Hier kun je zien welke berichten johans als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Hoeveel studiotechnieken erop los zijn gelaten om het Zweedse Abba anno 2021 te laten klinken alsof het tijdsbeeld van de jaren zeventig en tachtig heeft stilgestaan? Ik wil en hoeft het antwoord niet te weten. Dat maakt de reïncarnatie van John Watts’ Fischer Z alleen maar knapper op. De pinnige new wave, het stevige gitaargehalte, het meezing karakter van de melodieuze deuntjes en de frivoliteit van weleer zijn wat naar de achtergrond geschoven en is er meer plaats voor de keyboards en de popgerichte melodieën.
“Weet je, ik hoop dat deze hernieuwde interesse in de band muziekliefhebbers naar de volledige catalogus leidt en dat de mensen die ons in het verleden hebben gevolgd, geïnteresseerd zullen zijn in een nieuw Fischer-Z-album“, vertelde de Britse zanger, muzikant, componist, verhalen en producer onlangs aan Spill Magazine. Eentje die je als een rechtstreeks vervolg op het succesvolle “Red Skies Over Paradise” mag beschouwen. Soms blikt Watts terug met diverse personages van toen. Zelfs de hoes is overduidelijk gebaseerd op de veertig jaar oude klassieker. Maar dan wel aangepast aan de gevaren van nu: de overschrijdende dreiging van de klimaatverandering. De Russen staan niet meer klaar om kernbommen op ons te gaan gooien! (Cruise Missiles)
En om het nostalgische plaatje compleet te maken legde Watts in de befaamde Hansa studio in het Duitse Berlijn de basis voor het nieuwe album. Dezelfde studio alwaar hij met zijn band “Red Skies Over Paradise” opnam. Gelukkig klinkt “Til The Oceans Overflow” niet gerelateerd aan de beginjaren van Fischer Z met het jeugdsentiment en de hits in je achterhoofd, maar meer met het geluid van de 21ste eeuw. ‘Mensen willen graag dat al hun broeken zitten als die ene lievelingsbroek. Maar ik maak geen albums die aanvoelen als die goede oude lievelingsbroek’. Het eigenzinnige karakter is overeind gebleven, zo ook de identiteit van de band: het karakteristieke neurotische in het stemgeluid van John Watts. En pfff, wat ben ik daar blij om.
Mijn recensie op het Altcountryforum.nl
Voor veilige muziek moet je niet bij het Amerikaanse rocklabel Sub Pop zijn waarop platen zijn verschenen van bands als Nirvana, Dinosaur jr., Butthole Surfers, LOW en Dum Dum Girls. Platen met een alternatief randje en een scheutje grunge, die het niet van enorme vernieuwing moeten hebben maar wel met een fris en levendig karakter. In het geval van het Amerikaanse kwintet The Forth Wanderers is dit op hun tweede album en hun debuut op het Sub Pop label niet anders. De losjes gespeelde puntige muziek zit in hun genen. Dwarrelend tussen The Breeders en de Dum Dum Girls met een aangenaam, monotone stijl van zangeres Ava Trilling en de stevige gitaarriffs van Ben Gutterl en Duke Greene.
Op het net een half uur durend naamloos schijfje knarst en rammelt het heerlijk aan alle kanten, maar alles in dienst van de onwaarschijnlijke aanstekelijkheid. De tien melodieuze indierockliedjes zijn in vijf dagen tijd opgenomen in de thuisstudio van audio engineer en tevens goede vriend van de band Cameron Konner. Ogenschijnlijk zonder enige vorm van productie. Slordig en opgeruimd zoals je het wil horen bij indierock muziek.