Via deze pagina blijf je op de hoogte van recente stemmen, meningen en recensies van Alicia.
Standaard zie je de activiteiten in de huidige en vorige maand. Je kunt ook voor een van de volgende perioden kiezen:
januari 2025, februari 2025, maart 2025, april 2025, mei 2025, juni 2025, juli 2025, augustus 2025, september 2025, oktober 2025, november 2025, december 2025, januari 2026, februari 2026, maart 2026, april 2026, mei 2026, juni 2026, juli 2026, augustus 2026, september 2026
Duran Duran - Duran Duran (1981)
stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 4,0 sterren
»
details
Duran Duran - Medazzaland (1997)
»
details
Duran Duran - Duran Duran (1993)
»
details
Duran Duran - Notorious (1986)
»
details
Gerry Rafferty - Night Owl (1979)
»
details
King Crimson - Red (1974)
stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 3,0 sterren
»
details
Mastodon - Marrow Deep (2026)
»
details
Actors - Our Love Will Live Forever (2026)
Ook dit nieuwe album Our Love Will Live Forever overtuigt door de gevleugelde energie van dit sympathieke viertal uit Vancouver. De muziek is strak, ritmisch, de liedjes zijn leuk en toch ook een beetje weemoedig. Het is echter wel het soort droefheid die je niet stil laat staan, maar je juist laat dansen omdat je anders uit elkaar zou vallen. Tegelijkertijd zit er iets filmisch in deze plaat; het album lijkt te zeggen: dingen verdwijnen, maar sommige blijven. Hoe dan ook.
Dat filmische, gelaagde geluid is niet zo gek als je bedenkt dat frontman Jason Corbett de plaat helemaal zelf heeft geproduceerd in zijn eigen Jacknife Sound-studio, terwijl toetsenist Shannon Hemmett met haar achtergrond als grafisch ontwerper de visuele stijl van de band bewaakt.
En vervolgens ben ik natuurlijk ontzettend blij dat het derde album van Actors het levenslicht ziet. Het op tijd verschijnen van Our Love Will Live Forever leek toch even aan een zijden draadje te hangen omdat Jason zo ziek was. Hij belandde zelfs met spoed op de hartbewaking in het ziekenhuis. Die angstaanjagende confrontatie met zijn eigen sterfelijkheid gaf de albumtitel uiteindelijk een dubbele lading: het is een weerspiegeling van de keuze om - ondanks alles - positief te blijven. Ik hoop dan ook dat hij er weer snel bovenop komt, want naast deze flinke tegenslag liep hij vlak voor de tour ook nog eens een hardnekkige rugblessure op, waardoor hij noodgedwongen zittend moest optreden.
Kort en bondig: de hernieuwde energie van Our Love Will Live Forever nodigt je hierbij uit om vooral te blijven bewegen.
Dansen mag ook. Graag zelfs! 
»
details
» naar bericht » reageer
Syd Matters - A Gospel of Some Sort (2026)
»
details
Green Carnation - A Dark Poem, Part III: The Messiah Complex (2026)
»
details
Genesis - Abacab (1981)
»
details
Interpol - This Mirror Weighs a Ton (2026)
»
details
Phoebe Bridgers - Lost Weekend (2026)
stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 3,0 sterren
»
details
The Blue Nile - Hats (1989)
stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 3,5 sterren
»
details
The Blue Nile - A Walk Across the Rooftops (1984)
»
details
Shearwater - The New World (2026)
The New World opent als een landkaart die reiziger Meiburg ooit achterliet: de randen verkreukeld, de kleuren verbleekt door zon en zeewater. Het is een kaart die niet aanwijst waar de weg je brengt, maar uitlegt waarom je verder moet gaan.
Na The Great Awakening was al duidelijk dat Jonathan Meiburg en zijn gezelschap een nieuwe fase waren ingegaan. Nu heeft Meiburg wel vaker geschreven over de natuur, het klimaat en de menselijke kwetsbaarheid. Maar hier reist hij juist door een binnenwereld, en ik herken dat. Want ik reis graag door kunstwerken die beloven dat het leven groter is dan de dag die voor mij ligt. Bovendien is muziek natuurlijk ook een uitgelezen plek waar je naartoe kunt gaan om er even te verblijven, en The New World is daar perfect voor. Het is een album dat zich graag laat ontdekken door iemand die het liefst zelf op pad is. En sommige albums maken het leven nu eenmaal mooier, omdat ze je herinneren aan wat je onderweg bent kwijtgeraakt.
