Hier kun je zien welke berichten hoi123 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Natural Snow Buildings - The Dance of the Moon and the Sun (2006)

4,0
0
geplaatst: 18 maart 2020, 19:05 uur
Oef, dacht ik toen Cervantes deze mij tipte in het Super Tip-Topper topic. Oef om twee redenen: ik had deze plaat ooit al op het oog, maar besloot om af te haken omdat de beschrijving van tweeëneenhalf uur aan folkdrones me nog net wat zwaar op de maag lag. Bovendien oef omdat deze verstokte Spotifyluisteraar het toch wel lastig had met een album dat alleen op Youtube staat, en dus niet op de fiets of überhaupt zonder laptop bij de hand geluisterd kan worden. Nou goed, toen had ik plotseling vier tentamens en was er ook nog eens een wereldwijde pandemie en zo, dus bleek dat ik er toch wel tijd voor had. En ik ben er blij mee, zoals aan mijn cijfer valt te zien.
Het is eigenlijk zonde dat Mehdi Ameziane en Solange Gularte, het duo achter Natural Snow Buildings, zo veel hun best hebben gedaan om hun muziek voor de wereld te verbergen. Voor tweeëneenhalf uur aan folkdrones is dit namelijk wel een verdomd makkelijke tweeëneenhalf uur. Dat klinkt misschien als een afrekening, maar zo bedoel ik het totaal niet: nummers als Interstate Roads en het daaropvolgende Wisconsin maken gewoon bij de eerste luisterbeurt meteen indruk. Het is het soort sprankelende galmfolk met bitterzoete melodieën die tegelijkertijd uitnodigen tot weemoed als tot het rijden door weidse landschappen met deze muziek op oorverdovend volume.
Dan komen we bij het andere uiterste van de plaat: nummers zoals A Ten Guarding-Spirits Motherfucker, die klinken alsof ze tweeduizend jaar aan Westerse muziekgeschiedenis zijn voorbij gegaan, met een geluid dat even tribaal als out of this world klinkt. Tegenover de lieve huiskamergalmfolk staan indrukwekkende monolieten als deze, waar de melodie juist compleet plaats moet maken voor mystieke geluiden afkomstig uit instrumenten die van beschavingen duizenden jaren vroeger of later dan de onze lijken te zijn.
Tussen deze twee uitersten is er nog genoeg aangenaams te vinden. Op ieder nummer lijkt het duo een nieuw evenwicht te vinden tussen de mysterieuze drones en ondefinieerbare instrumenten, en de menselijke melodieën en lieve zang. Felt Presence, Ghostly Humming, het sleutelstuk op de plaat waarin de dronekant precies evenwicht houdt met de folkkant, klinkt bij gebrek aan beter woorden nog gewoon toegankelijk. Dreigend, melancholisch, intrigerend, dat ook. Ook John Carpenter, waarin de postrockerige gitaren die we eerder op Wisconsin hoorden worden gecombineerd met primitieve percussie en subtiele drones, is ongekend intrigerend. Tot slot zijn de vervormde stemmen op het eind van Cut Joint Sinews & Divided Reincarnation, een structuurloze jam die duidelijk meer naar het experimentele uiterste neigt, zo ongelooflijk bevreemdend en vet dat dit me een goed plekje in de recensie leek om ze aan te kaarten.
Maar goed, geen hoger cijfer dus. Ja, hoe flauw het ook klinkt, de lengte gaat hier wel parten spelen. Vooral de tweede helft van het album bestaat uit stuk voor stuk toffe drones die desalniettemin niet heel anders zijn dan degene die ik in het eerste uur hoor, en je wil dan wel echt van buitenaardse kwaliteit zijn, wil je nog boeien voor de volle tweeëneenhalf uur. Gelukkig is daar helemaal aan het eind Tunneling into the Structure Until It Falls, een nummer dat inderdaad die buitenaardse kwaliteit heeft. Je komt maar weinig nummers tegen die zo'n sublieme melodieuze kwaliteit hebben, terwijl ze tegelijkertijd nog worden ondersteund door drones van dezelfde kwaliteit - hoe de melodieën langzaam ondersneeuwen onder de snijdende, wederom tegelijkertijd buitenaardse als tribale drones van Ameziane en Gularte is ronduit ontroerend. Het laat, vlak voordat de plaat uitgeleid wordt, nog even zien hoe ongelooflijk veel artistieke visie en muzikale kwaliteit er in dit project zit. En daar ben ik dankbaar voor.
