MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten dafit als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

A.A.L (Against All Logic) - 2012 - 2017 (2018)

poster
4,0
Uit mijn tweewekelijkse muziekmail over de beste nieuwe albums en tracks:

Die zag ik niet aankomen. In de eerste twee maanden van 2018 luisterde ik vooral naar (indie)pop- en folkalbums en de afgelopen twee weken raakte ik onverwachts weer eens helemaal verknocht aan een danceplaat. Dat was lang, te lang geleden. Achter A.A.L. gaat de Chileens-Amerikaanse producer Nicolas Jaar schuil, die eerder niet altijd even toegankelijke elektronische albums uitbracht. Met zijn project Against All Logic komt hij nu met een verzameling steengoede housetracks die veel nadrukkelijker voor de dansvloer zijn bedoeld.

Voor meerdere nummers van dit ruim een uur durende album samplede hij tal van funk- en vooral soulplaten uit de jaren zeventig. Zo gaat Jaar in opener This House Is All I Have heerlijk aan de haal met het zwoele soulnummer Doin' It Right van Mike James Kirkland uit 1973. Bovenop die versnelde, groovende plaat gooit hij af en toe explosieve geluiden; alsof er complete gebouwen worden opgeblazen. Vervreemdend en toch blijft het een toegankelijke track.

Vanaf dit ontspannen startschot gaat het ritme in vrijwel alle zeer dansbare tracks omhoog. Zo heeft de volgende track, I Never Dream, geweldige beats met een jaren '90-gevoel. Daarna volgen nog meer goede, vaak vrolijke housetracks als Know You, Cityfade (met loeiende sirene) en Such A Bad Way. In dat laatst nummer samplet Jaar I Am a God van Kanye West. Een goede grap, want als er iemand veel samples gebruikt is het Kanye.

Vooral dit intelligente gebruik van samples maakt deze plaat aantrekkelijk. Net als bij het geweldige Since I Left You van The Avalanches uit 2000 blijf je je vergapen aan alle samples en geluiden en ontdek je steeds weer iets nieuws (check vooral de site Whosampled.com!). Dit album van Against All Logic zou zomaar mijn favoriete danceplaat van 2018 kunnen gaan worden.

Aldous Harding - Designer (2019)

poster
3,5
Uit mijn tweewekelijkse nieuwsbrief over de beste nieuwe popmuziek (aanmelden kan hier):

Na haar prachtige duet met ex Marlon Williams en de uitstekende singles The Barrel en Fixture Picture keek ik reikhalzend uit naar het nieuwe album van de Nieuw-Zeelandse zangeres Aldous Harding. Helaas viel de lovend ontvangen plaat Designer me in eerste instantie wat tegen. Luisterend op mijn werk met hoofdtelefoon op gleden de nummers voorbij, zonder dat ik echt gepakt werd zoals bij die eerste single.

De schoonheid van dit door John Parish (PJ Harvey) geproduceerde album openbaart zich pas als je er rustig voor gaat zitten. Dan valt pas op hoe de stem van Harding steeds van kleur veranderd. Zo klinkt haar zang op de twee singles dromerig als Beth Hirsch op Airs Moon Safari en is haar stem elders laag en donker - zoals op Weight of the Planets en Pilot. Ook hoor je dan pas mooie details van de sobere instrumentatie op deze fraaie folkplaat. Uiteindelijk zijn het best zonnige Designer en Zoo Eyes met fluit de twee nummers die naast de singles het meest beklijven.

Alela Diane - Cusp (2018)

poster
Korte recensie uit mijn tweewekelijkse nieuwsbrief over popmuziek, waarin ik schrijf over de beste nieuwe albums en tracks:

De meeste nummers van haar vijfde album schreef de Amerikaanse singer-songwriter Alela Diane terwijl ze zwanger was van haar tweede dochter. Dat heeft zijn weerslag gehad, want op deze plaat staat het moederschap centraal. Dat hoor je onder meer op het meest aangrijpende nummer Émigré, dat over de vluchtelingencrisis gaat. Zo zingt ze:

One by one the children have grown silent / From their mother’s arms, they float away / The roaring sea will wash our quiet bodies / Upon the foreign shore, but our souls will find a way

Het nummer gaat gepaard met een intieme videoclip met vertraagde beelden van Diane met haar dochter in haar handen.

Alice Boman - Dream On (2020)

poster
4,0
Uit mijn Popcorn-nieuwsbrief over de beste nieuwe popmuziek (aanmelden kan hier):

Het is de vraag of er ooit een vervolg komt op Twin Peaks: The Return, maar de Zweedse zangeres Alice Boman lijkt met Dream On alvast te solliciteren voor een een plekje op de soundtrack daarvan. Haar dromerige nieuwe album met piano, warme synthesizerklanken en haar hoge, soms wat wankele stem is duidelijk beïnvloed door de muziek van Julee Cruise, die een prominente rol had in de eerste Twin Peaks-film.

