Hier kun je zien welke berichten dafit als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Kacey Musgraves - Golden Hour (2018)

4,5
0
geplaatst: 11 april 2018, 10:14 uur
Uit mijn tweewekelijkse muziekmail over de beste nieuwe albums en tracks:
Het nieuwe album van Kacey Musgraves is overladen met positieve recensies. Terecht wat mij betreft, want Golden Hour is een ijzersterk countrypopalbum. Met de nadruk op pop, want hoewel de banjo en pedal steel gitaar een rol spelen, bevat deze plaat toch vooral toegankelijke en makkelijk in het gehoor liggende popliedjes. Vaak behoorlijk zoet, maar wat mij betreft niet té. Alleen al in het lange paasweekend beluisterde ik deze plaat tien keer. Mijn favoriete nummers: Slow Burn, Oh, What A World (met banjo én Daft Punk-achtige vocoder) en Happy & Sad (klinkt haast als de oude Britney).
Klein punt van zorg is de ‘houdbaarheidsdatum’. Luisteren 'we’ eind dit jaar ook nog naar deze vrolijke lenteplaat? Haar optreden in de Melkweg valt ongelukkig genoeg midden in de herfstvakantie (21 oktober) waarin we altijd weg zijn. Kaarten zijn verrassend genoeg nog steeds verkrijgbaar.
Het nieuwe album van Kacey Musgraves is overladen met positieve recensies. Terecht wat mij betreft, want Golden Hour is een ijzersterk countrypopalbum. Met de nadruk op pop, want hoewel de banjo en pedal steel gitaar een rol spelen, bevat deze plaat toch vooral toegankelijke en makkelijk in het gehoor liggende popliedjes. Vaak behoorlijk zoet, maar wat mij betreft niet té. Alleen al in het lange paasweekend beluisterde ik deze plaat tien keer. Mijn favoriete nummers: Slow Burn, Oh, What A World (met banjo én Daft Punk-achtige vocoder) en Happy & Sad (klinkt haast als de oude Britney).
Klein punt van zorg is de ‘houdbaarheidsdatum’. Luisteren 'we’ eind dit jaar ook nog naar deze vrolijke lenteplaat? Haar optreden in de Melkweg valt ongelukkig genoeg midden in de herfstvakantie (21 oktober) waarin we altijd weg zijn. Kaarten zijn verrassend genoeg nog steeds verkrijgbaar.
Karen O & Danger Mouse - Lux Prima (2019)

4,0
0
geplaatst: 27 maart 2019, 10:08 uur
Uit mijn tweewekelijkse nieuwsbrief over de beste nieuwe popmuziek (aanmelden kan hier):
Acht jaar geleden groeide Rome van de Amerikaanse producer Danger Mouse en de Italiaanse componist/arrangeur Daniele Luppi onverwacht uit tot een van mijn favoriete albums van 2011. Het was een warme, rijk georkestreerde plaat, waaraan Jack White en Norah Jones fraaie bijdragen leverden.
Voor Lux Prima ging Danger Mouse in zee met Karen O, de zangeres van rockband Yeah Yeah Yeahs, en het resultaat is bijna even mooi. De muziek is net als de albumcover iets donkerder en de invloed van Ennio Morricone nog groter. Veel nummers, waaronder Redeemer en Reveries, lijken geschreven voor een spaghettiwestern. Op andere momenten verwijst de muziek naar Serge Gainsbourg en Air, zoals op Ministry - een van mijn favoriete nummers.
Karen O bewijst dat ze een veelzijdige zangeres is. Vaak zingt ze verleidelijk, maar op Woman klinkt ze opeens rauw en krachtig. I’m a woman, what you see, schreeuwt ze bijna uit, waarbij haar stem de hoogte in vliegt (kijk het weergaloze door Spike Jonze geregisseerde Late Show-optreden!). Lux Prima is een spannende plaat met music for imaginary films.
Acht jaar geleden groeide Rome van de Amerikaanse producer Danger Mouse en de Italiaanse componist/arrangeur Daniele Luppi onverwacht uit tot een van mijn favoriete albums van 2011. Het was een warme, rijk georkestreerde plaat, waaraan Jack White en Norah Jones fraaie bijdragen leverden.
