Hier kun je zien welke berichten AOVV als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
U.K. Subs - Mad Cow Fever (1991)

4,0
0
geplaatst: 12 augustus 2019, 22:00 uur
Na enkele mindere platen is dit een ware herademing. En neen, het is geen terugkeer naar de punkrock van de begindagen; men grijpt nog wat verder terug naar het verleden. Mad Cow Fever is een ode aan de helden van Charlie Harper en co, en het is een verdomd goeie.
Het album opent al meteen met I Walked with a Zombie, van de hand van de onvolprezen Roky Erickson. Verder wordt ook het bekende Roadhouse Blues gecoverd, en ook songs van Chuck Berry, Bo Diddley, Bobby Troup en Muddy Waters passeren de revue (elke uitvoering is overigens meer dan goed). Dat de jongens goeie smaak hebben, hoeft eigenlijk niet gezegd, maar ik doe het toch, nah.
Het houdt echter niet op bij die handvol covers, de plaat bevat ook genoeg eigen materiaal. En songs als Welfare Mother en Mandarins of Change misstaan zeker niet naast de bekendere covers, en tonen dat Harper een sterke songschrijver is.
Bijster origineel wordt het natuurlijk nergens; wellicht worden alle clichés uit de rock 'n roll & bluesmuziek bovengehaald. Dat neemt niet weg dat dit een erg lekkere plaat is. De Subs grooven en swingen, en zorgen voor een prettige drie kwartier muziek!
4 sterren
Het album opent al meteen met I Walked with a Zombie, van de hand van de onvolprezen Roky Erickson. Verder wordt ook het bekende Roadhouse Blues gecoverd, en ook songs van Chuck Berry, Bo Diddley, Bobby Troup en Muddy Waters passeren de revue (elke uitvoering is overigens meer dan goed). Dat de jongens goeie smaak hebben, hoeft eigenlijk niet gezegd, maar ik doe het toch, nah.

Het houdt echter niet op bij die handvol covers, de plaat bevat ook genoeg eigen materiaal. En songs als Welfare Mother en Mandarins of Change misstaan zeker niet naast de bekendere covers, en tonen dat Harper een sterke songschrijver is.
Bijster origineel wordt het natuurlijk nergens; wellicht worden alle clichés uit de rock 'n roll & bluesmuziek bovengehaald. Dat neemt niet weg dat dit een erg lekkere plaat is. De Subs grooven en swingen, en zorgen voor een prettige drie kwartier muziek!
4 sterren
U.K. Subs - Quintessentials (1997)

4,0
0
geplaatst: 17 augustus 2019, 19:35 uur
Uitstekende plaat van deze Britse oerpunkrockers, zeg! Ze duurt amper 33 minuten, en die zijn voorbij voor je 't beseft. De meeste songs volgen elkaar in hoog tempo op, allemaal vinnig, venijnig en puntig. Harper spuwt zijn teksten met veel kracht uit. Op songs als AK47, Media Man en Killer Cops is het moeilijk om niét loos te gaan.
Daar stopt de lofzang nog niet, want de enkele uitzonderingen die wat langer van stof zijn, zijn stuk voor stuk sterke songs die het punk-universum ruim overstijgen. Accident Prone is een schitterende rocksong die veel meer aandacht verdient, afsluiter Dunblane is een emotioneel lied, War on the Pentagon Part 1 & 2 een aanstekelijk tweeluik.
En dan hebben we de beste song nog niet besproken, volgens mij. Bitter & Twisted is een heerlijke meezinger die wat mij betreft airplay op elke zichzelf respecterende rockzender verdient. De lyrics zijn bitter en geschift - jawel.
4 sterren
Daar stopt de lofzang nog niet, want de enkele uitzonderingen die wat langer van stof zijn, zijn stuk voor stuk sterke songs die het punk-universum ruim overstijgen. Accident Prone is een schitterende rocksong die veel meer aandacht verdient, afsluiter Dunblane is een emotioneel lied, War on the Pentagon Part 1 & 2 een aanstekelijk tweeluik.
