MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Maiky als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Godspeed You! Black Emperor - F♯A♯∞ (1997)

poster
3,5
Het lastige aan F# A# (infinity) is dat het album bestaat uit drie tracks, ieder onderverdeeld in gemiddeld zo'n vier segmenten. Het mooi aan F# A# (Infinity) is dat het album bestaat uit drie tracks, ieder onderverdeeld in gemiddeld zo'n vier segmenten.

Dat voorkomt skippen (vooruitspoelen op een cd-speler is in mijn ogen absoluut not done), dus Godspeed dwingt mij om ieder segment te beluisteren. Dat is een leuk concept, dat is gedurfd. Want hoe je het ook went of keert, je gaat een favoriet muziekstuk uitzoeken, die je - als je pech hebt - pas bereikt als je eerst de voorgaande, minder interessante stukken doorploegt.

Dit is muziek, maar van een geheel andere soort. Het is sfeerscheppen, en dat doen ze door middel van korte, gesproken teksten en uitgebreide, eentonige muziekstukken. Dat laatste aspect kan zowel voordelig als nadelig werken. Ik vind het namelijk moeilijk om een consistent gevoel bij het album te krijgen. Ik heb bij het luisteren altijd in het achterhoofd gehouden dat hier iets van een post-apocalyptische sfeer wordt geschept, en dat valt positief uit in mijn oordeel over het eentonige en inconsistente gevoel dat ik hierbij krijg.

In The Dead Flag Blues wordt, de donkere stem en begeleidende schrijnende violen, eerst gesuggereerd dat er iets niet in de haak zit, iets dat de hele wereld aangaat. Die vertrekkende trein brengt mij vervolgens naar Mexico, want daar doen die gitaren me aan denken na een minuut of tien. Mooi, zwaar en donker, maar toch iets opbeurend. Ik ga een mooi leven daar tegemoet, en de afsluitende Outro geeft wat dat betreft een nogal ziekelijk vrolijk geluksgevoel, met z'n xylofoon en gezellige gitaren.

In East Hastings ben ik dan weer in Schotland waar een man met een apart accent begeleid wordt door de helse klanken van een vervloekte doedelzak. Dat ik hier, in dat korte stukje doedelzakmuziek, een soort van hopeloosheid in terug hoor, mag geen verrassing heten bij dat instrument, maar dat die hopeloosheid door middel van dat ding mij bevalt, dat is helemaal mooi. Een mooie, stemmige, spookachtige drone met een enkele-koorden-gitaat schept tot nu toe het beste een sfeer van een grillige toekomst. Dit loopt uit op een anti-climax, waarin die sfeer weliswaar wordt behouden door de instrument keuze, maar waar ik ook het idee krijg dat dit een beetje nergens op uit loopt en te gemakkelijk afloopt. Het up-tempo gedeelte, dat steeds sneller en sneller gaat, is dan weer wel interessant, maar dat doen ze op Providence toch wat opwindender.

Want, Providence begint niet zo heel interessant, maar gelukkig doen ze daar maar twee minuten en drie-en-veertig seconden over voordat ik bij het interessantste deel van dit stemmige plaatje komt. Want na een korte stilte begint men op twee minuut zes-en-veertig op te bouwen naar een climax (leuk, die xylofoon weer, die tevens ook weer de juiste toonhoogten aanslaat) dat opzwepend en volvaart is. Een bijzonder muziekmoment op zeven minuut en twee seconden rijker zit ik in een sneltreinvaart door iets van een leeg landschap dat gek genoeg zichtbaar aan mij voorbij snelt. Dat had, na tien en een halve minuut, van mij nog wel even door mogen gaan. Maar dat gaat dan weer over in een vreemd in elkaar gemonteerde zang, dat weer net niet speciaal is om mijn interesse vast te houden. Dat een-na-laatste gedeelte doet me aan een muziekstijl denken dat ik niet kan omschrijven, en de laatste soundscape is weer heel interessant. Na een paar minuten stilte nog een toegift dat weer erg experimenteel aanvoelt, maar niet echt nodig was. Wellicht was het beter geweest dat men na de stroomversnelling er een punt achter had gezet.

Ik bedoel, niet achter de band, maar achter het nummer. Godspeed heeft me maar half overtuigd, hoewel ik geinteresseerd blijf in hun ander werk. Drie en een halve ster voor de sfeer en die enkele mooie momenten.

Godspeed You! Black Emperor - Lift Your Skinny Fists Like Antennas to Heaven (2000)

Alternatieve titel: Levez Vos Skinny Fists Comme Antennas to Heaven!

poster
3,0
Laat ik mij aan een mening wagen, en daar wil ik mee beginnen door te stellen dat deze plaat mij meer weet te interesseren dan F#A#. Dat komt doordat er meer muziekstukken voorbij komen die mij meer zeggen. Daarbij moet ik dan weer zeggen dat ik hun debuut gejaagder en stemmiger vind, maar het gaat om het totaalplaatje omdat, en daar heeft Nakur mij kennis mee laten maken, dit totaalmuziek is.

Ik vind het moeilijk om de muzieksegmenten bij titel te noemen, vind ik ook helemaal niet nodig, dus ik hou het voor het gemak en uit respect even bij minuten. De eerste zes minuten brengen bij mij toch wel een haast euforisch gevoel bij me op, dat enigszins komt omdat ik het gevoel krijg dat we hier met ontzettend zelfverzekerde muzikanten te maken hebben. Dat gevoel van zelfverzekerdheid komt nog regelmatig hier voorbij. De stemmige geluiden (vergeef me, ik ben slecht in muziekinstrumenten benoemen, maar dit zijn geloof ik violen), met dat simpele gitaarstukje die hierop volgen zijn volgens mij vooral live heel erg interessant, en zo ontzettend mooi als het zachte geluid van een andere viool voorbij zweeft. Cello's (correct me if I'm wrong) leiden naar een bevrijdende climax waarin ik vooral bombast hoor dat iets van een overwinningszege voorstelt.

