Hier kun je zien welke berichten Gyzzz als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
King Crimson - Discipline (1981)

4,0
0
geplaatst: 10 juni 2023, 12:02 uur
Ik beluisterde dit album voor het RYM top-250 review topic – anno augustus 2022 was dit RYM #193
Van King Crimson ken ik natuurlijk de klassieker In the Court of the Crimson King. Niet uit prog-interesse, want die heb ik van huis uit nooit echt gehad, maar des te meer omdat het een van de weinige platen is waar de hoes een niet-aflatende nieuwsgierigheid opwekte. Evengoed heb ik die plaat al zeker 10 jaar niet meer gehoord, en kan ik me de nummers ook lang niet allemaal meer voor de geest halen. Hij heeft me in ieder geval niet op zoek doen gaan naar meer King Crimson, tot ik in de RYM-lijst deze plaat uit 1981 tegenkwam – een jaartal dat ik allerminst associeer met de sfeer die King Crimson bij mij oproept. Geen idee wat te verwachten kortom, en want de hoes spreekt zo beperkt tot de verbeelding dat hij diametraal tegenover eerdergenoemde klassieker geplaatst kan worden.
Op de opener is goed te horen dat de Talking Heads inmiddels ook sterren aan het firmament geworden zijn, want ‘Elephant Talk’ doet aan alles denken aan dit eclectische gezelschap. Van de nerveuze praatzang tot de beweeglijke, onvaste, maar toch zwierige onderlaag of de gecontroleerde verkenningsdrang – het is moeilijk om niet te denken aan dat gezelschap van de andere kant van de oceaan. Dat betekent evengoed niet dat het als een kopie klinkt, al is het maar omdat de sound zo verkennend is en binnen de track voldoende verrassende luikjes opentrekt. Voor ‘Frame by Frame’ geldt iets soortgelijks: ik trek het goed omdat de plaat ondanks de hoeveelheid hooi op de vork lichtvoetig aanvoelt en niet verzandt in de megalomanie die de complexe opzet nog wel eens met zich mee kan brengen. Het geanimeerde, haast filmische gepraat, dat op meerdere tracks zijn intrede doet, maakt dat de veelal uitwaaierende sound geaard en consistent aanvoelt.
Ik ken weinig bands die bij zoveel variatie toch spanning zo goed kunnen vasthouden. De plaat voelt als een 40 minuten-lange spanningsboog en is daarmee precies lang genoeg voor mij. Dat ruimte wordt gemaakt voor een absurde, en voor KC-begrippen ook vrij minimalistische, verkenning als ‘The Sheltering Sky’ doet mij deugd. Een bedwelmende en kruidige track, die me in teneur doet denken aan de betere werken van Ashra en Manuel Gottsching. Een ankerpunt bovendien in dit verder vrij wilde album. Juist het lenen van verschillende andere genres lijkt de plaat ervan te weerhouden om over de top te gaan. Discipline heeft mij positief verrast en verliest zich ondanks het virtuoze spel nergens in grootsheid, maar speelt met mij als luisteraar, op een haast plagerige manier, terwijl ondertussen de spanning behouden blijft.
4* met groeipotentie
Van King Crimson ken ik natuurlijk de klassieker In the Court of the Crimson King. Niet uit prog-interesse, want die heb ik van huis uit nooit echt gehad, maar des te meer omdat het een van de weinige platen is waar de hoes een niet-aflatende nieuwsgierigheid opwekte. Evengoed heb ik die plaat al zeker 10 jaar niet meer gehoord, en kan ik me de nummers ook lang niet allemaal meer voor de geest halen. Hij heeft me in ieder geval niet op zoek doen gaan naar meer King Crimson, tot ik in de RYM-lijst deze plaat uit 1981 tegenkwam – een jaartal dat ik allerminst associeer met de sfeer die King Crimson bij mij oproept. Geen idee wat te verwachten kortom, en want de hoes spreekt zo beperkt tot de verbeelding dat hij diametraal tegenover eerdergenoemde klassieker geplaatst kan worden.
