Spotify, Bandcamp of Soundcloud
Demo behoort tot een illustere subset van mijn top 100 die je, als je het echt graag zou willen, zou kunnen diskwalificeren “want het is toch geen líedje” (en niet eens omdat het pokkeherrie is, al is het dat ook, maar omdat je allerlei discrete momenten kunt onderscheiden die je wellicht, ergens, op de één of andere manier líedjes zou kunnen noemen). Waarom zou je dat echter willen? Demo is (ja ja) de demotape van het Japanse project Bakans en uitgebracht op het fenomenale label Shit Eye. In 20 minuten stuitert deze tape alle kanten op:
Geheel begint met wat vage hiphopbeats, schakelt daarna over op intens snelle basdrummetjes met daaroverheen hoge noisecorevocalen, schiet zo een kwartier ofzo ongecontroleerd door allerhande herrie heen, en eindigt met een prachtig meerstemmig gezongen tranentrekkertje.
Ja, da’s echt even traantjes wegpinken hoor, aan het eind, en dat terwijl je minuten ervoor nog middenin razende speedcore met falsetto gekrijs zat. Zet maar een teiltje klaar, dat ga je nodig hebben. Eerst omdat je moet huilen van het lachen en dan huilen van het huilen. “Does humor belong in music?” Eh, ja, wel als je Bakans heet. Ook het epische clipje van Vivalt (die livebeelden
) wil ik hier graag nog even linken. Wat een plezier 
38. ABRA – Pull Up (van Princess, 2016)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Pull Up was, hoe toepasselijk, een diepnachtelijke ontdekking. Een avond die achter de laptop begon met een zoektocht naar nieuwe muziek en die ergens ver na middernacht leidde tot dit nummer, dat me direct betoverde, met zijn zwoele, onheilspellende vibe en bijpassende clip. Een repetitieve, broeierige drumcomputer (met een ritme dat ABRA nog op andere nummers zou gebruiken, maar nergens zo effectief als hier), soms nét dissonante instrumentatie, die oh zo heerlijke, heerlijk diepe bas zoals die invalt als ABRA zingt, “You don’t wanna be in love, no, you think it’s that easy to walk out the fold”. Er gaat een subtiele (of…?) dreiging én verleiding uit van dit nummer die de in ijskoude, helblauwe neontonen opgetrokken videoclip, overigens geregisseerd door ABRA zelf, perfect weet te vangen.
37. Sines X God Dembow Edit (single, 2020?)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Niet op Spotify (maar wel op Bandcamp)
Ik heb in mijn recensie bij Worldwide Angel van Bad Gyal mijn route naar en door neoperreo al gedocumenteerd, dus die hoef ik hier niet uitgebreid te herhalen; duidelijk is dat ik sinds mijn eerste kennismaking met het genre eind 2017 in ieder geval enthousiast alle beschikbare kanalen ben gaan afzoeken op zoek naar méér. In mijn (eeuwige work-in-progress) neoperreo-favorieten-lijstje op RYM heb ik daarnaast weleens iets neergepend over het feit dat veel spannende dingen in deze scene niet bleken te gebeuren op de tot dan toe door mij veelgebruikte media (eerst fysiek, toen Spotify en Bandcamp) en dat ik op Soundcloud juist veel meer van mijn gading kon vinden. Stomende tracks met onduidelijke attributie, vage tags, volstrekt onbekende artiesten - ze bleken er in overvloed te vinden zijn.
Wellicht het ultieme voorbeeld hiervan was en is deze fantastische track. Ik vond hem destijds, 2018, zonder enige context op een Soundcloud-pagina van een user genaamd Stripper Latina, vergezeld van een afbeelding waarop een lid van Malice Mizer te ontwaren is met de caption [lesbian silence] eronder, getagd #69bootlegs. De vage titel (Sines X God Dembow Edit), zonder duidelijk te identificeren artiest, hielp ook niet veel. Sines kon ik wel vinden - bleek een producer te zijn - maar deze track of iets wat er ook maar op leek kon ik in al zijn output niet vinden. In de comments op Soundcloud had iemand ooit wel geplaatst dat het een ‘cheap edit of an amazing track was’, maar mijn vraag om opheldering hierop werd helaas nooit beantwoord. Onbevredigend, maar het was zo – Sines X God Dembow Edit werd een grote favoriet en werd ook de grote neoperreo-favoriet van mijn vrouw, die hem het absolute hoogtepunt vond van mijn eigen mixtape Post-Perreo 2.
Jaren later kwam er via twee routes toch een soort van closure. Ik editte een simpele video (met oude beelden van een Thunderdome-VHS) bij het nummer bij elkaar en plaatste deze op mijn YouTube*, waarop ik een copyright notice kreeg - voor God van Sinjin Hawke en Zora Jones. Dát bleek dus de track waarvan een ‘cheap edit’ was gemaakt - in ieder geval één (half) mysterie opgelost. Mysterie 2 kreeg een (soort van) oplossing via Bandcamp, waar Chico Sonido sinds (als ik het me goed herinner) ergens begin 2020 begon met het publiceren van een release genaamd 69 Bootlegs Pack. Hier was een tracklist van 69 potentiële tracks zichtbaar en een releasedatum; de tracklist vulde echter maar langzaam en de releasedatum bleef maar vooruitschuiven. In augustus 2021 was 69 Bootlegs Pack éindelijk compleet - en daartussen, natuurlijk, Sines X God Dembow Edit. Een werkje van Chico Sonido dus (?). Mogelijk, maar echt duidelijk is het nog steeds niet - op RYM staat 69 Bootlegs Pack als een compilatie en Chico Sonido ‘slechts’ als compiler. Tja. Hoe dan ook, cheap edit of niet, absoluut briljante track.
* Voor Post-Perreo 4 maakte ik later een half uur lange, zorgvuldig geëdite video met óók beelden van oude gabberfeesten, en met crowd sounds + reverb op de audio toegevoegd - een immersive experience.

En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny, The Gerogerigegege, Bakans en Sines).
3
geplaatst: 16 januari 2024, 10:46 uur
36. CL, Diplo, Riff Raff, OG Maco – Doctor Pepper (single, 2015)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotfy
Wat een combinatie van namen: OG ‘BITCH U GUESSED IT’ Maco, de enige echte brakke Riff Raff, groter-dan-grote naam Diplo en CL, die bekend werd als lid van de legendarische K-pop-groep 2NE1. Wat moet dat wel niet opleveren? Nou ja, Doctor Pepper dus. Over de kwaliteiten van OG Maco en Riff Raff kun je eindeloos discussiëren, maar als die brakke, lome, halfdronken en soms stuurse raps je een beetje liggen is dat hier op en top genieten (met heerlijke lines zoals “I can meditate, make my trunk levitate” en “put it on ice like the musicals”); CL is, hoewel je misschien anders zou verwachten (wat al niet helemaal eerlijk is, want Zuid-Korea heeft inmiddels een flinke vrouwelijke rapscene), een begaafde rapper en hoewel dit misschien niet het nummer is waarin ze deze kwaliteiten écht op en top kan laten zien zijn haar nasale stem en uitstekende delivery hier natuurlijk gewoon puur goud. De onheilspellende productie van Diplo past er perfect bij. Het is net Dr. Pepper: kunstmatige troep, verstand op nul met een blik in de hand en de blik op oneindig en maar chuggen die zooi. “Put it on ice bitch, Dr. Pepper.”
35. Orchid – New Jersey Vs. Valhalla (van Chaos Is Me, 1999)
Vorige notering: 24 (⇩-11)
Hier op Spotify
Ook dit jaar weer de hoogst genoteerde screamoband. Ik heb aan Orchid nu eenmaal mijn hart verpand. In de jaren waarin ik nu fan ben heb ik afwisselend Chaos Is Me, Dance Tonight! en de self-titled het beste album gevonden en ik vermoed dat dit zo nog wel even doorrouleert in mijn leven. Orchid maakte zich legendarisch met deze drie fantastische platen waarop een bijzonder agressieve vorm van screamo werd neergezet die nogal eens grenst aan grindcore en powerviolence maar die tegelijkertijd ook alle gevoeligheid en dynamiek van opperbeste screamo weet te behouden. Die groove die dit fantastische New Jersey Vs. Valhalla bijvoorbeeld bevat – zo door de jaren heen wél steeds mijn favoriete Orchid-track – die is toch echt wel uniek; wát een kracht, wát een gewicht, wát een felheid. Natuurlijk is de uitbarsting nooit ver weg, want dit nummer gaat vervolgens ook gewoon nog even op onvervalste screamo-die-dicht-bij-de-grindcore-ligt-wijze los en beukt zich helemaal bont en blauw tot ‘ie eruit ziet alsof ‘ie ergens te enthousiast in de pit bij een Brutality Will Prevail-concert heeft rondgesprongen. Ook het tóch altijd melodieuze gitaarwerk van Will Killingsworth, dat nog veel navolging kreeg in de screamoscene (en als producer drukt Killingsworth inmiddels ook alweer jaren zijn zeer welkome stempel op allerlei heftige plaatjes), verdient oneindig veel lof.
34. Elite Gymnastics – Minneapolis Belongs to You 2 (van Ruin 2, 2011)
Vorige notering: 9 (⇩-25)
Niet op Spotify
Ruin 2 was een meesterzet, eentje die, zoals ik eerder weleens ergens geschreven heb (vermoedelijk in de beschrijving bij deze track de vorige keer dat ik mijn top 100 plaatste) volgens mij zelfs voor maker Jaime Brooks ergens een verrassing was, een briljante waas aan muziek die ook in een waas gecreëerd moet zijn, het kan haast niet anders. Ruin 2 is onvast en vervliegt terwijl je ernaar luistert, één en al echo en reverb en ongrijpbare beats en melodieën. Voor en na Ruin 2 was Elite Gymnastics nooit meer dit – begrijp me niet verkeerd, het was vaak geweldig en er zijn tussen al het andere werk allerlei geweldige tracks te vinden (zoals het fenomenale Slime Crown of het geweldig shoegazy Little Things). Maar op Ruin 2 bouwde Jaime eerder op Ruin te vinden (en stilistisch uitwaaierende) tracks om tot spookachtige nieuwe versies die zo uniek waren dat ik in de jaren erna geprobeerd heb vergelijkbare muziek te vinden (o.a. door hier een tiptopic genaamd Beats & Ruis te starten) maar daar eigenlijk nooit in geslaagd ben. Ruin 2 blijft dus een uniek artefact en ik denk (nog steeds, in 2013 ook al) dat Minneapolis Belongs to You 2, met zijn al even onvaste tekst die fluisterend over de galmende, wankelende muziek heen schommelt, daarvan het hoogtepunt is.
Een paar leuke sidenotes nog hierbij: in het eerdergenoemde Zomergasten-topic (zie #69) was het nog een versie van Here, in Heaven dat ik noemde als het liedje dat iedereen gehoord moet hebben (een filmpje van een versie gespeeld door Conrad Tao, om precies te zijn, een filmpje dat inmiddels echter van het internet verdwenen is) en Here, in Heaven 2 was lange tijd mijn favoriet van Ruin 2; en: hoewel Elite Gymnastics jarenlang gestopt was/leek (Jaime Brooks was verdergegaan met Default Genders) is er (zo ontdekte ik vandaag als ik dit schrijf, 21 oktober 2023) bijna precies een jaar geleden, op 18 oktober 2022, een nieuwe Elite Gymnastics uitgebracht genaamd Snow Flakes 2022 (staat ook gewoon op MuMe zelfs) en – wat schetst mijn wel heel blijde verbazing – hierop staat de Conrad Tao-versie van Here, in Heaven. Heerlijk.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny, The Gerogerigegege, Bakans, Sines en Elite Gymnastics).