Het is eigenlijk zonde dat Mehdi Ameziane en Solange Gularte, het duo achter Natural Snow Buildings, zo veel hun best hebben gedaan om hun muziek voor de wereld te verbergen. Voor tweeëneenhalf uur aan folkdrones is dit namelijk wel een verdomd makkelijke tweeëneenhalf uur. Dat klinkt misschien als een afrekening, maar zo bedoel ik het totaal niet: nummers als Interstate Roads en het daaropvolgende Wisconsin maken gewoon bij de eerste luisterbeurt meteen indruk. Het is het soort sprankelende galmfolk met bitterzoete melodieën die tegelijkertijd uitnodigen tot weemoed als tot het rijden door weidse landschappen met deze muziek op oorverdovend volume.
Dan komen we bij het andere uiterste van de plaat: nummers zoals A Ten Guarding-Spirits Motherfucker, die klinken alsof ze tweeduizend jaar aan Westerse muziekgeschiedenis zijn voorbij gegaan, met een geluid dat even tribaal als out of this world klinkt. Tegenover de lieve huiskamergalmfolk staan indrukwekkende monolieten als deze, waar de melodie juist compleet plaats moet maken voor mystieke geluiden afkomstig uit instrumenten die van beschavingen duizenden jaren vroeger of later dan de onze lijken te zijn.
Tussen deze twee uitersten is er nog genoeg aangenaams te vinden. Op ieder nummer lijkt het duo een nieuw evenwicht te vinden tussen de mysterieuze drones en ondefinieerbare instrumenten, en de menselijke melodieën en lieve zang. Felt Presence, Ghostly Humming, het sleutelstuk op de plaat waarin de dronekant precies evenwicht houdt met de folkkant, klinkt bij gebrek aan beter woorden nog gewoon toegankelijk. Dreigend, melancholisch, intrigerend, dat ook. Ook John Carpenter, waarin de postrockerige gitaren die we eerder op Wisconsin hoorden worden gecombineerd met primitieve percussie en subtiele drones, is ongekend intrigerend. Tot slot zijn de vervormde stemmen op het eind van Cut Joint Sinews & Divided Reincarnation, een structuurloze jam die duidelijk meer naar het experimentele uiterste neigt, zo ongelooflijk bevreemdend en vet dat dit me een goed plekje in de recensie leek om ze aan te kaarten.
Maar goed, geen hoger cijfer dus. Ja, hoe flauw het ook klinkt, de lengte gaat hier wel parten spelen. Vooral de tweede helft van het album bestaat uit stuk voor stuk toffe drones die desalniettemin niet heel anders zijn dan degene die ik in het eerste uur hoor, en je wil dan wel echt van buitenaardse kwaliteit zijn, wil je nog boeien voor de volle tweeëneenhalf uur. Gelukkig is daar helemaal aan het eind Tunneling into the Structure Until It Falls, een nummer dat inderdaad die buitenaardse kwaliteit heeft. Je komt maar weinig nummers tegen die zo'n sublieme melodieuze kwaliteit hebben, terwijl ze tegelijkertijd nog worden ondersteund door drones van dezelfde kwaliteit - hoe de melodieën langzaam ondersneeuwen onder de snijdende, wederom tegelijkertijd buitenaardse als tribale drones van Ameziane en Gularte is ronduit ontroerend. Het laat, vlak voordat de plaat uitgeleid wordt, nog even zien hoe ongelooflijk veel artistieke visie en muzikale kwaliteit er in dit project zit. En daar ben ik dankbaar voor.
Neutral Milk Hotel - In the Aeroplane over the Sea (1998)

4,5
0
geplaatst: 19 september 2010, 17:51 uur
Hoe zou iemand ooit van dit album kunnen houden?
Het piept, jankt, kraakt aan alle kanten. De zanger en de instrumentatie zijn vals, de opnamekwaliteit is belabberd en de teksten lijken wel totaal willekeurig.
Toch staat In The Aeroplane Over The Sea op nummer 1 van mijn top-10 en komt daar voorlopig niet af.
Waarom? Dit album kruipt in alle hoeken van je ziel, keert die binnenstebuiten, laat je alle emoties zien en verlaat dan ruw je lichaam bij de afsluiter.
Ongeacht de lengte van het nummer, zanger of zuiverheid.
Neem de opener The King Of Carrot Flowers pt. 1.