Op de opener is goed te horen dat de Talking Heads inmiddels ook sterren aan het firmament geworden zijn, want ‘Elephant Talk’ doet aan alles denken aan dit eclectische gezelschap. Van de nerveuze praatzang tot de beweeglijke, onvaste, maar toch zwierige onderlaag of de gecontroleerde verkenningsdrang – het is moeilijk om niet te denken aan dat gezelschap van de andere kant van de oceaan. Dat betekent evengoed niet dat het als een kopie klinkt, al is het maar omdat de sound zo verkennend is en binnen de track voldoende verrassende luikjes opentrekt. Voor ‘Frame by Frame’ geldt iets soortgelijks: ik trek het goed omdat de plaat ondanks de hoeveelheid hooi op de vork lichtvoetig aanvoelt en niet verzandt in de megalomanie die de complexe opzet nog wel eens met zich mee kan brengen. Het geanimeerde, haast filmische gepraat, dat op meerdere tracks zijn intrede doet, maakt dat de veelal uitwaaierende sound geaard en consistent aanvoelt.
Ik ken weinig bands die bij zoveel variatie toch spanning zo goed kunnen vasthouden. De plaat voelt als een 40 minuten-lange spanningsboog en is daarmee precies lang genoeg voor mij. Dat ruimte wordt gemaakt voor een absurde, en voor KC-begrippen ook vrij minimalistische, verkenning als ‘The Sheltering Sky’ doet mij deugd. Een bedwelmende en kruidige track, die me in teneur doet denken aan de betere werken van Ashra en Manuel Gottsching. Een ankerpunt bovendien in dit verder vrij wilde album. Juist het lenen van verschillende andere genres lijkt de plaat ervan te weerhouden om over de top te gaan. Discipline heeft mij positief verrast en verliest zich ondanks het virtuoze spel nergens in grootsheid, maar speelt met mij als luisteraar, op een haast plagerige manier, terwijl ondertussen de spanning behouden blijft.
4* met groeipotentie
Kraftwerk - The Man·Machine (1978)
Alternatieve titel: The Man-Machine

4,0
3
geplaatst: 12 november 2022, 08:29 uur
Ik beluisterde dit album voor het RYM top-250 review topic – anno augustus 2022 was dit RYM #203
Het eerste dat ik van Kraftwerk ontdekte waren losse nummers van Die Mensch Maschine en Computer Welt, zo rond 2002. De volledige cds die ik van mijn spaarcentjes wist te bemachtigen en met de cd-brander uitwisselde met vrienden bevatten vooral HipHop (Dr.Dre, 2pac, Snoop Dogg, Gang Starr, ...), maar ik had ergens wat over de pioniers Kraftwerk gelezen en was wel geïntrigeerd door hun rechtlijnige en afstandelijke imago. Gekaderd door de beperkingen in internetsnelheid verdiepte ik me nummer voor nummer, en zo leerde ik Kraftwerk eigenlijk niet echt kennen als albumartiest. Evengoed ben ik bij eerste beluistering zelden zo achterovergeslagen als door de ongelofelijke klankkleuren die deze vier Duitsers uit hun zelfbouwmachines toverden. 'Das Model', 'Computer Liebe' en 'Spacelab' waren denk ik drie van de eerste nummers die ik op die manier leerde kennen (naast Hot Butter - Popcorn, dat op de downloaddiensten altijd verkeerd werd gelabeld als Kraftwerk). Ik realiseerde me dat ik nog nooit zulk zuiver en schoon geluid had gehoord als dat op 'Spacelab'. Een paar nummers verder realiseerde ik me dat ik aan de albums uit de hoogtijdagen geen buil kon vallen, en kocht ik als eerste The Man Machine bij FAME in Amsterdam. De Engelstalige versie welteverstaan, want volgens mij verkochten ze de Duitse exemplaren toentertijd alleen in Duitsland. Op 24 oktober 2005 registreerde ik me op Musicmeter, en zo te zien schreef ik diezelfde avond nog een kort bericht bij dit album. Kortom: we hebben hier te maken met een belangrijk album in mijn muzikale reis.