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotfy
Wat een combinatie van namen: OG ‘BITCH U GUESSED IT’ Maco, de enige echte brakke Riff Raff, groter-dan-grote naam Diplo en CL, die bekend werd als lid van de legendarische K-pop-groep 2NE1. Wat moet dat wel niet opleveren? Nou ja, Doctor Pepper dus. Over de kwaliteiten van OG Maco en Riff Raff kun je eindeloos discussiëren, maar als die brakke, lome, halfdronken en soms stuurse raps je een beetje liggen is dat hier op en top genieten (met heerlijke lines zoals “I can meditate, make my trunk levitate” en “put it on ice like the musicals”); CL is, hoewel je misschien anders zou verwachten (wat al niet helemaal eerlijk is, want Zuid-Korea heeft inmiddels een flinke vrouwelijke rapscene), een begaafde rapper en hoewel dit misschien niet het nummer is waarin ze deze kwaliteiten écht op en top kan laten zien zijn haar nasale stem en uitstekende delivery hier natuurlijk gewoon puur goud. De onheilspellende productie van Diplo past er perfect bij. Het is net Dr. Pepper: kunstmatige troep, verstand op nul met een blik in de hand en de blik op oneindig en maar chuggen die zooi. “Put it on ice bitch, Dr. Pepper.”
35. Orchid – New Jersey Vs. Valhalla (van Chaos Is Me, 1999)
Vorige notering: 24 (⇩-11)
Hier op Spotify
Ook dit jaar weer de hoogst genoteerde screamoband. Ik heb aan Orchid nu eenmaal mijn hart verpand. In de jaren waarin ik nu fan ben heb ik afwisselend Chaos Is Me, Dance Tonight! en de self-titled het beste album gevonden en ik vermoed dat dit zo nog wel even doorrouleert in mijn leven. Orchid maakte zich legendarisch met deze drie fantastische platen waarop een bijzonder agressieve vorm van screamo werd neergezet die nogal eens grenst aan grindcore en powerviolence maar die tegelijkertijd ook alle gevoeligheid en dynamiek van opperbeste screamo weet te behouden. Die groove die dit fantastische New Jersey Vs. Valhalla bijvoorbeeld bevat – zo door de jaren heen wél steeds mijn favoriete Orchid-track – die is toch echt wel uniek; wát een kracht, wát een gewicht, wát een felheid. Natuurlijk is de uitbarsting nooit ver weg, want dit nummer gaat vervolgens ook gewoon nog even op onvervalste screamo-die-dicht-bij-de-grindcore-ligt-wijze los en beukt zich helemaal bont en blauw tot ‘ie eruit ziet alsof ‘ie ergens te enthousiast in de pit bij een Brutality Will Prevail-concert heeft rondgesprongen. Ook het tóch altijd melodieuze gitaarwerk van Will Killingsworth, dat nog veel navolging kreeg in de screamoscene (en als producer drukt Killingsworth inmiddels ook alweer jaren zijn zeer welkome stempel op allerlei heftige plaatjes), verdient oneindig veel lof.
34. Elite Gymnastics – Minneapolis Belongs to You 2 (van Ruin 2, 2011)
Vorige notering: 9 (⇩-25)
Niet op Spotify
Ruin 2 was een meesterzet, eentje die, zoals ik eerder weleens ergens geschreven heb (vermoedelijk in de beschrijving bij deze track de vorige keer dat ik mijn top 100 plaatste) volgens mij zelfs voor maker Jaime Brooks ergens een verrassing was, een briljante waas aan muziek die ook in een waas gecreëerd moet zijn, het kan haast niet anders. Ruin 2 is onvast en vervliegt terwijl je ernaar luistert, één en al echo en reverb en ongrijpbare beats en melodieën. Voor en na Ruin 2 was Elite Gymnastics nooit meer dit – begrijp me niet verkeerd, het was vaak geweldig en er zijn tussen al het andere werk allerlei geweldige tracks te vinden (zoals het fenomenale Slime Crown of het geweldig shoegazy Little Things). Maar op Ruin 2 bouwde Jaime eerder op Ruin te vinden (en stilistisch uitwaaierende) tracks om tot spookachtige nieuwe versies die zo uniek waren dat ik in de jaren erna geprobeerd heb vergelijkbare muziek te vinden (o.a. door hier een tiptopic genaamd Beats & Ruis te starten) maar daar eigenlijk nooit in geslaagd ben. Ruin 2 blijft dus een uniek artefact en ik denk (nog steeds, in 2013 ook al) dat Minneapolis Belongs to You 2, met zijn al even onvaste tekst die fluisterend over de galmende, wankelende muziek heen schommelt, daarvan het hoogtepunt is.
Een paar leuke sidenotes nog hierbij: in het eerdergenoemde Zomergasten-topic (zie #69) was het nog een versie van Here, in Heaven dat ik noemde als het liedje dat iedereen gehoord moet hebben (een filmpje van een versie gespeeld door Conrad Tao, om precies te zijn, een filmpje dat inmiddels echter van het internet verdwenen is) en Here, in Heaven 2 was lange tijd mijn favoriet van Ruin 2; en: hoewel Elite Gymnastics jarenlang gestopt was/leek (Jaime Brooks was verdergegaan met Default Genders) is er (zo ontdekte ik vandaag als ik dit schrijf, 21 oktober 2023) bijna precies een jaar geleden, op 18 oktober 2022, een nieuwe Elite Gymnastics uitgebracht genaamd Snow Flakes 2022 (staat ook gewoon op MuMe zelfs) en – wat schetst mijn wel heel blijde verbazing – hierop staat de Conrad Tao-versie van Here, in Heaven. Heerlijk.

En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny, The Gerogerigegege, Bakans, Sines en Elite Gymnastics).
1
WVTRVE
geplaatst: 16 januari 2024, 20:12 uur
The Gerogerigege

Lekker vuig PE nummertje
Alhoewel ze voor mij wel altijd een noisecoreband blijven.

Lekker vuig PE nummertje

Alhoewel ze voor mij wel altijd een noisecoreband blijven.
1
geplaatst: 17 januari 2024, 10:07 uur
33. KARA – Pandora (van Pandora, 2012)
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Pandora is glitterende en glanzende danspop die je verder niet veel zult tegenkomen in mijn muziekbibliotheek, maar KARA doet het dan ook wel zó belachelijk catchy en overtuigend dat het niet anders kan dit nummer zo hoog staat in mijn top 100. Vorige keer heeft KARA de lijst net niet gehaald (en toen was het nog het ook geweldige Step dat kanshebber was). K-pop is natuurlijk een razendsnelle wereld waar de hype van vandaag morgen alweer vergeten is en KARA is wat dat betreft dus een formatie uit de steentijd. Er is echter zeker een reden dat sommige artiesten tot de K-canon zijn gaan behoren (denk ook aan Girls’ Generation en 2NE1) en de leden van KARA hebben hun plaats hierin dubbel en dwars verdiend. Pandora is een belachelijk effectief opgebouwd nummer met wel heel catchy hooks (dat pianootje, die strijkers, dat gitaartje!), compleet volgepropt met sublieme popmomentjes, fantastische percussie, een gruwelijk effectief ronkend synthloopje en een weergaloze, genadeloze drive. De jankende gitaren in de bridge maken het helemaal af. Pandora is top-K-pop.
32. Full of Hell – At the Cauldron’s Bottom (van Trumpeting Ecstasy, 2016)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
’s Werelds beste grindband, no contest. Full of Hell klinkt precies zoals grindcore zou moeten klinken: als het verloederde, doorgedraaide, tot extremen gedreven broertje van hardcore (hoe moet het dan niet klinken? Nou ja, niks moet, maar de lompere, loggere variant met te veel metal in de sound vind ik zelf gewoon een pak minder). Full of Hell is gezegend met zowel keelverziekende shrieks als een heerlijk brute brul, een drummer die alles helemaal de kreukels in blast én ook nog een geweldige groove in de vingers heeft en gitaar- en baswerk dat de perfecte metgezel is voor het in grijstinten opgetrokken, enigmatische en duivelse artwork dat de platen van deze band inmiddels al een paar jaar vergezelt. Full of Hell zoekt daarnaast ook nog eens graag het experiment op (de heren hebben een hoop affiniteit met o.a. harsh noise en power electronics, wat samenwerkingen (en intens spannende muziek) met o.a. Merzbow en Lingua Ignota opleverde) en is dus in alles een band naar mijn hart. Je kunt wel een aardige vergelijking trekken tussen At the Cauldron’s Bottom, de afsluiter van mijn favoriete Full of Hell-plaat Trumpeting Ecstasy, en Jane Doe, de afsluiter van de plaat met diezelfde titel van Converge. Beide zijn epische composities die minstens dubbel zo lang zijn als de rest van de nummers op de plaat en die op onvergetelijke wijze alle razende (hard-/grind)core die eraan voorafging een grandioze conclusie bezorgen. Zoals dit nummer op razend tempo van start gaat, dan nog even keihard een hogere versnelling invliegt terwijl zanger Dylan de albumtitel de microfoon inbrult en zich de tyfus krijst om dan uiteindelijk log en loodzwaar de oneindigheid in te kruipen met die sludgy afsluiting, het is een wonder als je aan het einde nog overeind staat. Verpletterend.
31. tricot – Setsuyakuka (van 3, 2017)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Ik ontdekte tricot net na de release van 3 (rijkelijk laat dus, jammer genoeg) en was direct verslaafd aan de hoekige mathrock van deze band die toen nog bestond uit twee dames op gitaar (waarbij Ikkyu, solo ook al op #93, ook nog de zang voor haar rekening nam) en één dame op basgitaar met tot dan toe voornamelijk wisselende drummers (inmiddels is het al een paar jaar Komaki). Vooral AND heb ik dat jaar echt vreselijk veel gedraaid. Tegendraadse ritmes, messcherp gitaarwerk, lekkere tempo’s, tricot was zeker in die tijd opzwepend en heerlijk dwars. Met de release van Makkuro in 2020 schoof de band meer op richting pop en toegankelijkere rock en verloor daarmee wel wat van zijn charme. Toen ik echter in 2022 de kans kreeg ze live te zien in de Melkweg greep ik die kans natuurlijk met beide handen aan, want live is het (aan alle filmpjes die online te vinden zijn te zien) echt een feestje – tricot is een band met fantastische podium presence en is ook technisch uitstekend. Balen dus dat ik precies die week op bed lag met een fikse griep (koortsig tot ijlen aan toe).
Het tricotnummer wat ik uiteindelijk het allerleukst vind is dit Setsuyakuka (“Redder’), dat alles in zich verenigt wat geweldig is aan tricot: ratelend, mathy drumwerk (met wel heel lekker snaregeluid en goddelijke roffeltjes), bovengenoemd messcherp gitaarwerk met hééérlijke melodietjes, een basgitaar die stronteigenwijs en retefunky zich overal doorheen wurmt en een Ikkyu die fantastisch bij stem is. Setsuyakuka klinkt ook nog eens zó ontzettend vrolijk en vreugdevol. De bijbehorende clip, waarin de dames vierenhalve minuut lang al dansend door allerlei Europese steden de camera achtervolgen, maakt het helemaal af. Wat een plezier, ik houd echt fuuuuuuuuuuuucking veel van tricot. (Dermate dat terwijl ik dit typ en het nummer luister denk, maar hoe de fuck staat dit maar op #31? We gaan het zien in de volgende editie!)
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny, The Gerogerigegege, Bakans, Sines en Elite Gymnastics).