Maar je luistert vooral naar dat typische Shearwater‑geluid waarop melancholie is omgeslagen in iets groters dan de band zelf. De liedjes op The New World zijn geen losse fragmenten; ze vormen een route. Van stad naar woestijn, van herinnering naar toekomst en van dreiging naar hoop. Je hoort echo’s van verre streken, geluiden van vogels die boven onbekende kusten cirkelen, het zachte suizen van de noordwestenwind, en de muzikale geest van Talk Talk, Peter Gabriel en The Blue Nile is nooit ver weg. Het neemt je mee naar het licht onder het wateroppervlak van de nachtelijke ijszee, gedragen door tijdloze stemmen en uitheemse instrumenten. Meiburg nam de muziek op met orkesten en instrumentalisten verspreid over drie continenten. Zijn eigen omschrijving, “a globe-spanning adventure for your ears”, is dan ook geen loze kreet.
Kijk! The New World is weer zo’n album dat je oppakt als je even stilvalt en fluistert: de wereld beweegt. Nu jij nog!
Nabrander:
The New World is voor mij een van de grootste verrassingen van het jaar. Na deze ontdekking ben ik natuurlijk meteen het complete oeuvre van de band ingedoken. Waar de zangpartijen van Jonathan Meiburg mij op eerder werk regelmatig de gordijnen injagen, steken de albums The Great Awakening en The New World er met kop en schouders bovenuit. Nu klopt alles, en de zang is hierop gelukkig geen uitzondering meer.
»
details
» naar bericht » reageer
Bruce Soord - Bruce Soord (2015)
Van de huidige generatie pop- en rockartiesten luister ik momenteel nog het meest naar de albums van Bruce Soord, al dan niet met The Pineapple Thief. De laatste tijd vind ik zijn soloplaten zelfs een tikkeltje indrukwekkender dan het werk met de band.
Dat ik graag naar Bruce luister, ligt niet eens zozeer aan zijn zangkwaliteiten, maar aan zijn uitzonderlijke talent als liedjesschrijver. Bovendien tilt hij zijn producties naar een heel hoog niveau door elk instrument de ruimte te geven die het verdient, zonder dat het kil of afstandelijk klinkt. Het blijft emotioneel, warm en dynamisch. Hier kan zelfs Steven Wilson niet aan tippen. 
Zo, en nu heb ik eindelijk alles van Bruce (en bijna alles van TPT) op cd en/of blu-ray binnen. Dat zouden meer artiesten moeten doen: muziek uitbrengen op blu-ray. Ik weet trouwens niet zeker of zijn eerste twee soloplaten op blu-ray zijn verschenen. Volgens mij is All This Will Be Yours ooit eens op dvd (helaas uitverkocht) uitgebracht en is deze Bruce enkel op cd (en natuurlijk vinyl) verkrijgbaar. Het wachten is nu op de nieuwe The Pineapple Thief.
»
details
» naar bericht » reageer
The Comsat Angels - Waiting for a Miracle (1980)
Waiting for a Miracle staat hier ook al een poosje te koukleumen. De plaat bungelt zelfs bijna onderaan Alicia's lijstje: Memorabele albums van The Comsat Angels. Het debuut mist simpelweg nog de warmte en verfijning die de band uit Sheffield later zou bereiken. Waar platen als Sleep No More en Fiction scoren op melodische diepgang, voelt Waiting for a Miracle enigszins onaf.
De opnamegeschiedenis - tien dagen in januari 1980 - verklaart veel. Die korte, doelgerichte sessies leverden een directe, rauwe energie op, maar ook een zekere soberheid. De songs zijn vrij eenvoudig van opzet, met een reeks subtiele wendingen én met een onderhuidse spanning die bij meerdere luisterbeurten pas echt goed tot haar recht komt. Maar zodra Missing in Action of Baby door de speakers schalt, krijg ik het gevoel dat hier niet de ware ziel van The Comsat Angels doorklinkt. De afgeknepen stem van zanger Stephen Fellows is koud, scherp en daardoor minder aangenaam. Die toon geeft de nummers op Waiting for a Miracle weliswaar een zekere urgentie, maar ook een hardheid die de melodie en de sfeer in de weg staat. Daardoor verliezen een aantal liedjes hun emotionele resonantie. Andere momenten, zoals Independence Day, laten reeds zien waar de band toe in staat is: sterke, melodieuze songs schrijven.
Kort en bondig: Waiting for a Miracle is een interessant document van een band in ontwikkeling. Het bevat genoeg karakter om de aandacht vast te houden, maar het is vooral een voorbode van wat nog zou komen. Het is een plaat die je waardeert door te luisteren naar wat ontbreekt, net zo goed als naar wat al aanwezig is.