Toch is Die Mensch Maschine nooit uitgegroeid tot een topfavoriet in mijn collectie, en dat heeft met twee dingen te maken. In de eerste plaats de oerdegelijkheid die minder ruimte voor verwondering laat dan ik ervaar op een Trans Europa Express. Het is een ontzettend sterke popplaat, maar net wat meer berekenend en minder speels, verkennend en verwonderend dan zijn voorganger. In de tweede plaats is het de aanwezigheid van Die Roboter, en dat voelt wel een beetje als vloeken in de energiecentrale. Want het robotnummer staat natuurlijk centraal in Kraftwerks identiteit, tot aan de uitvoering met 4 robots in de liveshows aan toe, zodat de heren even koffie kunnen drinken. Maar waar ik dat live een op een koddige manier ontregelende move vind, vind ik de track zelf eigenlijk een beetje belegen. Ze schieten hier iets teveel door in hun eigen stereotiep, wat zeker voor een albumopener jammer is. Voor het overige blijft Die Mensch Maschine een iconisch monument, van Russische avantgarde typografie tot audio-thematiek: de plaat schreeuwt klassieker, waarbij Kraftwerk het pop-ideaal voor het eerst het volledig omarmt.
Over het pop-ideaal gesproken: 'Das Model' komt dicht bij het perfecte popnummer. Waarom? Omdat het luistert als iets dat The Beatles en The Beach Boys altijd al hadden willen maken, zonder een refrein te hebben. Dan moet je van hele goeden huize komen. De warme en unieke klankkleuren uit de zelfgefabriceerde appratuur betalen zich hier uit. De knullige zang en nog knulligere tekst maken dat het niet te gladjes wordt, en voorzien het nummer van een zekere tragiek. Onze licht autistische mens-machines willen een model mee naar huis nemen, waarvan je aan elk element aan het nummer voelt dat dat precies niet is wat er gaat gebeuren. We horen hier blinde adoratie met een vleugje afgunst van de meest tragische soort. En dan dat op plaat durven zetten ter begeleiding van wat je grootste hit moet worden! Dat is niets minder dan briljant. De track is minutieus opgepoetst en onderbreekt deze stroomlijn slechts voor een klein vervreemdend detail: Sie trinkt in Nachtclubs immer Sekt, KORREKT... huh? Daarom moet je ook deze Kraftwerkplaat absoluut in het Duits draaien: op de Engelse variant is dit opmerkelijke en essentiële detail namelijk verloren gegaan.
Voor het overige krijg je 36 minuten lang gepolijste supermelodieën, omgeven door de vertrouwde en warme Kraftwerkse knulligheid. Er wordt echt de tijd genomen om een nummer en zijn centrale melodieën te verkennen, door te ontwikkelen en uit te bouwen. Het is heel goed te begrijpen waarom pioniers in de hiphop en electronica de muziek van Kraftwerk zo omarmen en deze het ook in landen als Brazilië heel goed doet: de melodieën omarmen je en voelen als een thuis. Niet veel artiesten kunnen zich in klank zo openstellen als Kraftwerk, wat contrasteert met hun afstandelijke imago tot een heel zuiver en schoon totaal.
4.25*
Het eerste dat ik van Kraftwerk ontdekte waren losse nummers van Die Mensch Maschine en Computer Welt, zo rond 2002. De volledige cds die ik van mijn spaarcentjes wist te bemachtigen en met de cd-brander uitwisselde met vrienden bevatten vooral HipHop (Dr.Dre, 2pac, Snoop Dogg, Gang Starr, ...), maar ik had ergens wat over de pioniers Kraftwerk gelezen en was wel geïntrigeerd door hun rechtlijnige en afstandelijke imago. Gekaderd door de beperkingen in internetsnelheid verdiepte ik me nummer voor nummer, en zo leerde ik Kraftwerk eigenlijk niet echt kennen als albumartiest. Evengoed ben ik bij eerste beluistering zelden zo achterovergeslagen als door de ongelofelijke klankkleuren die deze vier Duitsers uit hun zelfbouwmachines toverden. 'Das Model', 'Computer Liebe' en 'Spacelab' waren denk ik drie van de eerste nummers die ik op die manier leerde kennen (naast Hot Butter - Popcorn, dat op de downloaddiensten altijd verkeerd werd gelabeld als Kraftwerk). Ik realiseerde me dat ik nog nooit zulk zuiver en schoon geluid had gehoord als dat op 'Spacelab'. Een paar nummers verder realiseerde ik me dat ik aan de albums uit de hoogtijdagen geen buil kon vallen, en kocht ik als eerste The Man Machine bij FAME in Amsterdam. De Engelstalige versie welteverstaan, want volgens mij verkochten ze de Duitse exemplaren toentertijd alleen in Duitsland. Op 24 oktober 2005 registreerde ik me op Musicmeter, en zo te zien schreef ik diezelfde avond nog een kort bericht bij dit album. Kortom: we hebben hier te maken met een belangrijk album in mijn muzikale reis.