Vorige notering: geen
Hier op Spotify
Pandora is glitterende en glanzende danspop die je verder niet veel zult tegenkomen in mijn muziekbibliotheek, maar KARA doet het dan ook wel zó belachelijk catchy en overtuigend dat het niet anders kan dit nummer zo hoog staat in mijn top 100. Vorige keer heeft KARA de lijst net niet gehaald (en toen was het nog het ook geweldige Step dat kanshebber was). K-pop is natuurlijk een razendsnelle wereld waar de hype van vandaag morgen alweer vergeten is en KARA is wat dat betreft dus een formatie uit de steentijd. Er is echter zeker een reden dat sommige artiesten tot de K-canon zijn gaan behoren (denk ook aan Girls’ Generation en 2NE1) en de leden van KARA hebben hun plaats hierin dubbel en dwars verdiend. Pandora is een belachelijk effectief opgebouwd nummer met wel heel catchy hooks (dat pianootje, die strijkers, dat gitaartje!), compleet volgepropt met sublieme popmomentjes, fantastische percussie, een gruwelijk effectief ronkend synthloopje en een weergaloze, genadeloze drive. De jankende gitaren in de bridge maken het helemaal af. Pandora is top-K-pop.
32. Full of Hell – At the Cauldron’s Bottom (van Trumpeting Ecstasy, 2016)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
’s Werelds beste grindband, no contest. Full of Hell klinkt precies zoals grindcore zou moeten klinken: als het verloederde, doorgedraaide, tot extremen gedreven broertje van hardcore (hoe moet het dan niet klinken? Nou ja, niks moet, maar de lompere, loggere variant met te veel metal in de sound vind ik zelf gewoon een pak minder). Full of Hell is gezegend met zowel keelverziekende shrieks als een heerlijk brute brul, een drummer die alles helemaal de kreukels in blast én ook nog een geweldige groove in de vingers heeft en gitaar- en baswerk dat de perfecte metgezel is voor het in grijstinten opgetrokken, enigmatische en duivelse artwork dat de platen van deze band inmiddels al een paar jaar vergezelt. Full of Hell zoekt daarnaast ook nog eens graag het experiment op (de heren hebben een hoop affiniteit met o.a. harsh noise en power electronics, wat samenwerkingen (en intens spannende muziek) met o.a. Merzbow en Lingua Ignota opleverde) en is dus in alles een band naar mijn hart. Je kunt wel een aardige vergelijking trekken tussen At the Cauldron’s Bottom, de afsluiter van mijn favoriete Full of Hell-plaat Trumpeting Ecstasy, en Jane Doe, de afsluiter van de plaat met diezelfde titel van Converge. Beide zijn epische composities die minstens dubbel zo lang zijn als de rest van de nummers op de plaat en die op onvergetelijke wijze alle razende (hard-/grind)core die eraan voorafging een grandioze conclusie bezorgen. Zoals dit nummer op razend tempo van start gaat, dan nog even keihard een hogere versnelling invliegt terwijl zanger Dylan de albumtitel de microfoon inbrult en zich de tyfus krijst om dan uiteindelijk log en loodzwaar de oneindigheid in te kruipen met die sludgy afsluiting, het is een wonder als je aan het einde nog overeind staat. Verpletterend.
31. tricot – Setsuyakuka (van 3, 2017)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Ik ontdekte tricot net na de release van 3 (rijkelijk laat dus, jammer genoeg) en was direct verslaafd aan de hoekige mathrock van deze band die toen nog bestond uit twee dames op gitaar (waarbij Ikkyu, solo ook al op #93, ook nog de zang voor haar rekening nam) en één dame op basgitaar met tot dan toe voornamelijk wisselende drummers (inmiddels is het al een paar jaar Komaki). Vooral AND heb ik dat jaar echt vreselijk veel gedraaid. Tegendraadse ritmes, messcherp gitaarwerk, lekkere tempo’s, tricot was zeker in die tijd opzwepend en heerlijk dwars. Met de release van Makkuro in 2020 schoof de band meer op richting pop en toegankelijkere rock en verloor daarmee wel wat van zijn charme. Toen ik echter in 2022 de kans kreeg ze live te zien in de Melkweg greep ik die kans natuurlijk met beide handen aan, want live is het (aan alle filmpjes die online te vinden zijn te zien) echt een feestje – tricot is een band met fantastische podium presence en is ook technisch uitstekend. Balen dus dat ik precies die week op bed lag met een fikse griep (koortsig tot ijlen aan toe).
Het tricotnummer wat ik uiteindelijk het allerleukst vind is dit Setsuyakuka (“Redder’), dat alles in zich verenigt wat geweldig is aan tricot: ratelend, mathy drumwerk (met wel heel lekker snaregeluid en goddelijke roffeltjes), bovengenoemd messcherp gitaarwerk met hééérlijke melodietjes, een basgitaar die stronteigenwijs en retefunky zich overal doorheen wurmt en een Ikkyu die fantastisch bij stem is. Setsuyakuka klinkt ook nog eens zó ontzettend vrolijk en vreugdevol. De bijbehorende clip, waarin de dames vierenhalve minuut lang al dansend door allerlei Europese steden de camera achtervolgen, maakt het helemaal af. Wat een plezier, ik houd echt fuuuuuuuuuuuucking veel van tricot. (Dermate dat terwijl ik dit typ en het nummer luister denk, maar hoe de fuck staat dit maar op #31? We gaan het zien in de volgende editie!)
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny, The Gerogerigegege, Bakans, Sines en Elite Gymnastics).
2
geplaatst: 18 januari 2024, 09:36 uur
30. The Jesus & Mary Chain – Just Like Honey (van Psychocandy, 1985)
Vorige notering: 15 (⇩-15)
Hier op Spotify
Ook Just Like Honey leerde ik kennen dankzij Lost in Translation, net als de #12 uit deze lijst (spoiler) – bij dat nummer ga ik wat dieper op dat verhaal in, dus dat laat ik hier even voor wat het is. Dan dus Just Like Honey, het nummer. Zo mooi als ik het vond móest ik natuurlijk de plaat waar dit nummer vandaan kwam hebben; zo kocht ik dus, nadat ik Psychocandy op mijn verlanglijst voor Sinterklaas had gezet (we deden surprises met de familie) en helaas níet had gekregen (een bekend verhaal inmiddels, want #78, maar dit keer was het mijn neef en niet mijn ouders), de plaat dan maar zelf en de eerste keer draaien staat me nog goed bij. Just Like Honey opende de plaat en was, zo keihard over de speakers thuis, misschien nog wel mooier dan ‘ie tot dan toe ooit geweest was. De shock die ik daarna ervaarde bij The Living End is echter ook memorabel: ik kwam er namelijk pas op dat moment achter dat Psychocandy zo’n gigantisch luide stofzuigerplaat was en ben naar de CD-speler toegerend om het geluid wat zachter te zetten. Het heeft ondanks mijn affiniteit met herrie wel even geduurd voor ik Psychocandy ben gaan waarderen en echte, onvoorwaardelijke liefde is het nooit geworden; hoewel ik de noisy tracks als The Living End en In a Hole wel leuk (maar niet wereldschokkend) vind, voelt zo’n track als Cut Dead, die (minder effectief) hetzelfde trucje opvoert als Just Like Honey, toch een beetje als een tweederangs kopie daarvan. Gelukkig doet dat niets af aan mijn liefde voor Just Like Honey, een nummer waarover ik op de universiteit ooit zelfs nog eens een kort essay schreef (en tijdens het schrijven had ik Just Like Honey eindeloos op repeat) en dat zich dus nog steeds met gemak onder de allerbeste nummers die ik ken kan scharen.
29. Dempagumi.inc – でんでんぱっしょん (Denden Passion) (van World Wide Dempa, 2013)
Vorige notering: geen (dit album kwam op de dag uit dat ik mijn #1 vorige keer postte, 11 december 2013!)
Hier op Spotify
Bij het album waarvan Denden Passion komt schreef ik dit:
Denden Passion heeft zware competitie van een aantal andere Dempagumi-tracks, maar wint het dit keer gewoon puur op spierballen, want geen andere track van deze groep knalt zo als deze.
28. DJ Tekkeño – EUROTEKKEÑO.HeXPERIENCE (van EUROTEKKEÑO.HeXPERIENCE, 2020)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Niet op Spotify (maar wel op Bandcamp)
Bij het album schreef ik:
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny, The Gerogerigegege, Bakans, Sines, Elite Gymnastics en DJ Tekkeño).
Vorige notering: 15 (⇩-15)
Hier op Spotify
Ook Just Like Honey leerde ik kennen dankzij Lost in Translation, net als de #12 uit deze lijst (spoiler) – bij dat nummer ga ik wat dieper op dat verhaal in, dus dat laat ik hier even voor wat het is. Dan dus Just Like Honey, het nummer. Zo mooi als ik het vond móest ik natuurlijk de plaat waar dit nummer vandaan kwam hebben; zo kocht ik dus, nadat ik Psychocandy op mijn verlanglijst voor Sinterklaas had gezet (we deden surprises met de familie) en helaas níet had gekregen (een bekend verhaal inmiddels, want #78, maar dit keer was het mijn neef en niet mijn ouders), de plaat dan maar zelf en de eerste keer draaien staat me nog goed bij. Just Like Honey opende de plaat en was, zo keihard over de speakers thuis, misschien nog wel mooier dan ‘ie tot dan toe ooit geweest was. De shock die ik daarna ervaarde bij The Living End is echter ook memorabel: ik kwam er namelijk pas op dat moment achter dat Psychocandy zo’n gigantisch luide stofzuigerplaat was en ben naar de CD-speler toegerend om het geluid wat zachter te zetten. Het heeft ondanks mijn affiniteit met herrie wel even geduurd voor ik Psychocandy ben gaan waarderen en echte, onvoorwaardelijke liefde is het nooit geworden; hoewel ik de noisy tracks als The Living End en In a Hole wel leuk (maar niet wereldschokkend) vind, voelt zo’n track als Cut Dead, die (minder effectief) hetzelfde trucje opvoert als Just Like Honey, toch een beetje als een tweederangs kopie daarvan. Gelukkig doet dat niets af aan mijn liefde voor Just Like Honey, een nummer waarover ik op de universiteit ooit zelfs nog eens een kort essay schreef (en tijdens het schrijven had ik Just Like Honey eindeloos op repeat) en dat zich dus nog steeds met gemak onder de allerbeste nummers die ik ken kan scharen.
29. Dempagumi.inc – でんでんぱっしょん (Denden Passion) (van World Wide Dempa, 2013)
Vorige notering: geen (dit album kwam op de dag uit dat ik mijn #1 vorige keer postte, 11 december 2013!)
Hier op Spotify
Bij het album waarvan Denden Passion komt schreef ik dit:
Only in Japan - wat een handige en breed inzetbare frase toch. Het land van de grote, grotere, grootste tegenstellingen en allerhande extremen - Harajuku, ero guro, yamanba, Yukio Mishima, Pinocchio 964, Hideshi Hino, Merzbow, Squirmfest, hikikomori, Ryu Murakami, pinchike, Fuji Kikaku, je kunt wel een tijdje doorgaan en alle exponenten en uitwassen van een maatschappij die nog altijd ondergedompeld is in traditionalisme proberen te noemen, maar er komt geen eind aan. Dat het muzikaal allemaal extreem kan is voor de meesten hier geen verrassing meer: Incapacitants, Hijokaidan, Merzbow, The Gerogerigegege, Kaoru Abe, Masonna, Hanatarash, Endon - één of meer van deze namen komt u inmiddels vast bekend voor. Dat het echter ook in de mainstream relatief extreem kan worden is echter misschien verrassender en tenminste bijzonder.
Uit deze extremere mainstream is één naam inmiddels onderdeel geworden van the collective (un)conscious trouwens: Kyary Pamyu Pamyu werd jaren geleden een kleine meme-hype toen de in suiker en glitter gewentelde stuiterpop van Pon Pon Pon (en de bijbehorende video, natuurlijk) opeens wat traction kreeg (zo was het een tijdje een populair onderwerp van reaction video's - immers niks zo leuk als je eigen bekrompenheid tentoonspreiden voor de rest van het interwebs). Kyary is raar, vreemd en ongewoon en zeker voor wie conventionelere fabriekspop gewend is is het allemaal maar bijzonder en raar en vreemd en ongewoon.
