Uit mijn
tweewekelijkse muziekmail over beste nieuwe albums en tracks:
Het moet op Koninginnedag van 1998 zijn geweest. Ik was nog net geen 16 en ging samen met mijn jongere neef naar het podium van 3FM op het Rembrandtplein in Amsterdam. Daar zou ik voor het eerst van mijn leven een paar grote artiesten in het echt gaan zien. We keken vooral uit naar het slotoptreden van Anouk, die een jaar eerder een grote hit scoorde met Nobody’s Wife. Gelukkig mocht het voorprogramma, met optredens van Volumia!, Close II You, Nilsson en Skik, er ook wezen. Na afloop praten we vooral na over Anouk en soms ook over haar muziek. Maar die Drentse band Skik, waar we eigenlijk alleen Op Fietse van kenden, maakte toch ook wel indruk.
Betonpaolties, betonpaolties bennen kut!, schreeuwde zanger Daniël Lohues op het podium. En even later zongen we mee uit volle borst:
Dreuge worst, dreuge worst / ‘k zol nie weten wat ik zunder mos en
’t is klotenweer klotenweer, kloot kloot klotenweer!
Nu, twintig jaar later, is er niet eens zo gek veel veranderd. Zanger Daniël Lohues brengt met de regelmaat van de klok ieder jaar een nieuw album uit en nog altijd zingt hij ongewoon mooi over de gewone dingen in het leven. Zo staan op zijn elfde soloalbum Vlier nummers over de volle maan en de A28.
Vorige week vertelde hij bij DWDD hoe hij na een bezoek aan Chicago door een paar simpele vlierbladeren tot het besef kwam dat hij niet in een grote stad, maar in Drenthe thuishoort. Mar ik heur hier, zong hij prachtig op een vleugel voor 1,5 miljoen kijkers (video). In De Volkskrant werd Lohues al toepasselijk de Saksische Randy Newman genoemd.
Een van de meest aanstekelijke nummers van zijn nieuwe album, waarop hij weer moeiteloos schakelt tussen pop, rock, country en blues, vind ik Ondergrondse hutte met pakkend refrein. Hopelijk trekt Lohues zich daar nooit helemaal in terug en blijft hij ons ook de komende twintig jaar verblijden met zijn prachtnummers.