En dan hebben we de beste song nog niet besproken, volgens mij. Bitter & Twisted is een heerlijke meezinger die wat mij betreft airplay op elke zichzelf respecterende rockzender verdient. De lyrics zijn bitter en geschift - jawel.
4 sterren
U.K. Subs - Ziezo (2016)

3,5
0
geplaatst: 27 augustus 2019, 20:42 uur
Met dit album is de cirkel rond, zou je denken. Ik heb niet alle albums gevonden in de alfabetcyclus, maar dit is de laatste, getuige de titel: Ziezo. In dit interessante artikel staat een lang interview met Charlie Harper, de eigenzinnige frontman van U.K. Subs, waarin hij de oorsprong van de titel uit de doeken doet. Toen ze tijdens een Tour in Nederland waren, kwam een fan naar hem met deze titel. 't Is ook wel een treffende natuurlijk, voor het laatste album. 
Ik heb echter niet de indruk dat ze er al mee gaan stoppen, want hoewel Harper van bouwjaar 1944 is, is zijn kijk op de dingen nog steeds interessant, en zeker met het huidige klimaat in Groot-Brittannië en de nakende Brexit (of die nou hard of zacht zal zijn), valt er nog genoeg te vertellen en te commentariëren op ironische wijze.
Ziezo is wat beter dan diens voorganger, en laat een divers geluid horen. U.K. Subs is niet zomaar een punkbandje uit Londen, ze putten heel wat inspiratie uit de Amerikaanse en Britse muziekgeschiedenis. Toch is die nijdigheid die hen kenmerkt nooit veraf; Harper spuwt zijn teksten nog steeds met veel overtuiging uit over de massa.
In 2018 brachten ze nog een album met covers uit, dat dit jaar een opvolger kreeg. Ik hoop echter vooral dat ze toch nog met nieuw werk komen aanzetten.
3,5 sterren

Ik heb echter niet de indruk dat ze er al mee gaan stoppen, want hoewel Harper van bouwjaar 1944 is, is zijn kijk op de dingen nog steeds interessant, en zeker met het huidige klimaat in Groot-Brittannië en de nakende Brexit (of die nou hard of zacht zal zijn), valt er nog genoeg te vertellen en te commentariëren op ironische wijze.
Ziezo is wat beter dan diens voorganger, en laat een divers geluid horen. U.K. Subs is niet zomaar een punkbandje uit Londen, ze putten heel wat inspiratie uit de Amerikaanse en Britse muziekgeschiedenis. Toch is die nijdigheid die hen kenmerkt nooit veraf; Harper spuwt zijn teksten nog steeds met veel overtuiging uit over de massa.
In 2018 brachten ze nog een album met covers uit, dat dit jaar een opvolger kreeg. Ik hoop echter vooral dat ze toch nog met nieuw werk komen aanzetten.
3,5 sterren
U2 - Under a Blood Red Sky (1983)

4,0
0
geplaatst: 6 juli 2020, 16:47 uur
Kort doch fraai live-document van U2, toen ze nog niet zo lang bezig waren. Bono en de zijnen waren nog jonge, tomeloze veulens, wat ongetwijfeld zorgde voor een energieke show. Ik heb er nooit beelden van gezien, maar de audio-opname zegt wat dat betreft al genoeg.
Ten tijde van deze opnames had U2 slechts drie albums op de teller staan. I Will Follow en The Electric Co. komen van het debuut, Gloria van October en het merendeel uiteraard van hun meest recente worp War, waaronder een erg intense versie van Sunday Bloody Sunday, door Bono aangekondigd met "This is not a rebelsong!".
Verder is ook het obscure Party Girl hierop terug te vinden, en spelen de Ieren het nummer 11 O'Clock Tick Tock, dat nooit op een studioplaat verscheen maar in de beginjaren wel hun populairste nummer was, en naar verluidt op heel wat optredens zelfs tweemaal werd gespeeld. Aanstekelijk nummer, dus ik kan er wel inkomen!
De sfeer zit goed, energie lijken de gasten met overschot in voorraad te hebben. Mooi!