Sindsdien is Kyary Pamyu Pamyu's ster ook buiten Japan rijzende, met officiële releases in het Westen (een unicum voor J-pop-artiesten) en endorsements van o.a. Katy Perry, Grimes, Charlie XCX en Elite Gymnastics. Zowel met haar uiterlijk als haar muziek steekt ze er erg tussenuit en dat mag op aardige wat hippe credits rekenen. In haar thuisland hoort Kyary Pamyu Pamyu overigens gewoon in de (verder hartstikke hippe, hoor) mainstream en is ze een familievriendelijk idool voor zesjarige meisjes. (Om maar te zeggen, dat extreme is dan maar weer vrij relatief.)
Stop je Kyary Pamyu Pamyu echter in een blender met een paar lijntjes cocaïne, een vat energydrink en een halve vrachtwagen suiker en mix je dit alles op de hoogste snelheid dan is het resulterende papje - al draaiende op de hoogste snelheid - denpa (ook wel dempa), een parapluterm voor allerhande hieperdepieperdehyperactieve stuiterpop die, ja, natuurlijk only in Japan kan bestaan. Een beetje denpa-liedje zit vol tempo- en stemmingswisselingen, hyperactieve arrangementjes, onzinnig en razendsnel gebrabbel en gepiep en vooral héél, héél veel energie. (Met mijn zusje had ik het er eens over dat de betere denpa een soort pop-equivalent van chaotische hardcore á la Converge is.)
De absolute supersterren van de denpa zijn/waren (controversieel!) Dempagumi.inc. Ergens tussen 2013 en 2016 waren ze op hun hoogtepunt en slingerden ze het ene na het andere geweldige nummer de wereld in. Tracks als W.W.D, W.W.D Ⅱ, Den Den Passion, FD2 ~レゾンデートル大冒険~, Chururi Chururira, バリ3共和国 en ノットボッチ...夏 behoren zonder enige twijfel tot de denpa-canon en laten perfect horen waarom denpa zo'n ontzettend geweldig hoekje muziek is. Op dit debuutalbum (een aantal singles en een mini-album gingen het nog voor) wordt de belofte van de gekte nog het meest ingelost (al is de opvolger ook geweldig). Slechts heel soms is er ruimte voor wat relatieve rust en komen er tracks die voorbij die als iets traditionelere J-pop klinken. Daaromheen wordt onophoudelijk met tomeloze energie gestuiterd en gescandeerd en gespetterd. Last maar zeker niet least bevat deze plaat ook nog een gestoorde cover van Sabotage (jep, van de Beastie Boys).
Naast de gekte die Dempagumi op muzikaal gebied voortdurend op raketsnelheid genadeloos in je tedere smoelwerk bombardeert zit het ook visueel geweldig in elkaar: de clips van W.W.D en W.W.D II zijn bijvoorbeeld echt belachelijk episch en ook een clip als van Chururi Chururira is hyperkinetisch en fantastisch gemaakt. De afgelopen jaren zijn er helaas wat core members vertrokken (Moga!
Eimi!
NEMU!
), overigens inmiddels weer aangevuld en uitgebreid - ooit gestart met 5, op het hoogtepunt met 6 en inmiddels met 9 leden. De meest recente plaat DEMPARK!!! (JA MET HOOFDLETTERS EN DRIE UITROEPTEKENS NATUURLIJK!!!) haalt het hoge niveau van World Wide Dempa en WWDD zeker niet, al zitten ook hier nog wat geweldige tracks tussen zoals het superleuke MIKATAせずにはいられないっ!. Hoe dan ook, de ADHD-muziek van Dempagumi ligt helemaal in mijn straatje, gewoon geweldige shit dit.
Uit deze extremere mainstream is één naam inmiddels onderdeel geworden van the collective (un)conscious trouwens: Kyary Pamyu Pamyu werd jaren geleden een kleine meme-hype toen de in suiker en glitter gewentelde stuiterpop van Pon Pon Pon (en de bijbehorende video, natuurlijk) opeens wat traction kreeg (zo was het een tijdje een populair onderwerp van reaction video's - immers niks zo leuk als je eigen bekrompenheid tentoonspreiden voor de rest van het interwebs). Kyary is raar, vreemd en ongewoon en zeker voor wie conventionelere fabriekspop gewend is is het allemaal maar bijzonder en raar en vreemd en ongewoon.
Sindsdien is Kyary Pamyu Pamyu's ster ook buiten Japan rijzende, met officiële releases in het Westen (een unicum voor J-pop-artiesten) en endorsements van o.a. Katy Perry, Grimes, Charlie XCX en Elite Gymnastics. Zowel met haar uiterlijk als haar muziek steekt ze er erg tussenuit en dat mag op aardige wat hippe credits rekenen. In haar thuisland hoort Kyary Pamyu Pamyu overigens gewoon in de (verder hartstikke hippe, hoor) mainstream en is ze een familievriendelijk idool voor zesjarige meisjes. (Om maar te zeggen, dat extreme is dan maar weer vrij relatief.)
Stop je Kyary Pamyu Pamyu echter in een blender met een paar lijntjes cocaïne, een vat energydrink en een halve vrachtwagen suiker en mix je dit alles op de hoogste snelheid dan is het resulterende papje - al draaiende op de hoogste snelheid - denpa (ook wel dempa), een parapluterm voor allerhande hieperdepieperdehyperactieve stuiterpop die, ja, natuurlijk only in Japan kan bestaan. Een beetje denpa-liedje zit vol tempo- en stemmingswisselingen, hyperactieve arrangementjes, onzinnig en razendsnel gebrabbel en gepiep en vooral héél, héél veel energie. (Met mijn zusje had ik het er eens over dat de betere denpa een soort pop-equivalent van chaotische hardcore á la Converge is.)
De absolute supersterren van de denpa zijn/waren (controversieel!) Dempagumi.inc. Ergens tussen 2013 en 2016 waren ze op hun hoogtepunt en slingerden ze het ene na het andere geweldige nummer de wereld in. Tracks als W.W.D, W.W.D Ⅱ, Den Den Passion, FD2 ~レゾンデートル大冒険~, Chururi Chururira, バリ3共和国 en ノットボッチ...夏 behoren zonder enige twijfel tot de denpa-canon en laten perfect horen waarom denpa zo'n ontzettend geweldig hoekje muziek is. Op dit debuutalbum (een aantal singles en een mini-album gingen het nog voor) wordt de belofte van de gekte nog het meest ingelost (al is de opvolger ook geweldig). Slechts heel soms is er ruimte voor wat relatieve rust en komen er tracks die voorbij die als iets traditionelere J-pop klinken. Daaromheen wordt onophoudelijk met tomeloze energie gestuiterd en gescandeerd en gespetterd. Last maar zeker niet least bevat deze plaat ook nog een gestoorde cover van Sabotage (jep, van de Beastie Boys).
Naast de gekte die Dempagumi op muzikaal gebied voortdurend op raketsnelheid genadeloos in je tedere smoelwerk bombardeert zit het ook visueel geweldig in elkaar: de clips van W.W.D en W.W.D II zijn bijvoorbeeld echt belachelijk episch en ook een clip als van Chururi Chururira is hyperkinetisch en fantastisch gemaakt. De afgelopen jaren zijn er helaas wat core members vertrokken (Moga!
Eimi!
NEMU!
), overigens inmiddels weer aangevuld en uitgebreid - ooit gestart met 5, op het hoogtepunt met 6 en inmiddels met 9 leden. De meest recente plaat DEMPARK!!! (JA MET HOOFDLETTERS EN DRIE UITROEPTEKENS NATUURLIJK!!!) haalt het hoge niveau van World Wide Dempa en WWDD zeker niet, al zitten ook hier nog wat geweldige tracks tussen zoals het superleuke MIKATAせずにはいられないっ!. Hoe dan ook, de ADHD-muziek van Dempagumi ligt helemaal in mijn straatje, gewoon geweldige shit dit.
Denden Passion heeft zware competitie van een aantal andere Dempagumi-tracks, maar wint het dit keer gewoon puur op spierballen, want geen andere track van deze groep knalt zo als deze.

28. DJ Tekkeño – EUROTEKKEÑO.HeXPERIENCE (van EUROTEKKEÑO.HeXPERIENCE, 2020)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Niet op Spotify (maar wel op Bandcamp)
Bij het album schreef ik:
HexD is een relatief nieuwe stijl/hype/innovatie (doorhalen wat voor u niet van toepassing is) die gekenmerkt wordt door extreem overstuurd, gecomprimeerd gebitcrusht geluid - zo ongeveer hoe het zou klinken als je je favoriete Happy Hardcore-volume in een wel heel lage bitrate op 11 uit de speakers van je Gameboy zou laten schallen. Hierin - net als andere relatief moderne stijlen als vaporwave en utopian virtual - laat het zich inspireren door de esthetiek van een ander tijdperk en de (on)mogelijkheden en (on)gemakken van digitaliteit: zowel visueel als sonisch zit veel HexD ergens op het snijpunt van Pokémon Gold, Rave Parade 5, Sega Dreamcast, Wipeout 2097 en Trance Energy, muziek waarvan je de polygonen op twee handen kunt tellen en die even veel snelheidsovertredingen maakt als Sonic in je favoriete Sonic-game. Het gros van de HexD-releases is net als veel gerelateerde stijlen opgebouwd uit (overstuurde) fragmentjes en (gebitcrushte) stukjes van andere liedjes, veelal met amateuristische verve aan elkaar gedraaid tot knallende DJ-mixes.
DJ Tekkeño is een Chileense muzikante die met EUROTEKKEÑO.hEXPERIENCE mijn persoonlijke lievelings-HexD-mix heeft gemaakt, een mix die in iets meer dan een kwartiertje precies laat horen wat er nou zo ontzettend leuk is aan deze stijl/hype/innovatie (wederom doorhalen wat voor u niet van toepassing is). Deze mix knalt in zijn korte speeltijd door een heel stapeltje happy hardcore en trance en vergelijkbare stuiterhouse, hier en daar met heerlijk omhoog gepitchte vocalen en rijkelijk besprenkeld met passende geluidseffectjes als cartoony slipper-de-slipper-de-slips en pwoingende veertjes. Het is allemaal belachelijk energiek en uiteraard is dat één van de vele redenen dat dit me zo bevalt: het knettert en ratelt maar door als Jochem Myjer met een six-pack Red Bull achter de kiezen en muzikaal is dat nou precies in mijn straatje. Als er dan richting het einde van de mix zo uit het niets plots nog een wel heel geniale dembow-versie van de Jurassic Park-theme voorbij stuitert heb je me helemaal. Bijkomend voordeel van de speelduur: je kunt hem daarna gewoon nog een keer op zetten.
Volgens mij ook nog eens een uitstekend instapplaatje voor wie nieuwsgierig is naar HexD en natuurlijk gratis streambaar op de Bandcamp van Dismiss Yourself.
DJ Tekkeño is een Chileense muzikante die met EUROTEKKEÑO.hEXPERIENCE mijn persoonlijke lievelings-HexD-mix heeft gemaakt, een mix die in iets meer dan een kwartiertje precies laat horen wat er nou zo ontzettend leuk is aan deze stijl/hype/innovatie (wederom doorhalen wat voor u niet van toepassing is). Deze mix knalt in zijn korte speeltijd door een heel stapeltje happy hardcore en trance en vergelijkbare stuiterhouse, hier en daar met heerlijk omhoog gepitchte vocalen en rijkelijk besprenkeld met passende geluidseffectjes als cartoony slipper-de-slipper-de-slips en pwoingende veertjes. Het is allemaal belachelijk energiek en uiteraard is dat één van de vele redenen dat dit me zo bevalt: het knettert en ratelt maar door als Jochem Myjer met een six-pack Red Bull achter de kiezen en muzikaal is dat nou precies in mijn straatje. Als er dan richting het einde van de mix zo uit het niets plots nog een wel heel geniale dembow-versie van de Jurassic Park-theme voorbij stuitert heb je me helemaal. Bijkomend voordeel van de speelduur: je kunt hem daarna gewoon nog een keer op zetten.