Achter de droevige, trage nummers lijkt een groot mysterie schuil te gaan. Luister maar eens naar het wat duistere, maar wonderschone Hold On. En sinds Michael Stipe hoorden we niet eerder iemand zo aangrijpend de woorden Everybody Hurts zingen. Ander hoogtepunt is The More I Cry, dat hard aan kan komen bij mensen met liefdesverdriet: “So I close my eyes, I’m holding back the tears / Cause the more I cry, the more you disappear.”

Bomans muziek werd eerder al gebruikt in series als Wildbill, Transparent, Suits en 13 Reasons Why en de zangeres verdient na Dream On een podium in The Roadhouse. David Lynch, kom alsjeblieft snel in actie!

Angel Olsen - All Mirrors (2019)

poster
4,5
Uit mijn tweewekelijkse nieuwsbrief over de beste nieuwe popmuziek (aanmelden kan hier):

Op All Mirrors verruilt de Amerikaanse Angel Olsen de indierock van haar eerste albums voor rijk georkestreerde muziek met aanzwellende violen, synthesizers en drums die aankomen als een mokerslag. Het levert een afwisselende en intrigerende plaat op met een grote spanningsboog.

Zo werkt single Lark als een thriller toe naar een apotheose. Dit grootse drama met ijzingwekkende violen en harde vocalen dreigt te bezwijken onder al te veel bombast, maar dat gebeurt gelukkig niet. Nummers als Tonight en Endgame lijken geïnspireerd door het al bijna twintig jaar oude, maar nog altijd fenomenale Felt Mountain van Goldfrapp. Hier zingt Olsen opeens fluisterzacht en de muziek klinkt melancholisch. Dit is zorgvuldig gedoseerde schoonheid.

Andere hoogtepunten zijn het titelnummer - waarbij ik gek genoeg altijd even aan Kate Bush moet denken - en het fascinerende Spring, met bewust valse pingeltjes die het mysterie vergroten. Waar tal van grote albums van dit jaar toch ook zwakke momenten hebben, blijft het niveau tot en met het einde hoog. Slotnummer Chance, waarop Olsen ook nog eens blijkt te kunnen croonen, is een fraaie grande finale voor in een rokerige nachtclub in de late uurtjes.

Het fenomenale All Mirrors is nu al een van mijn favoriete albums van 2019 en gaat heel hoog eindigen in mijn jaarlijst.

Anna Calvi - Hunter (2018)

poster
4,5
Uit mijn tweewekelijkse Popcorn-nieuwsbrief over de beste nieuwe albums en singles:

Sinds vrijdag ben ik compleet in de ban van Hunter, het derde album van de Britse zangeres en gitarist Anna Calvi. Dat komt niet zozeer door wat ze zingt (vaak over de fluïde grens tussen het man/vrouw-zijn), maar hoe ze dat doet en het filmische karakter van de muziek.

Neem Indies of Paradise dat net zoveel plotwendingen heeft als een spannende thriller. Calvi klinkt aanvankelijk fluisterzacht - meer hijgend dan zingend - over voortrollende drums en gitaren heen. Halverwege scheuren gierende gitaren het nummer doormidden. Even neemt Calvi gas terug en de zweetdruppels vliegen je bijna om de oren als ze zingt ’God I feel the sweat sweat sweat of my back crawling through the trees like an animal I fall’. Dan volgt de apotheose: haar stem schiet opeens omhoog, zwelt steeds verder aan met meer en meer vibrato. Dit is zinnenprikkelende muziek, waarbij je op het puntje van je stoel zit.

Die zweetdruppels zien we ook terug op de albumcover en in de dampende videoclip met expliciete beelden van het Lynchiaanse titelnummer. “Dit is een levenslustig album waarop ik mezelf presenteer als ‘jager’, en niet als prooi. Ik trek erop uit om zinnelijk genot te vinden”, zei ze onlangs in NRC.

Het hoogtepunt vind ik de wonderschone ballad Swimming Pool, die ik sinds vrijdag al ruim tien keer beluisterd heb. Liefst zo hard mogelijk. Calvi’s majestueuze stem, prachtig gitaarspel en warme violen; dit is een warm bad waar je zo lang mogelijk in wilt blijven liggen.

En dan is er aan het slot ook nog Away, het meest ingetogen nummer. Hier bedwelmt Calvi je eerst met niet veel meer dan haar gitaar en stem en het mooiste bewaart ze voor het laatst: een noot die ze zo'n twintig seconde aanhoudt en die langzaam wegsterft. Ondanks haar emotionele, soms theatrale zang wordt Hunter nergens bombastisch en pompeus en dat is knap.