4 sterren
Ten tijde van deze opnames had U2 slechts drie albums op de teller staan. I Will Follow en The Electric Co. komen van het debuut, Gloria van October en het merendeel uiteraard van hun meest recente worp War, waaronder een erg intense versie van Sunday Bloody Sunday, door Bono aangekondigd met "This is not a rebelsong!".
Verder is ook het obscure Party Girl hierop terug te vinden, en spelen de Ieren het nummer 11 O'Clock Tick Tock, dat nooit op een studioplaat verscheen maar in de beginjaren wel hun populairste nummer was, en naar verluidt op heel wat optredens zelfs tweemaal werd gespeeld. Aanstekelijk nummer, dus ik kan er wel inkomen!
De sfeer zit goed, energie lijken de gasten met overschot in voorraad te hebben. Mooi!
4 sterren
Ufomammut - Eve (2010)

4,0
0
geplaatst: 24 juli 2010, 13:00 uur
Een groeiplaat is dit geworden. In een vorige post zei ik nog dat ik 'm na één luisterbeurt misschien 2 sterren had gegeven, maar nu heb ik 'm toch al een keer of 15 opgelegd, en ik blijf 'm toch geregeld opzetten. Knappe staaltjes vingervlugheid moet je van Ufomammut niet verwachten, het is eerder de sfeer van spanning die heerst.
Spanning dus. De plaat draagt de titel 'Eve', en is opgedeeld in vijf stukken, van I tot en met V. De songtitels zijn dus niet bijster origineel, zou je zeggen, maar eigenlijk is er maar één titel: 'Eve'. Deze plaat voelt aan als één nummer, en dat is eigenlijk ook meteen de sterkte van deze plaat.
Het is een grotendeels instrumentale plaat, met zo nu en dan een vocale inbreng (en dan heb ik het niet eens over zang, eigenlijk). Die vocale inbreng is wel degelijk van tel: zo geeft het 'I' een nog meer sinister toon.
Vakmanschap is een woord dat me prompt te binnen schiet. Vakkundigheid is misschien een treffender beschrijving, want vakkundig is het wel, de manier waarop de spanning er ten volle wordt ingehouden, een climax lijkt nooit ver weg, maar een vraag die bij mij opkomt: is er op deze plaat wel sprake van een climax? Of is de hele plaat gewoon een climax?
Het eerste nummer is tevens het langste. Ook de afsluitende episode van deze “avond” is een lang nummer, van om en bij de 14 minuten. ‘II’ flirt ook met de tien-minutengrens. De andere twee zijn korter. Allen goed voor zo’n drie kwartier luistergenot.
‘I’ ontspoort naar het einde toe een beetje. Persoonlijk vind ik dat erg lekker. Het is allemaal erg zwaar, zo zwaar dat je de bandnaam toch al gedeeltelijk weet te ontcijferen (mammut). En de andere helft van die naam, lijkt me wel duidelijk te worden bij het ingaan van ‘II’ (ufo). Veel uitleg hoef ik daar niet bij te geven natuurlijk.
Eerder werk van deze Italianen ken ik niet, misschien toch maar eens opzoeken..
‘II’ is een erg spannend nummer, met dat gefluister, en al die effecten. Ik betrap mezelf erop constant achter me te kijken, het naderend onheil vrezend. Hier hebben we ook weer vocals: ‘It happened before, and it will happen again; it’s just the question, when?’. Dat is een vraag die ongetwijfeld ook de luisteraar bevangt. Ten eerste: wat is er gebeurd? Ten tweede: wanneer? Nog wat bezwerende vocals, de drums die wat meer uit de verf komen. Een antwoord op onze vragen krijgen we niet, althans, niet in de vorm van het gesproken woord. Interpretatie is belangrijk bij deze plaat.
Qua opbouw is dit een prachtig werkje, natuurlijk. Ik heb ook het gevoel dat de muzikanten die hieraan meewerken, erg gepassioneerd zijn door hun muziek, en hart en ziel erin stoppen. Dat vind ik vrij belangrijk, en zeker bij dit soort muziek.