Volgens mij ook nog eens een uitstekend instapplaatje voor wie nieuwsgierig is naar HexD en natuurlijk gratis streambaar op de Bandcamp van Dismiss Yourself.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny, The Gerogerigegege, Bakans, Sines, Elite Gymnastics en DJ Tekkeño).
1
WVTRVE
geplaatst: 19 januari 2024, 01:28 uur
DJ Tekkeño is echt wel een vibe 
Full of Hell niet verwacht, wel een leuk nummer maar werelds beste grind? Ga je niet liever voor een brakker bakkie?

Full of Hell niet verwacht, wel een leuk nummer maar werelds beste grind? Ga je niet liever voor een brakker bakkie?
0
geplaatst: 19 januari 2024, 08:49 uur
Ik heb grind altijd wel lekker gevonden maar geen band die me echt pákte pakte (of zo erg pakte) tot Full of Hell. Sindsdien zijn er wel andere bands die ik ook echt steengoed vind ((vooral oudere) Gridlink, Discordance Axis bijvoorbeeld) maar die zijn ook niet echt voorbeelden van een 'brakker bakkie', zou ik zeggen. 

1
geplaatst: 19 januari 2024, 08:53 uur
27. Tiny Moving Parts – For the Sake of Brevity (van For the Sake of Brevity/Fishbowl, 2019)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Ik ontdekte Tiny Moving Parts ergens in 2019 met Headache en daarna al gauw het hele album Celebrate, waarmee dat direct één van mijn lievelingsalbums werd en Tiny Moving Parts één van mijn lievelingsbands. Net na de release van Swell zag ik ze live in Utrecht en dat cementeerde alleen maar hun status. Het is een band die namelijk én technisch heel sterk is (en live moeiteloos reproduceert wat er op plaat staat) én die echt fantastisch is in liedjes schrijven en all the feels oproepen met hun hartverscheurende uithalen en hartverscheurende gitaarloopjes en hartverscheurende tromroffeltjes. (Als je na het luisteren van een Tiny Moving Parts-plaat nog hart over hebt is het knap.). Dat de leden dan ook Thursday, ook zo erg een band uit mijn tienerjaren, als één van hun voornaamste invloeden aandragen is niet erg verrassend, want er wordt inderdaad wel uit een vergelijkbaar vaatje getapt.
Tiny Moving Parts opereert ergens op het snijvlak van math rock, (midwest) emo en pop punk en beheerst dat zo goed dat ze eigenlijk niets mis kunnen doen. Hun laatste plaat is, knap genoeg, misschien wel mijn favoriet – niets van first cut is the deepest bij Tiny Moving Parts dus. For the Sake of Brevity, dan, is ergens een geval apart: ooit opgenomen voor Moving to Antarctica, dat de band zelf uitbracht maar sindsdien als een soort bastaardkind niet helemaal meer erkent (en toch is het zelfs in die versie best charmant – tegenwoordig gewoon weer op de Bandcamp van Tiny Moving Parts te vinden, zelfs; van de voorganger, Waves Recede…, is echter geen spoor), in 2019 opnieuw opgenomen voor een 7” samen met het ook erg leuke Fishbowl.
For the Sake of Brevity is echter hors categorie. “Listen up, cubs”, gilt Dylan over weemoedige en kraakheldere gitaarklanken. “Please don’t be afraid. This is the worst news I swear I’ll have to say to you: mom’s not here. God took her elsewhere, she’s playing with deer, where the snow is glistening year after year. I swear she’s not dead, but she’s never coming back again.” Met volle kracht knalt dan alles erin. Ongeëvenaard.
26. YUKI – Sakamichi No Melody (van Play Ball/Sakamichi No Melody, 2012)
Vorige notering: 10 (⇩-16)
Hier op Spotify
YUKI was ooit vooral de zangeres van het pop-punky Judy and Mary maar ging in de vroege 00s solo en dat leverde een ontzettende leuke eerste plaat op genaamd Prismic waarop zulke briljante tracks als Wakusei Ni Nore en Prism te vinden zijn. Zo goed als Prismic werd het solo echter niet meer, dus de in 2012 uitgebracht single Play Ball/Sakamichi no Melody ging in eerste instantie aan me voorbij. Gelukkig was daar McSavah, die dit fantastische plaatje in het J-K-C-pop-topic onder de aandacht kwam brengen. Het hele singletje is absoluut fantastisch: het energieke Play Ball is al geniaal, dat Sakamichi no Melody daar dan nog een schepje bovenop doet is bijna ongelooflijk. Die vibe, die trompetjes, zo veel heerlijke compositionele vondsten (die strijkertjes die invallen als het vuur van deze track nog verder aangewakkerd wordt, dat één-tweetje van 0:46 en 2:11 – nog meer goddelijke strijkertjes) wat is het toch een episch nummer. Natuurlijk deed het dus ook dienst als opening theme van een anime. Overigens wel leuk dat dit in 2013, toen dit nummer ook in mijn top 100 stond, nog nauwelijks streambaar was en uploads op YouTube e.d. met copyright strikes altijd gauw weer verwijderd werden (er was eigenlijk alleen een zogeheten music box-versie te vinden) maar dat deze inmiddels op Spotify staat en ook als officiële YouTube-upload beschikbaar is. Maakt het wat makkelijker kennis te maken met dit fantastische nummer.
25. Portishead – Threads (van Third, 2008)
Vorige notering: 45 (⇧+20)
Hier op Spotify
Ik heb een nicht die een jaar of 10 ouder is en het moet niet lang na de release van Dummy zijn geweest dat, toen we bij haar familie op bezoek waren, ik deze CD in de huiskamer zag liggen en direct gefascineerd was door de hoes. Het heeft nog jaren geduurd voor ik Dummy uiteindelijk hoorde; ik had toen, dankzij de associaties met mijn nicht en haar toffe muzieksmaak en die intrigerende hoes, al een heel mentaal beeld van deze plaat opgebouwd en gek genoeg klopte dat beeld heel erg. Ik bedoel, ik heb me heus echt niet letterlijk deze droeftoetertriphop voorgesteld, maar dat wat ik hoorde sloot wel volledig aan bij mijn verwachtingen. Naast Dummy kwam ook snel de zelfgetitelde opvolger (en nog wat later ook de beroemde liveplaat) in huis en deze albums hebben me jaren zoet gehouden. Door alle muzikale wisselingen van de wacht in mijn platenkast is Portishead altijd een vaste waarde geweest en nog steeds vind ik de eerste twee platen steengoed.
Het moet al in de vroege 00s zijn geweest dat geruchten over een derde Portisheadplaat de ronde begonnen te doen. Er had immers maar drie jaar tussen de eerste twee gezeten, dus dat we in 2000 nog geen nieuwe hadden was al jammer. Ik kan me nog levendig alle discussies en geruchten online herinneren (de nieuwe plaat zou dan in 2004, dan in 2005, etc. etc uitkomen, hij zou Alien gaan heten) maar er bleek elke keer niks van te kloppen en uiteindelijk leek het erop dat er nooit meer een nieuwe Portishead zou komen. Third was dan ook (in ieder geval voor mij) wel een verrassing en ik was in die periode niet meer dermate into Portishead dat ik er gelijk voor naar de platenzaak holde. Toen ik er dan uiteindelijk, een maandje na de release, eens aan toekwam wist ik niet wat me overkwam. Nog steeds was het onmiskenbaar Portishead, met die prachtige stem van Beth die ergens tussen regen en sigarettenrook zit, maar het geluid was veel experimenteler, met uitstapjes naar post-industrial en krautrock zonder de coherentie of de Portisheadsound ooit uit het oog te verliezen.
Ik heb Third grijsgedraaid en nog steeds vind ik het een overdonderend goede plaat (hoewel ik geen sterren meer uitdeel zou dit gemakkelijk een 5*-plaat zijn) met zo veel hoogtepunten: het ingetogen Hunter, het spookachtige The Rip met zijn magistrale tweede helft, het dystopisch-futuristische Machine Gun. Afsluiter Threads werd echter mijn favoriet: die kille strijkertjes die vanuit Magic Doors voortvloeien en de track voortdurend vergezellen alsof ‘ie behekst is, die haast apatische drums en gitaar, die opbouw tot dat even ingetogen als ontladende refrein, dat elke keer als het weer ingezet wordt intenser is en culmineert in de absolute climax van de song én de plaat, als Beth gepijnigd zingt, “When, where will I sleep, why am I not in all I got?” en er in de verte ondefinieerbare, ijzige klanken klinken (zijn het kreten, metalen percussie?). Langzaam ebt dit alles uiteindelijk weg en blijft er alleen een diep zoemende synth over die klinkt als een onheilspellend alarm dat niets anders dan de Apocalyps kan inluiden. Poe hé.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny, The Gerogerigegege, Bakans, Sines, Elite Gymnastics en DJ Tekkeño).
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Ik ontdekte Tiny Moving Parts ergens in 2019 met Headache en daarna al gauw het hele album Celebrate, waarmee dat direct één van mijn lievelingsalbums werd en Tiny Moving Parts één van mijn lievelingsbands. Net na de release van Swell zag ik ze live in Utrecht en dat cementeerde alleen maar hun status. Het is een band die namelijk én technisch heel sterk is (en live moeiteloos reproduceert wat er op plaat staat) én die echt fantastisch is in liedjes schrijven en all the feels oproepen met hun hartverscheurende uithalen en hartverscheurende gitaarloopjes en hartverscheurende tromroffeltjes. (Als je na het luisteren van een Tiny Moving Parts-plaat nog hart over hebt is het knap.). Dat de leden dan ook Thursday, ook zo erg een band uit mijn tienerjaren, als één van hun voornaamste invloeden aandragen is niet erg verrassend, want er wordt inderdaad wel uit een vergelijkbaar vaatje getapt.
Tiny Moving Parts opereert ergens op het snijvlak van math rock, (midwest) emo en pop punk en beheerst dat zo goed dat ze eigenlijk niets mis kunnen doen. Hun laatste plaat is, knap genoeg, misschien wel mijn favoriet – niets van first cut is the deepest bij Tiny Moving Parts dus. For the Sake of Brevity, dan, is ergens een geval apart: ooit opgenomen voor Moving to Antarctica, dat de band zelf uitbracht maar sindsdien als een soort bastaardkind niet helemaal meer erkent (en toch is het zelfs in die versie best charmant – tegenwoordig gewoon weer op de Bandcamp van Tiny Moving Parts te vinden, zelfs; van de voorganger, Waves Recede…, is echter geen spoor), in 2019 opnieuw opgenomen voor een 7” samen met het ook erg leuke Fishbowl.
For the Sake of Brevity is echter hors categorie. “Listen up, cubs”, gilt Dylan over weemoedige en kraakheldere gitaarklanken. “Please don’t be afraid. This is the worst news I swear I’ll have to say to you: mom’s not here. God took her elsewhere, she’s playing with deer, where the snow is glistening year after year. I swear she’s not dead, but she’s never coming back again.” Met volle kracht knalt dan alles erin. Ongeëvenaard.