Voor Lux Prima ging Danger Mouse in zee met Karen O, de zangeres van rockband Yeah Yeah Yeahs, en het resultaat is bijna even mooi. De muziek is net als de albumcover iets donkerder en de invloed van Ennio Morricone nog groter. Veel nummers, waaronder Redeemer en Reveries, lijken geschreven voor een spaghettiwestern. Op andere momenten verwijst de muziek naar Serge Gainsbourg en Air, zoals op Ministry - een van mijn favoriete nummers.
Karen O bewijst dat ze een veelzijdige zangeres is. Vaak zingt ze verleidelijk, maar op Woman klinkt ze opeens rauw en krachtig. I’m a woman, what you see, schreeuwt ze bijna uit, waarbij haar stem de hoogte in vliegt (kijk het weergaloze door Spike Jonze geregisseerde Late Show-optreden!). Lux Prima is een spannende plaat met music for imaginary films.
Kelly Lee Owens - Inner Song (2020)

4,0
0
geplaatst: 9 september 2020, 17:26 uur
Uit mijn tweewekelijkse nieuwsbrief over de beste nieuwe popmuziek (aanmelden kan hier)
Jaarlijks verschijnen er enkele danceplaten die ook in indiekringen omarmd worden. In 2018 waren dat Against All Logics 2012-2017 waarop Nicolas Jaar vrolijk aan de haal ging met samples en Jon Hopkins Singurlarity waarop techno en (neo)klassieke muziek elkaar ontmoetten. Een van de niet te missen danceplaten van dit jaar is zonder twijfel Inner Song van de Welshe Kelly Lee Owens, met wie Hopkins vorig jaar samenwerkte.
Ook op dit warmbloedige, sfeervolle dance-album komen meerdere muziekstijlen samen. De dromerige zang van Owens, die wat aan Julee Cruise doet denken, smelt prachtig samen met organisch klinkende elektronica en spannende beats. Slechts een enkele technotrack, zoals Melt!, is primair voor de dansvloer bedoeld. Regelmatig blijven beats nagenoeg achterwege, zoals op het hypnotiserende L.I.N.E., Re-Wild en Corner Of My Sky. Het is spannende, duistere muziek die vast in series of films zal opduiken.
Op andere tracks valt meer te beleven. Zo klinken op Jeanette echo’s door van het al bijna 25 jaar oude In Sides van Orbital: het is gelaagde, warme en zeer melodieuze dancemuziek. On en Night zijn de twee killer tracks met de grootste spanningsboog, waarop de elektronische muziek van kleur verandert als een eikenboom in de nazomer. ‘It feels so good to be alive’, zingt Owens met aanzwellende, langzaam in galm verdrinkende dromerige stem op Night, waarna beats en elektronica vrij spel krijgen. Met Inner Song geeft Kelly Lee Owens 'dreamhouse’ - ooit in het leven geroepen door Robert Miles’ Children - een nieuwe betekenis.
Jaarlijks verschijnen er enkele danceplaten die ook in indiekringen omarmd worden. In 2018 waren dat Against All Logics 2012-2017 waarop Nicolas Jaar vrolijk aan de haal ging met samples en Jon Hopkins Singurlarity waarop techno en (neo)klassieke muziek elkaar ontmoetten. Een van de niet te missen danceplaten van dit jaar is zonder twijfel Inner Song van de Welshe Kelly Lee Owens, met wie Hopkins vorig jaar samenwerkte.
Ook op dit warmbloedige, sfeervolle dance-album komen meerdere muziekstijlen samen. De dromerige zang van Owens, die wat aan Julee Cruise doet denken, smelt prachtig samen met organisch klinkende elektronica en spannende beats. Slechts een enkele technotrack, zoals Melt!, is primair voor de dansvloer bedoeld. Regelmatig blijven beats nagenoeg achterwege, zoals op het hypnotiserende L.I.N.E., Re-Wild en Corner Of My Sky. Het is spannende, duistere muziek die vast in series of films zal opduiken.