Het derde nummer is een kort, agressief nummer, met loeiharde, gitzwarte gitaren, een schreeuwende Urlo (die instaat voor de vocals) en piepende synth-effecten (denk ik toch). Meesterlijk nummer, om eens goed op los te gaan.
‘IV’ is een stuk rustiger, maar draagt toch ook die spanning in zich, typerend voor heel het album. Space rock; doom metal, lees ik ergens als omschrijving van dit soort muziek. ik kan me er zeker in vinden. Nu ja, ‘IV’ is een soort van rustpunt, denk ik dan, na al dat geweld uit ‘III’, maar na een goeie 2 minuten kunnen de heren zich toch niet meer inhouden, en maken het nummer toch nog een pak agressiever en harder. Beetje jammer als je ’t mij vraagt, maar goed, als dat het enige puntje van kritiek is, kunnen we toch nog altijd spreken van een puike plaat, en ja, dat is het enige puntje van kritiek.
Het vijfde en laatste nummer is erg repetitief, een term die je hier wel meer kan bezigen. Toch heb ik het niet gedaan, omdat het me niet echt stoorde. Hier gebruik ik de term wel, niet omdat het me stoort, maar juist omdat het mijns inziens geweldig is. Je zit te wachten en te wachten, wanneer gaat die song nu helemaal openbarsten? Helemaal openbarsten, dat doet deze plaat niet, af en toe een tempoversnelling, dat wel. De klemtoon ligt op de opbouw, die is heilig, en de spanning uiteraard. De luisteraar wordt zo lang mogelijk in de wachtzaal gezet, men flirt met de luisteraar zijn geduld, maar na drie kwartier kan ik toch zeggen (in ieder geval, voor mezelf) dat het een zeer sterke plaat is, met veel suspense en gevoel ingespeeld. Oog voor detail ook, leert het einde van ‘V’ ons, waarin een thema terugkomt uit ‘II’.
Sterke plaat dus, deze ‘Eve’ van Ufomammut.
4 sterren
Spanning dus. De plaat draagt de titel 'Eve', en is opgedeeld in vijf stukken, van I tot en met V. De songtitels zijn dus niet bijster origineel, zou je zeggen, maar eigenlijk is er maar één titel: 'Eve'. Deze plaat voelt aan als één nummer, en dat is eigenlijk ook meteen de sterkte van deze plaat.
Het is een grotendeels instrumentale plaat, met zo nu en dan een vocale inbreng (en dan heb ik het niet eens over zang, eigenlijk). Die vocale inbreng is wel degelijk van tel: zo geeft het 'I' een nog meer sinister toon.
Vakmanschap is een woord dat me prompt te binnen schiet. Vakkundigheid is misschien een treffender beschrijving, want vakkundig is het wel, de manier waarop de spanning er ten volle wordt ingehouden, een climax lijkt nooit ver weg, maar een vraag die bij mij opkomt: is er op deze plaat wel sprake van een climax? Of is de hele plaat gewoon een climax?
Het eerste nummer is tevens het langste. Ook de afsluitende episode van deze “avond” is een lang nummer, van om en bij de 14 minuten. ‘II’ flirt ook met de tien-minutengrens. De andere twee zijn korter. Allen goed voor zo’n drie kwartier luistergenot.
‘I’ ontspoort naar het einde toe een beetje. Persoonlijk vind ik dat erg lekker. Het is allemaal erg zwaar, zo zwaar dat je de bandnaam toch al gedeeltelijk weet te ontcijferen (mammut). En de andere helft van die naam, lijkt me wel duidelijk te worden bij het ingaan van ‘II’ (ufo). Veel uitleg hoef ik daar niet bij te geven natuurlijk.
Eerder werk van deze Italianen ken ik niet, misschien toch maar eens opzoeken..
‘II’ is een erg spannend nummer, met dat gefluister, en al die effecten. Ik betrap mezelf erop constant achter me te kijken, het naderend onheil vrezend. Hier hebben we ook weer vocals: ‘It happened before, and it will happen again; it’s just the question, when?’. Dat is een vraag die ongetwijfeld ook de luisteraar bevangt. Ten eerste: wat is er gebeurd? Ten tweede: wanneer? Nog wat bezwerende vocals, de drums die wat meer uit de verf komen. Een antwoord op onze vragen krijgen we niet, althans, niet in de vorm van het gesproken woord. Interpretatie is belangrijk bij deze plaat.