26. YUKI – Sakamichi No Melody (van Play Ball/Sakamichi No Melody, 2012)
Vorige notering: 10 (⇩-16)
Hier op Spotify
YUKI was ooit vooral de zangeres van het pop-punky Judy and Mary maar ging in de vroege 00s solo en dat leverde een ontzettende leuke eerste plaat op genaamd Prismic waarop zulke briljante tracks als Wakusei Ni Nore en Prism te vinden zijn. Zo goed als Prismic werd het solo echter niet meer, dus de in 2012 uitgebracht single Play Ball/Sakamichi no Melody ging in eerste instantie aan me voorbij. Gelukkig was daar McSavah, die dit fantastische plaatje in het J-K-C-pop-topic onder de aandacht kwam brengen. Het hele singletje is absoluut fantastisch: het energieke Play Ball is al geniaal, dat Sakamichi no Melody daar dan nog een schepje bovenop doet is bijna ongelooflijk. Die vibe, die trompetjes, zo veel heerlijke compositionele vondsten (die strijkertjes die invallen als het vuur van deze track nog verder aangewakkerd wordt, dat één-tweetje van 0:46 en 2:11 – nog meer goddelijke strijkertjes) wat is het toch een episch nummer. Natuurlijk deed het dus ook dienst als opening theme van een anime. Overigens wel leuk dat dit in 2013, toen dit nummer ook in mijn top 100 stond, nog nauwelijks streambaar was en uploads op YouTube e.d. met copyright strikes altijd gauw weer verwijderd werden (er was eigenlijk alleen een zogeheten music box-versie te vinden) maar dat deze inmiddels op Spotify staat en ook als officiële YouTube-upload beschikbaar is. Maakt het wat makkelijker kennis te maken met dit fantastische nummer.

25. Portishead – Threads (van Third, 2008)
Vorige notering: 45 (⇧+20)
Hier op Spotify
Ik heb een nicht die een jaar of 10 ouder is en het moet niet lang na de release van Dummy zijn geweest dat, toen we bij haar familie op bezoek waren, ik deze CD in de huiskamer zag liggen en direct gefascineerd was door de hoes. Het heeft nog jaren geduurd voor ik Dummy uiteindelijk hoorde; ik had toen, dankzij de associaties met mijn nicht en haar toffe muzieksmaak en die intrigerende hoes, al een heel mentaal beeld van deze plaat opgebouwd en gek genoeg klopte dat beeld heel erg. Ik bedoel, ik heb me heus echt niet letterlijk deze droeftoetertriphop voorgesteld, maar dat wat ik hoorde sloot wel volledig aan bij mijn verwachtingen. Naast Dummy kwam ook snel de zelfgetitelde opvolger (en nog wat later ook de beroemde liveplaat) in huis en deze albums hebben me jaren zoet gehouden. Door alle muzikale wisselingen van de wacht in mijn platenkast is Portishead altijd een vaste waarde geweest en nog steeds vind ik de eerste twee platen steengoed.
Het moet al in de vroege 00s zijn geweest dat geruchten over een derde Portisheadplaat de ronde begonnen te doen. Er had immers maar drie jaar tussen de eerste twee gezeten, dus dat we in 2000 nog geen nieuwe hadden was al jammer. Ik kan me nog levendig alle discussies en geruchten online herinneren (de nieuwe plaat zou dan in 2004, dan in 2005, etc. etc uitkomen, hij zou Alien gaan heten) maar er bleek elke keer niks van te kloppen en uiteindelijk leek het erop dat er nooit meer een nieuwe Portishead zou komen. Third was dan ook (in ieder geval voor mij) wel een verrassing en ik was in die periode niet meer dermate into Portishead dat ik er gelijk voor naar de platenzaak holde. Toen ik er dan uiteindelijk, een maandje na de release, eens aan toekwam wist ik niet wat me overkwam. Nog steeds was het onmiskenbaar Portishead, met die prachtige stem van Beth die ergens tussen regen en sigarettenrook zit, maar het geluid was veel experimenteler, met uitstapjes naar post-industrial en krautrock zonder de coherentie of de Portisheadsound ooit uit het oog te verliezen.
Ik heb Third grijsgedraaid en nog steeds vind ik het een overdonderend goede plaat (hoewel ik geen sterren meer uitdeel zou dit gemakkelijk een 5*-plaat zijn) met zo veel hoogtepunten: het ingetogen Hunter, het spookachtige The Rip met zijn magistrale tweede helft, het dystopisch-futuristische Machine Gun. Afsluiter Threads werd echter mijn favoriet: die kille strijkertjes die vanuit Magic Doors voortvloeien en de track voortdurend vergezellen alsof ‘ie behekst is, die haast apatische drums en gitaar, die opbouw tot dat even ingetogen als ontladende refrein, dat elke keer als het weer ingezet wordt intenser is en culmineert in de absolute climax van de song én de plaat, als Beth gepijnigd zingt, “When, where will I sleep, why am I not in all I got?” en er in de verte ondefinieerbare, ijzige klanken klinken (zijn het kreten, metalen percussie?). Langzaam ebt dit alles uiteindelijk weg en blijft er alleen een diep zoemende synth over die klinkt als een onheilspellend alarm dat niets anders dan de Apocalyps kan inluiden. Poe hé.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny, The Gerogerigegege, Bakans, Sines, Elite Gymnastics en DJ Tekkeño).
4
geplaatst: 20 januari 2024, 10:02 uur
24. Joanna Newsom – Only Skin (van Ys, 2006)
Vorige notering: 17 (⇩-7)
Niet op Spotify (maar wel op Bandcamp, maar niet gratis te streamen)
Ik heb nooit zo ontzettend uitgekeken naar de release van een album als naar de release van Ys. In 2006 was ik helemaal verslingerd aan The Milk-Eyed Mender en was nieuws van een nieuwe Joanna Newsom dan ook een godsgeschenk. Al voordat de plaat goed en wel uit was werd duidelijk dat er slechts vijf tracks op zouden staan (en maakte Rolling Stone zich belachelijk, ik blijf erbij, óók 17 jaar later, door dit een EP te noemen en een povere beoordeling te geven) en ging er online verder allerlei rumoer rond, met discussies over artwork, titels, gastartiesten en zo meer (ik heb toen een tijdje op een forum rondgezworven dat volgens mij The Tadpoles heette o.i.d., waar Ys natuurlijk een hot topic was). Op 6 november 2006 zou Ys dan éindelijk in de winkel liggen, maar helaas hadden de platenzaken in Leiden, waar ik toen nog studeerde, hem nog niet binnen. Ook op 7 en 8 november ging ik uiteraard weer langs en moest ik weer met lege handen naar huis, maar op 9 november was het eindelijk zo ver.
Jeetje, de hype zal zo gigantisch zijn, dat kan dan toch alleen maar tegenvallen? Ys was echter een schot in de roos en ik hield al gauw net zo veel van deze tweede worp als van zijn voorganger. Wat het prijsnummer was werd mij al snel duidelijk: dat was natúúrlijk Only Skin, die compositie van dik 16 minuten die elke keer weer voorbij vlógen, een track die bestaat uit nauw verbonden maar afzonderlijk aktes die elk een wending geven aan het nummer (zo’n moment als op 3:54, als “Rowing along, along the reeds, along the rushes” inzet) en zich zo langzaam ontvouwt als een aanzwellende herfststorm, met rondwaaiende bladeren en een gure kou die naar haardvuur ruikt, een storm die wervelend en dwarrelend losbreekt op 7:36 (“Though we felt the spray of the waves, we decided to stay till the tide rose too far”). Het moment waarop, op 13:39, Bill Callahan dan nog binnenvalt met zijn baritoon (“All my bones, they are gone, gone, gone”, waarop Joanna dan kirt, “Take my bones, oh, I don’t need none”) is wel zo hemeltergend fucking mooi, ik word van Only Skin echt volledig week in de benen. Je kunt er wel pagina’s aan wijden, want ik heb nog geen letter geschreven over de geniale instrumentale keuzes die in dit nummer gemaakt worden of aan de schoonheid van de teksten zelf (hierboven immers enkel als referentie naar momenten in de tracks).
Dat Joanna dit nummer tijdens het concert in Paradiso in 2007 Only Skin níet speelde was toen wel een beetje een teleurstelling (de rest van Ys kwam namelijk wel integraal voorbij). Ik vond dat toen heel erg, inmiddels kijk ik daar wel iets anders op terug: het was namelijk een ontzettend geslaagd concert en het was wel een opgave geweest de complexiteit van Only Skin live eer aan te doen, al was het maar omdat Bill ontbrak. En ach, de perfecte versie van dit nummer staat gewoon op plaat.
23. Uboa – Coma Wall (van Coma Wall, 2015)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Bij het album schreef ik:
Ook de label blurb die ik schreef voor de release op Void Worship vat het aardig samen, denk ik:
In 2019 werd The Origin of Depression een kleine hype en kreeg deze o.a. een zeer positieve recensie van The Needle Drop én nam ook Scaruffi Uboa op in zijn immer uitdijende muziekencyclopedie. Coma Wall werd daar zelfs beloond met een 8/10 (kenners weten dat dit zéker voor moderne muziek bij Scaruffi niet aan de lopende band gebeurt, wat je er verder ook van vindt). De rating zelf is overigens inmiddels weer van de site verdwenen (maar RYM'ers bewaren alles), al staan zijn lovende woorden er nog wel:
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny, The Gerogerigegege, Bakans, Sines, Elite Gymnastics, DJ Tekkeño en Joanna Newsom).
Vorige notering: 17 (⇩-7)
Niet op Spotify (maar wel op Bandcamp, maar niet gratis te streamen)
Ik heb nooit zo ontzettend uitgekeken naar de release van een album als naar de release van Ys. In 2006 was ik helemaal verslingerd aan The Milk-Eyed Mender en was nieuws van een nieuwe Joanna Newsom dan ook een godsgeschenk. Al voordat de plaat goed en wel uit was werd duidelijk dat er slechts vijf tracks op zouden staan (en maakte Rolling Stone zich belachelijk, ik blijf erbij, óók 17 jaar later, door dit een EP te noemen en een povere beoordeling te geven) en ging er online verder allerlei rumoer rond, met discussies over artwork, titels, gastartiesten en zo meer (ik heb toen een tijdje op een forum rondgezworven dat volgens mij The Tadpoles heette o.i.d., waar Ys natuurlijk een hot topic was). Op 6 november 2006 zou Ys dan éindelijk in de winkel liggen, maar helaas hadden de platenzaken in Leiden, waar ik toen nog studeerde, hem nog niet binnen. Ook op 7 en 8 november ging ik uiteraard weer langs en moest ik weer met lege handen naar huis, maar op 9 november was het eindelijk zo ver.
Jeetje, de hype zal zo gigantisch zijn, dat kan dan toch alleen maar tegenvallen? Ys was echter een schot in de roos en ik hield al gauw net zo veel van deze tweede worp als van zijn voorganger. Wat het prijsnummer was werd mij al snel duidelijk: dat was natúúrlijk Only Skin, die compositie van dik 16 minuten die elke keer weer voorbij vlógen, een track die bestaat uit nauw verbonden maar afzonderlijk aktes die elk een wending geven aan het nummer (zo’n moment als op 3:54, als “Rowing along, along the reeds, along the rushes” inzet) en zich zo langzaam ontvouwt als een aanzwellende herfststorm, met rondwaaiende bladeren en een gure kou die naar haardvuur ruikt, een storm die wervelend en dwarrelend losbreekt op 7:36 (“Though we felt the spray of the waves, we decided to stay till the tide rose too far”). Het moment waarop, op 13:39, Bill Callahan dan nog binnenvalt met zijn baritoon (“All my bones, they are gone, gone, gone”, waarop Joanna dan kirt, “Take my bones, oh, I don’t need none”) is wel zo hemeltergend fucking mooi, ik word van Only Skin echt volledig week in de benen. Je kunt er wel pagina’s aan wijden, want ik heb nog geen letter geschreven over de geniale instrumentale keuzes die in dit nummer gemaakt worden of aan de schoonheid van de teksten zelf (hierboven immers enkel als referentie naar momenten in de tracks).
