MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Wandelaar als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Alan Parsons - From the New World (2022)

poster
4,0
Eigenlijk bevinden we ons met dit album qua sfeer en thematiek, afgezien van de techniek, geheel terug in de jaren waarin The Alan Parsons Project prachtige albums maakte als The Turn of a Friendly Card (1980) en Eye in the Sky (1982). Daarbij moet opgemerkt worden dat het geluid nu wel een stuk organischer is geworden, minder strak en ook wel een beetje minder spannend misschien. Logisch ook wel, niet alleen de maestro zelf is een stukje ouder inmiddels, ook de schare vaste volgers, tieners en twintigers in de jaren '80, zit inmiddels pijp rokend in de schommelstoel van de kleinkinderen te genieten. Geen brute verrassingen dus.

Er valt toch wel van alles te ontdekken op dit album. Het Nieuwe Wereld-thema van Dvoƙák mag dan wat opzichtig zijn, dan toch wel erg mooi verwerkt in Goin' Home. Tja, eigenlijk een perfect lied voor een uitvaart. Troostvol en gedragen.
De passie voor Phil Spector's Wall of Sound, al eens eerder toegepast op Don't Answer Me, komt goed uit de verf in de afsluitende cover van Be My Baby.
Productioneel een plaat om je vingers bij af te likken. Het album opent met een flashback naar de albums van weleer en veel is hier herkenbaar gekopieerd. Het mag en is heel aardig.
Best geslaagde songs: Uroboros, Don't Fade Now, Obstacles en You Are the Light. Halos is een poging tot iets nieuws, maar valt tegen.

Echo's uit een rijk verleden, duidelijk zijn de verwijzingen voor de kenners. Dat betekent ook wel dat er niets nieuws meer gebeurt. Als dat een teleurstelling is, kun je ook volstaan met die tien prachtige albums van The Project uit de periode 1976-1987. Meer kunnen we niet van Parsons zonder Woolfson verwachten lijkt me.

Alan Parsons - The Secret (2019)

poster
4,0
Vandaag de standaard-editie in huis gekregen en daarmee laat ik de surroundsound 5.1 dvd aan me voorbij gaan. Niks erg, want de CD klinkt al bovengemiddeld goed. De tekst in het boekje verklaart ook een beetje waarom: splinternieuwe studio met Pro Tools op een analoge console en een hardwerkende technicus. Parsons heeft zijn opnamewerk altijd wel vanuit de technisch perfecte invalshoek bekeken. En ook deze mag er zijn.

En hoe zit het dan met de artistieke waarde? De eerste vrijgegeven singles deden mijn verwachtingen lichtelijk temperen. Eerlijk is eerlijk, ik twijfelde wel even. Een beetje al te zoet en voorspelbaar die slotballade. Maar daar aangekomen heb je inmiddels al wel een fijn afwisselend en zelfs redelijk avontuurlijk album achter de kiezen. Avontuurlijk, jazeker, met zo’n opmerkelijke instrumentale opener. Je zou toch warempel de schim van E.A. Poe ontwaren tussen die prachtige klanken. Magie, mysterie en melodie. Die drie horen toch echt wel bij Alan Parsons, met of zonder Project.

Natuurlijk, ik blijf Eric Woolfson missen. Maar wat Parsons hier neerzet kan niet onopgemerkt blijven. Bij de tijd gebracht, maar tegelijk met de naklank van een rijk muzikaal verleden. Beatlesque songs, fijne rockrandjes met geraffineerd gitaarwerk en dan weer meer symfonisch met die prachtige orkestpartijen.

Mooi album. Potdorie, hij flikt het toch maar weer, na zoveel jaar. Ouderwets genieten.
Doelgroep bereikt! (Ik ben 56 jaar )

America - Harbor (1977)

poster
4,0
Harbor is het laatste H-album bij Warner en ook het laatste waarbij Dan Peek nog van de partij is. Werd voorganger Hideaway nog in het sneeuwlandschap van de Rocky Mountains opgenomen, nu werd als opnamelokatie voor Hawaii gekozen. De titel verwijst naar Pearl Harbor.

Ondanks de zon heeft het album een wat donkere, zwaarmoedige klank. Een zwanenzang. Sergeant Darkness en God of the Sun zijn prachtig. Met Slow Down wordt eenmalig een funky pad betreden.
Political Poachers is een nummer met een scherpe politieke lading, dat we van de band nog niet zo gewend waren. Larry Carlton speelt in dit nummer de sitar.

Are You There herinnert met zijn staccato-ritme aan Tin Man.
Een heel aardig album, dit laatste in voltallige bezetting. Muzikaal dichter bij David Gates en Bread dan bij CSN&Y waarmee de band (onterecht) vaak vergeleken werd.

De productie van George Martin is werkelijk subliem: hij legde er al zijn kunde in. De remaster van 2014 klinkt ook nog eens buitengewoon fraai.

Met 33 minuten is het aan de korte kant. Niet al te veel exemplaren gingen er over de toonbank.
Beckley en Bunnell gingen verder als duo. Pas in 1982 zouden ze weer succes hebben met de single You Can Do Magic.