Qua opbouw is dit een prachtig werkje, natuurlijk. Ik heb ook het gevoel dat de muzikanten die hieraan meewerken, erg gepassioneerd zijn door hun muziek, en hart en ziel erin stoppen. Dat vind ik vrij belangrijk, en zeker bij dit soort muziek.
Het derde nummer is een kort, agressief nummer, met loeiharde, gitzwarte gitaren, een schreeuwende Urlo (die instaat voor de vocals) en piepende synth-effecten (denk ik toch). Meesterlijk nummer, om eens goed op los te gaan.
‘IV’ is een stuk rustiger, maar draagt toch ook die spanning in zich, typerend voor heel het album. Space rock; doom metal, lees ik ergens als omschrijving van dit soort muziek. ik kan me er zeker in vinden. Nu ja, ‘IV’ is een soort van rustpunt, denk ik dan, na al dat geweld uit ‘III’, maar na een goeie 2 minuten kunnen de heren zich toch niet meer inhouden, en maken het nummer toch nog een pak agressiever en harder. Beetje jammer als je ’t mij vraagt, maar goed, als dat het enige puntje van kritiek is, kunnen we toch nog altijd spreken van een puike plaat, en ja, dat is het enige puntje van kritiek.
Het vijfde en laatste nummer is erg repetitief, een term die je hier wel meer kan bezigen. Toch heb ik het niet gedaan, omdat het me niet echt stoorde. Hier gebruik ik de term wel, niet omdat het me stoort, maar juist omdat het mijns inziens geweldig is. Je zit te wachten en te wachten, wanneer gaat die song nu helemaal openbarsten? Helemaal openbarsten, dat doet deze plaat niet, af en toe een tempoversnelling, dat wel. De klemtoon ligt op de opbouw, die is heilig, en de spanning uiteraard. De luisteraar wordt zo lang mogelijk in de wachtzaal gezet, men flirt met de luisteraar zijn geduld, maar na drie kwartier kan ik toch zeggen (in ieder geval, voor mezelf) dat het een zeer sterke plaat is, met veel suspense en gevoel ingespeeld. Oog voor detail ook, leert het einde van ‘V’ ons, waarin een thema terugkomt uit ‘II’.
Sterke plaat dus, deze ‘Eve’ van Ufomammut.
4 sterren
Ulcerate - The Destroyers of All (2011)

4,0
0
geplaatst: 19 maart 2011, 20:37 uur
De laatste tijd ga ik weer meer en meer metal beluisteren. Ik weet dat je dit genre kan onderverdelen in vele subgenres, en dat dit een beetje op de scheidslijn ligt tussen black metal en death metal, althans, dat heb ik ergens gelezen, als ik me niet vergis. Feit is dat deze plaat van het Nieuw-Zeelandse Ulcerate één van de betere metalplaten van 2011 is. Tot nu toe.
Deze plaat maakte vanaf de eerste luisterbeurt al een sterke indruk op mij. het openingsnummer begint spookachtig, en barst dan los. Vooral het helse drumritme valt me op, en klinkt gewoon geweldig. Verder is de mix tussen enorm energieke snelle stukken, grootse, indrukwekkende momenten en atmosferische, haast pastorale rustpunten uiterst geslaagd. Ik ga hier niet elk nummer apart bespreken, want ik zie dit album echt als één geheel. De grunts klinken erg goed, niet te schor of zo, en toch vrij melodieus.
Ik heb het al gehad over het drumwerk; wel, het gitaarwerk verdient eveneens een grote pluim. De riffs zijn voor het merendeel echt goed gevonden, en komen dan ook prima uit de verf. De spanning die opgezet wordt op deze plaat, wordt mede veroorzaakt door die mokerriffs.