»
details
» naar bericht » reageer
Shearwater - Winged Life (2004)
Oeps. Jonathan Meiburg laat op Winged Life zelfs een paar valse noten vallen. Hij klinkt hier als iemand die nog niet helemaal zeker weet of hij nu een zanger, een vogelaar of een verdwaalde stagiair in de studio is.
De reis van het laatste album terug naar dit vroege werk van Shearwater levert in ieder geval de nodige verrassingen op. Het voelt echter wel een beetje alsof je een prachtige roman leest en even later ontdekt dat de auteur vroeger vooral druk was met het schrijven van dagboekfragmenten. Het genre - iets met indierock en alternatieve pop - is doorgaans ook niet iets waar ik onmiddellijk enthousiast van word. Maar het helpt dat Meiburg later in zijn carrière niet meer klinkt alsof hij door een stopwatch wordt beoordeeld.
Eindoordeel: die eerste negen (volwaardige) albums blijven voorlopig in quarantaine. De laatste twee schijven zijn voor mij een nieuwe muzikale schat die je pas vindt wanneer je per abuis de verkeerde deur opent in een museum en plotseling in een zaal terechtkomt waar alles precies klinkt zoals je het altijd al had willen horen.
»
details
» naar bericht » reageer
Amorphis - Silent Waters (2007)
Net als je denkt: nu heb ik de mooiste albums van Amorphis wel in de kast staan, glijdt er een gracieuze zwaan over het rimpelloze water van Jyväsjärvi. En waar voorganger Eclipse al heel voorzichtig het aardewerk liet rammelen, liggen de bloempotten en hun bewoners thans finaal aan gort tussen de hoopjes potgrond op het tapijt. De huisgoden hebben namelijk hun vonnis al geveld en ze zijn onverbiddelijk: Silent Waters zou zomaar mijn favoriete Amorphis kunnen worden. Stille wateren hebben immers diepe gronden, en hier doemen vergezichten op die de gemiddelde vakantiefoto degraderen tot een kleurloos, korrelig kiekje.
De inspiratiebron voor dit album is de Kalevala, het onvermijdelijke Finse epos, maar Silent Waters voelt niet als een simpele vertelling. Het is een dromerige zoektocht naar herinneringen die ergens in het verleden zijn achtergelaten. Je zou zweren dat het album is geschreven in een houten hutje aan de rand van een meer dat kort daarna op mysterieuze wijze is verdwenen. Het gerucht dat het ijskoude water het laatste hoofdstuk van de legende heeft gestolen, lijkt hiermee wel bevestigd.
Anders dan de geweldige opener en het eerstvolgende nummer doen vermoeden, is Silent Waters – verrassend genoeg – helemaal niet zo heftig. Het is ook minder uitgesproken dan de latere epossen Skyforger of Queen of Time. De bijna pastorale passages worden slechts af en toe onderbroken door kortstondige uitbarstingen. Zelfs de liedjes draaien rond in cirkels alsof de heren de oude rituelen letterlijk willen volgen. Terwijl de zware gitaren als logge hemellichamen om de Poolster wentelen – telkens een fractie donkerder of lichter – draperen de keyboards er een fijnmazig mistgordijn overheen. Het resultaat klinkt daarom niet als een heroïsche veldslag, maar eerder als een lange wandeling in het verstilde schemerlicht, gevolgd door een weldadige rust aan de waterkant. Echter… wie zijn oren te luisteren legt, hoort dat er onder de waterspiegel van alles broeit en borrelt.
Hoewel de melodieën door subtiele verschuivingen eenvoudig zijn gehouden, blijken de composities sterk genoeg om je genadeloos de diepte in te sleuren. En hier is waar Tomi Joutsen schittert. Hij is niet alleen de rondreizende sjamaan van dienst, maar ook de Poolster die de argeloze luisteraar veilig door de nacht loodst. De combinatie van zijn bezielde zang en een diepe, uit de tenen komende grunt klinkt als onafscheidelijke oerkrachten die al sinds mensenheugenis in hetzelfde lichaam huizen. De een draagt de melancholie, de ander de rauwe zwaarte van het verhaal. Tomi is dan ook geen gewone zanger; hij is een begenadigd verteller die precies weet wanneer hij een tekst moet laten smeulen en wanneer hij de vlam erin moet jagen.
Welnu… in deze saga heeft hij de troon definitief geclaimd.