Twee kinderen, geslacht erbuiten gehouden, die liefde ontwikkelen.
Op zich een eenvoudig nummer, alleen Mangum, zijn gitaar en een accordeon.
Maar toch is het nummer zo emotievol dat kippenvel niet te onderdrukken valt.
Liefdevoller en gemeender kan muziek niet zijn.
The King Of Carrot Flowers pt. 2 and 3 is het plotseling beseffen van een hogere kracht en de bijbehorende euforie. Rebels, speels maar vooral erg vrolijk is dit prachtige nummer. De valse zang van Mangum draagt hier alleen maar aan bij.
Het beeld van Mangum en zijn band in een antieke stad begint ook te verschijnen.
Van al de schitterende nummers op dit album is het titelnummer één van de mooisten.
Dit nummer is pure tederheid, optimisme en liefde.
De tekst is echt prachtig, maar de kracht van dit nummer zit waarschijnlijk in de eenvoudigheid. Alleen Mangum, zijn gitaar en een blazer.
Al draagt het simpele akoestisch gitaarrifje ook erg mee.
Het beste liefdesliedje ooit gemaakt, zonder twijfel.
Bij Two Headed Boy begint de ellende in te slaan.
Een gehaast nummer met een bizarre tekst die niet te doorgronden valt. Misschien maar beter ook. Mangum zingt valser dan ooit tevoren, maar ook hier maakt dit het geheel alleen maar mooier.
Het ingetogen, berustende einde is gegarandeerd kippenvel en het beeld van de antieke stad is compleet.
Een naadloze overgang naar The Fool.
De optocht door de antieke stad is begonnen. Eindpunt: de zee.
De blazers nemen eindelijk eens het voortouw en klinken emotievoller dan ooit.
Ook het millitaire drumritme klinkt erg mooi.
Dit is zo'n nummer dat nooit een zanger had mogen hebben.
Op het eerste gezicht lijkt Holland, 1945 een feestnummer.
Bij de volgende gezichten weet je wel beter.
Een aangrijpende klaagzang, vol van spijt en pijn.
Ik ga geen tekst citeren, ieder woord is goed gekozen in dit nummer.
Dit is de definitie van perfectie.
Communist Daughter is het bewijs dat lengte niets uitmaakt voor schoonheid.
Het strand is bereikt. Mangum zit met zijn gitaar aan de branding.
Op de duinen de trompettist die tevergeefs een hoopvolle toon probeert te bereiken.
Maar Oh Comely is zonder twijfel het beste nummer dat ik ooit heb gehoord.
Dit is ellende zonder zelfmedelijden, gewoon pure, aangrijpende emotie.
De tekst is écht fantastisch en Mangum zingt emotievoller dan ooit.
Maar de schoonheid valt niet echt met woorden te verklaren.
Dit moet je gewoon zelf luisteren.
Bij Ghost begint de vrolijkheid zijn kop weer op te steken.
Bijna dansbaar, stevig qua drums, maar toch ook weer erg gevoelig.
Het tempo ligt erg hoog, Mangum zingt weer heerlijk vals en een paar ondefinieerbare instrumenten janken erdoorheen. Het outro is zelfs bijna rock te noemen.
Toch heeft dit nummer een erg sterke melancholische lading.
Untitled is een heerlijke filler. Misschien wel het vrolijkste nummer van het album.
De koortjes doen het goed en de doedelzak(!) is hier een passend instrument.
Toch is het, misschien door gebrek aan emotionele lading, een nummer dat wat uit de toon valt. Niks mis mee, want vrolijkheid is toch erg nodig in deze depressieve trip.
Maar het toppunt van emotie komt in de afsluiter Two Headed Boy pt. 2.
Een ongelooflijk ontroerend nummer, waarin het hele concept van de plaat in één nummer wordt samengebracht. Mangum's stem klinkt breekbaarder dan ooit.
Als het nummer wordt afgesloten, door Mangum die zijn gitaar wegstopt en de kamer uitloopt, heb ik een leeg gevoel vanbinnen dat een tijdje niet weggaat.
Oplossing: opnieuw beginnen.
Deze plaat brengt alle bestaande emoties bij elkaar in 40 minuten.
Deze plaat vertelt, doet lachen, doet huilen maar is vooral zo godsgruwelijk mooi dat ik écht niet anders kan dan hem op nummer 1 in mijn top-10 te zetten.
Kwaliteit als dit is zeer zeldzaam.