Wat ik ook zo knap vind aan dit album, is dat de band nooit de pedalen kwijt speelt. Ik bedoel, ik kan me inbeelden dat het niet makkelijk is om het overzicht te behouden als je zulke sfeervolle, toch vrij lange nummers componeert, de verleiding om allerlei zijweggetjes in te slaan en het noorden compleet kwijt te raken is dan zeker niet nihil. Ulcerate zorgt ervoor dat hun nummers prima beluisterbaar zijn, en er zit ook echt een lijn in; ik kan het althans goed volgen, en daarom krijgt deze plaat toch een halfje extra dan normaal. Het zit, zoals Don Cappuccino ook al eerder opmerkte, gewoon erg goed in mekaar.
IJzersterk album dus, van Ulcerate, aangename verrassing! De overgangen zijn ook als vrijwel perfect te beschouwen (al bestaat perfectie volgens sommigen natuurlijk niet). De manier waarop ‘Cold Becoming’ langzaam uitsterft, en dan overvloeit in het griezelige ‘Beneath’, ik krijg er elke keer weer de rillingen van. The creeps, zo je wil.
Voor mensen die deze band niet kennen: ik kan geen vergelijkingsmateriaal aanbevelen, maar bekijk gewoon de hoes eens even. Als die je veel te kil en donker overkomt, dan zou ik ‘m niet gaan beluisteren, want de hoes weerspiegelt de muziek in dit geval vrij accuraat. Als de hoes je wel bevalt, dan zou deze plaat wel eens een hoop luisterplezier kunnen opleveren, want het is echt een sterke plaat. Beklemmend, beangstigend, bevrijdend ook, op z’n eigen manier.
4 sterren
Deze plaat maakte vanaf de eerste luisterbeurt al een sterke indruk op mij. het openingsnummer begint spookachtig, en barst dan los. Vooral het helse drumritme valt me op, en klinkt gewoon geweldig. Verder is de mix tussen enorm energieke snelle stukken, grootse, indrukwekkende momenten en atmosferische, haast pastorale rustpunten uiterst geslaagd. Ik ga hier niet elk nummer apart bespreken, want ik zie dit album echt als één geheel. De grunts klinken erg goed, niet te schor of zo, en toch vrij melodieus.
Ik heb het al gehad over het drumwerk; wel, het gitaarwerk verdient eveneens een grote pluim. De riffs zijn voor het merendeel echt goed gevonden, en komen dan ook prima uit de verf. De spanning die opgezet wordt op deze plaat, wordt mede veroorzaakt door die mokerriffs.
Wat ik ook zo knap vind aan dit album, is dat de band nooit de pedalen kwijt speelt. Ik bedoel, ik kan me inbeelden dat het niet makkelijk is om het overzicht te behouden als je zulke sfeervolle, toch vrij lange nummers componeert, de verleiding om allerlei zijweggetjes in te slaan en het noorden compleet kwijt te raken is dan zeker niet nihil. Ulcerate zorgt ervoor dat hun nummers prima beluisterbaar zijn, en er zit ook echt een lijn in; ik kan het althans goed volgen, en daarom krijgt deze plaat toch een halfje extra dan normaal. Het zit, zoals Don Cappuccino ook al eerder opmerkte, gewoon erg goed in mekaar.
IJzersterk album dus, van Ulcerate, aangename verrassing! De overgangen zijn ook als vrijwel perfect te beschouwen (al bestaat perfectie volgens sommigen natuurlijk niet). De manier waarop ‘Cold Becoming’ langzaam uitsterft, en dan overvloeit in het griezelige ‘Beneath’, ik krijg er elke keer weer de rillingen van. The creeps, zo je wil.
Voor mensen die deze band niet kennen: ik kan geen vergelijkingsmateriaal aanbevelen, maar bekijk gewoon de hoes eens even. Als die je veel te kil en donker overkomt, dan zou ik ‘m niet gaan beluisteren, want de hoes weerspiegelt de muziek in dit geval vrij accuraat. Als de hoes je wel bevalt, dan zou deze plaat wel eens een hoop luisterplezier kunnen opleveren, want het is echt een sterke plaat. Beklemmend, beangstigend, bevrijdend ook, op z’n eigen manier.
4 sterren