»
details
» naar bericht » reageer
Shearwater - Fellow Travelers (2013)
»
details
Earth and Fire - Song of the Marching Children (1971)
stem gewijzigd, oorspronkelijke stem was 4,0 sterren
»
details
Earth & Fire - To the World of the Future (1975)
»
details
Shearwater - Jet Plane and Oxbow (2016)
Ha, dit wordt mijn eerste Shearwater-rodedansschoentjesplaat. Wie had dát ooit gedacht?
Het is maar goed dat artiesten niet altijd bij het oude blijven hangen. De muzikale boomgaard is simpelweg te verleidelijk, te vol, te sappig – en ja, appels zijn net zo lekker als peren. Alleen moet je soms even wennen aan de schil.
Vond ik de Shearwater-uptempo nummers voorheen niet te pruimen, te zoet of niet rijp genoeg, en klonk de stem van een overijverige Jonathan soms pijnlijk geforceerd; hier is dat anders. Toch ben ik blij dat Jonathan Meiburg later nog een andere afslag heeft genomen. Sommige paden zijn vooral waardevol omdat ze tijdelijk zijn.
Hoe dan ook, Jet Plane and Oxbow is een lekker vlot album en voorwaar: hier wordt zelfs al deftig gezongen. Kijk aan, hij kan het dus wél. Mits de sterren goed staan natuurlijk én de microfoon hem niet uitdaagt.
Maar Jonathan blijft fan van Mark Hollis. Zelfs hier dwarrelen een paar rasechte Talk Talk-echo’s rond, alsof hij ze per ongeluk heeft ingeslikt met klokhuis en al. Nu plukt Jonathan wel vaker heel bekende geluiden uit heel bekende albums van heel bekende artiesten. Dat is dus niks nieuws, maar hij doet het met zo’n vanzelfsprekendheid dat je het bijna als een stijlkenmerk gaat zien.
»
details
» naar bericht » reageer
Shearwater - The Golden Archipelago (2010)
Wat een sfeervolle instrumentatie heeft Shearwater in de loop der jaren opgebouwd. En waar de zangpartijen op de eerdere albums nog flinke drempels opwierpen, worden deze met elke nieuwe plaat lager en lager. Het is een hoorbare evolutie die zich op latere albums pas écht zou doorzetten: Meiburg ruilt zijn theatrale uithalen steeds vaker in voor een beheerst stemgeluid, alsof hij deze barrières zelf probeert glad te strijken.
Helaas is hij op deze plaat nog niet helemaal klaar met vijlen, polijsten en bijschaven: Corridors, Castaways en Black Eyes blijven hindernissen waar ik nochtans graag een blokje voor omloop. Want zodra Meiburg begint te 'schreeuwen', duiken er spontaan rood-witte afzetlinten op; zijn stem verschiet van kleur en wordt scherp. Het wonderschone God Made Me bevat nog steeds die falset-uithalen waaraan ik liever niet herinnerd wil worden, maar de fraaie melodie maakt ontegenzeggelijk veel goed.
Gelukkig staan er op The Golden Archipelago al een paar liedjes die doen vermoeden dat de weg voor mij wat minder hobbelig gaat worden.
»
details
» naar bericht » reageer
Shearwater - Palo Santo (2006)
»
details
Shearwater - Rook (2008)
Opvallende zangstemmen trekken vaak veel liefhebbers aan, maar er zijn ook luisteraars die er af en toe de kriebels van krijgen. Zoals ik. Ik vermijd – zoveel mogelijk – falsetstemmen, vooral de hoge uithalen. En soms zingt deze Jonathan net als Mark Hollis: melancholisch, klagend, nasaal en met een snijdende treurigheid. Het valt niet alleen op, het ligt er duimendik bovenop. Maar hij doet – althans op dit album – niet wat Mark wél doet: ontroeren. Voor mij is dit dan ook niet het juiste Shearwater‑album; die komt pas veel later.
De stem van Jonathan Meiburg – toch een onmiskenbaar, karakteristiek onderdeel van het hele repertoire – vind ik op dit album dus niet ‘mooi’ of zelfs maar acceptabel klinken, zodat het in ieder geval niet storend is. ‘Mooi’ blijft natuurlijk een kwestie van smaak, maar op de andere albums – die ik tot nu toe heb beluisterd – sluit Meiburgs zangkunst gevoelsmatig beter aan bij het tempo en de stijl van de muziek.
Gelukkig heb ik nog een paar Shearwaters te gaan. Wie weet stijgt dit album mettertijd alsnog in waardering, al zal het – gelet op die ‘uithalen’, het vreselijke gepiep op South Col en enkele onaantrekkelijke liedjes zoals The Hunter’s Star – voor mij geen topper worden.