Het piept, jankt, kraakt aan alle kanten. De zanger en de instrumentatie zijn vals, de opnamekwaliteit is belabberd en de teksten lijken wel totaal willekeurig.
Toch staat In The Aeroplane Over The Sea op nummer 1 van mijn top-10 en komt daar voorlopig niet af.
Waarom? Dit album kruipt in alle hoeken van je ziel, keert die binnenstebuiten, laat je alle emoties zien en verlaat dan ruw je lichaam bij de afsluiter.
Ongeacht de lengte van het nummer, zanger of zuiverheid.
Neem de opener The King Of Carrot Flowers pt. 1.
Twee kinderen, geslacht erbuiten gehouden, die liefde ontwikkelen.
Op zich een eenvoudig nummer, alleen Mangum, zijn gitaar en een accordeon.
Maar toch is het nummer zo emotievol dat kippenvel niet te onderdrukken valt.
Liefdevoller en gemeender kan muziek niet zijn.
The King Of Carrot Flowers pt. 2 and 3 is het plotseling beseffen van een hogere kracht en de bijbehorende euforie. Rebels, speels maar vooral erg vrolijk is dit prachtige nummer. De valse zang van Mangum draagt hier alleen maar aan bij.
Het beeld van Mangum en zijn band in een antieke stad begint ook te verschijnen.
Van al de schitterende nummers op dit album is het titelnummer één van de mooisten.
Dit nummer is pure tederheid, optimisme en liefde.
De tekst is echt prachtig, maar de kracht van dit nummer zit waarschijnlijk in de eenvoudigheid. Alleen Mangum, zijn gitaar en een blazer.
Al draagt het simpele akoestisch gitaarrifje ook erg mee.
Het beste liefdesliedje ooit gemaakt, zonder twijfel.
Bij Two Headed Boy begint de ellende in te slaan.
Een gehaast nummer met een bizarre tekst die niet te doorgronden valt. Misschien maar beter ook. Mangum zingt valser dan ooit tevoren, maar ook hier maakt dit het geheel alleen maar mooier.
Het ingetogen, berustende einde is gegarandeerd kippenvel en het beeld van de antieke stad is compleet.
Een naadloze overgang naar The Fool.
De optocht door de antieke stad is begonnen. Eindpunt: de zee.
De blazers nemen eindelijk eens het voortouw en klinken emotievoller dan ooit.
Ook het millitaire drumritme klinkt erg mooi.
Dit is zo'n nummer dat nooit een zanger had mogen hebben.
Op het eerste gezicht lijkt Holland, 1945 een feestnummer.
Bij de volgende gezichten weet je wel beter.
Een aangrijpende klaagzang, vol van spijt en pijn.
Ik ga geen tekst citeren, ieder woord is goed gekozen in dit nummer.
Dit is de definitie van perfectie.
Communist Daughter is het bewijs dat lengte niets uitmaakt voor schoonheid.
Het strand is bereikt. Mangum zit met zijn gitaar aan de branding.
Op de duinen de trompettist die tevergeefs een hoopvolle toon probeert te bereiken.
Maar Oh Comely is zonder twijfel het beste nummer dat ik ooit heb gehoord.
Dit is ellende zonder zelfmedelijden, gewoon pure, aangrijpende emotie.
De tekst is écht fantastisch en Mangum zingt emotievoller dan ooit.
Maar de schoonheid valt niet echt met woorden te verklaren.
Dit moet je gewoon zelf luisteren.
Bij Ghost begint de vrolijkheid zijn kop weer op te steken.
Bijna dansbaar, stevig qua drums, maar toch ook weer erg gevoelig.
Het tempo ligt erg hoog, Mangum zingt weer heerlijk vals en een paar ondefinieerbare instrumenten janken erdoorheen. Het outro is zelfs bijna rock te noemen.
Toch heeft dit nummer een erg sterke melancholische lading.
Untitled is een heerlijke filler. Misschien wel het vrolijkste nummer van het album.
De koortjes doen het goed en de doedelzak(!) is hier een passend instrument.
Toch is het, misschien door gebrek aan emotionele lading, een nummer dat wat uit de toon valt. Niks mis mee, want vrolijkheid is toch erg nodig in deze depressieve trip.
Maar het toppunt van emotie komt in de afsluiter Two Headed Boy pt. 2.
Een ongelooflijk ontroerend nummer, waarin het hele concept van de plaat in één nummer wordt samengebracht. Mangum's stem klinkt breekbaarder dan ooit.