Toch is Die Mensch Maschine nooit uitgegroeid tot een topfavoriet in mijn collectie, en dat heeft met twee dingen te maken. In de eerste plaats de oerdegelijkheid die minder ruimte voor verwondering laat dan ik ervaar op een Trans Europa Express. Het is een ontzettend sterke popplaat, maar net wat meer berekenend en minder speels, verkennend en verwonderend dan zijn voorganger. In de tweede plaats is het de aanwezigheid van Die Roboter, en dat voelt wel een beetje als vloeken in de energiecentrale. Want het robotnummer staat natuurlijk centraal in Kraftwerks identiteit, tot aan de uitvoering met 4 robots in de liveshows aan toe, zodat de heren even koffie kunnen drinken. Maar waar ik dat live een op een koddige manier ontregelende move vind, vind ik de track zelf eigenlijk een beetje belegen. Ze schieten hier iets teveel door in hun eigen stereotiep, wat zeker voor een albumopener jammer is. Voor het overige blijft Die Mensch Maschine een iconisch monument, van Russische avantgarde typografie tot audio-thematiek: de plaat schreeuwt klassieker, waarbij Kraftwerk het pop-ideaal voor het eerst het volledig omarmt.
Over het pop-ideaal gesproken: 'Das Model' komt dicht bij het perfecte popnummer. Waarom? Omdat het luistert als iets dat The Beatles en The Beach Boys altijd al hadden willen maken, zonder een refrein te hebben. Dan moet je van hele goeden huize komen. De warme en unieke klankkleuren uit de zelfgefabriceerde appratuur betalen zich hier uit. De knullige zang en nog knulligere tekst maken dat het niet te gladjes wordt, en voorzien het nummer van een zekere tragiek. Onze licht autistische mens-machines willen een model mee naar huis nemen, waarvan je aan elk element aan het nummer voelt dat dat precies niet is wat er gaat gebeuren. We horen hier blinde adoratie met een vleugje afgunst van de meest tragische soort. En dan dat op plaat durven zetten ter begeleiding van wat je grootste hit moet worden! Dat is niets minder dan briljant. De track is minutieus opgepoetst en onderbreekt deze stroomlijn slechts voor een klein vervreemdend detail: Sie trinkt in Nachtclubs immer Sekt, KORREKT... huh? Daarom moet je ook deze Kraftwerkplaat absoluut in het Duits draaien: op de Engelse variant is dit opmerkelijke en essentiële detail namelijk verloren gegaan.
Voor het overige krijg je 36 minuten lang gepolijste supermelodieën, omgeven door de vertrouwde en warme Kraftwerkse knulligheid. Er wordt echt de tijd genomen om een nummer en zijn centrale melodieën te verkennen, door te ontwikkelen en uit te bouwen. Het is heel goed te begrijpen waarom pioniers in de hiphop en electronica de muziek van Kraftwerk zo omarmen en deze het ook in landen als Brazilië heel goed doet: de melodieën omarmen je en voelen als een thuis. Niet veel artiesten kunnen zich in klank zo openstellen als Kraftwerk, wat contrasteert met hun afstandelijke imago tot een heel zuiver en schoon totaal.