Dat Joanna dit nummer tijdens het concert in Paradiso in 2007 Only Skin níet speelde was toen wel een beetje een teleurstelling (de rest van Ys kwam namelijk wel integraal voorbij). Ik vond dat toen heel erg, inmiddels kijk ik daar wel iets anders op terug: het was namelijk een ontzettend geslaagd concert en het was wel een opgave geweest de complexiteit van Only Skin live eer aan te doen, al was het maar omdat Bill ontbrak. En ach, de perfecte versie van dit nummer staat gewoon op plaat.

23. Uboa – Coma Wall (van Coma Wall, 2015)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Bij het album schreef ik:
De beschrijving van de track gooi ik even in spoilers, ik weet niet, ik vind dat je hem eerst moet draaien en beleven, is beter.
Coma Wall was in 2018 mijn kennismaking met Uboa en ik was zeer vereerd van dit plaatje dat jaar een tapeversie uit te mogen brengen op mijn label Void Worship (50 stuks, allemaal pleite uiteraard). Hoewel Uboa nog veel meer geweldige dingen gedaan heeft blijft Coma Wall favoriet. Een doomy, sludgy monster met leegstortende glasbakken, lawines aan schroot, drums als mokers en gitzwarte schreeuwen. De eerste helft van het nummer bouwt op als een massief, overpletterend crescendo, waarna de stoppen eruit lijken te slaan en alles nagiert en suist - om dan nog één keer op te bouwen tot absolute, razende, furieuze herrie. Geweldig!
Coma Wall was in 2018 mijn kennismaking met Uboa en ik was zeer vereerd van dit plaatje dat jaar een tapeversie uit te mogen brengen op mijn label Void Worship (50 stuks, allemaal pleite uiteraard). Hoewel Uboa nog veel meer geweldige dingen gedaan heeft blijft Coma Wall favoriet. Een doomy, sludgy monster met leegstortende glasbakken, lawines aan schroot, drums als mokers en gitzwarte schreeuwen. De eerste helft van het nummer bouwt op als een massief, overpletterend crescendo, waarna de stoppen eruit lijken te slaan en alles nagiert en suist - om dan nog één keer op te bouwen tot absolute, razende, furieuze herrie. Geweldig!
Ook de label blurb die ik schreef voor de release op Void Worship vat het aardig samen, denk ik:
Sheer bliss is exactly what Uboa's Coma Wall is to me. A crushing, almost 23-minute track, it provides absolute catharsis through its extraordinary amalgamate of hardcore, doom, sludge and harsh noise, an at times free-form - yet at all times immaculately structured - crescendo of pummeling drums, deafening cymbals and thundering guitar and bass; a current of unsettling ambient noises and droning howls running underneath without end; Xandra Metcalfe's cries, howls, screams, pleas piercing the musical onslaught, searching for release. To describe the track in too much detail is almost akin to spoiling it, so I will refrain from saying too much. All you need to know is that this work is absolutely essential.
In 2019 werd The Origin of Depression een kleine hype en kreeg deze o.a. een zeer positieve recensie van The Needle Drop én nam ook Scaruffi Uboa op in zijn immer uitdijende muziekencyclopedie. Coma Wall werd daar zelfs beloond met een 8/10 (kenners weten dat dit zéker voor moderne muziek bij Scaruffi niet aan de lopende band gebeurt, wat je er verder ook van vindt). De rating zelf is overigens inmiddels weer van de site verdwenen (maar RYM'ers bewaren alles), al staan zijn lovende woorden er nog wel:
The 22-minute piece of the EP Coma Wall (2015) is her masterpiece: extreme visceral noise and screaming with dark atmospheres and thundering drums, a chaotic form of post-metal performed during the apocalypse by a hysterical and triumphant Lucifer, a death-metal version of Diamanda Galas; or Khanate after a really bad nightmare. and after 15 minute a dirty distorted hissing drone slowly grows into a stately doom-metal anthem.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny, The Gerogerigegege, Bakans, Sines, Elite Gymnastics, DJ Tekkeño en Joanna Newsom).
1
geplaatst: 20 januari 2024, 11:28 uur
Ys
Al sinds ik het album leerde kennen in 2008 een vaste waarde in mijn top 10. En inderdaad is Only Skin een machtig mooi nummer, voor mijzelf alleen nèt nog voorbijgestreefd door mijn persoonlijke favoriet Cosmia.
Moet wel zeggen dat Joanna dit niveau voor mij daarna niet meer gehaald heeft, Have One On Me en Divers zijn op zich prima albums en kennen zeker mooie momenten, maar ze komen voor mij nergens in de buurt van Ys (of The Milk-Eyed Mender).
Al sinds ik het album leerde kennen in 2008 een vaste waarde in mijn top 10. En inderdaad is Only Skin een machtig mooi nummer, voor mijzelf alleen nèt nog voorbijgestreefd door mijn persoonlijke favoriet Cosmia.Moet wel zeggen dat Joanna dit niveau voor mij daarna niet meer gehaald heeft, Have One On Me en Divers zijn op zich prima albums en kennen zeker mooie momenten, maar ze komen voor mij nergens in de buurt van Ys (of The Milk-Eyed Mender).
1
geplaatst: 21 januari 2024, 09:49 uur
Idem, TMEM is heel lang mijn favoriete Newsom gebleven, hoewel ik merk dat ik (áls ik nu Newsom draai, het is wel minder dan vroeger, maar heb zeker nog wel intensieve luisterperiodes) vaker naar Ys grijp (en dat dus de plaat is waarvan mijn favoriete Newsom-nummer). Met de opvolgers heeft het voor mij ook nooit zo geklikt; ik was voor HOOM ook nog heel erg enthousiast zoals ik dat jaren daarvoor voor Ys was, maar vond dat echt wel een tegenvaller. In Divers heb ik te weinig tijd geïnvesteerd, die zou ik eigenlijk nog eens moeten draaien voor ik er echt een oordeel over zou kunnen geven 

3
geplaatst: 21 januari 2024, 09:58 uur
22. Songs: Ohia – The Ocean’s Nerves (van Ghost Tropic, 2000)
Vorige notering: geen (maar Farewell Transmission stond op 7 dus ⇩-15 voor Jason)
Hier op Spotify
Terwijl ik al deze stukjes schrijf besef ik me dat een hoop artiesten die vorige keer in mijn top 100 stonden nu ook weer acte de presence maken, maar dat er bij een groot deel daarvan een songwisseling is geweest. Zo ook bij Songs: Ohia. Vorige keer stond het nog steeds briljante Farewell Transmission in de lijst (een song waarmee mijn eerste kennismaking overigens niet zo positief was, want bij de eerste draaibeurt vroeg ik me af wat ik in vredesnaam gekocht had), maar deze mag plaats maken voor The Ocean’s Nerves van wat samen met Magnolia Electric Co. m.i. Jasons beste plaat is: Ghost Tropic. Ghost Tropic, schreef ik eerder weleens ergens, klinkt alsof deze met takjes en twijgjes en plakband en alles wat er in de keukenla lag in elkaar is gezet. Die opener bijvoorbeeld al, met ook al zo’n wonderbaarlijke titel: Lightning Risked It All – je hóórt de tikkende verwarmingsbuizen, de lekkende regenpijp, het haardvuur dat maar niet op gang wil komen, die blokhout die maar zo koud blijft dat je je adem erin kunt zien, hoe zeer je er ook tegenaan probeert te stoken.
The Ocean’s Nerves (ook weer zo’n titel) is het meest verstilde nummer op deze plaat. Tergend langzaam, met slepende drums en met óh wat een geniaal en intens triest en mistroostig loopje toch over de snaren van Jasons akoestische gitaar. Uit zijn tenen komt het, in mijn tenen en vingertoppen en hart voel ik het, bittere smart en bittere wanhoop. Ghost Tropic is een donkere plaat, een plaat die zich in een permanente nacht bevindt, een plaat waarop licht slechts een herinnering is, de voorbije flikkeringen van een storm die hartzeer en radeloosheid in scherp contrast aftekende tegen de kale muren van een lege kamer; en daarvan is The Ocean's Nerves het puurste, pijnlijkste en prachtigste hoofdstuk.
21. 放射性Hi5 – Energy Accident (van 9.0水面下Megathrust, 2015)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Niet op Spotify (maar wel op Bandcamp)
Hoewel ik vaporwave en -adjacent genres en stijlen vanaf het redelijk prille begin altijd interessant heb gevonden, kwam mijn waardering doorgaans niet echt verder dan voor het gevoel voor esthetiek dat sommigen in artwork en titels tentoonspreidden (sommigen, want de scheidslijn met het bijvoorbeeld spectaculair oninteressante chillwave was soms flinterdun en alles wat al te kitschy was deed me sowieso niets). De muziek, zeker toen vooral lome, met halve snelheid afgespeelde liftmuziek, vond ik doorgaans gezapig en saai (de gezapigheid was voor veel artiesten natuurlijk juist het punt, maar het ironisch genieten van muziek dat hiervoor wellicht/blijkbaar/schijnbaar nodig is/was lag/ligt me niet). Vaporwave heeft zich echter zeker in interessantere richtingen ontwikkeld en stond, nog interessanter en al dan niet direct, aan de wieg van een aantal andere recente genres en stijlen die me veel meer liggen. Veel warmer krijg ik het bijvoorbeeld van slushwave (ook nog elders in de lijst (spoiler)) en utopian virtual.
De uitschieter in dat laatste genre is voor mij Megathrust, een plaat over de kernramp van Fukushima die zich ontvouwt als een soort hoorspel, met een openingstrack die nog het meest klinkt alsof deze over de credits van een low budget sci-fi-actiethriller uit de 80s moest rollen, om te vervolgen met tracks die samengesteld zijn uit samples van weeralarms en -verslagen en de geluiden van brekende golven en storm en paniek, rinkelende en ratelende jingles, en beklemmende synth-composities die het midden houden tussen Final Fantasy VII en progressive electronic uit de jaren ‘70. Hoogtepunt is het bloedjemooie Energy Accident, dat perfect keiharde Midgar-vibes ademt (Nobuo Uematsu had dit nummer graag in elkaar willen zetten, dat weet ik zeker).
De hele plaat is verder absoluut fantastisch. Overigens bestaat deze in twee versies: met 8 tracks op de Bandcamp van de artiest en met 10 (en iets andere, minder effectieve, sequencing) op de Bandcamp van label Cloud Corp. De versie van 8 tracks is m.i. volledig superieur (de tracks Cooling Tower en SPREAD SPECTRUM 20-30 doen w.m.b. afbreuk aan de plaat; de keuze van de artiest is dan ook duidelijk de beste).
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny, The Gerogerigegege, Bakans, Sines, Elite Gymnastics, DJ Tekkeño, Joanna Newsom en 放射性Hi5).
Vorige notering: geen (maar Farewell Transmission stond op 7 dus ⇩-15 voor Jason)
Hier op Spotify
Terwijl ik al deze stukjes schrijf besef ik me dat een hoop artiesten die vorige keer in mijn top 100 stonden nu ook weer acte de presence maken, maar dat er bij een groot deel daarvan een songwisseling is geweest. Zo ook bij Songs: Ohia. Vorige keer stond het nog steeds briljante Farewell Transmission in de lijst (een song waarmee mijn eerste kennismaking overigens niet zo positief was, want bij de eerste draaibeurt vroeg ik me af wat ik in vredesnaam gekocht had), maar deze mag plaats maken voor The Ocean’s Nerves van wat samen met Magnolia Electric Co. m.i. Jasons beste plaat is: Ghost Tropic. Ghost Tropic, schreef ik eerder weleens ergens, klinkt alsof deze met takjes en twijgjes en plakband en alles wat er in de keukenla lag in elkaar is gezet. Die opener bijvoorbeeld al, met ook al zo’n wonderbaarlijke titel: Lightning Risked It All – je hóórt de tikkende verwarmingsbuizen, de lekkende regenpijp, het haardvuur dat maar niet op gang wil komen, die blokhout die maar zo koud blijft dat je je adem erin kunt zien, hoe zeer je er ook tegenaan probeert te stoken.