»
details
» naar bericht » reageer
Shearwater - The Great Awakening (2022)
Het geluid van een stervende koelkast heb ik niet eerder op een langspeelplaat gehoord. Hoewel het apparaat tijdens het opnemen van There Goes the Sun spontaan de geest gaf, moet dit een uiterst vredig gebeuren zijn geweest. Er zullen vermoedelijk maar heel weinig koelkasten zijn die zo’n mooi muzikaal afscheid ten deel is gevallen. Verder is er op dit album, behoudens een enkele eruptie, nauwelijks enige bombast te bespeuren. De melodieën bewegen zich weliswaar traag voorbij, maar ze zijn prachtig.
Jonathan Meiburg verwerkte veldopnames die hij tijdens zijn expedities in Zuid-Amerika maakte. De single Xenarthran verwijst naar de “vreemd-gescharnierde” zoogdieren zoals gordeldieren, miereneters en luiaards, terwijl in Aqaba zelfs een mysterieuze ‘solo’ van een toekan verstopt zit. Niet als ‘special effect’, maar als een verrassend, speels onderdeel van het Shearwater-ecosysteem. De Zuid-Amerikaanse fauna fungeert als een stille getuige: het geeft het album een grandeur die je na meerdere luisterbeurten pas goed hoort. Het liefst met een deftige koptelefoon.
Bovendien is Jonathan Meiburg niet zomaar een reiziger; hij is een gediplomeerd geograaf en ornitholoog. Hij reist als een moderne ontdekkingsreiziger én schrijver. En zo zingt hij ook: als een onderzoeker die door het grootste bos ter wereld struint en daar gefascineerd over vertelt. Zijn stem klinkt daarbij heel serieus, maar hij lijkt een schaduw met zich mee te dragen. De tragiek zit nog het meest in het tempo en de manier waarop melodieën zich ontvouwen. De muziek zelf balanceert tussen progfolk, ambient, pop en poëzie. Het album nodigt je in ieder geval uit om intensief te luisteren naar de wereld die achter de muziek schuilgaat.
Daarnaast klinken de instrumenten alsof ze vers uit een atelier komen waar alleen natuurlijke materialen worden gebruikt: een zacht krakende, geprepareerde piano (waarbij vilt, spijkers of rubber tussen de snaren zijn gestopt), fluweelzacht fluisterende percussie en een saxofoon die opdoemt als de voorsteven van een Yanomami-canoa in de mist. Alles is gericht op avontuur, ruimtelijkheid en bezinning.
Mijn favoriet is het prachtige Milkweed. Op zo’n moment zie ik een gammel bootje met twee ontdekkingsreizigers op de Orinoco. Langs de oevers lopen enkele schaars geklede mannen met trommels om de kano naar het punt te begeleiden waar je niet verder kunt varen. De spanning stijgt. Een angstaanjagend ritueel is aanstaande.
En mijn andere favoriet is natuurlijk dat fraaie, onbedoelde ‘stervensbegeleidingslied’ waarin een koelkast zijn laatste adem uitblaast.
Maar de andere liedjes op The Great Awakening, zoals het fabelachtig mooie Detritivore, doen er niet veel voor onder.
Kort en bondig: The Great Awakening is een schitterend album en de hoes is prachtig.
»
details
» naar bericht » reageer
Chris Isaak - Wicked Game (1991)
»
details
Shearwater - Animal Joy (2012)
(reactie op ander bericht)
Gezellig, ik doe mee! Meereizen dan. Het nieuwe album The New World is hier (ook) ingeslagen. Niet als een bom natuurlijk, want dat past niet bij Shearwater. Het voelt eerder als een flinke plons van de zuidelijke reuzenstormvogel in de Atlantische Oceaan, een dier dat zanger en ornitholoog Jonathan Meiburg hoogstwaarschijnlijk weleens ergens heeft gespot.
Dit omdat ik altijd graag wil horen wat ik al die jaren gemist heb. En dat is gigantisch veel; er is eigenlijk geen beginnen aan. Maar af en toe valt een artiest of band gewoon op. Vandaar…
Dit keer heb ik het album Animal Joy erbij gepakt en ik ga er eens goed voor zitten. Het valt me nu al op dat ik sommige liedjes erg mooi vind, zoals Run the Banner Down en de opener. Andere nummers spreken me juist een stuk minder aan, zoals Dread Sovereign of Immaculate.
(reactie op ander bericht)
Meiburg kan zeker zingen, al vind ik het niet altijd even prettig klinken. Maar dat is weer wat anders.
Al met al is Shearwater toch een fijne ontdekking!
»
details
» naar bericht » reageer