4.25*
Kraftwerk - Trans Europa Express (1977)

5,0
4
geplaatst: 18 september 2022, 08:20 uur
Ik beluisterde dit album voor het RYM top-250 review topic – anno augustus 2022 was dit RYM #225
Muziekdocumentaires zitten regelmatig vol met verhalen waarin alles wat er gebeurde voor de totstandkoming van albums een soort legendarische status toebedeeld krijgt. Geïnterviewde collega-artiesten, managers en voormalig groupies buitelen over elkaar heen om kleine onbeduidende gebeurtenissen als "iconisch" of "briljant' af te doen. Waar was jij toen je voor het eerst dit nummer hoorde? Wat ging er toen door je heen? Voor mij als kijker voelt dat erg ongemakkelijk, omdat de meeste mensen misschien een handvol van zulke momenten in hun leven hebben, waardoor zo'n stortvloed in een muziekdocumentaire algauw pathetisch op mij overkomt. Voor Kraftwerk maak ik echter graag een uitzondering: toen ik daar zo rond mijn 14de voor het eerst een paar mp3'tjes via Kazaa, Limewire of wat het ook was van binnenhengelde, en op mijn brakke computerspeakertjes aanslingerde viel ik haast van mijn stoel. Nog nooit had ik zo'n welgevormde klankkleuren gehoord. De melodie, opbouw en aankleding deden er eigenlijk niet eens toe: dit was puur en schoon geluid, meer was er niet nodig. Toen ik jaren later documentaires als Universal Techno of dit stukje Nederlandse TV tegenkwam, waarin welbeschouwd net zulke meanderende leuterverhalen werden opgehangen, keek ik die met groot plezier allemaal. Want de grootste techno-iconen keken blijkbaar met net zo'n mix van verwondering en bewondering tegen het eenvoudige en makkelijk belachelijk te maken geluid van Kraftwerk aan als ik.
Nu is het naar de maatstaven van latere elektronica heel makkelijk om Kraftwerk af te doen als stoffig, gedateerd en simplistisch. Terwijl elektronische muziek zich in de jaren '90 en '00 in waanzinnig tempo ontwikkelde, ik denk ingegeven door techonlogische ontwikkelingen sneller en uitwaaierender dan welk genre dan ook, maakte Kraftwerk louter een mixalbum van eerder werk ('The Mix') en poetsten ze oude albums opnieuw en opnieuw op met 'Minimum Maximum' en de zoveelste remasters. En o ja, tussendoor brachten ze ook nog het redelijk lauw ontvangen Tour de France album uit. Maar buiten de Detroit techno pioniers uit eerdergenoemd filmpje merk ik dat Kraftwerk in electronicakringen toch regelmatig wordt geportretteerd als gedateerde muziek voor popfans die niet van echte elektronica houden. Maar veel onjuister worden de dingen mijns inziens niet.
Kraftwerk is voor mij van een andere planeet. Kijk nou naar de hoes: welke andere artiesten durven zo ultiem uncool te zijn zonder verlegen in een hoekje te kruipen? Pure Duitse degelijkheid uit het voorname Düsseldorf in artiestieke popvorm. Op kantooruren die ze als artiesten toch al aanhielden in hun Düsseldorfse KlingKlang studio zijn ze blijven slijpen en slijpen aan hun oude tracks. Ik ken geen enkele andere artiest die remasters heeft uitgebracht die zoveel bijdroegen aan een 'update' van de originele sound zonder die te verkwanselen. Sterker nog: remasters vind ik normaalgesproken de grootste flauwekul, maar bij Kraftwerk zou ik iedereen aanbevelen de remasters te beluisteren, die kortgezegd verdere optimalisaties van de Kraftwerksound zijn. Want op een gegeven moment hadden Ralf Hütter en Florian Schneider bedacht dat de reeks platen van Autobahn tot Tour de France samen hun 'Gesamtkunstwerk' vormen. Liefst in combinatie met de bijbehorende beelden die een superconsistente audiovisuele ervaring geven. In 2009 speelde Kraftwerk op Pukkelpop. En omdat alle andere artiesten op de main stage, zoals zo vaak op festivals, last hadden van het wegwaaiende geluid, hield ik mijn hart vast voor de show van mijn geliefde Duitse robotjes aldaar. En wat schetste mijn verbazing: ik kreeg een show te zien met geluid dat - festival of geen festival, binnen of buiten - beter was dan wat ik ooit hoorde. De sensatie die ik eerder had met mijn computerboxjes op textuur en klankkleur, had ik nu nog een keer op vol volume. Nog steeds staat die show in mijn top-5 van optredens.