The Ocean’s Nerves (ook weer zo’n titel) is het meest verstilde nummer op deze plaat. Tergend langzaam, met slepende drums en met óh wat een geniaal en intens triest en mistroostig loopje toch over de snaren van Jasons akoestische gitaar. Uit zijn tenen komt het, in mijn tenen en vingertoppen en hart voel ik het, bittere smart en bittere wanhoop. Ghost Tropic is een donkere plaat, een plaat die zich in een permanente nacht bevindt, een plaat waarop licht slechts een herinnering is, de voorbije flikkeringen van een storm die hartzeer en radeloosheid in scherp contrast aftekende tegen de kale muren van een lege kamer; en daarvan is The Ocean's Nerves het puurste, pijnlijkste en prachtigste hoofdstuk.
21. 放射性Hi5 – Energy Accident (van 9.0水面下Megathrust, 2015)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Niet op Spotify (maar wel op Bandcamp)
Hoewel ik vaporwave en -adjacent genres en stijlen vanaf het redelijk prille begin altijd interessant heb gevonden, kwam mijn waardering doorgaans niet echt verder dan voor het gevoel voor esthetiek dat sommigen in artwork en titels tentoonspreidden (sommigen, want de scheidslijn met het bijvoorbeeld spectaculair oninteressante chillwave was soms flinterdun en alles wat al te kitschy was deed me sowieso niets). De muziek, zeker toen vooral lome, met halve snelheid afgespeelde liftmuziek, vond ik doorgaans gezapig en saai (de gezapigheid was voor veel artiesten natuurlijk juist het punt, maar het ironisch genieten van muziek dat hiervoor wellicht/blijkbaar/schijnbaar nodig is/was lag/ligt me niet). Vaporwave heeft zich echter zeker in interessantere richtingen ontwikkeld en stond, nog interessanter en al dan niet direct, aan de wieg van een aantal andere recente genres en stijlen die me veel meer liggen. Veel warmer krijg ik het bijvoorbeeld van slushwave (ook nog elders in de lijst (spoiler)) en utopian virtual.
De uitschieter in dat laatste genre is voor mij Megathrust, een plaat over de kernramp van Fukushima die zich ontvouwt als een soort hoorspel, met een openingstrack die nog het meest klinkt alsof deze over de credits van een low budget sci-fi-actiethriller uit de 80s moest rollen, om te vervolgen met tracks die samengesteld zijn uit samples van weeralarms en -verslagen en de geluiden van brekende golven en storm en paniek, rinkelende en ratelende jingles, en beklemmende synth-composities die het midden houden tussen Final Fantasy VII en progressive electronic uit de jaren ‘70. Hoogtepunt is het bloedjemooie Energy Accident, dat perfect keiharde Midgar-vibes ademt (Nobuo Uematsu had dit nummer graag in elkaar willen zetten, dat weet ik zeker).
De hele plaat is verder absoluut fantastisch. Overigens bestaat deze in twee versies: met 8 tracks op de Bandcamp van de artiest en met 10 (en iets andere, minder effectieve, sequencing) op de Bandcamp van label Cloud Corp. De versie van 8 tracks is m.i. volledig superieur (de tracks Cooling Tower en SPREAD SPECTRUM 20-30 doen w.m.b. afbreuk aan de plaat; de keuze van de artiest is dan ook duidelijk de beste).
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny, The Gerogerigegege, Bakans, Sines, Elite Gymnastics, DJ Tekkeño, Joanna Newsom en 放射性Hi5).
1
Glitch
geplaatst: 21 januari 2024, 21:41 uur
exsxesven schreef:
((vooral oudere) Gridlink, Discordance Axis bijvoorbeeld)
Dat zijn synoniemen. DA is wel fenomenaal inderdaad, Gridlink schiet me te ver door. In principe is Assück de enige grind die een mens nodig heeft, maar vermoedelijk minder jouw ding?((vooral oudere) Gridlink, Discordance Axis bijvoorbeeld)
Full of Hell, kweet het er nog niet mee. Vind het wat te veel Fantano-grind.
1
geplaatst: 21 januari 2024, 22:26 uur
Haha, ja, Gridlink en DA als twee wezenlijk aparte units benoemen is een beetje valsspelen, maar goed, al vind ik het dan wel weer grappig dat je niet zo veel met Gridlink kan (Orphan
). Assück vind ik best oké maar is inderdaad niet echt mijn ding, ook zo crusty (en ik hou niet zo van crust). Breed genomen heb ik liever Apex Predator - Easy Meat dan From Enslavement to Obliteration.
En haha, nee, Fantano-grind, daarmee doe je ze echt tekort, deze band is veeeeeeeeel beter dan dat.
). Assück vind ik best oké maar is inderdaad niet echt mijn ding, ook zo crusty (en ik hou niet zo van crust). Breed genomen heb ik liever Apex Predator - Easy Meat dan From Enslavement to Obliteration. En haha, nee, Fantano-grind, daarmee doe je ze echt tekort, deze band is veeeeeeeeel beter dan dat.

0
geplaatst: 22 januari 2024, 09:04 uur
20. Palace – You Have Cum in Your Hair and Your Dick Is Hanging Out (van Arise Therefore, 1996)
Vorige notering: geen (maar New Partner stond op 11 dus ⇩-9 voor ouwe Billy)
Niet op Spotify (maar wel op Bandcamp, maar niet gratis te streamen)
Viva Last Blues maakte me Will Oldham-fan en dat was dan ook de plaat die lange tijd in mijn albumtop 10 stond, maar uiteindelijk werd het nog veel desolatere Arise Therefore mijn grote favoriet. Doffe ellende is het op deze plaat, het tempo zo laag, met een spaarzame drumcomputer en vaak niet meer dan nog een ver weg klinkende piano of een troosteloze gitaar die de tracks wat inkleuring geven (lichtgrijs, donkergrijs en alles ertussen). Ook Will klinkt hier alsof hij volledig buiten de wereld staat, afgezonderd en geïsoleerd. Het levert prachtige, verstilde muziek op, met als hoogtepunt het cru getitelde You Have Cum in Your Hair and Your Dick Is Hanging Out dat, met zijn lome drummachine die net buiten de maat loopt en die oh-zo-effectief geplaatste beroering van de piano, meer dan alles in zijn Oldhams discografie schrijnend mooi is.
19. Tommy Genesis feat. ABRA – Hair Like Water, Wavy Like the Sea (van World Vision, 2015)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Tommy Genesis ontdekte ik volgens mij via deze geweldige video waar ze het fantastische Angelina live in studio doet, een heerlijke, loeihete, dampende track die me uiteraard aanzette tot het checken van haar mixtape, World Vision. Wat een ontdekking was dat: zoals Hate Demon dit plaatje opent met die goddelijke, goddeloze, onheilspellende synth en Tommy die eroverheen ijzig declameert, “Before I was yours, I belonged to her” - kippenvel. World Vision was in zijn geheel een succes en zorgde ervoor dat ik Tommy een tijdje nauwlettend in de gaten hield.
Met de release van haar zelfgetitelde follow-up verdampte mijn enthousiasme echter vlug en helemaal na het teleurstellende concert in de Melkweg dat ik samen met mijn zusje bezocht, waar Tommy van World Vision slechts één track bracht (Execute, als toegift), was de liefde gauw bekoeld. Sindsdien heeft Tommy helaas (m.i.) weinig interessants meer gedaan. World Vision blijft echter een pareltje. Hoewel ik voor het gros van de 9 tracks op dit plaatje een grote zwak heb (Hate Demon, Shepherd, Angelina natuurlijk), is er niets zo geniaal als de afsluiter, het bezwerende Hair Like Water, Wavy Like the Sea. Een tweeluik van haast 7 minuten, dat begint met een (haal de aquatische terminologie maar uit de kast) golvend, deinend duet met Abra en, als dat eenmaal wegebt, het einde van deze mixtape inluidt met een wel heel kale en heel geweldige reprise van Shepherd. Meester(es)lijk.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny, The Gerogerigegege, Bakans, Sines, Elite Gymnastics, DJ Tekkeño, Joanna Newsom, 放射性Hi5 en Palace).
Vorige notering: geen (maar New Partner stond op 11 dus ⇩-9 voor ouwe Billy)
Niet op Spotify (maar wel op Bandcamp, maar niet gratis te streamen)
Viva Last Blues maakte me Will Oldham-fan en dat was dan ook de plaat die lange tijd in mijn albumtop 10 stond, maar uiteindelijk werd het nog veel desolatere Arise Therefore mijn grote favoriet. Doffe ellende is het op deze plaat, het tempo zo laag, met een spaarzame drumcomputer en vaak niet meer dan nog een ver weg klinkende piano of een troosteloze gitaar die de tracks wat inkleuring geven (lichtgrijs, donkergrijs en alles ertussen). Ook Will klinkt hier alsof hij volledig buiten de wereld staat, afgezonderd en geïsoleerd. Het levert prachtige, verstilde muziek op, met als hoogtepunt het cru getitelde You Have Cum in Your Hair and Your Dick Is Hanging Out dat, met zijn lome drummachine die net buiten de maat loopt en die oh-zo-effectief geplaatste beroering van de piano, meer dan alles in zijn Oldhams discografie schrijnend mooi is.
19. Tommy Genesis feat. ABRA – Hair Like Water, Wavy Like the Sea (van World Vision, 2015)
Vorige notering: geen (nummer bestond nog niet)
Hier op Spotify
Tommy Genesis ontdekte ik volgens mij via deze geweldige video waar ze het fantastische Angelina live in studio doet, een heerlijke, loeihete, dampende track die me uiteraard aanzette tot het checken van haar mixtape, World Vision. Wat een ontdekking was dat: zoals Hate Demon dit plaatje opent met die goddelijke, goddeloze, onheilspellende synth en Tommy die eroverheen ijzig declameert, “Before I was yours, I belonged to her” - kippenvel. World Vision was in zijn geheel een succes en zorgde ervoor dat ik Tommy een tijdje nauwlettend in de gaten hield.
Met de release van haar zelfgetitelde follow-up verdampte mijn enthousiasme echter vlug en helemaal na het teleurstellende concert in de Melkweg dat ik samen met mijn zusje bezocht, waar Tommy van World Vision slechts één track bracht (Execute, als toegift), was de liefde gauw bekoeld. Sindsdien heeft Tommy helaas (m.i.) weinig interessants meer gedaan. World Vision blijft echter een pareltje. Hoewel ik voor het gros van de 9 tracks op dit plaatje een grote zwak heb (Hate Demon, Shepherd, Angelina natuurlijk), is er niets zo geniaal als de afsluiter, het bezwerende Hair Like Water, Wavy Like the Sea. Een tweeluik van haast 7 minuten, dat begint met een (haal de aquatische terminologie maar uit de kast) golvend, deinend duet met Abra en, als dat eenmaal wegebt, het einde van deze mixtape inluidt met een wel heel kale en heel geweldige reprise van Shepherd. Meester(es)lijk.
En natuurlijk de bijgewerkte playlist (exclusief Ikkyu, Hanatarash, UFO Or Die, Jim O'Rourke, Psycodrama, David Wise, ryo + Miku, The Cherry Point, Saori@destiny, The Gerogerigegege, Bakans, Sines, Elite Gymnastics, DJ Tekkeño, Joanna Newsom, 放射性Hi5 en Palace).
* denotes required fields.