Als het nummer wordt afgesloten, door Mangum die zijn gitaar wegstopt en de kamer uitloopt, heb ik een leeg gevoel vanbinnen dat een tijdje niet weggaat.
Oplossing: opnieuw beginnen.
Deze plaat brengt alle bestaande emoties bij elkaar in 40 minuten.
Deze plaat vertelt, doet lachen, doet huilen maar is vooral zo godsgruwelijk mooi dat ik écht niet anders kan dan hem op nummer 1 in mijn top-10 te zetten.
Kwaliteit als dit is zeer zeldzaam.
Nils Frahm - Wintermusik (2009)

4,5
0
geplaatst: 19 december 2010, 22:15 uur
Wintermuziek.
Dit album is binnen zitten, zo dicht mogelijk tegen een knisperend haardvuur aan.
Buiten sneeuwt het zo hard dat de straten leeg zijn. Geen mens te bekennen.
Je moet over een kwartiertje weg maar nu nog even ontspannen. Geef je over aan Nils Frahm.
De piano is perfect afgestemd en geeft een fijn, rozig gevoel in je hoofd.
Leun zo ver mogelijk naar achteren in je stoel, kijk hoe de sneeuwvlokken tegen het raam spatten.
Ambre is een klein, zoet snoepje om mee te beginnen.
Een lieflijk melodietje dat in contrast staat met het ijzige, steenkoude weer buiten.
Gelukkig heb je nog wat tijd. Als je even wat sneller fietst, Tristana ook nog even meepakken?
Van tevoren kijk je echter al een beetje tegenop. 18 hele minuten!
Duizenden sfeerbeelden en voor je gevoel tien seconden later is hij echter al afgelopen.
Met zijn repetitieve pianomotiefje en enkele variaties daarop is het echt een hypnose.
Kleine, sprookjesachtige maar ondefenieerbare instrumenten klinken lieflijk op de achtergrond.
Het landschap buiten je deur ziet er steeds onaantrekkelijker uit.
Vooruit, dan maar te laat. Nue móet gewoon nog even.
Verrukt door de tonen van de piano in het begin overweeg je om je nog warme bed weer in te kruipen.
Met een glimlach leun je achterover. Dit is de defenitie van geluk.
Je laat je verrassen door het instrument dat op het eind komt invallen. Wat is het toch fijn binnen.
Met de warme tonen waarmee Wintermusik eindigt, herinner je je afspraak.
Een halfuur te laat vanwege een gemiste trein, maar je komt met een gelukzalige glimlach aan.
Het was het meer dan waard.
Dit album is binnen zitten, zo dicht mogelijk tegen een knisperend haardvuur aan.
Buiten sneeuwt het zo hard dat de straten leeg zijn. Geen mens te bekennen.
Je moet over een kwartiertje weg maar nu nog even ontspannen. Geef je over aan Nils Frahm.
De piano is perfect afgestemd en geeft een fijn, rozig gevoel in je hoofd.
Leun zo ver mogelijk naar achteren in je stoel, kijk hoe de sneeuwvlokken tegen het raam spatten.
Ambre is een klein, zoet snoepje om mee te beginnen.
Een lieflijk melodietje dat in contrast staat met het ijzige, steenkoude weer buiten.
Gelukkig heb je nog wat tijd. Als je even wat sneller fietst, Tristana ook nog even meepakken?
Van tevoren kijk je echter al een beetje tegenop. 18 hele minuten!
Duizenden sfeerbeelden en voor je gevoel tien seconden later is hij echter al afgelopen.
Met zijn repetitieve pianomotiefje en enkele variaties daarop is het echt een hypnose.
Kleine, sprookjesachtige maar ondefenieerbare instrumenten klinken lieflijk op de achtergrond.
Het landschap buiten je deur ziet er steeds onaantrekkelijker uit.
Vooruit, dan maar te laat. Nue móet gewoon nog even.
Verrukt door de tonen van de piano in het begin overweeg je om je nog warme bed weer in te kruipen.
Met een glimlach leun je achterover. Dit is de defenitie van geluk.
Je laat je verrassen door het instrument dat op het eind komt invallen. Wat is het toch fijn binnen.
Met de warme tonen waarmee Wintermusik eindigt, herinner je je afspraak.
Een halfuur te laat vanwege een gemiste trein, maar je komt met een gelukzalige glimlach aan.
Het was het meer dan waard.