Later zag ik Kraftwerk ook nog in Paradiso, in het kader van hun 1 2 3 4 5 6 7 8 tour, waarbij ze 8 avonden lang iedere avond een ander album centraal zetten. Paradiso was nog een redelijk non-elitaire keuze, gezien het feit dat de Londense en New Yorkse reeksen in respectievelijk Tate Modern en het MoMA plaatsvonden. Ik koos hierbij voor Trans Europa Express, eigenlijk sinds het begin al mijn favoriete Kraftwerkplaat. Op dit album hebben ze een elitaire, afstandelijke grootsheid die ik eigenlijk nergens anders ben tegengekomen. Klankkleur en melodie worden zo centraal gezet dat ze briljant moeten zijn om niet te gaan vervelen. En dat zijn ze dus ook.
Trans Europa Express schakelt hoogtepunten aaneen, maar het titelnummer springt er niettemin bovenuit, uiteraard in combinatie met ‘Metall Auf Metall’, de zwaar mechanische uitgeleide van de plaat. En hoewel ik het jammer dat "Wir laufen ein in Düsseldorf City. Und treffen Iggy Pop und David Bowie" in een van de vele remasters gesneuveld is, vind ik het ontwikkelen van zo'n track door de tijd heen toch iets moois. “In Wien sitzen wir im Nacht-Café. Direktverbindung, TEE”. Het is tekstueel achterlijk simplistisch en juist daarom briljant. Je hoeft overigens niet heel aandachtig te luisteren om de soms behoorlijk grote verschillen in versies te bemerken. Zo kun je per album per gelegenheid lekker ‘cherry picken’ welke timestamp het album het meest als gegoten zit. Bovendien kun je switchen van taal, maar daar winnen de Duitse versies het makkelijk, waarbij je zeker in ‘Spiegelsaal’ en ‘Schaufensterpuppen’ direct hoort hoe het origineel bedoeld was. Het afstandelijke, melodieuze en vervreemdende is ongeëvenaard. Het is altijd lekker als je in muziek kunt gaan wonen, muziek je een veilig gevoel geeft, en in Kraftwerks muziek op Trans-Europa Express is dat allemaal mogelijk.
Dat Kraftwerk aan de basis staat van niet alleen Techno en Electro maar ook Hiphop (te beginnen met Afrika Bambaataas 'Planet Rock') is een prachtig feitje. Maar nog prachtiger is dat de muziek daar helemaal niet zijn kwaliteit aan ontleent. Terwijl de invloed op zoveel stijlen gigantisch is, klinkt Kraftwerk helemaal niet als een vroege variant daarop, maar staat het op zichzelf. De enorme invloed is bonus, maar juist dat de muziek geen gelijke kent in zijn sterk uitwaaierende opvolgers maakt dit zo speciaal. Kraftwerk springt er uit omdat ze de melodie zoveel ruimte durven te geven, in de zelfverzekerde wetenschap dat het de beste melodieën met de mooiste klankkleuren uit de popgeschiedenis zijn. Als je vraagt welke popgroep melodieus de beste was komt Kraftwerk in mijn beleving mijlenver voor de Beach Boys, Beatles, of wie ook. Des te grappiger is het dan dat de stijlen die het beïnvloedde vaak juist zo sterk op hun ritme en beats leunen, waar dit voor Kraftwerk en Trans Europa Express in het bijzonder juist totaal niet geldt. Er zijn niet eens beats, maar puur centrale melodielijnen verpakt in perfecte eenvoud.