America - Hideaway (1976)

poster
3,0
Na het uiterst succesvolle verzamelalbum History (1975) volgden nog twee albums voor de band bij Warner, nog steeds met een titel beginnend met de letter H.
Producer George Martin nam de drie bandleden in de winter van 1976 mee naar de Caribou Ranch Studios, bij het dorpje Nederland in Colorado om dit album op te nemen..

Martin maakte er een rijke productie van, vol met strijkers en blazers, zoals duidelijk te horen is in Watership Down. Het instrumentale titelnummer, dat uit twee delen bestaat, is eveneens van vol orkest voorzien. Daar staat dan een nummer als Lovely Night tegenover, dat in reggae-stijl is gevat.

Fraaie songs vinden we in Today’s the Day van Dan Peek en Bunnell’s Amber Cascades. Maar voor het overige is het een weinig opwindend album. Een zekere matheid en gemakzucht lijkt te zijn toegeslagen. Het klinkt voortreffelijk, maar behalve die paar aardige songs krijg je de indruk dat er speeltijd volgemaakt moet worden. Het vuur van die eerste jaren werd ingeruild voor een behaaglijk kampvuurtje.

Veel bands kampten in die jaren met dat probleem. Als ik het goed zie, dan was de druk van het creatief presteren en intensief touren te zwaar. Getalenteerde artiesten, die rond 1970-73 creatief kwamen bovendrijven en kansen kregen van platenmaatschappijen voelden nu de druk om de investering voor hun maatschappij dubbel terug te verdienen. Wie kon dat volhouden?

Nog iets om te noteren. De Verenigde Staten van Amerika vierden in 1976 hun 200-jarig bestaan. Gezien hun bandnaam was het makkelijk geweest hier publicitair iets mee te doen. Maar de band besloot op geen enkele manier hiernaar te verwijzen. Geen patriotisme, geen vlaggetje op de hoes, niets van dat alles. Dat sierde ook deze bescheiden jongens.

Ondanks alles, een prettig feelgood album. How I Love The Seventies!

America - History (1975)

Alternatieve titel: America's Greatest Hits

poster
5,0
Na hun debuutalbum uit 1971 maakten de heren een reeks albums die allemaal beginnen met de letter H en dit verzamelalbum vormt in die serie geen uitzondering. Hierna zouden nog Hideaway en Harbor volgen, waarover later meer. History is vooral een Hit-story, want het zijn inderdaad allemaal singlesuccessen die de Top 20 haalden.

Omdat de band inmiddels ex-Beatles producer George Martin in huis had gehaald bemoeide hij zich ook met dit verzamelalbum en bewerkte de oudere nummers en voegde hier en daar wat toe zoals de fiddle in
Don't Cross the River. Het aardige is dat deze vernieuwde versies bekender zijn gaan klinken dan de originele. Deze verzamelaar was een enorm verkoopsucces.

Wat was America voor een band? Het was een lekker klinkende radiovriendelijke band, in de eerste jaren vooral countryrockend, later meer softrockend en dus steeds meer pop. Vaak weggezet als de zoete versie van Crosby, Stills, Nash & Young en om die reden flink afgebrand door critici. Ook de inhoudelijk vlakke teksten konden op kritiek rekenen. Het publiek trok zich er echter weinig van aan, al was het met de grote hits ná deze verzamelaar wel gedaan. De twee hierop volgende albums die nog bij Warner werden uitgebracht konden weinig meer doen. Dan Peek verliet in 1977 de band en het platencontract bij Warner werd niet verlengd.

Mooi document, stuk voor stuk fijne nummers.

Andrew Gold - Whirlwind (1980)

poster
2,0
Op 31 december 1979 kwam dit album uit en we kunnen dus nu wel veilig stellen dat het 40 jaar oud is.

Andrew Gold had grote naam gemaakt in de jaren ‘70 met hits als Lonely Boy en Thank You for Being a Friend. Niet direct materiaal dat hem op de kaart zette als rockartiest, wel als liedjessmid en zanger, ergens in de buurt van Billy Joel, Barry Manilow en Elton John. Met dit verschil dat de man vooral bekwaam was als multi-instrumentalist en producer. Naast zijn solowerk vooral te vinden op albums van anderen, waaronder Linda Ronstadt.

Om zijn koers te verleggen richting de moderne tijd maakte hij dit album waarop hij al grommend en gitaar-gestuwd probeert de rocker uit te hangen. Een misvatting. Het klinkt geforceerd ondanks de paar aardige composities die hij op dit album levert. Het rockkostuum paste de man, die was opgegroeid met musical, Bacharach en Beatles bepaald niet.

Het album werd desondanks goed ontvangen, maar zijn contract bij Asylum/Warner werd niet verlengd. Gold raakte wat aan lager wal, zoals hijzelf toegaf en dronk teveel. In diezelfde tijd werd hij gevraagd lid te worden van 10CC, wat door contractuele verplichtingen en vliegangst niet gerealiseerd werd Wel leverde hij een paar niet onaardige bijdragen aan Ten Out of Ten (1981).

Een paar jaar later zou hij echter met Graham Gouldman de band Wax vormen waarmee hij een paar flinke hits maakte in echte 80’s synth-stijl. Duidelijk een geslaagd verdienmodel, al duurde dit succes maar kort.