En daar heb je dan weer die stemmige vioolpartijen, waarbij ik nu echt sterk het idee krijg dat dit live exact hetzelfde klinkt. Dit klinkt zo ontzettend goed, dat ik dit bijna klassiek wil noemen. Dit is tevens ook een opbouw naar een moment waarin zware trommels en diepe gitaarakkoorden bij mij een beeld creëren waarin een trein in sneltreinvaart naar de duisternis toe snelt. Ik merk ook een uiterst subtiele vermindering van de snelheid op, waardoor mijn imaginaire trein in een toestand van verdikte licht vast komt te zitten in een tunnel waar geen uitweg meer in te vinden is. En ik denk dat dit dan direct ook een van de eerste duistere kanten van het album is. Soundbites van een paniekerige stem die door een megafoon schreeuwt en de holle klanken van een piano sluiten ten slotte het eerste nummer met een gevoel van eenzaamheid en verlatenheid.

Static wordt pas na vier en een halve minuut interessant door het perfecte samenspel van treurige violen en een droevige stem die een al even droevige rede houdt. Zo rond de tien minuten hoor ik ook weer die xylofoon die ik ook al in F#A# hoorde; maar die scheurende... gitaar? die ik hierbij hoor bevalt me helemaal niet. De dreiging na dat vreselijke geluid komt voornamelijk door het steeds snellere ritme; het lijkt wel alsof je voor iets vreselijks op de vlucht bent. De laatste minuten tenslotte doen me denken aan de Ghost in the Shell-score van Kenji Kawai; (ijzer)koud en mysterieus. De afsluiter van het minst interessante gedeelte.

Sleep begint heel interessant door het verhaal van een oude man over Coney Island; nostalgie alom, duidelijk verteld in een oprechte toon. Aandoenlijk. Ik kom weer huilende gitaren tegen die me weer niet direct bevallen; alleen het snelle drumwerk dat rond de negen en een halve minuut begint is heel interessant en krikt de interesse weer wat op.

Antennas to Heaven begint heel leuk, met die aparte zang en het lullige gitaartje. Het verraste mij enorm toen er opeens, na al de redelijk droevige en treurige klanken, er opeens iets aparts gebeurde; ik voel vrolijkheid, ik zie dansende meisjes, ik zie sneeuwvlokjes uiterst gedetailleerd neerdwarrelen; een winterfeest lijkt het wel, dat door het aardige tempo gejaagd is en in zekere zin macaber. Dansende marionetten, die komen ineens in me op. De zingende Canadese meisjes die in het Frans iets zingen over "mon ami" maken het geheel af, maar beelden van een speelplaats bij een basisschool zorgen ervoor dat ik niet weet wat ik hier eigenlijk over moet denken.

Eigenlijk weet ik nog steeds niet wat ik over dit album moet denken, buiten de beelden die ik spontaan hierboven heb besproken. Het is een avontuur, waarin raak wordt geschoten, maar ook wel eens mis. Als ik zo vrij mag zijn om wat steekwoorden van Nakur te lenen: het is ongrijpbaar, gedreven, desolaat, hoopgevend en flonkerend. Iets waar je ontzettend veel moeite voor moet doen om alle geheimen ervan te ontdekken. Het is interessant, en de manier van muziek maken is in het geval van Godspeed iets wat mij boeit; het vergt geduld, maar de schat die je zal aantreffen maakt het de moeite waard.

Rest mij nog een laatste vraag. Wat in Godspeednaam wil frasmulgant en predionaal zeggen?

Gridlock - Trace (2001)

poster
3,5
Het mag gezegd worden: de eerste twee nummers van Trace behoren absoluut tot een van de beste stukken muziek die ik tot nu toe heb mogen horen. Mooie wave op de achtergrond en de relatief kalme beats en bijbehorende geluidjes zorgen voor een alleraardigst intro. Front is hierop meesterlijk - een klasse apart. De plagerige eerste veertig seconden, en vervolgens vloeit het heerlijk door in een soepele melodie waar een hele hoop in te vinden valt. Dit is niet minder dan geniaal - niet zozeer qua emoties maar vooral qua opbouw en structuren. Ik hoor hier een enorme zelfverzekerdheid in, zo trefzeker valt alles hier op zijn plaats.

Toch twijfel ik gigantisch over deze Trace. Formless is ontzettend goed en kent twee gigantische uitschieters; Trace vormt meer een geheel. Enkele weken geleden was deze plaat een vaste waarde op mijn mp3-speler, en na 'm een tijdje links te hebben laten liggen viel het kwartje vannacht gedeeltelijk toen ik 'm weer in zijn geheel luisterde. Op momenten waarin die rustgevende waves klinken zakt het in, zoals in Voiceless. Bij Uh4.17 veer ik dan weer op. Niet alleen omdat alles uit de kast wordt getrokken, maar ook de urgentie die zich halverwege aandient zet mijn gehoor weer op scherp, om vervolgens in de laatste minuut mijn aandacht weer kwijt te raken.

En zo heb ik dat een beetje met de rest van de cd. Prachtige geluidslandschappen zoals op 397:ALD worden afgewisseld met lange treuzelende passages waarin ik weer terug verlang naar die meesterlijke eerste acht minuten en de sporadische oplevingen. Om vervolgens te eindigen met de merkwaardige vcam remix van Voiceless die me zelfs een beetje irriteert door de droge, kille sound. Het lost mijn verwachtingen dus niet helemaal in.