Ik zie dat ik de Duitstalige versie nog helemaal niet bestemd had – maar als ik de taal, de remaster-waaier en het audiovisuele totaalbeeld meeneem (en dat doe ik), is dit voor mij een 5*
Muziekdocumentaires zitten regelmatig vol met verhalen waarin alles wat er gebeurde voor de totstandkoming van albums een soort legendarische status toebedeeld krijgt. Geïnterviewde collega-artiesten, managers en voormalig groupies buitelen over elkaar heen om kleine onbeduidende gebeurtenissen als "iconisch" of "briljant' af te doen. Waar was jij toen je voor het eerst dit nummer hoorde? Wat ging er toen door je heen? Voor mij als kijker voelt dat erg ongemakkelijk, omdat de meeste mensen misschien een handvol van zulke momenten in hun leven hebben, waardoor zo'n stortvloed in een muziekdocumentaire algauw pathetisch op mij overkomt. Voor Kraftwerk maak ik echter graag een uitzondering: toen ik daar zo rond mijn 14de voor het eerst een paar mp3'tjes via Kazaa, Limewire of wat het ook was van binnenhengelde, en op mijn brakke computerspeakertjes aanslingerde viel ik haast van mijn stoel. Nog nooit had ik zo'n welgevormde klankkleuren gehoord. De melodie, opbouw en aankleding deden er eigenlijk niet eens toe: dit was puur en schoon geluid, meer was er niet nodig. Toen ik jaren later documentaires als Universal Techno of dit stukje Nederlandse TV tegenkwam, waarin welbeschouwd net zulke meanderende leuterverhalen werden opgehangen, keek ik die met groot plezier allemaal. Want de grootste techno-iconen keken blijkbaar met net zo'n mix van verwondering en bewondering tegen het eenvoudige en makkelijk belachelijk te maken geluid van Kraftwerk aan als ik.
Nu is het naar de maatstaven van latere elektronica heel makkelijk om Kraftwerk af te doen als stoffig, gedateerd en simplistisch. Terwijl elektronische muziek zich in de jaren '90 en '00 in waanzinnig tempo ontwikkelde, ik denk ingegeven door techonlogische ontwikkelingen sneller en uitwaaierender dan welk genre dan ook, maakte Kraftwerk louter een mixalbum van eerder werk ('The Mix') en poetsten ze oude albums opnieuw en opnieuw op met 'Minimum Maximum' en de zoveelste remasters. En o ja, tussendoor brachten ze ook nog het redelijk lauw ontvangen Tour de France album uit. Maar buiten de Detroit techno pioniers uit eerdergenoemd filmpje merk ik dat Kraftwerk in electronicakringen toch regelmatig wordt geportretteerd als gedateerde muziek voor popfans die niet van echte elektronica houden. Maar veel onjuister worden de dingen mijns inziens niet.
Kraftwerk is voor mij van een andere planeet. Kijk nou naar de hoes: welke andere artiesten durven zo ultiem uncool te zijn zonder verlegen in een hoekje te kruipen? Pure Duitse degelijkheid uit het voorname Düsseldorf in artiestieke popvorm. Op kantooruren die ze als artiesten toch al aanhielden in hun Düsseldorfse KlingKlang studio zijn ze blijven slijpen en slijpen aan hun oude tracks. Ik ken geen enkele andere artiest die remasters heeft uitgebracht die zoveel bijdroegen aan een 'update' van de originele sound zonder die te verkwanselen. Sterker nog: remasters vind ik normaalgesproken de grootste flauwekul, maar bij Kraftwerk zou ik iedereen aanbevelen de remasters te beluisteren, die kortgezegd verdere optimalisaties van de Kraftwerksound zijn. Want op een gegeven moment hadden Ralf Hütter en Florian Schneider bedacht dat de reeks platen van Autobahn tot Tour de France samen hun 'Gesamtkunstwerk' vormen. Liefst in combinatie met de bijbehorende beelden die een superconsistente audiovisuele ervaring geven. In 2009 speelde Kraftwerk op Pukkelpop. En omdat alle andere artiesten op de main stage, zoals zo vaak op festivals, last hadden van het wegwaaiende geluid, hield ik mijn hart vast voor de show van mijn geliefde Duitse robotjes aldaar. En wat schetste mijn verbazing: ik kreeg een show te zien met geluid dat - festival of geen festival, binnen of buiten - beter was dan wat ik ooit hoorde. De sensatie die ik eerder had met mijn computerboxjes op textuur en klankkleur, had ik nu nog een keer op vol volume. Nog steeds staat die show in mijn top-5 van optredens.