Op andere tracks valt meer te beleven. Zo klinken op Jeanette echo’s door van het al bijna 25 jaar oude In Sides van Orbital: het is gelaagde, warme en zeer melodieuze dancemuziek. On en Night zijn de twee killer tracks met de grootste spanningsboog, waarop de elektronische muziek van kleur verandert als een eikenboom in de nazomer. ‘It feels so good to be alive’, zingt Owens met aanzwellende, langzaam in galm verdrinkende dromerige stem op Night, waarna beats en elektronica vrij spel krijgen. Met Inner Song geeft Kelly Lee Owens 'dreamhouse’ - ooit in het leven geroepen door Robert Miles’ Children - een nieuwe betekenis.
Khruangbin - Mordechai (2020)

3,5
0
geplaatst: 1 juli 2020, 19:18 uur
Uit mijn tweewekelijkse nieuwsbrief over de beste nieuwe popmuziek (aanmelden kan hier):
Dikke kans dat het derde album van Khruangbin straks bij veel mensen gaat uitgroeien tot dé soundtrack voor de zomervakantie van 2020. Want wat brengt dit Texaanse trio op Mordechai heerlijke zomerse, exotische muziek. Vooral de grotendeels instrumentale nummers met surfgitaar en diepe baslijnen zijn ontzettend loom en de ultieme onthaastingsmuziek.
Spektakel of grote verrassingen hoef je niet te verwachten, maar er zijn wel twee grote uitschieters: So We Don’t Forget en Pelota mogen op geen enkele playlist voor deze zomer ontbreken. Dit laatste swingende nummer biedt een mix van twinkelend gitaarspel, ontspannen percussie en vocalen, die prominenter dan elders in de mix te horen zijn. Khruangbin brengt precies wat je nodig hebt als je na een een cocktail bij het zwembad langzaam in slaap wilt sukkelen op je ligstoel.
Dikke kans dat het derde album van Khruangbin straks bij veel mensen gaat uitgroeien tot dé soundtrack voor de zomervakantie van 2020. Want wat brengt dit Texaanse trio op Mordechai heerlijke zomerse, exotische muziek. Vooral de grotendeels instrumentale nummers met surfgitaar en diepe baslijnen zijn ontzettend loom en de ultieme onthaastingsmuziek.
Spektakel of grote verrassingen hoef je niet te verwachten, maar er zijn wel twee grote uitschieters: So We Don’t Forget en Pelota mogen op geen enkele playlist voor deze zomer ontbreken. Dit laatste swingende nummer biedt een mix van twinkelend gitaarspel, ontspannen percussie en vocalen, die prominenter dan elders in de mix te horen zijn. Khruangbin brengt precies wat je nodig hebt als je na een een cocktail bij het zwembad langzaam in slaap wilt sukkelen op je ligstoel.
Kishi Bashi - Omoiyari (2019)

4,5
3
geplaatst: 12 juni 2019, 21:25 uur
Uit mijn tweewekelijkse nieuwsbrief over de beste nieuwe popmuziek (aanmelden kan hier):
Soms vertellen kleine albumhoezen een groot verhaal. Neem die van Omoiyari, het vierde album van de Japans-Amerikaanse zanger en multi-instrumentalist Kishi Bashi, waarop gebeeldhouwde en geverfde vogeltjes staan. Deze kleine kunstwerkjes blijken tijdens de Tweede Wereldoorlog gemaakt door de Japans-Amerikaanse kunstenaars Himeo Fukuhara en Kazuko Matsumoto tijdens hun verblijf in interneringskampen in Arizona en Colorado.
Het is niet voor niks dat juist deze vogeltjes de hoes sieren, want op dit conceptalbum wil de in Seatlle geboren Kishi Bashi een vrij onbekende zwarte bladzijde uit de Amerikaanse geschiedenis in herinnering brengen. Na Pearl Harbor werden 110.000 Japanse Amerikanen hun rechten ontnomen en in interneringskampen ondergebracht, puur wegens hun ras. Kishi Bashi besloot naar hun verhalen op zoek te gaan voor een film en album.