Later zag ik Kraftwerk ook nog in Paradiso, in het kader van hun 1 2 3 4 5 6 7 8 tour, waarbij ze 8 avonden lang iedere avond een ander album centraal zetten. Paradiso was nog een redelijk non-elitaire keuze, gezien het feit dat de Londense en New Yorkse reeksen in respectievelijk Tate Modern en het MoMA plaatsvonden. Ik koos hierbij voor Trans Europa Express, eigenlijk sinds het begin al mijn favoriete Kraftwerkplaat. Op dit album hebben ze een elitaire, afstandelijke grootsheid die ik eigenlijk nergens anders ben tegengekomen. Klankkleur en melodie worden zo centraal gezet dat ze briljant moeten zijn om niet te gaan vervelen. En dat zijn ze dus ook.
Trans Europa Express schakelt hoogtepunten aaneen, maar het titelnummer springt er niettemin bovenuit, uiteraard in combinatie met ‘Metall Auf Metall’, de zwaar mechanische uitgeleide van de plaat. En hoewel ik het jammer dat "Wir laufen ein in Düsseldorf City. Und treffen Iggy Pop und David Bowie" in een van de vele remasters gesneuveld is, vind ik het ontwikkelen van zo'n track door de tijd heen toch iets moois. “In Wien sitzen wir im Nacht-Café. Direktverbindung, TEE”. Het is tekstueel achterlijk simplistisch en juist daarom briljant. Je hoeft overigens niet heel aandachtig te luisteren om de soms behoorlijk grote verschillen in versies te bemerken. Zo kun je per album per gelegenheid lekker ‘cherry picken’ welke timestamp het album het meest als gegoten zit. Bovendien kun je switchen van taal, maar daar winnen de Duitse versies het makkelijk, waarbij je zeker in ‘Spiegelsaal’ en ‘Schaufensterpuppen’ direct hoort hoe het origineel bedoeld was. Het afstandelijke, melodieuze en vervreemdende is ongeëvenaard. Het is altijd lekker als je in muziek kunt gaan wonen, muziek je een veilig gevoel geeft, en in Kraftwerks muziek op Trans-Europa Express is dat allemaal mogelijk.
Dat Kraftwerk aan de basis staat van niet alleen Techno en Electro maar ook Hiphop (te beginnen met Afrika Bambaataas 'Planet Rock') is een prachtig feitje. Maar nog prachtiger is dat de muziek daar helemaal niet zijn kwaliteit aan ontleent. Terwijl de invloed op zoveel stijlen gigantisch is, klinkt Kraftwerk helemaal niet als een vroege variant daarop, maar staat het op zichzelf. De enorme invloed is bonus, maar juist dat de muziek geen gelijke kent in zijn sterk uitwaaierende opvolgers maakt dit zo speciaal. Kraftwerk springt er uit omdat ze de melodie zoveel ruimte durven te geven, in de zelfverzekerde wetenschap dat het de beste melodieën met de mooiste klankkleuren uit de popgeschiedenis zijn. Als je vraagt welke popgroep melodieus de beste was komt Kraftwerk in mijn beleving mijlenver voor de Beach Boys, Beatles, of wie ook. Des te grappiger is het dan dat de stijlen die het beïnvloedde vaak juist zo sterk op hun ritme en beats leunen, waar dit voor Kraftwerk en Trans Europa Express in het bijzonder juist totaal niet geldt. Er zijn niet eens beats, maar puur centrale melodielijnen verpakt in perfecte eenvoud.
Ik zie dat ik de Duitstalige versie nog helemaal niet bestemd had – maar als ik de taal, de remaster-waaier en het audiovisuele totaalbeeld meeneem (en dat doe ik), is dit voor mij een 5*