Met deze zware thematiek had dit met gemak een zwaarmoedig album op kunnen leveren, maar dat is gelukkig niet het geval. Omoiyari (dit Japans woord betekent iets als empathie) is juist een vrij lichtvoetige plaat. Neem de sprankelende opener Penny Rabbit and Summer Bear, waarop Kishi Bashi met zijn hoge falsetstem onmiddellijk weet te raken en die na twee minuten kort en krachtig tot bloei komt als de Japanse kersenbloesem.
Net zo vrolijk is F Delano, maar schijnt bedriegt. De titel verwijst namelijk naar Franklin D. Roosevelt, die wordt gezien als een van de beste Amerikaanse presidenten ooit, maar ook aanstichter was van de interneringskampen. Zo zingt Kishi Bashi, die eerder als een soort Ed Sheeran met vioolloops en beatboxing furore maakte:
Into the desert he pushed all the Nips, he wasn’t alone / Speech with a fury / Sentenced with no plan ahead of you / Without a heart / No winning hand for any man or child / F Delano
Op Summer of 42 vertelt hij een liefdesgeschiedenis in een van de kampen en op Violin Tsunami laat Kishi Bashi nog eens horen dat hij ook een virtuoze violist is. Een wat vreemde eend in de bijt is de vrolijke, country-achtige afsluiter Annie, Heart Thief of the Sea. Al met al is het rijk georkestreerde Omiyari een indrukwekkende plaat, die een belangrijk geschiedenisverhaal vertelt.
Soms vertellen kleine albumhoezen een groot verhaal. Neem die van Omoiyari, het vierde album van de Japans-Amerikaanse zanger en multi-instrumentalist Kishi Bashi, waarop gebeeldhouwde en geverfde vogeltjes staan. Deze kleine kunstwerkjes blijken tijdens de Tweede Wereldoorlog gemaakt door de Japans-Amerikaanse kunstenaars Himeo Fukuhara en Kazuko Matsumoto tijdens hun verblijf in interneringskampen in Arizona en Colorado.
Het is niet voor niks dat juist deze vogeltjes de hoes sieren, want op dit conceptalbum wil de in Seatlle geboren Kishi Bashi een vrij onbekende zwarte bladzijde uit de Amerikaanse geschiedenis in herinnering brengen. Na Pearl Harbor werden 110.000 Japanse Amerikanen hun rechten ontnomen en in interneringskampen ondergebracht, puur wegens hun ras. Kishi Bashi besloot naar hun verhalen op zoek te gaan voor een film en album.
Met deze zware thematiek had dit met gemak een zwaarmoedig album op kunnen leveren, maar dat is gelukkig niet het geval. Omoiyari (dit Japans woord betekent iets als empathie) is juist een vrij lichtvoetige plaat. Neem de sprankelende opener Penny Rabbit and Summer Bear, waarop Kishi Bashi met zijn hoge falsetstem onmiddellijk weet te raken en die na twee minuten kort en krachtig tot bloei komt als de Japanse kersenbloesem.
Net zo vrolijk is F Delano, maar schijnt bedriegt. De titel verwijst namelijk naar Franklin D. Roosevelt, die wordt gezien als een van de beste Amerikaanse presidenten ooit, maar ook aanstichter was van de interneringskampen. Zo zingt Kishi Bashi, die eerder als een soort Ed Sheeran met vioolloops en beatboxing furore maakte:
Into the desert he pushed all the Nips, he wasn’t alone / Speech with a fury / Sentenced with no plan ahead of you / Without a heart / No winning hand for any man or child / F Delano
Op Summer of 42 vertelt hij een liefdesgeschiedenis in een van de kampen en op Violin Tsunami laat Kishi Bashi nog eens horen dat hij ook een virtuoze violist is. Een wat vreemde eend in de bijt is de vrolijke, country-achtige afsluiter Annie, Heart Thief of the Sea. Al met al is het rijk georkestreerde Omiyari een indrukwekkende plaat, die een belangrijk geschiedenisverhaal vertelt.
